Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Gemeente Moerdijk

Beleidsregel individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Moerdijk

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Moerdijk
Officiële naam regelingBeleidsregel individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Moerdijk
CiteertitelBeleidsregel individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Moerdijk
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpalgemeen
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 36 van de Participatiewet
  2. artikel 2 van de Verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Moerdijk

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerking-

treding

Terugwerkende

kracht tot en met

Datum uitwerking-

treding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2015Onbekend

23-12-2014

Moerdijkse bode week 2, 2015

Onbekend

Tekst van de regeling

Het college van burgemeester en wethouders, in zijn vergadering van 23 december 2014.

Gelet op artikel 36 van de Participatiewet en artikel 2 van de Verordening individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Moerdijk;

BESLUIT

vast te stellen de volgende beleidsregel:

BELEIDSREGEL INDIVIDUELE INKOMENSTOESLAG PARTICIPATIEWET GEMEENTE MOERDIJK

Artikel 1. Begripsbepaling

In deze beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    individuele inkomenstoeslag: éénmalige aanvullende toeslag voor personen die langdurig van een laag inkomen moeten rondkomen, die maximaal één keer per 12 maanden wordt verstrekt;

  • b.

    het college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Moerdijk

Artikel 2. Rechthebbende individuele inkomenstoeslag

  • 1.

    Een persoon van 21 jaar of ouder doch jonger dan de pensioengerechtigde leeftijd, heeft recht op de individuele inkomenstoeslag als:

    • a.

      hij een langdurig een laag inkomen heeft en geen in aanmerking te nemen vermogen heeft als bedoeld in artikel 34 Participatiewet;

  • b.geen uitzicht heeft op inkomensverbetering;

    c.en de persoonlijke omstandigheden hiertoe aanleiding geven.

  • 2.

    Tot de omstandigheden, bedoeld in het eerste lid, worden in ieder geval gerekend:

    • a.

      de krachten en bekwaamheden van de persoon; Als de persoon met zijn krachten en bekwaamheden geen zicht heeft op inkomensverbetering, is er recht op een individuele inkomenstoeslag. Wanneer de belanghebbende gedurende 36 maanden voor de peildatum een inkomen heeft ontvangen wat lager is dan 101% van de bijstandsnorm, dan wordt de belanghebbende geacht met zijn krachten en bekwaamheden geen zicht op inkomensverbetering te hebben.

    • b.

      de inspanningen die de persoon heeft verricht om tot inkomensverbetering te komen. Een persoon met algemene bijstand op grond van de Participatiewet, of een IOAW- of IOAZ-uitkering, wordt geacht voldoende inspanningen te hebben verricht om tot inkomensverbetering te komen, als jegens hem gedurende 36 maanden voor de peildatum geen maatregel is opgelegd wegens schending van de arbeids- en/of re-integratieverplichtingen.

Artikel 3. Onderzoek naar inspanningen in andere gevallen

1. In de volgende gevallen hoeft geen onderzoek naar de inspanningen te worden verricht:

  • a.

    Bij personen die aantoonbare medische en/of sociale beperkingen hebben, of die om andere redenen geen arbeidsperspectief hebben. Dit geldt zowel voor personen die algemene bijstand of een IOAW- of IOAZ-uitkering ontvangen, als voor niet-uitkeringsgerechtigden.

  • b.

    Personen met een WIA-, WAZ- of Wajong-uitkering berekend naar een arbeidsongeschiktheid van 80 – 100% worden in beginsel geacht voldoende getracht te hebben algemeen geaccepteerde arbeid te verkrijgen.

  • c.

    Personen die in de referteperiode zakgeld van het Centraal Orgaan opvang asielzoekers (COA) hebben ontvangen, kunnen in aanmerking komen voor een individuele inkomenstoeslag. Ten aanzien van deze personen wordt over de periode waarin de belanghebbende in het AZC verbleef geen onderzoek ingesteld naar de inspanningen om tot inkomensverbetering te komen.

2. In alle andere gevallen moet de aanvrager gegevens aanleveren waaruit blijkt dat hij zich voldoende heeft ingespannen om tot inkomensverbetering te komen. Als het gaat om iemand met een uitkering van het UWV kunnen de gegevens daar worden geverifieerd. Men moet de afgelopen 36 maanden ingeschreven hebben gestaan bij het UWV WERKbedrijf en over de laatste 6 maanden sollicitatieactiviteiten aantonen. Slotbepalingen

Artikel 4. Inwerkingtreding

  • 1. Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2015.

  • 2. De beleidsregel wordt bekendgemaakt op de website van de gemeente Moerdijk en in de Moerdijkse Bode.

Artikel 5. Citeertitel

Deze beleidsregels worden aangehaald als ‘Beleidsregel individuele inkomenstoeslag Participatiewet gemeente Moerdijk’.

Vastgesteld in de vergadering van het college d.d. 23 december 2014.

De loco-gemeentesecretaris, de loco-burgemeester,

A.J.M. Gepkens E. Schoneveld