Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Lingewaard

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Lingewaard houdende regels omtrent bijstand en vergoedingen Verordening ambtelijke bijstand en fractievergoedingen 2006

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieLingewaard
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening van de gemeenteraad van de gemeente Lingewaard houdende regels omtrent bijstand en vergoedingen Verordening ambtelijke bijstand en fractievergoedingen 2006
CiteertitelVerordening ambtelijke bijstand en fractievergoedingen 2006
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt de vigerende Verordening ambtelijke bijstand en fractievergoedingen 2006.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Onbekend

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

18-01-2019nieuwe regeling

25-10-2018

gmb-2019-11694

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Lingewaard houdende regels omtrent bijstand en vergoedingen Verordening ambtelijke bijstand en fractievergoedingen 2006

Paragraaf 1: Ambtelijke bijstand

Artikel 1 Verzoek om bijstand

  • 1.

    Een raadslid dat behoefte heeft aan ambtelijke bijstand, wendt zich daartoe tot de griffier. De ambtelijke bijstand kan bestaan uit:

    • a.

      het verschaffen van feitelijke informatie,

    • b.

      het verlenen van inzage in of afschrift van documenten die openbaar zijn,

    • c.

      het bieden van ondersteuning bij het opstellen van voorstellen, amendementen en moties of

    • d.

      andere bijstand.

  • 2.

    De bijstand wordt door de griffier of een ambtenaar van de griffie verleend.

  • 3.

    De griffier kan de gemeentesecretaris verzoeken één of meer collegeambtenaren aan te wijzen om de bijstand geheel of gedeeltelijk te verlenen. Zij verlenen de bijstand zo spoedig mogelijk.

Artikel 2 Informatie over bijstand

  • 1.

    De gemeentesecretaris informeert het college, de burgemeester of een wethouder over de verlening van bijstand door een collegeambtenaar, tenzij het raadslid verzoekt hierover vertrouwelijkheid te betrachten.

  • 2.

    De collegeambtenaar die vertrouwelijke bijstand heeft verleend, verwijst collegeleden en andere collegeambtenaren, die hem om informatie verzoeken, naar de gemeentesecretaris.

  • 3.

    Collegeleden die informatie wensen omtrent een verzoek om vertrouwelijke bijstand wenden zich tot het raadslid dat om bijstand heeft verzocht.

Artikel 3 Verlenen van bijstand

  • 1.

    Bijstand wordt verleend, tenzij

    • a.

      het verzoek betrekking heeft op informatie of documenten, anders dan bedoeld in artikel 1, eerste lid onder a en b;

    • b.

      niet aannemelijk is dat de bijstand betrekking heeft op de werkzaamheden van de raad;

    • c.

      verlening van de bijstand het openbaar belang kan schaden;

    • d.

      door verlening van de bijstand onevenredig beslag wordt gelegd op de beschikbare ambtelijke capaciteit;

    • e.

      het raadslid onevenredig vaak gebruik maakt van het recht op ambtelijke bijstand.

  • 2.

    Wanneer de griffier van opvatting is dat de bijstand op grond van het eerste lid moet worden geweigerd, overlegt hij met het raadslid om te onderzoeken of een bevredigende oplossing kan worden bereikt.

  • 3.

    Indien de gemeentesecretaris van opvatting is dat een aan hem voorgelegd verzoek om bijstand op grond van het eerste lid moet worden geweigerd, overleggen de gemeentesecretaris en de griffier met het raadslid om te onderzoeken of een bevredigende oplossing kan worden bereikt.

  • 4.

    Indien geen bevredigende oplossing kan worden bereikt als bedoeld in het tweede en derde lid, wordt het verzoek voorgelegd aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk.

Artikel 4 Klachten

  • 1.

    Indien het raadslid niet tevreden is over de kwaliteit van de verleende bijstand, kan hij hierover een klacht indienen bij de griffier. Indien de bijstand is verleend door een collegeambtenaar, informeert de griffier de gemeentesecretaris over de klacht.

  • 2.

    De griffier en, indien de bijstand is verleend door een collegeambtenaar, de gemeentesecretaris overleggen over de klacht met het raadslid. Indien het overleg niet tot een bevredigende oplossing leidt, legt de griffier de klacht voor aan de burgemeester. De burgemeester beslist zo spoedig mogelijk.

Artikel 5 Vervallen

 

Paragraaf 2: Bijdrage in fractieondersteuning

Artikel 6 Hoogte van de bijdrage

  • 1.

    De fracties, zoals bedoeld in artikel 8 van het RvO Lingewaard 2003, ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten voor het functioneren van de fractie.

  • 2.

    Deze bijdrage bestaat uit een vast deel van € 1.050,-- voor elke fractie, alsmede een bedrag van € 725,-- per raadslid dat deel uitmaakt van de fractie.

Artikel 7 Besteding

  • 1.

    Fracties besteden de bijdrage om hun volksvertegenwoordigende, kaderstellende en controlerende rol te versterken.

  • 2.

    De bijdrage mag niet gebruikt worden ter bekostiging van:

    • a.

      uitgaven die in strijd zijn met wettelijke bepalingen en overige regelingen;

    • b.

      betalingen aan politieke partijen, met politieke partijen verbonden instellingen of natuurlijke personen anders dan ter vergoeding van prestaties (diensten of goederen) geleverd ten behoeve van de fractie op basis van een gespecificeerde reële declaratie;

    • c.

      giften;

    • d.

      uitgaven die bestreden moeten worden uit vergoedingen die de leden ingevolge het rechtspositiebesluit raads- en commissieleden toekomen;

    • e.

      opleidingen voor individuele raads- en commissieleden.

Artikel 8 Verstrekking

  • 1.

    De bijdrage voor fractieondersteuning wordt vóór 31 januari van een kalenderjaar als voorschot op dat kalenderjaar verstrekt.

  • 2.

    In een jaar waarin verkiezingen plaatsvinden wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de maand van de verkiezingen. In de maand volgend op die waarin de eerste vergadering van de nieuw gekozen raad plaatsvindt wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden van dat jaar.

Artikel 9 Wijziging

  • 1.

    Indien het zeteltal van een fractie als gevolg van verkiezingen verandert, wijzigt de bijdrage voor fractieondersteuning naar rato van het zeteltal.

  • 2.

    Indien tijdens een zittingsperiode van de gemeenteraad één of meer leden van een fractie zich afsplitsen van die fractie, heeft dit lid of hebben deze leden tot het einde van de betreffende raadsperiode van 4 jaar, geen recht op het vaste deel van de bijdrage per fractie als bedoeld in artikel 6, tweede lid. Aan hen wordt uitsluitend, naar evenredigheid, toegekend de bijdrage als raadslid die hen toekomt op grond van artikel 6 tweede lid; die bijdrage wordt in mindering gebracht op de bijdrage die aan de fractie waarvan de afsplitsing heeft plaatsgevonden is verleend.

  • 3.

    De wijzigingen als bedoeld in dit artikel worden van kracht op de eerste dag van de maand, volgend op die waarin de wijzigingen ter kennis van de griffier zijn gekomen.

Artikel 10 Reservering

  • 1.

    Het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de aan een fractie toekomende bijdrage, wordt door de fractie gereserveerd ter besteding in het volgende jaar.

  • 2.

    De in het eerste lid bedoelde reservering mag in elk jaar niet groter zijn dan 30% van de bijdrage die de fractie in het voorgaande kalenderjaar ingevolge artikel 6 en rekening houdend met de wijzigingen als bedoeld in artikel 9 toekwam.

  • 3.

    De reservering blijft na verkiezingen beschikbaar voor de fractie die onder dezelfde naam terugkeert, danwel voor de fractie die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan kan worden beschouwd.

Artikel 11 Verantwoording en controle

  • 1.

    Elke fractie legt binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar, aan de raad verantwoording af over de besteding van de bijdrage voor fractieondersteuning onder overlegging van een verslag. Uit dit verslag dient in ieder geval duidelijk te worden of de fractiebijdrage op een juiste wijze is besteed.

  • 2.

    Controle van het verslag vindt plaats door de griffier, zijnde de budgethouder met betrekking tot de middelen voor fractieondersteuning. De griffier laat zich hierbij zonodig, in ieder geval indien de daarin opgenomen verantwoording daartoe aanleiding geeft, ondersteunen door een financieel deskundige.

  • 3.

    Indien bij controle blijkt dat de bijdrage in strijd met de geldende regels is besteed, verplicht de fractie wiens fractiebijdrage dit betreft zich tot terugbetaling van het onjuist bestede bedrag.

  • 4.

    De verslagen worden ter kennisname voor de raad bij de griffie ter inzage gelegd.

Paragraaf 3: Slotbepaling

Artikel 12 Inwerkingtreding en aanhalingstitel

  • 1.

    Deze wijzigingsverordening treedt in werking met ingang van de dag na de elektronische bekendmaking.

  • 2.

    De vigerende Verordening ambtelijke bijstand en fractievergoedingen 2006, zoals deze laatstelijk is gewijzigd, vervalt met ingang van de onder het eerste lid genoemde datum.

  • 3.

    Deze verordening kan worden aangehaald als: Verordening ambtelijke bijstand en fractievergoedingen 2006.