Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Bodegraven-Reeuwijk

Verordening staan- en marktgeld 2018

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieBodegraven-Reeuwijk
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening staan- en marktgeld 2018
CiteertitelVerordening staan- en marktgeld 2018
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerpbelastingen en heffingen

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Gemeentewet, art. 229

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

28-12-201701-01-2019Nieuwe regeling

13-12-2017

Gemeenteblad 2017, 226672

Z-17-57585

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening staan- en marktgeld 2018

De raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk;

 

gelezen het voorstel van de burgemeester en wethouders van 7 november 2017;

 

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel a en b, van de Gemeentewet;

 

besluit:

 

vast te stellen de:

 

Verordening van de gemeenteraad van Bodegraven-Reeuwijk houdende regels voor de heffing en de invordering van staan- en marktgeld 2018

Artikel 1: Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    Standplaats: een plaats als bedoeld in de Marktverordening gemeente Bodegraven-Reeuwijk 2012 en/of een plaats als bedoeld in de Algemeen Plaatselijke Verordening afdeling 4 – Standplaatsen.

  • b.

    Jaar: een kalenderjaar waarin ten hoogste 53 keer markt wordt gehouden of standplaats wordt ingenomen.

  • c.

    Kwartaal: een kalenderkwartaal waarin ten hoogste 14 keer markt wordt gehouden of standplaats wordt ingenomen.

  • d.

    Dag: een marktdag en/of standplaatsdag.

  • e.

    Frontlengte: de lengte van de ingenomen standplaats, gemeten langs de voorzijde, alsmede langs de achterzijde en/of langs één of beide zijkanten, indien het publiek daar toegang heeft en aldaar goederen zijn uitgestald.

Artikel 2: Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam marktgeld wordt, overeenkomstig hetgeen in de volgende artikelen is bepaald, een recht geheven voor het hebben van een standplaats op een weekmarkt op openbare gemeentegrond voor de verkoop/uitstalling van waren en/of het aanbieden van diensten.

  • 2.

    Onder de naam staangeld wordt, overeenkomstig hetgeen in de volgende artikelen is bepaald, een recht geheven voor het hebben van een standplaats op openbare gemeentegrond voor de verkoop/uitstalling van waren en/of het aanbieden van diensten.

Artikel 3: Belastingplicht

Het in artikel 2 bedoelde recht is verschuldigd door degene, die de vereiste vergunning heeft verkregen, of door degene, door wie openbare gemeentegrond is ingenomen.

Artikel 4: Maatstaf van heffing

  • 1.

    Het marktgeld wordt geheven naar het aantal eenheden frontlengte van de standplaats die is ingenomen.

  • 2.

    Het staangeld wordt geheven naar het aantal eenheden van tijd en afmeting zoals genoemd in artikel 5, waarbij gedeelten van de standplaatsoppervlakte naar verhouding worden gerekend.

Artikel 5: Belastingtarieven en belastingtijdvak

  • 1.

    Het marktgeld bedraagt:

    • a.

      Voor een standplaats met een frontlengte van maximaal 4 meter:

      • -

        voor een jaar: € 402,07

      • -

        voor een kwartaal: € 109,80

      • -

        voor een dag: € 8,72

    • b.

      Voor elke meter frontlengte boven de onder a. aangegeven lengte:

      • -

        voor een jaar: € 100,63

      • -

        voor een kwartaal: € 25,14

      • -

        voor een dag: € 1,93

    • c.

      Voor standwerkers per m2 (met een minimum van 10 m2): € 0,83

    • d.

      Nieuwe ondernemersregeling: alleen voor nieuwe ondernemers op de markt is er een nieuwe ondernemersregeling ‘3 maanden = 2 maanden’. In afwijking van artikel 7 wordt het marktgeld bij vooruitbetaling betaald. Er vindt geen restitutie van het marktgeld plaats als gedurende de startperiode van 3 maanden geen standplaats wordt ingenomen.

  • 2.

    Het staangeld bedraagt:

    • a.

      Bodegraven – Raadhuisplein:

      • -

        Standplaats 1 (tot 10 m2):

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per jaar: € 883,60

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per kwartaal: € 230,43

        • -

          jaartarief bij betaling per dag: € 17,99

      • -

        Standplaats 2 (tot 20 m2)

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per jaar: € 1.767,23

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per kwartaal: € 451,33

        • -

          jaartarief bij betaling per dag: € 34,95

      • -

        Standplaats 3, 4 en 5 (tot 40 m2)

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per jaar: € 2.320,28

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per kwartaal: € 589,33

        • -

          jaartarief bij betaling per dag: € 45,53

      • -

        Extra m2:

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per jaar: € 82,88

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per kwartaal: € 27,51

        • -

          jaartarief bij betaling per dag: € 1,73

    • b.

      Bodegraven – Vromade & Reeuwijk-Brug:

      • -

        Standplaats tot 6 m2:

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per jaar: € 883,60

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per kwartaal: € 230,43

        • -

          jaartarief bij betaling per dag: € 17,99

      • -

        Standplaats boven 6 m2:

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per jaar: € 1.657,03

        • -

          jaartarief per dag bij betaling per kwartaal: € 423,79

        • -

          jaartarief bij betaling per dag: € 32,83

    • c.

      Reeuwijk-Dorp, Nieuwerbrug a/d Rijn, Waarder, Driebruggen:

      • -

        jaartarief per dag bij betaling per jaar: € 552,51

      • -

        jaartarief per dag bij betaling per kwartaal: € 148,31

      • -

        jaartarief bij betaling per dag: € 11,64

    • d.

      Incidentele standplaatsen:

      Per dag per m2 (met een minimum van 10 m2): € 3,06

    • e.

      Bijzondere standplaatsen:

      • 1.

        Verkoop van ijs per seizoen (1 maart tot 1 oktober), per locatie: € 355,71

      • 2.

        Graveren van autoruiten - parkeerterrein Doortocht (nabij Albert Heijn) per dag: € 64,02

      • 3.

        Verkoop van eindejaarsproducten per periode (maximale periode zoals aangegeven in het standplaatsenbeleid) op de locatie Raadhuisplein: € 1.271,39

      • 4.

        Verkoop van eindejaarsproducten per periode (maximale periode zoals aangegeven in het standplaatsenbeleid) op alle overige locaties: € 953,54

      • 5.

        Standplaatsen voor sociaal, medisch en bijzonder maatschappelijk belang per periode:

        • -

          per dag: € 4,38

        • -

          voor een langere periode (met een maximum van 3 maanden): € 110,43

    • f.

      Bodegraven - Pleintje voor Lutherse kerk:

      Voor ideële instanties, verenigingen en stichtingen met een ideëel karakter, per dag: € 11,05

Artikel 6: Wijze van heffing

  • 1.

    Het recht wordt met uitzondering van het bepaalde in het tweede lid van dit artikel, geheven door middel van een schriftelijke kennisgeving.

  • 2.

    Het staangeld dat per dag geheven wordt voor het in gebruik nemen van een standplaats wordt geheven door middel van doorlopend genummerde betalingsbewijzen.

Artikel 7: Termijnen van betaling

  • 1.

    Het recht genoemd in artikel 6 is invorderbaar in 1 termijn, welke vervalt een maand na dagtekening van de schriftelijke kennisgeving.

  • 2.

    Het recht, genoemd in artikel 6, tweede lid moet op eerste aanzegging worden voldaan op de dag waarop van de standplaats gebruik wordt gemaakt.

Artikel 8: Kwijtschelding

Bij de invordering van staan- en marktgeld wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9: Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van staan- en marktgeld.

Artikel 10: Overgangsrecht

De “Verordening staan- en marktgeld 2017” van 14 december 2016 wordt ingetrokken met ingang van 1 januari 2018, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 11: Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    In afwijking in zoverre van het in artikel 10 en het voorgaande lid bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2018.

Artikel 12: Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als 'Verordening staan- en marktgeld 2018'.

Aldus besloten in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bodegraven-Reeuwijk, gehouden op 13 december 2017.

De griffier,

drs J.H. Rijs