Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Zevenaar

Mandaatregeling Zevenaar 2018

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieZevenaar
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingMandaatregeling Zevenaar 2018
CiteertitelMandaatregeling Zevenaar 2018
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 59a van de Gemeentewet
  2. artikel 168 van de Gemeentewet
  3. artikel 171 van de Gemeentewet
  4. titel 10.1 van de Algemene wet bestuursrecht
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-201801-07-2018Nieuwe regeling

09-01-2018

gmb-2018-19528

Tekst van de regeling

Intitulé

Mandaatregeling Zevenaar 2018

Het college van burgemeester en wethouders van Zevenaar en de burgemeester van Zevenaar, ieder voor zover het zijn bevoegdheden betreft;

 

gelet op de artikelen 59a, 168 en 171 van de Gemeentewet;

 

gelet op de artikelen 10:1 tot en met 10:12 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb);

 

overwegende,

 

dat de stuurgroep herindeling Rijnwaarden/Zevenaar op 21 maart 2017 de besturingsfilosofie en de hoofdstructuur van de nieuwe gemeente Zevenaar heeft vastgesteld;

 

dat de stuurgroep vervolgens op 11 juli 2017 de detailstructuur heeft vastgesteld, waarin de taken van de verschillende organisatieonderdelen is vastgelegd;

 

dat in de plaatsingsfunctieboeken I en II de specifieke taken per functie zijn beschreven;

 

dat in deze mandaatregeling de publiekrechtelijke en privaatrechtelijke bevoegdheden aan functionarissen in de organisatie worden toegekend om hen in staat te stellen deze taken rechtmatig uit te voeren;

BESLUITEN:

vast te stellen het navolgende Besluit mandaat-, volmacht- en machtiging Zevenaar 2018

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze regeling en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

  • a.

    besluit: hetgeen daaronder wordt verstaan in artikel 1:3 Awb;

  • b.

    mandaat: de bevoegdheid om namens een bestuursorgaan besluiten te nemen;

  • c.

    mandaatgever: het bestuursorgaan dat de oorspronkelijke wettelijke bevoegdheid heeft en deze aan een ander mandateert;

  • d.

    mandaathouder: de functionaris die namens het bestuursorgaan een bevoegdheid uitoefent;

  • e.

    volmacht: de bevoegdheid om privaatrechtelijke rechtshandelingen te verrichten;

  • f.

    machtiging: de bevoegdheid tot het verrichten van handelingen die noch een besluit, noch een privaatrechtelijke rechtshandeling zijn;

  • g.
  • h.

    functieboek 1: functieboek waarin de functies van de sleutelfunctionarissen zijn beschreven.

Artikel 2 Schakelbepaling volmacht en machtiging

Waar in dit besluit gesproken wordt over mandaat, dient tenzij anders is bepaald, daaronder tevens te worden begrepen volmacht en machtiging.

Artikel 3 Inhoud mandaat

De bevoegdheid om krachtens mandaat besluiten te nemen omvat tevens de bevoegdheid tot het stellen van voorschriften en beperkingen en het verrichten van voorbereidings- en uitvoeringshandelingen.

Artikel 4 Algemene bepalingen

  • 1.

    Het college en de burgemeester van Zevenaar verlenen de functionaris die werkzaam is onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur het mandaat om alle besluiten te nemen en alle overige (rechts)handelingen te verrichten, waaronder de vertegenwoordiging in rechte, die in het kader van een goede uitoefening van zijn taken en bevoegdheden nodig zijn.

  • 2.

    Het gestelde in het eerste lid geldt uitsluitend wanneer is voldaan aan de voorwaarden zoals genoemd in artikel 5.

  • 3.

    De mandaathouder heeft tevens de bevoegdheid het in het eerste lid bedoelde mandaatbesluit te ondertekenen.

Artikel 5 Voorwaarden en uitzonderingen mandaatverlening

  • 1.

    Het in het artikel 4, eerste lid, bedoelde mandaat komt de mandaathouder slechts toe, voor zover de uitoefening van de bevoegdheid overeenstemt met de taken en verantwoordelijkheden van de organisatie-eenheid c.q. taakveld waarbinnen de functionaris werkzaam is.

  • 2.

    De in bijlage 1 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan het college respectievelijk de burgemeester.

  • 3.

    De in bijlage 2 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de gemeentesecretaris.

  • 4.

    De in bijlage 3 genoemde bevoegdheden blijven voorbehouden aan de afdelingshoofden.

  • 5.

    Ondermandaat is niet toegestaan, tenzij het college of de burgemeester ten aanzien van een bepaalde bevoegdheid hebben aangegeven dat ondermandaat wel is toegestaan.

  • 6.

    De Budgethoudersregeling en het Treasurystatuut dienen in acht te worden genomen.

  • 7.

    In geval van strijdigheid tussen de Budgethoudersregeling en het Mandaatbesluit vervalt laatstgenoemd besluit.

  • 8.

    Naast de mandaten die op basis van deze algemene mandatenregeling worden verleend, kunnen er ook individuele mandaten worden verleend.

Artikel 6 Specifieke mandaten aan derden

  • 1.

    Verlening van mandaat aan een mandaathouder die niet werkzaam is onder verantwoordelijkheid van de mandaatgever, behoeft de instemming van de mandaathouder en in voorkomend geval van degene onder wiens verantwoordelijkheid de gemandateerde werkt.

  • 2.

    Mandaat tot het uitoefenen van bevoegdheden en taken die aan een Gemeenschappelijke Regeling zijn opgedragen valt niet onder deze regeling.

  • 3.

    Mandaat tot het uitoefenen van taken en bevoegdheden die door middel van een overeenkomst aan een derde zijn overgedragen, valt niet onder deze regeling.

  • 4.

    Voor zover aan overige derden een specifiek mandaat wordt verleend, zijn deze opgenomen in bijlage 4.

  • 5.

    Het specifieke mandaat laat onverlet de werking van het algemeen mandaat.

  • 6.

    De algemene uitzonderingen zoals genoemd in bijlage 1 zijn onverkort van toepassing op specifieke mandaten.

Artikel 7 Plaatsvervanging

  • 1.

    Indien het mandaat, de volmacht of machtiging aan een bepaalde functionaris wordt verleend, wordt daarmee het mandaat, de volmacht of machtiging eveneens geacht te zijn verleend aan de hiërarchisch hoger geplaatsten, zoals de gemeentesecretaris en het afdelingshoofd van de betreffende afdeling.

  • 2.

    Bij afwezigheid of verhindering van het afdelingshoofd als bedoeld in het eerste lid, kan deze worden vervangen door een ander afdelingshoofd.

Artikel 8 Ondertekeningswijze bij mandaat

  • 1.

    Een krachtens mandaat genomen besluit vermeldt namens welk bestuursorgaan het besluit is genomen, als volgt:

    “Namens het college van burgemeester en wethouders van Zevenaar” of “Namens de burgemeester van Zevenaar”,

    Handtekening

    Naam mandaathouder

    Functie mandaathouder

  • 2.

    Een krachtens mandaat genomen besluit en bij vervanging genomen besluit vermeldt de naam en functie van degene die wordt vervangen met daarachter “bij afwezigheid” (b.a.) en de handtekening van de vervanger.

Artikel 9 Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 januari 2018.

Artikel 10 Intrekking oude regelingen

De Mandatenregeling 2015 Zevenaar, zoals laatstelijk vastgesteld door het college en de burgemeester van Zevenaar op 7 juni 2016 en het Besluit mandaat, volmacht en machtiging Rijnwaarden, vastgesteld door het college en de burgemeester van Rijnwaarden op 6 maart 2012, worden per 1 januari 2018 ingetrokken. Daarnaast worden alle afzonderlijk intern verstrekte mandaten ingetrokken met het vaststellen van de Mandaatregeling Zevenaar 2018.

Artikel 11 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: ‘Mandaatregeling Zevenaar 2018’.

 

Zevenaar,9 januari 2018

Het college van burgemeester en wethouders,

Secretaris,

Burgemeester

respectievelijk de burgemeester van Zevenaar,

Burgemeester

Bijlage 1 Niet gemandateerde bevoegdheden van het college en de burgemeester

Algemeen

  • 1.

    Indien het besluit een afwijking zou inhouden van het bestaande beleid, vastgestelde richtlijnen en/of voorschriften.

  • 2.

    In geval van een bevoegdheid die in een wettelijke regeling expliciet wordt uitgezonderd van mandaat en derhalve geacht wordt voorbehouden te zijn aan het desbetreffende orgaan aan wie het is toebedeeld.

  • 3.

    Het voorgenomen besluit een overschrijding van een budget of krediet tot gevolg heeft dan wel een groot financieel risico met zich brengt.

  • 4.

    Als een lid van het college of de leidinggevende van de mandaathouder heeft aangegeven dat hij het voorstel aan de mandaatgever wenst voor te leggen.

  • 5.

    Als de mandaatgever heeft aangegeven zelf te willen besluiten.

  • 6.

    Aan het voorgenomen besluit mogelijkerwijs politieke consequenties zijn verbonden dan wel dat dit precedentwerking tot gevolg kan hebben; hiervan is sprake als:

    • -

      de aangelegenheid tot negatieve berichtgeving in de media heeft geleid of redelijkerwijs moet worden aangenomen dat dit zal gebeuren;

    • -

      de aangelegenheid ingrijpende gevolgen kan hebben voor een groot aantal inwoners, bedrijven, verenigingen, stichtingen of belangengroepen.

  • 7.

    Indien de mandaathouder een persoonlijk belang heeft bij de uitoefening van de bevoegdheden, dan vindt besluitvorming plaats door de hiërarchisch hoger geplaatste persoon op de afdeling.

Publiekrecht

  • 1.

    Het doen van voorstellen aan de raad.

  • 2.

    Het afleggen van verantwoording, het informeren en raadplegen van de raad.

  • 3.

    Het vaststellen van een formulier voor het indienen van een aanvraag.

  • 4.

    Het beslissen om een besluit met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure voor te bereiden.

  • 5.

    Het nemen van een besluit dat is voorbereid met de uniforme openbare voorbereidingsprocedure en waarbij zienswijzen zijn ingediend.

  • 6.

    Het weigeren, wijzigen en intrekken van subsidies.

  • 7.

    Voordracht voor of benoeming van personen op grond van een wettelijk voorschrift betreft anders dan het aangaan van een dienstverband.

  • 8.

    Het vaststellen van algemeen verbindende voorschriften of beleidsregels.

  • 9.

    Het beslissen op bezwaar wanneer het primaire besluit niet in mandaat is genomen.

  • 10.

    Het beslissen op bezwaar waarbij wordt afgeweken van het advies van de Adviescommissie voor bezwaarschriften en als het gaat om personeelsaangelegenheden.

  • 11.

    Het beslissen op een verzoek in te stemmen met rechtstreeks beroep bij de bestuursrechter, als bedoeld in artikel 7:1a Awb.

  • 12.

    Het beslissen ten aanzien van een ingediende klacht op grond van hoofdstuk 9 Awb.

  • 13.

    Het instellen van commissies als bedoeld in artikel 83 en 84 Gemeentewet.

  • 14.

    Het benoemen van personen in adviesorganen van het college.

  • 15.

    Het benoemen van personen als vertegenwoordiger van de gemeente in organen van publiekrechtelijke en privaatrechtelijke rechtspersonen.

  • 16.

    Het nemen van besluiten t.a.v. alternatieve geschillenbeslechting, zoals mediation.

  • 17.

    Het geven van een zienswijze op een voorgenomen besluit van een bestuursorgaan van een ander openbaar lichaam.

  • 18.

    Het nemen van een aanwijzingsbesluit op grond van de APV.

  • 19.

    Alle bevoegdheden op grond van de APV ten aanzien van seksinrichtingen.

Privaatrecht

  • 1.

    Het besluit tot oprichting van of deelneming in rechtspersonen.

  • 2.

    Het afgeven van borgstellingen.

  • 3.

    Het aanvragen van surseance van betaling of faillissement.

  • 4.

    Het besluit tot aanvaarding of afwijzing van een schenking, erfstelling of legaat.

  • 5.

    Het besluit tot het doen van een schenking.

  • 6.

    Besluiten tot het aangaan van civiele procedures voor vorderingen boven de € 25.000,-.

  • 7.

    Het nemen van besluiten t.a.v. alternatieve geschillenbeslechting, zoals mediation.

  • 8.

    Besluiten tot het treffen van een schikking.

  • 9.

    Het beslissen inzake verzekeringsaangelegenheden, waaronder aansprakelijkheid van de gemeente, boven de € 10.000,- per geval.

  • 10.

    Het oninbaar verklaren van vorderingen boven de € 5.000,-.

  • 11.

    Besluiten tot het aangaan van convenanten, intentieverklaringen en bestuursovereenkomsten.

  • 12.

    Besluiten om een privaatrechtelijke rechtshandeling te verrichten in gevallen waarvoor de raad heeft verzocht om van tevoren te worden ingelicht.

  • 13.

    Het aangaan van verplichtingen voor:

    • a.

      werken met een opdrachtwaarde van meer dan € 1.000.000,- en

    • b.

      leveringen en diensten die de drempelwaarde voor verplichte Europese aanbesteding overschrijden, tenzij het aangaan van een verplichting past binnen de vastgestelde Grondexploitatie (GREX).

  • 14.

    Het verstrekken van kapitaal aan instellingen en ondernemingen.

Personeelsaangelegenheden

  • 1.

    Het vaststellen, wijzigen of intrekken van regels omtrent de ambtelijke organisatie.

  • 2.

    Het vaststellen van de definitieve functiebeschrijvingen/functiewaarderingen.

  • 3.

    Het benoemen en ontslaan van de gemeentesecretaris.

  • 4.

    Het verlenen van strafontslag.

  • 5.

    De uitoefening van alle overige bevoegdheden op grond van de CAR UWO en de daarop gebaseerde regelingen ten aanzien van de gemeentesecretaris.

Bevoegdheden burgemeester

  • 1.

    Het opleggen van een huisverbod.

  • 2.

    Het sluiten van een woning (artikel 13b Opiumwet).

  • 3.

    Het verlenen van een evenementenvergunning, risicocategorie C.

  • 4.

    Het instellen van cameratoezicht op openbare plaatsen.

  • 5.

    Noodverordening/noodbevel.

  • 6.

    Het intrekken of verlengen van een tijdelijk huisverbod krachtens de Wet tijdelijk huisverbod.

  • 7.

    De lastgeving tot inbewaringstelling krachtens de Wet bijzondere opnemingen in psychiatrische ziekenhuizen.

  • 8.

    Alle overige in de Gemeentewet, Hoofdstuk XI, aan de burgemeester toegekende bevoegdheden op het gebied van openbare orde en veiligheid, tenzij uitdrukkelijk gemandateerd.

  • 9.

    Alle bevoegdheden op grond van de Wet veiligheidsregio’s.

  • 10.

    Alle bevoegdheden op grond van de Wet aanpak woonoverlast en de daarop gebaseerde bepalingen in de APV.

  • 11.

    Alle bevoegdheden op grond van de APV ten aanzien van het toezicht op horecabedrijven.

  • 12.

    Het opleggen van een verblijfsontheffing op grond van de APV.

Bijlage 2 mandaat voorbehouden aan algemeen directeur/secretaris

Bevoegdheden die gelden ten aanzien van alle (hiërarchisch ondergeschikte) medewerkers tenzij anders is vermeld.

  • 1.

    Het ontzeggen van de toegang tot het gemeentehuis of gemeentedienst.

  • 2.

    Het verlenen van ontslag wegens onbekwaamheid of ongeschiktheid.

  • 3.

    Het verlenen van ontslag wegens reorganisatie of verminderde behoefte aan arbeidskrachten.

  • 4.

    Het verlenen van ontslag wegens overige gronden.

  • 5.

    Het benoemen van de functionarissen van functieboek 1.

  • 6.

    Het opleggen van een disciplinaire maatregel.

  • 7.

    Het toepassen van de hardheidsclausule in de CAR UWO of daarop gebaseerde regelingen.

  • 8.

    Het vaststellen van de beoordeling van medewerkers op grond van de CAR UWO.

  • 9.

    Het vaststellen van de voorlopige functiebeschrijvingen.

Overige bevoegdheden

  • 1.

    Het aangaan van overeenkomsten met betrekking tot het inhuren van tijdelijk personeel.

  • 2.

    Het voeren van het georganiseerd overleg met de vakbonden.

  • 3.

    De bevoegdheid tot het verlenen, wijzigen of intrekken van vergunningen, ontheffingen en vrijstellingen ten behoeve van de gemeente zelf.

  • 4.

    Het nemen van besluiten indien bij betrokkenheid van meerdere afdelingen er geen overeenstemming is over het te nemen besluit.

  • <