Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Hoorn

Mandaat afwikkeling bezwaarschriften

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieHoorn
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingMandaat afwikkeling bezwaarschriften
CiteertitelMandaat afwikkeling bezwaarschriften
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp001 bestuursorganen

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Algemene wet bestuursrecht

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

06-05-199829-11-2017nieuwe regeling

24-03-1998

Gemeenteblad 1998-05f

05412

Tekst van de regeling

Intitulé

Mandaat afwikkeling bezwaarschriften

Corsaregistratienummer: 05412

 

Het college van burgemeester en wethouders van de Gemeente Hoorn;

  • -

    gelezen het ambtelijke voorstel d.d. 23 december 1997 met betrekking tot de verdaging van de behandelingstermijn en de verkorte afdoening van bezwaarschriften;

  • -

    overwegende dat het uit oogpunt van snel en efficiënt handelen in het kader van de behandeling van bezwaarschriften, bepaalde bevoegdheden gemandateerd dienen te worden:

Mandaat afwikkeling bezwaarschriften

  • 1.
    • a.

      Dat is voor de verdaging van de behandeltermijn van bezwaarschriften die via de Commissie bezwaar- en beroepschriften (CBB) worden behandeld (van tien naar veertien weken) de voorzitter, die in de Verordening op de bezwaar- en beroepschriften al een aantal bevoegdheden heeft toegekend gekregen.

    • b.

      Bij de Bezwarencommissie sociale zekerheid (BCSZ) – geen adviescommissie als bedoeld in 7:13 Algemene wet bestuursrecht (Awb) – is de secretaris aangewezen om zelfstandig inlichtingen in te winnen. Dat wordt uitgebreid met een mandaat om de behandeltermijn van een bezwaarschrift indien noodzakelijk te verdagen (van zes naar tien weken).

  • 2.

    Bij de laatste commissie in de loop der jaren het gebruik ontstaan, dat de secretaris een brief laat uitgaan dat het bezwaarschrift als afgehandeld wordt beschouwd als b.v. de vakafdeling rekenfouten heeft hersteld, een te lang uitblijvende beschikking alsnog is uitgegaan, of anderszins tot snelle reparatie als reactie op het bezwaarschrift is overgegaan. Hoewel formeel niet overeenkomstig de bedoeling van artikel 6:20 van de Awb, roept deze werkwijze weinig weerstand op en ontlast het de bestuursorganen. Wat dat betreft kan dit voortgezet worden, maar moet dit onderwerp alsnog structureel in de verordening geregeld worden of voor de tussentijd via een afzonderlijk mandaat.

  • 3.

    Dit onder 2. genoemde aspect komt ook steeds regelmatiger voor bij de afwikkeling van bezwaarschriften die via de CBB in behandeling zijn genomen. Ongeveer twintig procent van deze zaken wordt tegenwoordig inhoudelijk opgelost (intrekking bezwaar/intrekking besluit/schikking/aanpassing etc.) voordat de Commissie een schriftelijk advies heeft uitgebracht. Omdat de feitelijke beslissing op het bezwaarschrift een bevoegdheid van het bestuursorgaan is, wordt hiervan door de CBB bericht gegeven over de afloop van alle bezwarenprocedures. Deze actie is wat ons betreft echter niet meer noodzakelijk voor de hiervoor aangegeven kwesties.

 

gelet op de Procedureverordening Sociale Zekerheid, de veordening op de behandeling van bezwaar- en beroepschriften en de Algemene wet bestuursrecht;

 

besluit:

 

  • A.

    Te zijner tijd te bewerkstelligen dat de zaken als genoemd onder 1. en 2. door alle bestuursorganen worden opgenomen in de eerstvolgende wijzigingen van de Procedureverordening Sociale Zekerheid en de verordening op de behandeling van bezwaar- en beroepschriften;

  • B.

    In de tussentijd als bestuursorgaan die voor 98% van de bezwaarschriften bevoegd is, akkoord gaan met:

  • -

    met een mandaat aan de voorzitter van de CBB voor het onderwerp als genoemd onder 1.a. (de bevoegdheid tot het verdagen van de behandelingstermijn bezwaarschriften):

  • -

    een mandaat aan de secretaris van de BCSZ voor wat betreft het onderwerp als genoemd onder 1.b. (de bevoegdheid tot het verdagen van de behandelingstermijn bezwaarschriften);

  • -

    een mandaat aan de secretaris van de BCSZ voor wat betreft het onderwerp als genoemd onder 2. (de bevoegdheid tot het als afgehandeld beschouwen van bezwaarschriften waaraan inhoudelijk tegemoet gekomen is); met dien verstande dat in het jaarverslag CBB en de jaarrapportage BCSZ hierover de aantallen worden vermeld.

  • C.

    Behoudens de bezwaarschriften van een bijzonder bestuurlijk gewicht geen voorstel meer voor te leggen welke gewijd is aan de feitelijke afloop van de behandeling van een bezwaarschrift wanneer deze schriftelijk en ondubbelzinnig is ingetrokken, danwel tijdens de hoorzitting mondeling is ingetrokken en dit ook in het verslag is vastgelegd.

     

Hoorn, 24 maart 1998

Het college van burgemeester en wethouders,

de burgemeester, de secretaris,