Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Borsele

Besluit van de raad der gemeente Borsele tot vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieBorsele
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBesluit van de raad der gemeente Borsele tot vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020
CiteertitelLegesverordening 2020
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp
Externe bijlageOverzicht bouwkosten bouwleges 2020

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 156, tweede lid, van de Gemeentewet
  2. artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2020Nieuwe regeling

12-12-2019

gmb-2019-311321

raadsstukken 12-12-2019 nr. 17

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit van de raad der gemeente Borsele tot vaststelling van de Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020

De raad der gemeente Borsele;

 

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 19 november 2019;

 

gelet op de artikelen 156, tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet;

besluit:

 

vast te stellen de

 

de Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    'dag': de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    'week': een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    'maand': het tijdvak dag loopt van 1e dag in een kalendermaand tot de 1e dag in de volgende kalendermaand;

  • d.

    'jaar': het tijdvak dat loopt van de 1e dag in een kalenderjaar tot en met de 365e dag in het volgende jaar;

  • e.

    'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december;

  • f.

    ‘bouwkostenlijst’: een overzicht van bouwkosten ten behoeve van berekeningen voor de bouwleges-toets.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam "leges" worden rechten geheven voor:

  • a.

    het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

  • b.

    het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4. van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • b.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2,1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

  • c.

    het raadplegen en verstrekken van de bij de gemeente berustende registers, leggers en plankaarten van de Dienst van het kadaster en de openbare registers door ambtenaren in de uitoefening van hun functie;

  • d.

    het in behandeling nemen van verklaringen omtrent inkomen en vermogen;

  • e.

    het afgeven van beschikkingen op verzoekschriften en bezwaarschriften ter zake van plaatselijke belastingen;

  • f.

    de aan belanghebbende uitgereikt wordende beschikkingen of afschriften daarvan houdende aanstelling, benoeming, bevordering, ontslag, toekenning van bezoldiging, vergoeding of toelage, dan wel verhoging hiervan, betrekkelijk enige gemeentelijk functie of dienstverrichting jegens de gemeente;

  • g.

    de aan de belanghebbende uitgereikt wordende beschikkingen of afschriften daarvan houdende beslissing op een verzoek om subsidie uit de gemeentekas.

Artikel 5 Tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel en bouwkostenlijst.

  • 2.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur.

Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 8 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening in de loop van het kalenderjaar, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1.

      onderdeel 1.1.6 (akten burgerlijke stand);

    • 2.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 3.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 4.

      onderdeel 1.4. (verstrekking uit gemeentelijke basisadministratie persoonsgegevens);

    • 5.

      hoofdstuk 6 (verstrekkingen op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens);

    • 6.

      onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 7.

      hoofdstuk 16 (kansspelen).

Een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van de leges.

Artikel 12 Overgangsrecht

  • 1.

    De Legesverordening 2019 van 7 februari 2019 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking per 1 januari 2020.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Legesverordening 2020.

 

Vastgesteld in de openbare vergadering van 12 december 2019.

de griffier,

Ph. J.M. deVree

de voorzitter,

G.M.Dijksterhuis

Tarieventabel, bijbehorende bij de legesverordening Borsele 2020

 

Titel I

Algemene dienstverlening

Tarief 2020

Hoofdstuk 1

Burgerlijke stand

 

1.1.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk/de registratie van een partnerschap/de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk in de trouwzaal van de gemeente Borsele:

1.1.1.1

van maandag tot en met vrijdag

€ 326,85

1.1.1.2

op donderdagavond

€ 383,65

1.1.1.3

op zaterdagen

€ 681,05

1.1.1.4

op zondagen en andere algemeen erkende feestdagen als bedoeld in artikel 3 van de Algemene termijnenwet

€ 989,60

1.1.2

Het tarief voor de voltrekking van een huwelijk/de registratie van een partnerschap/de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, door een reguliere (b)abs van de gemeente Borsele, indien de voltrekking, registratie of omzetting plaatsvindt in een nader aangewezen locatie:

1.1.2.1

van maandag tot en met vrijdag, tussen 11.00 uur en 16.00 uur

€ 326,85

1.1.2.2

op maandag tot en met vrijdag, voor 11.00 uur en na 16.00 uur

€ 681,05

1.1.2.3

op zaterdagen

€ 681,05

1.1.2.4

op zondagen en andere algemeen erkende feestdagen als bedoeld in artikel 3 van de Algemene termijnenwet

€ 989,60

1.1.3

Het tarief voor de voltrekking van een huwelijk/de registratie van een partnerschap/de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, door een onbezoldigde (b)abs (benoemd voor één dag), indien de voltrekking, registratie of omzetting plaatsvindt in een nader aangewezen locatie:

1.1.3.1

van maandag tot en met zondag:

€ 326,85

1.1.4

Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek tot het benoemen als buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand bedraagt voor de benoeming voor de periode van 1 dag (één voltrekking huwelijk/registratie partnerschap/omzetting partnerschap in huwelijk):

€ 166,45

1.1.5

Het tarief voor het in behandeling nemen van een verzoek tot het aanwijzen van een locatie als “huis der gemeente” voor 1 dag (voor het voltrekken van één huwelijk/registreren van één partnerschap/omzetting van één partnerschap in huwelijk)

€ 166,45

1.1.6

Het tarief bedraagt voor het als getuige aanwezig zijn bij de voltrekking van een huwelijk/de registratie van een partnerschap, door een ambtenaar in dienst van de gemeente Borsele

€ 18,55

1.1.7

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:

 

 

een trouwboekje/partnerschapsboekje in luxe uitvoering

€ 31,70

1.1.8

Het tarief bedraagt voor het doen van nasporingen, ongeacht het resultaat, in de registers van de Burgerlijke stand, door een ambtenaar van de afdeling Burgerzaken voor ieder daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan

€ 18,50

1.1.9

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand (Stb. 1879, 72) zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand (Stb. 1969, 36) of zoals dit Besluit laatstelijk is vervangen of gewijzigd gelden de volgende tarieven:

1.1.9.1

voor elk afschrift van een akte van de burgerlijke stand

€ 13,80

1.1.9.2

voor elk uittreksel van een akte van geboorte, van huwelijk, van registratie van een partnerschap of van overlijden

€ 13,80

1.1.9.3

voor elke verklaring van huwelijksbevoegdheid als bedoeld in artikel 49a van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek

€ 24,30

1.1.9.4

voor elk meertalig modelformulier van een onder 1.1.9.1 en 1.1.9.2 genoemd stuk

€ 13,80

1.1.9.5

voor elk meertalig modelformulier van een onder 1.1.9.3 genoemd stuk

€ 18,60

Hoofdstuk 2

Reisdocumenten

 

1.2

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve

van een aanvraag:

1.2.1

van een nationaal paspoort, zakenpaspoort en faciliteitenpaspoort:

 

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 73,20

1.2.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 55,35

1.2.2

van een vluchtelingen- en vreemdelingenpaspoort

€ 55,35

1.2.3

van een vervangende Nederlandse identiteitskaart

€ 30,70

1.2.4

van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.2.4.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 58,30

1.2.4.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 30,70

1.2.5

voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.4 genoemde documenten, die in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van

€ 49,85

Hoofdstuk 3

Rijbewijzen

 

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.3.1.1

tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs

€ 40,65

1.3.1.2

Het tarief als genoemd in 1.3.1.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met een bedrag van

€ 34,10

1.3.2

Voor de afgifte van een eigen verklaring wordt de kostprijs berekend, zoals vermeld op de eigen verklaring.

Hoofdstuk 4

Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

 

1.4.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, met uitzondering van de onderdelen 1.4.5 en 1.4.6, wordt onder een verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag die door een derde (zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet BRP) wordt gedaan:

1.4.2.1

tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking

€ 7,85

1.4.2.1.1

het tarief genoemd onder 1.4.2.1 wordt, indien aan een derde (zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet BRP) moet worden gefactureerd, vermeerderd met een bedrag per verstrekking van

€ 13,35

1.4.3

In afwijking van het in 1.4.2.1 bepaalde, bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.4.3.1

tot het verstrekken van gegevens:

a. aan organisaties op levensbeschouwelijke grondslag en het humanistisch verbond

b. aan liefdadige organisaties

c. ten behoeve van een wetenschappelijk of filantropisch doel per verstrekking

€ 5,00

1.4.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.4.4.1

tot het verstrekken van een bewijs van opneming in de basisregistratie personen

€ 7,85

1.4.4.2

tot het verstrekken van gegevens ingevolge artikel 2.55 van de wet basisregistratie personen per verstrekking

€ 22,25

1.4.5

Voor de toepassing van onderdeel 1.4.6 wordt onder een verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon die niet zijn opgenomen in de basisregistratie personen

1.4.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag die door een derde (zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet BRP) wordt gedaan:

1.4.6.1

tot het verstrekken van gegevens: per verstrekking

€ 7,85

1.4.6.1.1

het tarief genoemd onder 1.4.6.1 wordt, indien aan een derde (zoals bedoeld in artikel 1.1 van de Wet BRP) moet worden gefactureerd, vermeerderd met een bedrag per verstrekking van

€ 13,35

1.4.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van statistische gegevens uit geautomatiseerde bestanden per kwartier of gedeelte daarvan:

€ 18,55

 

met een minimum bedrag van

€ 25,80

1.4.8.1

In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen

€ 7,50

1.4.9

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie personen , door een ambtenaar van de afdeling burgerzaken voor elk daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan

€ 18,55

1.4.9.1

Indien het in 1.4.9 genoemde doornemen van de basisregistratie personen leidt tot het verstrekken van gegevens, wordt het in 1.4.9 genoemde bedrag verhoogd met:

1.4.9.1.1

voor 1 t/m 25 verstrekkingen

€ 10,25

1.4.9.1.2

voor 26 t/m 100 verstrekkingen

€ 45,90

1.4.9.1.3

voor 101 t/m 500 verstrekkingen

€ 124,05

1.4.9.1.4

voor 501 en meer verstrekkingen

€ 175,10

Hoofdstuk 5

Verstrekkingen uit het Kiezersregister

 

1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een inlichting betreffende de registratie van de aanvrager als kiezer, bedoeld in artikel D4 van de Kieswet (Stb. 1989, 423)

€ 7,85

Hoofdstuk 6

Verstrekkingen op grond van Wet AVG

 

1.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een bericht als bedoeld in artikel 35 van de Wet bescherming persoonsgegevens:

Hoofdstuk 7

Bestuursstukken

 

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

1.7.1.1

een volledig exemplaar van de Kadernota, per pagina

€ 0,25

1.7.1.2

een volledig exemplaar van de Programmabegroting, per pagina

€ 0,25

1.7.1.4

een volledig exemplaar van het bijlage boek behorende bij de begroting, per pagina

€ 0,25

1.7.1.5

een volledig exemplaar van de Prorap, per pagina

€ 0,25

1.7.1.6

een volledig exemplaar van de Programmarekening, per pagina

€ 0,25

1.7.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

1.7.2.1

een exemplaar van de a.p.v. per pagina

€ 0,25

1.7.2.2

een exemplaar van een andere dan de onder 1.7.2.1 genoemde strafverordening van de gemeente, met uitzondering van die genoemd in 1.7.2.3 en 1.7.2.4 per pagina

€ 0,25

1.7.2.3

een exemplaar van een verordening als bedoeld in de Wet op de Ruimtelijke Ordening per pagina

€ 0,25

1.7.2.4

een exemplaar van een bouwverordening als bedoeld in hoofdstuk II van de Woningwet met toelichting per pagina

€ 0,25

1.7.2.5

een exemplaar van de algemene subsidieverordening per pagina

€ 0,25

1.7.2.5

een exemplaar van de deelverordening specifiek welzijn per pagina

€ 0,25

1.7.2.6

een exemplaar van een bestemmingsplan met voorschriften, toelichting en ongekleurde tekening als bedoeld in de Wet op de Ruimtelijke Ordening

€ 199,40

Hoofdstuk 8

Vastgoedinformatie

 

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8.1.1

tot het verstrekken van een fotokopie van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurplan of stadsvernieuwingsplan per kopie op formaat A-4 of A-3

€ 11,35

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

1.8.2.1

de gemeentelijke basisadministratie adressen of de gemeentelijke basisregistratie gebouwen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistratie adressen en gebouwen

€ 11,35

1.8.2.2

de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet

€ 11,35

1.8.2.3

de inschrijving in het register bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Monumentenwet 1988

€ 11,35

1.8.2.4

het openbare register van beschermde monumenten bedoeld in artikel 20 van de Monumentenwet 1988

€ 11,35

1.8.2.5

het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen

€ 11,35

1.8.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van kopieën van:

1.8.3.1

het gemeentelijke adressenbestand of delen daarvan per adres

€ 11,35

1.8.3.2

het relatiebestand adres-kadastraal perceel of delen daarvan, per gelegde relatie

€ 11,35

1.8.3.3

Het gemeentelijke adrescoördinatenbestand of delen daarvan, per adrescoördinaat

€ 11,35

1.8.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van informatie ten behoeve van taxaties

€ 65,10

Hoofdstuk 9

Overige Burgerzaken

 

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1

tot het verkrijgen van een verklaring omtrent het gedrag

€ 41,35

1.9.2

tot het verkrijgen van een attestatie de vita

€ 7,85

1.9.3

tot het verkrijgen van een attestatie de vita als bedoeld in artikel 19k van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek

€ 13,80

1.9.4

tot verkrijgen van een legalisatie van een handtekening

€ 7,85

1.9.5

tot het verkrijgen van een bewijs van Nederlanderschap

€ 7,85

1.9.6

tot het verkrijgen van een gewaarmerkte kopie van een origineel

€ 7,85

Hoofdstuk 10

Gemeentearchief

 

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen, in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 18,80

1.10.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van:

1.10.2.1

een afschrift of fotokopie van een in het gemeentearchief berustend stuk, voor zover niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

€ -

 

per print op A0,A1 en A2

€ 5,20

 

per print op A3 en A4

€ 0,25

 

per stuk op CD en/of DVD

€ 20,60

 

bij digitale verzending, per bestand

€ 3,10

Hoofdstuk 11

Huisvestingswet (niet van toepassing)

 

Hoofdstuk 12

Leegstandswet

 

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1

tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet i.v.m. het aangaan van een tijdelijke huurovereenkomst

€ 181,25

1.12.2

tot verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, vierde lid, van de Leegstandwet

€ 86,50

Hoofdstuk 13

Gemeentegarantie

 

1.13

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.13.1

Tot het verkrijgen van een achtervangpositie bij een waarborgfonds of een gemeentegarantie met een financiële omvang groter dan € 50.000,00

€ 165,10

1.13.2

tot het instemmen met het wijzigen of omzetten van een door de gemeente gegarandeerde (hypothecaire) geldlening met een financiële omvang groter dan € 50.000,00

€ 165,10

Hoofdstuk 14

Marktstandplaatsen (niet van toepassing)

 

Hoofdstuk 16

Kansspelen

 

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de Kansspelen voor:

1.16.1.1

één speelautomaat voor een periode van een kwartaal of een deel van een kwartaal

€ 14,55

1.16.1.2

twee of meer speelautomaten voor een periode van een kwartaal of een deel van een kwartaal, voor de eerste speelautomaat

€ 14,55

 

en voor ieder volgend speelautomaat

€ 8,80

1.16.1.3

één speelautomaat voor een periode van twaalf maanden

€ 58,25

 

twee of meer speelautomaten voor een periode van twaalf maanden, voor de eerste speelautomaat

€ 58,25

 

en voor ieder volgend speelautomaat

€ 35,05

1.16.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

€ 20,90

Hoofdstuk 17

Kinderopvang

 

1.17.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het in exploitatie nemen van een kindercentrum of gastouderbureau of het bieden van gastouderopvang.

€ 131,50

Hoofdstuk 18

Telecommunicatie

 

1.18.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent tijdstip, plaats en werkwijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid van de Telecommunicatiewet

€ 372,00

 

Met iedere m² boven de 25m² wordt dit tarief verhoogd met:

€ 1,21

1.18.1.1

Het in 1.8.1 genoemde bedrag wordt:

 

1.18.1.2

Indien met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten, blijkende uit een begroting die ter zake door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

€ -

1.18.2

Indien een begroting als bedoeld in 1.18.1.2 is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

Hoofdstuk 19

Verkeer en vervoer

 

1.19

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.1

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 voor zover noodzakelijk voor en direct samenhangend met de uitvoering van bijzondere transporten

€ 17,15

1.19.1.1

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 anders dan bedoeld in onderdeel 1.19.1

€ 26,80

1.19.1.2

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 7.1 van het Voertuigreglement

€ 40,65

1.19.2

ter verkrijging van een ontheffing als bedoeld in artikel 148 van de Wegenverkeerswet

€ 22,40

1.19.3.1

tot het verkrijgen van een verklaring van geen bezwaar als bedoeld in het Reglement Gevaarlijke Stoffen

€ 81,75

1.19.3.2

tot het verkrijgen van een enkelvoudige ontheffing voor het vervoer van gevaarlijke stoffen als bedoeld in de Wet vervoer gevaarlijke Stoffen

€ 110,90

1.19.3.3

tot het verkrijgen van een verzamelontheffing voor het vervoer van gevaarlijke stoffen als bedoeld in de Wet vervoer gevaarlijke Stoffen

€ 274,45

1.19.4

Het tarief bedraagt voor de afgifte van een landelijke gehandicaptenparkeerkaart, als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW):

1.19.4.1

indien het een eerste aanvraag betreft

 

1.19.4.2

indien het een verlenging betreft of een vermissing

 

Hoofdstuk 20

Diversen

 

1.20.1

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in artikel 8 van de Wet aanvullende regels veiligheid wegtunnels (openstellingsvergunning tunnel) bedraagt het tarief per aanvraag

€ 13.674,25

1.20.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

1.20.2.1

gewaarmerkte afschriften van stukken voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 8,00

1.20.2.2

(digitale) kaarten, tekeningen en lichtdrukken voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening, of lichtdruk

€ 5,75

1.20.2.3

een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per beschikking

€ 38,50

1.20.2.4

stukken of uittreksel, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 0,25

Hoofdstuk 21

Naturalisatie en optie

 

1.21.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een

aanvraag van:

 

1.21.1.1

naturalisatieverzoek; enkelvoudig; standaard

€ 901,00

1.21.1.2

naturalisatieverzoek; gemeenschappelijk; standaard

€ 1.150,00

1.21.1.3

naturalisatieverzoek; meenaturaliserende minderjarige

€ 133,00

1.21.1.4

naturalisatieverzoek; enkelvoudig; verlaagd

€ 670,00

1.21.1.5

naturalisatieverzoek; gemeenschappelijk; verlaagd

€ 920,00

1.21.2

het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag van:

 

1.21.2.1

optieverzoek; enkelvoudig

€ 191,00

1.21.2.2

optieverzoek; gemeenschappelijk

€ 326,00

1.21.2.3

optieverzoek; medeopterende minderjarige

€ 21,00

Titel II

Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

 

Hoofdstuk 1

Begripsomschrijvingen

 

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012,1567), voor het uit te voeren werk of het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom), de omzetbelasting daarin begrepen, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voortvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het aanleggen) van de werken of de werkzaamheden, de omzetbelasting daarin begrepen, en indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van de werken of de werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin begrepen;

2.1.1.2

bouwkosten:

de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012,1567), voor het uit te voeren werk of het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom), de omzetbelasting daarin begrepen, of voor zover deze ontbreekt een raming van de kosten die voortvloeien uit aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting daarin begrepen, en indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin begrepen. De opgegeven geraamde bouwkosten worden getoetst aan de eenheidsprijzen inclusief BTW zoals bepaald in het “Overzicht bouwkosten ten behoeve van de berekeningen, voor de bouwlegestoets januari 2020”;

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

2.1.1.4

Investeringskosten: De totale kosten van een project, waaronder bouw- en inrichtingskosten en de grondwaarde na bestemmingswijziging.

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

Hoofdstuk 2

Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

 

2.2

Vervallen

 

Hoofdstuk 3

Omgevingsvergunning

 

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel.

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor bouwactiviteit bestaan uit een vast deel en een variabel deel, die conform onderstaande tariefgroepindeling worden bepaald. Het variabele deel bestaat uit het bij de tariefgroep genoemde percentage van het deel van de bouwkosten dat het aanvangsbedrag van de betreffende tariefgroep, waarin het bouwplan op grond van de bouwkosten valt, overstijgt;

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief;

2.3.1.1.1

indien de bouwkosten minder dan € 500.000,00 bedragen:

1,90%

 

van de bouwkosten met een minimum van:

€ 83,35

2.3.1.1.2

indien de bouwkosten € 500.000,00 tot € 1.000.000,00 bedragen:

€ 9.600,00

 

vermeerderd met:

1,80%

 

waarmee die bouwkosten de € 500.000,00 te boven gaan;

 

2.3.1.1.3

indien de bouwkosten € 1.000.000,00 tot € 2.500.000,00 bedragen:

€ 18.700,00

 

vermeerderd met:

1,70%

 

waarmee die bouwkosten de € 1.000.000,00 te boven;

 

2.3.1.1.4

indien de bouwkosten € 2.500.000,00 tot € 10.000.000,00 bedragen:

€ 44.400,00

 

vermeerderd met:

1,70%

 

waarmee die bouwkosten de € 2.500.000,00 te boven gaan;

 

2.3.1.1.5

indien de bouwkosten € 10.000.000,00 tot € 50.000.000,00 bedragen:

€ 173.200,00

 

vermeerderd met:

1,60%

 

waarmee die bouwkosten de € 10.000.000,00 te boven gaan;

 

2.3.1.1.6

Indien de bouwkosten € 50.000.000,00 of meer bedragen:

€ 819.600,00

 

vermeerderd met:

1,40%

 

waarmee die bouwkosten de € 50.000.000,00 te boven gaan;

 

 

Extra welstandstoets

 

2.3.1.2

Vervallen

 

 

Advies agrarische commissie

 

2.3.1.3

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie nodig is, dan wel noodzakelijk wordt geacht, en wordt beoordeeld:

€ 968,00

 

Achteraf ingediende aanvraag

 

2.3.1.4

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien er sprake is van legalisatie van een overtreding, dan wel de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit:

50,00%

 

van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges met een minimum van

€ 390,85

 

Beoordeling aanvullende gegevens

 

2.3.1.5

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de in dat onderdeel bedoelde aanvraag al in behandeling is genomen:

10,00%

2.3.2

Aanlegactiviteiten

 

 

De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een aanlegactiviteit bestaan uit een vast deel en een variabel deel, die conform onderstaande tariefgroepindeling worden bepaald. Het variabele deel bestaat uit het bij de tariefgroep genoemde percentage van het deel van de aanlegkosten dat het aanvangsbedrag van de betreffende tariefgroep, waarin het aanlegplan op grond van de aanlegkosten valt, overstijgt;

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.2.1.1

indien de aanlegkosten minder dan € 100.000,00 bedragen:

1,60%

 

van de aanlegkosten met een minimum van:

€ 83,35

2.3.2.1.2

indien de aanlegkosten € 100.000,00 tot € 500.000,00 bedragen:

€ 1.600,00

 

vermeerderd met:

2,00%

 

waarmee die aanlegkosten de € 100.000,00 te boven gaan;

 

2.3.2.1.3

indien de aanlegkosten € 500.000,00 tot € 1.000.000,00 bedragen:

€ 9.600,00

 

vermeerderd met:

1,80%

 

waarmee die aanlegkosten de € 500.000,00 te boven gaan;

 

2.3.2.1.4

indien de aanlegkosten € 1.000.000,00 tot € 2.500.000,00 bedragen:

€ 18.700,00

 

vermeerderd met:

1,70%

 

waarmee die aanlegkosten de € 1.000.000,00 te boven gaan;

 

2.3.2.1.5

indien de aanlegkosten € 2.500.000,00 tot € 10.000.000,00 bedragen:

€ 44.400,00

 

vermeerderd met:

1,70%

 

waarmee die aanlegkosten de € 2.500.000,00 te boven gaan;

 

2.3.2.1.6

indien de aanlegkosten € 10.000.000,00 tot € 50.000.000,00 bedragen

€ 173.200,00

 

vermeerderd met:

1,60%

 

waarmee die aanlegkosten de € 10.000.000,00 te boven gaan;

 

2.3.2.1.7

indien de aanlegkosten € 50.000.000,00 of meer bedragen:

€ 819.600,00

 

vermeerderd met:

1,40%

 

waarmee die aanlegkosten de € 50.000.000,00 te boven gaan;

 

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik/ontheffing of afwijking bestemmingsplan, waarbij wel of niet sprake is van een bouwactiviteit

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens wel of niet sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1:

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 175,00

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking)

€ 175,00

 

indien de investeringskosten minder dan € 15.000,00 bedragen:

€ 175,00

 

indien de investeringskosten € 15.000,00 of meer bedragen:

€ 175,00

 

vermeerderd met:

2,00%

 

waarmee die investeringskosten de € 15.000,00 te boven gaan;

 

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast:

 

 

Indien de investeringskosten € 100.000,00 of minder bedragen:

€ 8.850,00

 

Indien de investeringskosten meer dan € 100.000,00 bedragen

€ 8.850,00

 

De investeringskosten boven de € 100.000,00 worden vermeerderd met:

2,00%

2.3.3.3.1

Voor het bepaalde in onderdeel 2.3.3.3 geldt een maximum tarief van € 150.000,00.

 

2.3.3.4

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 175,00

2.3.3.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 686,40

2.3.3.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 686,40

2.3.3.7

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 175,00

2.3.4

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 201,00

2.3.4.1

Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwwerk of inrichting, waarin bedrijfsmatig of in het kader van verzorging nachtverblijf wordt verschaft, wordt het in artikel 2.3.4 genoemd bedrag verhoogd met:

2.3.4.1.1

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor minder dan 10 personen

€ 201,00

2.3.4.1.2

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 10 of meer doch minder dan 25 personen

€ 402,05

2.3.4.1.3

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 25 of meer doch minder dan 50 personen

€ 810,35

2.3.4.1.4

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 50 of meer personen

€ 1.265,50

2.3.4.2

Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwwerk of inrichting ten behoeve van huisvesting/onderkomen voor verstandelijk gehandicapten met of zonder begeleiding (geïntegreerd wonen), wordt het in artikel 2.3.4 genoemd bedrag verhoogd met:

2.3.4.2.1

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor minder dan 10 personen

€ 201,00

2.3.4.2.2

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 10 of meer doch minder dan 25 personen

€ 402,05

2.3.4.2.3

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 25 of meer doch minder dan 50 personen

€ 810,35

2.3.4.2.4

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 50 of meer personen

€ 1.265,50

2.3.4.3

Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwwerk of inrichting ten behoeve van een dagverblijf voor meer dan 10 personen jonger dan 12 jaar en/of meer dan 10 personen, lichamelijk of geestelijk gehandicapt met of zonder begeleiding (geïntegreerd wonen), wordt het in artikel 2.3.4 genoemd bedrag verhoogd met:

2.3.4.3.1

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 10 of meer doch minder dan 25 personen

€ 402,05

2.3.4.3.2

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 25 of meer doch minder dan 50 personen

€ 810,35

2.3.4.3.3

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 50 of meer personen

€ 1.265,50

2.3.4.4

Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwwerk of inrichting ten behoeve van een onderwijsinstelling (basisschool), wordt het in artikel 2.3.4 genoemd bedrag verhoogd met:

2.3.4.4.1

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 10 of meer doch minder dan 25 personen

€ 402,05

2.3.4.4.2

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 25 of meer doch minder dan 50 personen

€ 810,35

2.3.4.4.3

in het geval het betreft een bouwwerk of inrichting, geschikt voor 50 of meer personen

€ 1.265,50

2.3.4.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het aanpassen van een verleende gebruiksvergunning als bedoeld in artikel 2.3.4 ten gevolge van wijziging tenaamstelling, wijziging aantal personen

€ 58,30

2.3.4.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het aanpassen van een verleende gebruiksvergunning als bedoeld in artikel 2.3.4 ten gevolge van interne verbouwingen of anderszins het gebruik beïnvloedende zaken

€ 402,05

2.3.4.7

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een gebruiksvergunning als bedoeld in artikel 2.3.4, indien het betreft een tijdelijk bouwwerk of tijdelijke inrichting met een instandhoudingstermijn van maximaal 5 dagen

€ 20,80

2.3.4.8

Indien meerdere categorieën op een bouwwerk of inrichting van toepassing zijn, dan wordt het bedrag met het hoogste variabele bedrag verhoogd.

2.3.5

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

 

2.3.5.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale verordening of de gemeentelijke Monumentenverordening aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening of van die gemeentelijke Monumentenverordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

2.3.5.1.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

€ 177,05

2.3.5.1.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 177,05

2.3.5.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, van de Wabo, op het slopen van een bouwwerk in een krachtens provinciale verordening of de gemeentelijke Monumentenverordening aangewezen stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder c, van de Wabo, waarvoor op grond van die provinciale verordening of van die gemeentelijke Monumentenverordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

€ 177,05

2.3.6

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk bedragen de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag uit een vast deel en een variabel deel, die conform onderstaande tariefgroepindeling worden bepaald. Het variabele deel bestaat uit het bij de tariefgroep genoemde percentage van het deel van de sloopkosten dat het aanvangsbedrag van de betreffende tariefgroep, waarin het sloopplan op grond van de sloopkosten valt, overstijgt.

 

in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, of waarvoor op grond van een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.6.1.1

Indien de sloopkosten minder dan € 100.000,00 bedragen:

1,60%

 

van de sloopkosten met een minimum van:

€ 83,35

2.3.6.1.2

Indien de sloopkosten € 100.000,00 tot € 1.000.000,00 bedragen:

€ 1.640,00

 

vermeerderd met:

0,40%

 

waarmee die sloopkosten de € 100.000,00 te boven gaan;

 

2.3.6.1.3

Indien de sloopkosten € 1.000.000,00 of meer bedragen:

€ 5.330,00

 

vermeerderd met :

0,25%

 

waarmee die sloopkosten de € 1.000.000,00 te boven gaan.

 

2.3.7

Aanleggen of veranderen weg

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 28,10

2.3.8

Uitweg/inrit

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.2 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 28,10

2.3.9

Kappen

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 28,10

 

Het tarief als bedoeld in artikel 2.3.9 wordt vermeerderd met de provinciale leges

 

2.3.10

Opslag van roerende zaken (niet in gebruik)

 

2.3.11

Projecten of handelingen in het kader van de Wet natuurbescherming

 

2.3.11.1

Soortenbescherming. Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op handelingen in een beschermd natuurgebied die schadelijk kunnen zijn voor het natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekenis of voor de dieren of planten, als bedoeld in artikel 3.3, 3.4, 3.8, 3.9, 3.10, 3.17, 3.25, 3.26, 3.32 of 3.34 Wet natuurbescherming bedraagt het tarief:

€ 840,50

2.3.11.2

Gebiedsbescherming. Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats en soorten in een door de minister van Landbouw, Natuur en Voedselkwaliteit aangewezen gebied als bedoeld in artikel 2.7, tweede lid en derde lid Wet natuurbescherming bedraagt het tarief:

€ 840,50

2.3.11.3

Houtopstanden. Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand als bedoeld in artikel 4.5, eerste lid en 4.5, derde lid Wet natuurbescherming, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 840,50

 

De tarieven als bedoeld in de artikelen 2.3.11 worden vermeerderd met de Provinciale leges

2.3.12

Vervallen.

 

 

Andere activiteiten

 

2.3.13

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

2.3.13.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 840,50

2.3.13.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.13.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning.

pm

 

Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning bedraagt het tarief:

€ 840,50

2.3.13.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

pm

 

Omgevingsvergunning in twee fasen

 

2.3.14

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.14.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

pm

2.3.14.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

pm

 

Beoordeling bodemrapport

 

2.3.15

Het verschuldigde bedrag op grond van onderdeel 2.3. wordt, indien de aanvraag om een omgevingsvergunning krachtens wettelijk voorschrift slechts kan worden afgegeven indien een milieukundig bodemrapport wordt beoordeeld, verhoogd met

€ 214,55

 

indien deze niet als volgt worden aangeleverd:

-Digitaal bestand in pdf-bestand en

-Digitaal bestand in SIKB-0101 xml (recentste versie) waarbij de volgende data-inhoudelijke eisen worden gesteld: x en y- coördinaten boorpunten en onderzoek (volgens RD-coördinatenstelsel), analyses, mengmonsters, naam adviesbureau, rapportnummer, rapportdatum en conclusie.

2.3.16

Advies

 

2.3.16.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel 2.26, derde lid van de Wabo: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

pm

2.3.16.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.16.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

2.3.16.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het uitbrengen van een advies als bedoeld in artikel 2.26 van de Wabo: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in deze tarieventabel voor de activiteiten, de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning waarop het adviesverzoek betrekking heeft.

pm

 

In het kader van het adviesverzoek worden de in deze tarieventabel opgenomen tarieven toegepast als ware de activiteit, de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning waarop het adviesverzoek betrekking heeft rechtstreeks in behandeling genomen.

2.3.17

Verklaring van geen bedenkingen

 

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

2.3.17.1.1

indien de gemeenteraad of een ander daartoe aangewezen gemeentelijk bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 840,50

2.3.17.1.2

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

100%

2.3.18

Ontheffing bedrijfsmatige bouw- aanleg of sloopwerkzaamheden buiten reguliere werktijden of ontheffing geluidhinder

2.3.18.1

Het tarief ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 8, derde lid van het Bouwbesluit 2012 dan wel als bedoeld in artikel 4:1 lid 2 van de Algemene plaatselijke verordening, bedraagt :

€ 1.175,00

2.3.19

Opslag van roerende zaken

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de gemeente, waarvoor op grond van artikel 2:10 van de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

2.3.19.1

indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo, per locatie:

€ 575,00

2.3.19.2

indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo, per locatie:

€ 575,00

Hoofdstuk 4

Vermindering

 

2.4.1

Vervallen

 

2.4.2

indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.17. De vermindering bedraagt:

2.4.2.1

bij 5 tot 10 activiteiten:

10,00%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.2

bij 10 tot 15 activiteiten:

15,00%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.3

bij 15 of meer activiteiten:

20,00%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges.

 

2.4.3

Vermindering als gevolg van coördinatieregeling

 

 

Indien een omgevingsvergunning wordt voorbereid met toepassing van de coördinatieregeling zoals bedoeld in artikel 3.30 Wet ruimtelijke ordening wordt de aanslag verminderd met:

10,00%

 

van de op basis deze titel verschuldigde leges.

 

Hoofdstuk 5

Teruggaaf

 

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

2.5.1.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 6 weken na het in behandeling nemen ervan

50,00%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 6 weken na het in behandeling nemen ervan

25,00%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.3

indien de aanvraag wordt ingetrokken als gevolg van het uitblijven van een vergunning die verleend moet worden door een ander bestuursorgaan dan één van de bestuursorganen van de gemeente Borsele en het verkrijgen van die vergunning essentieel is voor het verwezenlijken van het project waarop de aanvraag ziet en voorafgaande aan het indienen van de aanvraag omgevingsvergunning geen besluit over het verkrijgen van de vergunning kon worden verkregen bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:

90,00%

 

van de op grond voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

2.5.2.1

indien deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt

25,00%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.2.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken als gevolg van het uitblijven van een subsidietoekenning welke essentieel is voor het kunnen verwezenlijken van het project waarop de aanvraag ziet en voorafgaande aan het indienen van de aanvraag geen besluit over het verkrijgen van de subsidie kon worden verkregen

50,00%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van buitenbehandelingstelling

 

 

Indien de aanvraag op grond van artikel 4:5 Awb buiten behandeling wordt gesteld, bestaat aanspraak op teruggaaf. De teruggaaf bedraagt:

90,00%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.4

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

 

Een bedrag minder dan

€ 83,35

 

wordt niet teruggegeven

 

2.5.5

Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen

 

 

Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.17 wordt geen teruggaaf verleend.

Hoofdstuk 6

Intrekking omgevingsvergunning

 

2.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is:

€ 177,05

Hoofdstuk 7

Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

 

2.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

€ 177,05

Hoofdstuk 8

Bestemmingswijzigingen/Bestemmingsplannen

 

2.8.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot herziening van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid Wro (een wijzigingsplan als bedoeld in artikel 6.1 lid 1 onder a Wro of uitwerkingsplan als bedoeld in artikel 3.6 lid 1 onder b Wro of een wijzigingsplan artikel 7c, lid 12 Besluit uitvoering Crisis- en herstelwet hieronder mede begrepen), bedraagt de voor ontwikkeling van het bestemmingsplan in rekening te brengen leges, bij een investering nodig voor de uitvoering:

2.8.1.1

Indien de investeringskosten € 100.000,00 of minder bedragen:

€ 8.850,00

 

Indien de investeringskosten meer dan € 100.000,00 bedragen:

€ 8.850,00

 

De investeringskosten boven de € 100.000,00 worden vermeerderd met:

2,00%

2.8.1.1.1

Voor het bepaalde in onderdeel 2.8.1.1 geldt een maximum tarief van € 150.000,00.

 

2.8.1.2

Het overeenkomstig artikel 2.8.1.1 berekende bedrag wordt gematigd indien de ontwikkeling gekoppeld wordt aan / deel uit maakt van een andere bestemmingsplanherziening met:

25,00%

2.8.1.3

Vervallen

 

2.8.1.4

Teruggaaf als gevolg van bestemmingsontwikkeling als vermeld in onderdeel 2.8.1, bedraagt:

2.8.1.4.1

Indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen 6 weken na het in behandeling nemen ervan

50,00%

 

van de op grond van 2.8.1. verschuldigde leges;

 

2.8.1.4.2

Indien de aanvraag wordt ingetrokken na 6 weken na het in behandeling nemen ervan

25,00%

 

van de op grond van 2.8.1. verschuldigde leges.

 

2.8.2

Grondexploitatie.

 

2.8.2.1

Het bepaalde in artikel 2.8.1 vindt geen toepassing als verzekerd is dat voor de betreffende leges kostenverhaal plaatsvindt via afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie/overeenkomst). Deze regeling dient om dubbele heffing te voorkomen.

Hoofdstuk 9

Sloopmelding

 

2.9

Vervallen

 

Hoofdstuk 10

In deze titel niet benoemde beschikking

 

2.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 840,50

Titel III

Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

 

Hoofdstuk 1

Horeca

 

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het exploiteren van een horecabedrijf, als bedoeld in artikel 2.28 van de Algemene plaatselijke verordening

€ 24,25

3.1.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning ingevolge artikel 3, lid 1 van de Drank- en Horecawet

€ 148,45

3.1.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een tijdelijke ontheffing ingevolge artikel 4, lid 4 of 35 van de Drank- en Horecawet

€ 22,15

3.1.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ander sluitingsuur dan genoemd in artikel 2.30 lid 1, van de Algemene Plaatselijke Verordening

€ 22,15

3.1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet

€ 43,20

3.1.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Drank- en Horecawet

€ 43,20

3.1.7

Het tarief onder 3.1.6 wordt vermeerderd met elke persoon die op het aanhangsel moet worden vermeld (twee of meer)

€ 15,50

Hoofdstuk 2

Organiseren van evenementen of markten

 

3 2.1

Het tarief bedraagt ter zake van het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.2.1.1

tot het verkrijgen van vergunningen om (een) standplaats(en) in te nemen in de open lucht voor het aan het publiek aanbieden, verkopen of verstrekken van waren of goederen, uitgezonderd standplaatsen op een kermisterrein gedurende de aangewezen kermisdagen:

3.2.1.1.1

geldig voor één dag, per standplaats

€ 18,20

3.2.1.1.2

geldig voor één week, per standplaats

€ 42,55

3.2.1.1.3

geldig voor één maand, per standplaats

€ 85,10

3.2.1.1.4

geldig voor onbepaalde tijd, per standplaats

€ 170,15

3.2.2.1

tot het verkrijgen van een vergunning of ontheffing als bedoeld in de Algemene plaatselijke verordening, niet zijnde een exploitatievergunning, een vergunning voor een B of C- evenement of standplaatsvergunning

€ 22,15

3.2.2.2

tot het verkrijgen van een vergunning voor een B evenement Als er sprake is van een gebundelde vergunning worden voor bijkomende vergunningen/ontheffingen geen leges in rekening gebracht.

€ 81,00

3.2.2.3

tot het verkrijgen van een vergunning voor een C evenement. Als er sprake is van een gebundelde vergunning worden voor bijkomende vergunningen/ontheffingen geen leges in rekening gebracht.

€ 154,70

3.2.2.4

tot het verkrijgen is van een gebundelde vergunning voor een A-evenement, waarbij meer dan 3 vergunningen/ontheffingen worden verleend, bedragen de leges

€ 81,00

Hoofdstuk 3

Prostitutiebedrijven (niet in gebruik)

 

Hoofdstuk 4

Splitsingsvergunning woonruimte (niet in gebruik)

 

Hoofdstuk 5

Marktstandplaatsen

 

Hoofdstuk 6

Winkeltijdenwet

 

3.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.6.1

voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet

€ 38,50

3.6.2

tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 3.6.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

€ 38,50

3.6.3

tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel 3.6.1 bedoelde ontheffing

€ 38,50

Hoofdstuk 7

In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

3.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 22,15

Het Overzicht bouwkosten ten behoeve van de berekeningen voor de bouwleges toets januari 2020 is als externe bijlage opgenomen.