Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
West Betuwe

Besluit van het college van burgemeester en wethouders en de burgemeesteer van de gemeente West Betuwe houdende regels omtrent mandaten Mandaatbesluit gemeente West Betuwe

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieWest Betuwe
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBesluit van het college van burgemeester en wethouders en de burgemeesteer van de gemeente West Betuwe houdende regels omtrent mandaten Mandaatbesluit gemeente West Betuwe
CiteertitelMandaatbesluit gemeente West Betuwe
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling is tevens vastgesteld door de burgemeester.

Deze regeling vervangt alle algemene mandaatregelingen en alle afzonderlijk intern verstrekte mandaten van de gemeente Geldermalsen, Neerijnen en Lingewaal.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 160 van de Gemeentewet
  2. artikel 171 van de Gemeentewet
  3. afdeling 10.1.1 van de Algemene wet bestuursrecht
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

25-01-201901-01-2019nieuwe regeling

15-01-2019

gmb-2019-17646

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit van het college van burgemeester en wethouders en de burgemeesteer van de gemeente West Betuwe houdende regels omtrent mandaten Mandaatbesluit gemeente West Betuwe

Het college van burgemeester en wethouders van West Betuwe en de burgemeester van West Betuwe, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

 

gelet op de artikelen 160 en 171 van de Gemeentewet en de titel 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht (Awb):

 

overwegende,

 

  • -

    dat in West Betuwe de detailstructuur is vastgesteld, waarin de taken van de verschillende organisatieonderdelen zijn vastgelegd;

  • -

    dat in de plaatsingsfunctieboeken I en II de specifieke taken per functie zijn beschreven;

  • -

    dat in deze mandaatregeling de publiekrechtelijke en privaatrechtelijke bevoegdheden aan functionarissen in de organisatie worden toegekend om hen in staat te stellen deze taken rechtmatig uit te voeren;

  • -

    dat naast dit algemeen, niet gesynchroniseerde bevoegdhedenbesluit (Deel 2) ook nog het bevoegdhedenbesluit en register van de gemeenten Culemborg, West Betuwe, Tiel en de bedrijfsvoeringsorganisatie BWB 2019 (Deel 1) van toepassing is.

 

BESLUITEN:

vast te stellen het navolgende Mandaatbesluit gemeente West Betuwe

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • 1.

    het college: het college van burgemeester en wethouders van West Betuwe;

  • 2.

    de burgemeester: de burgemeester van West Betuwe als bestuursorgaan en als vertegenwoordiger van de gemeente in en buiten rechte;

  • 3.

    de gemeentesecretaris: de (loco-)gemeentesecretaris van West Betuwe;

  • 4.

    de directeur: functionaris in de directie van West Betuwe;

  • 5.

    de domeinmanager: functionaris die eindverantwoordelijk leidinggevende is voor het domein

  • 6.

    domein: organisatieonderdeel dat is belast met de ontwikkeling en uitvoering van werkzaamheden en/of ontwikkelen van beleid op werkterreinen zoals vastgesteld in het functieboek van West Betuwe.

  • 7.

    de teamcoach: functionaris direct onder de domeinmanager verantwoordelijk voor een of meerdere taakvelden

  • 8.

    taakveld: organisatieonderdeel van het domein dat is belast met de ontwikkeling en uitvoering van werkzaamheden en/of ontwikkelen van beleid op het werkterrein zoals vastgesteld in het functieboek van West Betuwe.

  • 9.

    mandaat: de bevoegdheid om namens het college of de burgemeester besluiten te nemen;

  • 10.

    mandaatgever: het bestuursorgaan dat de oorspronkelijke wettelijke bevoegdheid heeft en deze aan een ander mandateert;

  • 11.

    mandaathouder: de functionaris die namens het bestuursorgaan een bevoegdheid uitoefent;

  • 12.

    volmacht: de bevoegdheid om namens het college of de burgemeester privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;

  • 13.

    machtiging: de bevoegdheid om namens het college of de burgemeester handelingen te verrichten die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;

  • 14.

    budgethoudersregeling: de budgtethoudersregeling van de gemeente West Betuwe;

  • 15.

    krediet: door de raad beschikbaar gestelde middelen voor een bepaald doel;

Artikel 2 Schakelbepaling volmacht en machtiging

Waar in dit besluit gesproken wordt over mandaat, dient tenzij anders is bepaald, daaronder tevens te worden begrepen volmacht en machtiging.

Artikel 3 Inhoud mandaat

  • 1.

    Het mandaat omvat naast het nemen van besluiten ook het verrichten van alle voorbereidings- en uitvoeringshandelingen die bij de uitoefening van de bevoegdheid behoren, zoals:

    • a.

      het verstrekken van mondelinge en/of schriftelijke informatie en gegevens van feitelijke en objectieve aard

    • b.

      het verzenden van ontvangstbewijzen

    • c.

      het voeren van overige correspondentie;

    • d.

      het vragen van adviezen en inwinnen van inlichtingen;

    • e.

      het verzorgen van publicaties.

  • 2.

    Tenzij anders bepaald, strekt het mandaat tevens tot intrekking en wijziging van een besluit.

Artikel 4 Algemene bepalingen

  • 1.

    Het college en de burgemeester van West Betuwe verleent de functionaris die werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur het mandaat om alle besluiten te nemen en alle overige (rechts)handelingen te verrichten, waaronder de vertegenwoordiging in rechte, die in het kader van een goede uitoefening van zijn taken en bevoegdheden nodig zijn.

  • 2.

    Het gestelde in het eerste lid geldt uitsluitend wanneer is voldaan aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 5.

  • 3.

    De mandaathouder heeft tevens de bevoegdheid het in het eerste lid bedoelde mandaatbesluit te ondertekenen.

Artikel 5 Voorwaarden en uitzonderingen mandaatverlening

  • 1.

    Het in het artikel 4, eerste lid, bedoelde mandaat komt de mandaathouder slechts toe, voor zover de uitoefening van de bevoegdheid overeenstemt met de taken en verantwoordelijkheden van het domein en team waarbinnen de functionaris werkzaam is.

  • 2.

    De in bijlage I genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan het college respectievelijk de burgemeester.

  • 3.

    De in bijlage II genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris en de directeur. Aan de gemeentesecretaris blijven voorbehouden de bevoegdheden die bij of krachtens de wet aan zijn functie zijn toegekend.

  • 4.

    De in bijlage III genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de directeur, domeinmanagers, de controller en de teamcoaches.

  • 5.

    Ondermandaat is niet toegestaan, tenzij het college of de burgemeester ten aanzien van een bepaalde bevoegdheid hebben aangegeven dat ondermandaat wel is toegestaan.

  • 6.

    De Budgethoudersregeling en het Treasurystatuut dienen in acht te worden genomen.

  • 7.

    In geval van strijdigheid tussen de Budgethoudersregeling en het Mandaatbesluit vervalt laatstgenoemd besluit.

  • 8.

    Naast de mandaten die op basis van deze Algemene mandaatregeling worden verleend, kunnen er ook individuele mandaten worden verleend.

Artikel 6 Plaatsvervanging

  • 1.

    Indien het mandaat, de volmacht of machtiging aan een bepaalde functionaris wordt verleend, wordt daarmee het mandaat, de volmacht of machtiging eveneens geacht te zijn verleend aan de hiërarchisch hoger geplaatsten, zoals de gemeentesecretaris/ directeur en de domeinmanager van de het betreffende domein.

  • 2.

    Bij afwezigheid of verhindering van het domeinmanager als bedoeld in het eerste lid, kan deze worden vervangen door een andere domeinmanager.

Artikel 7 Ondertekeningswijze bij mandaat

  • 1.

    Een krachtens mandaat genomen besluit vermeldt namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen, als volgt:

  • 2.

    Bij de uitoefening van een mandaat worden uitgaande stukken als volgt ondertekend:

    Namens burgemeester en wethouders / de burgemeester van de gemeente West Betuwe,

    <Handtekening>

    <Naam functionaris>

    <Functie>

  • 3.

    Een krachtens mandaat genomen besluit en bij vervanging genomen besluit vermeldt de naam , functie en het domein van degene die wordt vervangen met daarachter “bij afwezigheid” (b.a.) en de handtekening van de vervanger.

Artikel 8 Instructies

  • 1.

    Het college respectievelijk de burgemeester kan instructies geven over de wijze waarop de gemandateerde bevoegdheden worden uitgeoefend.

Artikel 9 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na de bekendmaking en werkt terug tot en met 1 januari 2019.

Artikel 10 Intrekking oude regelingen

  • 1.

    Alle algemene mandaatregelingen van de gemeenten Geldermalsen, Neerijnen en Lingewaal worden per 1 januari 2019 ingetrokken. Het betreft het Mandaatbesluit gemeente Geldermalsen 2013, het Besluit mandaat, volmacht en machtiging gemeente Lingewaal 2017 en het Mandaatbesluit en mandaatregister gemeente Neerijnen 2014.

  • 2.

    Daarnaast worden alle afzonderlijk intern verstrekte mandaten van de gemeenten Geldermalsen, Neerijnen en Lingewaal ingetrokken met het vaststellen van dit mandaatbesluit ingetrokken.

Artikel 11 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: ‘Mandaatbesluit gemeente West Betuwe’.

Geldermalsen, 15 januari 2019

Het college van burgemeester en wethouders,

Secretaris,

Burgemeester

respectievelijk de burgemeester van West Betuwe,

Burgemeester

Bijlage I. Aangelegenheden die ingevolge artikel 5, tweede lid , van het Algemeen mandaatbesluit West Betuwe blijven voorbehouden aan het college respectievelijk de burgemeester van West Betuwe.

 

Algemeen

  • 1.

    De bevoegdheid tot het nemen van beslissingen die zijn neergelegd in een document, gericht tot:

    • a.

      de raad;

    • b.

      de Koning en andere leden van het Koninklijk Huis;

    • c.

      de raad van ministers van het Koninkrijk, de ministerraad of een daaruit gevormde onderraad of commissie, ministers en staatssecretarissen;

    • d.

      de voorzitter van de Eerste of Tweede Kamer der Staten-Generaal of van een uit die Kamer gevormde commissie;

    • e.

      de vice-president van de Raad van State;

    • f.

      de president van de Algemene Rekenkamer;

  • 2.

    Het nemen van besluiten waarbij wordt afgeweken van het beleid door toepassing van artikel 4:81 Awb, van verordeningen door toepassing van de hardheidsclausule of van richtlijnen en/of vergunningvoorschriften.

  • 3.

    Het nemen van besluiten waardoor een budget, zoals vastgelegd in de budgethoudersregeling, of krediet wordt overschreden.

 

Publiekrecht

  • 1.

    Het doen van voorstellen aan de raad.

  • 2.

    Het afleggen van verantwoording, het informeren en raadplegen van de raad.

  • 3.

    Het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften (verordeningen en nadere regels), aanwijzingsbesluiten en beleidsregels, voor zover deze niet door de raad worden vastgesteld.

  • 4.

    Het beslissen om een besluit met uniforme voorbereidingsprocedure voor te bereiden, tenzij wettelijk is bepaald dat deze procedure moet worden gevolgd.

  • 5.

    Het nemen van besluiten die zijn voorbereid met de uniforme voorbereidingsprocedure waarbij zienswijzen zijn ingediend.

  • 6.

    Het besluiten op bezwaarschriften waarbij: (1)het advies van de Adviescommissie voor bezwaarschriften niet wordt opgevolgd, (2) inzake personele aangelegenheden en (3) waarbij het primaire besluit door het college respectievelijk de burgemeester is genomen (niet in mandaat).

  • 7.

    Het beslissen op formele klachten op grond van hoofdstuk 9 Awb.

  • 8.

    Het besluiten tot het toepassen van bestuursdwang en het besluit tot opleggen van een last onder dwangsom in niet spoedeisende gevallen.

  • 9.

    Het besluiten over verzoeken om planschade en nadeelcompensatie boven de € 25.000 en/of waarbij wordt afgeweken van het advies van de wettelijk adviseur.

  • 10.

    Het uitoefenen van alle bevoegdheden op grond van de APV ten aanzien van seksinrichtingen.

  • 11.

    Het vaststellen van het subsidieplafond en de wijze van verdeling ervan.

  • 12.

    Het doen van voordrachten voor of benoeming van personen op grond van een wettelijk voorschrift anders dan het aangaan van een dienstverband.

  • 13.

    Het aanwijzen van de heffings-en invorderingsambtenaar op grond van 231, tweede lid sub b en sub c. van de Gemeentewet.

  • 14.

    Het instellen van commissies als bedoeld in artikel 83 en 84 Gemeentewet.

  • 15.

    Het benoemen van personen in adviesorganen van het college.

  • 16.

    Het benoemen van personen als vertegenwoordiger van de gemeente West Betuwe in bestuurs-en toezichthoudende organen van publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen.

  • 17.

    Het geven van een zienswijze op een voorgenomen besluit van een bestuursorgaan van een ander bestuursorgaan.

  • 18.

    Het verlenen, wijzigen of intrekken van vergunningen, ontheffingen en vrijstellingen ten behoeve van de gemeente zelf.

  • 19.

    Het besluiten tot deelneming aan een gemeenschappelijke regeling

 

Privaatrecht

  • 1.

    Het besluiten tot de oprichting van of de deelneming in rechtspersonen.

  • 2.

    Het afgeven van een borgstelling of garantie.

  • 3.

    Het besluiten tot het doen van een schenking.

  • 4.

    Het besluiten tot aanvaarding of afwijzing van erfstellingen/legaten/schenkingen.

  • 5.

    Het aanvragen van surseance van betaling en faillissement.

  • 6.

    Het besluiten tot het aangaan van convenanten, intentieverklaringen, bestuursovereenkomsten.

  • 7.

    Het besluit tot het aangaan van overeenkomsten indien:

    • a.

      op grond van de Gemeentewet het college de raad vooraf over de overeenkomst moet informeren of omdat de raad daarom heeft verzocht;

    • b.

      op grond van de Gemeentewet de raad vooraf in de gelegenheid moet worden gesteld zijn wensen en bedenkingen ten aanzien van de overeenkomst ter kennis van het college te brengen omdat deze ingrijpende gevolgen voor de gemeente kan hebben;

    • c.

      de raad ter zake om informatie heeft gevraagd.

  • 8.

    Het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen.

  • 9.

    Het besluiten over het opnemen van geldleningen op de kapitaalmarkt met een looptijd langer dan een jaar.

  • 10.

    Het besluiten over het verstrekken van geldleningen op de kapitaalmarkt

  • 11.

    Het besluiten over het doen van beleggingen op de kapitaalmarkt.

  • 12.

    Het besluiten om af te wijken van het vastgestelde inkoop- en aanbestedingsbeleid.

 

Bevoegdheden burgemeester

  • 1.

    Het uitoefenen van de bevoegdheden op grond van artikel 172 tot en met 180 van de Gemeentewet.

  • 2.

    Het besluiten tot het opleggen van een last onder dwangsom of een last onder bestuursdwang op grond van de Wet tijdelijk huisverbod.

  • 3.

    Het verstrekken van nationale paspoorten, reisdocumenten voor vluchtelingen en reisdocumenten voor vreemdelingen.

  • 4.

    Het uitoefenen van de bevoegdheden op grond van de Rijkswet op het Nederlanderschap.

  • 5.

    Het geven van een last tot inbewaringstelling krachtens de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen.

  • 6.

    Het verlenen van evenementenvergunningen, risico-categorie C.

  • 7.

    Het uitoefenen van de bevoegdheden op grond van de Wet veiligheidsregio’s.

  • 8.

    Het nemen van besluiten op grond van de Wet aanpak woonoverlast en de daarop gebaseerde bepalingen in de APV

  • 9.

    Het nemen van besluiten op grond van de APV ten aanzien van het toezicht op horecabedrijven.

  • 10.

    Het besluiten tot weigeren dat de ambtenaar van de burgerlijke stand en de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand op verzoek elders binnen de gemeente ambtsbezigheden verricht.

  • 11.

    Het besluiten tot het inzetten van camera’s ten behoeve van het toezicht op een openbare plaats.

  • 12.

    Het besluiten tot het verlenen van een vergunning voor het opgraven van een lijk op grond van de Wet op de lijkbezorging.

  • 13.

    Het besluiten tot deelneming aan een gemeenschappelijke regeling, voor zover de burgemeester als bestuursorgaan deelneemt.

Bijlage II. Aangelegenheden die ingevolge artikel 5, derde lid , van het Algemeen mandaatbesluit West Betuwe blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris en de directeur.

 

Algemeen

  • 1.

    Het nemen van besluiten indien bij betrokkenheid van meerdere afdelingen er geen overeenstemming is over het te nemen besluit.

  • 2.

    Het besluiten tot alternatieve geschillenbeslechting, zoals mediation.

 

Privaatrecht

-

Personeelsaangelegenheden

  • 1.

    Het uitvoeren van de regeling klokkenluiders.

  • 2.

    Het jaarlijks in afstemming met de Ondernemingsraad aanwijzen van verplichte vrije dagen.

  • 3.

    Het ontzeggen van de toegang tot het gemeentehuis of gemeentedienst ten aanzien van alle (hiërarchisch ondergeschikte) medewerkers.

 

Bijlage III. Aangelegenheden die ingevolge artikel 5, vierde lid , van het Algemeen mandaatbesluit West Betuwe blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris, directeur, domeinmanagers, de concerncontroller en de teamcoaches.

 

Algemeen

  • 1.

    Het besluiten tot en het doen van aangifte of indienen klacht inzake strafbare feiten en het verrichten van de benodigde rechtshandelingen.

  • 2.

    Het besluiten tot voeging als benadeelde in een strafproces en het verrichten van daarvoor benodigde rechtshandelingen

 

Bestuursrecht

  • 1.

    Het besluiten over verzoeken om planschade en nadeelcompensatie onder de € 25.000 en/of waarbij niet wordt afgeweken van het advies van de wettelijk adviseur.

  • 2.

    Het besluiten tot het verlenen, vaststellen, weigeren, intrekken, wijzigen en terugvorderen van subsidies, het verstrekken van voorschotten en het aangaan van uitvoeringsovereenkomsten die in overeenstemming zijn met het vastgestelde beleid en die passen binnen de begroting en/of het subsidieplafond.

  • 3.

    Het besluiten op grond van de Wmo, de Participatiewet of de Jeugdwet, waarmee een bedrag is gemoeid van meer dan € 25.000,-.

  • 4.

    Het besluiten op een verzoek om handhaving niet zijnde een verzoek of last onder dwangsom.

  • 5.

    Het besluiten tot het toepassen van bestuursdwang in spoedeisende gevallen alsmede het opschorten, het opheffen en het beperken daarvan.

  • 6.

    Het besluiten tot kostenverhaal na bestuursdwang.

  • 7.

    Het verzegelen van gebouwen en terreinen.

  • 8.

    Het meevoeren, opslaan van zaken en uitvoeren retentierecht.

  • 9.

    Het besluiten tot het indienen van bezwaar-, beroep- en hoger beroepschriften en verzoeken om een voorlopige voorziening.

  • 10.

    Het besluiten tot het indienen van verweerschriften inzake bezwaar-, beroep en hoger beroepschriften en verzoeken om een voorlopige voorziening.

  • 11.

    Het besluiten tot vergoeding van proceskosten tijdens bezwaar.

  • 12.

    Het beslissen op bezwaar indien conform het advies van de Adviescommissie voor bezwaarschriften wordt besloten, personeelsaangelegenheden uitgezonderd.

  • 13.

    Het verlenen van een machtiging tot het vertegenwoordigen van de gemeente in een bestuursrechtelijke-, strafrechtelijke- of privaatrechtelijke procedure.

  • 14.

    Het aanvragen van vergunningen/ontheffingen en het doen van meldingen ten behoeve van de gemeente.

  • 15.

    Het besluiten tot het aanvragen van subsidie ten behoeve van de gemeente.

  • 16.

    Het besluiten tot het indienen van zienswijzen of bedenkingen voor zover daartoe ingevolge wettelijk voorschrift voor het bestuursorgaan de mogelijkheid bestaat.

  • 17.

    Het beslissen op verzoeken op grond van de Algemene verordening gegevensbescherming, Wet openbaarheid van bestuur, Wet hergebruik Overheidsinformatie en het besluiten op een aanvraag tot ingebrekestelling (Wet dwangsom).

  • 18.

    Het besluiten tot het weigeren of intrekken van een vergunning of ontheffing op grond van hoofdstuk 2 tot en met 5 APV.

  • 19.

    Het besluiten tot het weigeren of intrekken van een vergunning of ontheffing op grond van de Drank-en horecawet.

  • 20.

    Het besluiten tot het weigeren of intrekken van een vergunning of ontheffing op grond van de Wet op de Kansspelen.

  • 21.

    Het besluiten tot het weigeren of intrekken van een ontheffing op grond van de Zondagswet.

  • 22.

    Het besluiten tot het weigeren of intrekken van een ontheffing op grond van de Winkeltijdenwet.

  • 23.

    Het besluiten tot het weigeren of intrekken van een ontheffing op grond van de Wegenverkeerswet in verband met een evenement.

  • 24.

    Het besluiten tot het benoemen van een of meer gemeentelijke lijkschouwers.

  • 25.

    Het besluiten tot het stilleggen van werkzaamheden in verband met:

  • 26.

    Het opstellen van een voornemen tot uitoefening van bestuursdwang of het opleggen van een last onder dwangsom i.v.m. geconstateerde overtredingen betreffende WRO, Woningwet, Wet Algemene Bepalingen Omgevingsrecht, Bouwbesluit, Bouwverordening, Monumentenwet, Wet milieubeheer.

  • 27.

    Het besluiten tot het stilleggen van sloopwerkzaamheden

  • 28.

    Het besluiten tot het toe-/afwijzen marktstandplaatsen.

  • 29.

    Het vaststellen van het uitvoeringsplan gladheidsbestrijding.

 

Privaatrecht

  • 1.

    Het indienen van verweerschriften in civiele procedures

  • 2.

    Het besluiten tot het toekennen en afwijzen van aansprakelijkstellingen en het verrichten van de daartoe benodigde rechtshandelingen tot het eigen risico van de betreffende aansprakelijkheidsverzekering.

  • 3.

    Het nemen van gunningsbesluiten en het afsluiten van de daaruit voortvloeiende overeenkomsten voor zo ver het aanbestedingen betreft die onder de Europese richtlijn vallen.

  • 4.

    Het nemen van conservatoire maatregelen en het verrichten van daarvoor benodigde rechtshandelingen in civiele procedures.

  • 5.

    Het besluiten tot (meervoudig) onderhands, openbaar en Europees aanbesteden en het verrichten de daarvoor benodigde rechtshandelingen binnen de kaders van het inkoopbeleid en binnen het daarvoor vastgestelde krediet of de begroting.

  • 6.

    Het besluiten tot het aangaan van overeenkomsten voor aan en/of door de gemeente te leveren goederen of diensten en het verrichten van de daarvoor benodigde rechtshandelingen binnen de kaders van het inkoopbeleid en de daarvoor vastgestelde krediet of de begroting.

  • 7.

    Het besluiten tot het aangaan van verhuur-en huurovereenkomsten en het verrichten van de daarvoor benodigde rechtshandelingen.

  • 8.

    Het besluiten tot het ingebrekestelling en/of vordering tot nakoming bij contractspartijen en het verrichten van de daarvoor benodigde rechtshandelingen.

  • 9.

    Het openen/sluiten/wijzigen van bankrekeningen.

  • 10.

    Het afspreken van bankcondities en tarieven.

  • 11.

    Het besluit tot dwanginvordering per deurwaarder.

  • 12.

    Het besluiten tot het in gebruik geven of verhuren van grond of opstallen of van op de grond rustende rechten, eigendom van de gemeente

  • 13.

    Het besluiten tot het verstrekken van optie op bouwgrond.

  • 14.

    Het besluiten tot het aangaan van vastgoedtransacties (aankopen, ruilen, verkopen, vestigen of opheffen van zakelijke rechten, kwalitatieve verplichtingen op onroerende zaken en het ontpachten van agrarische gronden, met uitzondering van zekerheidsrechten.

  • 15.

    Het besluiten tot het verlenen van een volmacht voor het verlijden van notariële aktes betreffende de vastgoedtransacties als bedoeld in de nummer 12.

  • 16.

    Het besluiten tot het aangaan en/of beëindigen van huurovereenkomsten, pacht, in gebruik geven/nemen, jachtrecht, visrecht of het op enige andere wijze in gebruik geven van onroerend goed van de gemeente; idem in gevallen waarbij de gemeente optreedt als huurster, verpachtster, gebruikster van een onroerend goed van een derde.

  • 17.

    Het nemen van een gunningbesluit na nationale, meervoudig onderhandse en Europese aanbestedingsprocedure en het aangaan van de daaruit voortvloeiende overeenkomsten binnen de kaders van het inkoopbeleid en binnen het daarvoor vastgestelde krediet of de begroting.

  • 18.

    Het besluiten tot het niet gunnen van een opdracht na een aanbesteding.

 

Personeelsaangelegenheden

  • 1.

    Het toekennen van een vergoeding bedrijfshulpverlening.