Subsidieregeling Onderhoud/restauratie gemeentelijke monumenten

Geldend van 22-08-1995 t/m heden

Intitulé

SUBSIDIEREGELING ONDERHOUD/RESTAURATIE GEMEENTELIJKE MONUMENTEN.

De raad van de gemeente Rhenen, gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders, d.d. 29 juni 1995;

gelet op artikel 149 van de Gemeentewet en artikel 41 van de Wet op de Stads-en dorpsvernieuwing;

besluit:

vast te stellen de SUBSIDIEREGELING ONDERHOUD/RESTAURATIE GEMEENTELIJKE MONUMENTEN.

Artikel 1. Algemene bepalingen Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

  • 1. onderhoud: werkzaamheden noodzakelijk om een gemeentelijk monument (object) in goede staat te brengen en in staat te houden en/of om toekomstig groot onderhoud en kostbare restauraties te voorkomen of te verminderen. Het betreft onderhoud het normale onderhoud te boven gaand.

  • 2. restauratiewerkzaamheden: die werkzaamheden aan het gemeentelijk monument (object) het normale onderhoud te boven gaand. die voor de instandhouding ervan noodzakelijk zijn.

  • 3. objecten: objecten welke voorkomen op de gemeentelijke lijst welke is gebaseerd op de Monumentenverordening 1994 van de gemeente Rhenen.

  • 4. monumentencommissie: de door de raad ingestelde commissie of aangewezen instantie, met als taak burgemeester en wethouders op verzoek of uit eigener beweging te adviseren over de toepassing van de Monumentenverordening 1994 en deze regeling.

  • 5. budget: het bedrag dat door de raad van de gemeente Rhenen jaarlijks wordt vastgesteld voor de subsidiëring van de objecten voorkomende op de monumentenlijst van de gemeente Rhenen.

  • 6. eigenaar: degene die in de kadastrale registers als eigenaar dan wel als erfpachter of opstalhouder van een object is ingeschreven.

  • 7. subsidiabele restauratiekosten: de kosten die door burgemeester en wethouders op een ingediende gespecificeerde begroting worden aangemerkt als kosten die voortvloeien uit:

    • a.

      het treffen van voorzieningen tot opheffing van bouwtechnische gebreken het normale onderhoud te boven gaand, van in slechte of matige bouwtechnische staat verkerende objecten;

    • b.

      het treffen van andere voorzieningen waarvan de uitvoering in verband met de architectuur-historische waarde van het object door burgemeester en wethouders noodzakelijk worden geacht, mits die voorzieningen gelijktijdig met de onder a bedoelde voorzieningen worden uitgevoerd.

Artikel 2. Gemeentelijke subsidie

  • 1. Ten behoeve van het onderhoud van objecten kunnen burgemeester en wethouder, gehoord de monumentencommissie, subsidie verlenen.

  • 2. Burgemeester en wethouders maken voor 1 januari van elk kalenderjaar bekend welk bedrag de gemeenteraad beschikbaar heeft gesteld ten behoeve van restauratie aan objecten.

Artikel 3. Aanvragen van subsidie

  • 1. Een aanvraag om subsidie, als bedoeld in artikel 2, voor enig jaar dient voor 31 oktober van het voorafgaande jaar schriftelijk te worden ingediend bij burgemeester en wethouders.

  • 2. Burgemeester en wethouders kunnen nadere eisen stellen omtrent het indienen van een aanvraag om subsidie.

Artikel 4. Subsidieberekening

  • 1. Het gemeentelijke subsidie bedraagt maximaal 25 % van de werkelijk gemaakte, door burgemeester en wethouders aanvaardbaar geachte, kosten van onderhoud enlof restauratie, tot een maximumbedrag van f 5.000,--per object per jaar.

  • 2. Onder de kosten van onderhoud en/of restauratie worden begrepen:

    • a.

      de aanneemsom;

    • b.

      eventueel noodzakelijk meerwerk;

    • c.

      risicoverrekening van loon- en materiaalprijsstijgingen;

    • d.

      honorarium adviseur/deskundige.

Artikel 5. Weigeren van subsidie

Geen subsidie ingevolge deze regeling wordt toegekend:

  • a.

    voor objecten die niet zijn opgenomen op de gemeentelijke lijst;

  • b.

    in gevallen van brand- en/of stormschade, voor zover de schade in de kosten van onderhoud door een verzekeringsuitkering wordt gedekt of redelijkerwijs gedekt had kunnen worden;

  • c.

    ingeval van onderhoud en/of restauratie wanneer voor beslissing van burgemeester en wethouders op een subsidieaanvraag met de werkzaamheden is begonnen;

  • d.

    ingeval het gemeentebestuur op voet van een andere regeling subsidie heeft verleend, dan wel door het (ijk en/of provincie subsidie wordt verleend ten behoeve van het betreffende object;

  • e.

    indien het voor het betreffende jaar vastgestelde budget ontoereikend is;

  • f.

    indien met het treffen van de voorzieningen het herstel van de beschermde gemeentelijke monumenten niet of in onvoldoende mate wordt gediend.

Artikel 6. Te subsidiëren onderhoud en restauratie

Subsidie kan worden toegekend in de volgende onderhouds- en restauratiekosten:

  • a.

    herstel en vernieuwen van rieten daken (met herstel van leilatten en beperkt herstel van sporen);

  • b.

    herstel van dakvlakken gedekt met pannen, leien (met herstel van leilatten en beperkt herstel van sporen), lood, zink of koper;

  • c.

    herstel van goten (in zink, koper of lood) inclusief bijbehorende hemelwaterafvoeren; het aanbrengen van goten waar deze niet eerder aanwezig waren;

  • d.

    herstel van buitenkozijnen, buitendeuren, raampartijen, luiken, stoepen, roedenverdeling, lijstwerk:

  • e.

    herstel van windveren, schoorstenen, kapellen, hoek- en kilkeperlood:

  • f.

    herstel van dak-/torenluiken, loopbruggen, het luiken afgrazen van torens:

  • g.

    inboeten, beperkt herstel muurwerk en opnieuw voegen of pleisteren van gevels;

  • h.

    natuursteen; beperkt vervangen of inboeten;

  • i.

    behandeling van muur- en houtwerk ter regulering van de vochthuishouding dan wel ter bestrijding van zwamaantasting of houtaantasters;

  • j.

    herstel van bliksembeveiligingsinstallaties;

  • k.

    buitenschilderwerk en binnenschilderwerk wat betreft ramen, buitendeuren en gevels het normaal schilderwerk te boven gaand;

  • l.

    herstel van dragende constructies (ankerbalkgebinten, schoren en platen, balkkoppen, spantbenen);

  • m.

    uitwendig herstel van diverse bijgebouwen, zoals hooibergen, schuren bakhuisjes, pompen, hekken, bruggen, koetshuizen, oranjerieën, theekoepels, voor zover opgenomen in reden gevende beschrijving;

  • n.

    herstel van glas-in-Iood beglazing;

  • o.

    vervanging en herstel van overige bouwelementen met waarde van grote zeldzaamheid of historische waarde;

  • p.

    vervanging en herstel van tuin-, hof- en erfelementen en meubilair, zowel van het exterieur als het interieur, paden, vijvers, banken, beelden en zonnewijzers;

  • q.

    overige werkzaamheden, voor zover burgemeester en wethouders die noodzakelijk achten.

Artikel 7. Subsidietoekenning

  • a. Het subsidie, bedoeld in de artikelen 2 en 6, kan uitsluitend worden toegekend aan de eigenaar die krachtens enig zakelijk recht het genot heeft van een object.

  • b. Burgemeester en wethouders kunnen met betrekking tot de instandhouding van het betreffende object aan een subsidietoekenning zodanige voorwaarden verbinden, dat een juiste besteding van de gemeentelijke gelden wordt bevorderd, conform de doelstellingen van de Monumentenverordening 1994.

Artikel 8. Beslissing

  • a. Burgemeester en wethouders geven, gehoord de monumentencommissie, een beschikking op de aanvraag binnen 16 weken na ontvangst van de aanvraag.

  • b. Indien burgemeester en wethouders niet voldoen aan het eerste lid wordt de subsidie geacht te zijn geweigerd.

Artikel 9. De vaststelling van subsidie

  • a. De definitieve vaststelling van het subsidiebedrag vindt plaats door burgemeester en wethouders na goedkeuring van na beëindiging van het werk in te dienen gespecificeerde betalingsbewijzen.

  • b. Om voor uitbetaling van subsidie in aanmerking te komen, moeten de werkzaamheden uiterlijk 52 weken na het geven van de beschikking, als bedoeld in artikel 8, gereed gemeld zijn.

  • c. Het vastgestelde subsidie zal worden uitbetaald aan de eigenaar die krachtens enig zakelijk recht het genot heeft van het object.

Artikel 10. Toegang tot het werk

De eigenaar is verplicht er voor zorg te dragen dat aan medewerkers van bouw- en woningtoezicht, op verzoek vergezeld van leden van de monumentencommissie, toegang tot het werk en de werkplaatsen wordt verleend en is verplicht inzage te verstrekken in alle op het werk betrekking hebbende stukken.

Artikel 11. Onderhoudsinspanning

De eigenaar is verplicht het betreffende object in goede staat van onderhoud te houden.

Artikel 12. Sanctiebepalingen

Bij niet of niet behoorlijke nakoming van de bij of krachtens deze verordening gestelde voorwaarden en gegeven aanwijzingen kunnen burgemeester en wethouders besluiten tot gehele of gedeeltelijke intrekking van de beschikking tot toekenning van de subsidie en tot terugvordering van het subsidie.

Artikel 13. Overgangsbepaling

In de gevallen waarin deze verordening niet voorziet, kunnen burgemeester en wethouders een voorlopige voorziening treffen. Zij doen hiervan mededeling in de eerstvolgende vergadering van de monumentencommissie.

Artikel 14. Slotbepaling

  • 1.

    Deze verordening kan worden aangehaald als SUBSIDIEREGELING ONDERHOUD/RESTAURATIE GEMEENTELIJKE MONUMENTEN IN RHENEN.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking zes weken na afkondiging

Vastgesteld in de openbare vergadering van 11 juli 1995, nummer 4.2

De secretaris

de voorzitter

J.F. Goedegebure

H.S. Top