Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Nieuwegein

Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang WIL

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieNieuwegein
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening tegemoetkoming kosten kinderopvang WIL
CiteertitelVerordening tegemoetkoming kosten kinderopvang WIL
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Onbekend

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

13-03-201401-01-2014nieuwe regeling

26-02-2014

De Molenkruier, 13 maart 2014

2014-056

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang

De raad van de gemeente Nieuwegein;

Gelet op de artikelen 147 en 149 van de Gemeentewet;

gelet op artikel 4, tweede lid en artikel 5, eerste en derde lid van de Gemeenschappelijke regeling Werk en Inkomen Lekstroom;

gelet op artikel 4:81 van de Algemene wet bestuursrecht en artikel 1.13 Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wkkp);

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders d.d. 11 februari 2014;

besluit vast te stellen de verordening 'Verordening tegemoetkoming kosten kinderopvang WIL'.

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1.

    1. Alle begrippen die in deze verordening worden gebruikt en die niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Wet werk en bijstand (Wwb), de Algemene wet bestuursrecht (Awb) en de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen (Wkkp).

  • 2.

    2. In deze verordening wordt verstaan onder:

    a. het bestuur: het dagelijks bestuur Werk en Inkomen Lekstroom;

    b. de Wwb: de Wet werk en bijstand (Wwb);

    c. de Wkkp: de Wet kinderopvang en kwaliteitseisen peuterspeelzalen.

Artikel 2 Gemeentelijke doelgroepen

  • 1.

    Aanspraak op een tegemoetkoming kosten kinderopvang heeft de ouder die behoort tot

    a. de in artikel 1.6 eerste lid Wkkp, onder c,e en j genoemde doelgroep of

    b. de doelgroep ‘sociaal medische indicatie’.

  • 2.

    Van een sociaal medische indicatie is sprake als de ouder:

    a. een lichamelijke, zintuiglijke, verstandelijke of psychische beperking heeft of

    b. een kind heeft dat op grond van sociaal medische problematiek kinderopvang nodig heeft om zich goed en gezond te kunnen ontwikkelen.

  • 3.

    Bij het beoordelen of sprake is van een sociaal medische indicatie zoals bedoeld in dit artikel, wordt voorafgaande aan een eventuele toekenning van enige tegemoetkoming advies ingewonnen over de noodzaak van kinderopvang bij een onafhankelijke en voldoende professionele organisatie met voldoende adequate deskundigheid.

Artikel 3 Kosten voor kinderopvang

De aanspraak op een tegemoetkoming kosten kinderopvang wordt bepaald door:

a. het aantal uren kinderopvang per kind per berekeningsjaar en

b. de voor die kinderopvang te betalen prijs, met inachtneming van de maximum uurprijs en

c. het soort kinderopvang.

Artikel 4 Maximale uurprijs kinderopvang

  • 1.

    De maximum uurprijs zoals beschreven in artikel 4, eerste lid, van het Besluit kinderopvangtoeslag

  • 2.

    Alle kosten die uitstijgen boven de in dit artikel genoemde maximum uurprijzen komen niet voor vergoeding in aanmerking en komen volledig voor rekening van de ouder(s).

Artikel 5 Maximum aantal uren kinderopvang

Het maximum aantal uren kinderopvang waarvoor een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang wordt verstrekt, bedraagt 230 uren per maand per kind voor alle vormen van opvang tezamen.

Artikel 6 Tegemoetkoming kosten kinderopvang

  • 1.

    De tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang bedraagt per maand:

    a. voor de ouder als bedoeld in artikel 2 lid 1 onderdeel a van de verordening met een inkomen tot bijstandsniveau: het verschil tussen de werkelijke kosten van kinderopvang, met inachtneming van de maximale uurtarieven en het maximum aantal uren en de van de belastingdienst ontvangen kinderopvangtoeslag.

    b. Voor de ouder bedoeld in artikel 2 lid 1 onderdeel b van de verordening wordt de berekeningsmethode van de belastingdienst gehanteerd zoals die staat omschreven in het ‘Besluit kinderopvangtoeslag’ hoofdstuk 2 paragraaf 1 ‘Algemene berekeningsfactoren’.

  • 2.

    De tegemoetkoming wordt verleend voor de periode van een berekeningsjaar.

Artikel 7 Aanvraag

  • 1.

    Een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang wordt aangevraagd bij het bestuur.

  • 2.

    Een aanvraag voor een tegemoetkoming in de kosten van kinderopvang bevat ten minste:

    a. naam, adres en burgerservicenummer van de ouder;

    b. indien van toepassing: naam en burgerservicenummer van de partner en, indien dit een ander adres is dan het adres van de ouder: het adres van de partner;

    c. naam, geboortedatum en burgerservicenummer van het kind of de kinderen waarop de aangevraagde tegemoetkoming betrekking heeft;

    d. een offerte of contract van het kindercentrum of gastouderbureau dat de kinderopvang gaat verzorgen waarin in ieder geval wordt aangegeven: het aantal uren kinderopvang per kind, de kostprijs per uur en de aanvangsdatum van de opvang;

    e. overige gegevens die het bestuur nodig acht om te kunnen besluiten over de aanvraag van de tegemoetkoming.

  • 3.

    Het bestuur kan bepalen dat de aanvraag geschiedt met behulp van een door het bestuur vastgesteld en beschikbaar gesteld aanvraagformulier;

  • 4.

    Indien de ouder een partner heeft, wordt de aanvraag mede ondertekend door de partner.

Artikel 8 Ingangsdatum van de tegemoetkoming

  • 1.

    De tegemoetkoming wordt verleend met ingang van de datum waarop de aanvraag voor de tegemoetkoming door het bestuur in ontvangst is genomen.

  • 2.

    Als op deze datum nog geen kinderopvang plaatsvindt, wordt de tegemoetkoming verleend met ingang van de datum waarop de kinderopvang zal plaatsvinden.

Artikel 9 Onvoorziene omstandigheden

  • 1.

    In gevallen waarin deze verordening niet voorziet beslist het dagelijks bestuur Werk en Inkomen Lekstroom.

  • 2.

    Het dagelijks bestuur kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze verordening, als toepassing daarvan leidt tot onbillijkheden van overwegende aard.

Artikel 10 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking op de dag nadat publicatie op de voorgeschreven wijze heeft plaatsgevonden en werkt terug tot 1 januari 2014.

Artikel 11 Intrekking oude regeling

De verordening tegemoetkoming kinderopvangkosten WIL, vastgesteld op 24 april 2013, wordt gelijktijdig met de inwerkingtreding van onderhavige verordening ingetrokken.

Artikel 12 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als 'Verordeing tegemoetkoming kosten kinderopvang WIL'.