Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Gemeente Moerdijk

Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet gemeente Moerdijk

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Moerdijk
Officiële naam regelingVerordening Cliëntenparticipatie Participatiewet gemeente Moerdijk
CiteertitelVerordening Cliëntenparticipatie Participatiewet gemeente Moerdijk
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet
  2. overwegende dat de Gemeenteraad op grond van het bepaalde in artikel 47 van de Participatiewet verplicht is bij verordening regels te stellen over de wijze waarop de cliëntenparticipatie is geregeld;

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerking-

treding

Terugwerkende

kracht tot en met

Datum uitwerking-

treding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

23-07-201501-07-2015Nieuwe regeling

09-07-2015

Moerdijkse Bode week 30, 2015

Onbekend

Tekst van de regeling

De raad van de gemeente Moerdijk, in zijn vergadering van 9 juli 2015,

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 1 juni 2015,

gelet op artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet en overwegende dat de Gemeenteraad op grond van het bepaalde in artikel 47 van de Participatiewet verplicht is bij verordening regels te stellen over de wijze waarop de cliëntenparticipatie is geregeld;

BESLUIT

vast te stellen de volgende verordening:

Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet Gemeente Moerdijk

Hoofdstuk 1

Artikel 1 Inleiding

  • 1. De personen als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de Participatiewet worden bij de uitvoering van deze wet betrokken door een cliëntenraad.

  • 2. Burgemeester en wethouders richten ten behoeve van de cliëntenparticipatie een cliëntenplatform op. De gemeente Moerdijk heeft zich verbonden aan de Stichting Cliëntenraad Moerdijk (verder aangeduid als SCM). Deze samenwerking met SCM vloeit mede voort uit de wens van de gemeenteraad en het college van burgemeester en wethouders de cliëntenparticipatie in de gemeente Moerdijk te bevorderen;

  • 3. De cliëntenraad heeft tot doel de cliënten te betrekken bij de keuzes die de gemeente maakt. Het gaat hierbij om keuzes in de beleidsvorming en keuzes in de uitvoeringspraktijk;

  • 4. De cliëntenraad houdt zich niet bezig met de behandeling van individuele klachten.

Artikel 2 Samenstelling

  • 1.

    Het bestuur van SCM bestaat uit ten minste 5 leden, waarvan de vertegenwoordigingsbevoegdheid in de raad toe komt aan onder meer de voorzitter, tezamen met de penningmeester en secretaris;

  • 2.

    De cliëntenraad bestaat in ieder geval uit personen, zoals bedoeld in artikel 7 van de Participatiewet en vertegenwoordigers van SCM.

  • 3.

    Belangstellenden voor deelname aan de cliëntenraad en die vallen onder artikel 7 van de Participatiewet kunnen zich bij SCM aanmelden;

  • 4.

    Een zittingstermijn in de cliëntenraad is maximaal 4 jaar en eindigt in ieder geval wanneer betrokkene niet meer als vertegenwoordiger van de doelgroep zoals bedoeld in artikel 7 van de Participatiewet aangemerkt kan worden;

  • 5.

    Burgemeester en wethouders kunnen na overleg met het bestuur van SCM de deelname aan de cliëntenraad ontnemen indien er sprake is van onwenselijk en onredelijk gedrag, zulks ter beoordeling van burgemeester en wethouders;

  • 6.

    De portefeuillehouder/of diens plaatsvervanger treedt op als voorzitter van de vergaderingen van de cliëntenraad. Het platform kiest uit haar midden een vicevoorzitter en een secretaris.

Artikel 3 Advies

  • 1.

    De cliëntenraad heeft tot taak burgemeester en wethouders gevraagd en ongevraagd van advies te dienen met betrekking tot de hoofdlijnen van voorbereiding en uitvoering van het gemeentelijk beleid ten aanzien van de Participatiewet. Hieronder wordt verstaan het bijstandsbeleid, minimabeleid in de ruimste zin van het woord en werkgelegenheidsmaatregelen;

  • 2.

    De cliëntenraad heeft de bevoegdheid de uitvoering en (de kwaliteit van) de dienstverlening door de sociale dienst in het overleg met de gemeente te betrekken;

  • 3.

    Burgemeester en wethouders kunnen de cliëntenraad om advies vragen. De in artikel 2 lid 6 bedoelde functionaris is verantwoordelijk voor tijdige toezending van relevante informatie aan de leden van het cliëntenplatform;

  • 4.

    Burgemeester en wethouders voorzien de cliëntenraad van de informatie die nodig is om naar behoren te kunnen functioneren;

  • 5.

    In het geval dat burgemeester en wethouders in een voorstel aan de gemeenteraad afwijken van het advies van de cliëntenraad wordt dit in het voorstel vermeld, waarbij tevens wordt aangegeven op welke grond van het advies is afgeweken.

Artikel 4 Werkwijze

  • 1.

    De cliëntenraad vergadert minimaal driemaal per jaar met de gemeente en voorts zo vaak als door de voorzitter nodig wordt geacht;

  • 2.

    Van het overleg en de afspraken met de cliëntenraad doen burgemeester en wethouders binnen een redelijke termijn schriftelijk rapportage aan de cliëntenraad. Hierbij wordt in elk geval aangegeven wat er met de door de cliëntenraad gegeven adviezen is gedaan;

  • 3.

    De voorzitter kan met betrekking tot de inhoud van de stukken die ter kennis van de leden van de cliëntenraad worden gebracht geheimhouding vragen.

Artikel 5 Rapportage

  • 1.

    Adviezen van de cliëntenraad worden schriftelijk vastgelegd. De in artikel 2 lid 6 bedoelde functionaris rapporteert over de resultaten van het cliëntenplatform;

  • 2.

    In het jaarverslag van het team werk & inkomen en zorg wordt een paragraaf gewijd aan het functioneren van de cliëntenraad;

  • 3.

    De functionaris is verantwoordelijk voor de rapportage van de uitgebrachte adviezen aan de leden van het platform.

Artikel 6 Faciliteiten

Burgemeester en wethouders kunnen aan de cliëntenraad, voor zover zij optreedt als vertegenwoordiger van personen, als bedoeld in artikel 7, eerste lid van de Participatiewet jaarlijks middelen ter beschikking stellen, waarvan redelijkerwijs verwacht mag worden dat ze toereikend geacht kunnen worden om de belangen van genoemde personen te kunnen behartigen.

Hoofdstuk 2 Slotbepalingen

Artikel 7 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op de dag na publicatie en werkt terug tot en met 1 juli 2015;

  • 2.

    De verordening wordt bekendgemaakt in de Moerdijkse Bode, op de gemeentelijke website en op de digitale Gemeenschappelijke Voorziening Officiële Publicaties (GVOP).

  • 3.

    Met de inwerkingtreding van deze verordening wordt de “Verordening Cliëntenparticipatie Wet werk en bijstand (WWB) en Wet investeren in jongeren (WIJ) gemeente Moerdijk d.d. 8 oktober 2009 ingetrokken.

Artikel 8 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening Cliëntenparticipatie Participatiewet gemeente Moerdijk”.

Ondertekening

Vastgesteld in de vergadering van de raad d.d. 9 juli 2015,

de griffier, de voorzitter,

H.D. Tiekstra J.P.M. Klijs

Toelichting verordening cliëntenparticipatie Participatiewet gemeente Moerdijk

Algemeen

De gemeente is in het kader van de Participatiewet verplicht een Cliëntenparticipatieverordening vast te stellen. De gemeente onderschrijft het gestelde in de Wet Structuur Werk en Inkomen (SUWI), dat cliëntenparticipatie onmisbaar is in een uitvoeringsstructuur waar de cliënt centraal staat.

In artikel 47 van de Participatiewet is bepaald dat het college zorg draagt voor de realisatie en vormgeving van cliëntenparticipatie bij de uitvoering van de wet, met inachtneming van artikel 150 van de Gemeentewet. Als uitgangspunt blijft bestaan dat cliënten en hun vertegenwoordigers betrokken moeten worden bij de uitvoering van deze wet. Gemeenten blijven overigens vrij in de keuze van de manier waarop cliëntenparticipatie georganiseerd wordt. Hierbij moet wel rekening gehouden worden met de samenwerking met het team werk & inkomen en zorg (nu onderdeel van het Werkplein Hart van West-Brabant) en met de volgende klantgroepen: de niet-uitkeringsgerechtigden en de personen met een Anw-uitkering. Met deze verordening wordt in ieder geval met betrekking tot de Participatiewet een basis neergelegd om cliëntenparticipatie te blijven bevorderen en, gelet op de doelgroep van de Participatiewet, dit zo mogelijk breder te trekken.

Artikelgewijze toelichting

Hoofdstuk 1

Artikel 1 Inleiding

In dit artikel is het doel neergelegd van het inrichten van een cliëntenraad. Het betrekken van de

cliënten bij beleids- en uitvoeringszaken. Centraal hierin staat de dienstverlening en de kwaliteit

hiervan. De Cliëntenraad heeft niet tot taak individuele klachten te behandelen.

Artikel 2 Samenstelling

Het is wenselijk dat het cliëntenplatform in haar vertegenwoordiging van haar achterban zoveel

mogelijk een afspiegeling vormt van de in artikel 7 van de Participatiewet onderscheiden categorieën. Naar verwachting komt dit ten goede aan de kwaliteit van de Cliëntenraad. In lid 3 staat de procedure omschreven op welke wijze de in artikel 7 Participatiewet omschreven personen zich bij de Cliëntenraad beschikbaar kunnen stellen voor lidmaatschap van de raad.

Artikel 3 Advies

De cliëntenraad kent voornamelijk een adviestaak met betrekking tot voorbereiding en uitvoering van het gemeentelijk beleid ingevolge de Participatiewet. De raad wordt voorzien van relevante informatie die noodzakelijk is om tot advies te komen.

Artikel 4 Werkwijze

De vergaderfrequentie is vooralsnog bepaald op (minimaal) driemaal per jaar. Aangezien de inhoud van ingebrachte stukken vertrouwelijk van aard kunnen zijn, is het aan de voorzitter om geheimhouding van de stukken te vragen.

Artikel 5 Rapportage

De voorzitter van het platform rapporteert over de resultaten van de cliëntenraad en zorgt voor opname in het jaarverslag. De voorzitter rapporteert terug aan het platform over de door de raad uitgebrachte adviezen.

Artikel 6 Faciliteiten

Burgemeester en wethouders kunnen uiteraard de cliëntenraad jaarlijks faciliteren, zodanig dat het platform redelijkerwijs in staat kan worden geacht de belangen te behartigen van de cliënten die zij vertegenwoordigt.

Hoofdstuk 2 Slotbepalingen

Artikel 7 Inwerkingtreding

Behoeft geen verdere toelichting.

Artikel 8 Citeertitel

Behoeft geen verdere toelichting.