Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Utrecht

Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 22 november 2016, nr. 815BFFC7, tot vaststelling van de ‘Wijziging in buurt van Tramweg 4.0’ d.d. 4 oktober 2016 als nadere regels ter uitvoering van artikel 12 lid 1 Wet lokaal spoor, betreffende het verbod om zonder daartoe verleende vergunning van Gedeputeerde Staten op, in, boven, naast of onder de lokale spoorweg werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren of zaken te plaatsen

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieUtrecht
OrganisatietypeProvincie
Officiële naam regelingBesluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 22 november 2016, nr. 815BFFC7, tot vaststelling van de ‘Wijziging in buurt van Tramweg 4.0’ d.d. 4 oktober 2016 als nadere regels ter uitvoering van artikel 12 lid 1 Wet lokaal spoor, betreffende het verbod om zonder daartoe verleende vergunning van Gedeputeerde Staten op, in, boven, naast of onder de lokale spoorweg werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren of zaken te plaatsen
CiteertitelWijziging in buurt van Tramweg provincie Utrecht 4.0 (WijT)
Vastgesteld doorgedeputeerde staten
Onderwerpruimtelijke ordening, verkeer en vervoer
Eigen onderwerpverkeer

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

art. 12 Wet lokaal spoor

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

31-12-2016Nieuwe regeling

22-11-2016

prb-2016-7095

815BFFC7

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 22 november 2016, nr. 815BFFC7, tot vaststelling van de ‘Wijziging in buurt van Tramweg 4.0’ d.d. 4 oktober 2016 als nadere regels ter uitvoering van artikel 12 lid 1 Wet lokaal spoor, betreffende het verbod om zonder daartoe verleende vergunning van Gedeputeerde Staten op, in, boven, naast of onder de lokale spoorweg werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren of zaken te plaatsen

Gedeputeerde Staten van Utrecht;

 

Gelet op artikel 12 lid 1 en artikel 12 lid 7 van de Wet lokaal spoor;

Besluiten:

Artikel 1. Inleiding

Op grond van artikel 12 van Wet lokaal spoor (WLS) is het verboden op, in, boven, naast of onder de lokale spoorweg werkzaamheden uit te voeren of te doen uitvoeren of zaken te plaatsen zonder daartoe verleende vergunning van gedeputeerde staten. Onder het begrip ‘plaatsen van zaken’ wordt ook verstaan het hebben en houden van objecten.

 

Team OV Assetmanagement1 binnen afdeling OV van provincie Utrecht (vanaf hier: team OV Assetmanagement) is beheerder van het tramsysteem in de provincie Utrecht en is vanuit die hoedanigheid gemandateerd namens Gedeputeerde Staten (GS) de vergunning te verlenen voor het uitvoeren van werkzaamheden en het hebben en houden van objecten op, in, boven, naast of onder het tramsysteem. Met het tramsysteem wordt in dit document bedoeld het geheel van rails, voertuigen, bovenleiding, haltes, remise, installaties en overige toebehoren dat nodig is voor de exploitatie van een tramweg en/of tramweg in aanbouw. Werkzaamheden van of in opdracht van team OV Assetmanagement, ter beoordeling aan team OV Assetmanagement, zijn vrijgesteld van een vergunning.

 

Een vergunning dient minimaal 8 weken voorafgaand aan uitvoering van werkzaamheden te worden aangevraagd bij team OV Assetmanagement. Een vergunning kan worden geweigerd

  • 1.

    indien de veiligheid op en in de directe nabijheid van het tramsysteem in gevaar wordt gebracht door de werkzaamheden en/of het object;

  • 2.

    ter verzekering van doelmatig gebruik van het tramsysteem; of

  • 3.

    indien de aanvraag onvolledig is of onvoldoende inzicht biedt in de uit te voeren werkzaamheden.

Artikel 2. Vergunningsplicht

     

2.1 Algemeen

Er is een vergunning vereist voor het uitvoeren van werkzaamheden dan wel het hebben en houden van objecten op, in, boven, naast of onder het tramsysteem, alsmede de tramweg in aanbouw, indien deze invloed hebben of gaan hebben op de functionaliteit en/of veiligheid van het tramsysteem. De beoordeling hiervan ligt bij team OV Assetmanagement. Voorbeelden van invloeden, waarvoor een vergunning vereist is, zijn (niet limitatief):

  • direct contact met het tramsysteem, waaronder tramspoor,voertuigen, bovenleiding, wissels, perrons, overwegen, kabels en seinen;

  • werkzaamheden en objecten welke leiden tot belemmerde zichtlijnen voor de trambestuurder, met name in bogen en nabij kruisingen;

  • bomen en overhangende takken welke (mogelijk als gevolg omvallen, afbreken en/of groei, bloei en afvallend blad) kunnen leiden tot belemmering van zichtlijnen en contact met het tramsysteem;

  • coulisseneffect, waarbij meerdere objecten (bomen, kolommen, etc.) op korte afstand achter elkaar langs de tramweg worden geplaatst, waardoor de trambestuurder deze objecten als een muur ziet en kruisend verkeer niet tijdig kan waarnemen;

  • opslag en gebruik van licht ontvlambare stoffen;

  • omvallen van objecten als hijskranen, bouwconstructies en hoogwerkers op onderdelen van het tramsysteem;

  • (nieuw te realiseren) gebouwen langs de tramweg en de risico’s die hieruit voortkomen zoals glasbewassing en vallen van objecten uit bijvoorbeeld openstaande ramen;

  • bouwen boven het tramsysteem en de risico’s die hieruit voortkomen;

  • bronnering-, graaf- en heiwerkzaamheden en boringen en persingen;

  • wijziging van de verkeerstroom over de tramweg tijdens en/of na afronding van de werkzaamheden;

  • medegebruik van de tramweg;

  • plaatsing en/of wijziging van verkeersregelinstallaties.

Team OV Assetmanagement kan bij het verlenen van de vergunning voorwaarden stellen waaronder de vergunning wordt verleend.

2.2 Ruimtelijk profiel

Team OV Assetmanagement heeft een ruimtelijk profiel opgesteld waarbinnen een vergunning altijd vereist is voor het uitvoeren van werkzaamheden en/of het hebben en houden van objecten.

 

Het ruimtelijk profiel wordt boven maaiveld begrensd door denkbeeldige lijnen 3 meter buiten de buitenste spoorstaven en onbegrensd in de hoogte. Onder maaiveld wordt het ruimtelijk profiel begrensd door denkbeeldige lijnen 5 meter buiten de buitenste spoorstaaf, terwijl in de diepte het ruimtelijk profiel onbegrensd is.

 

Indien werkzaamheden worden uitgevoerd en/of objecten worden geplaatst die zich bevinden buiten dit ruimtelijk profiel, maar wel invloed hebben op de veiligheid en/of functioneren van het tramsysteem, blijft de vergunningsplicht volgens §2.1 onverminderd gelden.

2.3 Werkvergunning

Voor alle werkzaamheden die binnen 1,5 meter vanaf de dichtstbijzijnde spoorstaaf en/of de spanningvoerende delen worden uitgevoerd dient u naast een vergunning ook over een werkvergunning te beschikken, zoals beschreven in het Kader Werkzaamheden Tramweg (KWT). Een kopie van het KWT kunt u vinden op de website van provincie Utrecht, www.provincie-utrecht.nl2

2.4 Stilleggen werkzaamheden

Indien geen vergunning is verleend voor het uitvoeren van werkzaamheden en/of hebben en houden van objecten op, in, boven, naast of onder het tramsysteem, heeft team OV Assetmanagement het recht de werkzaamheden stil te leggen en eventueel geplaatste objecten te verwijderen. De hiermee gepaarde kosten komen voor rekening van de uitvoerder van de werkzaamheden dan wel de eigenenaar van het object. Dit geldt ook indien werkzaamheden niet conform de voorwaarden van de afgegeven vergunning worden uitgevoerd.

 

Let op: Te allen tijde dienen de voorwaarden uit de vergunning te worden opgevolgd. Indien een vergunning is verleend voor het hebben en houden van een object nabij het tramsysteem is nog niet automatisch een vergunning verleend voor het plaatsen (uitvoeren van werkzaamheden) van dat object.

2.5 Twijfel?

Bij twijfel of de uit te voeren werkzaamheden invloed hebben op het tramsysteem kunt u contact opnemen via de contactgegevens op www.provincie-utrecht.nl.3

Artikel 3. Aanvraag vergunning

 

3.1 Procedure

Een vergunning dient minimaal 8 weken voorafgaand aan werkzaamheden digitaal te worden aangevraagd via de contactgegevens op www.provincie-utrecht.nl.4 Hierna zal de aanvraag getoetst worden.

 

Om een vergunning van team OV Assetmanagement te krijgen voor de uit te voeren werkzaamheden, dienen de volgende zaken te worden ingeleverd bij de aanvraag:

  • Details van de werkzaamheden: locatie (in meters t.o.v. het tramsysteem), uitvoeringsperiode, belang van de werkzaamheden en/of object, situatieschets5 , hulpmiddelen die gebruikt worden;

  • Eventuele werktekeningen van de persaannemer6 in geval van boringen of persingen en kraterberekening (zie ook §3.2);

  • Eventueel monitoringsplan in geval van graaf-, hei of bronneringswerkzaamheden (zie ook §3.2);

  • Eventueel zichtlijnenanalyse vanuit het oogpunt van de trambestuurder (zie §3.2);

  • Uitvoeringsplan, waarin aangetoond de veilige berijdbaarheid van de baan tijdens en na de werkzaamheden en werktekeningen.

 

Let op: Bij sommige werkzaamheden gelden aanvullende eisen, zie ook §3.2. Team OV Assetmanagement kan de aanvrager verplichten een nulmeting uit te voeren en hiervan een rapportage over te dragen aan team OV Assetmanagement.

Let op: Indien nodig verlengt team OV Assetmanagement de termijn voor de behandeling van de aanvraag. Indien zo, stelt team OV Assetmanagement de aanvrager hiervan op de hoogte.

3.2 Toetscriteria

Team OV Assetmanagement toetst de aanvraag onder anderen op onderstaande zaken:

  • De technische consequenties van het voorgenomen werk voor de veiligheid op en in de nabijheid van het tramsysteem;

  • De mogelijke consequenties voor de dienstregeling;

  • De veilige berijdbaarheid van de baan tijdens en na de werkzaamheden;

  • De risico’s van het werk tijdens en na de uitvoering voor gebruikers (w.o. trambestuurders, reizigers en weggebruikers) van het tramsysteem;

Een boring of een persing

In geval van een boring of persing onder of in de buurt van het spoor toetst team OV Assetmanagement welk risico de desbetreffende werkzaamheden met zich meebrengen voor de veiligheid en de veilige berijdbaarheid van het spoor.

 

Wanneer met een vloeistof- of gasleiding het spoor wordt gekruist of dat dergelijke leidingen parallel aan het spoor worden gelegd, dient, afhankelijk van de leidingdiameter, een zogenaamde kraterberekening aangeleverd te zijn. Met deze berekening wordt aangetoond wat de gevolgen zijn voor de baanstabiliteit in het geval van overstroming bij een leidingbreuk.

Graaf-, hei- en bronneringswerkzaamheden

Het uitvoeren van graaf-, heiwerkzaamheden of het instellen van een bronbemaling kan de stabiliteit van de tramweg beïnvloeden. Om deze reden is het vereist dat een monitoringsplan wordt aangeleverd waarin beschreven wordt hoe het monitoren van de tramweg wordt uitgevoerd gedurende de uitvoering van de werkzaamheden en minimaal 5 dagen na beëindiging van de werkzaamheden.

Zichtlijnen bij kruisingen

Het Integraal Programma van Eisen (IPvE) schrijft voor dat er zich geen objecten mogen bevinden binnen 10 meter van een kruising. Deze eis is vertaald in Figuur 0.1, waarbij de afstand X is gedefinieerd aan de hand van de remweg van het tramvoertuig en de geldende baanvaksnelheid, zie Tabel 0.1. In het groene vlak mogen geen objecten geplaatst worden of activiteiten plaatsvinden zonder vergunning van team OV Assetmanagement. Buiten het groene vlak geldt onverminderd de vergunningsplicht zoals beschreven in §2.1 en §2.2. De ter plaatse geldende baanvaksnelheid dient te worden opgevraagd bij team OV Assetmanagement.

Figuur 0.1 Zichtlijnen bij kruisingen.

 

Tabel 0.1: Rekenwaardes voor zichtafstanden bij kruisingen.

Baanvaksnelheid

Afstand X (m)

18 en 20 km/h

20

30 km/h

40

40 km/h

65

50 km/h

95

70 km/h

175

Voor zichtlijnen in bogen en het coulisseneffect kunt u contact opnemen met team OV Assetmanagement.

3.3 Kosten

Aan de behandeling van de vergunningverlening zijn voor de aanvrager geen kosten en/of leges verbonden. Wel zullen de kosten van eventuele gevolgschade verhaald worden op aanvrager. Zie hiervoor 6. Na afloop van de uitvoering.

Artikel 4. Betekenis vergunning provincie Utrecht

Een vergunning van provincie Utrecht houdt in dat team OV Assetmanagement als beheerder van het tramsysteem akkoord is met het ontwerp, de uitvoering en de impact van de uiteindelijke werkzaamheden en/of de uiteindelijke situatie. De uitvoering van de werkzaamheden dienen daarbij te voldoen aan de eisen voor de veiligheid van het tramsysteem dan wel de werkenden, zoals vastgelegd in het KWT.

 

Vergunningen worden schriftelijk verleend. In de vergunningsvoorwaarden kunnen extra maatregelen opgenomen worden, welke door aanvrager genomen dienen te worden voorafgaand en/of tijdens de uitvoering van de werkzaamheden. Van alle verleende vergunningen worden de vervoerder en de werkcoördinator van team OV Assetmanagement op de hoogte gesteld.

 

Let op: De aanvrager zal zelf een onderzoek moeten instellen wie naast provincie Utrecht de eventuele overige partijen zijn (bijv. grondbezitters, netbeheerders, WION, etc.) en is zelf verantwoordelijk voor het maken van eventuele afspraken en/of verkrijgen van vergunningen met die partijen.

4.1 Geldigheidsduur

De geldigheid van de vergunning is afhankelijk van het werk dat uitgevoerd dient te worden en/of het object dat wordt of is geplaatst. Uitgangspunt is dat de vergunning wordt afgegeven voor de looptijd van het (project)werk. In overleg met en ter beoordeling van de vergunningverlener kan hiervan worden afgeweken in onder meer de volgende gevallen:

  • Geldigheid van een jaar voor repeterende werkzaamheden (onder meer vegen van straten, legen van prullenbakken, beheren van groen).

  • Geldigheid van meerdere jaren. Hierbij dient een contract overlegd te worden waaruit duidelijk wordt dat werkzaamheden voor meerdere jaren gegund zijn.

  • Geldigheid voor onbepaalde tijd voor het hebben en houden van objecten, waarbij team OV Assetmanagement het recht heeft om de vergunning in te trekken mits hiervoor gegronde redenen zijn.

Een afgegeven vergunning is niet aan een andere partij overdraagbaar en een vergunning kan door de vergunningverlener worden ingetrokken indien niet binnen 1 jaar na vermelde startdatum op de vergunning wordt aangevangen met uitvoering van de werkzaamheden of wanneer aanwijzingen van de vergunningverlener niet worden opgevolgd.

4.2 (Gedeeltelijke) afwijzing aanvraag door team OV Assetmanagement

Indien een aanvraag (gedeeltelijk) wordt afgewezen door team OV Assetmanagement, dan wordt dat schriftelijk bekend gemaakt. Hierbij wordt gespecificeerd waarom de aanvraag is afgewezen. In de brief wordt door team OV Assetmanagement aangegeven welke aanvullingen gewenst zijn en de termijn waarbinnen de stukken opnieuw moeten worden aangeleverd om de aanvraag versneld te kunnen behandelen.

 

Wanneer de aanvraag volledig opnieuw moet worden gedaan, dan gelden de 8 weken voor beoordeling bij team OV Assetmanagement.

 

Als de aanvraag pertinent is afgewezen omdat het gevaar en/of hinder voor het tramsysteem en zijn gebruikers te groot is, wordt dit aangegeven in de bekendmaking. De besluitvorming vindt plaats conform afdeling 8.2.2. en 8.3 van de Algemene Wet Bestuursrecht.

Artikel 5. De uitvoering

Werkzaamheden moeten conform de afgegeven (werk-)vergunningen uitgevoerd worden. De vergunning kan bestaan uit een eis dat werkzaamheden (deels) onder begeleiding van of door de onderhoudsaannemer van team OV Assetmanagement worden uitgevoerd. De extra kosten komen voor rekening van de aanvrager.

Eventuele aardingen, (nul)metingen en toetsingen van de veilige berijdbaarheid van het spoor dienen door bevoegde personen uitgevoerd te worden.

Indien van toepassing dienen ter afronding wijzigingstekeningen (as-built) te worden geleverd aan team OV Assetmanagement binnen gestelde termijn.

Artikel 6. Na afloop van de uitvoering

Indien na werkzaamheden van de aanvrager onderhoud van het spoor nodig is dat aantoonbaar een gevolg is van de eerder uitgevoerde werkzaamheden door aanvrager, dan wordt dat door de onderhoudsaannemer van team OV Assetmanagement uitgevoerd. De kosten hiervan zijn voor rekening van de aanvrager. Team OV Assetmanagement zal de aanvrager vóór aanvang van uitvoering hiervan op de hoogte brengen.

Artikel 7. Verklarende woordenlijst

In deze procedure worden een aantal woorden gebruikt die mogelijk niet voor iedereen bekend zijn, vandaar dat deze zijn toegelicht in onderstaande woordenlijst.

 

Beheerder

Bedoeld wordt: beheerder van het tramsysteem in de provincie Utrecht als bedoeld in artikel 18 van Wet lokaal spoor.

 

IPvE

Integraal Programma van Eisen, Tramsysteem provincie Utrecht.

 

KWT

Kader Werkzaamheden Tramweg. Document waarin de regelgeving omtrent aanrijd- en elektrocutiegevaar bij werkzaamheden op en nabij de tramweg is beschreven.

 

Onderhoudsaannemer van team OV Assetmanagement

Hiermee wordt de onderhoudsaannemer infra bedoeld die voor team OV Assetmanagement het reguliere onderhoud aan de traminfrastructuur uitvoert.

 

PU

Provincie Utrecht, eigenaar van het tramsysteem in de provincie Utrecht.Team OV Assetmanagement

 

Team OV Assetmanagement

Team OV Assetmanagement, onderdeel van afdeling Openbaar Vervoer binnen provincie Utrecht, is de nieuwe naam van team Regiotram, de beheerder van het tramsysteem in de provincie Utrecht én vergunningverlener met betrekking tot artikel 12 van Wet lokaal spoor.

 

Trambaan

Zie Tramweg.

 

Tramweg

Het gedeelte van het tramsysteem waardoor railmaterieel zich kan verplaatsen: onderbouw, bovenbouw en bovenleiding.

 

Tramsysteem

Het geheel van rails, voertuigen, bovenleiding, haltes, remise, installaties en overige toebehoren dat nodig is voor de exploitatie van een tramweg en/of tramweg in aanbouw.

 

Werkzaamheden

Hiermee worden uitvoeringsactiviteiten bedoeld die invloed hebben op (de integrale veiligheid van) het tramsysteem.

 

WijT

Wijziging in buurt van Tramsysteem. Dit is de naam van dit document welke beschrijft welke stappen nodig zijn om wijzigingen in de buurt van het tramsysteem te mogen doorvoeren.

 

Wijziging

Hiermee wordt bedoeld een situatiewijziging die invloed heeft op (de integrale functionaliteit en/of veiligheid van) het tramsysteem, zoals de uitvoering van werkzaamheden en het hebben, houden en plaatsen van objecten.

 

WLS

Wet lokaal spoor

Artikel 8. Intrekking

Het besluit van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 17 november 2015, nr. 8171BD98, tot vaststelling van de Procedure Wijziging in de buurt van Tramweg 3.0, wordt ingetrokken.

Artikel 9. Citeertitel

Wijziging in buurt van Tramweg provincie Utrecht 4.0 (WijT).

Artikel 10. Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking op de dag na publicatie in het Provinciaal Blad .

 

Aldus vastgesteld in de vergadering van Gedeputeerde Staten van Utrecht van 22 november 2016.

Gedeputeerde Staten van Utrecht,

Voorzitter

Secretaris


1

Team OV Assetmanagement is de nieuwe naam van team Regiotram. Begin november 2016 is deze wijziging nog niet vastgesteld door GS en is team Regiotram vooralsnog de beheerder van het tramsysteem en vergunningverlener met betrekking tot artikel 12 van Wet lokaal spoor.

2

Begin november 2016 staan deze contactgegevens vooralsnog op www.regiotramutrecht.nl.

3

Zie voetnoot 2.

4

Zie voetnoot 2.

5

Situatieschets: bestaat uit één of meerdere kaarten waarop alle maatvoeringen voor de werkzaamheden en/of het te plaatsen object in meters ten opzichte van het tramsysteem staan aangegeven (zowel horizontaal als verticaal).

6

U dient zelf een persaannemer aan te stellen, team OV Assetmanagement kan u hierbij adviseren. De persaannemer dient aangetoond te hebben onder meer kennis te hebben van het verwerken van de toegepaste materialen, de toe te passen technieken, de regels die gelden op trambaanterrein en de technische eisen die aan de traminfra worden gesteld.