Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Noordenveld

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2018

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieNoordenveld
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening op de heffing en de invordering van leges 2018
CiteertitelLegesverordening 2018
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp
Externe bijlagenPublicatie rijbewijs tarief Stcrt. Publicatie paspoortgelden Stcrt.

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Artt. 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel bGemeentewet en artt. 2, tweede lid, en 7 Paspoortwet

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

29-12-2017Nieuwe regeling

20-12-2017

www.overheid.nl, Gemeenteblad, 28-12-2018

Onbekend

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2018

De raad van de gemeente Noordenveld;

gelezen het voorstel van het College van Burgemeester en Wethouders van 7 november 2017;

gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet en artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

B E S L U I T:

vast te stellen de Verordening op de heffing en de invordering van leges 2018.

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

 

  • a.

    ’dag’: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

     

  • b.

    ’week’: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

     

  • c.

    ’maand’: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de (n 1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is;

     

  • d.

    ’jaar’: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

     

  • e.

    'kalenderjaar': de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam ‘leges’ worden rechten geheven voor:

     

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

    een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

     

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

 

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

 

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • b.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

  • c.

    het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in titel 3, hoofdstuk 2 van de bij deze verordening behorende tarieventabel, indien deze aanvraag een vergunning betreft voor een algemeen nut beogende instelling of een (plaatselijke) sociaal belang behartigende instelling die zich blijkens haar statuten de uitoefening ten doel stelt van activiteiten van maatschappelijke, sociale of culturele aard en waarbij de activiteiten in hoofdzaak worden verricht door vrijwilligers;

  • d.

    het in behandeling nemen van aanvragen voor vergunningen ten behoeve van landelijke instellingen die voorkomen op het collecterooster, dat jaarlijks door het Centraal Bureau Fondsenwerving (CBF) wordt vastgesteld;

  • e.

    diensten met betrekking tot een aanvraag tot verlening van een vergunning of ontheffing voor het plaatsen van een mobiele onderzoeksunit die wordt gebruikt voor het doen van bevolkingsonderzoek als bedoeld in artikel 1, onder c, van de Wet op het bevolkingsonderzoek, voor welk onderzoek op grond van die wet vergunning is verleend.

 

 

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

 

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen vier weken na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    Met betrekking tot de diensten bedoeld in de titels 1, 2 en 3 van de bij deze verordening behorende tarieventabel, waarvoor de te heffen leges meer bedragen dan € 2.000,00, kunnen de leges worden betaald in vijf gelijke termijnen, waarvan de eerste termijn vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van de kennisgeving is vermeld en elk van de volgende termijnen telkens een maand later.

  • 3.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste en het tweede lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

 

Artikel 9 Vermindering of teruggaaf

  • 1.

    Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

  • 2.

    Voor de toepassing van artikel 28, vierde lid, van de Invorderingswet 1990 wordt de teruggaaf van leges, bedoeld in het eerste lid, aangemerkt als een vermindering van de belastingaanslag.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden en tussentijdse wijziging van tarieven

  • 1.

    In de tarieventabel opgenomen tarieven - die tot stand komen op grond van nieuwe of gewijzigde regelgeving van anderen dan de gemeente - zijn bij tussentijdse wijziging van die regelgeving gedurende het kalenderjaar, zonder aanpassing van de verordening, direct van toepassing met ingang van de datum van inwerkingtreding van die regelgeving. Een document, waaruit de aanpassing blijkt, wordt als bijlage aan deze verordening toegevoegd.

     

  • 2.

    In de tarieventabel opgenomen tarieven en/of onderdelen van tarieven – die door bij wettelijk voorschrift voorgeschreven adviseurs bij de gemeente als kosten in rekening worden gebracht – zijn bij tussentijdse wijziging van die kosten gedurende het kalenderjaar, zonder aanpassing van de verordening, direct van toepassing. Een document, waaruit de aanpassing blijkt, wordt als bijlage aan deze verordening toegevoegd.

     

  • 3.

    Onverminderd het bepaalde in de voorgaande leden is het College van Burgemeester en Wethouders bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

    a. zuiver redactionele aard zijn;

    b. een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    1. onderdeel 1.1.10 (akten burgerlijke stand);

    2. hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    3. hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    4. hoofdstuk 4 (verstrekkingen uit de basisregistratie personen met behulp van alternatieve media of schriftelijk);

    5. onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    6. hoofdstuk 16 (kansspelen);

    c. een document waaruit de aanpassing blijkt, wordt als bijlage aan deze verordening toegevoegd.

     

Artikel 11 Nadere regels door het College van Burgemeester en Wethouders

Het College van Burgemeester en Wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

 

Artikel 12 Overgangsrecht

  • 1.

    De thans geldende ‘Verordening op de heffing en de invordering van leges’, alsmede eventuele wijzigingen daarvan, wordt dan wel worden ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft dan wel blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 13, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2018.

  • 3.

    Als in de verordening of tarieventabel wordt verwezen naar een bijlage en het technisch niet mogelijk is deze bijlage in het elektronisch gemeenteblad op te nemen, kan bekendmaking plaatsvinden door terinzagelegging daarvan in het gemeentehuis, Raadhuisstraat 1 te Roden.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: Legesverordening 2018.

 

 

 

 

Roden, 20 december 2017

De Raad van de gemeente Noordenveld,

voorzitter, griffier,

 

Wijziging tarief rijbewijzen per 1 januari 2018 conform artikel 10 lid 1 van de legesverordening

Publicatie rijbewijs tarief Stcrt.

Wijziging tarief paspoorten per 1 januari 2018 conform artikel 10 lid 1 van de legesverordening

Publicatie paspoortgelden Stcrt.

Tarieventabel leges, behorende bij de Legesverordening 2018

 

Indeling tarieventabel:

 

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie

Hoofdstuk 14 Standplaatsen

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

Hoofdstuk 16 Kansspelen

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer

Hoofdstuk 19 Diversen

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

Hoofdstuk 2 Beoordelen conceptaanvraag of schetsplan/invoeren (analoge) aanvraag in de OLO

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

Hoofdstuk 4 Vermindering

Hoofdstuk 5 Teruggaaf of verrekening

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

Hoofdstuk 8 Bestemmingsplan, wijzigingsplan, uitwerkingsplan

Hoofdstuk 9 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten (zonder aanleggen, bouwen of slopen)

Hoofdstuk 10 Sloopmelding

Hoofdstuk 11 Wet geluidhinder

Hoofdstuk 12 Overige en niet in deze titel benoemde beschikkingen en/of verklaringen

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1 Horeca

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

Hoofdstuk 4 Huisvestingswet 2014

Hoofdstuk 5 Brandbeveiligingsverordening

Hoofdstuk 6 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

Titel 1 Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

1.1.1

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk of registratie van een partnerschap:

 

1.1.1.1

In het gemeentehuis als sobere plechtigheid op maandag tot en met donderdag:

€ 153,75

1.1.1.2

In het gemeentehuis als volledige plechtigheid op maandag tot en met vrijdag:

€ 256,25

1.1.1.3

op locatie als volledige plechtigheid op maandag tot en met vrijdag:

€ 384,25

1.1.1.4

op locatie als volledige plechtigheid op zaterdag:

€ 609,00

1.1.1.5

ten behoeve van een eendaagse benoeming van een al beëdigde en benoemde buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand:

€ 121,75

1.1.2

Het tarief bedraagt voor een optreden van een ambtenaar als een getuige bij een huwelijksvoltrekking of partnerschapsregistratie per getuige:

€ 37,50

1.1.3

Op maandag en dinsdag is de huwelijksvoltrekking of partnerschapsregistratie in het gemeentehuis om 09.00 uur kosteloos.

 

1.1.4

Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk indien daarbij gebruik gemaakt wordt van de trouwzaal of een andere door de gemeente hiertoe aangewezen ruimte op:

 

1.1.4.1

maandag tot en met vrijdag:

€ 256,25

1.1.5

Het tarief bedraagt voor het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk indien daarbij gebruik gemaakt wordt van een locatie anders dan aangegeven in 1.1.4:

 

1.1.5.1

maandag tot en met vrijdag:

€ 384,25

1.1.5.2

zaterdag:

€ 609,00

1.1.6

Het tarief bedraagt voor de administratieve omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk:

€ 62,25

1.1.7

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een trouwboekje of partnerschapsboekje:

€ 19,75

1.1.8

Het tarief bedraagt voor kalligraferen van een trouw- of partnerschapsboekje:

€ 17,00

1.1.9

Het tarief bedraagt voor het bijschrijven van een kind in een trouwboekje of partnerschapsboekje:

€ 7,00

1.1.10

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

 Hoofdstuk 2 Reisdocumenten

1.2.1

Het tarief voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

van een nationaal paspoort of van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort (zakenpaspoort) of van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort) bedraagt:

 

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:

€ 64,75

1.2.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:

€ 51,45

1.2.2

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen:

€ 51,45

1.2.3

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.2.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:

 € 50,65

1.2.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:

€ 28,60

1.2.4

Voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.3 genoemde documenten, worden de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van:

€ 47,55

1.2.5

Voor bezorging van een reisdocument of Nederlandse identiteitskaart worden de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.3 genoemde leges vermeerderd met een bedrag van:

€ 15,00

 

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs:

€ 38,95

1.3.2

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met:

 

€ 34,10

1.3.3

Het tarief bedraagt voor het verkrijgen, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs indien de aanvrager reeds eerder een rijbewijs werd verstrekt, welk document niet kan worden overgelegd:

  

€ 62,25

1.3.4

Het tarief bedraagt voor het verkrijgen van een eigen verklaring ten behoeve van de verkrijging van geschiktheid, het tarief als vastgesteld door het CBR.

 

 

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

1.4.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd per verstrekking:

   

€ 7,00

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van één of meer gegevens omtrent één persoon die niet zijn opgenomen in de basisregistratie personen per verstrekking:

   

€ 7,00

1.4.3

In afwijking van de voorgaande onderdelen bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens met behulp van alternatieve media bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen:

€ 23,25

 

 

 

1.4.3

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie personen, voor ieder daaraan besteed kwartier:

 

€ 18,75

 

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

Niet van toepassing.

 

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens

Niet van toepassing.

 

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een exemplaar van:

de gemeentebegroting/programmabegroting ofde gemeenterekening:

€ 19,25

1.7.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afsluiten van een abonnement voor een kalenderjaar op:

de raadsagenda, raadsvoorstellen, ontwerpbesluiten en notulen van de vergaderingen van de gemeenteraad ofde commissiestukken,

indien deze stukken worden afgehaald:

 

Dit tarief wordt bij de geregelde toezending hiervan per post vermeerderd met:

€ 30,50

  

€ 98,00

 

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8.1.1

tot het verstrekken van een fotokopie van een plan, zoals bestemmingsplan (inclusief uitwerkings- of wijzigingsplan), voorbereidingsbesluit, streekplan, welstandsnota, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurplan, structuurvisie, beheersverordening of stadsvernieuwingsplan:

 

1.8.1.1.1

in formaat A4 of kleiner, per bladzijde:

€ 0,25

1.8.1.1.2

in ander formaat, per bladzijde:

€ 0,50

1.8.1.2

tot het verstrekken van kaarten, tekeningen en lichtdrukken van een plan, zoals bestemmingsplan (inclusief uitwerkings- of wijzigingsplan), voorbereidingsbesluit, streekplan, welstandsnota, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurplan, structuurvisie, beheersverordening of stadsvernieuwingsplan, per kaart, tekening of lichtdruk:

€ 10,00

1.8.1.3

Het tarief als bedoeld in 1.8.1.1.1 tot en met 1.8.1.2 wordt verhoogd met de hieraan bestede arbeidstijd, als deze de tijdsduur van een kwartier overschrijdt, berekent op basis van een uurtarief van € 76,00.

 

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

 

1.8.2.1

de gemeentelijke basisregistratie adressen of de gemeentelijke basisregistratie gebouwen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen, per adres of object:

   

€ 13,50

1.8.2.2

de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet:

€ 7,00

1.8.2.3

een inschrijving in het rijksmonumentenregister die aan de gemeente verzonden is, als bedoeld in artikel 3.3, vijfde lid, van de Erfgoedwet:

€ 7,00

1.8.2.4

het gemeentelijk erfgoedregister, bedoeld in artikel 3.16 van de Erfgoedwet, per aangewezen cultureel erfgoed:

 

€ 7,00

1.8.2.5

het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder a en b, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken, dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van die wet:

€ 13,50

1.8.2.6

Het tarief als bedoeld in 1.8.2.5 wordt voor het verstrekken van informatie uit en over de gemeentelijke beperkingen, dan wel het geven van een toelichting, vermeerderd met een toeslag per kwartier van:

€ 19,00

 

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1

tot het verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag:

€ 41,75

1.9.2

tot het verstrekken van een bewijs van in leven zijn per pagina:

€ 7,00

1.9.3

tot het legaliseren van een handtekening en/of foto of waarmerking van enig stuk:

€ 7,00

 

1.9.4

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot naturalisatie of optie geldt het tarief, zoals vastgelegd in het betreffende Besluit optie- en naturalisatiegelden.

 

 

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, ongeacht het resultaat, voor ieder daaraan besteed kwartier:

€ 19,50

1.10.2

het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.10.2.1

een afschrift of fotokopie van een in het gemeentearchief berustend stuk,

 

1.10.2.1.1

per pagina op papier van A4-formaat:

€ 0,25

1.10.2.1.2

per pagina op papier van een ander formaat:

€ 0,50

1.10.2.2

een uittreksel uit een in het gemeentearchief berustend stuk:

€ 7,00

 

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet

 Niet van toepassing

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1

tot het verlenen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet:

€ 72,50

1.12.2

tot verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, vijfde lid, van de Leegstandwet:

€ 36,25

1.12.3

Indien aanvragen als bedoeld in de subonderdelen 1.12.1 en 1.12.2 gelijktijdig worden ingediend en woonruimten in hetzelfde gebouw,

zoals een flat, een school of een kantoor betreffen, worden de in die subonderdelen bedoelde leges slechts eenmaal geheven.

(Dit geldt ook als het gaat om een geheel van huurwoningen bestemd voor sloop of renovatie waarvoor gelijktijdig aanvragen worden ingediend.)

 

 

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie

1.13

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.13.1

tot het verstrekken van een gemeentegarantie:

€ 72,50

1.13.2

tot het instemmen met het wijzigen of omzetten van een door de gemeente gegarandeerde hypothecaire geldlening:

€ 36,25

 

Hoofdstuk 14 Standplaatsen

1.14

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een standplaatsvergunning als bedoeld in artikel 5:18 van de Algemene Plaatselijke Verordening:

€ 27,75

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

1.15

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingenbesluit Winkeltijdenwet:

€ 27,75

Hoofdstuk 16 Kansspelen

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen voor een periode van twaalf maanden:

 

1.16.1.1

voor één of de eerste kansspelautomaat:

€ 57,75

1.16.1.2

en voor iedere volgende kansspelautomaat:

€ 35,00

1.16.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning):

€ 27,75

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie

1.17.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet:

€ 272,00

1.17.2

Indien met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het College van Burgemeester en Wethouders is opgesteld.

 

1.17.3

Indien een begroting als bedoeld in 1.17.2 is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

1.17.4

Indien de werkelijke kosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

 

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer

1.18

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.18.1

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 oftot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen oftot het verkrijgen van elke andere vergunning ingevolge of ontheffing van verkeersvoorschriften,

per vergunning of ontheffing:

€ 39,00

1.18.2

tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW):

€ 35,00

1.18.2.1

Indien ten behoeve van het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in onderdeel 1.18.2 een medisch onderzoek moet worden verricht wordt het tarief genoemd in onderdeel 1.18.2 vermeerderd met:

€ 83,25

1.18.2.2

Indien ten behoeve van het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in onderdeel 1.18.2 een huisbezoek door een arts moet worden afgelegd wordt het tarief genoemd in onderdeel 1.18.2 vermeerderd met:

€ 138,75

1.18.3

tot het aanbrengen van wijzigingen in een gehandicaptenparkeerkaart en het verstrekken van een nieuwe gehandicaptenparkeerkaart na vermissing of beschadiging dan wel het verstrekken van een duplicaat

(artikel 52 BABW):

€ 19,00

 

Hoofdstuk 19 Diversen

1.19.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.1.1

tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 2:10 van de Algemene plaatselijke verordening (b.v. tijdelijke reclameborden, verwijsborden en spandoeken) of tot het verkrijgen van een ontheffing ten behoeve van groepskamperen als bedoeld in de Algemene plaatselijke verordening,

per vergunning of ontheffing:

€ 27,75

1.19.1.2

tot het verstrekken van milieu-informatie op grond van het Verdrag van Aarhus voor ieder daaraan besteed kwartier of gedeelte daarvan:

 

€ 19,00

1.19.1.3

tot het verstrekken van gegevens (b.v. bestemmingsplangegevens, milieugegevens, etc.) ten behoeve van een taxatie per object, per keer:

€ 27,75

1.19.1.4

tot het verstrekken van digitale informatie uit een bouwdossier, per keer:

€ 11,25

1.19.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.19.2.1

gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina:

€ 7,00

1.19.2.2

afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

 

1.19.2.2.1

per pagina op papier van A4-formaat:

€ 0,25

1.19.2.2.2

per pagina op papier van een ander formaat:

€ 0,50

1.19.2.3

kaarten, tekeningen en lichtdrukken, al dan niet behorend bij de in de onderdelen 1.19.2.1 en 1.19.2.2 genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening of lichtdruk:

     

€ 10,00

1.19.2.4

een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

€ 27,75

1.19.2.5

stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina:

   

€ 7,00

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

 

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 

 

het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom), de omzetbelasting daarin niet begrepen, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voortvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het aanleggen) van de werken of de werkzaamheden, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van de werken of de werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen;de verschuldigde leges en/of de aanlegkosten worden niet aangepast als er sprake is van aanbestedingsvoordelen of –nadelen, verder vindt er naar aanleiding van aanbestedingsvoordelen of –nadelen geen verrekening, terugbetaling of bijbetaling plaats;

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 

 

het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom), de omzetbelasting daarin niet begrepen, of voor zover deze ontbreekt een raming van de kosten die voortvloeien uit aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen;de verschuldigde leges en/of de bouwkosten worden niet aangepast als er sprake is van aanbestedingsvoordelen of –nadelen, verder vindt er naar aanleiding van aanbestedingsvoordelen of –nadelen geen verrekening, terugbetaling of bijbetaling plaats;

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

Hoofdstuk 2 Beoordeling conceptaanvraag of schetsplan/invoeren (analoge) aanvraag in de OLO

2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

2.2.1

om de beoordeling van een conceptaanvraag, dan wel indien gebruik wordt gemaakt van de mogelijkheid om middels een schetsplan de haalbaarheid van een plan te (laten) onderzoeken:

50%

 

van de leges zoals deze bij een daadwerkelijke aanvraag om een omgevingsvergunning voor het project zouden worden vastgesteld, met een maximum van:

(De mogelijkheid van vermindering ten behoeve van aanvragen om omgevingsvergunning is opgenomen in artikel 2.4.1.)

€ 1.035,00

  

2.2.2

Het bepaalde in artikel 2.2.1 is niet van toepassing op een aanvraag om de beoordeling van een conceptaanvraag, dan wel de beoordeling van een schetsplan waarbij de leges bij een daadwerkelijke aanvraag met toepassing van een begrotingsconstructie wordt geheven

(de onderdelen 2.3.3.3; 2.3.14.2.2; 2.3.17.1; 2.3.17.2.2; 2.3.18 en

2.8.1).

 

Het tarief bedraagt in dat geval het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

Indien voornoemde begroting is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Indien de werkelijke kosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

 

2.2.3

om een aanvraag omgevingsvergunning met bijlagen in de OLO in te voeren:

 

2.2.3.1

als de betreffende stukken reeds digitaal beschikbaar zijn:

 

 

per te scannen tekening of per over te typen bladzijde met tekst:

€ 11,00

 

per te scannen bladzijde A-4 met tekst:

€ 0,25

2.2.3.2

als de betreffende stukken niet reeds digitaal beschikbaar zijn:

 

 

per te scannen tekening of per over te typen bladzijde met tekst:

€ 11,00

 

per te scannen bladzijde A-4 met tekst:

€ 0,25

2.2.3.3

Voor een enkelvoudige aanvraag van een particulier worden geen leges op grond van artikel 2.2.3.2 in rekening gebracht.

 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project:

de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel.

In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

 

 

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief 2,25% van de vastgestelde bouwkosten:

 

 

met een minimum van:

€ 133,25

 

en met een maximum van:

€ 56.840,00

 

2.3.1.2

Indien ten gevolge van een aanduiding als monument of beschermd stads- of dorpsgezicht als bedoeld in de Monumentenwet 1988 vergunningvrij bouwen vergunningplichtig wordt als bedoeld in de Wabo, is geen leges verschuldigd als bedoeld in onderdeel 2.3.1.1 van deze verordening.

 

 

 

 

 

Extra welstandstoets

 

2.3.1.3

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien zich tijdens de beoordeling van de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wijzigingen voordoen in het bouwplan en daarvoor een nieuwe welstandstoets noodzakelijk is:

 

per toetsing:

€ 133,25

 

 

 

 

Achteraf ingediende aanvraag

 

2.3.1.4

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit:

10%

 

van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges, met een maximum van:

 

€ 1.106,00

 

Het hier bedoelde tarief is alleen verschuldigd indien door of namens de gemeente is geconstateerd dat er zonder de vereiste omgevingsvergunning of in afwijking van die vergunning is of wordt gebouwd voordat een aanvraag wordt ingediend.

Met betrekking tot het tijdstip van constateren is het tijdstip van de feitelijke constatering door of namens de gemeente bepalend en niet de ontvangst van de aanvraag.

 

 

 

 

 

Beoordeling aanvullende gegevens

 

2.3.1.5

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van aanvullende gegevens die worden ingediend nadat de in dat onderdeel bedoelde aanvraag al in behandeling is genomen:

     

€ 133,25

 

 

 

2.3.2

Aanlegactiviteiten

 

2.3.2.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief 2,25% van de vastgestelde aanlegkosten:

 

 

met een minimum van:

€ 133,25

 

en met een maximum van:

€ 6.988,00

 

 

 

 

Achteraf ingediende aanvraag

 

2.3.2.2

Het bepaalde in onderdeel 2.3.1.4 is van overeenkomstige toepassing op aanlegactiviteiten.

 

 

 

 

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1:

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking) of indien artikel 2.12, eerste lid, onder b, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van exploitatieplan) of indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 233,25

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking of tijdelijke afwijking) of indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving) of indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 466,75

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking (projectbesluit/buiten toepassing-verklaring beheersverordening)):

 

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

Indien voornoemde begroting is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Indien de werkelijke kosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

 

 

 

 

2.3.4

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit

 

 

Vervallen. Is opgenomen in hoofdstuk 2.3.3

 

 

 

 

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

2.3.5.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

   

€ 233,25

 

met dien verstande dat dit tarief wordt verhoogd voor bouwwerken en inrichtingen met een bruto oppervlakte:

 

2.3.5.1.1

tot 100 m2:

€ 122,25

2.3.5.1.2

van 100 m2 tot 500 m2 per m2:

€ 1,17

2.3.5.1.3

van 500 m2 tot 2.000 m2 :

€ 360,25

vermeerderd per m2 met:

€ 0,56

2.3.5.1.4

van 2.000 m2 tot 5.000 m2:

€ 1.025,00

vermeerderd per m2 met:

€ 0,15

2.3.5.1.5

boven de 5.000 m2:

€ 1.625,00

vermeerderd per m2 met:

€ 0,02

 

 

 

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning of ontheffing betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een rijks-, provinciaal of gemeentelijk monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, of artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening of de gemeentelijke erfgoedverordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument of voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 133,25

2.3.6.2

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, of artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening of de gemeentelijke erfgoedverordening, bedraagt het tarief voor het geheel of gedeeltelijk slopen van een bouwwerk, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

        

€ 133,25

2.3.6.3

Indien ten behoeve van het verkrijgen van een omgevingsvergunning of ontheffing als bedoeld in de onderdelen 2.3.6.1 en/of 2.3.6.2 advies moet worden uitgebracht door de monumentencommissie wordt het tarief genoemd in de onderdelen 2.3.6.1 en/of 2.3.6.2 vermeerderd met de advieskosten van de monumentencommissie.

 

 

 

 

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

 

2.3.7.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten :

    

€ 133,25

 

 

 

2.3.8

Aanleggen of veranderen weg

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder d, van de Wabo in samenhang met de provinciale wegenverordening, het provinciaal wegenreglement of artikel 2:11 van de Algemene plaatselijke verordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 27,75

 

 

 

2.3.9

Uitweg/inrit

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo in samenhang met de provinciale wegenverordening, het provinciaal wegenreglement of artikel 2:12 van de Algemene plaatselijke verordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 72,75

 

 

 

2.3.10

Kappen

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo in samenhang met de provinciale bomenverordening of artikel 4:11 van de Algemene plaatselijke verordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

     

€ 27,75

 

 

 

2.3.11

Opslag van roerende zaken

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de gemeente, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder j of k, van de Wabo in samenhang met de provinciale wegenverordening of artikel 2:10 van de Algemene plaatselijke verordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo ofindien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo

€ 27,75

 

 

 

2.3.12

Natura 2000-activiteiten

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder a, van het Besluit ruimtelijke ordening (Natura 2000-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 133,25

 

 

 

2.3.13

Flora- en fauna-activiteiten (bescherming van soorten)

 

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 133,25

 

 

 

2.3.14

Andere activiteiten

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

   

€ 133,25

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.14.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft:

het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning. Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning bedraagt het tarief:

    

€ 133,25

2.3.14.2.2

als het een provinciale of waterschapsverordening betreft:

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Indien de werkelijke kosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

 

 

 

 

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase:

het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

 

 

 

2.3.16

Beoordeling bodemrapport

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:

 

2.3.16.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport ofvoor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:

€ 133,25

 

Ter voorkoming van dubbele heffing wordt het in dit onderdeel bedoelde tarief niet geheven indien en voor zover deze werkzaamheden reeds op basis van onderdeel 2.3.18 (externe adviezen) in rekening zijn gebracht.

 

 

 

 

2.3.17

Advies en verklaring van geen bedenkingen

 

 

2.3.17.1

Advies

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet, algemene maatregel van bestuur, provinciale of gemeentelijke verordening aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning, als bedoeld in artikel 2.26, derde lid, van de Wabo:

 

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

Indien een begroting is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Indien de werkelijke advieskosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

 

 

 

 

2.3.17.2

Verklaring van geen bedenkingen

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

 

2.3.17.2.1

indien de gemeenteraad een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

€ 133,25

2.3.17.2.2

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven:

 

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

Indien een begroting is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Indien de werkelijke kosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

 

 

 

 

2.3.18

Externe adviezen

 

 

Indien voor het in behandeling nemen van een aanvraag, voor de afhandeling van een aanvraag, dan wel de beoordeling van een ontwerpbesluit een extern advies noodzakelijk is, wordt het navolgende geheven:

 

2.3.18.1

De in deze tarieventabel genoemde bedragen worden verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde externe advieskosten, blijkend uit een begroting die ter zake door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.18.2

Voor de toepassing van de tarieventabel wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting van de externe advieskosten aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.18.3

Indien de werkelijke advieskosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

 

 

Hoofdstuk 4 Vermindering

2.4.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag om de omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3, mits wordt voldaan aan de volgende voorwaarden:

de aanvraag om een omgevingsvergunning wordt ingediend binnen een termijn van twaalf maanden nadat een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een conceptaanvraag is ingediend en de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op hetzelfde project dat als conceptaanvraag is beoordeeld ende aanvraag om beoordeling van een conceptaanvraag heeft geleid tot een positieve beoordeling (bij ongewijzigde indiening kan vergunning worden verleend). 

De hiervoor bedoelde vermindering is niet van toepassing op de leges die met toepassing van een begrotingsconstructie wordt geheven (de onderdelen 2.3.3.3; 2.3.14.2.2; 2.3.17.1; 2.3.17.2.2 en 2.3.18).

 

2.4.2

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdeel 2.3.17 .

De vermindering bedraagt:

 

2.4.2.1

bij 5 tot 10 activiteiten:

2,5%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.2

bij 10 tot 15 activiteiten:

3,75%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.3

bij 15 of meer activiteiten:

5%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges.

 

Hoofdstuk 5 Teruggaaf of verrekening

2.5.1

Teruggaaf of verrekening als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten en teruggaaf bijzondere procedures

 

 

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.3, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt terwijl:

deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente maar voordat op de aanvraag is beslist,

bestaat aanspraak op teruggaaf of verrekening van een deel van de leges.

 

De teruggaaf of verrekening is niet van toepassing op de onderdelen 2.3.1.2 (extra welstandstoets), 2.3.1.4 (achteraf ingediende aanvraag) , 2.3.17 (advies en verklaring van geen bedenkingen) en 2.3.18 (externe adviezen).

 

De teruggaaf of verrekening bedraagt:

 

2.5.1.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van

2 weken na het in behandeling nemen ervan:

75%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 2 weken en binnen 6 weken na het in behandeling nemen ervan:

50%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.3

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 6 weken en binnen 12 weken na het in behandeling nemen ervan:

 

25%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.4

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 12 weken na het in behandeling nemen ervan vindt er geen teruggaaf of verrekening plaats.

 

 

 

 

2.5.2

Teruggaaf of verrekening als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.3, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat geen aanspraak op teruggaaf of verrekening van een deel van de leges.

 

 

 

 

2.5.3

Teruggaaf of verrekening als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

2.5.3.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.3, 2.3.6 of 2.3.7 weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

25%

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

2.5.3.2

De teruggaaf of verrekening is niet van toepassing op de onderdelen 2.3.1.3 (extra welstandstoets), 2.3.1.4 (achteraf ingediende aanvraag), 2.3.17 (advies en verklaring van geen bedenkingen) en 2.3.18 (externe adviezen).

 

2.5.3.3

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

 

 

 

 

 

2.5.4

Verrekening ingeval van het indienen van een tweede aanvraag na het weigeren van een primaire aanvraag omgevingsvergunning

(alternatief voor het maken van bezwaar of het instellen van beroep)

 

2.5.4.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7 heeft geweigerd omdat niet wordt voldaan aan de wettelijke voorschriften (b.v. de bepalingen van het ter plaatse geldende bestemmingsplan, de beheersverordening, de bouwverordening, het Bouwbesluit en/of redelijke eisen van welstand)

wordt de leges bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7

verrekend met de op grond van een nieuwe, aangepaste aanvraag verschuldigde leges bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7 als voldaan wordt aan de volgende voorwaarden:

 

2.5.4.1.1

de nieuwe, aangepaste aanvraag omgevingsvergunning betreft hetzelfde project als de geweigerde primaire aanvraag omgevingsvergunning;

 

2.5.4.1.2

de nieuwe, aangepaste aanvraag omgevingsvergunning wordt ingediend binnen 12 weken na de datum van bekendmaking van het besluit tot weigering van de primaire aanvraag aan de aanvrager;

 

2.5.4.1.3

in de nieuwe, aangepaste aanvraag wordt volledig tegemoet gekomen aan de weigeringsgrond(en) die de basis vormde(n) voor de weigering van de primaire aanvraag omgevingsvergunning;

 

2.5.4.1.4

tegen de weigering van de primaire aanvraag omgevingsvergunning is of wordt geen bezwaar- en/of beroep ingesteld.

 

2.5.4.2

De verrekening is niet van toepassing op de onderdelen 2.3.1.3 (extra welstandstoets), 2.3.1.4 (achteraf ingediende aanvraag) , 2.3.17 (advies en verklaring van geen bedenkingen) en 2.3.18 (externe adviezen).

 

2.5.4.3

Er vindt geen terugbetaling van de voor de primaire aanvraag omgevingsvergunning verschuldigde leges plaats.

 

2.5.4.4

Als onderdeel 2.5.4 is of wordt toegepast, blijft onderdeel 2.5.3 buiten toepassing.

 

 

 

 

 

 

 

2.5.5

Tijdige gereedmelding

 

 

Indien binnen twee weken nadat het bouwwerk voor gebruik gereed is, hiervan schriftelijke melding is gedaan door middel van de gereedmeldingskaart wordt een teruggaaf van € 26,00 van de geheven leges verleend.

 

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

2.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot gehele of gedeeltelijke intrekking van een omgevingsvergunning anders dan bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo:

   

€ 133,25

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

2.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een verleende omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

  

€ 233,25

 

Het bepaalde in onderdeel 2.3.18 (externe adviezen) is van overeenkomstige toepassing.

 

Hoofdstuk 8 Bestemmingsplan, wijzigingsplan, uitwerkingsplan

2.8

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

2.8.1

tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening of tot het wijzigen of uitwerken van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid van de Wet ruimtelijke ordening:  

het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door of namens het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

Indien voornoemde begroting is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Indien de werkelijke kosten minder bedragen dan het aan de hand van de begroting geraamde bedrag, wordt voor het verschil teruggaaf verleend.

     

 

 

 

2.8.2

Indien de aanvraag als bedoeld in dit hoofdstuk is voorafgegaan door een aanvraag om beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges niet in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag als bedoeld in dit hoofdstuk.

 

 

 

 

Hoofdstuk 9 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten (zonder aanleggen, bouwen of slopen)

Is opgenomen in hoofdstuk 2.8

Hoofdstuk 10 Sloopmelding

Vervallen

Hoofdstuk 11 Wet geluidhinder

2.11

Het tarief bedraagt voor het vaststellen van een hogere grenswaarde in het kader van de Wet Geluidhinder, voor zover dit voor het vaststellen van een bestemmingsplan of wijzigingsplan of het verlenen van een omgevingsvergunning waarbij artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3°, van de Wabo wordt toegepast, nodig is:

       

€ 233,25

Hoofdstuk 12 Overige en niet in deze titel benoemde beschikkingen en/of verklaringen

2.12.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van de tenaamstelling van een verleende vergunning of ontheffing op grond van deze titel:

€ 72,50

2.12.2

Verklaring vergunningvrije activiteit

Voor een schriftelijke verklaring dat een activiteit vergunningvrij is bedraagt het tarief:

€ 72,50

2.12.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, niet in deze titel benoemde beschikking:

€ 133,25

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

 

Hoofdstuk 1 Horeca

3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

 

3.1.1

een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet:

€ 233,25

3.1.2

een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing van het sluitingsuur van horecabedrijven ingevolge artikel 2:29 van de Algemene plaatselijke verordening:

€ 27,75

3.1.3

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Drank- en Horecawet:

€ 27,75

3.1.4

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet:

€ 111,50

3.1.5

een aanvraag tot het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid, van de Drank- en Horecawet:

€ 111,50

3.1.6

een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet:

€ 27,75

 Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

 

Niet van toepassing

 

 Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

3.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.3.1

om een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.2 van de Algemene plaatselijke verordening voor een seksinrichting of escortbedrijf:

€ 832,25

3.3.2

om wijziging van een exploitatievergunning uitsluitend in verband met een wijziging van het beheer in een seksinrichting of escortbedrijf, als bedoeld in artikel 3.13 van de Algemene plaatselijke verordening of tot het wijzigen van de tenaamstelling van een verleende vergunning:

€ 111,50

Hoofdstuk 4 Huisvestingswet 2014

Niet van toepassing

Hoofdstuk 5 Brandbeveiligingsverordening

 

Vervallen

 

Hoofdstuk 6 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

3.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag/melding voor het gebruik van de weegbrug op het brengstation te Roden per keer:

€ 27,75

3.6.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking:

€ 27,75

  

Behorende bij raadsbesluit van 20 december2017

 

De griffier van de gemeente Noordenveld,

   

W.F.C. Damman