Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân

Verordening Adviesraad Sociaal Domein

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieDienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân
OrganisatietypeRegionaal samenwerkingsorgaan
Officiële naam regelingVerordening Adviesraad Sociaal Domein
CiteertitelVerordening Adviesraad Sociaal Domein dienst SoZaWe Noardwest Fryslân
Vastgesteld dooralgemeen bestuur
Onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn
Eigen onderwerpgeen

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Wet maatschappelijke ondersteuning 2015, art.2.1.3 lid 3, Participatiewet, art.47, Jeugdwet 2.10

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

17-07-201501-07-2015Nieuwe regeling

02-07-2015

Blad gemeenschappelijke regeling Dienst SoZaWe Noardwest Fryslân, 17 juli 2015

02/07/15/07

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening Adviesraad Sociaal Domein

Het algemeen bestuur van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;

Gelet op artikel 2.1.3 lid 3 Wet Maatschappelijke Ondersteuning (hierna WMO) en artikel 47 van de Participatiewet en artikel 2.10 van de Jeugdwet

besluit vast te stellen de

Verordening Adviesraad Sociaal Domein

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    Het dagelijks bestuur: het dagelijks bestuur van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;

  • b.

    Het algemeen bestuur: het algemeen bestuur van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;

  • c.

    De dienst: de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân;

  • d.

    De adviesraad: de adviesraad met betrekking tot het sociale domein van de gemeenten Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland en Terschelling;

  • e.

    Belanghebbenden: de burgers van de gemeenten Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland en Terschelling, in het bijzonder mensen die om persoonlijke, financiële, sociale en/of maatschappelijke redenen in een kwetsbare positie verkeren;

  • f.

    Ambtelijk contactpersoon: een door het Algemeen Bestuur aangewezen persoon, die fungeert als contactpersoon voor de adviesraad;

  • g.

    Behandelend ambtenaar: de ambtenaar die deskundig is op één of meer domeinen waarop de adviesraad over adviseert en voor deze domeinen fungeert als aanspreekpunt voor de adviesraad;

  • h.

    Inclusieve samenleving: een samenleving waarin iedereen tot zijn recht kan komen, ongeacht culturele achtergrond, geslacht, leeftijd, talenten en/ of beperkingen. Iedereen neemt op gelijkwaardige manier deel aan de samenleving;

  • i.

    Adviseren: het uitbrengen van een gevraagd of ongevraagd niet-bindend advies;

  • j.

    Maatschappelijke ondersteuning: hulp aan inwoners, in de vorm van preventieve, algemene en specialistische voorzieningen;

  • k.

    Platformen: aan adviesraad ondersteunende werkgroepen.

Artikel 2 Taakstelling

  • 1.

    De adviesraad heeft tot taak het Algemeen Bestuur gevraagd en ongevraagd te adviseren en informeren over alle aangelegenheden die betrekking hebben op het terrein van het sociaal domein, met name op de volgende twee hoofddomeinen:

    . zorg en maatschappelijke ondersteuning

    . werk en inkomen

  • 2.

    De adviesraad stelt zich tot doel om met haar adviezen een bijdrage te leveren aan:

    • .

      het bevorderen van zelfredzaamheid, eigen kracht en participatie van belanghebbenden;

    • .

      de inclusieve samenleving;

    • .

      het verbeteren van de kwaliteit van gemeentelijk beleid en de uitvoering daarvan binnen hetsociaal domein.

  • 3.

    De adviesraad zorgt voor de wettelijk voorgeschreven cliëntenparticipatie, onder meer vermeld in de WMO, de Participatiewet en de Jeugdwet.

Artikel 3 Advisering en adviestermijnen

  • 1.

    Wanneer het Algemeen Bestuur de adviesraad om advies vraagt, neemt de adviesraad voor het uitbrengen van haar advies een termijn van zes weken in acht. In overleg kan hiervan worden afgeweken.

  • 2.

    Wanneer de adviesraad een advies formuleert, wordt beschreven op welke wijze en in welke mate de in aanmerking komende vertegenwoordigers van belanghebbenden in de gelegenheid zijn gesteld een inbreng te leveren bij het ontwikkelen en realiseren van beleid binnen de artikel 2, lid 1 genoemde hoofddomeinen.

  • 3.

    Het Algemeen Bestuur streeft er naar binnen zes weken een besluit op een gevraagd of ongevraagd advies van de adviesraad te nemen.

  • 4.

    Als het Algemeen Bestuur besluit van een advies van de adviesraad af te wijken, wordt dit schriftelijk gemotiveerd aan de adviesraad medegedeeld. In haar motivering onderbouwt het Algemeen Bestuur welke punten uit het advies om welke redenen niet worden overgenomen.

  • 5.

    Nadat de adviesraad op verzoek van het Algemeen Bestuur een advies op een beleidsvoornemen heeft uitgebracht neemt het Algemeen Bestuur een besluit op basis van het beleidsvoornemen, het advies van de adviesraad en het antwoord van het Algemeen Bestuur daarop. Na besluitvorming worden de stukken openbaar gemaakt.

  • 6.

    De adviesraad adviseert niet over klachten, bezwaarschriften of andere zaken die op individuen betrekking hebben.

Artikel 4 Door het Algemeen Bestuur te verstrekken informatie

  • 1.

    De adviesraad krijgt van het Algemeen Bestuur op verzoek tijdig binnen 10 werkdagen alle informatie die de adviesraad voor de uitoefening van haar taakstelling nodig heeft, tenzij enig wettelijk voorschrift de verstrekking daarvan in de weg staat. Zo nodig zullen behandelend ambtenaren op verzoek van de adviesraad mondelinge toelichting geven over lopend beleid, de invloed van rijksbeleid en/of over de ideeën en plannen van het Algemeen Bestuur en of/of het algemeen bestuur ten aanzien van het sociaal domein.

  • 2.

    Het Algemeen Bestuur verstrekt geen informatie aan de adviesraad over individuele personen.

Artikel 5 Samenstelling

  • 1.

    De adviesraad bestaat uit maximaal 15 leden, exclusief de onafhankelijk voorzitter en de ambtelijk contactpersoon.

  • 2.

    Voor de leden van de adviesraad geldt dat de samenstelling:

    • .

      qua bevolkingskenmerken zoveel mogelijk een afspiegeling vormt van de samenleving van de gemeenten Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland en Terschelling.

    • .

      qua deskundigheid en ervaring evenwichtig verdeeld zijn over de breedte van het sociaaldomein waarop deze verordening van toepassing is.

Artikel 6 Voorzitter

  • 1.

    De voorzitter van de adviesraad heeft een aantoonbare binding met de samenleving van de gemeenten Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland of Terschelling en de belanghebbenden en is bij voorkeur woonachtig in een van deze gemeenten.

  • 2.

    De voorzitter bekleedt geen vertegenwoordigende functie namens een politieke partij in de gemeente Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland of Terschelling, is geen lid van het college of de raad en is geen ambtenaar van een van deze gemeente of van de dienst. De voorzitter heeft geen zakelijke binding met de gemeente Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland of Terschelling, voor zover een dergelijke binding van invloed kan zijn op zijn/haar onafhankelijke positie.

  • 3.

    De voorzitter is onafhankelijk en vertegenwoordigt de adviesraad naar buiten toe. De voorzitter ondertekent alle officiële stukken van de adviesraad, waaronder de adviezen van de adviesraad.

Artikel 7 Leden

  • 1.

    De leden van de adviesraad hebben een aantoonbare binding met de samenleving van gemeente Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland of Terschelling en de belanghebbenden. De leden zijn bij voorkeur woonachtig in een van deze gemeenten.

  • 2.

    De leden bekleden geen vertegenwoordigende functie namens een politieke partij in de gemeente Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland of Terschelling, zijn geen lid van het college of de raad en zijn geen ambtenaar van een van deze gemeente of van de dienst. De leden hebben geen zakelijke binding met een van deze gemeente voor zover een dergelijke binding van invloed kan zijn op de onafhankelijke positie van de leden.

  • 3.

    De leden van de adviesraad hebben zitting in de adviesraad zonder last. De leden spreken op persoonlijke titel.

Artikel 8 Ambtelijke ondersteuning

  • 1.

    Het Algemeen Bestuur wijst een ambtelijk contactpersoon aan. De ambtelijk contactpersoon heeft geen stemrecht in de adviesraad. De ambtelijk contactpersoon zorgt voor ondersteuning van de adviesraad.

  • 2.

    Tot de taken van de ambtelijk contactpersoon kunnen behoren:

    • .

      het samen met de voorzitter opstellen van de agenda van de vergaderingen;

    • .

      het tijdig verzenden van de agenda met de bijbehorende stukken;

    • .

      het bijwonen van alle vergaderingen en het zorgdragen voor een verslag en/of besluitenlijst en de publicatie daarvan;

    • .

      het bewaken van de voortgang en afhandeling van uitgebrachte adviezen;

    • .

      het terugkoppelen van besluiten van het dagelijks bestuur naar aanleiding van uitgebrachte adviezen.

    • .

      het bewaken van de voortgang en afhandeling van uitgebrachte adviezen;

    • .

      het terugkoppelen van besluiten van het Algemeen Bestuur naar aanleiding van uitgebrachte adviezen ;

    • .

      nader te bepalen activiteiten in afstemming met de taakstelling van de adviesraad zoals benoemd in artikel 14 lid 2.

Artikel 9 Voordracht, benoeming en zittingsduur

  • 1.

    De leden van de adviesraad worden benoemd door het Algemeen Bestuur op voordracht van een instellingscommissie. De adviesraad kan worden ingesteld wanneer minimaal tien (10) leden en maximaal vijftien (15) leden worden voorgedragen.

  • 2.

    De adviesraad kiest uit haar midden een vice-voorzitter, een secretaris en een penningmeester.

  • 3.

    De werving van de leden en de voorzitter vindt allereerst plaats via een open sollicitatieprocedure, waaronder bekendmaking in de lokale media. Er wordt gewerkt met een profielschets.

  • 4.

    De leden en de voorzitter worden benoemd voor een periode van maximaal vier jaar.Benoemingen kunnen één keer aansluitend op de eerste termijn met eenzelfde periode van maximaal vier jaar worden verlengd. Na de maximale zittingsduur van acht jaar mag een aftredend lid/voorzitter zich gedurende vier jaar niet opnieuw kandidaat stellen.

  • 5.

    Het lidmaatschap van de leden eindigt:

    • a.

      op eigen verzoek;

    • b.

      door het verstrijken van de periode waarvoor men is benoemd, behoudens herbenoeming;

    • c.

      doordat niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden genoemd in artikel 7;

    • d.

      door ontslag op voordracht van minimaal 2/3e van het totaal aantal leden en de voorzitter van de adviesraad op grond van handelen of nalaten van betrokkene, waardoor voortzetting als lid van de adviesraad ongewenst wordt geacht;

    • e.

      als een zittend lid op jaarbasis meer dan de helft van het aantal bijeenkomsten van de adviesraad verzuimt.

    • f.

      als een zittend lid meer dan een half jaar aaneengesloten verzuimt.

      In de gevallen als bedoeld onder artikel 9 lid 6 sub e. en f. draagt de voorzitter dit lid aan het Algemeen Bestuur voor ontslag voor. Het Algemeen Bestuur neemt het besluit tot ontslag van het lid.

  • 6.

    Wanneer een zittend lid om geldige redenen langdurig moet verzuimen, maar maximaal een half jaar, kan de adviesraad een tijdelijk plaatsvervangend lid voordragen. Het Algemeen Bestuur benoemt het plaatsvervangend lid.

  • 7.

    Het voorzitterschap eindigt:

    • a.

      op eigen verzoek;

    • b.

      door het verstrijken van de periode waarvoor men is benoemd, behoudens herbenoeming;

    • c.

      doordat niet meer wordt voldaan aan de voorwaarden genoemd in artikel 6;

    • d.

      door ontslag op voordracht van minimaal 2/3e van het totaal aantal leden van de adviesraad op grond van handelen of nalaten van betrokkene, waardoor voortzetting van het voorzitterschap van de adviesraad ongewenst wordt geacht;

    • e.

      als de voorzitter op jaarbasis meer dan de helft van het aantal bijeenkomsten van de adviesraad verzuimt;

    • f.

      als de voorzitter meer dan een half jaar aaneengesloten verzuimt.

      In de gevallen als bedoeld onder artikel 9 lid 8 sub e. en f. draagt de vice-voorzitter de voorzitter aan het Algemeen Bestuur voor ontslag voor. Het Algemeen Bestuur neemt het besluit tot ontslag van de voorzitter.

  • 8.

    Voor het in stand houden en versterken van de in de adviesraad opgedane ervaring en kennis, streeft de adviesraad naar het gefaseerd aftreden en benoemen van de leden en hanteert daartoe een rooster van aftreden. Het rooster van aftreden wordt geregeld in het huishoudelijk reglement.

Artikel 10 Vergaderingen

  • 1.

    De vergaderingen van de adviesraad zijn openbaar. De adviesraad kan besluiten een besloten vergadering te houden, bijvoorbeeld bij de behandeling van niet openbare stukken waarover het Algemeen Bestuur advies vraagt.

  • 2.

    De adviesraad vergadert jaarlijks acht tot tien keer en zoveel meer of minder als de voorzitter of tenminste een meerderheid van de leden het nodig oordelen.

  • 3.

    De adviesraad vergadert minimaal eenmaal per jaar met de wethouder(s) die verantwoordelijk zijn voor de portefeuilles binnen het sociaal domein.

  • 4.

    De voorzitter organiseert de vergaderingen van de adviesraad en stelt samen met de ambtelijk contactpersoon de agenda op.

  • 5.

    De voorzitter en de ambtelijk contactpersoon van de adviesraad dragen zorg voor een goede begeleiding en bewaking van de in de vergaderingen afgesproken acties en termijnen.

  • 6.

    De adviesraad is bevoegd om het Algemeen Bestuur en (behandelend) ambtenaren op haar vergaderingen uit te nodigen voor het geven van een toelichting op voorstellen die door het Algemeen Bestuur aan de adviesraad zijn voorgelegd voor het uitbrengen van advies.

  • 7.

    De adviesraad kan externe deskundigen uitnodigen om in een vergadering toelichting of advies te geven.

  • 8.

    De voorzitter kan personen die een openbare vergadering van de adviesraad als toehoorder bijwonen in de gelegenheid stellen met betrekking tot agendapunten in te spreken.

  • 9.

    De in artikel 10 (leden 6, 7 en 8) genoemde personen, die aan een vergadering van de adviesraad deelnemen, hebben geen stemrecht.

  • 10.

    De voorzitter en de leden hebben een geheimhoudingsplicht met betrekking tot de inhoud van stukken waar door de dienst geheimhouding is opgelegd. Deze geheimhoudingsplicht strekt zich ook uit tot andere personen die de adviesraad oververtrouwelijke onderwerpen consulteert. De voorzitter en de leden van de adviesraad wijzen externen op hun geheimhoudingsplicht. De geheimhoudingsplicht vervalt niet door de beëindiging van het voorzitterschap of lidmaatschap van de adviesraad, noch door beëindiging van het adviseurschap door derden. Over de tijdsduur van de geheimhoudingsplicht wordt per onderwerp een afspraak gemaakt.

Artikel 11 Besluitvorming

  • 1.

    Elk lid van de adviesraad mag één stem uitbrengen. De voorzitter is niet stemgerechtigd.

  • 2.

    De adviezen van de adviesraad worden bij meerderheid van uitgebrachte stemmen genomen.

  • 3.

    Bij staking van de stemmen is het advies verworpen.

  • 4.

    Wanneer een advies niet met algemene stemmen is genomen, wordt in het verslag van de betreffende vergadering melding gemaakt van de afzonderlijke afwijkende meningen alsook de stemverhouding.

  • 5.

    De leden onthouden zich van stemmen over zaken die henzelf, hun echtgenoten c.q. partners of bloed- of aanverwanten tot de derde graad, persoonlijk aangaan of waarin zij als gemachtigden zijn betrokken of anderszins belangen hebben.

Artikel 12 Contact met gemeenten en de dienst

  • 1.

    De voorzitter van de adviesraad heeft regelmatig overleg met de behandelend ambtenaren over lopend en nieuw beleid, ideeën en plannen binnen het sociaal domein. De frequentie daarvan wordt in onderling overleg vastgesteld.

  • 2.

    Behalve deelname van de wethouder(s) sociaal domein en de (behandelend) ambtenaren in de vergaderingen, zoals genoemd in artikel 10 (leden 3 en 6) voert de voorzitter van de adviesraad tenminste éénmaal per jaar overleg met het afdelingshoofd en de wethouder(s) sociaal domein over beleid, ideeën en plannen van het Algemeen Bestuur en/of het algemeen bestuur binnen het sociaal domein.

Artikel 13 Contact en communicatie met lokale adviesraden, maatschappelijke organisaties, inwoners en belanghebbenden

  • 1.

    In de advisering worden in ieder geval betrokken en geconsulteerd de belanghebbende burger- of cliëntgroepen.

  • 2.

    De adviesraad is zelfstandig verantwoordelijk voor haar communicatie en PR met maatschappelijke organisaties, inwoners en belanghebbenden.

  • 3.

    De adviesraad zorgt voor draagvlak en betrokkenheid door gesprekken en discussies te voeren met belanghebbenden over een bepaald onderwerp. De adviesraad betrekt naar eigen inzicht inwoners van Harlingen, Franekeradeel, Het Bildt, Menameradiel, Leeuwarderadeel, Vlieland en Terschelling zoveel mogelijk op directe wijze bij de meningsvorming en advisering.

  • 4.

    De adviesraad onderhoudt een levendig netwerk van maatschappelijke organisaties, platformen en vertegenwoordigers van groepen van belanghebbenden binnen de in artikel 2, lid 1 genoemde hoofddomeinen.

  • 5.

    De adviesraad zorgt voor een toegankelijke en actuele communicatievoorziening met lokale adviesraden en belanghebbenden.

Artikel 14 Faciliteiten en budget

  • 1.

    De adviesraad stelt jaarlijks vooraf, dat wil zeggen voor 1 november, een activiteitenplan en een begroting op waarin onder meer kosten kunnen worden opgenomen voor secretariële/inhoudelijke ondersteuning. Deze stukken worden aan het Algemeen Bestuur toegezonden.

  • 2.

    Ten behoeve van een goed functioneren faciliteert de Dienst de cliëntenorganisaties door middel van het verstrekken van financiële middelen.

  • 3.

    Deze middelen worden toereikend geacht om alle, voor het functioneren van de cliëntenorganisaties noodzakelijke, kosten te voldoen. Onder deze kosten wordt onder meer verstaan: een forfaitaire onkostenvergoeding voor de leden per bezochte vergadering inclusief de daaraan verbonden werkzaamheden), reiskosten, kosten gebruik vergaderruimte, scholingskosten, abonnementskosten, bureau- en secretariaatskosten e.d. Deze bedragen worden jaarlijks aangepast op basis van de prijsindex voor de gezinsconsumptie.

  • 4.

    Om de facilitering te bekostigen, krijgen de cliëntenorganisaties een vast budget toegekend. Jaarlijks zal dit bedrag aangepast worden op basis van de prijsindex voor de gezinsconsumptie.

  • 5.

    Eventuele overschotten mogen worden overgeheveld naar een volgend jaar. Het overschot mag echter niet meer bedragen dan 50% van het bedrag aan subsidie van het betreffende jaar. Eventuele tekorten worden bekostigd uit de reserves van de cliëntenorganisaties. Indien de cliëntenorganisaties meer subsidie nodig hebben dan begroot, dienen zij dat voor 15 februari van het jaar voorafgaand aan het kalenderjaar gemotiveerd aan te vragen.

  • 6.

    Als de Dienst in haar facilitering meent te moeten afwijken van het door de cliëntenorganisaties begrote bedrag, wordt dit gemotiveerd aan de cliëntenorganisaties medegedeeld.

  • 7.

    De cliëntenorganisaties verplichten zich om binnen drie maanden na afloop van het betreffende jaar een financieel verslag van dat jaar aan de Dienst aan te bieden.

Artikel 15 Nadere regels en huishoudelijk reglement

  • 1.

    De verordening is leidend. Het Algemeen Bestuur kan ter uitvoering van deze verordening nadere regels geven. Over zaken waarin deze verordening of het huishoudelijk reglement niet voorziet, beslist het Algemeen Bestuur na overleg met de adviesraad.

  • 2.

    De adviesraad stelt een huishoudelijk reglement vast ter nadere regeling van zijn functioneren.

Artikel 16 Wijziging verordening

Deze verordening wordt slechts gewijzigd nadat de adviesraad in de gelegenheid is gesteld haar standpunt hierover kenbaar te maken. De adviesraad formuleert haar standpunt binnen vier weken.

Artikel 17 Evaluatie

De adviesraad evalueert jaarlijks intern haar functioneren. Elke vier jaar is de evaluatie uitgebreider en wordt een verslag verstrekt aan de dienst.

Artikel 18 Verhouding met eerder vastgestelde verordening overgangsrecht

  • 1.

    Met de inwerkingtreding van deze verordening houdt de Verordening cliëntenparticipatie WWB/Ioaw/Ioaz en Wmomet ingang van 1 juli 2015 op te bestaan.

  • 2.

    Vragen om advies door het Algemeen Bestuur aan de adviesraad, die worden ingediend voor dat de nieuwe adviesraad is geïnstalleerd, worden afgehandeld krachtens het bepaalde in de dan van toepassing zijnde verordeningen als genoemd in dit artikel lid 1.

  • 3.

    Van 1 juli 2015 tot 1 januari 2016 is sprake van een overgangsperiode.

  • 4.

    In verband met een redelijke overgang wordt een instellingscommissie ingezet met als taak de oprichting van de brede adviesraad per 1 januari 2016

  • 5.

    In verband met de wervingsprocedure van leden en voorzitter van de adviesraad, zullen de huidige Koepel Wmo en de Cliëntenraad NWF tot 1 januari 2016 hun werkzaamheden continueren, teneinde de beleidsadvisering in de overgangsperiode te waarborgen.

Artikel 19 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2015.

     

  • 2.

    Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Adviesraad Sociaal Domein dienst SoZaWe Noardwest Fryslân”.

 

 

Aldus besloten in de openbare vergadering van het algemeen bestuur van de Dienst Sociale Zaken en Werkgelegenheid Noardwest Fryslân,

 

Het bestuur voornoemd

Th. Twerda, voorzitter

Drs. M.J. Jellema, secretaris/directeur