Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Schagen

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Schagen houdende regels omtrent de heffing en invordering van leges (Verordening leges 2020)

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieSchagen
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening van de gemeenteraad van de gemeente Schagen houdende regels omtrent de heffing en invordering van leges (Verordening leges 2020)
CiteertitelVerordening leges 2020
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

Deze regeling vervangt de Verordening leges 2019.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 156, tweede lid, van de Gemeentewet
  2. artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet
  3. artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet
  4. artikel 7 van de Paspoortwet
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

04-12-2019nieuwe regeling

05-11-2019

gmb-2019-291165

Registratienr. 19.042250 Raadsbesluit *19.042250*

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Schagen houdende regels omtrent de heffing en invordering van leges (Verordening leges 2020)

De raad van de gemeente Schagen,

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 1 oktober 2019, nr. ;

 

gelet op het bepaalde in de artikelen 156, tweede lid aanhef en onderdeel h, en artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b van de Gemeentewet en artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

 

besluit:

 

vast te stellen de:

Verordening op de heffing en invordering leges 2020

Artikel 1 Definities

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    week: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    maand: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is;

  • d.

    jaar: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • e.

    kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december;

  • f.

    commercieel evenement/activiteit: een evenement/activiteit dat/die:

    • -

      een individueel, persoonlijk of groepswinstoogmerk heeft: of

    • -

      bedrijfsmatig van aard is; of

    • -

      mede door commerciële bedrijven wordt ontplooid;

  • g.

    niet-commerciële evenement/activiteit: een evenement/activiteit dat/die:

    • -

      geen individueel, persoonlijk of groepswinstoogmerk hebben: en

    • -

      niet bedrijfsmatig van aard is: en

    • -

      worden ook niet door commerciële bedrijven (mede) ontplooid: en

    • -

      een beoogde doelstelling van sociale, pedagogische, sportieve, charitatieve of culturele aard: en

    • -

      georganiseerd door stichtingen en verenigingen, waarvan de inkomsten worden aangewend om de continuïteit van de eigen activiteiten te waarborgen of worden ingezet voor een goed doel.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam “leges” worden rechten geheven voor:

  • a.

    het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

  • b.

    het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens een exploitatieplan zoals bedoeld in de Wet ruimtelijk ordening zijn of worden verhaald;

  • b.

    het in behandeling nemen van een aanvraag van verklaringen omtrent inkomen en vermogen;

  • c.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot het toekennen van een uitkering, bijdrage ofwel subsidie;

  • d.

    het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een op de Algemene plaatselijke verordening Schagen gebaseerde vergunning voor een niet-commercieel evenement/activiteit;

  • e.

    diensten waarvan de kosten krachten een anterieure overeenkomst zijn of worden verhaald.

Artikel 5 Maatstaven van heffing en belastingtarief

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingplichtige bekendgemaakt.

Artikel 7 Termijn van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 28 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

  • 1.

    Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

  • 2.

    Voor de toepassing van artikel 28, vierde lid, van de Invorderingswet 1990 wordt de teruggaaf van leges, bedoeld in het eerste lid, aangemerkt als een vermindering van de belastingaanslag.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening in de loop van het kalenderjaar, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een tariefsverlaging betreffen;

  • c.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in de loop van dat kalenderjaar in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1)

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 2)

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 3)

      hoofdstuk 9, onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 4)

      hoofdstuk 16 (kansspelen);

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 11 Overgangsrecht

De “Verordening leges 2019” van 18 december 2018 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 12 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

Artikel 13 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening leges 2020”.

 

Aldus besloten in de vergadering van: 5 november 2019.

De raad van de gemeente Schagen,

griffier

De heer G.E.P. Meijer

voorzitter

Mevrouw M.J.P. van Kampen-Nouwen

Bijlage 1: Tarieventabel, behorende bij legesverordening

Inhoudsopgave

 

Titel 1 Algemene Dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens n.v.t

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken n.v.t.

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet n.v.t.

Hoofdstuk 12 Leegstandswet

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie n.v.t.

Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen (voor weekmarkten e.d.)

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

Hoofdstuk 16 Kansspelen

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer

Hoofdstuk 19 Diversen

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

Hoofdstuk 4 Vermindering

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

Hoofdstuk 9 Gedoogbeschikking

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1 Horeca

Hoofdstuk 2 Organiseren markten en overige APV beschikking

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte n.v.t.

Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening n.v.t

Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

Titel 1 Algemene Dienstverlening

Artikel

Omschrijving

Vast tarief

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

1.1.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap op:

 

1.1.1.1

maandag tot en met vrijdag in het gemeentehuis tussen 09.00 en 17.00 uur

 

1.1.1.1.1

voor een sobere voltrekking (zonder speech, in een spreekkamer met beperkt aantal aanwezigen)

€ 93,95

1.1.1.1.2

voor een reguliere voltrekking (met speech)

€ 376,25

1.1.1.2

maandag tot en met vrijdag in het gemeentehuis vanaf 17.00 uur en later

€ 711,50

1.1.1.3

zaterdag, zondag en algemeen erkende feestdagen in het gemeentehuis

€ 711,50

1.1.1.4

maandag tot en met vrijdag in een andere locatie dan het gemeentehuis tussen 09.00 en 17.00 uur

€ 267,35

1.1.1.5

maandag tot en met vrijdag in een andere locatie dan het gemeentehuis vanaf 17.00 uur en later

€ 288,10

1.1.1.6

zaterdag, zondag en algemeen erkende feestdagen in een andere locatie dan het gemeentehuis

€ 288,10

1.1.1.7

maandag om 09.00 en 10.00 uur (zonder toespraak)

 

1.1.2

De tarieven genoemd onder 1.1.1.1 t/m 1.1.1.7 zijn overeenkomstig van toepassing terzake van het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk

 

1.1.2.1

aan de balie (administratieve handeling) 

€ 23,45

1.1.2.2

met ceremonie: zijn de tarieven genoemd onder 1.1.1.1 t/m 1.1.1.7 van toepassing

 

1.1.3

Het tarief bedraagt voor op verzoek beschikbaar stellen van een gemeenteambtenaar om als getuige op te treden bij het voltrekken van een huwelijk of de registratie van een partnerschap

€ 19,15

1.1.4

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:

 

1.1.4.1

een trouwboekje en/of partnerschapsboekje

€ 16,50

1.1.5

Het tarief voor een eenmalige benoeming van een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag  bedraagt

€ 38,30

1.1.6

Het tarief voor een eenmalige beëdiging van een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand voor één dag bedraagt

€ 275,50

1.1.7

Het tarief bedraagt voor het doen van nasporingen in de registers van de Burgerlijke Stand, voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 24,35

1.1.8

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand (Stb. 1879 72) geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het vigerende Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten 

1.2.1

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.2.1.1

van een nationaal paspoort, voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is: (10 jaar geldig)

€ 73,20

1.2.1.2

van een nationaal paspoort, voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (5 jaar geldig)

€ 55,35

1.2.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijde bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1 (zakenpaspoort)

 

1.2.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is: (10 jaar geldig)

€ 73,20

1.2.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (5 jaar geldig)

€ 55,35

1.2.3

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort)

 

1.2.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is: (10 jaar geldig)

€ 73,20

1.2.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (5 jaar geldig)

€ 55,35

1.2.4

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen (5 jaar geldig)

€ 55,35

1.2.5

van een Nederlands Identiteitskaart

 

1.2.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is: (10 jaar geldig)

€ 58,30

1.2.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt (5 jaar geldig)

€ 30,70

1.2.6

voor de versnelde uitreiking van een in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemd document, zijnde een toeslag op de in die onderdelen genoemde bedragen

€ 49,85

1.2.7

Voor de bezorging van een reisdocument als bedoeld in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 worden de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van

€ 13,15

1.2.7.1

Voor de bezorging van een 2e en volgend reisdocument of Nederlandse Identiteitskaart, bezorgd op het zelfde bezorgmoment en bezorgadres worden de leges vermeerderd met

€ 5,00

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen 

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs

€ 40,65

1.3.2

Het tarief genoemd onder 1.3.1 wordt bij een spoedlevering verhoogd met

€ 34,10

1.3.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een eigenverklaring ten behoeve van het rijbewijs het bedrag vermeldt op het aanvraagformulier van het CBR

 

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen 

 

1.4.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, met uitzondering van de onderdelen 1.4.3 en 1.4.4, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

 

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens, per verstekking

€ 8,30

1.4.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een persoonslijst zoals bedoeld in de basisregistratie personen

€ 16,05

1.4.4

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie personen, voor elk daaraan besteed kwartier

€ 16,05

1.4.5

In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens met behulp van alternatieve media bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen

€ 24,80

1.4.6

In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het schriftelijk verstrekken van gegevens bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen

€ 2,50

1.4.7

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een meertalig modelformulier woon- en/of verblijfplaats als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van verordening (EU) nr. 2016/1191 van het Europees Parlement en de Raad van 6 juli 2016 betreffende de bevordering van het vrije verkeer van burgers door vereenvoudigde overlegging van bepaalde openbare documenten in de Europese Unie en tot wijziging van Verordening nr. 1024/2012 (PbEU 2016, L 200).

€ 13,80

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

1.5.1

Vervallen

 

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens n.v.t 

1.6.1

n.v.t.

 

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken n.v.t. 

1.7.1

n.v.t.

 

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie 

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8.1.1

tot het verstrekken van een lichtdruk van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurvisie of stadsvernieuwingsplan, per dm2 lichtdruk

 

1.8.1.1.1

in formaat A4 of kleiner, per bladzijde

€ 1,35

1.8.1.1.2

in formaat A3

€ 3,05

1.8.1.2

tot het verstrekken van een lichtdruk van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurvisie of stadsvernieuwingsplan, per dm2 lichtdruk met een minimum van € 3,05

€ 0,25

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

 

1.8.2.1

de gemeentelijke basisregistratie adressen of de gemeentelijke basisiregistratie gebouwen, (BAG), bedoel in artikel 2 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen.

€ 24,35

1.8.2.2

de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet

€ 24,35

1.8.2.3

de inschrijving in het register bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Monumentenwet 1988

 

1.8.2.4

het openbare register van beschermde monumenten bedoeld in artikel 20 van de Monumentenwet 1988

€ 24,35

1.8.2.5

het gemeentelijk beperkingsregister of de gemeentelijke beperkingsregistratie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, dan wel tot het vertrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen.

€ 24,35

1.8.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van kopieën van:

 

1.8.3.1

het gemeentelijke adressenbestand of delen daarvan, per adres met een minimum van € 1,35 

€ 0,25

1.8.3.2

het relatiebestand adres-kadastraal perceel of delen daarvan, per gelegde relatie met een minimum van € 1,35

€ 0,25

1.8.3.3

het adrescoördinatenbestand of delen daarvan, per adrescoördinaat met een minimum van € 1,35

€ 0,25

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken 

1.9.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een verklaring omtrent het gedrag

€ 41,35

1.9.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een bewijs van in leven zijn

€ 8,30

1.9.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verkrijgen van een legalisatie van een handtekening

€ 8,30

1.9.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het waarmerken van een diploma of getuigschrift

€ 8,30

1.9.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een bewijs van Nederlanderschap

€ 8,30

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief 

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van nasporingen in het gemeentearchief berustende stukken ongeacht het resultaat voor ieder daaraan besteed kwartier

€ 16,05

1.10.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van:

 

1.10.2.1

een afschrift of fotokopie van een in het gemeentearchief, berustend stuk, per pagina

€ 1,35

1.10.2.2

een uittreksel uit een in het gemeentearchief berustend stuk, per pagina

€ 2,90

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet n.v.t. 

1.11.1

n.v.t.

 

Hoofdstuk 12 Leegstandswet 

1.12.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid van de Leegstandwet

€ 96,90

1.12.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, zesde lid van de Leegstandwet

€ 48,35

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie n.v.t. 

1.13.1

n.v.t.

 

Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen (voor weekmarkten e.d.) 

1.14.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een standplaatsvergunning als bedoeld in artikel 3 van de Marktverordening Schagen (individuele vergunning)

€ 32,30

1.14.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om overschrijving van de standplaatsvergunning op naam van een ander als bedoeld in artikel 9 van de marktverordening

€ 32,30

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet 

1.15.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingsbesluit Winkeltijdenwet

€ 64,60

1.15.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 1.15.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

€ 32,30

1.15.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het intrekken of wijzigen van een in 1.15.1 bedoelde ontheffing

€ 32,30

Hoofdstuk 16 Kansspelen 

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

 

1.16.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat

€ 56,50

1.16.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten:

 

1.16.1.2.1

voor de eerste kansspelautomaat

€ 56,50

1.16.1.2.2

voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 34,00

1.16.1.3

voor een periode meer dan 12 maanden en minder dan 4 jaar voor één kansspelautomaat: € 56,50 x (looptijd in maanden / 12)

 

1.16.1.4

voor een periode meer dan 12 maanden en minder dan 4 jaar voor twee of meer kansspelautomaten:{ € 22,50 + aantal kansspelautomaten x € 34,00)} x (looptijd in maanden / 12)

 

1.16.1.5

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor meer dan 4 jaar of onbepaalde tijd

€ 226,50

1.16.1.6

voor een periode van 4 jaar of voor onbepaalde tijd voor twee of meer kansspelautomaten: € 90,50 + (aantal kansspelautomaten x € 136,00)

 

1.16.1.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

€ 29,80

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie 

1.17.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet en de Algemene verordening ondergrondse infrastructuren gemeente Schagen 2015

 

1.17.1.1

Een graafmelding (klein werk < 25 m1 tracé)

€ 67,45

1.17.1.2

Een graafmelding (25-250 m1 tracé)

€ 300,80

1.17.1.3

Een graafmelding (250 - 1000 m1 tracé)

€ 390,25

1.17.1.4

Een graafmelding (1000 - 2500 m1 tracé)

€ 569,20

1.17.1.5

Een graafmelding (vanaf 2500 m1 tracé). Op basis van een begroting.

 

1.17.1.6

Indien een begroting als bedoeld in 17.1.5 is uitgebracht, wordt een aanvraag pas in behandeling genomen nadat de uitgebrachte begroting is geaccordeerd. 

 

1.17.2

Het tarief bedraagt voor een overleg inzake een melding als genoemd in 1.17.1 tussen gemeente, netbeheerder en overige belanghebbende

€ 313,10

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer 

1.18.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990)

€ 54,70

1.18.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 RVV 1990, juncto artikel 25 RVV 1990 (ontheffing Blauwe Zone) per kenteken

€ 14,50

1.18.1.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 (RVV 1990) voor de strandslagen:

 

1.18.1.2.1

Dagpas

€ 5,15

1.18.1.2.2

Maandpas

€ 20,80

1.18.1.2.3

Seizoenpas (6 maanden)

€ 36,35

1.18.1.2.4

5 jaar pas (6 maanden - max. 5 jaar)

€ 109,45

1.18.1.2.5

Mindervaliden, overheids-, kust- en terreinbeheerders alsmede reddingswezen zijn vrijgesteld van leges genoemd onder 18.1.2 t/m 18.1.2.4.

 

1.18.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen (maximale breedte voertuigen)

€ 54,70

1.18.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 54,70

1.18.3.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzoek tot toekennen van een gehandicaptenparkeerplaats bedraagt

€ 54,70

1.18.3.3

er worden geen leges in rekening gebracht voor een gehandicapten- parkeerplaats als reeds leges zijn betaald voor de aanvraag van een gehandicaptenparkeerkaart.

 

Hoofdstuk 19 Diversen 

1.19.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 32,30

1.19.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.19.2.1

gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina

€ 8,30

1.19.2.2

afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen,

 

1.19.2.2.1

indien deze als zwart-wit kopie op A4-formaat worden verstrekt:* 0-5 pagina's* 6-25 pagina's: € 0,40 per pagina* 26-50 pagina's: € 0,30 per pagina met een minimum van € 10,00* meer dan 50 pagina's: € 0,20 per pagina met een minimum van € 15,00

 

1.19.2.2.2

indien deze als zwart-wit kopie op A3-formaat worden verstrekt:* 0-5 pagina's* 6-25 pagina's: € 0,80 per pagina* 26-50 pagina's: € 0,60 per pagina met een minimum van € 20,00* meer dan 50 pagina's: € 0,40 per pagina met een minimum van € 30,00

 

1.19.2.2.3

indien deze als kleurenkopie op A4-formaat worden verstrekt:* 0-5 pagina's* 6-25 pagina's: € 0,50 per pagina* 26-50 pagina's: € 0,40 per pagina met een minimum van € 12,50* meer dan 50 pagina's: € 0,30 per pagina met een minimum van € 20,00

 

1.19.2.2.4

indien deze als kleurenkopie op A3-formaat worden verstrekt:* 0-5 pagina's* 6-25 pagina's: € 1,00 per pagina* 26-50 pagina's: € 0,80 per pagina met een minimum van € 25,00* meer dan 50 pagina's: € 0,60 per pagina met een minimum van € 40,00

 

1.19.2.3

kaarten, tekeningen en lichtdrukken, al dan niet behorend bij de in 1.19.2.1 en 1.19.2.2 genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening of lichtdruk:

 

1.19.2.3.1

formaat A-4 of kleiner

€ 1,35

1.19.2.3.2

formaat A-3

€ 3,05

1.19.2.3.3

ander formaat dan onder 1.19.2.3.1 of 1.19.2.3.2 genoemd, per dm2 met een minimum van € 3,05

€ 0,25

1.19.2.4

een exemplaar van een beleidsnota, waarmee tevens bedoeld wordt een beeldkwaliteitsplan, toekomstvisie, landschapsvisie en s oorgelijke stukken:

 

1.19.2.4.1

indien deze als zwart-wit kopie wordt verstrekt:* 1-25 pagina's: € 10,80* 26-50 pagina's: € 16,30* 51-100 pagina's: € 21,65* 101-150 pagina's: € 24,40* meer dan 150 pagina's : € 24,40 vermeerderd met € 0,10 voor elke pagina boven de eerste 150 pagina's

 

1.19.2.4.2

indien deze als kleurenkopie wordt verstrekt:* 1-25 pagina's: € 13,55* 26-50 pagina's: € 21,65* 51-100 pagina's: € 32,55* 101-150 pagina's: € 40,70* meer dan 150 pagina's: € 40,70 vermeerderd met € 0,20 voor elke pagina boven de eerste 150 pagina's

 

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Artikel

Omschrijving

Vast tarief

Variabel tarief

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen 

 

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

 

2.1.1.2

Bouwkosten: de aannemingssom exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken 2012 (UAV 2012), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, bedoeld in het normblad NEN 2631, uitgave 1979, of zoals dit normblad laatstelijk is vervangen of gewijzigd. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft;

 

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

 

2.1.1.4

CRK: Commissie Ruimtelijke Kwaliteit Schagen. De commissie die beoordeeld of een bouwplan voldoet aan de redelijke eisen van welstand, zoals deze zijn vastgelegd in het welstandsbeleid van de gemeente.

 

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

 

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag 

2.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om beoordeling van een conceptaanvraag met het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project vergunbaar is, bedraagt het tarief

€ 770,00

 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning 

2.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

 

2.3.1.1

Bouwactiviteit, indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.1.1.1

indien de bouwkosten minder dan € 200.000 bedragen:

vermeerderd met 2,53% van de bouwkosten.

€ 138,05

2,530%

2.3.1.1.2

indien de bouwkosten € 200.000 tot € 500.000 bedragen: 

vermeerderd met 2,28% van de bouwkosten boven de € 200.000

€ 5.268,85

2,280%

2.3.1.1.3

indien de bouwkosten € 500.000 tot € 1.000.000 bedragen: 

vermeerderd met 2,03% van de bouwkosten boven de € 500.000

€ 12.204,60

2,030%

2.3.1.1.4

indien de bouwkosten € 1.000.000 tot € 2.000.000 bedragen: 

vermeerderd met 1,77% van de bouwkosten boven de € 1.000.000

€ 22.496,70

1,770%

2.3.1.1.5

indien de bouwkosten € 2.000.000 tot € 5.000.000 bedragen: 

vermeerderd met 1,53% van de bouwkosten boven de € 2.000.000

€ 40.444,45

1,530%

2.3.1.1.6

indien de bouwkosten € 5.000.000 tot € 10.000.000 bedragen: 

vermeerderd met 1,28% van de bouwkosten boven de € 5.000.000

€ 86.987,05

1,280%

2.3.1.1.7

indien de bouwkosten € 10.000.000 of meer bedragen: 

vermeerderd met 1,03% van de bouwkosten boven de € 10.000.000 met een maximum van € 270.906,55

€ 151.883,05

1,030%

2.3.1.2

Indien de aanvraag betrekking heeft op een bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning moet worden verleend en hiervoor het advies van de CRK moet worden ingewonnen, wordt het overeenkomstig 3.1.1 berekende bedrag verhoogd met:

 

 

2.3.1.2.1

Deze post is uitgesplitst in:

 

 

2.3.1.2.1.1

Bij bouwkosten tot € 20.000, ongeacht het aantal behandelingen

€ 40,00

 

2.3.1.2.1.2

Bij bouwkosten hoger dan € 20.000, 0,25% over de bouwkosten, ongeacht het aantal behandelingen.

 

0,250%

2.3.1.2.1.3

Korting op 2.3.1.2.1.1 en 2.3.1.2.1.2 bij vooroverleg met supervisor MOOI Noord-Holland.

 

50,000%

2.3.1.2.1.4

Maximum tarief per behandeld bouwplan

€ 2.250,00

 

2.3.1.2.2

Planbehandeling tegen vast tarief

 

 

2.3.1.2.2.1

reclame-objecten

€ 75,00

 

2.3.1.2.2.2

Activiteit sloop

€ 100,00

 

2.3.1.2.2.3

handhavingszaken/excessenregeling

€ 150,00

 

2.3.1.2.3

Als de aanvraag betrekking heeft op een bouwplan waarvoor een omgevingsvergunning moet worden verleend en hiervoor een ambtelijke welstandsbeoordeling noodzakelijk is, wordt het overeenkomstig 2.3.1.1 berekende bedrag verhoogd met:

€ 25,00

 

2.3.1.3

Verhoging verplicht advies agrarische commissie, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie nodig is en wordt beoordeeld, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.1.3.1

inzake een standaardadvies bestaande bedrijven;

€ 760,00

 

2.3.1.3.2

inzake nieuwe vestigingen en/of beoordeling van een bedrijfsplan;

€ 900,00

 

2.3.1.3.3

Inzake een advies waarbij ook uitspraken van een commissie voor bezwaar en beroep en/of gerechtelijke uitspraken worden betrokken:

€ 950,00

 

2.3.1.3.4

Inzake een nader advies op een eerder uitgebracht advies.

€ 450,00

 

2.3.1.3.5

Second opinion

€ 1.200,00

 

2.3.1.4

Achteraf ingediende aanvraag, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 wordt het tarief als hiervoor bedoeld met 10% verhoogd, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit: van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges met een maximum van 

€ 1.077,90

 

2.3.2

Aanlegactiviteiten

 

 

2.3.2.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 334,60

 

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit, indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1:

 

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking): van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag.

€ 334,60

 

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking): van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag

€ 334,60

 

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo van toepassing is (buitenplanse afwijking): van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag verhoogd met;

€ 8.280,50

 

2.3.3.4

vervallen

 

 

2.3.3.5

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo van toepassing is (afwijking van exploitatieplan): van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag verhoogd met;

€ 334,60

 

2.3.3.6

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo van toepassing is (afwijking van provinciale regelgeving): van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag.

€ 334,60

 

2.3.3.7

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo van toepassing is (afwijking van nationale regelgeving):van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag.

€ 334,60

 

2.3.3.8

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo van toepassing is (afwijking van voorbereidingsbesluit): 

€ 334,60

 

 

van het op grond van onderdeel 2.3.1.1 verschuldigde bedrag verhoogd met:

 

 

2.3.4

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit, Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.4.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo van toepassing is binnenplanse afwijking):

€ 334,60

 

2.3.4.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo van toepassing is (buitenplanse kleine afwijking):

€ 334,60

 

2.3.4.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo van toepassing is buitenplanse afwijking):

€ 8.280,50

 

2.3.4.4

vervallen

 

 

2.3.4.5

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo van toepassing is (afwijking van exploitatieplan):

€ 334,60

 

2.3.4.6

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo van toepassing is (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 334,60

 

2.3.4.7

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo van toepassing is (afwijking van nationale regelgeving):

€ 334,60

 

2.3.4.8

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo van toepassing is (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 334,60

 

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid, Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.5.1

voor objecten met een gebruiksoppervlakte kleiner of gelijk aan 500m2

€ 443,10

 

2.3.5.2

voor objecten met een gebruiksoppervlakte groter dan 500m2

€ 587,10

 

2.3.6

Vervallen

 

 

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht, Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 223,00

 

2.3.8

Aanleggen of veranderen weg

 

 

2.3.8.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 2.1.5.2 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.8.1.1

indien de aanlegkosten minder dan € 200.000 bedragen:

vermeerderd met 2,53% van de aanlegkosten.

€ 138,05

2,530%

2.3.8.1.2

indien de aanlegkosten € 200.000 tot € 500.000 bedragen: 

vermeerderd met 2,28%van de aanlegkosten boven de € 200.000

€ 5.268,85

2,280%

2.3.8.1.3

indien de aanlegkosten € 500.000 tot € 1.000.000 bedragen: 

vermeerderd met 2,03%van de aanlegkosten boven de € 500.000

€ 12.204,60

2,030%

2.3.8.1.4

indien de aanlegkosten € 1.000.000 tot € 2.000.000 bedragen: 

vermeerderd met 1,77%van de aanlegkosten boven de € 1.000.000

€ 22.496,70

1,770%

2.3.8.1.5

indien de aanlegkosten € 2.000.000 tot € 5.000.000 bedragen:

€ 41.497,10 vermeerderd met 1,53%van de aanlegkosten boven de € 2.000.000

€ 40.444,45

1,530%

2.3.8.1.6

indien de aanlegkosten € 5.000.000 of meer bedragen: 

vermeerderd met 1,28% van de aanlegkosten boven de € 5.000.000 met een maximum van € 135.453,25

€ 86.987,05

1,280%

2.3.9

Uitweg/inrit, Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening, of de APV een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 142,00

 

2.3.10

vervallen

 

 

2.3.11

vervallen

 

 

2.3.12

Projecten of handelingen in het kader van de Wet Natuurbescherming

 

 

2.3.12.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op handelingen in een beschermd natuurgebied die schadelijk kunnen zijn voor het natuurschoon, de natuurwetenschappelijke betekenis of voor de dieren of planten, als bedoeld in de Wet Natuurbescherming, uitgezonderd de Boswet, bedraagt het tarief:

€ 334,60

 

2.3.14

Andere activiteiten, Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

 

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 334,60

 

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.14.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning. Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning bedraagt het tarief:

€ 334,60

 

2.3.14.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning of een aanvraag om een bestemmingsplan vast te stellen aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken 

 

 

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen, Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

 

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

 

2.3.16

Beoordeling bodemrapport, Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt gemaakt of beoordeeld:

 

 

2.3.16.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport

€ 318,65

 

2.3.16.2

voor het maken van een archeologisch quickscan

€ 404,30

 

2.3.17

Advies

 

 

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

 

2.3.17.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

2.3.18

Verklaring van geen bedenkingen

 

 

2.3.18.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend,als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

 

 

2.3.18.1.1

indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 334,60

 

2.3.18.1.2

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

 

2.3.18.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.18.1.2 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

2.3.19

Projectuivoeringsbesluit Crisis- en herstelwet, Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verodening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid , van de Crisis- en herstelwet.

 

 

2.3.20

Vaststelling hogere waarde Wet geluidhinder, Indien een procedure tot vaststelling van een hogere waarde ingevolge de Wet geluidhinder nodig is.

€ 334,60

 

Hoofdstuk 4 Vermindering 

2.4.1

Als de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een conceptaanvraag als bedoeld in artikel 2.2.1, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de geheven leges voor de beoordeling van de conceptaanvraag in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning als bedoeld in de artikelen 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.3, 2.3.4, 2.3.5, 2.3.7, 2.3.8, 2.3.9, 2.3.10, 2.3.12, 2.3.14, 2.9.1 en 2.10.1. Wanneer het resultaat negatief is, worden geen leges terugbetaald.

 

 

Hoofdstuk 5 Teruggaaf 

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking van een aanvraag in deze titel genoemd, Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit een activiteit, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.5, 2.3.7, 2.3.8, 2.3.9, 2.3.10, 2.3.12, 2.3.14, 2.9.1 en 2.10.1 intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

 

 

2.5.1.1

Als een aanvrager dit in overleg met het bevoegd gezag besluit omdat dit voor zowel aanvrager als het bevoegd gezag de meest efficiënt manier is om de procedure te beëindigen terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, maar de UOV procedure nog niet is gestart: 100% van de verschuldigde leges met dien verstande dat een aanvrager een bedrag van € 56,10 verschuldigd is aan administratiekosten;

€ 56,10

 

2.5.1.2

Als de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 26 weken en de UOV al is gestart: 50% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

 

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende vergunning / beschikking, Als de gemeente een verleende vergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit een activiteit, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.5, 2.3.7, 2.3.8, 2.3.9, 2.3.10, 2.3.12, 2.3.14, 2.9.1, 2.9.2 en 2.10.1 intrekt op aanvraag/verzoek van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 26 weken na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt: 25% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning

 

 

2.5.3.1

Als de gemeente een aanvraag om een vergunning / beschikking voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit een activiteit, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.5, 2.3.7, 2.3.8, 2.3.9, 2.3.10, 2.3.12, 2.3.14, 2.9.1, 2.9.2 en 2.10.1 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 25% van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

 

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

 

 

2.5.4

Wij hanteren een minimumbedrag van € 56,10 als kosten voor administratieve handelingen en kunnen legesbedragen lager dan genoemd bedrag niet verrekenen.

 

 

2.5.5

vervallen.

 

 

2.5.6

vervallen.

 

 

2.5.7

Buiten behandeling laten van de aanvraag, Als het bevoegd gezag besluit een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit een activiteit, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.5, 2.3.7, 2.3.8, 2.3.9, 2.3.10, 2.3.12 en 2.3.14 buiten behandeling te laten, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt: 100% van de verschuldigde leges met dien verstande dat een aanvrager een bedrag van: € 56,10 verschuldigd is aan administratiekosten

€ 56,10

 

2.5.8

Geringe aanpassing omgevingsvergunning "bouwen", Indien een aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit "bouwen" in afwijking van een eerder ingediend bouwplan waarvoor al een omgevingsvergunning is verleend, maar waarvan geen gebruik is gemaakt, worden voor de oorspronkelijke vergunning geheven leges verrekend met het in artikel 2.3.1. verschuldigde tarief. Met dien verstande dat: 

€ 280,30

 

 

verschuldigd is en dat geen restitutie van de leges voor het in behandeling hemen van de oorspronkelijke aanvraag plaatsvindt. 

 

 

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

 

2.6.1

Dit hoofdstuk is niet in gebruik. De gevolgen van intrekking van een omgevingsvergunning zijn geregeld in hoofdstuk 5

 

 

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project 

2.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

€ 280,30

 

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten 

2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening

€ 8.280,50

 

2.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening

€ 4.416,50

 

2.8.3

De in 2.8.1 en 2.8.2 genoemde tarieven worden verhoogd met het eventuele bedrag dat een externe adviseur de gemeente in rekening brengt.

 

 

Hoofdstuk 9 Gedoogbeschikking  

2.9.1

Het tarief bedraagt voor een aanvraag tot het verkrijgen van een gedoogbeschikking 

€ 334,60

 

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking 

2.10.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 334,60

 

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Artikel

Omschrijving

Vast tarief

Hoofdstuk 1 Horeca 

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning ingevolge artikel 3 van de Drank- en Horeca wet 

€ 387,35

3.1.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet

€ 64,60

3.1.3

Het tarief bedraag voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in artikel 30a van de Drank- en Horecawet

 

3.1.3.1

voor de eerste leidinggevende 

€ 64,60

3.1.3.2

voor iedere volgende leidinggevende 

€ 32,30

3.1.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet.

€ 96,90

3.1.5

Indien de vergunning betrekking heeft op een meerjarenvergunning (voor ten hoogste 5 jaren) voor een vergunning als bedoeld in artikel 3.1.4 bedraagt het tarief 200% van het betreffende tarief

 

Hoofdstuk 2 Organiseren markten en overige APV beschikking 

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een markt, als bedoeld in artikel 2:25 van de Algemene plaatselijke verordening, indien het betreft:

 

3.2.1.1

vervallen

 

3.2.1.2

vervallen

 

3.2.1.3

vervallen

 

3.2.1.4

Een kofferbakmarkt, fancyfair, braderie of soortgelijke markt welke commercieel wordt uitgebaat

€ 318,65

3.2.1.5

Het tarief onder artikel 3.2.1.4 wordt vermeerderd met een bedrag als hieronder staat aangegeven:

 

3.2.1.6

* indien ten behoeve van de activiteit verkeersmaatregelen nodig zijn:

€ 64,60

3.2.1.7

* indien ten behoeve van de activiteit een tijdelijke gebruiksvergunning is vereist:

€ 64,60

3.2.1.8

* indien ten behoeve van de activiteit een aanstellingsbesluit verkeersregelaars is vereist:

€ 64,60

3.2.1.9

Indien de vergunning betrekking heeft op een meerjarenvergunning (voor ten hoogste 5 jaren) voor een activiteit als bedoeld in artikel 3.2.1.4 t.m. 3.2.1.8 bedraagt het tarief 200% van het betreffende tarief

 

3.2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 2:80 van de APV Schagen (voertuigen op het strand):

€ 64,60

3.2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een ontheffing als bedoeld in artikel 2:29 van de APV Schagen (ontheffing sluitingsuur)

€ 64,60

3.2.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 5:18 van de APV Schagen (standplaatsvergunning)

€ 64,60

3.2.5

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag van een beschikking als bedoeld in artikel 2:10 van de APV Schagen tot het plaatsen van voorwerpen op of aan de weg m.u.v. het plaatsen van tijdelijke reclameborden.

€ 64,60

3.2.6

Indien er een beschikking wordt genomen op grond van artikel 2:10 van de Apv waarbij tevens verkeersmaatregelen nodig zijn, wordt het tarief vermeerderd met

€ 64,60

3.2.7

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 2:28 van de Apv bedraagt

€ 387,35

3.2.7.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 2:28 van de Apv bedraagt

€ 63,70

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven 

3.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in 3:3 van de APV Schagen, anders dan een wijziging bedoeld in onderdeel 3.3.2:

 

3.3.1.1

voor een seksinrichting

€ 438,60

3.3.1.2

voor een escortbedrijf

€ 219,25

3.3.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om wijziging van een exploitatievergunning in verband met uitsluitend een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in artikel 3:13d van de APV Schagen:

 

3.3.2.1

voor een seksinrichting

€ 64,60

3.3.2.2

voor een escortbedrijf

€ 64,60

Hoofdstuk 4 Splitsingsvergunning woonruimte n.v.t. 

3.4.1

n.v.t.

 

Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening n.v.t 

3.5.1

n.v.t.

 

Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening 

3.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

 

3.6.1.1

een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning met betrekking tot het brandveilig gebruik van een inrichting, als bedoeld in artikel 1, eerste lid, van de Brandbeveiligingsverordening

€ 64,60

3.6.1.2

een aanvraag om een verklaring van overdracht van de gebruiksvergunning aan een nieuwe eigenaar

€ 32,30

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking 

3.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 32,30

 

Behorende bij de Verordening leges 2020

vastgesteld op 5 november 2019

 

De griffier van Schagen,