Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Gemeente Apeldoorn

VERORDENING BEGRAAFPLAATSRECHTEN 2019

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Apeldoorn
Officiële naam regelingVERORDENING BEGRAAFPLAATSRECHTEN 2019
CiteertitelVerordening begraafplaatsrechten 2019’
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerking-

treding

Terugwerkende

kracht tot en met

Datum uitwerking-

treding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2019Onbekend

08-11-2018

www.officielebekendmakingen.nl d.d. 20 december 2018

2018-084430

Tekst van de regeling

Intitulé

VERORDENING BEGRAAFPLAATSRECHTEN 2019

De raad van de gemeente Apeldoorn;

gelezen het voorstel van het college van 16 oktober 2018, met nummer 2018-084430

gelet op artikel 229, eerste lid, aanhef en onderdelen a en b, van de Gemeentewet;

BESLUIT:

vast te stellen de navolgende Verordening op de heffing en de invordering van begraafplaatsrechten 2019.

Artikel 0 Dit artikel moet nog worden gesplitst

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Artikel 1 van de verordening op het beheer en gebruik van de gemeentelijke begraafplaatsen welke geldt op het moment van het ontstaan van de belastingplicht, is eveneens van toepassing op hetgeen in deze verordening is bepaald.

Artikel 2 Belastbaar feit

Op basis van deze verordening worden rechten geheven voor het gebruik van de begraafplaats en voor het door de gemeente verlenen van diensten in verband met de begraafplaats.

Artikel 3 Belastingplicht

De rechten worden geheven van degene op wiens aanvraag dan wel ten behoeve van wie de dienst wordt verricht of van degene die van de bezittingen, werken of inrichtingen gebruik maakt.

Artikel 4 Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvakken

  • 1.

    De rechten worden geheven naar de maatstaven en de tarieven, alsmede over de tijdvakken opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor de berekening van de rechten wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 5 Wijze van heffing

De rechten worden geheven door middel van een gedagtekende kennisgeving, waarop het

gevorderde bedrag is vermeld.

Artikel 6 Ontstaan van de belastingschuld en heffing naar tijdsgelang voor de periodiek verschuldigde rechten

De onderhoudsrechten, als bedoeld in hoofdstuk 4 van de tarieventabel, zijn verschuldigd bij de aanvang van het belastingtijdvak of, zo dit later is, bij de aanvang van de belastingplicht.

Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld voor de overige rechten

Andere rechten dan die bedoeld in hoofdstuk 4 van de tarieventabel zijn verschuldigd bij de aanvang van de dienstverlening of bij de aanvang van het gebruik van de bezittingen, werken of inrichtingen.

Artikel 8 Termijn van betaling

De rechten moeten worden betaald in één termijn, die vervalt twee maanden na de dagtekening van de kennisgeving.

Artikel 9 Nadere regels door het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling

Het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Tribuut belastingsamenwerking kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de rechten.

Artikel 10 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De Verordening begraafplaatsrechten 2018, vastgesteld op 9 november 2017, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de tweede dag na die van de bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

  • 4.

    Deze verordening kan worden aangehaald als ‘Verordening begraafplaatsrechten 2019’.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 8 november 2018 met nummer 116-2018.

De raad voornoemd,

drs. A. Oudbier

raadsgriffier

drs. J.C.G.M. Berends MPA

voorzitter

TARIEVENTABEL behorende bij de Verordening begraafplaatsrechten2019

Hoofdstuk 1Verlenen van rechten          
             
1.1 1.1.1 1.1.2 1.2 1.3 1.3.1 1.3.2 1.4 1.4.1 1.4.2Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een graf (incl. de plaatsing van een gedenkteken), wordt geheven: Voor een periode van 20 jaar Voor onbepaalde tijd, zijnde het recht om van het graf tot het tijdstip van sluiting van de begraafplaats gebruik te maken Voor het verlenen van een uitsluitend recht op een graf (incl. de plaatsing van een gedenkteken) op een zelfgekozen plek op een v.m. klasseafdeling Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een kindergraf (incl. de plaatsing van een gedenkteken) wordt geheven: Voor een periode van 20 jaar Voor onbepaalde tijd, zijnde het recht om van het graf tot het tijdstip van sluiting van de begraafplaats gebruik te maken Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een voormalig huurgraf wordt geheven, voor een periode van 20 jaar Voor het plaatsen van een grafkelder voor twee personen in een graf als bedoeld in 1.1.1, 1.1.2, 1.2 en 1.4 wordt geheven Voor het plaatsen van een grafkelder voor drie personen in een graf als bedoeld in 1.1.1, 1.1.2, 1.2 en 1.4 wordt geheven      € 1.328,-- € 3.556,-- € 16.556,-- € 492,-- € 1.317.— € 928,-- € 3.820,-- € 4.943,--  
1.4.3 1.4.4 1.4.5 1.4.6Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een urnenkelder wordt geheven, voor een periode van 20 jaar: Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een bosurnengraf wordt geheven, voor een periode van 10 jaar Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een bosurnamentengraf wordt geheven, voor een periode van 10 jaar Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een bosurnengraf met bladurnament wordt geheven, voor een periode van 10 jaar      € 1.083,-- € 653,-- € 708,-- € 762,--  
1.4.7 1.4.7.1 1.4.7.2Voor het verlenen van een uitsluitend recht op een urnennis wordt geheven: voor een periode van 20 jaar voor een periode van 10 jaar      € 1.083,-- € 650,--  
1.4.8Voor het verlenen van het uitsluitend recht op een gedenkplaats wordt geheven, voor een periode van 20 jaar      € 1.328,--  
1.5 1.6Voor het verlengen met 10 jaar van het uitsluitend recht als bedoeld in: 1.1.1, wordt een recht geheven van 1.3.1, 1.4.3 1.4.7 wordt een recht geheven van 1.4 wordt een recht geheven van 1.4.8 wordt een recht geheven van Voor het verlengen met 5 jaar van het uitsluitend recht als bedoeld in: 1.4.4 wordt een recht geheven van 1.4.5 wordt een recht geheven van 1.4.6 wordt een recht geheven van 1.4.7.1 wordt een recht geheven van      € 674,-- € 258,-- € 448,-- € 680,-- € 155,-- € 167,-- € 180,-- € 155,--  
1.7 1.7.1Voor plaatsing gedurende vijf jaar van een bronzen gedenkplaatje bij een strooiveld. In dit bedrag is begrepen de levering van het plaatje met max. 40 tekens Voor het verlengen van het plaatsingsrecht gedurende 5 jaar van een bronzen gedenkplaatje als bedoeld in 1.7 bij een strooiveld       € 350,-- € 124,--  
1.8 1.8.1Voor plaatsing gedurende vijf jaar van een granieten gedenkplaatje bij een strooiveld. In dit bedrag is begrepen de levering van het plaatje met max. 30 tekens Voor het verlengen van het plaatsingsrecht gedurende 5 jaar van een granieten gedenkplaatje bij een strooiveld als bedoeld in 1.8       € 451,-- € 124,--  
Hoofdstuk 2Begraven          
             
2.1 2.2Voor het begraven van het lijk van een persoon van 12 jaar of ouder in een eigen graf wordt geheven Voor het begraven van het lijk van een persoon van 12 jaar of ouder in een voormalig huurgraf wordt geheven      € 1.297,-- € 837,--  
2.3 2.3.1Voor het begraven van het lijk van een persoon van 12 jaar of ouder in een algemeen graf voor 20 jaar wordt geheven Voor het begraven van het lijk van een persoon van 12 jaar of ouder in een éénpersoons algemeen graf voor 10 jaar wordt geheven      € 965,-- € 1.405,--  
2.4Voor het begraven van het lijk van een kind jonger dan 12 jaar in een eigen graf of algemeen graf wordt een recht geheven gelijk aan de helft van het recht bedoeld in 2.1, 2.2 resp. 2.3          
2.5Voor het begraven van het lijk van een kind jonger dan 6 jaar in een kindergraf wordt geheven een recht van      € 471,--  
2.6 2.7Het recht als bedoeld in 2.1 t/m 2.5 wordt verhoogd: Met 25% op werkdagen, indien het begraven op verzoek plaatsvindt na 15.00 uur; Met 50% op een zaterdag, Goede Vrijdag, 2e Paasdag, 2e Pinksterdag en 2e Kerstdag, indien het begraven op verzoek op die dagen plaatsvindt. Het groenmaken van het graf      € 76,--  
Hoofdstuk 3Bijzetten van asbussen en urnen          
             
3.1 3.1.1 3.1.1.1 3.1.1.2 3.1.1.3 3.1.1.4 3.1.2 3.1.2.1 3.1.3 3.1.4 3.1.5 3.1.6Voor het bijzetten van een asbus of urn wordt geheven: In een urnenkelder In dit bedrag zijn begrepen de kosten van het aanbrengen van de persoonsgegevens van de overledene op de gedenkplaat. Exclusief de gemeentelijke gedenkplaat In een bosurnengraf In een bosurnamentengraf In een bosurnengraf met bladurnament In een urnennis voor 20 jaar In een urnennis voor 10 jaar In dit bedrag zijn begrepen de kosten van het aanbrengen van de persoonsgegevens van de overledene op de afdekplaat. Op een eigen graf In een eigen graf In een algemeen graf In een kindergraf      € 477,-- € 491,-- € 200,-- € 200,-- € 200,-- € 477,-- € 432,-- € 200 – € 200,-- € 185,-- € 88,--  
             
Hoofdstuk 4Onderhoud          
             
4.1 4.1.1 4.1.1.1 4.1.2 4.1.2.1 4.1.3 4.1.4 4.1.5 4.1.6 4.1.7 4.1.8 4.1.9 4.1.10 4.1.11 4.1.12 4.1.12.1 4.1.12.2 4.1.12.3 4.1.12.4 4.1.12.5 4.1.12.6 4.1.13 4.1.13.1 4.1.13.2 4.1.14 4.1.14.1 4.1.14.2 4.1.15 4.1.16Voor het door of vanwege de gemeente plegen van onderhoud op de wijze als omschreven in artikel 29 van de Beheersverordening begraafplaatsen 2006 wordt geheven: Voor een eigen graf, waarvoor het uitsluitend recht op begraven is verleend voor de tijd van 20 jaar, voor de duur van die periode Voor een heruitgegeven voormalig huurgraf, waarvoor het uitsluitend recht op begraven is verleend voor de tijd van 20 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen graf, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld in 4.1.1 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een heruitgegeven voormalig huurgraf, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld in 4.1.1.1 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen graf, waarvoor het uitsluitend recht op begraven vóór 1 januari 1996 is verleend voor onbepaalde tijd, per periode van 10 jaar Voor een eigen graf, waarvoor het uitsluitend recht op begraven is verleend voor onbepaalde tijd, voor de duur van 100 jaar Voor een eigen graf, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld in 4.1.4 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen graf, waarvoor het uitsluitend recht op begraven op een zelfgekozen plek op een v.m. klasseafdeling is verleend voor onbepaalde tijd, voor de duur van 100 jaar Voor een eigen graf, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld in 4.1.6 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen kindergraf, waarvoor het uitsluitend recht op begraven is verleend voor de tijd van 20 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen kindergraf waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld in 4.1.8 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen kindergraf, waarvoor het uitsluitend recht op begraven is verleend voor onbepaalde tijd, voor de duur van 100 jaar Voor een eigen urnenkelder, waarvoor het uitsluitend recht tot het bijzetten van asbussen met of zonder urnen is verleend voor de tijd van 20 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen urnenkelder, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld onder 4.1.11 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een bosurnengraf, waarvoor het uitsluitend recht tot het bijzetten van asbussen met of zonder urnen is verleend voor de tijd van 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een bosurnengraf, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld onder 4.1.12.1 is verlengd met 5 jaar, voor de duur van die periode Voor een bosurnamentengraf, waarvoor het uitsluitend recht tot het bijzetten van asbussen met of zonder urnen is verleend voor de tijd van 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een bosurnamentengraf, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld onder 4.1.12.3 is verlengd met 5 jaar, voor de duur van die periode Voor een bosurnengraf met bladurnament, waarvoor het uitsluitend recht tot het bijzetten van asbussen met of zonder urnen is verleend voor de tijd van 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een bosurnengraf met bladurnament, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld onder 4.1.12.5 is verlengd met 5 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen urnennis, waarvoor het uitsluitend recht tot het bijzetten van asbussen met of zonder urnen is verleend voor de periode van 20 jaar, voor de duur van die periode van 10 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen urnennis waarvoor het recht als bedoeld onder 4.1.13 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode met 5 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen gedenkplaats, waarvoor het uitsluitend recht tot plaatsing van een gedenkteken is verleend voor de tijd van 20 jaar, voor de duur van die periode Voor een eigen gedenkplaats, waarvoor het uitsluitend recht als bedoeld in 4.1.15 is verlengd met 10 jaar, voor de duur van die periode       € 972,-- € 627,-- € 579,-- € 380,-- € 579,-- € 3.415,-- € 579-- € 6.507,-- € 579,-- € 354,-- € 240,-- € 1.070,-- € 487,-- € 258,-- € 292,-- € 155,-- € 317,-- € 167,-- € 340,-- € 180,-- € 487,-- € 292,-- € 258,-- € 155,-- € 979,-- € 582,--  
Hoofdstuk 5Overschrijving van verleende rechten          
             
5.1Voor het overschrijven van een recht op een eigen graf als bedoeld in artikel 20 van de Beheersverordening begraafplaatsen 2006 wordt geheven       € 29,--  
Hoofdstuk 6Opgraven en verstrooien          
6.1Voor zowel het opgraven van een lijk als voor het na opgraven weer opnieuw begraven daarvan in een ander graf.   € 1.297,--      
6.1.1Voor het verlengen van de begraafcyclus door middel van het samenvoegen van de stoffelijke resten van één lijk in hetzelfde graf wordt een recht geheven gelijk het bedrag dat overeenkomstig hoofdstuk 2 voor het begraven wordt geheven       € 1.399,--  
6.2Voor zowel het opgraven of verwijderen van een asbus of urn als voor het herplaatsen daarvan in een ander graf of andere urnenkelder       € 200,--  
6.3 6.3.1 6.3.2 6.3.3 6.3.4 6.3.4.1 6.3.4.2Voor het verstrooien van as wordt per asbus geheven: In een eigen graf In een algemeen graf In een kindergraf Op een verstrooiingsplaats of eigen graf: In aanwezigheid van nabestaanden Zonder nabestaanden       € 200,-- € 200,-- € 121,-- € 200,-- € 129,--  

Behoort bij raadsbesluit van 8 november 2018

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 8 november 2018 met nummer 116-2018.

De raad voornoemd,

drs. A. Oudbier

raadsgriffier

drs. J.C.G.M. Berends MPA

voorzitter