Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Reusel-De Mierden

Nadere regels persoonsgebonden budget Jeugdhulp 2018

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieReusel-De Mierden
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingNadere regels persoonsgebonden budget Jeugdhulp 2018
Citeertitel
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn
Eigen onderwerpSociale zekerheid
Externe bijlagebijlagen bij Nadere regels PGB Jeugdhulp 2018

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze nadere regels vervangen de Nadere regels persoonsgebonden budget Jeugdhulp 2016.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 8 van de Regeling Jeugdwet

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

27-04-201817-05-2017Nieuwe regeling

09-01-2018

gmb-2018-85582

B&W 17-454

Tekst van de regeling

Intitulé

Nadere regels persoonsgebonden budget Jeugdhulp 2018

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Reusel-De Mierden;

gelet op artikel 8 van de Jeugdwet en de Verordening Jeugdhulp 2015, in het bijzonder artikel 8 lid 4;

besluit vast te stellen de:

 

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze nadere regels worden de volgende begrippen gehanteerd:

  • BIG: beroepen in de individuele gezondheidzorg;

  • Gebruikelijke zorg: zie bijlage 2 voor wat verstaan wordt onder gebruikelijke zorg;

  • Nadere regels: Nadere regels persoonsgebonden budget Jeugdhulp 2018;

  • Per Saldo: organisatie die de belangen behartigt van mensen met een persoonsgebonden budget en op verzoek advies uitbrengt;

  • PersoonsGebonden Budget (pgb): een geldbedrag waarmee de cliënt zelf zorg, begeleiding, hulp en voorzieningen kan inkopen;

  • SVB: Sociale Verzekeringsbank;

  • Verordening Jeugdhulp: de Verordening Jeugdhulp 2015;

  • Wet: de Jeugdwet;

  • Woonplaatsbeginsel: zie bijlage 3 voor wat verstaan wordt onder woonplaatsbeginsel;

  • Zorg in natura (zin): zorg, begeleiding, hulp of voorzieningen aangeboden via een instelling of leverancier die een contract heeft met de gemeente.

 

Artikel 2 De aanvraag voor een persoonsgebonden budget en gespreksprocedure

  • 1.

    De aanvraag voor een persoonsgebonden budget bestaat uit het ondersteuningsplan of een familiegroepsplan en een budgetplan.

  • 2.

    Het college bepaalt in het gesprek met de jeugdige en/of zijn ouders de wenselijkheid van toekenning van een individuele voorziening in de vorm van een persoonsgebonden budget, mede op basis van het door de aanvrager in te dienen budgetplan, dat deel uitmaakt van het ondersteuningsplan of familiegroepsplan.

  • 3.

    Voor het opstellen van het onder lid 1 bedoelde ondersteuningsplan en budgetplan wordt een door het college beschikbaar gesteld format gebruikt.

 

Artikel 3 Afweging geschiktheid / bekwaamheid persoonsgebonden budgethouder

  • 1.

    De aanvrager moet naar het oordeel van het college in staat zijn de aan een budget verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. Hiervoor gelden de volgende criteria:

  • de aanvrager zelfstandig een redelijke waardering kan maken van zijn belangen ten aanzien van de zorgvraag;

  • de aanvrager die aan de pgb verbonden taken op verantwoorde wijze kan uitvoeren. Bij deze taken kan gedacht worden aan het kiezen van een zorgverlener die in de zorgvraag voldoet, sollicitatiegesprekken voeren, het aangaan van een contract, het in de praktijk aansturen van de zorgverlener, bewaken van de kwaliteit van de geleverde zorg en het bijhouden van een juiste administratie;

  • de aanvrager goed op de hoogte is van zijn rechten en plichten die horen bij het beheer van een pgb;

  • de aanvrager de werkgeversplichten kan uitvoeren wanneer er sprake is van een ondersteuning of jeugdhulp bij vier dagen of meer. Denk hierbij onder meer aan het overeenkomen van een redelijk uurloon, het doorbetalen van loon bij ziekte en het hanteren van een redelijke opzegtermijn;

  • de aanvrager samen met de professional van het Lokaal Ondersteuningsteam of het Kempenteam voor Jeugdhulp (CJG+ de Kempen) een pgb-plan heeft opgesteld, waar in staat hoe de aanvrager het pgb wil gaan besteden. Daarin wordt minimaal aangegeven wat de zorgvraag is, welke doel bereikt moet worden en de wijze waarop deze doelen behaalt worden, de kwaliteit van zorg (op basis van de kwaliteitseisen), de duur van de ondersteuning en de soort ondersteuning (zie ook kader).

  • 2.

    Het vereiste pgb-plan bevat de volgende onderdelen:

  • wat is de ondersteuningsvraag & hoe is deze vraag ontstaan?;

  • waarom is een pgb gewenst?;

  • bij welke ondersteuning is de aanvrager gebaat? + hoe draagt deze ondersteuning bij aan zijn/haar zelfredzaamheid?;

  • bij wie en hoe zal de aanvrager zijn ondersteuning inkopen? (selectie zorgaanbieder, aangaan contract, aansturen zorgaanbieder, bijhouden administratie);

  • resultaat- en kwaliteitsafspraken die gemaakt worden met aanbieder: randvoorwaarden in de uitvoer + wijze van verantwoording;

  • de verwachte omvang en duur van de ondersteuning;

  • een begroting van de verwachte kosten;

  • afspraken over evaluatiemomenten.

  • 3.

    In het geval de cliënt zelf niet beschikt over de benodigde vaardigheden om de regie te voeren over het pgb, kan in een aantal situaties toch een pgb verstrekt worden met de hulp van iemand uit het eigen netwerk of een wettelijk vertegenwoordiger. Deze persoon zal in dat geval ook bij de inhoudelijke gesprekken aanwezig moeten zijn. Daarbij gelden dezelfde afwegingscriteria als bij de beoordeling van de aanvrager.

 

Artikel 4 Toekenning persoonsgebonden budget

Het college kan pgb weigeren wanneer:

  • 1.

    Een overige of andere voorziening aanwezig is en toereikend wordt geacht voor de ondersteuningsvraag. Het college verstrekt een persoonsgebonden budget alleen ten aanzien van individuele voorzieningen, wanneer dit de enige mogelijkheid blijkt te zijn op grond van het gezinsplan. Er is in dat geval geen vorm van passende zorg in natura voorhanden én de keuze voor pgb wordt gemotiveerd onderbouwd door de aanvrager.

  • 2.

    De aanvrager zich niet conformeert aan het gezinsplan.

  • 3.

    Blijkt dat de aanvrager onjuiste of onvolledige gegevens heeft versterkt en de verstrekking van juiste of onvolledige gegevens tot een andere beslissing zou hebben geleid.

  • 4.

    Het pgb is bedoeld voor begeleiding- of administratiekosten in verband met het persoonsgebonden budget.

  • 5.

    De aanvrager niet voldoet aan de aan pgb verbonden voorwaarden. De voorwaarden zijn:

  • de aanvrager moet naar oordeel van het college op eigen kracht voldoende in staat zijn de aan pgb verbonden taken op verantwoorde wijze uit te voeren. Dat mag ook met hulp uit zijn sociale netwerk of van een curator, bewindvoerder, mentor of gemachtigde.

  • een aanvrager moet motiveren dat het door de gemeente gecontracteerde aanbod van maatwerk- of individuele voorzieningen niet passend is in zijn specifieke situaties. Bijvoorbeeld de ondersteuning is vooraf niet goed te plannen, vindt 24/7 op afroep plaats, moet aansluiten op levensovertuiging, verschillende locaties, etc.

  • naar oordeel van het college is gewaarborgd dat de ondersteuning van goede kwaliteit is. De belangrijkste eisen daarbij zijn dat de zorg veilig, doeltreffend en cliëntgericht geleverd wordt.

  • 6.

    De aanvrager het pgb niet of voor een ander doel gebruikt.

  • 7.

    De aanvrager zich in het verleden niet aan de voorwaarden voor een pgb heeft gehouden.

 

Artikel 5 Kwaliteit zorg pgb door professionals

  • 1.

    Een pgb wordt verstrekt als naar oordeel van het college is gewaarborgd dat de ondersteuning van goede kwaliteit is. Het college toetst vooraf of de kwaliteit van de voorzieningen die de aanvrager van het budget wil betrekken voldoende is gegarandeerd, door middel van het pgb- en gezinsplan. De belangrijkste eisen zijn dat de zorg veilig, doeltreffend en cliëntgericht geleverd wordt.

  • 2.

    Voor aanbieders van professionele jeugdhulp gelden in de Jeugdwet de onderstaande specifieke kwaliteitseisen. Deze gelden ook als de zorg via een pgb geleverd wordt door professionals.

  • de jeugdhulpaanbieder verleent verantwoorde hulp, waaronder wordt verstaan hulp van goed niveau, die in ieder geval veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht wordt verleend en die is afgestemd op de reële behoefte van de jeugdige of ouder. De jeugdhulpaanbieder organiseert zich op zodanige wijze, voorziet zich kwalitatief en kwantitatief zodanig van personeel en materieel en dragen zorg voor een zodanige verantwoordelijkheidstoedeling, dat één en ander leidt of redelijkerwijs moet leiden tot verantwoorde hulp. De hulpverlener neemt bij zijn werkzaamheden de zorg van een goede hulpverlener in acht en handelt daarbij in overeenstemming met de op hem rustende verantwoordelijkheid, voortvloeiende uit de voor die hulpverlener geldende professionele standaard;

  • de jeugdhulpaanbieder is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiële en strafvorderlijke gegevens van personen die in hun opdracht beroepsmatig of niet incidenteel als vrijwilliger in contact kunnen komen met jeugdigen of ouders aan wie de jeugdhulpaanbieder jeugdhulp verleent. Een verklaring is niet eerder afgegeven dan drie maanden voor het tijdstip waarop betrokkene gaat werken voor de aanvrager;

  • de kwaliteit van de voorziening moet voldoende zijn om de gestelde doelen in het gezinsplan te kunnen realiseren. De geleverde voorziening wordt afgestemd met de persoonlijke situatie van de aanvrager en eventuele andere vormen van hulp/zorg in het gezin;

  • systematische bewaking, beheersing en verbetering van kwaliteit van de hulpverlening;

  • de jeugdhulpaanbieder stellen een meldcode vast waarin stapsgewijs wordt aangegeven hoe wordt omgegaan met signalen van huiselijk geweld of kindermishandeling;

  • de jeugdhulpaanbieder doet melding van iedere calamiteit of geweld die bij de verlening van jeugdhulp of bij de uitvoering ervan plaatsvindt;

  • de jeugdhulpaanbieder stelt een vertrouwenspersoon in de gelegenheid zijn taak uit te oefenen (artikel 4.1.7 en 4.1.8 Jeugdwet);

  • de jeugdhulpaanbieder handelt volgens een privacy protocol conform artikel 13 van de verordening jeugdhulp.

 

Artikel 6 Hoogte pgb voor professionals

  • 1.

    Het tarief voor een pgb:

  • is gebaseerd op een mede door de jeugdige of zijn ouders opgesteld pgb-plan over hoe zij het pgb gaan besteden en op welke wijze het pgb gaat bijdragen aan de in het gezinsplan geformuleerde doelen.

  • is toereikend om effectieve en kwalitatief goede zorg in te kopen. De tarieven voor het pgb dienen in ieder geval een situatie te realiseren waarbij de aanvrager in staat wordt gesteld de jeugdhulp die tot de individuele voorziening behoort ook echt te kunnen inkopen.

  • 2.

    Het college hanteert het standpunt dat het pgb aan de inkoop van zorg en ondersteuning dient te worden besteed. Dit betekent dat kosten als gevolg van administratie, bemiddeling, eenmalige uitkering, coördinatie, feestdagenuitkering, reiskosten en verantwoordingsvrij bedrag niet ten lasten mogen worden gelegd van het pgb-budget.

  • 3.

    Als een aanvrager met het pgb een voorziening wil bekostigen die duurder is dan de natura voorziening, dan mag het pgb niet op voorhand geweigerd worden. Indien het tarief van de door de aanvrager gewenste aanbieders hoger is, blijft de hoogte van het pgb gelijk aan het tarief dat is bepaald op basis van hierboven genoemde punten. De extra kosten om de jeugdhulp uit het pgb te contracteren, worden betaald door de aanvrager.

 

Artikel 7 Beperkingsgronden pgb sociaal netwerk

  • 1.

    Het pgb kan worden ingezet om niet-professionele zorgverleners mee te betalen. Dit kan bijvoorbeeld iemand zijn uit het sociale netwerk van de aanvrager. Tot het sociale netwerk worden personen gerekend uit de huiselijke kring en andere personen met wie iemand een sociale relatie onderhoudt. Bij deze laatste groep kan gedacht worden aan familieleden die niet in hetzelfde huis wonen, buren, vrienden, kennissen, etc. Het uitgangspunt hierbij is dat het pgb voor niet-professionele zorgverleners beperkt dient te blijven tot die gevallen waarin dit aantoonbaar tot betere en effectievere ondersteuning leidt en doelmatiger is dan de inzet van een voorziening zorg in natura of een voorziening middels pgb door een professional.

  • 2.

    Zorg die geleverd wordt door iemand uit het sociale netwerk mag alleen uit een pgb betaald worden wanneer het gaat om de volgende zorgcategorieën:

  • persoonlijke verzorging

  • kortdurend verblijf

  • begeleiding.

  • 3.

    Een ouder mag gelijktijdig zorgverlener en gemachtigd zijn als pgb-houder ten behoeve van diens kind.

  • 4.

    Het is niet toegestaan dat het pgb ingezet wordt om mantelzorgers te betalen voor de ondersteuningsvraag die ze eerder onbetaald konden en wilden verrichtten (een vorm van oneigenlijk gebruik van het pgb).

 

Artikel 8 Vereisten pgb sociaal netwerk

  • 1.

    De persoon aan wie een pgb wordt verstrekt, kan de jeugdhulp onder de volgende voorwaarden betrekken van een persoon die behoort tot het sociale netwerk:

  • als de dienst zorg omvat waarvoor krachtens landelijk geldende kwaliteitscriteria een minimale opleiding vereist is, beschikt de zorgverlener over de desbetreffende kwalificatie;

  • dat de zorgverlener een lager tarief krijgt betaald voor zijn diensten dan het vastgestelde tarief voor een professional;

  • dat de zorgverlener heeft aangegeven dat de zorg aan de belanghebbende voor hem niet tot overbelasting leidt;

  • dat tussenpersonen of belangbehartigers niet uit het pgb mogen worden betaald .

  • 2.

    Voor gezinsleden binnen hetzelfde huishouden als de aanvrager maakt de gemeente gebruik van de bepalingen rond gebruikelijke zorg die zijn vastgelegd in het protocol ‘Gebruikelijke zorg van het CIZ’. In bijlage 2 worden de belangrijkste elementen uit dit protocol in relatie tot het pgb jeugdhulp uitgelicht. Wanneer de ondersteuningsvraag getypeerd kan worden als gebruikelijke zorg, wordt geen pgb versterkt. Gebruikelijke zorg wordt omschreven worden als “de normale, dagelijkse zorg die partners, ouders, inwonende kinderen of andere huisgenoten geacht worden elkaar onderling te bieden”.

  • 3.

    Voor de inzet van mensen uit het sociale netwerk voor ondersteuning zijn de volgende kwaliteitseisen van toepassing.

  • de persoon verleent verantwoorde hulp, waaronder wordt verstaan hulp van goed niveau, die in ieder geval veilig, doeltreffend, doelmatig en cliëntgericht wordt verleend en die is afgestemd op de reële behoefte van de jeugdige of ouder;

  • de persoon is in het bezit van een verklaring omtrent het gedrag als bedoeld in artikel 28 van de Wet justitiele en strafvorderlijke gegevens van personen die in hun opdracht beroepsmatig of niet incidenteel als vrijwilliger in contact kunnen komen met jeugdigen of ouders aan wie de jeugdhulpaanbieder jeugdhulp verleent. Een verklaring is niet eerder afgegeven dan drie maanden voor het tijdstip waarop betrokkene is gaan werken voor de aanvrager;

  • de kwaliteit van de voorziening moet voldoende zijn om de gestelde doelen in het gezinsplan te kunnen realiseren. De geleverde voorziening wordt afgestemd met de persoonlijke situatie van de aanvrager en eventuele andere vormen van hulp/zorg in het gezin;

  • de persoon doet melding van iedere calamiteit of geweld die bij de verlening van jeugdhulp of bij de uitvoering ervan plaatsvindt;

  • de persoon stelt een vertrouwenspersoon in de gelegenheid zijn taak uit te oefenen.

 

Artikel 9 Woonplaatsbeginsel

De aanvrager moet woonachtig zijn in de gemeente. Alleen als de aanvrager binnen de gemeentegrenzen woont, kan een voorziening worden toegekend. Daarbij wordt gehandeld conform de factsheet woonplaats beginsel, zie bijlage 2.

 

Slotbepalingen

 

Artikel 10 Hardheidsclausule

Het college kan in bijzondere gevallen ten gunste van de jeugdige of zijn ouders/wettelijk

vertegenwoordiger(s) afwijken van deze nadere regels indien toepassing van deze regels gevolgen zou

hebben die onevenredig zijn in verhouding tot de met de nadere regels te dienen doelen. Bij bijzondere

omstandigheden gaat het om omstandigheden die niet al in de nadere regels zijn verdisconteerd en waarin

de strikte navolging van de nadere regels zou leiden tot een niet beoogde uitkomst.

 

Artikel 11 Citeertitel

Deze nadere regels worden aangehaald als: Nadere regels persoonsgebonden budget Jeugdhulp 2018.

 

Artikel 12 Inwerkingtreding

Deze nadere regels treden in werking op de dag na bekendmaking en werken terug tot 17 mei 2017.

 

Aldus besloten in de vergadering van 9 januari 2018.

Burgemeester en wethouders van Reusel-De Mierden,

de secretaris, de burgemeester (wnd.),

dhr. M.H.F. Knaapen mw. J. Eugster