Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Zevenaar

Beleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2019

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieZevenaar
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBeleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2019
CiteertitelBeleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2019
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerponderwijs
Eigen onderwerpBeleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2019

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Wet kinderopvang
  2. artikel 167 van de Wet op het primair onderwijs
  3. titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht
  4. Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie
  5. Besluit kwaliteit kinderopvang
  6. http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Rijnwaarden/CVDR394500/CVDR394500_1.html
  7. http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Zevenaar/CVDR3888/CVDR3888_2.html
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

13-02-201901-01-2019Nieuwe regeling

05-02-2019

gmb-2019-32524

Z/18/321689

Tekst van de regeling

Intitulé

Beleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2019

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zevenaar;

 

gelet op de bepalingen in de Wet kinderopvang (Wko) en artikel 167 van de Wet op het primair onderwijs (Wpo), titel 4.2 van de Algemene wet bestuursrecht, Besluit basisvoorwaarden kwaliteit voorschoolse educatie, Besluit tot het stellen van eisen aan de kwaliteit van de kinderopvang, artikel 2 van de Algemene subsidieverordening gemeente Rijnwaarden 2016 en artikel 2 van de Algemene subsidieverordening gemeente Zevenaar 2008;

 

overwegende;

 

dat één van de vervolgstappen van de vaststelling van ‘de Beleidsnotitie harmonisatie kinderopvang peuterspeelzalen gemeente Zevenaar 2018 e.v.’ het opstellen van ‘Beleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie 2019’ is, waarin de subsidieregels zijn uitgewerkt;

 

dat de regels betrekking hebben op het stellen van voorwaarden bij het subsidiëren van de peutervoorziening aan peuters van ouders die niet onder de Wko vallen, en/of voor het aanbieden van voorschoolse educatie aan doelgroeppeuters;

 

dat de mogelijkheid moet worden geboden aan alle kinderopvangaanbieders in de gemeente Zevenaar om vanaf 1 januari 2019 een subsidieaanvraag voor peuteropvang en/of voorschoolse educatie in te dienen

besluiten:

 

vast te stellen

 

de Beleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2018

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • a.

    Aanbieder: aanbieder van peuteropvang en VVE die is opgenomen in het Landelijk Register Kinderopvang (LRK).

  • b.

    Doelgroeppeuter: peuter die op basis van door rijk en gemeente bepaalde criteria een VVE-indicatie heeft gekregen door de jeugdgezondheidszorg van de GGD.

  • c.

    GGD: Veiligheids- en Gezondheidsregio Gelderland Midden

  • d.

    Inkomensverklaring: de Verklaring Geregistreerd Inkomen (VGI), te verkrijgen bij de Belastingdienst.

  • e.

    Kinderopvangtoeslag: een tegemoetkoming van het Rijk in de kosten van kinderopvang (zie Wko, artikel 1.1).

  • f.

    LRK: Landelijk Register Kinderopvang waarin aanbieders van peuteropvang en VVE die voldoen aan de Wko zijn opgenomen.

  • g.

    Ouderbijdrage: de inkomensafhankelijke bijdrage die door de ouders betaald wordt aan de aanbieder.

  • h.

    Ouderbijdragetabel: adviestabel ouderbijdragen van de VNG 2019.

  • i.

    Peutervoorziening: een aanbod educatieve voorschoolse opvang , gericht op ontwikkelingsstimulering en voorbereiding op de basisschool. De peutervoorziening moet voldoen aan de eisen uit de Wet Kinderopvang .

  • j.

    Peuterplaats regulier: plek van twee dagdelen per week, van 3,5 uur per dagdeel, voor peuters vanaf 2 jaar tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool, verspreid over 2 werkdagen, gedurende 40 weken per jaar.

  • k.

    Peuterplaats VVE: plek van vier dagdelen per week, van 3,5 uur per dagdeel, voor doelgroep peuters vanaf 2,5 tot het moment waarop zij uitstromen naar de basisschool van 14 uur per week, gedurende 40 weken per jaar.

  • l.

    Semesterformulier: een door de gemeente verstrekt digitaal berekeningsformulier waarin aan de hand van de verwachte afname van de peutervoorziening en/of VVE de hoogte van de subsidie wordt berekend.

  • m.

    Uurtarief: uurtarieven die voor resp. de peutervoorziening en voor VVE wordt gehanteerd en jaarlijks door de gemeente wordt vastgesteld, passend binnen de beschikbare middelen.

  • n.

    Voorschoolse educatie: uitvoering van een door het college gesubsidieerd programma voor doelgroeppeuters dat gericht is op het verbeteren van de voorwaarden voor het met succes instromen in het basisonderwijs (zie Wko, artikel 1.1).

  • o.

    VVE: Voor- en vroegschoolse educatie.

  • p.

    VVE-programma: een programma dat is aangemeld bij of is opgenomen in de databank Effectieve Jeugdinterventies van het Nederlands Jeugdinstituut.

  • q.

    VVE-registratie: een registratie in het LRK waaruit blijkt dat de aanbieder voldoet aan de wettelijke kwaliteitseisen voor het aanbieden van VVE.

Artikel 2 Algemene subsidieverordening

De Algemene subsidieverordening gemeente Rijnwaarden 2016 en de Algemene subsidieverordening gemeente Zevenaar zijn van toepassing op subsidies die op basis van deze beleidsregels worden verleend.

Artikel 3 Subsidie voor deelname peuters aan de peutervoorziening

  • 1.

    De aanbieder kan alleen subsidie aanvragen bij de gemeente voor de deelname van een peuter aan een peutervoorziening wanneer aan de volgende voorwaarden wordt voldaan:

    • a.

      de ouder(s) van de peuter komen (aantoonbaar) niet in aanmerking voor kinderopvangtoeslag;

    • b.

      de peuter is woonachtig in de gemeente Zevenaar of bezoekt in de toekomst een basisschool in Zevenaar;

    • c.

      voorafgaand aan de start van de peuteropvang is een overeenkomst opgesteld en ondertekend door de aanbieder en de ouder(s);

  • 2.

    De subsidie is gelijk aan de maximale uurvergoeding kinderopvangtoeslag die de belastingdienst in het betreffende subsidiejaar hanteert per geplaatste peuter voor maximaal 2 dagdelen per week gedurende maximaal 40 weken per jaar, minus de ouderbijdrage.

  • 3.

    De peutervoorziening is toegankelijk voor kinderen van 2 jaar tot 4 jaar of tot het moment dat het kind naar de basisschool gaat.

  • 4.

    Voor de afname van subsidiabele peuteropvang betalen de ouder(s) alleen de ouderbijdrage volgens de ouderbijdragetabel.

  • 5.

    Wanneer ouder(s) meer dan 7 uur subsidiabele peuteropvang afnemen, betalen zij deze extra uren zelf, tenzij het voorschoolse educatie betreft.

Artikel 4 Subsidie voor deelname peuters aan voorschoolse educatie

  • 1.

    Deze subsidie wordt alleen verstrekt voor extra VVE aanbod aan peuters die door de GGD een VVE-indicatie hebben gekregen en woonachtig zijn in de gemeente Zevenaar.

  • 2.

    De subsidie bedraagt € 9,77 per uur (prijspeil 2019). Dit bedrag wordt jaarlijks geïndexeerd.

  • 3.

    De deelname aan VVE betreft vier dagdelen per week, voor maximaal 40 weken per jaar;

  • 4.

    Voor een VVE-subsidie komen alleen het derde en vierde dagdeel in aanmerking, aanvullend op deelname van twee dagdelen peuteropvang en het bijbehorende uurtarief zoals omschreven in artikel 3.

  • 5.

    Voor het derde en vierde dagdeel VVE betalen de ouder(s) geen ouderbijdrage aan de VVE-aanbieder.

  • 6.

    Aanbieders zijn verplicht bij plaatsing van een peuter op een beschikbaar gekomen peuterplek doelgroeppeuters voorrang te geven.

Artikel 5 Kwaliteitseisen aan aanbieders

  • 1.

    Om in aanmerking te komen voor subsidie voor de peutervoorziening dienen aanbieders te voldoen aan de volgende eisen:

    • a.

      Er is geen sprake van het herhaaldelijk niet correct opvolgen van overtredingen ten aanzien van de wettelijke basiskwaliteit door de aanbieder;

    • b.

      Er wordt gewerkt met een kind-volgsysteem;

    • c.

      Er worden gegevens aangeleverd voor monitoring;

    • d.

      Er wordt gewerkt met het door de gemeente vastgestelde overdrachtsprotocol.

  • 2.

    Om in aanmerking te komen voor subsidie voor voorschoolse educatie dienen aanbieders te voldoen aan de volgende aanvullende eisen:

    • a.

      De locatie is geregistreerd in het LRK met een VVE registratie;

    • b.

      Er wordt gewerkt met een VVE programma zoals omschreven in artikel 1;

    • c.

      Als op een locatie geen doelgroeppeuters meer kunnen worden opgenomen worden zij zo spoedig mogelijk doorverwezen naar andere locaties of aanbieders;

    • d.

      Aanbieders krijgen twee jaar de tijd om hun personeel te scholen in VVE;

    • e.

      Aanbieders participeren in het scholingsplan dat in overleg met de gemeente is opgesteld.

Artikel 6 Ouderbijdrage

  • 1.

    De aanbieder int de ouderbijdrage bij de ouder(s) en is zelf verantwoordelijk voor een eventueel debiteurenverlies.

  • 2.

    De aanbieder is verantwoordelijk voor het schriftelijk toetsen en vaststellen van de hoogte van de ouderbijdrage voor peuteropvang aan de hand van onderstaande documenten:

    • a.

      de door de ouder(s) aan de aanbieder overgelegde meest recente inkomensverklaring(en);

    • b.

      de adviestabel ouderbijdrage.

  • 3.

    Wanneer op enig moment blijkt dat de inkomenssituatie van ouder(s) dusdanig wijzigt of gewijzigd is dat één van onderstaande situatie geldt:

    • a.

      de ouder(s) komen niet meer in aanmerking voor kinderopvangtoeslag waardoor er subsidie aangevraagd kan worden bij de gemeente;

    • b.

      de ouder(s) komen in aanmerking voor kinderopvangtoeslag waardoor er geen subsidie meer aangevraagd kan worden bij de gemeente;

    • c.

      de ouder(s) vallen in een lagere of hogere inkomenscategorie in de adviestabel ouderbijdrage waardoor de ouderbijdrage wijzigt;

    wordt de ouderbijdrage zo spoedig mogelijk opnieuw getoetst.

  • 4.

    Indien de ouderbijdrage opnieuw getoetst wordt zoals bedoeld in lid 3 dan wordt deze verwerkt door de aanbieder in het semesterformulier zoals omschreven in artikel 7.

Artikel 7 Subsidieaanvraag

  • 1.

    De subsidie zoals bedoeld in artikel 3 en 4 wordt door de aanbieder bij de gemeente aangevraagd middels het semesterformulier subsidie peuteropvang Gemeente Zevenaar, en door de gemeente aan de aanbieder uitgekeerd.

  • 2.

    In november en mei vraagt de aanbieder de subsidie voor het eerst volgende semester aan bij de gemeente.

  • 3.

    De (VVE-)aanbieder is verantwoordelijk voor de volledigheid en juistheid van de ingevulde subsidieaanvraag peuteropvang/VVE.

Artikel 8 Subsidieverlening

  • 1.

    Per semester wordt aan de hand van het semesterformulier in twee voorschotten de subsidie verleend door de gemeente.

  • 2.

    De subsidie kan pas worden verleend als het betreffende semesterformulier door de aanbieder bij de gemeente is ingeleverd.

  • 3.

    Betaling van het eerste semester vindt plaats in januari en april, en betaling van het tweede semester in juli en oktober.

  • 4.

    De hoogte van de door de aanbieder te ontvangen subsidie wordt gebaseerd op:

    • a.

      het aantal uren dat peuteropvang en/of VVE afgenomen wordt;

    • b.

      het uurtarief dat door de gemeente is vastgesteld;

    • c.

      de hoogte van de te ontvangen ouderbijdrage.

Artikel 9 Subsidievaststelling

  • 1.

    Het definitieve subsidiebedrag wordt na afloop van het subsidiejaar, op basis van de gegevens uit de eindrapportage/jaarrekening van de houder, door het college vastgesteld. Deze vaststelling vindt plaats op basis van het werkelijke aantal bezette peuterplaatsen (daaronder wordt hier begrepen het aantal afgenomen uren peutervoorziening en voorschoolse educatie), het werkelijk gehanteerde uurtarief en de totaal in rekening gebrachte ouderbijdragen.

  • 2.

    Vaststelling kan een terugvordering tot gevolg hebben als de aanbieder minder bezette peuterplaatsen heeft gerealiseerd dan het aantal waarop de hoogte van de subsidieverlening was gebaseerd.

  • 3.

    Jaarlijks wordt door de gemeente in oktober duidelijkheid verschaft over de gehanteerde uurtarieven van het daaropvolgende kalenderjaar.

  • 4.

    Het college vraagt bij de aanbieder nadere gegevens op om de rechtmatigheid van de besteding van de subsidie conform de opgelegde voorwaarden te controleren. Deze gegevens betreffen:

    • -

      Inkomensverklaringen of andere bewijzen hoogte gezinsinkomen;

    • -

      verklaringen Geen recht op kinderopvangtoeslag van ouders;

    • -

      plaatsingsovereenkomst peuter waaruit aantal uren, soort peuterplaats, ouderbijdrage en start- en (verwachte) einddatum blijken.

    • -

      VVE-indicaties, afgegeven door de JGZ, voor plaatsing van doelgroeppeuters.

Artikel 10 Subsidieplafond

De raad stelt jaarlijks tijdens behandeling van de begroting een subsidieplafond vast.

Artikel 11 Weigeringsgrond

In aanvulling op artikel 8 van de Algemene subsidieverordening gemeente Rijnwaarden 2016 en de artikelen 30 en 31 van de Algemene subsidieverordening gemeente Zevenaar 2008 kan de subsidie worden geweigerd indien herhaaldelijk wordt geconstateerd dat de wettelijke basiskwaliteit van de aanbieder niet op orde is.

Artikel 12 Hardheidsclausule

In bijzondere omstandigheden kan het college gemotiveerd van de beleidsregels afwijken, indien toepassing ervan niet in verhouding staat tot de met deze beleidsregels te dienen doelen.

Artikel 13 Citeertitel

Deze regels worden aangehaald als “Beleidsregels peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2019”.

Artikel 14 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze beleidsregels treden in werking op 1 januari 2019.

  • 2.

    De beleidsregels “Peutervoorziening en voorschoolse educatie gemeente Zevenaar 2018 komen per 1 januari 2019 te vervallen.

     

Vastgesteld bij besluit van burgemeester en wethouders van Zevenaar d.d. 5 februari 2019.

Burgemeester en wethouders van Zevenaar,

burgemeester.

secretaris.