Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
's-Gravenhage

Controleverordening gemeente Den Haag 2014

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
Organisatie's-Gravenhage
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingControleverordening gemeente Den Haag 2014
CiteertitelControleverordening gemeente Den Haag 2014
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp20/2014

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Gelet op artikel 147 van de Gemeentewet

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

19-12-2014nieuwe regeling

18-12-2014

Gemeenteblad 218, 2014

rv 149, 2014

Tekst van de regeling

Intitulé

Controleverordening gemeente Den Haag 2014

 

 

Artikel 1 Definities

a.

Accountant:

de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag.

b.

Accountantscontrole (algemeen):

het onderzoek door een accountant inzake de getrouwheid en/of de rechtmatigheid van een verantwoording.

c.

Accountantscontrole (jaarstukken):

de controle door de Gemeentelijke Accountantsdienst van de in artikel 197 van de Gemeentewet bedoelde jaarrekening, met inachtneming van de bepalingen van artikel 213 van de Gemeentewet en de overige relevante beroepsreglementering voor Registeraccountants.

d.

Rechtmatigheid in het kader van accountantscontrole:

het overeenstemmen van financiële beheerhandelingen en de vastlegging daarvan met de relevante wet- en regelgeving, zoals bedoeld in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden (BADO).

e.

Jaarrekening:

de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening van de Gemeente Den Haag.

f.

Tussentijdse proces- en projectverantwoordingen:

de op verzoek van de Rekeningencommissie gedurende het jaar door het college opgestelde verantwoordingsrapportages over processen en projecten.

g.

Rekeningencommissie

de commissie als bedoeld in de Verordening Rekeningencommissie 2014

Artikel 2 Onafhankelijkheid en Opdrachtverlening accountantscontrole en andere onderzoeken

  • 1.

    De accountantscontrole als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet van de jaarrekening is door de raad opgedragen aan de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag.

  • 2.

    Binnen de kaders van de Controleverordening gemeente Den Haag kan de raad, via de Rekeningencommissie, in overleg met de accountant aanvullende onderwerpen vaststellen voor de accountantscontrole.

  • 3.

    Aan het hoofd van de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag staat een directeur als deskundige bedoeld in artikel 393, eerste lid van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, die belast is met de leiding van de dienst en met de regeling van alle door de dienst uit te voeren werkzaamheden.

  • 4.

    Conform het bepaalde in artikel 213, zevende lid van de Gemeentewet wordt de accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek door de Gemeenteraad benoemd, geschorst en ontslagen. Hij regelt zijn vervanging bij afwezigheid.

  • 5.

    De directeur en de medewerkers van de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag zijn in de uitoefening van hun werkzaamheden onafhankelijk van hun opdrachtgevers en van degenen omtrent wiens aangelegenheden verklaringen en onderzoeksrapporten worden afgegeven.

  • 6.

    De directeur en de medewerkers van de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag zijn bij de uitvoering van opdrachten gebonden aan de voorschriften inzake geheimhouding conform de voor Registeraccountants geldende beroepsregels.

Artikel 3 Inhoud accountantscontrole

Bij de accountantscontrole zijn met inachtneming van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden de volgende uitgangspunten van toepassing:

  • a.

    de toe te passen goedkeuringstolerantie bij de controle van de jaarrekening is voor onjuistheden 1% en voor onzekerheden niet meer dan 3% van het totaal van de lasten;

  • b.

    de toe te passen rapporteringstolerantie bij de rapportering van de bevindingen van de controle van de jaarrekening bedraagt 100.000 Euro;

  • c.

    de controle van bestuurlijke uitgaven vindt met een hoge mate van nauwkeurigheid plaats;

  • d.

    het verslag van de bevindingen van de accountant besteedt in ieder geval aandacht aan de volgende onderwerpen:

    • o

      de controleverklaring

    • o

      analyse van het resultaat en de financiële positie

    • o

      programma-uitkomsten en daarmee samenhangende balansposten, projecten en processen

    • o

      financieel beheer

    • o

      rechtmatigheid

    • o

      bestuurlijk relevante indicatoren/kengetallen

    • o

      integriteit

    • o

      informatietechnologie

    • o

      single information single audit (SISA)

Artikel 4 Reikwijdte van de rechtmatigheidscontrole

  • 1.

    De accountant onderzoekt de rechtmatigheid aan de hand van het normenkader zoals voorgeschreven in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden gemeenten.

  • 2.

    De accountant onderzoekt of met betrekking tot beheershandelingen de in de administratieve organisatie van de Gemeente Den Haag opgenomen maatregelen ter naleving van relevante wet- en regelgeving in opzet, bestaan en werking toereikend zijn voor het door de accountant te geven oordeel zoals bedoeld in het Besluit accountantscontrole decentrale overheden.

  • 3.

    Het onderzoek van de rechtmatigheid door de accountant heeft ook betrekking op de naleving door de Gemeente Den Haag van de voorschriften ten aanzien van specifieke uitkeringen die andere overheden aan de Gemeente Den Haag ter beschikking stellen.

  • 4.

    De bij de beheershandelingen door de Gemeente Den Haag te onderkennen relevante wet- en regelgeving wordt door de raad vastgesteld en jaarlijks voor zover nodig steeds aangepast aan de van toepassing zijnde wijzigingen in de wet- en regelgeving.

Artikel 5 Informatieverstrekking

  • 1.

    Het college is verantwoordelijk voor het opstellen van de jaarrekening conform de geldende wet- en regelgeving en overlegt deze jaarrekening aan de accountant voor controle.

  • 2.

    Alle aan de jaarrekening ten grondslag liggende verordeningen, notulen van raad- en commissievergaderingen, nota's, notulen van collegevergaderingen, collegebesluiten, dienstformats en -rapportages, administraties, plannen, overeenkomsten, berekeningen e.d. liggen voor de accountant ter inzage en zijn voor hem onbelemmerd toegankelijk.

  • 3.

    Bij de jaarrekening draagt het college er zorg voor dat alle besluiten en hem bekende informatie, van belang voor een oordeel door de accountant over het getrouwe beeld en de rechtmatigheid van de jaarrekening, aan de accountant wordt verstrekt.

  • 4.

    Alle informatie, die na het opstellen van de jaarrekening en voor behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door het college aan de raad en de accountant gemeld. Indien dit voor het weergave van het getrouwe beeld noodzakelijk is stelt het college een aangepaste jaarrekening op, die aan de accountant ter controle wordt aangeboden.

  • 5.

    De voorgaande leden van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing op de onderdelen van de jaarrekening die betrekking hebben op de Raadsorganisatie, met dien verstande dat hetgeen in de voorgaande leden is geregeld onder de verantwoordelijkheid van het presidium van de raad valt.

Artikel 6 Inrichting accountantscontrole en andere onderzoeken

  • 1.

    De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening en de voor Registeraccountants geldende beroepsregels de wijze, waarop de accountantscontrole en andere onderzoeken worden ingericht alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.

  • 2.

    De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.

  • 3.

    Ter bevordering van een doelmatige en doeltreffende uitvoering van de accountantscontrole vindt zo nodig periodiek (afstemming-)overleg plaats tussen de directeur van de Gemeentelijke Accountantsdienst, de voorzitter van de Rekeningencommissie, de portefeuillehouder Financiën en de gemeentesecretaris of diens plaatsvervanger.

Artikel 7 Toegang tot informatie

  • 1.

    De accountant is zonder meer en zonder nadere aankondiging bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven, computerbestanden en overige informatiedragers, waarvan hij inzage voor de accountantscontrole nodig oordeelt. Het college draagt er zorg voor dat de accountant voor de uitvoering van zijn werkzaamheden een onbelemmerde en onverwijlde toegang heeft tot alle kantoren, magazijnen, archieven, werkplaatsen, terreinen en informatiedragers van de gemeente.

  • 2.

    Alle ambtenaren en collegeleden zijn verplicht de verlangde informatie te verstrekken, die de accountant voor de uitvoering van zijn opdrachten nodig acht. Het college draagt er zorg voor, dat collegeleden en de desbetreffende ambtenaren hieraan hun medewerking verlenen.

  • 3.

    De voorgaande leden van dit artikel zijn eveneens van toepassing voor de informatie over de onderdelen van de jaarrekening, die betrekking hebben op de Raadsorganisatie, met dien verstande dat de toegang tot de informatie hierbij onder de verantwoordelijkheid van het presidium van de raad valt.

Artikel 8 Overige controles en onderzoeken in opdracht van de raad

  • 1.

    De controle van de overige verantwoordingen waaronder die van de specifieke uitkeringen is aan de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag opgedragen.

  • 2.

    Het onderzoek naar de tussentijdse proces- en projectverantwoordingen is – als onderdeel van de controle van de jaarrekening – aan de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag opgedragen.

Artikel 9 Overige controles en onderzoeken in opdracht van het college

  • 1.

    Het college kan de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag opdracht geven tot het uitvoeren van onderzoeken, waaronder de onderzoeken naar verbonden partijen, indien de onafhankelijkheid van de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag conform de vigerende beroepsvoorschriften voor registeraccountants daarmee niet wordt aangetast.

  • 2.

    Het college kan de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag opdragen om, aanvullend op de controle van de jaarrekening en andere (interne) rapportages, bepaalde posten of aandachtsvelden met meer nauwkeurigheid te onderzoeken dan de in artikel 3 genoemde toleranties.

Artikel 10 Rapportering

  • 1.

    De accountant verstrekt de controleverklaring met het verslag van bevindingen met betrekking tot de door het college opgemaakte jaarrekening aan de raad, met een afschrift aan het college.

  • 2.

    De controleverklaring en het verslag van bevindingen omtrent het onderzoek van de jaarrekening worden voor verzending aan de raad door de accountant aan het college voorgelegd met de mogelijkheid om op deze documenten te reageren.

  • 3.

    De controlebevindingen omtrent het onderzoek naar de onderdelen van de jaarrekening die betrekking hebben op de Raadsorganisatie worden - voordat deze in de controleverklaring en het verslag van bevindingen bij de jaarrekening worden betrokken - zowel aan het presidium van de raad als de griffier voorgelegd met de mogelijkheid op deze bevindingen te reageren.

  • 4.

    De accountant rapporteert tussentijds omtrent uitkomsten van het onderzoek naar de jaarrekening indien naar de mening van de accountant bijzondere omstandigheden dit noodzakelijk maken. Deze rapportering kan onderdeel uitmaken van het overleg als bedoeld in artikel 6, derde lid.

  • 5.

    De accountant rapporteert omtrent uitkomsten van de onderzoeken naar de tussentijdse proces- en projectverantwoordingen conform de in de leden 1, 2 en 3 aangegeven wijze.

  • 6.

    De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de jaarrekening het verslag van de bevindingen en de strekking van de controleverklaring met de leden van de Rekeningencommissie.

  • 7.

    In aanvulling op het in de wet voorgeschreven verslag van bevindingen brengt de accountant over de door hem uitgevoerde controles en onderzoeken verslag uit van zijn bevindingen van bestuurlijk belang aan het college en van niet bestuurlijk belang aan de daarvoor in aanmerking komende functionaris(sen) van de gemeente. Hierbij past de accountant (zo nodig) het beginsel toe van hoor en wederhoor.

  • 8.

    De wijze van rapportering van de overige controles en onderzoeken zoals bedoeld in artikel 9 wordt geregeld bij de opdrachtverlening door het college aan de Gemeentelijke Accountantsdienst Den Haag.

Artikel 11 Inwerkingtreding

  • 1.

    De Controleverordening 2003, zoals laatstelijk gewijzigd in de raadsvergadering van 23 april 2009, wordt ingetrokken.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking op de dag nadat zij is vastgesteld is van toepassing op de accountantscontrole van de jaarrekening vanaf het verslagjaar 2014 en op andere onderzoeken vanaf 2015.

Artikel 12 Citeerartikel

Deze verordening kan worden aangehaald als “Controleverordening gemeente Den Haag 2014”.

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 18 december 2014.

De griffier, mr. H.L.G. Seuren en de voorzitter, J.J. van Aartsen