Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Maasdriel

Verordening op de heffing en de invordering van standplaatsvergoedingen en marktgelden 2020

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieMaasdriel
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening op de heffing en de invordering van standplaatsvergoedingen en marktgelden 2020
CiteertitelStandplaatsvergoedingen en marktgelden verordening 2020
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 229 van de Gemeentewet

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

21-12-2019Nieuwe regeling

12-12-2019

gmb-2019-312347

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van standplaatsvergoedingen en marktgelden 2020

De raad van de gemeente Maasdriel;

 

gezien het voorstel van het college van 5 november 2019;

 

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onder a en b van de Gemeentewet;

besluit:

 

vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening op de heffing en de invordering van standplaatsvergoedingen en marktgelden 2020

Artikel 1 Voorwerp van de belasting en belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam "marktgelden" wordt een recht geheven voor het innemen van een standplaats op de markt.

  • 2.

    Onder de naam "standplaatsvergoeding" wordt een recht geheven voor het ter beschikking stellen van een standplaats voor commerciële doeleinden, niet zijnde op een markt.

  • 3.

    Onder de naam "energiekostenvergoeding" wordt een recht geheven van standplaatshouders, niet zijnde standplaatshouders op een markt, voor het ter beschikking stellen van een door de gemeente aangebrachte elektriciteitsvoorziening.

Artikel 2 Belastingplicht

Het recht wordt geheven van degene die, ingevolge de Marktverordening of de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), in het bezit is van een vergunning voor het innemen van een marktstandplaats of een standplaats op voor openbare dienst bestemde gemeentebezittingen.

Artikel 3 Maatstaf van heffing en tarief

  • 1.

    De heffingsgrondslag voor de berekening van het marktgeld is de frontbreedte van de standplaats in strekkende meters.

  • 2.

    De in het eerste lid bedoelde frontbreedte wordt naar boven afgerond op hele strekkende meters.

  • 3.

    Het marktgeld bedraagt voor het plaatsen van tenten, kramen, wagens en andere soortgelijke inrichtingen en voor op de grond liggende koopwaar € 1,10 per strekkende meter per dag voor vaste standplaatsen.

  • 4.

    Het marktgeld bedraagt voor het plaatsen van tenten, kramen, wagens en andere soortgelijke inrichtingen en voor op de grond liggende koopwaar € 1,40 per strekkende meter voor dagstandplaatsen en standwerkersplaatsen met een minimum van € 6,10.

  • 5.
    • a.

      De standplaatsvergoeding bedraagt voor het plaatsen van een mobiele verkoopinrichting:

      Aantal dagen per week

      Tarief per dag

      Per jaar

      1

      € 15,50

      € 806,00

      2

      € 12,40

      € 1.289,60

      3

      € 10,80

      € 1.684,80

      4

      € 9,25

      € 1.924,00

      5

      € 7,70

      € 2.002,00

    • b.

      De energiekostenvergoeding bedraagt voor stroomverbruik vanuit een gemeentelijke meterkast:

      Aantal dagen per week

      Tarief per dag

      Per jaar

      1

      € 2,55

      € 132,60

      2

      € 2,55

      € 265,20

      3

      € 2,55

      € 397,80

      4

      € 2,55

      € 530,40

      5

      € 2,55

      € 663,00

Artikel 4 Heffing voor seizoen standplaatsen

In afwijking van artikel 3 lid 5 onder a. en b. wordt voor standplaatsen die minder dan 12 maanden per jaar worden ingenomen 1/12 deel van het jaarbedrag per maand in rekening gebracht.

Artikel 5 Belastingjaar

Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.

Artikel 6 Wijze van heffing

Het recht wordt geheven door een gedagtekende factuur waarop het gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld en de heffing naar tijdsgelang

  • 1.

    De rechten bedoeld in artikel 1 zijn verschuldigd bij het begin van het belastingjaar of zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

  • 2.

    Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt zijn de rechten verschuldigd voor zoveel 52e gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalenderweken overblijven.

Artikel 8 Tijdstip van betaling

De rechten moeten worden betaald op het moment van het uitreiken van de factuur, dan wel, in geval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na de dagtekening van de factuur.

Artikel 9 Kwijtschelding

Bij de invordering van de rechten wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 10 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De “Standplaatsvergoedingen en marktgeldenverordening 2019” van 13 december 2018 wordt ingetrokken met ingang van het in het vierde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich vóór die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3.

    In afwijking van het in de voorgaande leden bepaalde, blijft, indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in het 4e lid genoemde datum van ingang van de heffing, de ingetrokken verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover ter zake daarvan de heffing van de rechten in die periode plaatsvindt.

  • 4.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

  • 5.

    Deze verordening kan worden aangehaald als "Standplaatsvergoedingen en marktgelden verordening 2020".

     

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 12 december 2019.

De gemeenteraad voornoemd,

de griffier

H.P. vanOmmeren

de voorzitter,

H. vanKooten