Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Deventer

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Deventer houdende regels omtrent de heffing en de invordering van leges 2019 Legesverordening 2019

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieDeventer
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening van de gemeenteraad van de gemeente Deventer houdende regels omtrent de heffing en de invordering van leges 2019 Legesverordening 2019
CiteertitelLegesverordening 2019
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 156, tweede lid, van de Gemeentewet
  2. artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet
  3. http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Deventer/CVDR614323/CVDR614323_1.html
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

18-12-2018bijlage 1

11-12-2018

gmb-2018-270940

2018-002100
22-11-201818-12-2018nieuwe regeling

07-11-2018

gmb-2018-246602

2018-001335

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Deventer houdende regels omtrent de heffing en de invordering van leges 2019 Legesverordening 2019

De raad van de gemeente Deventer,

 

Gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 25 september 2018, 2018-001335

 

BESLUIT

 

Vast te stellen:

 

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2019.

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    ‘dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    ‘week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    ‘maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n–1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is.;

  • d.

    ‘jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n–1e)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • e.

    ‘kalenderjaar’: de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

  • een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • b.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

  • c.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening of gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning of wijziging van voorschriften van een omgevingsvergunning, voor zover die aanvraag betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een inrichting als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder e, van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht;

  • d.

    het raadplegen van de dubbelen der leggers en plans van het kadaster ten behoeve van de rijks- of provinciale dienst;

  • e.

    beschikkingen op verzoekschriften met betrekking tot plaatselijke belastingen;

  • f.

    de in Titel 1 Hoofdstuk 10 van de tarieventabel (Gemeentearchief) omschreven inlichtingen, onderzoekingen, afgifte van afschriften en andere werkzaamheden in de gevallen, waarin deze worden verzocht voor een wetenschappelijk of filantropisch doel;

  • g.

    attestatiën de vitae en legalisatie van een handtekening of foto ten behoeve van door publiekrechtelijke lichamen toe te kennen pensioenen, lijfrente, wachtgeld of uitkeringen;

  • h.

    bewijzen van onvermogen;

  • i.

    stukken, opgaven, inlichtingen, onderzoekingen en dergelijke, welke krachtens wettelijk voorschrift kosteloos moeten worden verstrekt of verricht;

  • j.

    stukken, die krachtens besluit van burgemeester en wethouders ten behoeve van de pers worden afgegeven ter publicatie in het algemeen belang.

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 30 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

  • 1.

    Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

  • 2.

    In afwijking van het eerste lid wordt er kwijtschelding verleend voor de tarieven genoemd in artikel 1.19.3 van de tarieventabel behorende bij legesverordening 2016, met betrekking tot de aanvraag tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart.

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

  • 1.

    Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

  • 2.

    Voor de toepassing van artikel 28, vierde lid, van de Invorderingswet 1990 wordt de teruggaaf van leges, bedoeld in het eerste lid, aangemerkt als een vermindering van de belastingaanslag.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1.

      onderdeel 1.1.8 (akten burgerlijke stand);

    • 2.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 3.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 4.

      onderdeel 1.4.5 (papieren verstrekking uit basis registratie personen);

    • 5.

      onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 6.

      hoofdstuk 16 (kansspelen)].een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

Artikel 12 Overgangsrecht

  • 1.

    Met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum worden ingetrokken: de “legesverordening 2018” vastgesteld door de gemeenteraad van Deventer op 8 november 2017, “de verordening tot 1e wijziging legesverordening 2018” vastgesteld door B&W van Deventer op 12 december 2017 en het besluit tot herstel Verordening tot 1e wijziging van de legesverordening 2018” vastgesteld door B&W van Deventer op 31 juli 2018 met dien verstande dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

  • 3.

    Het in onderdeel 2.1.1.1 en 2.1.1.2 van de tarieventabel genoemde normblad NEN 2699:2017 wordt bekendgemaakt door terinzagelegging op het Stadskantoor van de gemeente Deventer.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als de " “Legesverordening 2019”.

 

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 7 november 2018

De raad voornoemd,

de griffier,

R. Weernekers

de voorzitter,

R.C. König

Bijlage 1 Tarieventabel leges

Tarieventabel behorende bij de Legesverordening 2019

 

Indeling tarieventabel

 

Titel 1Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Basisregistratie personen

Hoofdstuk 5 Vervallen

Hoofdstuk 6 Vervallen

Hoofdstuk 7 Vervallen

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

Hoofdstuk 8 a Milieu

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

Hoofdstuk 11 Vervallen

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

Hoofdstuk 13 Vervallen

Hoofdstuk 14 Vervallen

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

Hoofdstuk 16 Kansspelen

Hoofdstuk 17 Vervallen

Hoofdstuk 18 Telecommunicatie

Hoofdstuk 19 Verkeer en vervoer

Hoofdstuk 20 Diversen

 

Titel 2Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordelen conceptaanvraag

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

Hoofdstuk 4 Vermindering

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

Hoofdstuk 8 a Wet Geluidhinder

Hoofdstuk 9 Vervallen

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

 

Titel 3Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1 Horeca

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

Hoofdstuk 4 Huisvestingswet 2014

Hoofdstuk 5 Vervallen

Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1  Burgerlijke stand

1.1.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap:

 

1.1.1.1

in het Stadshuis:

 

 

  • -

    op maandag t/m vrijdag van 08.00 t/m 18.00 uur

  • -

    op zaterdag van 08.00 t/m 12.00 uur

  • -

    op zaterdag van 12.15 t/m 24.00 uur

  • -

    op zondag van 12.15 t/m 24.00 uur

€ 336,00

€ 372,00

€ 401,00

€ 401,00

1.1.1.2

in een overige aangewezen locatie voor het sluiten van huwelijken en geregistreerde partnerschappen:

 

 

  • -

    op maandag t/m vrijdag van 08.00 t/m 18.00 uur

  • -

    op zaterdag van 09.00 t/m 12.00 uur

  • -

    op zaterdag van 12.15 t/m 24.00 uur

  • -

    op zondag van 12.15 t/m 24.00 uur

€ 243,00

€ 355,00

€ 383,00

€ 383,00

1.1.1.3

op elke andere gewenste locatie binnen de gemeentegrenzen van Deventer

 

 

  • -

    op maandag t/m vrijdag van 9.00 t/m 16.30 uur

  • -

    op zaterdag van 09.00 t/m 12.00 uur

  • -

    op zaterdag van 12.15 t/m 24.00 uur

  • -

    op zondag van 09.00 t/m 24.00 uur

€ 336,00

€ 372,00

€ 401,00

€ 401,00

1.1.1.4

in de ondertrouwkamer in het stadhuis:

  • -

    op maandag van 10.00 t/m 18.00 uur

  • -

    op dinsdag t/m vrijdag van 08.00 t/m 18.00 uur

 

€ 175,00

€ 175,00

1.1.1.5

indien de aanvangstijd van de huwelijksvoltrekking of het geregistreerde partnerschap plaatsvindt op werkdagen na 18.00 uur geldt het tarief van de zaterdagmorgen zoals vermeld per locatie met uitzondering van de ondertrouwkamer.

 

1.1.1.6

op 1 januari, 27 april, Hemelvaartsdag, 5 mei, 2e Paasdag, 2e Pinksterdag en 2e Kerstdag: tarief als zondag zoals vermeld per locatie

 

1.1.1.7

kosteloze sluiting van een huwelijk of geregistreerd partnerschap in de ondertrouwkamer in de het stadhuis op maandag en dinsdag om 09.00 en 09.30 uur.

€ 0,00

 

 

 

1.1.2

Het tarief voor een toespraak van de buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand bedraagt

€ 90,00

 

 

 

1.1.3

De tarieven genoemd in 1.1.1.1 tot en met 1.1.1.7 zijn eveneens van toepassing voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk indien daarbij gebruik wordt gemaakt van een van de in genoemde artikelen aangewezen locaties of een andere door de gemeente hiertoe aangewezen ruimte. Indien de omzetting plaatsvindt in de ondertrouwkamer in het stadhuis zonder ceremonie en zonder dat hierbij derden aanwezig zijn, is de omzetting kosteloos

 

 

1.1.3

Het tarief bedraagt voor een trouwboekje of partner­schapboekje of samenlevings­boekje of duplicaat trouw­boekje, partner­schap­­boekje of samen­levings­boekje:

 

1.1.3.1

in gewone uitvoering

€ 25,50

1.1.3.2

indien gekalligrafeerd

€ 37,50

1.1.3.3

Het tarief bedraagt voor het op gekalli­grafeerde wijze bij­schrijven van kinderen in een trouw­boekje, part­ner­schapboekje of samenle­vings­boek­je, per kind

€ 11,75

 

 

 

1.1.4

Het tarief bedraagt voor nasporing in de registers van de burgerlijke stand, ook indien deze niet leidt tot het ge­wenste doel, voor ieder kwartier of deel daar­van, door een amb­te­naar daar­aan besteed 

€ 18,50

 

 

 

1.1.5

 

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

 

 

 

1.1.6

Het tarief bedraagt voor het van ge­meentewege beschikbaar stellen van getui­gen, per getuige 

€ 32,00

Hoofdstuk 2  Reisdocumenten

1.2.1

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een nationaal paspoort :

 

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

 

 

 

1.2.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijde bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in 1.2.1. (zakenpaspoort)

 

1.2.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

 

 

 

1.2.3

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort)

 

1.2.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

 € 53,95

 

 

 

1.2.4

Van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

€ 53,95

 

 

 

1.2.5

van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.2.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 56,80

1.2.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt.

€ 29,95

1.2.6

voor de versnelde uitreiking van een spoedlevering van een in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemde documenten, zijnde een toeslag op de in die onderdelen genoemde bedragen:

€ 48,60

1.2.7

Voor het bezorgen van een in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemd document, zijnde een toeslag op de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemde bedragen:

€ 15,30

Hoofdstuk 3  Rijbewijzen

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs

€ 39,78

1.3.2

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1.1 en 1.3.1.2 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met

€ 34,10

1.3.3

vervallen

 

1.3.4

Het tarief bedraagt voor extra werkzaamheden in verband met een tweede vermissing binnen één jaar van een rijbewijs

€ 58,50

1.3.5

Het tarief bedraagt voor extra werkzaamheden voor de afgifte van een eigen verklaring, een geneeskundige verklaring ten behoeve van een rijbewijs

€ 5,45

Hoofdstuk 4  Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

1.4.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, met uitzondering van de onderdelen 1.4.3 en 1.4.4, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

 

 

 

 

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.4.2.1

tot het verstrekken van gegevens, per verstrekking

€ 13,20

1.4.2.1.1

voor een gewaarmerkt afschrift uit de basisregistratie personen

€ 16,00

1.4.2.1.2

voor een gewaarmerkt uitgebreid af­schrift uit de basisregistratie personen

€ 18,75

1.4.2.1.3

voor een gewaarmerkt internationaal afschrift uit de basisregistratie personen

€ 18,75

1.4.2.1.4

voor een gewaarmerkt afschrift uit de basisregistratie personen via Digid

€ 13,20

1.4.2.1.6

voor een gewaarmerkt internationaal afschrift uit de basisregistratie personen via Digid

€ 16,00

1.4.2.2

tot het afsluiten van een abonnement op het verstrekken van gegevens gedurende de periode van één jaar:

 

1.4.2.2.1

voor 10 verstrekkingen

€ 131,00

1.4.2.2.2

voor 25 verstrekkingen

€ 313,00

1.4.2.2.3

voor 50 verstrekkingen

€ 604,00

1.4.2.2.4

voor 100 verstrekkingen

€ 1.185,00

1.4.2.3

n.v.t.

 

 

 

 

1.4.3

Voor de toepassing van onderdeel 1.4.4 wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon die niet zijn opgenomen in de basisregistratie personen.

 

 

 

 

1.4.5

Op basis van de artikelen 1.14 en 3.17 van de Wet basisregistratie personen en artikel 17 van het Besluitbasis registratie personen mag de gemeente kosten in rekening brengen in verband met de schriftelijk verstrekking van gegevens aan overheidsorganen en aangewezen derden. Dit bedrag is in artikel 10 van de Regeling basisregistratie personen vastgesteld op maximaal

€ 7,50

 

 

 

1.4.6

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie personen, voor elk uur of gedeelte daarvan, aan het zoeken besteed

€ 71,00

 

 

 

1.4.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van:

 

1.4.7.1

een bewijs van Nederlanderschap

€ 16,00

1.4.7.1.1

een bewijs van Nederlanderschap via Digid

€ 13,20

1.4.7.2.1.

een attestatie de Vita (internationaal)

€ 13,20

1.4.7.2.2.

een attestatie de Vita (nationaal)

€ 16,00

1.4.7.2.3.

een attestatie de Vita (nationaal) via DigiD

€ 13,20

1.4.7.3

elke andere verklaring omtrent een bepaald persoon, niet elders genoemd

€ 13,20

 

 

 

1.4.8

Het tarief bedraagt voor het op verzoek vervaardigen van een selectie (steekproef) uit de basisregistratie personen per selectie

€ 873,00

Hoofdstuk 5  Vervallen

Hoofdstuk 6  Vervallen

Hoofdstuk 7  Vervallen

Hoofdstuk 8  Vastgoedinformatie

 

Begripsomschrijvingen

 

1.8.0

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

1.8.0.1

geografische informatie

informatie betreffend kaartmateriaal dat wordt verstrekt in de vorm van een computerbestand, via e-mail, floppy, cd-rom, tape of andere informatiedragers, zoals papier, film;

 

1.8.0.2

G.B.K.-Deventer

Grootschalige Basiskaart Deventer.

Het auteursrecht en copyright berust bij de Gemeente Deventer en Stichting GBKN Overijssel p.a. Kadaster, directie Oost, vestiging Zwolle (038-4695638). In dit hoofdstuk wordt met G.B.K. bedoeld de G.B.K.-Deventer;

 

1.8.0.3

overig kaartmateriaal

kaartmateriaal, vervaardigd door een gemeentelijke afdeling, waarop aanvullende informatie staat, of waarop een plan of ontwerp als hoofdinhoud staat, met veelal een basiskaart als ondergrond;

 

1.8.0.4

kadastrale informatie

informatie uit de kadastrale kaart (LKI) op papier of transparant materiaal of informatie uit de administratieve database (AKR).

 

 

 

Tarieven

 

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.8.1.1

Vervallen

 

1.8.1.2

Vervallen

 

1.8.1.3

een exemplaar van een structuurvisie

€ 38,00

1.8.1.4

een exemplaar van een volledig bestemmingsplan of exploitatieplan

€ 54,50

1.8.1.5

een afschrift uit een bestemmingsplan of exploitatieplan, per pagina

€ 0,20

1.8.1.6

een afschrift uit een bestemmingsplan of exploitatieplan indien deze schriftelijk wordt aangevraagd verhoogd met € 0,20 per pagina

€ 15,70

1.8.1.7

een volledige bestemmingsplan-, exploitatieplan- of structuurvisiekaart

€ 21,00

1.8.1.8

Vervallen

 

1.8.1.9

Vervallen

 

1.8.1.10

Vervallen

 

1.8.1.11

Vervallen

 

 

 

 

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

 

1.8.2.1

Vervallen

 

1.8.2.2

n.v.t.

 

1.8.2.3

een inschrijving in het rijksmonumentenregister die aan de gemeente verzonden is, als bedoeld in artikel 3.3, vijfde lid van de Erfgoedwet;

€ 0,00

1.8.2.4

het gemeentelijk erfgoedregister, bedoeld in artikel 3.16 van de Erfgoedwet, per aangewezen cultureel erfgoed;

€ 0,00

1.8.2.5

het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a en b van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, onroerende zaken dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken.

€ 6,50

 

 

 

1.8.3

n.v.t.

 

1.8.3.1

n.v.t.

 

1.8.3.2

n.v.t.

 

1.8.3.3

n.v.t.

 

 

 

 

1.8.4

Geografische informatie

 

 

Vervallen

 

 

1.8.5

Digitale geografische informatie (inclusief media)

 

 

Vervallen

 

 

1.8.6

Kadastrale informatie

 

 

Beperkte Kadastrale Informatie wordt verstrekt aan de gemeentelijke balie. Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van kadastrale en hypothecaire informatie worden

de op het moment van aanvraag geldende tarieven, zoals deze door de minister van VROM zijn vastgesteld in de Regeling Tarieven Kadaster, in rekening gebracht.

 

Hoofdstuk 8 a  Milieu

1.8a.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8a.1.1

voor het op verzoek verstrekken van informatie over de aanwezigheid van bodemverontreiniging en/of ondergrondse tanks, per locatie

€ 31,00

1.8a.1.2

voor het op verzoek verstrekken van data uit het bodeminformatiesysteem, anders dan omschreven in 1.8a.1.1 of het beoordelen van onderzoeksrapporten, anders dan in het kader van de indiening van een aanvraag voor een omgevingsvergunning bouw, voor elk besteed uur of gedeelte daarvan

€ 82,50

Hoofdstuk 9  Overige publiekszaken

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1

tot het verkrijgen van een verklaring omtrent het gedrag

€ 41,35

1.9.2

Verstrekking van een garantverklaring

€ 18,75

1.9.3

tot het verkrijgen van een legalisatie van een handtekening of foto

€ 13,20

1.9.4

voor het waarmerken van een register

€ 13,20

1.9.5

voor het waarmerken van een diploma

€ 13,20

1.9.6

voor het verstekken van informatie op een USB-stick

€ 11,25

1.9.7

voor een besluit voor verlenen van uitstel tot begraven of cremeren

€ 13,20

1.9.8

voor het afgeven van een laissez passer (lijkenpas)

€ 13,20

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan

€ 9,30

Hoofdstuk 11 Vervallen

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1

tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

€ 117,00

1.12.2

Vervallen

 

Hoofdstuk 13 Vervallen

Hoofdstuk 14 Vervallen

Hoofdstuk 15 Vervallen

Hoofdstuk 16 Kansspelen

 

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

 

1.16.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat

€ 56,50

1.16.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat

 

€ 56,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 34,00

1.16.1.3

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd

 

€ 226,50

1.16.1.4

voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat

   

€ 226,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 136,00

 

 

 

1.16.2

De subonderdelen 1.16.1.1 en 1.16.1.2 zijn van overeenkomstige toepassing, indien de vergunning geldt voor een tijdvak, korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd onderscheidenlijk verhoogd worden.

 

 

 

 

1.16.3

Voor de tarieven in de artikelen 1.16.1. en 1.16.2 is geen restitutie naar tijdsgelang mogelijk.

 

 

 

 

1.16.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

   

€ 19,00

Hoofdstuk 17 Vervallen

Hoofdstuk 18 Ondergrondse leidingen

1.18.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 2.2 van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur

€ 463,00

1.18.1.1

indien het betreft werkzaamheden in tegel-, klinker- en sierbestratingen, alsmede gesloten verhardingen, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met:

 

1.18.1.1 a

tot 10.000 m1

€ 2,55

1.18.1.1 b

van 10.000 tot 50.000 m1

€ 1,95

1.18.1.2

indien het betreft werkzaamheden in bermen, groenstroken en dergelijke, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met:

 

1.18.1.2 a

tot 10.000 m1

€ 0,50

1.18.1.2 b

van 10.000 tot 50.000 m1

€ 0,40

1.18.1.3

Bij een sleuflengte van 50.000 meter of meer wordt het tarief van onderdeel 1.18.1. verhoogd met het bedrag als opgenomen in een ter zake opgestelde projectbegroting, waarin de geraamde kosten voor de behandeling van de melding worden vastgesteld.

     

1.18.1.3.1

Indien een begroting als in onderdeel 1.18.1.3. is uitgebracht wordt de melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

1.18.1.4

indien de melder verzoekt om een inhoudelijke afstemming bij de beoordeling van aanvragen als bedoeld in artikel 2.2 van de Algemene Verordening Ondergrondse Infrastructuur, wordt het tarief van onderdeel 1.18.1 verhoogd met

€ 463,00

 Hoofdstuk 19 Verkeer en vervoer

1.19

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.1

Vervallen

 

 

 

 

1.19.2

voor elke andere vergunning ingevolge of ontheffing van verkeers-

voorschriften

€ 9,55

 

 

 

1.19.3

tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in de artikelen 49 en 52 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW):

 

1.19.3.1

voor een eerste aanvraag

€ 29,00

1.19.3.2

voor een verlengingsaanvraag

€ 29,00

1.19.3.3

voor een duplicaat

€ 11,25

 

 

 

1.19.4

Vervallen

 

 

 

 

1.19.5

tot het verkrijgen van een ontheffing op grond van arti­kel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerste­kens, van het Verbod voortvloeiende uit artikel 62 van het reglement, voor zover het betreft het verkeersverbod C1, C6 en C12, E01 en G07 van bijlage 1 van dat reglement, om te rijden en te parkeren in een voetgangersgebied:

 

1.19.5.1

- voor een dag

€ 4,75

1.19.5.2

- voor een week

€ 16,00

1.19.5.3

- voor een maand

€ 64,50

 

 

 

1.19.7

tot het in behandeling nemen van een verzoek tot een vervangende pas behorende bij een parkeervergunning of parkeerabonnement, jaarkaart of ontheffing.

€ 23,50

 

 

 

Hoofdstuk 20 Diversen

1.20.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.20.1.1

gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

€ 3,25

1.20.1.2

afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

 

1.20.1.2.1

per pagina van A4-formaat

€ 0,10

1.20.1.2.2

per pagina van A3-formaat

€ 0,15

1.20.1.2.3

per pagina van A2-formaat1

€ 0,25

1.20.1.3

kaarten, tekeningen en lichtdrukken, al dan niet behorend bij de in de onderdelen 1.20.2.1 en 1.20.2.2 genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening of lichtdruk:

 

1.20.1.3.1

A1-formaat

€ 6,15

1.20.1.3.2

A0-formaat

€ 8,50

1.20.1.4

n.v.t.

 

1.20.1.5

stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen

€ 3,25

 

 

 

1.20.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.20.2.1

voor een verlof tot het doen opgraven en het doen ver­voeren van een lijk

vervallen

1.20.2.2

voor het afgeven van een duplicaat grafbewijs

vervallen

1.20.2.3

voor het afgeven van een register van rouwbeklag bij een begrafenis

vervallen

1.20.2.4

voor het eenmaal per week verstrekken van een opgaaf van uitgege­ven

grafruimte, per jaar

vervallen

 

 

 

1.20.3

Vervallen

 

 

 

 

1.20.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van de tenaamstelling van een op grond van een binnen Titel 1 verleende vergunning

€ 28,50

 

 

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1  Begripsomschrijvingen

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 

 

de aannemingssom, de omzetbelasting daarin niet inbegrepen, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012, stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, de omzetbelasting niet inbegrepen als bedoeld in normblad NEN 2699:2017. Het normblad NEN 2699:2017 ligt ter inzage op het Stadskantoor van de gemeente Deventer. Indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet inbegrepen;

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 

 

de aannemingssom, de omzetbelasting daarin niet inbegrepen, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012, Stcrt 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten die voortvloeien uit aangegane verplichtingen ten behoeve van de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, exclusief omzetbelasting als bedoeld in normblad NEN 2699:2017. Het normblad NEN 2699:2017 ligt ter inzage op het Stadskantoor van de gemeente Deventer. Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet inbegrepen;

 

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

 

 

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

 

 

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

 Hoofdstuk 2  Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

2.2.1

om vooroverleg in verband met het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project in het kader van de Wabo vergunbaar is

€ 574,00

 Hoofdstuk 3  Omgevingsvergunning

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

 

 

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.1.1.1

n.v.t.

 

2.3.1.1.2

Vervallen.

 

2.3.1.1.3

indien de bouwkosten tot € 5.000,- bedragen:

€ 350,00

2.3.1.1.4

indien de bouwkosten € 5.000,- tot € 25.000,- bedragen:

6,00 %

 

van de bouwkosten, maar met een minimum van € 350,-;

 

2.3.1.1.5

indien de bouwkosten € 25.000,- tot € 100.000,- bedragen:

5,00 %

 

van de bouwkosten, maar met een minimum van € 1.500,-;

 

2.3.1.1.6

indien de bouwkosten € 100.000,- tot € 1.500.000,- bedragen:

4,00 %

 

van de bouwkosten, maar met een minimum van € 5.000,-;

 

2.3.1.1.7

indien de bouwkosten € 1.500.000,- of meer bedragen:

3,30 %

 

van de bouwkosten, maar met een minimum van € 60.000,-;

 

2.3.1.1.8

Ongeacht de hoogte van de bouwkosten bedragen de leges maximaal

€ 1.000.000,-

 

2.3.1.1.9

Vervallen

 

 

 

 

2.3.1.110

Vervallen

 

2.3.1.1.11

Vervallen

 

2.3.1.4

Achteraf ingediende aanvraag

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1, 2.3.2, 2.3.4, 2.3.5, 2.3.6.1.2, 2.3.6.2, 2.3.7.1, 2.3.8, 2.3.9, 2.3.10 bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit: van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges.

121,00 %

 

 

 

2.3.1.5

Vervallen

 

 

 

 

 

2.3.2

Aanlegactiviteiten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

indien de kosten welke zijn verbonden aan de uitvoering van de werken/werkzaamheden:

 

2.3.2.1

minder zijn dan € 2.275,--

€ 175,00

2.3.2.2

€ 2.275,-- of meer, maar minder zijn dan € 4.545,--

€ 347,00

2.3.2.3

€ 4.545,-- of meer, maar minder zijn dan € 45.450,--

€ 869,00

2.3.2.4

€ 45.450,-- of meer

€ 1.740,00

 

 

 

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1:

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo

(binnenplanse afwijking) dan wel artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking):

   

10,%

 

van de bouwkosten, echter met een minimum van € 76,00 en een maximum van € 693,00;

 

2.3.3.2

Vervallen

 

2.3.3.2.1

Vervallen

 

2.3.3.2.2

Vervallen

 

2.3.3.2.3

Vervallen

 

2.3.3.2.4

Vervallen

 

2.3.3.2.5

Vervallen

 

2.3.3.2.6

Vervallen

 

2.3.3.2.7

Vervallen

 

 

 

 

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking/projectbesluit):

 

2.3.3.3.1

indien de bouwkosten niet meer bedragen dan € 100.000,-:

€ 9.687,00

2.3.3.3.2

indien de bouwkosten meer dan € 100.000,- maar niet meer dan

€ 300.000,- bedragen:

 

€ 12.511,00

2.3.3.3.3

indien de bouwkosten meer dan € 300.000,- maar niet meer dan

€ 1.000.000,- bedragen:

 

€ 20.824,00

2.3.3.3.4

indien de bouwkosten meer dan € 1.000.000,- maar niet meer dan

€ 2.000.000,- bedragen:

 

€ 27.247,00

2.3.3.3.5

indien de bouwkosten meer dan € 2.000.000,- maar niet meer dan

€ 4.000.000,- bedragen:

€ 36.155,00

2.3.3.3.6

indien de bouwkosten meer dan € 4.000.000,- bedragen:

 €50.891,00

 

Het bepaalde in de artikelen 2.3.3.3.1 tot en met 2.3.3.3.6 vindt geen toepassing indien de met het buitenplanse afwijking gepaard gaande kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald.

 

 

 

 

2.3.3.4

indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking):

10,00 %

 

van de bouwkosten, echter met een minimum van € 445,- en een maximum van € 1.127,-;

 

 

 

 

2.3.3.5

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de  Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

 10,00 %

 

van de bouwkosten echter met een minimum van € 81,00 en een maximum van € 729,00;

 

 

 

 

2.3.3.6

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

10,00 %

 

van de bouwkosten echter met een minimum van € 81,00 en een maximum van € 729,00.

 

 

2.3.3.7

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

10,00 %

 

van de bouwkosten echter met een minimum van € 77,00 en een maximum van € 694,00;

 

 

 

 

2.3.3.8

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

10,00 %

 

van de bouwkosten echter met een minimum van € 77,00 en een maximum van € 694,00.

 

 

 

 

2.3.4

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.4.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo (binnenplanse afwijking) dan wel artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo (buitenplanse kleine afwijking) wordt toegepast:

€ 457,00

2.3.4.2

Vervallen

 

2.3.4.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking/projectbesluit):

 

€ 9.803,00

 

Het bepaalde in dit artikel vindt geen toepassing indien de met de buitenplanse afwijking gepaard gaande kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald.

 

2.3.4.4

indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking)

€ 929,00

2.3.4.5

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan):

€ 388,00

2.3.4.6

indien de aanvraag een project betreft en de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 457,00

2.3.4.7

indien de aanvraag een project betreft en de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 457,00

2.3.4.8

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 457,00

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

2.3.5.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 323,00

 

met dien verstande dat:

 

2.3.5.1.1

dit bedrag wordt verhoogd voor bouwwerken en inrichtingen met een gebruiksoppervlakte:

 

2.3.5.1.1.1

- tot en met 100 m²

€ 257,00

2.3.5.1.1.2

- van 101 tot en met 500 m²

€ 257,00

2.3.5.1.1.3

vermeerderd met € 1,63 per m² of gedeelte daarvan boven 100 m²

 

2.3.5.1.1.4

- van 501 tot en met 2000 m²

€ 921,00

2.3.5.1.1.5

vermeerderd met € 0,83 per m² of gedeelte daarvan boven 500 m²

 

2.3.5.1.1.6

- van 2.001 tot en met 5000 m²

€ 2.205,00

2.3.5.1.1.7

vermeerderd met € 0,50 per m² of gedeelte daarvan boven 2.000 m²

 

2.3.5.1.1.8

- van 5.001 tot en met 50.000 m²

€ 3.747,00

2.3.5.1.1.9

vermeerderd met € 0,04 per m² of gedeelte daarvan boven 5.000 m²

 

2.3.5.1.1.10

- boven de 50.000 m²

€ 5.672,00

2.3.5.1.1.11

vermeerderd met € 0,03 per m² of gedeelte daarvan boven 50.000 m²

 

 

 

 

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een rijks-, provinciaal of gemeentelijk monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f of artikel 2.2, eerste lid, onder b, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening of artikel 5, tweede lid van de Erfgoedverordening 2010 Gemeente Deventer, bedraagt het tarief:

 

2.3.6.1.1

Indien het tevens betreft een vergunningplichtige activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo en onverminderd het bepaalde in artikel 2.3.1: voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument dan wel voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

 

2.3.6.1.1.1

indien de bouwkosten minder dan € 5.000,-- bedragen

€ 12,00

2.3.6.1.1.2

indien de bouwkosten € 5.000,- of meer bedragen worden de in de artikelen 2.3.1.1.3 tot en met 2.3.1.1.5 genoemde percentages verhoogd met

0,58 %

2.3.6.1.2

voor het geheel of gedeeltelijk slopen van een monument indien de te verwachten hoeveelheid sloopafval bedraagt:

 

2.3.6.1.2.1

- minder dan 100 m³

€ 252,00

2.3.6.1.2.2

- 100 m³ of meer doch minder dan 1000 m³

€ 718,00

2.3.6.1.2.3

- 1000 m³ of meer

€ 1.789,00

 

2.3.6.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het geheel of gedeeltelijk slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, of artikel 2.2 eerste lid, onder c, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening of de Erfgoedverordening 2010 Gemeente Deventer, bedraagt het tarief indien de te verwachten hoeveelheid sloopafval bedraagt:

 

2.3.6.2.1

- minder dan 100 m³

€ 252,00

2.3.6.2.2

- 00 m³ of meer doch minder dan 1000 m³

€ 718,00

2.3.6.2.3

- 1000 m³ of meer

€ 1.789,00

2.3.6.3

Artikel 2.3.6.1.1 vindt overeenkomstige toepassing ingeval sprake is van een bouwactiviteit in een beschermd stads- of dorpsgezicht gezicht anders dan aan of bij een monument.

 

2.3.6.4

Voorkomen dubbele heffing:

Ingeval sprake is van een bouw- of sloopactiviteit aan of bij een gemeentelijk -, provinciaal - of rijksmonument, dat is gelegen binnen een beschermd stadsgezicht, dan vindt geen heffing plaats vanwege de ligging in het beschermd stads- of dorpsgezicht.

 

 

 

 

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

 

2.3.7.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het geheel of gedeeltelijk slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo bedraagt het tarief:

 

2.3.7.1.1

- minder dan 100 m³

€ 252,00

2.3.7.1.2

- 100 m³ of meer doch minder dan 1000 m³

€ 718,00

2.3.7.1.3

- 1000 m³ of meer

€ 1.789,00

 

 

 

2.3.8

Activiteit Handelsreclame

Indien een aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder h en i van de Wabo, in samenhang met artikel 4:15 Algemene plaatselijke verordening bedraagt het tarief:

 

2.3.8.1

indien geen sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, aanhef en eerste lid, onder a, van de Wabo

€ 78,50

2.3.8.2

indien tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, aanhef en eerste lid, onder a, van de Wabo en

 

2.3.8.3

de bouwkosten tot € 1.000 bedragen

€ 78,50

2.3.8.4

de bouwkosten tot € 3.000 bedragen

€ 210,00

2.3.8.5

de bouwkosten van € 3.000 tot € 5.000 bedragen

€ 368,00

2.3.8.6

indien de bouwkosten € 5.000 of meer bedragen gelden de tarieven voor bouwactiviteiten zoals opgenomen in artikel 2.3.1.1.4 e.v. van deze verordening, met dien verstande dat de vermeerdering van dit tarief als bedoeld in artikel 2.3.6 niet van toepassing is.

 

 

 

 

2.3.9

Uitweg / Inrit

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale wegenverordening of artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 78,50

 

 

 

2.3.10

Kappen

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of artikel 4.11 van de Algemene plaatselijke verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.10.1

Voor een enkelvoudige aanvraag: tot en met 2 bomen

€ 85,00

2.3.10.2

Voor een meervoudige aanvraag: 3 bomen

€ 172,00

2.3.10.3

vermeerderd met € 37,00 voor iedere volgende boom met een maximum van € 3.724,00

 

2.3.11

Bij weigering van een omgevingsvergunning met betrekking tot het vellen of doen vellen van houtopstand vindt volledige restitutie van de leges plaats.

 

 

 

 

2.3.12

Vervallen

 

2.3.12.1

Vervallen

 

2.3.12.2

Vervallen

 

 

 

 

2.3.13

Handelingen in het kader van de Flora- en Faunawet

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (Flora- en Fauna activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 0,00

 

 

 

2.3.14

Andere activiteiten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 0,00

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief

 

2.3.14.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning. Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning bedraagt het tarief:

€ 37,50

2.3.14.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld. Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

 

 

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

   

 

 

2.3.16

Beoordeling bodemrapport

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:

 

2.3.16.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport

€ 414,00

2.3.16.2

Vervallen

 

 

 

 

2.3.17

Advies

 

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel 2.26, derde lid, van de Wabo: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.17.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

 

 

 

2.3.18

Verklaring van geen bedenkingen

 

2.3.18.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

 

2.3.18.1.1

indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 313,00

2.3.18.1.2

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.18.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.18.1.2 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

 

 

Hoofdstuk 4  Vermindering

2.4.1

Wanneer een vooroverleg / beoordeling conceptaanvraag, zoals bedoeld in 2.2.1, binnen zes maanden na bekendmaking van het eindresultaat over de haalbaarheid, wordt vervolgd met een aanvraag om omgevingsvergunning, bestemmingsplanherziening, wijzigingsplan of uitwerkingsplan voor hetzelfde plan, worden de ter zake van het vooroverleg geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3.

 

2.4.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18.

De vermindering bedraagt:

 

2.4.2.1

bij 5 tot 10 activiteiten:

2 %

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.2

bij 10 tot 15 activiteiten:

3 %

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.3

bij 15 of meer activiteiten:

5 %

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges.

 

Hoofdstuk 5  Teruggaaf

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten en teruggaafregeling bijzondere procedures

 

 

 

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg-, uitweg, bijzondere procedures 1 en 2 of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.3.1, 2.3.3.2, 2.3.3.4 t/m 2.3.3.8, 2.3.4.1, t/m 2.3.4.2, 2.3.4.4, 2.3.4.5, 2.3.6, 2.3.7 en 2.3.9 intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

 

2.5.1.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken voordat een beslissing op de aanvraag is genomen maar:

 

2.5.1.1.1

binnen 2 weken na de datum van ontvangst van de aanvraag

75 %

 

van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges

 

2.5.1.1.2

binnen 7 weken na ontvangst van de aanvraag (maar later dan 2 weken na de ontvangst daarvan)

65 %

 

van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges

 

2.5.1.1.3

later dan 7 weken na ontvangst van de aanvraag

55 %

 

van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges

 

 

 

 

2.5.1.3

Teruggaafregeling bijzondere procedures

 

 

Ingeval een aanvraag tot het verkrijgen van een bestemmingsplanherziening, wijzigingsplan, uitwerkingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning waarbij artikel 2.12, eerste lid, onder a onder 3°, van de Wabo wordt toegepast als bedoeld in de onderdelen 2.3.3.3, 2.3.4.3, 2.8.1 en 2.8.2 wordt ingetrokken, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

 

2.5.1.3.1

De teruggaaf bedraagt:

 

 

indien het verzoek is ingetrokken binnen 2 weken na de indiening van het verzoek en vóórdat op dat verzoek een beslissing is genomen, tenzij dit bedrag lager is dan € 57,50

75 %

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.3.2

De teruggaaf bedraagt:

 

 

indien het verzoek is ingetrokken op een later tijdstip dan 2 weken na indiening van het verzoek, maar binnen 1 week na het einde van de terinzageleggingstermijn, tenzij dit bedrag lager is dan € 57,50

50 %

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.3.3

De teruggaaf bedraagt:

 

 

indien het verzoek is ingetrokken op een later tijdstip dan 1 week na het einde van de terinzageleggingstermijn maar voordat een beslissing op de aanvraag is genomen, tenzij dit bedrag lager is dan € 57,50

25 %

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges

 

 

 

 

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

 

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6, 2.3.7en 2.3.9 intrekt, bestaat geen aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

 

 

 

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

2.5.3.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6, 2.3.7 of 2.3.9 al dan niet beslissend op bezwaar weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges.

 

 

De teruggaaf bedraagt:

50 %

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging bij rechterlijke uitspraak van de beschikking waarbij de vergunning is verleend.

 

 

 

 

2.5.4

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

 

Een bedrag minder dan € 35,00 wordt niet teruggegeven.

 

 

 

 

2.5.5

Geen teruggaaf legesdeel bijzondere procedures, advies of verklaring van geen bedenkingen

 

 

Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.3 tot en met 2.3.4.8 , - ingeval op het afwijkingsverzoek een besluit is genomen- alsmede de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18 wordt geen teruggaaf verleend.

 

Hoofdstuk 6  Intrekking omgevingsvergunning

2.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is:

€ 0,00

Hoofdstuk 7  Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

2.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project

 

2.7.1

Ingeval en voor zover geen sprake is van bouwen:

5 %

 

van de oorspronkelijk geheven leges met een minimum van € 33,50 en een maximum van € 4.524,00.

 

2.7.2

Ingeval en voor zover sprake is van bouwen en

 

2.7.2.1

het gewijzigd plan niet leidt tot een verhoging van de bouwkosten van het oorspronkelijke plan:

5 %

 

van de oorspronkelijk geheven leges (berekend op de wijze zoals in onderdeel 2.3.1 bepaald)  met een minimum van € 33,50 en een maximum van € 4.524,00;

 

2.7.2.2

indien de aanvraag voor het bouwen in afwijking van een eerder ingediend plan als hiervoor bedoeld wel leidt tot een verhoging van de bouwkosten, dan wordt het normale tarief, berekend op de wijze als in onderdeel 3.2.1 bepaald, toegepast over die meerkosten, zulks echter met inachtneming van het minimum en maximum zoals hiervoor onder 2.7.2.1 is bepaald;

 

2.7.2.3

de vergunning is geweigerd en deze aanvraag niet leidt tot een verhoging van de bouwkosten:

55%

 

van de leges berekend op de wijze zoals in onderdeel 2.1.3 bepaald.

 

Hoofdstuk 8  Bestemmingswijzigingen

2.8.1

(Partiële) herziening bestemmingsplan

 

2.8.1.1

Het verschuldigde bedrag bedraagt onverkort het bepaalde onder 2.3.1, voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot herziening van het

bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening:

 

2.8.1.1.1

indien de bouw-/aanlegkosten niet meer dan € 100.000,- bedragen:

€ 9.464,00

2.8.1.1.2

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 100.000,- en niet meer dan

€ 300.000,- bedragen:

€ 12.028,00

2.8.1.1.3

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 300.000,- en niet meer dan

 € 1.000.000,- bedragen:

€ 19.988,00

2.8.1.1.4

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 1.000.000,- en niet meer dan

€ 2.000.000,- bedragen:

€ 26.357,00

2.8.1.1.5

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 2.000.000,- en niet meer dan

€ 4.000.000,- bedragen:

€ 35.023,00

2.8.1.1.6

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 4.000.000,- bedragen:

€ 50.325,00

 

De in dit artikel bedoelde aanvraag tot het starten van een bestemmingsplanprocedure dient noodzakelijk te zijn om een (bouw)plan c.q. project te kunnen realiseren, uitsluitend of overwegend in het belang van de aanvrager. Het bepaalde in dit artikel vindt geen toepassing indien de met het bestemmingsplan gepaard gaande kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald.

 

2.8.1.2

Het verschuldigde bedrag bedraagt onverkort het bepaalde onder 2.3.1, voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot herziening of uitwerking van het bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening in geval er geen bouw- / aanlegplan aan ten grondslag ligt (wijziging gebruik)

€ 9.464,00

 

 

 

2.8.2

Wijziging bestemmingsplan door burgemeester en wethouders

 

 

Het verschuldigde bedrag bedraagt onverkort het bepaalde onder 2.3.1, voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van het bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening:

 

2.8.2.1

indien de bouw-/aanlegkosten niet meer dan € 100.000,- bedragen:

€ 7.097,00

2.8.2.2

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 100.000,- en niet meer dan

€ 300.000,- bedragen:

€ 9.021,00

2.8.2.3

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 300.000,- en niet meer dan

€ 1.000.000,- bedragen:

€ 14.993,00

2.8.2.4

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 1.000.000,- en niet meer dan

€ 2.000.000,- bedragen:

€ 19.767,00

2.8.2.5

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 2.000.000,- en niet meer dan

€ 4.000.000,- bedragen:

€ 26.268,00

2.8.2.6

indien de bouw-/aanlegkosten meer dan € 4.000.000,- bedragen:

€ 50.325,00

2.8.2.7

indien er geen bouw-/aanlegplan aan ten grondslag ligt (wijziging gebruik)

€ 7.118 ,00

Hoofdstuk 8 a Wet Geluidhinder

2.8 a.1

Het tarief bedraagt voor het vaststellen van een hogere grenswaarde in het kader van de Wet Geluidhinder, voor zover dit voor het vaststellen van een bestemmingsplan, wijzigingsplan of uitwerkingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning waarbij artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°, van de Wabo wordt toegepast, nodig is

€ 2.887,00

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

2.10.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 37,50

2.10.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van de tenaamstelling van een verleende bouw-, sloop- aanlegvergunning

€ 31,00

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1  Horeca

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet (Stb. 2012, 379)

€ 967,00

3.1.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een leidinggevende op het aanhangsel bij de  drank- en horecavergunning zoals bedoeld in artikel 30a van de Drank-en Horecawet

€ 306,00

3.1.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet

€ 102,00

3.1.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aan­vraag tot het verkrijgen van een ontheffing van het sluitings­uur van een openbare inrichting in­ge­vol­ge arti­kel 2:29a lid 3 van de APV:

€ 204,00

3.1.5

Het tarief bedraagt voor het verkrijgen van een inciden­tele ontheffing van het sluitingsuur als bedoeld in arti­kel 2:30 van de APV:

€ 204,00

3.1.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 2.28 van de APV voor een openbare inrichting met uitzondering van een coffeeshop. Indien deze aanvraag tezamen met een aanvraag als bedoeld in artikel 3.1.1 wordt ingediend, worden voor de aanvraag tot het verkrijgen van een exploitatievergunning 50% van de leges in rekening gebracht.

€ 967,00

3.1.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van de exploitatievergunning voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 lid1 van de APV met betrekking tot de leidinggevenden van dit bedrijf. Indien deze aanvraag tezamen met een aanvraag als bedoeld in artikel 3.1.2 wordt ingediend, worden voor de aanvraag tot het wijzigen van de exploitatievergunning 50% van de leges in rekening gebracht.

€ 306,00

3.1.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van de exploitatievergunning voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 lid1 van de APV met betrekking tot de lokaliteit van dit bedrijf

€ 102,00

3.1.8.a

Een melding als bedoeld in artikel 30van de Drank- en Horecawet, voor zover dit betreft een slijtersbedrijf als in artikel 1 van de Drank en Horecawet

€ 102,00

3.1.9

Indien een vergunning of ontheffing, al dan niet tijde­lijk, wordt ingetrokken of van een vergunning of onthef­fing gedu­ren­de kortere of langere tijd geen gebruik wordt gemaakt, bestaat geen recht op gehele of ge­deelte­lijke restitutie van leges.

 

3.1.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen dan wel wijzigen van een vergunning voor de exploitatie en inrichting van een terras als bedoeld in artikel 2:28a van de APV.

 

3.1.10.1

Voor een vergunning voor onbepaalde tijd

€ 483,00

3.1.10.2

Voor een tijdelijke terrasvergunning voor de duur van een evenement

€ 37,00

3.1.11

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen of verlengen van een gedoogverklaring voor 2 jaar voor het vestigen van een coffeeshop:

€ 815,00

 

3.1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een exploitatievergunning voor een coffeeshop als bedoeld in artikel 2:28 lid 1 van de APV

€ 1.344,00

 

 

 

Hoofdstuk 2  Organiseren evenementen of markten

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.2.1.1

voor het houden of organiseren van A-evenementen op/aan de weg of op een voor publiek toegankelij­ke plaats als bedoeld in arti­kel 2:25 lid 1 van de APV

€ 179,00

   

3.2.1.2

voor het houden of organiseren van B-evenementen op/aan de weg of op een voor publiek toegankelij­ke plaats als bedoeld in arti­kel 2:25 lid 1 van de APV

€ 447,00

3.2.1.3

voor het houden of organiseren van C evenementen op/aan de weg of op een voor publiek toegankelij­ke plaats als bedoeld in arti­kel 2:25 lid 1 van de APV

€ 1.121,00

 

indien er sprake is van een ideëel evenement als bedoeld in artikel 2:24 tweede lid, onder f van de APV worden geen leges in rekening gebracht.

€ 0,00

3.2.1.5

om ontheffing van het verbod om geluidhinder te veroorzaken als bedoeld in artikel­ 4:6 van de APV

€ 34,00

3.2.1.6

voor het exploiteren van een speelgelegenheid als bedoeld in ar­tikel 2:39 lid 2 van de APV

€ 129,00

3.2.1.7

voor het houden van een openbare inzameling van geld of goe­deren of daartoe een intekenlijst aan te bieden als bedoeld in ar­tikel 5:13 lid 1 van de APV

€ 34,00

3.2.1.8

Vervallen

 

3.2.1.9

voor het in de uitoefening van handel innemen van een sta­nd­plaats of anderszins te koop aan­bieden van goe­deren aan pu­bliek als bedoeld in artikel 5:18 lid 1 van de APV

€ 40,50

3.2.1.10

voor het aanleggen van vuur in de openlucht als bedoeld in artikel 5:34 lid 3 van de APV

€ 34,00

3.2.1.11

voor het op, aan of zichtbaar vanaf de weg optreden als sin­terklaas als bedoeld in ar­tikel 5:38 lid 3 van de APV

€ 34,00

3.2.2

Vervallen

 

Hoofdstuk 3  Prostitutiebedrijven

3.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

3.3.1.1

een vergunning zoals bedoeld in artikel 3:4 lid 1 (Seksinrichtingen of escortbedrijf) van de APV

€ 2.490,00

3.3.1.2

een gewijzigde vergunning zoals bedoeld in artikel 3:4 (Seksinrichtingen of escortbedrijf) van de APV in verband met wijzigen en/of toevoegen van beheerders

€ 306,00

3.3.1.3

een geschiktheidverklaring zoals bedoeld in artikel 3:3 (Nadere regels) van de APV per werkruimte (kamer)

€ 267,00

3.3.2

Indien de geschiktheids - verklaring wordt geweigerd, dan wel in het kader van een bezwaar- of beroepsprocedure wordt ingetrokken of vernietigd zonder dat deze daarbij door een nieuwe verklaring wordt vervangen, bestaat aanspraak op teruggaaf van 50% van de geheven leges.

 

3.3.3

Indien besloten wordt om de aanvraag door ontoereikende gegevens niet in behandeling te nemen zijn geen leges verschuldigd.

 

Hoofdstuk 4  Huisvestingswet 2014

3.4.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een omzettingsvergunning van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte als bedoeld in artikel 2.1 van de Huisvestingsverordening Deventer 2015 bedraagt

€ 1.184,00

3.4.2

Overschrijving omzettingsvergunning

€ 54,50

3.4.3

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijzigen van het aantal kamers genoemd in de voorwaarden bij de omzettingsvergunning, als bedoeld in artikel 1.1, lid h, van de Huisvestingsverordening Deventer 2015 bedraagt

€ 102,00

3.4.4

Indien een aanvraag om een omzettingsvergunning wordt geweigerd of in het kader van een bezwaarprocedure wordt ingetrokken, wordt een restitutie verleend van 50% van het verschuldigde bedrag.

 

Hoofdstuk 5  Vervallen

Hoofdstuk 6 Winkeltijdenwet

1.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.6.1

voor het verlenen van een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet

€ 40,00

1.6.2

tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 1.15.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

€ 28,50

1.6.3

tot het intrekken of wijzigen van een in onderdeel 1.15.1 bedoelde ontheffing

€ 11,30

Hoofdstuk 7  In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

3.7

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 22 Wet vervoer gevaarlijke stoffen bedraagt

€ 186,00

3.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van de tenaamstelling van een op grond van een binnen Titel 3 verleende vergunning

€ 29,00

3.7.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 34,00

 

Behorende bij raadsbesluit van

De griffier van de gemeente Deventer, <datum>

 

drs. R. Weernekers