Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Weert

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Weert houdende regels omtrent huiselijk geweld en kindermishandeling Implementatieplan verbeterde meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling gemeente weert januari 2019

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieWeert
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBesluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Weert houdende regels omtrent huiselijk geweld en kindermishandeling Implementatieplan verbeterde meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling gemeente weert januari 2019
CiteertitelImplementatieplan verbeterde meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling gemeente Weert januari 2019
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpalgemeen
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Besluit verplichte meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling
  2. Jeugdwet
  3. Wet maatschappelijke ondersteuning 2015
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

24-01-2019nieuwe regeling

18-12-2018

gmb-2019-16623

DJ-630798

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit van het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Weert houdende regels omtrent huiselijk geweld en kindermishandeling Implementatieplan verbeterde meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling gemeente weert januari 2019

Organisaties zijn verplicht om de verbeterde meldcode met afwegingskaders vast te stellen voor hun medewerkers, te implementeren in hun organisaties en de kennis en het gebruik van de verbeterde meldcode te bevorderen bij hun medewerkers. De wet laat de invulling van deze laatste verplichting over aan de organisaties zelf zodat goed ingespeeld kan worden op de behoeften en vragen van de medewerkers.

 

In dit implementatieplan wordt uitgewerkt hoe de verbeterde meldcode geïmplementeerd wordt binnen de teams van de gemeente Weert die hiermee werken.

 

Voorgesteld is om de meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling van toepassing te verklaren op alle medewerkers die werkzaam zijn in het kader van de Leerplichtwet of de medewerkers met direct, fysiek klantcontact die in dit verband aan inwoners begeleiding of een andere wijze van ondersteuning bieden. De meldcode geldt dus voor de Wmo-regisseurs, de medewerkers Vraagwijzer, medewerkers Schulddienstverlening en medewerkers Participatie (de afdeling Werk, Inkomen en Zorg). Medewerkers in een toezichthoudende of dienstverlenende functie hebben wel een signalerende rol maar vallen niet onder de meldcode. Zij kunnen signalen van (vermoedens van) huiselijk geweld en kindermishandeling bij een van de aandachtsfunctionarissen huiselijk geweld en kindermishandeling melden. Deze pakt de signalen dan verder op via de stappen in de meldcode.

Implementatie van de meldcode:

 

  • Procedures en werkprocessen worden aangepast: om het gebruik van de meldcode te bevorderen is het belangrijk om de meldcode op te nemen in, en te laten aansluiten op, de werkprocessen van de betreffende teams. De teamleiders en kwaliteitsmedewerkers pakken dit op.  

  • Er worden afspraken gemaakt over dossiervorming en deze afspraken worden vastgelegd: in de meldcode is opgenomen dat medewerkers signalen vastleggen op een signaleringsformulier. Het is van belang om afspraken te maken door wie, wat, waar en hoelang deze gegevens worden vastgelegd. Deze afspraken kunnen vastgelegd worden in een protocol. De teamleiders maken deze afspraken met hun teams.  

  • Communicatie over de verbeterde meldcode en de gevolgen hiervan: alle medewerkers worden op de hoogte gebracht van de verbeterde meldcode, het belang van het gebruik hiervan en het implementatietraject binnen de gemeente Weert. De verantwoordelijke beleidsadviseur schrijft een artikel dat op Octo geplaatst wordt.  

  • De meldcode wordt opgenomen in het inwerkprogramma van nieuwe medewerkers: de aandachtsfunctionaris dient met elke nieuwe medewerker binnen bovengenoemde teams de meldcode en het afwegingskader door te lopen. De aandachtsfunctionaris kan met de nieuwe medewerker bespreken waar de behoefte ligt qua scholing.     

Bevorderen van de kennis en het gebruik van de verbeterde meldcode:

  • Medewerkers worden geïnformeerd over de wijzigingen in de meldcode en het doel daarvan: op 10 december 2018 heeft er een regiobijeenkomst plaatsgevonden voor professionals uit de keten. Medewerkers van de gemeente Weert zijn hier ook aanwezig geweest. Tijdens deze bijeenkomst zijn de professionals geïnformeerd over de verbeterde meldcode, de afwegingskaders en wat dit betekent voor de professionals die hiermee moeten werken.  

  • Aan medewerkers wordt in voldoende mate regelmatig terugkerende opleidingen en trainingen aangeboden op dit thema: Opleiden alleen is niet genoeg, ook het bijhouden van kennis is belangrijk. Augeo Academy biedt online cursussen aan voor de sector Gemeenten. In deze cursussen komt aan de orde wat je doet bij een vermoeden van huiselijk geweld of kindermishandeling, hoe je een gesprek voert met ouders, kinderen of andere betrokkenen, hoe je een goed verslag maakt, wat Veilig Thuis doet en wat de kindcheck inhoudt en hoe je die toepast. Hier kan een lidmaatschap afgenomen worden zodat teams deze online cursus kunnen volgen. Daarnaast zijn er verschillende instanties die opleidingen aanbieden zoals Veilig Thuis en de Landelijke Vakgroep Aandachtsfunctionarissen Kindermishandeling. De teamleiders en aandachtsfunctionarissen bekijken jaarlijks waar de opleidingsbehoeften van de teams liggen en hoe frequent bijscholing plaatsvindt.

  • De organisatie zorgt voor de beschikbaarheid van deskundigen die kunnen worden geraadpleegd: in overleg met de teamleiders zijn drie medewerkers gevraagd om de rol van aandachtsfunctionaris huiselijk geweld en kindermishandeling op te nemen. Voor de aandachtsfunctionarissen wordt een tweedaagse training georganiseerd in het eerste kwartaal van 2019. De aandachtsfunctionaris kan collegae ondersteunen bij het doorlopen van de meldcode, houdt relevante ontwikkelingen bij en deelt dit met collega’s, verzorgt bijscholing op het gebied van huiselijk geweld en kindermishandeling en is sparringpartner voor collegae. Het is van belang om ten alle tijden 3 aandachtsfunctionarissen beschikbaar te hebben binnen de gemeente Weert.  

  • Het gebruik van de meldcode wordt regelmatig geëvalueerd op basis van casuïstiek: de aandachtsfunctionaris heeft hier een rol in. Tijdens de casuïstiekbespreking dienen geregeld casussen van huiselijk geweld en kindermishandeling besproken te worden. Dit draagt bij aan de bewustwording van de handelswijze van professionals. Andere mogelijkheden voor borging zijn het bespreken van het gebruik van de meldcode in intervisiebijeenkomsten of teamvergaderingen.   

Toezicht op naleving van de verplichtingen uit de Wet verplichte meldcode voor de maatschappelijke ondersteuning en de kinderopvang:

Naast het vaststellen van een meldcode, het implementeren hiervan en het bevorderen van de kennis en het gebruik van de verbeterde meldcode heeft de gemeente nog een aanvullende verplichting. De gemeente heeft namelijk een rol als toezichthouder voor wat betreft de maatschappelijke ondersteuning en de kinderopvang. De gemeente Weert geeft vorm aan dit toezicht middels de volgende actiepunten:

  • Het geven van voorlichting over de Wet verplichte meldcode: in samenwerking met de zeven Midden-Limburgse gemeenten en Veilig Thuis is op 10 december 2018 een bijeenkomst georganiseerd voor uitvoerend professionals in het sociale domein. Tijdens deze bijeenkomst zijn de professionals geïnformeerd over de verbeterde meldcode, de afwegingskaders en wat dit betekent voor de professionals die hiermee moeten werken. 

  • Organisaties worden actief bevraagd naar de stand van zaken m.b.t. de aanscherping van de meldcode en de implementatie hiervan: in het eerste kwartaal van 2019 benaderd de gemeente de organisaties die vallen onder de maatschappelijke ondersteuning en bevraagd hen op de beschikbaarheid van de meldcode. Daarnaast wordt er geïnformeerd wat de organisatie concreet doet om de kennis en het gebruik van de meldcode bij medewerkers te bevorderen. Wanneer er twijfel bestaat of de meldcode voldoet aan de minimumeisen die bij wet gesteld worden dan wordt de meldcode opgevraagd zodat deze beoordeeld kan worden. In de jaarlijkse accountgesprekken met de organisaties binnen de maatschappelijke ondersteuning wordt de meldcode eveneens besproken en geëvalueerd.  

  • Handhaving: wanneer de gemeente vaststelt dat een organisatie niet aan de Wet verplichte meldcode voldoet dan zal de gemeente de betreffende organisatie voorlichten en advies geven hoe zij alsnog aan de verplichting kunnen voldoen Wanneer deze aansporing tot onvoldoende resultaat leidt dan kan er een last onder dwangsom opgelegd worden middels een beschikking. De gemeente verplicht de organisatie dan om, binnen een vastgestelde termijn, alsnog aan de wet te voldoen. Voldoet de organisatie hier niet aan dan verbeurt de organisatie de in de beschikking genoemde dwangsom. Uiteraard is dit een laatste middel dat ingezet wordt.  

  • Toezicht op de kinderopvang is opgedragen aan de GGD Noord- en Midden-Limburg: Middels het besluit van 24 augustus 2017 is de directeur publieke gezondheid van de GGD Limburg-Noord aangewezen als toezichthouder kinderopvang als bedoeld in de artikelen 1.61 en 2.19 van de Wert kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wko). De inspecteurs kinderopvang controleren of kinderdagverblijven (incl. de voormalige peuterspeelzalen, buitenschoolse opvang), gastouderbureaus en gastouders een meldcode huiselijk geweld en kindermishandeling hebben en controleren (globaal) of de medewerkers kennis van de inhoud hebben en of zij hier ook naar handelen.  

     

 

Aldus vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders van Weert in haar vergadering van 18 december 2018,

 

De secretaris,

G. Brinkman

de burgemeester,

A.A.M.M. Heijmans