Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Korendijk

verordening naamgeving en nummering (adressen)

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieKorendijk
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingverordening naamgeving en nummering (adressen)
CiteertitelVerordening naamgeving en nummering (adessen)
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpruimtelijke ordening, verkeer en vervoer
Eigen onderwerpruimtelijke ordening en volkshuisvesting

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Verordening vervangt verordening 2003

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Wet Basisregistraties Adressen en Gebouwen, artikel 6
  2. Gemeentewet, artikel 147, 108, 149, 156

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

29-07-2010nieuwe regeling

06-07-2010

Gemeenteblad, 2010, 11

2010/1079

Tekst van de regeling

Intitulé

VERORDENING NAAMGEVING EN NUMMERING (ADRESSEN)

 

 

HOOFDSTUK 1. ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1. In deze verordening (en de daarop berustende bepalingen) wordt verstaan onder: a. Adres: door het college aan een verblijfsobject, een standplaats of een ligplaats toegekende

benaming, bestaande uit een combinatie van de naam van een openbare ruimte, een

nummeraanduiding en de naam van een woonplaats. b. Afgebakend terrein: een terrein met een kunstmatige of natuurlijke afbakening, waarop zich geen

verblijfsobjecten bevinden en dat betreedbaar en afsluitbaar is. c. College: het college van burgemeester en wethouders. d. Convenant: het tussen de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, de

Vereniging van Nederlandse Gemeenten en de Koninklijke TPG Post BV gesloten Kader

Convenant en Nader Convenant inzake postcodes. e. Ligplaats: door het college als zodanig aangewezen plaats in het water, al dan niet aangevuld met

een op de oever aanwezig terrein of een gedeelte daarvan, die is bestemd voor het permanent

afmeren van een voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden geschikt vaartuig. f. Nummeraanduiding door het college als zodanig toegekende aanduiding van een verblijfsobject,

een standplaats, een ligplaats en een afgebakend terrein dat bestaat uit een of meer Arabische

cijfers, al dan niet met toevoeging van een letter- en/of cijfercombinatie.

g.Openbare ruimte: door het college als zodanig aangewezen en van een naam voorziene

buitenruimte die binnen één woonplaats is gelegen. h. Pand: kleinste bij de totstandkoming functioneel en bouwkundig-constructief zelfstandige eenheid

die direct en duurzaam met de aarde is verbonden en betreedbaar en afsluitbaar is. i. Rechthebbende: een ieder die krachtens eigendom of een beperkt zakelijk recht of een persoonlijk

recht zodanig beschikking heeft over een onroerende zaak dat hij naar burgerlijk recht bevoegd is

om in die zaak te handelen zoals in de verordening is voorgeschreven, evenals de beheerder. j. Standplaats: door het college als zodanig aangewezen terrein of een gedeelte daarvan dat is

bestemd voor het permanent plaatsen van een niet direct en duurzaam met de aarde verbonden en

voor woon-, bedrijfsmatige of recreatieve doeleinden geschikte ruimte. k. Uitvoeringsvoorschriften: nadere bepalingen inzake naamgeving en nummering (adressen). l.Verblijfsobject: de kleinste binnen één of meerdere panden gelegen en voor woon-, bedrijfsmatige of

recreatieve doeleinden geschikte eenheid van gebruik die ontsloten wordt via een eigen afsluitbare

toegang vanaf de openbare weg, een erf of een gedeelde verkeersruimte, die onderwerp kan zijn

van goederenrechtelijke rechtshandelingen en in functioneel opzicht zelfstandig is.

m. Wijk- en buurtindeling: een indeling van de gemeente in wijken en buurten conform de eisen die

het CBS aan deze indeling verbindt. n . Woonplaats: door het college als zodanig aangewezen en van een naam voorzien gedeelte van

het grondgebied van de gemeente. o. De Wet: Wet Basisregistraties Adressen en Gebouwen.

HOOFDSTUK 2. NAAMGEVING EN BEGRENZING VAN WOONPLAATSEN, TOEKENNEN VAN NAMEN AAN DE OPENBARE RUIMTE, HET NUMMEREN VAN VERBLIJFSOBJECTEN, LIGPLAATSEN, STANDPLAATSEN EN AFGEBAKENDE TERREINEN

Artikel 2.

1. Het college stelt de grens en de naam van de woonplaats(en) vast en kan desgewenst de

woonplaats(en), al dan niet op basis van bouwblokken, in wijken en buurten verdelen en aanduiden

met namen, zo nodig met letters en nummers.

2. Het college kent per woonplaats namen toe aan delen van de openbare ruimte en zonodig aan

gemeentelijke gebouwen en bouwwerken.

3. Onder vaststellen, verdelen, aanduiden en toekennen, zoals bedoeld in het eerste lid en tweede lid,

wordt tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.

 

Artikel 3.

1. Het college stelt de ligplaatsen en standplaatsen vast.

2. Het college kent binnen het grondgebied van de gemeente nummers toe aan verblijfsobjecten,

ligplaatsen en standplaatsen.

3. Het college bepaalt de afbakening van panden, verblijfsobjecten, standplaatsen en ligplaatsen.

4. De toekenning of afbakening, zoals bedoeld in het tweede en derde lid, kan ook op voor personen

toegankelijke objecten, zijnde niet verblijfsobjecten of op afgebakende terreinen worden toegepast,

indien dat naar oordeel van het college noodzakelijk is.

5. Onder vaststellen, toekennen en bepalen, zoals bedoeld in het eerste tot en met vierde lid, wordt

tevens begrepen het wijzigen en intrekken daarvan.

 

Artikel 4.

1. De door het college toegekende namen, zoals vervat in artikel 2, worden door of in opdracht van de

gemeente blijvend zichtbaar en in voldoende aantallen ter plaatse aangebracht.

2. Aan objecten, zoals aangegeven in artikel 3, waarvoor een nummer is vastgesteld moet dat

nummer op een doeltreffende wijze zijn aangebracht.

3. Het is eenieder die daartoe niet is bevoegd is, verboden namen aan de openbare ruimte en

woonplaatsen, wijken en buurten toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te brengen.

4. Het is een ieder die daartoe niet is bevoegd, verboden aan een pand of verblijfsobject, stand- of

ligplaats of afgebakend terrein nummers toe te kennen door deze op zichtbare wijze aan te

brengen.

HOOFDSTUK 3. PLAATSEN VAN NAAM- EN NUMMERBORDEN

Artikel 5.Gedoogplicht naamborden

1. Indien het college het nodig oordeelt dat borden met een wijk- of buurtaanduiding, borden met

namen van de openbare ruimte, naamverwijsborden, nummerborden, nummerverzamelborden en

andere (verwijs)aanduidingen aan een bouwwerk, gebouw, muur, paal, schutting of een andere

soort terreinafscheiding worden aangebracht, draagt de rechthebbende er zorg voor dat de hier

bedoelde borden vanwege of op verzoek en overeenkomstig de aanwijzingen van het college

worden aangebracht, onderhouden, gewijzigd of verwijderd.

2. Indien het college het noodzakelijk acht om een naambord, waarop de vervallen naam is

doorgehaald, tijdelijk naast het naambord met de nieuwe naam te handhaven zal de rechthebbende

dit toelaten als daaraan door het college een termijn van niet langer dan een jaar is verbonden.

3. De rechthebbende zorgt er voor dat de in het eerste en tweede lid bedoelde borden vanaf de

openbare weg duidelijk leesbaar blijven.

 

Artikel 6. Verplichting tot aanbrengen van nummerborden

1. Tenzij het college anders heeft besloten, zorgt de rechthebbende van een object er voor dat de

nummers, zoals bedoeld in artikel 3, tweede lid, worden aangebracht op een wijze zoals krachtens

artikel 7is bepaald.

2.De rechthebbende draagt er zorg voor dat de in het eerste lid genoemde nummers binnen vier

weken na kennisgeving van het besluit van het college zijn aangebracht.

3. Indien verblijfsobjecten, ligplaatsen, standplaatsen of afgebakend terrein nog niet is voltooid,

wordt het nummer binnen vier weken na voltooiing aangebracht.

4. Indien het college heeft besloten om een nummerbord, waarop het vervallen nummer is

doorgehaald, naast het nummerbord met het nieuwe nummer te handhaven zal de rechthebbende

dit toelaten of daar uitvoering aan geven als daaraan door het college een termijn van niet langer

dan een jaar is verbonden.

5. Het college kan de in het tweede en derde lid genoemde termijn verlengen.

HOOFDSTUK 4. NADERE VOORSCHRIFTEN

Artikel 7.Uitvoeringsvoorschriften

1. Het college kan uitvoeringsvoorschriften vaststellen betreffende het proces en de wijze van: a. naamgeving en van begrenzing van woonplaatsen, wijken, buurten en bouwblokken; b. naamgeving en begrenzing van de openbare ruimte: c. nummering van verblijfsobjecten, ligplaatsen en standplaatsen en afgebakende terreinen: d. opmaak van formulieren, besluiten en verklaringen.

2. De uitvoeringsvoorschriften zijn niet strijdig met het convenant inzake postcodes.

HOOFDSTUK 5. STRAF-, OVERGANGS- EN SLOTBEPALINGEN

Artikel 8. Strafbepaling

1. Overtreding van artikel 4, tweede en derde lid, artikel 5 en artikel 6, eerste tot en met het vierde lid,

wordt gestraft met een geldboete van de eerste categorie.

2. Met het toezicht op de naleving van het bepaalde bij of krachtens deze verordening is belast de

Afdeling Beheer.

 

Artikel 9. Inwerkingtreding

De verordening treedt in werking op de datum van bekendmaking.

 

Artikel 10. Vervallen oude regels

Met de inwerkingtreding van deze verordening, wordt de Verordening naamgeving en nummerring (adressen), vastgesteld d.d. 9 december 2003, ingetrokken.

 

Artikel 11. Overgangsbepaling

1. Namen en nummers die op grond van de in artikel 10 genoemde regels en voorschriften aan

objecten zijn toegekend, blijven na inwerkingtreding van deze verordening bestaan.

2. Het college kan in afwijking van het eerste lid besluiten dat de op grond van de in het eerste lid

genoemde regels en voorschriften aangebrachte namen en nummers binnen een door hen te

bepalen termijn moeten worden vervangen door namen en nummers die voldoen aan de bij of

krachtens deze verordening gestelde voorschriften.

 

Artikel 12. Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening naamgeving en nummering (adressen)’.

 

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van

de raad van Korendijk van 6 juli 2010.

De griffier, De voorzitter,

A. Goslings R.W.J. Melissant-Briene