Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Boxtel

Uitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang gemeente Boxtel 2020

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieBoxtel
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingUitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang gemeente Boxtel 2020
CiteertitelUitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang gemeente Boxtel 2020
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerpUitvoering, regeling, VE, POV, subsidie

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt de regeling 'Uitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang Boxtel 2020'

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Onbekend

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-08-2020Nieuw besluit

07-07-2020

gmb-2020-183884

1236719

Tekst van de regeling

Intitulé

Uitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang gemeente Boxtel 2020

Burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel;

 

overwegende dat:

  • het gewenst is activiteiten te stimuleren die bijdragen aan het gemeentelijke beleid op het terrein van de voorschoolse educatie in de peuteropvang;

  • in de Algemene subsidieverordening Boxtel 2017 geen specificatie gegeven wordt van de toe te kennen bijdragen voor de voorschoolse educatie;

  • de programmabegroting van de gemeente Boxtel 2020 geen bijdrage vermeldt voor de voorschoolse educatie uit het budget ten behoeve van onderwijs achterstanden beleid;

gelet op de artikelen 2 en 3 van de Algemene subsidieverordening Boxtel 2017;

 

b e s l u i t e n :

 

vast te stellen de volgende regeling:

 

UITVOERINGSREGELING VOORSCHOOLSE EDUCATIE IN DE PEUTEROPVANG GEMEENTE BOXTEL 2020

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel;

  • b.

    CJG: het Centrum voor Jeugd en Gezin;

  • c.

    peuteropvang: het aanbod van kinderopvang voor peuters van 2 tot 4 jaar, ingeschreven in het bevolkingsregister van de gemeente Boxtel, door kinderopvangorganisaties die zijn opgenomen in het register voor peuteropvang van de gemeente Boxtel;

  • d.

    kinderopvang: het bedrijfsmatig verzorgen, opvoeden en bijdragen aan de ontwikkeling van kinderen tot de eerste dag van de maand waarop het basisonderwijs voor die kinderen begint;

  • e.

    VVE: voor- en vroegschoolse educatie, te weten de uitvoering van een door het college gesubsidieerd aanbod voor kinderen tussen 2,5 en 4 jaar. Het aanbod is gericht op het voorkomen dan wel inlopen van ontwikkelingsachterstand ten behoeve van een goede start op de basisschool;

  • f.

    peuter: een kind vanaf de leeftijd van 2 jaar tot het tijdstip waarop het kind kan deelnemen aan het basisonderwijs, die gedurende 40 weken 2 dagdelen per week gebruik maakt van peuteropvang;

  • g.

    verordening: de Algemene subsidieverordening Boxtel 2017;

  • h.

    VVE-doelgroeppeuter: een peuter die gedurende 40 weken 4 dagdelen per week gebruik maakt van peuteropvang, met een indicatie op taal- of ontwikkelingsachterstanden op basis van:

    • 1.

      de CBS-indicator van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap, of

    • 2.

      een indicatie door gemeente/GGD.

Artikel 2 Toepassing verordening

De verordening is geheel van toepassing voor zover hier in deze regeling niet nadrukkelijk van wordt afgeweken.

 

Artikel 3 Doelstellingen

De subsidie voorschoolse educatie wordt verstrekt voor het volgende doel: de VVE-doelgroeppeuter extra ondersteunen bij de voorbereiding op het basisonderwijs.

 

Artikel 4 Doelgroepen

Het college kent subsidie voorschoolse educatie toe aan de in de gemeente Boxtel gevestigde voorzieningen voor peuteropvang die VVE-activiteiten tot doel hebben met inachtneming van het bepaalde in deze regeling.

 

Artikel 5 Subsidiabele activiteiten

  • 1.

    Een structureel aanbod voorschoolse educatie in de peuteropvang van 16 uur in 4 dagdelen per week gedurende 40 weken per jaar op basis van een berekend bedrag per VVE-doelgroeppeuter per jaar.

  • 2.

    De inzet van een pedagogisch beleidsmedewerker voor VVE-doelgroeppeuters in de peuteropvang op basis van 10 uur per VVE-doelgroeppeuter per locatie per jaar in aanloop naar de wettelijke verplichting per 1 januari 2022.

 

Artikel 6 Aanvraagformulier

Aanvragen voor een subsidie voorschoolse educatie moeten worden ingediend door middel van het daarvoor bestemde aanvraagformulier.

 

Artikel 7 Gegevens bij de aanvraag

Naast de in artikel 6 van de verordening vermelde gegevens worden bij de aanvraag om subsidie voorschoolse educatie de volgende gegevens gevraagd:

  • a.

    een activiteitenplan, waarin informatie is opgenomen over de spreiding en het bereik van de activiteiten voorschoolse educatie;

  • b.

    een begroting, waaruit blijkt:

    • -

      voor hoeveel VVE-doelgroeppeuters subsidie wordt aangevraagd;

    • -

      wat het totale bedrag van de subsidieaanvraag is, en

    • -

      het aantal VVE-doelgroeppeuters per peuteropvanglocatie;

  • c.

    gegevens van het aantal deelnemende VVE-doelgroeppeuters in het voorgaande jaar per peuteropvanglocatie naar leeftijd en woonplaats.

Artikel 8 Controle op de subsidieaanvragen

Het college kan de ingediende subsidieaanvragen controleren op juistheid van de door de betreffende instellingen opgegeven gegevens.

 

Artikel 9 Hoogte subsidie voorschoolse educatie in de peuteropvang

  • 1.

    De subsidie is een lumpsum bedrag per peuter.

  • 2.

    Per VVE-doelgroeppeuter worden 4 dagdelen gesubsidieerd gedurende maximaal 40 weken per jaar.

  • 3.

    De berekening van het lumpsum bedrag per peuter is als volgt:

    • a.

      tweemaal twee dagdelen van 4 uur per week tegen het maximale uurtarief waarover kinderopvangtoeslag van de Belastingdienst wordt verleend en dat jaarlijks door het Rijk wordt vastgesteld, met een opslag van 8,33%;

    • b.

      op het totaal van sub a wordt de ouderbijdrage in mindering gebracht;

    • c.

      de ouderbijdrage voor een peuter wordt jaarlijks vastgesteld door het college op basis van het VNG-advies;

    • d.

      de berekening vanaf augustus 2020 is opgenomen in bijlage I bij deze regeling.

  • 4.

    De bepaling van het aantal VVE-doelgroeppeuters vindt plaats volgens de CBS-indicator van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap dan wel op indicatie van de gemeente/GGD.

  • 5.

    Het werkelijke aantal VVE-doelgroeppeuters wordt bepaald aan de hand van de leerlingenadministratie van de gemeente Boxtel. De peuteropvangorganisatie geeft de datum van inschrijving en uitschrijving van een peuter door aan het CJG. Na afloop van elk kwartaal verstrekt het CJG binnen 6 weken een overzicht van de in dat kwartaal geregistreerde VVE-doelgroeppeuters aan de peuteropvangorganisatie. Binnen 3 weken na ontvangst van het overzicht meldt de peuteropvangorganisatie eventuele verschillen tussen het gemeentelijk overzicht en de eigen administratie, voorzien van een nadere onderbouwing, aan het CJG, waarna de gemeentelijke administratie kan worden aangepast en voor dat kwartaal kan worden gesloten.

  • 6.

    Op basis van de kwartaaloverzichten wordt een berekening gemaakt van het aantal peuters dat gedurende het gehele jaar aanwezig was.

  • 7.

    Het aantal peutermaanden gedeeld door 12 leidt tot het aantal VVE-doelgroeppeuters waarvoor de lumpsum vergoeding toegekend wordt.

  • 8.

    Voor de lumpsum vergoeding worden de maanden geteld dat een individuele peuter ingeschreven was. Inschrijving start op basis van een tijdig doorgegeven aanmelding door de peuteropvangorganisatie, maar kan niet eerder gebeuren dan dat het kind de leeftijd van 2,5 jaar heeft bereikt. De datum van uitschrijving voor de zomervakantie wordt jaarlijks bepaald door de vakantieperioden, aangegeven door het Rijk. Uitschrijving vindt plaats op basis van afmelding door de peuteropvangorganisatie, waarbij uitschrijfdatum niet later kan liggen dan de inschrijfdatum inzake basisonderwijs of bij een andere peuteropvanglocatie. De telling stopt bij het begin van het nieuwe schooljaar dan wel de inschrijfdatum inzake basisonderwijs. Voor het bepalen van een telmaand wordt ervan uitgegaan dat een peuter minimaal 15 dagen van de maand geregistreerd staat.

 

Artikel 10 Betaling en bevoorschotting

De betaling en bevoorschotting van de subsidie voorschoolse educatie vindt plaats op basis van de laatst bekende werkelijke aantallen VE-doelgroeppeuters. Dit zijn de werkelijke aantallen tot en met het derde kwartaal van het voorafgaande boekjaar. Op basis van de realisatie per kwartaal wordt beoordeeld of bevoorschotting aangepast moet worden. Bij een verschil van meer dan 5% vindt aanpassing plaats.

 

Artikel 11 Subsidieverplichtingen

  • 1.

    Om voor de subsidie voorschoolse educatie in aanmerking te komen dient de peuteropvangorganisatie te voldoen aan:

    • a.

      de in de Wet kinderopvang neergelegde kwaliteitseisen;

    • b.

      de in de Wet innovatie en kwaliteit kinderopvang neergelegde kwaliteitseisen;

    • c.

      de eis van algemene toegankelijke voorziening in de wijk;

    • d.

      de eis van structureel aanbod van tenminste vier dagdelen per week;

    • e.

      de afspraken opgenomen in een prestatieovereenkomst;

    • f.

      het geregistreerd staan in het Landelijk Register Kinderopvang;

    • g.

      het geregistreerd staan in het Lokaal Register Peuteropvang Boxtel;

    • h.

      het tijdig, binnen 3 weken na ontvangst, inleveren van de akkoordverklaring van de door de gemeente per kwartaal aangeboden lumpsum overzichten. Hierbij kan de peuteropvangorganisatie verschillen aangeven. De gemeente zal deze beoordelen en in het volgende kwartaal (indien nodig) aanpassen.

  • 2.

    Om voor subsidie voorschoolse educatie in aanmerking te komen dient de peuteropvangorganisatie verder te voldoen aan:

    • a.

      de in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie opgenomen voorwaarden;

    • b.

      het “Convenant uitvoering Boxtels model, impuls kwaliteit VVE-beleid”, waarin is vastgelegd dat wordt samengewerkt met schoolbesturen, kinderopvangorganisaties, Stichting Brede Scholen, Stichting Openbare Bibliotheek Boxtel en gemeente rondom de educatieve lijn en zorglijn binnen de VVE;

    • c.

      het bijhouden van een registratiesysteem, waarin is opgenomen:

      • 1.

        de namen van de VVE-doelgroeppeuters per peuteropvanglocatie;

      • 2.

        de datum waarop de VVE-doelgroeppeuters met het VVE-programma zijn gestart in combinatie met de leeftijd die zij op dat moment hebben.

Artikel 12 Verplichtingen aan de beschikking

  • 1.

    Het college kan in de beschikking nadere verplichtingen opleggen.

  • 2.

    Het college kan de subsidieontvanger in de beschikking onder andere verplichtingen opleggen die betrekking kunnen hebben op de wijze waarop de middelen, waarmee de gesubsidieerde activiteit wordt verricht, worden ingezet.

 

Artikel 13 Vaststelling subsidie voorschoolse educatie

Naast het bepaalde in de artikelen 14, 15 en 16 van de verordening dient bij een aanvraag om vaststelling van de subsidie voorschoolse educatie het volgende te worden overgelegd:

  • a.

    een bestuursverklaring, waaruit blijkt dat is voldaan aan de subsidieverplichtingen, zoals opgenomen in de beschikking tot subsidieverlening, en waarin wordt verklaard dat de subsidie rechtmatig is besteed, wat wil zeggen voor het doel waarvoor zij blijkens de beschikking tot subsidieverlening is verstrekt;

  • b.

    een akkoordverklaring met de peuteraantallen die over het vooraf liggende jaar door het CJG ter controle zijn verstrekt;

  • c.

    een bestuursverklaring, waaruit blijkt dat is voldaan aan de voorwaarden opgenomen in het Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie.

Artikel 14 Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van hetgeen bij of krachtens deze uitvoeringsregeling is bepaald, indien strikte toepassing daarvan tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

 

Artikel 15 Intrekking oude regeling, inwerkingtredingsdatum

  • 1.

    De regeling ‘Uitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang Boxtel 2020’ wordt ingetrokken.

  • 2.

    Deze regeling treedt na bekendmaking in werking per 1 augustus 2020.

 

Artikel 16 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als ‘Uitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang gemeente Boxtel 2020’.

 

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Boxtel op 7 juli 2020.

Burgemeester en wethouders van Boxtel,

de secretaris,

A. Kraal

de burgemeester,

R. van Meygaarden

Bijlage I - Berekening bij de ’Uitvoeringsregeling voorschoolse educatie in de peuteropvang Boxtel 2020’ vanaf augustus 2020

 

Bedragen zijn exclusief ouderbijdrage op basis van de VNG-tabel (VNG-tabel 2020: € 66,-).

 

Bedrag per VVE-doelgroeppeuter (vanaf 1 augustus tot en met 31 december 2020):

Vier dagdelen x 4 uur x € 8,17 x 8,33% x 40 weken € 5.664,00.