Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Kaag en Braassem

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieKaag en Braassem
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening op de heffing en de invordering van leges 2020
CiteertitelLegesverordening 2020
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet
  2. artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet
  3. artikel 156, eerste lid, van de Gemeentewet
  4. artikel 156, tweede lid, van de Gemeentewet
  5. artikel 7 van de Paspoortwet
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2020Nieuwe regeling

16-12-2019

gmb-2020-10427

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020

Herplaatsing Gemeenteblad 2019, nummer 320686, i.v.m. verkeerde tarieventabel.

 

De raad van de gemeente Kaag en Braassem;

 

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 26 november 2019;

 

gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

besluit:

 

vast te stellen de:

 

VERORDENING OP DE HEFFING EN DE INVORDERING VAN LEGES 2020

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    week: een aaneengesloten periode van 7 dagen;

  • c.

    maand: een tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalendermaand tot en met de (n – 1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n – 1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand is;

  • d.

    jaar: een tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n – 1)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • e.

    kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

      een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

  • 1.

    Leges worden niet geheven voor:

    • a.

      diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

    • b.

      diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend.

    • c.

      het in behandeling nemen van aanvragen van verklaringen omtrent inkomen en vermogen;

    • d.

      het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van stukken, vereist voor de uitbetaling van pensioenen, gagementen, wachtgelden en lijfrenten;

    • e.

      het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in artikel 2.3.3.2 en titel 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel, inclusief de van een aanvraag deel uitmakende aanvragen voor vergunningen/ ontheffingen zoals bedoeld in de Wegenverkeerswet, de Zondagswet, de Wet op de Kansspelen, de Brandbeveiligingsverordening, etc. Deze vrijstelling betreft alleen een aanvraag om een vergunning gedaan door in de gemeente gevestigde non-profitinstelling die zich blijkens haar statuten de uitoefening ten doel stelt van activiteiten van maatschappelijke, sociale of culturele aard en waarbij deze activiteiten in hoofdzaak worden verricht door vrijwilligers zonder dat gebruik wordt gemaakt van de medewerking door een zakelijk/commercieel bedrijf;

    • f.

      het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning ingediend door een bestuursorgaan van de gemeente Kaag en Braassem;

    • g.

      de stukken en legalisaties van handtekeningen betreffende militaire zaken;

    • h.

      de stukken en inlichtingen, door openbare besturen, ambtenaren of instellingen in het openbare belang verzocht, met uitzondering van die in de hoofdstukken 4 en 5 van de tarieventabel;

    • i.

      de stukken en inlichtingen, waarvan de kosteloze afgifte of verstrekking bij enig wettelijk voorschrift aan de gemeentebesturen is opgelegd;

    • j.

      het verstrekken van openbare stukken aan de pers behalve in de gevallen als bedoeld in de onderdelen 1.1.4 en 1.1.7 van de tarieventabel;

    • k.

      het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven van een vergunning als bedoeld in de Huisvestingswet ten behoeve van:

      • degenen, die door de overheid worden verplicht woongelegenheid te ontruimen of na de opheffing van zodanige maatregelen hun vroegere woongelegenheid weer te betrekken;

      • ongehuwde kinderen, die in de ouderlijke woning als hoofdbewoner terugkeren.

  • 2.

    In afwijking van het gestelde onder het 1e lid, c tot en met e, worden de kosten van derden wel doorberekend aan de aanvrager.

Artikel 5 Tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

  • 3.

    Daar waar in de tarieventabel wordt gesproken over een wettelijk tarief treedt bij wijziging van het wettelijk tarief het alsdan gewijzigde tarief in de plaats van het in de tarieventabel vermelde bedrag.

  • 4.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 5.

    Het college van burgemeester en wethouders is gemachtigd de tarieventabel aan te passen in verband met de wijziging van wettelijke tarieven en tekstuele wijzigingen van ondergeschikte aard.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990, moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De heffingsambtenaar kan in de gevallen genoemd in het vorige lid onder b bepalen, dat een voorlopig bedrag wordt betaald. Het bedrag wordt vastgesteld tot ten hoogste het bedrag dat vermoedelijk aan leges is verschuldigd.

  • 3.

    Het voorlopig betaalde bedrag wordt in mindering gebracht op het vastgestelde bedrag van de verschuldigde leges.

  • 4.

    De Algemene Termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke teruggaaf van leges ter zake van een in de tarieventabel omschreven dienst wordt verleend op een aanvraag als bedoeld in artikel 242 van de Gemeentewet en overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in de bij deze verordening behorende tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening indien de wijzigingen:

  • 1.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • 2.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking in Staatsblad of Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de Tarieventabel betreft:

    • a.

      hoofdstuk 2 (basisregistratie personen);

    • b.

      hoofdstuk 3 (burgerlijke stand);

    • c.

      hoofdstuk 4 (rijbewijzen);

    • d.

      hoofdstuk 5 (reisdocumenten);

    • e.

      hoofdstuk 6 (Kansspelen)

  • een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

Artikel 12 Hardheidsclausule

Indien strikte toepassing van deze verordening zou leiden tot onvoorziene onbillijkheden van overwegende aard kan het college van burgemeester en wethouders afwijken van het bepaalde in deze verordening.

Artikel 13 Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel

  • 1.

    De "Legesverordening 2019", vastgesteld bij raadsbesluit d.d. 13 december 2018 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag volgende op die van de bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

  • 4.

    Deze verordening kan worden aangehaald als "Legesverordening 2020".

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad der gemeente Kaag en Braassem gehouden op 16 december 2019

de griffier,

T.P.Scherpenzeel

de voorzitter,

mr. K.M. van derVelde-Menting

Tarieventabel behorende bij de Legesverordening 2020

Tarief 2020

Titel 1 Algemene Dienstverlening

 

Hoofdstuk 1 Algemeen

 

1.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.1.1.1

een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

52,90

1.1.2

fotokopieën, dan wel gescande opnamen in diverse formaten, van openbare stukken, voor zover niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina,

 

1.1.2.1

afdrukken op A4 formaat

0,60

1.1.2.2

afdrukken op afwijkend formaat

1,10

1.1.3

waarmerken van door de belanghebbende zelf overgelegde stukken, per pagina

13,15

1.1.4

stukken of uittreksels, die op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

17,25

1.1.5

een uittreksel, verklaring of anderszins op grond van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen (Wkpb)

11,30

1.1.6

Voor het mondeling of telefonisch verstrekken van inlichtingen uit hiervoor genoemde stukken wordt het recht van inzage geheven, per kwartier

21,25

1.1.7

gegevens uit het gemeente- of streekarchief waarvoor door of vanwege de gemeente nasporing moet worden gedaan, ongeacht het resultaat, naar de in het gemeente- of streekarchief berustende stukken door een ambtenaar, per kwartier of gedeelte daarvan

21,25

1.1.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.1.8.1

Voor het legaliseren van een handtekening, per handtekening

8,65

1.1.8.2

Voor het legaliseren van een foto, per foto

8,65

1.1.9

Het tarief voor het gebruik van de vleugel bij concerten etc. bedraagt per activiteit

284,05

1.1.5.1

De kosten van derden en van wettelijke publicaties worden voor 100% doorberekend voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

 

 

 

 

Hoofdstuk 2 Basisregistratie personen

 

 

Voor de toepassing van dit artikel wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de Basisregistratie personen moet worden geraadpleegd

 

1.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

 

1.2.1.1

voor elke inlichting met beperkte inhoud (naam, geboortedatum, -plaats en adres)

6,35

1.2.1.2

voor elke uitvoerige inlichting (meer dan beperkte inhoud)

12,65

1.2.1.3

van een bewijs van opneming in de Basisregistratie personenbasisregistratie personen, betrekking hebbend op een persoon

10,75

1.2.1.4

van een bewijs van opneming in de Basisregistratie personen, betrekking hebbend op een gezin

10,75

 

Voor de toepassing van onderdeel 1.2.2 wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon die niet zijn opgenomen in de Basisregistratie personen.

 

1.2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens: per verstrekking

6,70

1.2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

 

1.2.3.1

tot het verkrijgen van een verklaring omtrent het gedrag (wettelijk bedrag)

 

1.2.3.2

een bewijs van Nederlanderschap, niet bedoeld als reispapier

10,80

1.2.4

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de Basisregistratie personen, voor ieder daaraan besteed kwartier

21,40

1.2.5

Indien, ten gevolge van de aard van de aanvraag tot het verstrekken van een of meer gegevens of ten gevolge van de gegevens op grond waarvan een aanvraag tot het verstrekken van een of meer gegevens wordt gedaan, een of meer kaartverzamelingen of registers geheel of gedeeltelijk moeten worden doorgenomen, bedraagt het tarief naast het gevorderde ingevolge de voorgaande paragrafen, voor ieder daaraan besteed kwartier

21,40

1.2.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een bericht, als bedoeld in artikel 35 en 40 van de Wet Bescherming Persoonsgegevens, per pagina

0,35

1.2.6.1

met een maximum van

5,20

1.2.6.2

Indien meer dan 100 pagina's dan wel indien het bericht bestaat uit een afschrift van een, vanwege de aard van de verstrekking, moeilijk toegankelijke gegevensverwerking bedraagt het tarief

45,40

 

 

 

Hoofdstuk 3 Burgerlijke stand en burgerzaken

 

1.3.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap, het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, indien daarbij gebruik wordt gemaakt van de trouwzaal of een andere door de gemeente hiertoe aangewezen ruimte:

 

1.3.1.1

maandag om 08.30 en om 09.00 uur

kosteloos

1.3.1.2

maandag van 09.30 uur tot 17.00 uur

382,25

1.3.1.3

dinsdag van 11.30 uur tot 17.00 uur

382,25

1.3.1.4

woensdag van 9.00 uur tot 17.00 uur

382,25

1.3.1.5

donderdag van 11.30 uur tot 17.00 uur

382,25

1.3.1.6

vrijdag van 9.00 uur tot 12.00 uur

382,25

1.3.1.7

vrijdag van 12.00 uur tot 17.00 uur

520,10

1.3.1.8

zaterdag van 9.00 uur tot 17.00 uur

680,35

1.3.2

Het tarief voor de voltrekking van een z.g flitshuwelijk/geregistreerd partnerschap bedraagt

 

1.3.2.1

op dinsdag om 10.30 uur en 11.00 uur

159,25

1.3.2.2

op donderdag om 10.30 uur en 11.00 uur

159,25

1.3.3

Het tarief voor de voltrekking van een huwelijk dan wel de registratie van een partnerschap als genoemd onder 1.3.1. in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64, Burgerlijk Wetboek, wordt verhoogd met

85,00

1.3.4

Het tarief voor de voltrekking van een huwelijk dan wel de registratie van een partnerschap als genoemd onder 1.3.1 indien de voltrekking plaats vindt op een andere door het college aangewezen locatie niet zijnde het gemeentehuis of in een bijzonder huis als bedoeld in 1.3.3, wordt verhoogd met

123,35

1.3.5

Het tarief – voor de voltrekking van een huwelijk dan wel de registratie van een partnerschap – als genoemd onder 1.3.1. wordt, indien de voltrekking plaatsvindt op een andere, eenmalig door het college aangewezen, locatie niet zijnde het gemeentehuis of in een bijzonder huis als bedoeld in artikel 1:64 Burgerlijk Wetboek, verhoogd met de werkelijke meerkosten in de sfeer van inspectie en vooropname van de betrokken locatie.

 

1.3.6

Het tarief als genoemd onder 1.3.1 voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk dan wel een huwelijk in een geregistreerd partnerschap in een bijzonder huis ingevolge artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek, wordt verhoogd met

85,00

1.3.7

Het tarief bedraagt voor het gebruik van een getuige van gemeentewege (per getuige)

25,85

1.3.8

Het tarief bedraagt voor het verzoek tot het eenmalig benoemen van een Buitengewoon ambtenaar burgerlijke stand

 

1.3.8.1

zonder beëdiging bij de rechtbank

26,30

1.3.8.2

met beëdiging bij de rechtbank

52,60

1.3.9

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een boekje voor huwelijk en voor geregistreerd partnerschap

25,30

1.3.9

Het tarief bedraagt voor het doen van nasporingen in de registers van de Burgerlijke stand, voor ieder daaraan besteed kwartier

21,30

1.3.10

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand gelden de tarieven zoals die zijn opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand of zoals dit Besluit laatstelijk is vervangen of gewijzigd

 

1.3.11

Afschrift akte burgerlijke stand en (meertalig) uittreksel burgerlijke stand en Attestatie de vita (wettelijk bedrag)

 

1.3.12

Verklaring van huwelijksbevoegdheid (wettelijk bedrag)

 

1.3.13

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor naturalisatie (enkelvoudig, hoog tarief, wettelijk bedrag)

 

1.3.13.1

Indien sprake is van naturalisatie bedraagt het tarief (enkelvoudig, laag tarief, wettelijk bedrag)

 

1.3.13.2

Indien sprake is van naturalisatie bedraagt het tarief voor een meenaturaliserende minderjarige (wettelijk bedrag)

 

1.3.14

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een gezamenlijke aanvraag voor naturalisatie (gemeenschappelijk, hoog tarief, wettelijk bedrag)

 

1.3.14.1

Indien sprake is van naturalisatie, bedraagt het tarief (gemeenschappelijk, laag tarief, wettelijk bedrag)

 

1.3.15

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

 

1.3.15.1

ter verkrijging van het Nederlanderschap (enkelvoudige optie, wettelijk bedrag)

 

1.3.15.2

ter verkrijging van het Nederlanderschap (gemeenschappelijke optie, wettelijk bedrag)

 

1.3.15.3

ter verkrijging van het Nederlanderschap (medeopterende minderjarige, wettelijk bedrag)

 

 

 

 

Hoofdstuk 4 Rijbewijzen

 

1.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

39,75

1.4.2

Indien bij de aanvraag als genoemd in 1.4.1 een eerder verstrekt rijbewijs niet kan worden overgelegd, worden de leges verhoogd met

31,20

1.4.3

Het tarief als genoemd in onderdeel 1.4.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met een bedrag van (wettelijk bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.4.4

Het tarief bedraagt voor het bezorgen van een rijbewijs op een door aanvrager op te geven adres (wettelijk bedrag, afgerond op € 0,05)

 

 

 

 

Hoofdstuk 5 Reisdocumenten

 

1.5

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.5.1

van een nationaal paspoort:

 

1.5.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (wettelijk maximum bedrag afgerond op € 0,05)

 

1.5.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.5.1 (zakenpaspoort):

 

1.5.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.3

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

 

1.5.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05

 

1.5.4

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.5

van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.5.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.6

voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.5.1 tot en met 1.5.5 genoemde documenten, de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van (wettelijk maximum bedrag, afgerond op € 0,05)

 

1.5.7

voor het bezorgen van een reisdocument op een door aanvrager op te geven adres (wettelijk bedrag, afgerond op € 0,05)

 

 

 

 

Hoofdstuk 6 Wet op de kansspelen

 

1.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de Kansspelen:

 

1.6.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat (wettelijk bedrag)

 

1.6.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten een bedrag van (wettelijk bedrag per kansspelautomaat (wettelijk bedrag)

 

1.6.1.3

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd (wettelijk bedrag)

 

1.6.1.4

voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, een bedrag van (wettelijk bedrag) en per kansspelautomaat (wettelijk bedrag)

 

1.6.1.5

De subonderdelen 1.6.1.1 en 1.6.1.2 zijn van overeenkomstige toepassing, indien de vergunning geldt voor een tijdvak, korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd onderscheidenlijk verhoogd worden.

 

1.6.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de Kansspelen (loterijvergunning), mits de prijzen en premies niet meer bedragen dan € 4.500 (Voor hogere bedragen aan prijzen en premies gelden wettelijke bedragen, zie Kansspelenbesluit)

31,60

1.6.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 28 van de Wet op de Kansspelen (prijsvraagvergunning)

20,65

 

 

 

Hoofdstuk 7 Winkeltijdenwet en -verordening

 

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.7.1.1

voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet

62,15

1.7.1.2

tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 1.7.1.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

20,65

1.7.1.3

tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel 1.7.1.1 bedoelde ontheffing

20,65

 

 

 

Hoofdstuk 8 Leegstandwet

 

1.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8.1

tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

83,30

 

 

 

Hoofdstuk 9 Schepenverordening

 

1.9.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1.1

tot het verkrijgen van een vergunning op grond van de Schepenverordening

193,10

1.9.1.2

tot het verkrijgen van een ontheffing op grond van de Schepenverordening

61,65

 

 

 

Hoofdstuk 10 Snelle motorboten

 

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.10.1.1

tot het afgeven van een ontheffing ingevolge de "Regeling snelle motorbootsport Braassemermeer" met een geldigheidsduur van één jaar

287,85

1.10.1.2

tot het afgeven van een ontheffing ingevolge de "Regeling snelle motorbootsport Braassemermeer" met een geldigheidsduur van één dag

43,70

1.10.2

Voor het afgeven van een ontheffing in verband met een wijziging van de motorboot

25,30

 

 

 

Hoofdstuk 11 Parkeerverordening

 

1.11.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning zoals bedoeld in de Parkeerverordening

26,45

 

 

 

Hoofdstuk 12 Verkeer en vervoer

 

1.12.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

 

1.12.1.1

tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerplaats op kenteken, op grond van artikel 18, eerste lid, van de Wegenverkeerswet (WVW)

84,20

1.12.1.2

tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49, eerste lid, van BABW

39,65

1.12.1.3

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 10 van de Wegenverkeerswet voor het houden van een wedstrijd met voertuigen voor alle wegen die bij de gemeente in beheer of eigendom zijn

24,75

1.12.1.4

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 7.1 van het Voertuigreglement

44,90

1.12.1.5

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 voor een voertuig zoals bedoeld in de afdelingen 7, 8 en 14 van hoofdstuk 5 van de Regeling Voertuigen

32,75

1.12.1.6

tot het verkrijgen van een ontheffing per voertuig als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 voor de overige gevallen

44,90

1.12.2

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 22 van de Wet vervoer gevaarlijke stoffen

 

1.12.2.1

voor een eenmalige ontheffing

163,95

1.12.2.2

voor een langdurige ontheffing (maximaal 3 jaar)

246,05

 

 

 

Hoofdstuk 13 Algemene verordening ondergrondse infrastructuur (AVOI)

 

1.13.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

 

1.13.1.1

een opbreek-graafmelding van werkzaamheden van niet-ingrijpende aard, zoals bedoeld in artikel 4, lid 2 van de AVOI Kaag en Braassem

276,95

1.13.1.2

een melding in verband met het krijgen van een instemmingsbesluit zoals bedoeld in artikel 4, lid 4 van de AVOI Kaag en Braassem, bij een lengte van het tracé van

 

1.13.1.2.1

25 tot 250 meter

621,10

1.13.1.2.2

250 tot 1000 meter

973,60

1.13.1.2.3

1000 meter of meer

1.426,85

1.13.1.3

een melding voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning zoals bedoeld in artikel 4, lid 1 van de AVOI Kaag en Braassem, bij een lengte van het tracé van:

 

1.13.1.3.1

25 tot 250 meter

621,10

1.13.1.3.2

250 tot 1000 meter

973,60

1.13.1.3.3

1000 meter of meer

1.426,85

1.13.2

indien overleg/vooroverleg moet plaatsvinden tussen de gemeente, andere beheerders van openbare grond en/of de beheerder van het netwerk, wordt het geldende tarief verhoogd met

201,45

1.13.3

indien de melder verzoekt om een inhoudelijke afstemming bij de beoordeling van aanvragen als bedoeld in artikel 5.5. van de Telecommunicatiewet, wordt het geldende tarief verhoogd met

201,45

 

 

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

 

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

 

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 

 

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 

 

de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld

 

 

 

 

Hoofdstuk 2 Principeverzoeken

 

2.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om beoordeling van een principeverzoek om een omgevingsvergunning

355,15

2.2.2

Indien een principeverzoek buiten behandeling wordt gelaten of wordt ingetrokken, bedraagt het tarief

66,55

2.2.3

Indien ten behoeve van de beoordeling van een principeverzoek een milieutoets door de Omgevingsdienst benodigd is wordt het onder 2.2.1 bedoelde tarief verhoogd met

554,85

 

 

 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunningen

 

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief

 

2.3.1.1.1

5,2% van de bouwkosten indien de bouwkosten niet meer dan € 2.500,-- bedragen

 

 

zulks met een minimum van € 100,--

 

2.3.1.1.2

5,1% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 2.500,- en minder dan € 5.000,- bedragen

 

2.3.1.1.3

5,0% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 5.000,- en minder dan € 7.500,- bedragen

 

2.3.1.1.4

4,9% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 7.500,- en minder dan € 10.000,- bedragen

 

2.3.1.1.5

4,8% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 10.000,- en minder dan € 12.500,- bedragen

 

2.3.1.1.6

4,7% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 12.500,- en minder dan € 15.000,- bedragen

 

2.3.1.1.7

4,6% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 15.000,- en minder dan € 17.500,- bedragen

 

2.3.1.1.8

4,5% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 17.500,- en minder dan € 20.000,- bedragen

 

2.3.1.1.9

4,4% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 20.000,- en minder dan € 22.500,- bedragen

 

2.3.1.1.10

4,3% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 22.500,- en minder dan € 25.000,- bedragen

 

2.3.1.1.11

4,2% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 25.000,- en minder dan € 27.500,- bedragen

 

2.3.1.1.12

4,1% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 27.500,- en minder dan € 30.000,- bedragen

 

2.3.1.1.13

4,0% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 30.000,- en minder dan € 32.500,- bedragen

 

2.3.1.1.14

3,9% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 32.500,- en minder dan € 35.000,- bedragen

 

2.3.1.1.15

3,8% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 35.000,- en minder dan € 37.500,- bedragen

 

2.3.1.1.16

3,7% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 37.500,- en minder dan € 40.000,- bedragen

 

2.3.1.1.17

3,6% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 40.000,- en minder dan € 42.500,- bedragen

 

2.3.1.1.18

3,5% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 42.500,- en minder dan € 45.000,- bedragen

 

2.3.1.1.19

3,4% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 45.000,- en minder dan € 47.500,- bedragen

 

2.3.1.1.20

3,3% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 47.500,- en minder dan € 50.000,- bedragen

 

2.3.1.1.21

3,2% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 50.000,- en minder dan € 52.500,- bedragen

 

2.3.1.1.22

3,1% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 52.500,- en minder dan € 55.000,- bedragen

 

2.3.1.1.23

3,0% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 55.000,- en minder dan € 57.500,- bedragen

 

2.3.1.1.24

2,9% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 57.500,- en minder dan € 60.000,- bedragen

 

2.3.1.1.25

2,8% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 60.000,- en minder dan € 62.500,- bedragen

 

2.3.1.1.26

2,7% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 62.500,- en minder dan € 200.000,- bedragen

 

2.3.1.1.27

2,6% van de bouwkosten indien de bouwkosten precies of meer dan € 200.000,- bedragen

 

2.3.1.2.1

indien het gaat om een aanvraag voor toekenning van de monumentstatus, dan wel het aanwijzen van een beschermd dorpsgezicht

55,45

2.3.1.2.2

indien het gaat om een aanvraag tot doorhaling van de status van monument dan wel beschermd dorpsgezicht

222,05

 

Verplicht advies agrarische deskundige

 

2.3.1.3

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 worden, indien krachtens een bestemmingsplan, een gemeentelijke verordening of naar het oordeel van het gemeentebestuur (in het kader van een afwijkingenprocedure of een principeverzoek) voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van een agrarische deskundige noodzakelijk is, de kosten voor 100% doorberekend.

 

2.3.1.3.1

Indien de agrarische deskundige adviseert op regiebasis worden de kosten voor 100% doorberekend.

 

 

Advisering door de brandweer

 

2.3.1.4

Het verschuldigde bedrag overeenkomstig het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1, onderdeel 2.3.3 (Planologisch strijdig) enonderdeel 2.3.5.1 wordt, indien ter zake door de brandweer een brandpreventief advies wordt uitgebracht, verhoogd met 10% tot een maximum van € 4.000,-.

10.00%

 

Advisering door de Omgevingsdienst West-Holland

 

 

Indien ten behoeve van de beoordeling van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning een integrale milieutoets door de Omgevingsdienst benodigd is wordt het onder 2.3.1.1, respectievelijk onder 2.3.3 als geen bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo in de aanvraag is betrokken, bedoelde tarief verhoogd met

554,85

 

Aanlegactiviteiten

 

2.3.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief

 

2.3.2.1

indien het gaat om een oppervlakte tot en met 100 m²

104,65

2.3.2.2

Indien het gaat om een oppervlakte boven 100 m²

551,55

 

Planologisch strijdig gebruik

 

2.3.3

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, b en c, van de Wabo bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1

 

2.3.3.1

indien het betreft artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo (binnenplanse afwijking)

295,15

2.3.3.2

indien het betreft artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo (buitenplanse afwijking)

532,65

2.3.3.3

indien het betreft artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo (uitgebreide planologische afwijking)

4.899,45

2.3.3.4

vervallen

 

2.3.3.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en indien het betreft artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo (afwijking van provinciale regelgeving)

554,65

2.3.3.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving)

554,65

2.3.3.7

indien het betreft artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo (afwijking van voorbereidingsbesluit)

353,95

2.3.4

Buiten behandeling stellen aanvraag vervallen

 

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

2.3.5.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief

 

2.3.5.1.1

bij een vloeroppervlakte t/m 100 m²

558,45

2.3.5.1.2

bij een vloeroppervlakte van 101 t/m 500m²

712,40

2.3.5.1.3

bij een vloeroppervlakte van 501 t/m 5.000m²

1.016,75

2.3.5.1.4

bij een vloeroppervlakte van 5.001 t/m 50.000m²

1.552,30

2.3.5.1.5

bij een vloeroppervlakte boven 50.000m²

2.993,65

2.3.5.2

Indien de aanvraag betrekking heeft tot het aanbrengen van een beperkte wijziging in een verleende vergunning ten gevolge van een geringe uitbreiding van de inrichting c.q. aanpassing van het aanwezige aantal personen bedraagt het tarief

353,95

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot rijks- en gemeentelijke monumenten of gemeentelijk beschermde dorpsgezichten

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo (Rijksmonument), of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo met betrekking tot een in het gemeentelijke erfgoedregister in de Erfgoedverordening 2016 opgenomen monument, waarvoor een omgevingsvergunning is vereist bedraagt het tarief:

 

2.3.6.1.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument

218,60

2.3.6.1.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht dan wel het in enig opzicht wijzigen

218,60

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten

 

2.3.7.1

In gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, of waarvoor op grond van een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder a, van de Wabo

311,35

2.3.8

Aanleggen of veranderen weg

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief

81,10

2.3.9

Uitweg/inrit

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief

81,10

2.3.10

Kappen

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in de Boswet, een provinciale verordening of de vigerende kapverordening van de gemeente Kaag en Braassem een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief

82,75

2.3.11

Natura 2000-activiteiten

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder a, van het Besluit omgevingsrecht (Natura 2000-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

353,95

2.3.12

Flora- en fauna-activiteiten (bescherming van soorten)

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

353,95

2.3.13

Andere activiteiten

 

2.3.13.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling

 

2.3.13.1.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief

114,80

2.3.13.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of Keur van het hoogheemraadschap aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief

 

2.3.13.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft

244,75

2.3.13.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft

244,75

2.3.14

Beoordeling rapportages

 

2.3.14.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een rapport wordt beoordeeld, voor de beoordeling van dat rapport

244,75

2.3.15

Advies

 

2.3.15.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.15.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.15.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.16

Verklaring van geen bedenkingen

 

2.3.16.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo

 

2.3.16.1.1

indien een bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven

295,25

2.3.17

Vaststellen hogere grenswaarde voor wegverkeerslawaai

 

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een hogere grenswaarde voor wegverkeerslawaai als bedoeld in de artikelen 82,83 en 85 van de Wet geluidhinder.

417,65

 

 

 

Hoofdstuk 4 Teruggaaf

 

2.4.1

In geval van intrekking van de aanvraag van een omgevingsvergunning voordat hierop is beschikt, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

 

2.4.2.a

De teruggaaf bedraagt: indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 4 weken na het verzenden van het bericht van behandeling van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges

50%

2.4.2b

De teruggaaf bedraagt: indien de aanvraag wordt ingetrokken voor het verzenden van het bericht van behandeling van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges waarbij het restantbedrag ten minste € 77,30 is.

75%

2.4.2.1

In afwijking van 2.4.2 bedraagt de teruggaaf van de ophoging van de bouwleges als gevolg van de combinatie van bouwactiviteiten met planologisch strijdig gebruik zoals bedoeld in het onderdeel2.3.3.3 alsmede van de ophoging van de bouwleges op grond van hoofdstuk 8 "Bestemmingswijzigingen" 100% indien de aanvraag binnen een termijn van vier weken na bericht van behandeling wordt ingetrokken.

 

2.4.3

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 4 weken na het verzenden van het bericht van behandeling van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges

25%

2.4.4

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

2.4.5a

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 26 weken na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges

25%

2.4.5b

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning. Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg-, sloop- of gebruiksactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.5, 2.3.6, of 2.3.7 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges

25%

2.4.6

Uitsluiting teruggaaf leges

 

2.4.6.1

Van de ophoging van de bouwleges als gevolg van advisering door externe deskundigen zoals bedoeld in de onderdelen 2.3.1.2, 2.3.1.3, 2.3.1.4, 2.3.16 en 2.3.17 en 2.3.18 wordt geen teruggaaf verleend indien reeds om advisering is gevraagd (geen teruggaaf van de kosten van deskundigenadviezen).

 

2.4.6.2

Van de ophoging van de bouwleges als gevolg van de combinatie van bouwactiviteiten met planologisch strijdig gebruik zoals bedoeld in de onderdelen 2.3.3.1, 2.3.3.2 en 2.3.3.4 tot en met 2.3.3.8 wordt geen teruggaaf verleend zoals bedoeld onder 2.4.3 (geen teruggaaf bij reguliere procedure indien intrekking na vier weken).

 

2.4.6.3

Van de ophoging van de bouwleges als gevolg van de combinatie van bouwactiviteiten met planologisch strijdig gebruik zoals bedoeld in het onderdeel 2.3.3.3 alsmede van de ophoging van de bouwleges op grond van hoofdstuk 8 "Bestemmingswijzigingen" wordt geen teruggaaf verleend als bedoeld in onderdeel 2.4.3, indien intrekking geschiedt na 10 weken na bericht van in behandeling nemen (geen teruggaaf bij uitgebreide procedure, indien intrekking na 10 weken).

 

2.4.6.4

Van de ophoging van de bouwleges als gevolg van de combinatie van bouwactiviteiten met planologisch strijdig gebruik zoals bedoeld in de onderdelen 2.3.3.1 tot en met 2.3.3.8 alsmede van de ophoging van de bouwleges op grond van hoofdstuk 8 "Bestemmingswijzigingen" wordt geen teruggaaf verleend als bedoeld onder 2.4.4 en 2.4.5 (geen teruggaaf bij weigering of intrekking na verlening).

 

 

 

 

Hoofdstuk 5 Legalisatie

 

2.5.1

Onverminderd het bepaalde in hoofdstuk 2wordt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang van de activiteit(en) van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges, verhoogd met

100%

 

 

 

Hoofdstuk 6 Verhoging leges bij niet digitale aanvraag

 

2.6.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk wordt het legesbedrag dat op grond van de activiteiten (exclusief de verhogingen als gevolg van advisering door derden) als bedoeld in de onderdelen 2.3.1. tot en met 2.3.13 in rekening wordt gebracht verhoogd met 10% indien de aanvraag om een omgevingsvergunning niet volledig digitaal via de landelijke voorziening (www.omgevingsloket.nl) is ingediend

 

2.6.2

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 1.1. bedraagt het minimumbedrag

50,00

2.6.3

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 1.1 bedraagt het maximumbedrag l

1.500,00

 

 

 

Hoofdstuk 7 Verlenging termijn omgevingsvergunning

 

2.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlenging van de termijn waarbinnen gestart moet zijn met de in de omgevingsvergunning genoemde bouwactiviteit

68,90

 

 

 

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen

 

2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening

4.899,45

2.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening

4.899,45

2.8.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het uitwerken van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder b, van de Wet ruimtelijke ordening

4.899,45

2.8.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.9 van de Crisis- en herstelwet

4.899,45

2.8.5

Indien een aanvraag als bedoeld in artikel 2.8.1 tezamen met een omgevingsvergunning wordt aangevraagd en ex artikel 3.30 van de Wet op de ruimtelijke ordening wordt gecoördineerd, is voor het in behandeling nemen van deze aanvragen het bedrag dat voortvloeit uit de tarieven van hoofdstuk 3 en hoofdstuk 8 van toepassing met dien verstande dat het legesbedrag dat voortvloeit uit de tarieven van hoofdstuk 3 wordt verminderd met 7,5% met een maximum aan vermindering van € 1.000

 

2.8.6

Indien ten behoeve van de beoordeling van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan een milieutoets door de Omgevingsdienst benodigd is wordt het onder 2.8.1 tot en met 2.8.4 bedoelde tarief verhoogd met

554,85

 

 

 

Hoofdstuk 9 Planschade

 

2.9.1

Het tarief (het recht zoals bedoeld in artikel 6.4 van de Wro) bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om tegemoetkoming in schade zoals bedoeld in artikel 6.1 van de Wro voor evt. terugstorten hiervan zie artikel 6.4, vierde lid, Wro (wettelijk maximum bedrag)

500,00

 

 

 

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

 

2.10.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking

574,60

 

 

 

Hoofdstuk 11 Buiten behandeling stellen aanvraag

 

2.11.1

Indien besloten wordt de aanvraag buiten behandeling te stellen bedraagt het tarief

166,45

2.11.2

Indien besloten wordt de aanvraag als bedoeld in 2.3.8, 2.3.9, 2.3.10 of 2.3.11 buiten behandeling te stellen bedraagt het tarief

36,90

 

 

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder de Europese dienstenrichtlijn

 

Hoofdstuk 1 Horeca

 

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van

 

3.1.2

een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet

266,60

3.1.3

een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet

35,65

3.1.4

een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing op grond van de Drank- en Horecaverordening

35,65

3.1.5

een aanvraag tot wijziging van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a lid 1 aanhef onder A en B Drank en Horecawet (bijschrijven leidinggevende)

35,65

3.1.6

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet (wijziging inrichting)

35,65

 

 

 

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

 

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2:25 eerste lid van de Algemene plaatselijke verordening (evenementenvergunning)

169,95

3.2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een vergunning als bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene plaatselijke verordening (standplaats)

 

 

geldig voor een dag

23,00

 

geldig voor een week

29,85

 

geldig voor en maand

38,00

 

geldig voor een jaar

151,80

 

geldig voor vijf jaar of langer

333,10

 

 

 

Hoofdstuk 3 Andere vergunningen op grond van de algemene plaatselijke verordening (apv) en andere verordeningen en regelingen

 

3.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

 

3.3.2

om een vergunning voor het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg op of aan de weg, als bedoeld in artikel 2:10 van de APV

51,80

3.3.3

om een ontheffing voor geluidhinder in de open lucht, als bedoeld in artikel 4:6 van de APV

51,80

3.3.4

om een ontheffing voor het verbranden van afvalstoffen buiten inrichtingen, of anderszins vuur te stoken, als bedoeld in artikel 5:34 van de APV

51,80

3.3.5

om een ontheffing voor een nachtverblijf buiten een kampeerterrein, als bedoeld in artikel 4:18 van de APV

51,80

 

 

 

Hoofdstuk 4 Prostitutiebedrijven

 

3.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om

 

3.4.1

een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3:4 eerste lid, van de APV

 

3.4.1.1

voor een seksinrichting

616,20

3.4.1.2

voor een escortbedrijf

616,20

Behoort bij raadsbesluit van 16 december 2019