| Overheidsorganisatie | Gemeente Ede |
|---|---|
| Officiële naam regeling | Verordening op de heffing en de invordering van rechten voor het gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen 2010 |
| Citeertitel | Verordening graf- en begraafrechten 2010 |
| Vastgesteld door | gemeenteraad |
| Onderwerp | algemeen |
| Eigen onderwerp | belastingen, retributies, heffingen en grafrechten |
Deze regeling vervangt de "Gewijzigde Verordening graf- en begraafrechten 2009" van 11 december 2008, bekendgemaakt op 24 december 2008, welke is ingetrokken per 1 januari 2010. De "Gewijzigde Verordening graf- en begraafrechten 2009" blijft van toepassing op de belastbare feiten, die zich voor die datum hebben voorgedaan.
Gemeentewet, art. 229, lid 1a en 1b
1. Geen
| Datum inwerking- treding | Terugwerkende kracht t/m | Datum uitwerking- treding | Betreft | Datum ondertekening Bron bekendmaking | Kenmerk voorstel |
|---|---|---|---|---|---|
| 01-01-2010 | i.v.m. aanpassing inflatiepercentage | 12-11-2009 Ede Stad 23-12-2009 | 597071 en 597206 | ||
| 01-01-2009 | 01-01-2010 | i.v.m. aanpassing inflatiepercentage | 11-12-2008 Ede Stad 24-12-2008 | BB 2008 26160 | |
| 01-01-2009 | nieuwe regeling | 13-11-2008 Ede Stad 24-11-2008 | BB 2008 20381 |
De raad van de gemeente Ede;
gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 29 september 2009, kenmerk 596954;
gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;
Deze verordening verstaat onder:
| - begraafplaats: | de gemeentelijke begraafplaatsen; |
| - eigen graf: | een graf, grafkelder daaronder begrepen, waarvoor het uitsluitend recht is verleend tot: - het doen begraven en begraven houden van lijken; - het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen; |
| - algemeen graf: | een graf bij de gemeente in beheer waarin aan een ieder gelegenheid wordt geboden tot het doen begraven van lijken; |
| - eigen urnenruimte: | een ruimte op een urnenveld waarvoor het uitsluitend recht is verleend tot het doen bijzetten en bijgezet houden van asbussen. |
Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.
De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.
1. De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.
2. Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.
Met betrekking tot de rechten die per jaar worden geheven is het belastingjaar gelijk aan het kalenderjaar.
De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving, waarop het gevorderde bedrag wordt vermeld.
1. De onderhoudsrechten, als bedoeld in de onderdelen 5.1.1, 5.1.2 en 5.1.3 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingjaar, of zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.
2. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar aanvangt zijn de rechten bedoeld in de onderdelen 5.1.1, 5.1.2 en 5.1.3 van de tarieventabel verschuldigd voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na de aanvang van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven.
3. Indien de belastingplicht in de loop van het belastingjaar eindigt, bestaat aanspraak op ontheffing voor de rechten bedoeld in de onderdelen 5.1.1, 5.1.2 en 5.1.3 van de tarieventabel voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde rechten als er in dat jaar, na het einde van de belastingplicht, nog volle kalendermaanden overblijven, tenzij het bedrag van de ontheffing minder bedraagt dan
€ 9,-.
Andere rechten dan die bedoeld in de onderdelen 5.1.1, 5.1.2 en 5.1.3 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.
1. In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de rechten, behoudens het bepaalde in het tweede lid, worden voldaan op het tijdstip, waarop het gebruik een aanvang neemt of een dienst, als bedoeld in artikel 2, wordt verleend.
2. In afwijking van het bepaalde in het eerste lid moet het jaarlijks onderhoudsrecht, als bedoeld in de onderdelen 5.1.1, 5.1.2 en 5.1.3 van de tarieventabel, worden voldaan binnen veertien dagen na de dagtekening van de kennisgeving.
3. De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in de voorgaande leden gestelde termijnen.
Bij de invordering van de rechten wordt geen kwijtschelding verleend.
Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten.
1. De ‘Gewijzigde Verordening graf- en begraafrechten 2009’ van 11 december 2008, bekendgemaakt op 24 december 2008, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing. Zij blijft van toepassing op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.
2. Deze verordening treedt in werking met ingang van de achtste dag na die van de bekendmaking.
3. De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2010.
4. Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordening graf- en begraafrechten 2010'.
Aldus vastgesteld in de raadsvergadering van 12 november 2009, nr. V.R. 2009/58-c.
De raad voornoemd,
, de griffier
w.g. HAGELSTEIN
, de voorzitter
w.g. VAN DER KNAAP