Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Gemeente Moerdijk

Marktreglement gemeente Moerdijk

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Moerdijk
Officiële naam regelingMarktreglement gemeente Moerdijk
CiteertitelMarktreglement gemeente Moerdijk
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 160, eerste lid sub h, Gemeentewet, artikel 3 van de Marktverordening gemeente Moerdijk
  2. Algemene wet bestuursrecht

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerking-

treding

Terugwerkende

kracht tot en met

Datum uitwerking-

treding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

11-06-2015Nieuwe regeling

01-06-2015

Moerdijkse Bode week 24, 2015

Onbekend

Tekst van de regeling

Het college van burgemeester en wethouders, in haar vergadering van 1 juni 2015,

gelet op de artikel 160, eerste lid sub h, Gemeentewet, artikel 3 van de Marktverordening gemeente Moerdijk en de Algemene wet bestuursrecht,

overwegende dat het wenselijk is nadere regels vast te stellen met betrekking tot uitvoering van de marktverordening en een ordelijk verloop van de markt(en),

BESLUIT

vast te stellen de volgende nadere regels:

MARKTREGLEMENT GEMEENTE MOERDIJK

INLEIDENDE BEPALINGEN

Artikel 1. Begripsbepalingen

De in artikel 1 van de Marktverordening gemeente Moerdijk gegeven begripsbepalingen zijn overeenkomstig van toepassing op deze nadere regels.

BEPALINGEN OVER VERGUNNINGEN

Artikel 2. Inhoud vaste standplaatsvergunning

  • 1. Een vaste standplaatsvergunning vermeldt in ieder geval:

    • a.

      de naam en voornamen, de geboortedatum en –plaats, het adres en de woonplaats van de vergunninghouder;

    • b.

      de toegewezen vaste standplaats met vermelding van de afmetingen ervan;

    • c.

      het soort artikelen dat de vergunninghouder mag verhandelen of de branche waartoe de vergunninghouder behoort;

    • d.

      de wijze waarop de vergunninghouder zijn elektriciteit betrekt;

    • e.

      dat de vergunninghouder zelf zorg draagt voor de inzameling en afvoer van zijn afval en dat hij zijn standplaats schoon oplevert;

    • f.

      de brandveiligheidseisen die eventueel van toepassing zijn.

  • 2. Aan de vergunning wordt een middel ter identificatie gehecht.

Artikel 3. Volgorde van toewijzing vaste standplaatsen

Indien voor de toewijzing van een beschikbare vaste standplaats meer aanvragers in aanmerking komen, wordt de standplaats achtereenvolgens toegewezen aan:

  • 1.

    De vergunninghouder van een vaste standplaats die aan het college schriftelijk de wens tekennen heeft gegeven van standplaats te willen veranderen, in overleg met de marktcommissie.

  • 2.

    Nieuwe vergunninghouders, bij meerdere kandidaten, in overleg met de marktcommissie.

  • 3.

    Vergunninghouders die na 1 januari 2012 een vaste standplaats hebben ingenomen komen

    niet meer in aanmerking voor de wacht- en anciënniteitlijst.

  • 4.

    De reeds afgeschafte wacht- en anciënniteitlijsten zullen informeel tot en met 31 december 2013 worden gebruikt bij de benadering van nieuwe kandidaten als een vaste standplaats ingevuld dient te worden.

Artikel 4. Overschrijving vaste standplaatsvergunning

  • 1. In geval van overlijden, of blijvende arbeidsongeschiktheid van de vergunninghouder, of in geval van bedrijfsbeëindiging kan de vaste standplaatsvergunning worden overgeschreven op de echtgenoot, de geregistreerde partner, een kind of een andere achterblijvende persoon met wie hij duurzaam samenwoonde.

  • 2. Indien de vergunning niet kan worden overgeschreven op grond van het eerste lid, kan een medewerk(st)er van de vergunninghouder de vergunning voor een vaste standplaats krijgen indien hij/zij in loondienst van het marktbedrijf van de vergunninghouder heeft gewerkt of als mede-eigenaar in dit bedrijf heeft gefunctioneerd.

  • 3. Een aanvraag tot overschrijving wordt ingediend binnen twee maanden na het overlijden van de vergunninghouder of nadat de blijvende arbeidsongeschiktheid is vastgesteld. Dan wel de vergunninghouder zijn bedrijfsactiviteiten beëindigd.

    Artikel 5. Toewijzing dagplaats

    • 1.

      Toewijzing van een dagplaats geschiedt door afgifte van een vergunning door het college op het moment dat de standplaats niet als vaste standplaats wordt ingenomen.

    • 2.

      De dagplaats wordt toegewezen aan gegadigden die zich daarvoor op de dag zelf minimaal een ½ uur voor aanvang van de weekmarkt aanmelden bij de marktmeester.

Artikel 6. Toewijzing standwerkersplaats

Een standwerker mag één keer in de vier weken, indien de goederen die hij aanbiedt niet op de markt zijn vertegenwoordigd, meedoen met de loting.

  • 1.

    Het college wijst een standwerkersplaats toe doormiddel van loting.

  • 2.

    Indien een standwerker zich wil doen bijstaan, meldt hij dit vooraf aan de marktmeester onder vermelding van de naam van degene die hem zal bijstaan. Degene die hem zal bijstaan, mag niet op eigen naam deelnemen aan de loting.

    BEPALINGEN OVER HET GEBRUIK VAN DE STANDPLAATS

Artikel 7. Persoonlijk innemen standplaats; bijstand

  • 1.

    De vergunninghouder neemt de standplaats die hem is toegewezen persoonlijk in. Hij mag destandplaats niet aan een ander afstaan of in gebruik geven.

  • 2.

    De vergunninghouder mag zich op de standplaats doen bijstaan.

Artikel 8. Aantal keren innemen standplaats

De vergunninghouder is verplicht om tenminste, tien maal per dertien weken zijn plaats op de markt in te nemen, met inachtneming van het gestelde onder artikel 9 en 10.

Artikel 9. Afwezigheid wegens vakantie of bijzondere omstandigheden

  • 1.

    De vergunninghouder van een vaste standplaats, die wegens vakantie of bijzondere omstandigheden verhinderd is, om zijn vaste standplaats in te nemen, deelt dit schriftelijk mee aan het college. Bij vakantie geeft de vergunninghouder aan hoelang zijn afwezigheid duurt.

  • 2.

    De schriftelijke mededeling wordt tijdig voor de desbetreffende marktdag gedaan. Plotselinge verhindering wordt mondeling of telefonisch aan de marktmeester gemeld, gevolgd door een schriftelijke bevestiging daarvan aan het college.

Artikel 10. Ontheffing en vervanging

  • 1. In geval van bijzondere omstandigheden kan het college op aanvraag van de vergunninghouder van een vaste standplaats, hem tijdelijk ontheffing verlenen van de verplichting uit artikel 8.

  • 2. Het college kan op aanvraag van de vergunninghouder, hem vergunning verlenen zich op zijn standplaats te laten vervangen door een met name genoemde persoon.

Artikel 11. Legitimatie en identiteit vergunninghouder

  • 1. Degene die een standplaats op de markt inneemt of wenst in te nemen, dient op eerste aanvraag van de marktmeester aan te tonen dat hij de vergunninghouder is.

  • 2. De vergunninghouder dient bij zijn standplaats duidelijk zichtbaar zijn naam en eventuele bedrijfsnaam aan te geven.

Artikel 12. Tijdstip innemen standplaats/aan- en afvoer goederen

  • 1. Het is in Zevenbergen verboden om op de dag van de markt als vergunninghouders op het marktterrein voor 7.00 uur en na 18.00 uur de markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of goederen aan of af te voeren.

  • 2. Het is in Fijnaart verboden om op de dag van de markt als vergunninghouders op het marktterrein voor 8.00 uur en na 13.00 uur de markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of goederen aan of af te voeren.

  • 3. Het is in Willemstad verboden om op de dag van de markt als vergunninghouders op het marktterrein voor 11.30 uur en na 17.30 uur de markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of goederen aan of af te voeren.

  • 4. Het is in Klundert verboden om op de dag van de markt als vergunninghouders op het marktterrein voor 12.00 uur en na 17.30 uur de markt met een voertuig, goederen of anderszins ruimte in te nemen of goederen aan of af te voeren.

  • 5. De vergunninghouder is verplicht zijn vaste standplaats tot de sluitingstijd van de markt te blijven innemen. Het college kan hiervan ontheffing verlenen.

  • 6. Indien de vergunninghouder zijn vaste plaats niet uiterlijk een ½ uur voor aanvang van de weekmarkt heeft ingenomen, wordt de desbetreffende plaats voor die dag, als dagplaats aangemerkt.

  • 7. Het bepaalde in het zesde lid is niet van toepassing, indien de vergunninghouder de marktmeester vóór dit tijdstip, onder opgave van een geldige reden die hem belet tijdig aanwezig te zijn, heeft verzocht de plaats vrij te houden.

Artikel 13. Financiën

  • 1.

    De heffing en de invordering van marktgeld wordt geregeld in de Verordening op de heffing en de invordering van marktgeld gemeente Moerdijk.

  • 2.

    Bij vaste standplaatsvergunningen wordt per kwartaal het gebruik van elektra in rekening gebracht, conform bijlage A.

SLOTBEPALINGEN

Artikel 14. Inwerkingtreding

  • 1. Het Marktreglement gemeente Moerdijk treedt in werking op de eerste dag gelegen na de mededeling van de bekendmaking ervan.

  • 2. Het Marktreglement gemeente Moerdijk wordt bekendgemaakt in huis aan huis blad de Moerdijkse Bode.

Artikel 15. Citeertitel

De nadere regels worden aangehaald als Marktreglement gemeente Moerdijk.

Vastgesteld in de vergadering van het college d.d. 1 juni 2015,

de gemeentesecretaris, de burgemeester,

drs. A.E.B. Kandel J.P.M. Klijs

BIJLAGE A

Weekmarkt Zevenbergen:

Bij vaste standplaatsvergunningen wordt per kwartaal het gebruik van elektra in rekening gebracht.

Categorieën:

  • -

    categorie 1 € 25,-- per kwartaal

  • -

    categorie 2 € 50,-- per kwartaal

  • -

    categorie 3 € 75,-- per kwartaal

Overige weekmarkten:

Bij vaste standplaatsvergunningen wordt per kwartaal het gebruik van elektra in rekening gebracht.

Categorieën:

  • -

    categorie 1 € 12,50 per kwartaal

  • -

    categorie 2 € 25,-- per kwartaal

  • -

    categorie 3 € 37,50 per kwartaal

De categorie indeling is als volgt:

  • -

    cat. 1: kooplieden met alleen een kassa of weegschaal in gebruik

  • -

    cat. 2: kooplieden met daarnaast nog verlichting en/of kleine apparaten zoals een magnetron of soortgelijke apparatuur.

  • -

    Cat. 3: kooplieden met app. In cat. 1 en/of 2 en daarbij nog koelingen/diepvriezers of zware apparaten.

Die kooplieden die geen enkel apparaat bij zich hebben dat stroom gebruikt zijn uiteraard vrijgesteld van de hiervoor geldende kosten en zullen vallen onder categorie 0.

Dezelfde categorie indeling kan gebruikt worden voor de standplaatshouders en daar deze vergunningen vaak voor een jaar afgegeven worden kan dit dus in rekening gebracht worden x 4.

Bij de standplaatshouders dienen we er wel rekening mee te houden dat er hier ook een groep kooplieden is die wel stroom gebruiken, maar dit afnemen van particulieren dan wel bedrijven die nabij hun standplaats gevestigd zitten. Het moge duidelijk zijn dat we hiervoor dan als gemeente niets in rekening kunnen/mogen brengen.