Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Capelle aan den IJssel

Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Capelle aan den IJssel 2016

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieCapelle aan den IJssel
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Capelle aan den IJssel 2016
CiteertitelVerordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Capelle aan den IJssel 2016
Vastgesteld doorburgemeester
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerpbestuur

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt de Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2014

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. Gemeentewet, art. 95, lid 1 en 2
  2. Gemeentewet, art. 96, lid 1 en 2
  3. Gemeentewet, art. 97
  4. Gemeentwet, art 99
  5. Gemeentewet, art. 147
  6. Rechtspositiebesluit wethouders, art. 22
  7. Rechtspositiebesluit wethouders, art. 23
  8. Rechtspositiebesluit wethouders, art. 27a
  9. Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden art. 2
  10. Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden art. 4
  11. Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden art. 7a
  12. Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden art. 13
  13. Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden art. 15

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

26-06-201801-01-2019Art. 5, 6, 10, 11

04-06-2018

gmb-2018-134303

1004680
30-12-201626-06-2018Nieuwe regeling

19-12-2016

Gemeenteblad, Jaargang 2016 Nr. 175974

843788

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Capelle aan den IJssel 2016

De raad van de gemeente Capelle aan den IJssel;

 

  • -

    gelezen het gezamenlijk voorstel van het college van burgemeester en wethouders, burgemeester en griffier van 29 november 2016 (843788);

  • -

    gehoord het Presidium;

  • -

    gelet op de artikelen 95, eerste en tweede lid, 96, eerste en tweede lid, en 97, 99 en 147 van de Gemeentewet, de artikelen 22, eerste lid, 23, eerste lid, 27a, vijfde lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders, en de artikelen [2], [4,] 7a, vierde lid, 13, tweede lid, [en 15] van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden;

  • -

    gezien het advies van de raadscommissie Bestuur, Veiligheid en Middelen van 7 december 2016;

 

besluit vast te stellen de

 

VERORDENING RECHTSPOSITIE WETHOUDERS, RAADS- EN COMMISSIELEDENCAPELLE AAN DEN IJSSEL 2016.

Hoofdstuk I Algemene bepalingen

Artikel 1. Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • -

    commissie: commissie ingesteld op grond van de artikelen 82, 83 of 84 van de Gemeentewet;

  • -

    subcommissie: de door een commissie uit zijn midden ingestelde commissie die ten doel heft de voorbereiding van een commissiestandpunt;

  • -

    commissielid: een door de raad benoemd burgerraadslid, als bedoeld in artikel 4 van de Verordening op de raadscommissie Capelle aan den IJssel 2014 en artikel 1, onderdeel e, van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.

Hoofdstuk II Voorzieningen voor raads- en commissieleden

Artikel 2. Vergoeding voor de werkzaamheden voor raadsleden

Aan het raadslid wordt een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend die gelijk is aan hetbedrag, vermeld in artikel 2, eerste lid van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, zoals dit bedrag jaarlijks door de minister van Binnenlandse Zaken en Koninkrijksrelaties wordt herzien.

Artikel 3. Vergoeding voor het bijwonen van commissievergaderingen

Aan commissieleden wordt een vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie en haar subcommissies toegekend die gelijk is aan het voor de van toepassing zijnde inwonersklasse vastgestelde bedrag in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.

Artikel 4. Reis- en verblijfkosten raads- en commissieleden

  • 1.

    Aan raadsleden en commissieleden worden de ten behoeve van de gemeente gemaakte reis- en verblijfkosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente waaronder buitenlandse reizen ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur vergoed.

  • 2.

    Aan raadsleden en commissieleden, die zijn benoemd in (sub-)commissies van de Vereniging van Nederlandse Gemeenten worden de reis- en verblijfkosten vergoed.

  • 3.

    Aan commissieleden worden de reis- en verblijfkosten voor het bijwonen van de vergaderingen van de commissie vergoed.

  • 4.

    De vergoeding als bedoeld in het eerste, tweede en derde lid is:

    • a.

      voor wat betreft de verblijfkosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel c, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde;

    • b.

      voor wat betreft de reiskosten gelijk aan het overeenkomstig in artikel 4, onderdeel a en b, van de Regeling rechtspositie wethouders bepaalde.

  • 5.

    De reiskosten worden voor ten hoogste één vergadering per dag vergoed.

  • 6.

    De reis- en verblijfkosten worden alleen vergoed als deze gedeclareerd worden overeenkomstig de bepalingen in deze verordening.

Artikel 5. Scholing

  • 1.

    Het raadslid of commissielid dat wil deelnemen aan scholing als bedoeld in artikel 13, eerste lid van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden, die niet door of namens de Gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dient daartoe een gemotiveerde aanvraag in bij de voorzitter van zijn fractie.De aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie.

  • 2.

    Kosten van scholing die wordt georganiseerd door de beroepsvereniging van raadsleden of door de Vereniging van Nederlandse Gemeenten komt altijd voor vergoeding in aanmerking als voldaan wordt aan de voorwaarden genoemd in het eerste lid.

  • 3.

    De fracties, bedoeld in artikel 8 van het Reglement van Orde voor de vergaderingen van de raad, ontvangen jaarlijks een financiële bijdrage als tegemoetkoming in de kosten als bedoeld in het eerste lid.

  • 4.

    De in het derde lid bedoelde bijdrage bestaat uit een vast bedrag per raadszetel en per commissielid. De omvang van het toe te kennen bedrag wordt ieder jaar bij de vaststelling van de gemeentebegroting door de raad bepaald.

Artikel 5a. Bevoorschotting bijdrage

  • 1.

    De bijdrage voor deelname aan scholing bedoeld in het tweede lid van artikel 6 wordt als voorschot per kalenderjaar verstrekt.

  • 2.

    Uitbetaling van de in het eerste lid genoemde bijdrage vindt plaats vóór 31 januari van een kalenderjaar. De fracties openen voor de toekenning van de bijdrage voor scholing deelname aan cursussen, congressen, seminars en symposia een aparte bank- of girorekening. Dit kan dezelfde bank- of girorekening zijn die is geopend voor de fractieondersteuning.

  • 3.

    In het jaar waarin verkiezingen plaatsvinden, wordt het voorschot verstrekt voor de maanden tot en met de datum van de verkiezingen. In de eerste maand na de verkiezingsdatum wordt het voorschot verstrekt voor de overige maanden.

  • 4.

    Het voorschot wordt verrekend met teveel ontvangen voorschotten in de jaren waarvoor de raad bedragen heeft vastgesteld bedoeld in artikel 6b.

Artikel 5b. Reserve

  • 1.

    De raad reserveert het in enig jaar niet gebruikte gedeelte van de bijdrage toekomend aan een fractie ter besteding door de fractie in de volgende jaren.

  • 2.

    De reserve is niet groter dan 30% van de bijdrage die de fractie in het voorgaande kalenderjaar toekwam ingevolge artikel 6.

  • 3.

    De aanspraak in enig kalenderjaar op de opgebouwde reserve, komt tot uitdrukking in de afrekening als bedoeld in artikel 11 over dat jaar. Bevoorschotting vindt desgevraagd plaats.

  • 4.

    De reserve blijft na verkiezingen beschikbaar voor de fractie die onder dezelfde naam terugkeert, dan wel voor de fractie die naar het oordeel van de raad als rechtsopvolger daarvan kan worden beschouwd.

  • 5.

    Als bij zetelverlies de reserve voor een fractie hoger zou worden dan aangegeven in het tweede lid, vervalt het recht op dat meerdere.

  • 6.

    Bij splitsing van een fractie, wordt de reserve verdeeld over de betrokken fracties naar evenredigheid van het aantal bij de splitsing betrokken leden, voor zover deze reserve niet meer bedraagt dan 30% van de bijdrage die de oorspronkelijke fractie in het voorgaande kalenderjaar ontving.

Artikel 5c. Verantwoording

  • 1.

    Elke fractie legt, binnen drie maanden na het einde van het kalenderjaar, aan de raad verantwoording af over de besteding van de bijdrage voor scholing onder overlegging van een verslag, conform het daarvoor geldende model.

  • 2.

    Indien de verantwoording over het vorige kalenderjaar vóór de in het eerste lid genoemde termijn niet is ingediend, wordt de over het lopende kalenderjaar resterende vergoeding en eventueel volgende kalenderjaar vastgestelde vergoeding niet uitbetaald.

  • 3.

    De griffie toetst of de uitgaven in overeenstemming zijn met hetgeen in de verordening is vastgelegd als zijnde toegestaan en rapporteert over haar bevindingen aan de kascommissie. Deze commissie bestaat uit drie voor de gehele zittingsperiode van de raad door de raad benoemde (burger)raadsleden. Dit zijn dezelfde leden als die welke de kascommissie vormen in het kader van verantwoording over de besteding van de financiële bijdrage fractieondersteuning, als bedoeld in artikel 11, lid 3 van de Verordening op de ambtelijke bijstand en de fractieondersteuning gemeente Capelle aan den IJssel 2008.

  • 4.

    De kascommissie toetst de bevindingen van de griffie en rapporteert – in de vorm van een conceptraadsvoorstel en – besluit – aan de commissie tot welke het aandachtsgebied Algemene Beleidscoördinatie behoort. Deze commissie brengt advies uit aan de raad.

  • 5.

    De raad stelt na ontvangst van het advies de bedragen vast van:

    • a.

      de uitgaven van een fractie die in het vorige kalenderjaar uit de bijdragen bekostigd zijn;

    • b.

      de wijziging van de reserve;

    • c.

      de resterende reserve;

    • d.

      de verrekening tussen de in onderdeel a. genoemde uitgaven en het ontvangen voorschot en, voor zover nodig, de hoogte van de terugvordering van ontvangen voorschotten vanwege aanvragen die niet overeenkomstig de bepalingen in deze verordening zijn ingediend.

Artikel 6 Computer en internetverbinding

1. Aan raads- en commissieleden wordt een tablet-pc met bijpassend toetsenbord en software ter beschikking gesteld. Zij tekenen hiervoor een bruikleenovereenkomst met de Gemeenschappelijke regeling IJSSELgemeenten.

2. Op verzoek van het raads- of commissielid wordt door de Gemeenschappelijke regeling IJSSELgemeenten op de tablet-pc een voorziening geïnstalleerd, waarmee internet kan worden ontvangen buiten WiFi netwerken. De kosten van het abonnement zijn voor rekening van het raads- of commissielid en worden verrekend met de vergoeding als bedoeld in artikelen 2 en 3.

Artikel 7. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel

  • 1.

    Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in artikel 13a van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.

  • 2.

    Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in paragraaf 2 van deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding, tegemoetkoming of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.

Hoofdstuk III Voorzieningen voor wethouders

Artikel 8. Reiskosten woon-werkverkeer

Wethouders hebben aanspraak op een vergoeding van de kosten woon-werkverkeer, bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel a, van het Rechtspositiebesluit wethouders, overeenkomstig artikel 3 van de Regeling rechtspositie wethouders.

Artikel 9. Zakelijke reis- en verblijfkosten

Wethouders hebben aanspraak op een vergoeding van de reis- en verblijfkosten voor reizen gemaakt voor de uitoefening van het ambt, bedoeld in artikel 23, eerste lid, onderdeel b, van het Rechtspositiebesluit wethouders binnen en buiten het grondgebied van de gemeente, overeenkomstig artikel 4 van de Regeling rechtspositie wethouders.

Artikel 10 Computer en internetverbinding

Wethouders aan wie op aanvraag een computer, bijbehorende apparatuur en software in bruikleen ter beschikking wordt gesteld, ondertekenen hiervoor een bruikleenovereenkomst met de Gemeenschappelijke regeling IJSSELgemeenten.

Artikel 11 Communicatieapparatuur

De wethouders aan wie communicatieapparatuur in bruikleen wordt gesteld ondertekenen hiervoor een bruikleenovereenkomst met de Gemeenschappelijke regeling IJSSELgemeenten.

Artikel 12. Verhuis-, reis-en pensionkosten en tegemoetkoming dubbele woonlasten bij benoeming

  • 1.

    Wethouders die bij benoeming nog niet over woonruimte in de gemeente beschikken hebben aanspraak op een vergoeding van reis- en pensionkosten, dubbele woonlasten en verhuiskosten, bedoeld in artikel 22, eerste lid, onderdeel a en b, van het Rechtspositiebesluit wethouders, overeenkomstig de artikelen 1 en 2 en 4a van de Regeling rechtspositie wethouders.

  • 2.

    Wethouders die bij benoeming nog niet over woonruimte in de gemeente beschikken hebben aanspraak op een vergoeding van:

    • a.

      reis- en pensionkosten, bedoeld in artikel 22, eerste lid, onderdeel a, van het Rechtspositiebesluit wethouders, overeenkomstig artikel 1 en 4a van de Regeling rechtspositie wethouders, en

    • b.

      dubbele woonlasten en verhuiskosten, bedoeld in artikel 22, eerste lid, onderdeel b, van het Rechtspositiebesluit wethouders, overeenkomstig artikel 2 en 4a van de Regeling rechtspositie wethouders.

Artikel 13. Aanwijzing als eindheffingsbestanddeel

  • 1.

    Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen genoemd in artikel 28a van het Rechtspositiebesluit wethouders.

  • 2.

    Als eindheffingsbestanddeel als bedoeld in artikel 31, eerste lid, onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 worden verder aangewezen de vergoedingen, tegemoetkomingen en verstrekkingen, genoemd in hoofdstuk 3 van deze verordening, voor zover deze worden gerekend tot een vergoeding of verstrekking als bedoeld in artikel 31a, tweede lid, onderdelen a tot en met h, van de Wet op de Loonbelasting 1964.

Hoofdstuk IV De procedure van declaratie

Artikel 14. Betaling vaste vergoedingen

De betaling van de vergoeding voor werkzaamheden, de bezoldiging voor de wethouders op grond van het Rechtspositiebesluit wethouders, de onkostenvergoedingen en declaraties geschiedt maandelijks of in maandelijkse termijnen als er sprake is van een vergoeding op jaarbasis, tenzij het Rechtspositiebesluit wethouders, het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden of de Regeling rechtspositie wethouders anders bepalen.

Artikel 15. Betaling en declaratie van onkosten

  • 1.

    De betaling van kosten die op grond van deze verordening voor vergoeding of tegemoetkoming in aanmerking komen vindt plaats door:

  • a.

    betaling uit gemeentelijke middelen, op basis van een rechtstreekse aan de gemeente toegezonden factuur, of

  • b.

    betaling vooruit uit eigen middelen, of

  • c.

    betaling met een gemeentelijke creditcard.

  • 2.

    Een aanvraag om een vergoeding van de onkosten als bedoeld in dit artikel gaat vergezeld van een declaratieformulier en bewijsstukken.

  • 3.

    Het declaratieformulier en de bewijsstukken worden ingediend:

  • a.

    raads- en commissieleden ingediend bij de griffier;

  • b.

    wethouders ingediend bij de gemeentesecretaris.

Hoofdstuk V Slotbepalingen

Artikel 16. Intrekking oude regeling

De Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden 2014 wordt ingetrokken.

Artikel 17. Inwerkingtreding

Deze regeling treedt in werking op de dag na zijn bekendmaking.

Artikel 18. Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening rechtspositie wethouders, raads- en commissieleden Capelle aan den IJssel 2016.