Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Wassenaar

Regeling voortgangs- en beoordelingsgesprekken Wassenaar

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieWassenaar
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingRegeling voortgangs- en beoordelingsgesprekken Wassenaar
CiteertitelRegeling voortgangs- en beoordelingsgesprekken Wassenaar
Vastgesteld doorgedelegeerde functionaris
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

De regeling is vastgesteld door de werkgeverscommissie Wassenaar die voor de raad de rol van werkgever van de griffier en het personeel van de griffie vervult.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Wassenaar/CVDR611414/CVDR611414_1.html

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

16-01-201901-01-2018Nieuwe regeling

28-06-2018

gmb-2019-4621

Tekst van de regeling

Intitulé

Regeling voortgangs- en beoordelingsgesprekken Wassenaar

De werkgeverscommissie Wassenaar;

 

gelet op artikel 15:1:15 van de CAR-UWO;

besluit tot het vaststellen van de navolgende:

 

Regeling voortgangs- en beoordelingsgesprekken Wassenaar

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    Werkgever: de werkgeverscommissie Wassenaar. Bevoegdheden kunnen gemandateerd zijn op grond van het mandaatbesluit aan de griffier;

  • b.

    Medewerker: de medewerker met een dienstverband bij de gemeente op grond van artikel 1:1, lid 1, sub a van de CAR/UWO;

  • c.

    CAR-UWO: arbeidsvoorwaardenregeling gemeente Wassenaar;

  • d.

    Leidinggevende: de hiërarchisch leidinggevende;

  • e.

    Informant: een medewerker die vanuit de werkrelatie relevante feiten naar voren kan brengen die van invloed zijn op het beoordelingsgesprek;

  • f.

    Functie: het geheel van taken en werkzaamheden die door de werkgever aan de medewerker is opgedragen;

  • g.

    Voortgangsgesprek: tweezijdig gesprek tussen medewerker en leidinggevende waarbij het func- tioneren en de ontwikkeling van de medewerker centraal staan;

  • h.

    Periode voortgangsgesprek: de periode waarover de leidinggevende met de medewerker het functioneren en de ontwikkeling bespreekt;

  • i.

    Beoordelingsgesprek: een gesprek waarbij de leidinggevende éénzijdig een oordeel geeft over het functioneren van de medewerker gedurende de periode van de beoordeling en op basis waarvan een beslissing met rechtspositionele consequenties voor de medewerker genomen kan worden;

  • j.

    Periode beoordeling: de periode waarover de leidinggevende zich met betrekking tot het functio- neren van de medewerker een oordeel vormt.

  • k.

    Functioneren: de werkzaamheden en gedragingen van de medewerker tijdens de uitoefening van zijn functie, hierbij kan een onderscheid gemaakt worden in: functie inhoud en gedragingen.

  • l.

    Functie inhoud: het geheel aan werkzaamheden, waarmee de medewerker tijdens de periode genoemd in sub h en sub j feitelijk is belast;

  • i.

    Gedragingen: aspecten van het gedrag die van belang zijn voor het oordeel over het functioneren en de ontwikkeling van de medewerker.

Artikel 2 Voortgangsgesprek

Er vindt minimaal één keer per kalenderjaar een voortgangsgesprek plaats tussen leidinggevende en medewerker. Het gesprek wordt vastgelegd op het daartoe bestemde formulier. De medewerker kan bij de leidinggevende een verzoek doen om een aanvullend voortgangsgesprek te voeren.

Artikel 3 Voorbereiding voortgangsgesprek

  • 1.

    Op verzoek van de medewerker en/of de leidinggevende kan een P&O adviseur en/of de naast hogere leidinggevende bij het gesprek aanwezig zijn.

  • 2.

    Indien een P&O adviseur en/of naast hogere leidinggevende bij het gesprek aanwezig zal zijn, wordt de medewerker c.q. leidinggevende hiervan vooraf op de hoogte gesteld.

  • 3.

    De leidinggevende bepaalt de datum en het tijdstip waarop het voortgangsgesprek zal plaatsvinden en stelt de medewerker hiervan minimaal 2 weken voorafgaand aan het gesprek schriftelijk op de hoogte.

Artikel 4 Inhoud voortgangsgesprek

In een voortgangsgesprek komen de volgende onderwerpen aan de orde:

  • a.

    invulling hoofdtaken en specifieke taken;

  • b.

    persoonlijke ontwikkeling;

  • c.

    balans belasting/belastbaarheid;

  • d.

    relatie medewerker/leidinggevende;

  • e.

    samenwerking en werksfeer;

  • f.

    arbeidsomstandigheden.

Artikel 5 Formulier Voortgangsgesprek

  • 1.

    In het voortgangsgesprek wordt gebruik gemaakt van het vastgestelde formulier Voortgangsgesprek (bijlage 1).

  • 2.

    Het formulier Voortgangsgesprek wordt volledig ingevuld en ondertekend door de leidinggevende en de medewerker.

  • 3.

    De leidinggevende draagt er zorg voor dat het formulier Voortgangsgesprek wordt opgeslagen in het personeelsdossier van de medewerker. Het formulier staat ter inzage open voor de medewerker, diens leidinggevende en de P&O adviseur. Tevens ontvangt de mede- werker van de lei- dinggevende een afschrift van het ingevulde formulier Voortgangsgesprek.

Artikel 6 Beoordelingsgesprek

Naar oordeel van de leidinggevende, of op verzoek van de medewerker, kan naast een voortgangsgesprek een beoordelingsgesprek plaatsvinden. Een beoordelingsgesprek vindt minimaal 3 maanden na een voortgangsgesprek plaats. Aan de uitkomst van dit gesprek kunnen rechtspositionele consequenties verbonden zijn.

  • 1.

    De beoordeling van de medewerker betreft een éénzijdig oordeel van de leidinggevende over het functioneren van de medewerker gedurende de periode van de beoordeling.

  • 2.

    Op basis van een beoordeling kan een beslissing worden genomen met rechtspositionele conse- quenties.

Artikel 7 Voorbereiding beoordelingsgesprek

  • 1.

    Op verzoek van de medewerker en/of de leidinggevende kan een P&O adviseur van de werkorganisatie Duivenvoorde bij het gesprek aanwezig zijn.

  • 2.

    Indien een P&O adviseur bij het gesprek aanwezig zal zijn, wordt de medewerker c.q. leidinggevende hiervan vooraf op de hoogte gesteld.

  • 3.

    De leidinggevende bepaalt de datum en het tijdstip waarop het beoordelingsgesprek zal plaats- vinden en stelt de medewerker hiervan minimaal 2 weken voorafgaand aan het gesprek schriftelijk op de hoogte.

  • 4.

    Leidinggevende en medewerker kunnen gebruik maken van informant(en) om verdere informatie ten behoeve van de beoordeling te verkrijgen.

Artikel 8 Inhoud beoordelingsgesprek

De leidinggevende geeft een éénzijdig oordeel over het functioneren van de medewerker. Dit oordeel wordt voorzien van een toelichting/motivatie en conclusie door de leidinggevende.

Artikel 9 Formulier Beoordelingsgesprek

  • 1.

    In het beoordelingsgesprek wordt gebruik gemaakt van een vastgesteld formulier Beoordelings- gesprek (bijlage 2).

  • 2.

    Het formulier Beoordelingsgesprek wordt volledig ingevuld en door de leidinggevende en de medewerker ondertekend.

  • 3.

    De medewerker heeft 2 weken na verslaglegging de mogelijkheid te reflecteren op het beoorde- lingsgesprek en kan desgewenst kanttekeningen plaatsen. De kanttekeningen worden schriftelijk vastgelegd en ondertekend. Kanttekeningen kunnen eventueel een aanpassing op het ingevulde formulier Beoordelingsgesprek tot gevolg hebben; deze wordt gemotiveerd, schriftelijk vastgelegd en toegevoegd aan het formulier Beoordelingsgesprek.

  • 4.

    De leidinggevende draagt er zorg voor dat het formulier Beoordelingsgesprek wordt opgeslagen in het personeelsdossier van de medewerker. Het formulier staat ter inzage open voor de medewerker, diens leidinggevende en de P&O adviseur. Tevens ontvangt de mede- werker van de leidinggevende een afschrift van het ingevulde formulier Beoordelingsgesprek.

  • 5.

    De medewerker wordt in de gelegenheid gesteld, binnen 6 weken na de datum waarop het afschrift van het ingevulde formulier Beoordelingsgesprek is uitgereikt, een gemotiveerd bezwaarschrift in te dienen bij het dagelijks bestuur van de Werkorganisatie Duivenvoorde.

Artikel 10 Onvoorziene gevallen

In gevallen waarin deze regeling niet of niet in redelijkheid voorziet, kan de werkgever een bijzondere voorziening treffen.

Artikel 11 Slotbepaling

  • 1.

    Deze regeling kan worden aangehaald als de “Regeling voortgangs- en beoordelingsgesprekken Wassenaar”.

  • 2.

    Deze regeling treedt in werking de dag na bekendmaking en werkt terug tot 1 januari 2018.

     

Aldus vastgesteld in de vergadering van de werkgeverscommissie Wassenaar gehouden op 28 juni 2018.

de secretaris,

drs. G. deSchipper-Tinga

de voorzitter, wnd.

J.F.Koen

Bijlage 1 – Formulier Voortgangsgesprek

Bijlage 2 – Formulier beoordelingsgesprek