Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Zwolle

Uitvoeringsbesluit begraafplaats Kranenburg en Meppelerstraatweg.

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieZwolle
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingUitvoeringsbesluit begraafplaats Kranenburg en Meppelerstraatweg.
CiteertitelUitvoeringsbesluit begraafplaats Kranenburg en Meppelerstraatweg.
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn
Eigen onderwerpOpenbare gezondheid, zedelijkheid en veiligheid
Externe bijlageBij;lage: Tekening Chineese begraafplaats

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Regels ten aanzien van grafbedekking op begraafplaatsen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

verordening op de gemeentelijke begraafplaatsen, art. 27, lid 1

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

17-04-201415-04-2014artikel 24A en 24B + bijlage

08-04-2014

Gemeenteblad 16-04-2014

cb 2014-04.08
17-03-201215-04-2014artikel 17

21-02-2012

De Peperbus 14-03-2012

cb 2012-02.21
15-12-201117-03-2012artikel 21A

29-11-2011

De Peperbus 14 december 2011

cb 2011-11.29

Tekst van de regeling

Intitulé

Uitvoeringsbesluit begraafplaats Kranenburg en Meppelerstraatweg.

 

 

Uitvoeringsbesluit begraafplaats Kranenburg en Meppelerstraatweg

HOOFDSTUK I ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1

  • 1.

    De gemeente brengt vaste beplanting op het graf aan en zorgt voor het onderhoud ervan.

  • 2.

    Anderen is het niet toegestaan beplanting op het graf aan te brengen.

  • 3.

    Voor beplanting van het graf kan men in overleg met de beheerder een keuze maken uit de aangeboden beplanting.

Artikel 2

  • 1.

    Het plaatsen van een gedenkteken is niet verplicht.

  • 2.

    Grafbedekking in de vorm van losse materialen is niet toegestaan.

  • 3.

    Het plaatsen van een dekplaat is op de begraafplaats Kranenburg niet toegestaan.

  • 4.

    Voor een gedenkteken mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt.

  • 5.

    Het opschrift, de inscriptie en de symbolen op het gedenkteken mogen niet aanstootgevend zijn.

  • 6.

    Bij het vervangen van het gedenkteken is het herstellen van de oude situatie toegestaan.

Artikel 3

  • 1.

    Het is niet toegestaan losse voorwerpen van glas of ander breekbaar materiaal op het graf of gedenkteken te plaatsen.

  • 2.

    Andere losse voorwerpen mogen tijdelijk op een graf of gedenkteken worden geplaatst. Deze voorwerpen mogen niet aanstootgevend zijn.

  • 3.

    De beheerder mag zonder vooraankondiging en aanspraak op schadevergoeding van het graf verwijderen:

    • -

      niet door de gemeente aangebrachte beplanting

    • -

      losse bloemen, planten, kransen en dergelijke die verwelkt zijn

    • -

      attributen voor onderhoud

    • -

      losse voorwerpen van glas of kapotte voorwerpen.

  • 4.

    Overige losse voorwerpen op het graf of het gedenkteken die niet voldoen aan de regelgeving mag de beheerder na vooraankondiging verwijderen.

Artikel 4

  • 1.

    In de linkerzijkant van het gedenkteken moet op 50 cm hoogte, gerekend vanaf het maaiveld, het grafnummer worden ingebeiteld, tenzij anders wordt overeengekomen.

  • 2.

    Het is niet toegestaan een firmanaam of enige andere reclame op het gedenkteken te plaatsen. Het signeren van een als kunstwerk aan te merken gedenkteken of sierurn is aan de achterzijde toegestaan.

  • 3.

    Het verrichten van werkzaamheden aan het gedenkteken op de begraafplaats mag alleen met toestemming van het personeel plaatsvinden. Voor het schoonmaken van het gedenkteken met behulp van water en een borstel op de begraafplaats is geen toestemming nodig.

Artikel 5

  • 1.

    Het gedenkteken moet een gewapende betonfundering of keepstuk met voldoende draagvermogen hebben.

  • 2.

    Bij een gedenkteken dat uit meerdere onderdelen bestaat, moeten deze onderdelen deugdelijk aan elkaar verbonden zijn.

  • 3.

    Bij een gedenkteken met een voetstuk of sokkel is het plaatsen van één of meerdere doken van voldoende lengte verplicht.

HOOFDSTUK II VERGUNNING GEDENKTEKEN

Artikel 6

De aanvraag voor de vergunning voor het plaatsen of vervangen van een gedenkteken moet schriftelijk bij het college van burgemeester en wethouders worden ingediend.

Deze aanvraag bevat minimaal de volgende gegevens:

  • -

    naam begraafplaats en graf- of nisnummer

  • -

    naam en adres van de rechthebbende of de belanghebbende bij een algemeen graf

  • -

    handtekening van de rechthebbende of belanghebbende

  • -

    dagtekening

  • -

    naam en adres van de maker van het gedenkteken

  • -

    naam en adres van degene die het gedenkteken plaatst.

Artikel 7

Bij de aanvraag hoort een tekening van het gedenkteken (minimaal schaal 1:10) met minimaal de volgende gegevens:

  • -

    exacte lengte-, breedte-, hoogte- en diktematen

  • -

    vooraanzicht

  • -

    plaats van het grafnummer

  • -

    afmetingen van de fundering

  • -

    soort fundering

  • -

    indien van toepassing, plaats en lengte van de dook

  • -

    aanduiding soort materiaal, het overleggen van een monster kan worden geëist

  • -

    toegepaste bewerkingen rondom

  • -

    volledige tekst en symbolen.

Artikel 8

Voor de uitbreiding van een opschrift of inscriptie van een bestaand gedenkteken of het personaliseren van een sluitsteen van een galerijgraf is geen vergunning vereist.

Artikel 9

  • 1.

    Voor het (her)plaatsen of verwijderen van het gedenkteken maakt de leverancier een afspraak met de beheerder. Hierbij volgt men de aanwijzingen van de beheerder op.

  • 2.

    Het plaatsen van een gedenkteken op een graf met blijvende bekisting is pas toegestaan na inzakking van het graf.

  • 3.

    Na verlening van de vergunning moet het gedenkteken binnen één jaar zijn geplaatst.

HOOFSTUK III BEPALINGEN BEGRAAFPLAATS KRANENBURG

Artikel 10 Algemene graven

  • 1.

    Per begravene in een graf mag een liggend gedenkteken van natuursteen worden geplaatst.

  • 2.

    Maatvoering gedenkteken: lengte 55 cm x breedte 65 cm x dikte 10 cm.

  • 3.

    De uitvoering van het gedenkteken is afhankelijk van de overige voorschriften op het betreffende gedeelte.

Artikel 11 Urnenmuur

1. Bepalingen voor een open urnennis:

  • a.

    Het gebruik van een sierurn is verplicht

  • b.

    De sierurn moet van vorst- en breuk bestendig materiaal zijn vervaardigd. Aan de urn worden geen andere eisen gesteld.

  • c.

    De sierurn moet deugdelijk in de nis worden bevestigd.

  • d.

    Binnen de nis is het plaatsen van losse voorwerpen toegestaan. Artikel 3 is van overeenkomstige toepassing.

2. Bepalingen voor een dichte urnennis:

  • a.

    De sluitplaat moet de hele nis afsluiten.

  • b.

    De sluitplaat mag niet voor de urnenmuur uitsteken

  • c.

    De sluitplaat moet van vorst- en breukbestendig materiaal zijn vervaardigd

  • d.

    Het is toegestaan maximaal 50% van de voorzijde van de sluitplaat te polijsten.

  • e.

    De tekst of symbolen mogen opliggend of ingegraveerd op de sluitplaat worden

    aangebracht. De gravering mag daarbij maximaal 3 mm diep zijn.

  • f.

    Op de sluitsteen mogen geen voorwerpen worden aangebracht met uitzondering

    van een foto mits de foto een maximale afmeting heeft van 12 cm hoog x 9 cm

    breed of een doorsnede van maximaal 12 cm.

  • § 1. PARKGEDEELTE

    Artikel 12

  • 1.

    1.Op een graf mag alleen een staand gedenkteken worden geplaatst.

  • 2.

    Voor de verschillende rijen gelden specifieke voorschriften betreffende maatvoering en modellering. Deze voorschriften zijn opgenomen in Bijlage 1. Met inachtneming van deze en de overige voorschriften, is de uitvoering van het gedenkteken binnen de maatvoering vrij.

  • 3.

    Alleen het gebruik van natuursteen is toegestaan.

  • 4.

    Het polijsten van het gedenkteken is niet toegestaan. Het zoeten is toegestaan voor een gedenkteken van hardsteen tot korrelgrootte 500 mm, voor een gedenkteken van ander natuursteen tot korrelgrootte 220 mm.

  • 5.

    Het aanbrengen van een foto van de overledene op het gedenkteken is niet toegestaan tenzij de afbeelding in het gedenkteken is geëtst.

  • 6.

    Het aanbrengen van een voorwerp op het gedenkteken is toegestaan, mits de afmetingen van het voorwerp maximaal 20 cm breed x maximaal 30 cm hoog x maximaal 5 cm dik zijn. Het voorwerp moet deugdelijk op het gedenkteken worden aangebracht waarbij de randen van het gedenkteken 10 cm worden vrijgelaten.

  • 7.

    Het gedenkteken wordt op circa 1.80 meter vanaf de rand van het betreffende pad op het graf geplaatst, in de rooilijn met de reeds geplaatste gedenktekens in die rij.

§ 2. BOSGEDEELTE

Artikel 13

  • 1.

    Op een graf mag een staand of liggend gedenkteken worden geplaatst.

  • 2.

    Bij keuze voor een liggend gedenkteken mogen op één graf maximaal twee liggende gedenktekens worden geplaatst.

  • 3.

    Alleen het gebruik van natuursteen is toegestaan.

  • 4.

    Het polijsten van het gedenkteken is niet toegestaan. Het zoeten is toegestaan voor een gedenkteken van hardsteen tot korrelgrootte 500 mm, voor een gedenkteken van ander natuursteen tot korrelgrootte 220 mm

  • 5.

    Het gebruik van een voetstuk of roef is niet toegestaan.

  • 6.

    Het aanbrengen van een foto op het gedenkteken is niet toegestaan tenzij de afbeelding in het gedenkteken is geëtst.

  • 7.

    Het aanbrengen van een voorwerp op het gedenkteken is toegestaan mits de afmetingen van het voorwerp maximaal 20 cm breed x maximaal 30 cm hoog x maximaal 5 cm dik zijn. Het voorwerp moet deugdelijk op het gedenkteken worden aangebracht waarbij de randen van het gedenkteken 10 cm worden vrijgelaten.

  • 8.

    Het gedenkteken wordt op minimaal 50 cm afstand vanaf de rand van het betreffende pad op het graf geplaatst.

Artikel 14

Maatvoering gedenkteken particulier graf:

  • 1.

    Staand gedenkteken: hoogte maximaal 90 cm x breedte maximaal 65 cm x 10-15 cm dik. Bij een afwijkende vorm mag het gedenkteken in plaats van de voorgeschreven dikte, maximaal 50 cm diep zijn waarbij een voorliggend deel niet is toegestaan.

  • 2.

    Liggend gedenkteken: lengte maximaal 110 cm x breedte maximaal 65 cm x hoogte maximaal 40 cm. Bij twee liggende gedenktekens mag de totale lengte niet langer dan 110 cm zijn.

  • 3.

    De hoogte wordt gerekend vanaf het maaiveld.

§ 3. HAGENPARK

Artikel 15

  • 1.

    Op een graf mag een staand of liggend gedenkteken worden geplaatst.

  • 2.

    Bij een keuze voor een liggend gedenkteken mogen op één graf maximaal twee liggende gedenktekens worden geplaatst.

  • 3.

    Het is toegestaan 50% van de voorzijde van het gedenkteken te polijsten.

  • 4.

    Het gebruik van een voetstuk of roef is niet toegestaan.

  • 5.

    Het aanbrengen van een foto op het gedenkteken is niet toegestaan tenzij de afbeelding in het gedenkteken is geëtst.

  • 6.

    Het gedenkteken wordt op minimaal 50 cm afstand vanaf de rand van het betreffende pad op het graf geplaatst.

Artikel 16

  • Maatvoering gedenkteken particulier graf:

  • 1.

    Staand gedenkteken: hoogte maximaal 90 cm x breedte maximaal 65 cm x ingeval van natuursteen 10-15 cm dik. Bij een afwijkende vorm of ander materiaalgebruik mag het gedenkteken in plaats van de voorgeschreven dikte, maximaal 50 cm diep zijn waarbij een voorliggend deel niet is toegestaan.

  • 2.

    Liggend gedenkteken: lengte maximaal 110 cm x breedte maximaal 65 cm x hoogte maximaal 40 cm. Bij twee liggende gedenktekens mag de totale lengte niet langer dan 110cm zijn.

  • 3.

    De hoogte wordt gerekend vanaf het maaiveld.

 

  • 3.

    § 3A     Islamitisch gedeelte Hagenpark

     

    Artikel 17

  • 1.

    Op een graf mag een staand of liggend gedenkteken worden geplaatst.

  • 2.

    Bij een keuze voor een liggend gedenkteken mogen op één graf maximaal twee liggende gedenktekens worden geplaatst.

  • 3.

    Het is toegestaan 50% van de voorzijde van het gedenkteken te polijsten.

  • 4.

    Het gebruik van een voetstuk of roef is niet toegestaan.

  • 5.

    Het aanbrengen van een foto op het gedenkteken is niet toegestaan tenzij de afbeelding in het gedenkteken is geëtst.

  • 6.

    Het gedenkteken wordt op minimaal 50 cm afstand vanaf de rand van het betreffende pad op het graf geplaatst.

  • 7.

    Omranding van natuursteen om het graf is toegestaan waarbij geen fundering binnen de omranding is toegestaan.

  • 8.

    De combinatie van een liggend gedenkteken met omranding is niet toegestaan.

  • 9.

    Binnen de omranding is uitsluitend beplanting aangebracht door de gemeente toegestaan.

 

  • Artikel 17A

    Maatvoering gedenkteken particulier graf:

  • 1.

    Staand gedenkteken: hoogte maximaal 90 cm x breedte maximaal 65 cm x ingeval van natuursteen 10-15 cm dik. Bij een afwijkende vorm of ander materiaalsoort mag het gedenkteken in plaats van de voorgeschreven dikte, maximaal 50 cm diep zijn waarbij een voorliggend deel niet is toegestaan.

  • 2.

    Liggend gedenkteken: lengte maximaal 110 cm x breedte maximaal 65 cm x hoogte maximaal 40 cm. Bij twee liggende gedenktekens mag de totale lengte niet langer dan 110 cm zijn.  

  • 3.

    De hoogte wordt gerekend vanaf het maaiveld.

 

  • Artikel 17B

  • 1.

    Maatvoering van de omranding

  • - lange omranding: strekkende lengte 190 cm x strekkende breedte 90 cm, waarbij elke band 10 cm breed x 6 cm dik is.

  • - korte omranding: strekkende lengte 100 cm x strekkende breedte 65 cm, waarbij elke band 10 cm breed x 6 cm dik is. 

  • 2.

    Het polijsten van de omranding is niet toegestaan. Het zoeten is toegestaan voor omranding van hardsteen tot korrelgrootte 500 mm, voor omranding van ander natuursteen tot korrelgrootte 220 mm.

 

§ 4. PARNASSUSBERG

Artikel 18

  • 1.

    Op een graf mag een staand of liggend gedenkteken worden geplaatst.

  • 2.

    Het is toegestaan een foto op het gedenkteken aan te brengen.

  • 3.

    Het aanbrengen van een voorwerp op het gedenkteken is toegestaan mits de afmetingen van het voorwerp maximaal 20 cm breed x maximaal 30 cm hoog x maximaal 5 cm dik zijn. Het voorwerp moet deugdelijk op het gedenkteken worden aangebracht waarbij de randen van het gedenkteken 10 cm worden vrijgelaten.

  • 4.

    Het is toegestaan 50% van de voorzijde van het gedenkteken te polijsten.

  • 5.

    Het gedenkteken wordt op minimaal 50 cm afstand vanaf de rand van het betreffende pad op het graf geplaatst.

  • 6.

    Omranding van natuursteen om het graf is toegestaan in de rijen H tot en met M, waarbij geen fundering binnen de omranding is toegestaan.

  • 7.

    De combinatie van een liggend gedenkteken met omranding is niet toegestaan.

  • 8.

    Binnen de omranding is uitsluitend beplanting aangebracht door de gemeente toegestaan.

Artikel 19

Maatvoering gedenkteken particulier graf:

  • 1.

    Staand gedenkteken: hoogte maximaal 90 cm x breedte maximaal 65 cm x ingeval van natuursteen 10-15 cm dik. Bij een afwijkende vorm of ander materiaalgebruik mag het gedenkteken in plaats van de voorgeschreven dikte, maximaal 50 cm diep zijn waarbij een voorliggend deel niet is toegestaan.

  • 2.

    Liggend gedenkteken: lengte maximaal 110 cm x breedte maximaal 65 cm x hoogte maximaal 40 cm.

  • 3.

    De hoogte wordt gerekend vanaf het maaiveld.

Artikel 20

  • 1.

    Maatvoering van de omranding

  • -

    lange omranding: strekkende lengte 190 cm x strekkende breedte 90 cm, waarbij

    elke band 10 cm breed x 6 cm dik is.

  • -

    korte omranding: strekkende lengte 100 cm x strekkende breedte 65 cm, waarbij

    elke band 10 cm breed x 6 cm dik is.

  • 2.

    Het polijsten van de omranding is niet toegestaan. Het zoeten is toegestaan voor omranding van hardsteen tot korrelgrootte 500 mm, voor omranding van ander natuursteen tot korrelgrootte 220 mm.

§ 5. GALERIJGRAVEN

Artikel 21

  • 1.

    Op de sluitsteen mogen opliggende of ingegraveerde belettering en symbolen worden aangebracht. De gravering mag daarbij maximaal 3 mm diep zijn.

  • 2.

    Het aanbrengen van een foto op de sluitsteen is toegestaan mits de foto een maximale afmeting heeft van 12 cm hoog x 9 cm breed of een doorsnede van maximaal 12 cm.

  • 3.

    Het geheel polijsten van de sluitsteen is toegestaan.

  • 4.

    Het plaatsen van losse voorwerpen voor het galerijgraf is niet toegestaan.

  • 5.

    Het aanbrengen van voorwerpen op de sluitsteen is toegestaan onder de volgende voorwaarden:

  • -

    afmeting: maximaal 20 cm hoog, maximaal 10 cm breed en maximaal 10 cm diep

  • -

    bevestiging: bevestiging van het voorwerp op de sluitplaat moet op minimaal twee punten, met aan de achterzijde van de sluitplaat een borgmoer

-plaats van bevestiging: het gehele voorwerp, inclusief toebehoren, moet

binnen de kaders van de sluitplaat blijven.

Artikel 21A

  • 1.

    Op het kunstwerk mag uitsluitend het door de gemeente Zwolle beschikbaar gestelde bordje worden aangebracht.

  • 2.

    De tekst en afbeelding worden gegraveerd waarbij de tekst en afbeelding niet mogen worden ingekleurd.

  • 3.

    Voor de tekst is het lettertype DIN 6776, grootte 16 punten of 22 punten, verplicht. De tekst en afbeelding worden bij voorkeur symmetrisch vanuit het midden van het bordje aangebracht.

  • 4.

    De tekst en afbeelding worden bij voorkeur symmetrisch vanuit het midden van het bordje aangebracht.

  • 5.

    Binnen een rand van 1 cm aan de lange zijde en 3 cm aan de korte zijde mag op het bordje geen tekst of afbeelding worden aangebracht.

  • 6.

    In de cirkel waarin het kunstwerk is geplaatst, mogen uitsluitend losse bloemen worden gelegd.

§ 6. ISLAMITISCH VELD

Artikel 22

  • 1.

    Op een graf mag een staand of liggend gedenkteken worden geplaatst.

  • 2.

    Het is toegestaan een foto op het gedenkteken aan te brengen.

  • 3.

    Het aanbrengen van een voorwerp op het gedenkteken is toegestaan mits de afmetingen van het voorwerp maximaal 20 cm breed x maximaal 30 cm hoog x maximaal 5 cm dik zijn. Het voorwerp moet deugdelijk op het gedenkteken worden aangebracht waarbij de randen van het gedenkteken 10 cm worden vrijgelaten.

  • 4.

    Het is toegestaan 50% van de voorzijde van het gedenkteken te polijsten.

  • 5.

    Het gedenkteken wordt op minimaal 50 cm afstand vanaf de rand het betreffende pad op het graf geplaatst.

  • 6.

    Omranding van natuursteen om het graf is bij een staand gedenkteken toegestaan waarbij geen fundering binnen de omranding is toegestaan.

  • 7.

    De combinatie van een liggend gedenkteken met omranding is niet toegestaan.

  • 8.

    Binnen de omranding is uitsluitend beplanting aangebracht door de gemeente toegestaan.

Artikel 23

Maatvoering gedenkteken particulier graf:

  • 1.

    Staand gedenkteken: hoogte maximaal 90 cm x breedte maximaal 65 cm x ingeval van natuursteen 10-15 cm dik. Bij een afwijkende vorm of ander materiaalgebruik mag het gedenkteken in plaats van de voorgeschreven dikte, maximaal 50 cm diep zijn waarbij een voorliggend deel niet is toegestaan.

  • 2.

    Liggend gedenkteken: lengte maximaal 110 cm x breedte maximaal 65 cm x hoogte maximaal 40 cm.

  • 3.

    De hoogte wordt gerekend vanaf het maaiveld.

Artikel 24

  • 1.

    Maatvoering van de omranding

  • -

    lange omranding: strekkende lengte 190 cm x strekkende breedte 90 cm, waarbij elke band 10 cm breed x 6 cm dik is

  • -

    korte omranding: strekkende lengte 100 cm x strekkende breedte 65 cm, waarbij

    elke band 10 cm breed x 6 cm dik is.

  • 2.

    Het polijsten van de omranding is niet toegestaan. Het zoeten is toegestaan voor omranding van hardsteen tot korrelgrootte 500 mm, voor omranding van ander natuursteen tot korrelgrootte 220 mm.

     

    § 7. CHINESE BEGRAAFPLAATS

     

    Artikel 24A

    • 1.

      Het is verplicht het gedenkteken door een erkende steenhouwerij, aangesloten bij de Algemene Nederlandse Bond van Natuursteenbedrijven, te laten plaatsen of te laten verwijderen.

    • 2.

      Het is verplicht de steenhouwerij te laten zorgen voor een behoorlijke stand en ligging van het gedenkteken.

    • 3.

      Het gedenkteken moet een deugdelijke constructie hebben, waarbij het mogelijk is, het gedenkteken in delen te plaatsen of te verwijderen.

    • 4.

      De fundering van het gedenkteken bestaat uit een gewapende voorgestorte betonconstructie met voldoende draagvermogen.

    • 5.

      Op elke hoek van de fundering wordt een stalen stiep met een lengte van minimaal 2.50 meter geplaatst. Indien het gedenkteken over drie of vier graven aaneengesloten is, worden extra stiepen geplaatst, zoals aangegeven op de tekening in de bijlage ‘Tekeningen plaats stiepen’.

    • 6.

      a. Indien een grafkelder in het graf is geplaatst, worden de stalen stiepen onder elke hoek van de grafkelder geplaatst.

      b. De bovenzijde van de grafkelder wordt 40 cm onder maaiveld geplaatst.

    • 7.

      In afwijking van artikel 2, lid 3 is het toegestaan een dekplaat te plaatsen.

    • 8.

      Indien uitsluitend een staand gedenkteken op het graf is geplaatst, wordt het graf tot 50 cm voor het gedenkteken aangeplant met vaste beplanting. Het resterende gedeelte wordt met gras bedekt.

    • 9.

      Voor de urnenmuur is artikel 11 van toepassing. In afwijking van artikel 11, lid 2, onder d, mag de sluitsteen volledig gepolijst zijn.

     

    Artikel 24B

    • 1.

      Binnen de afmetingen geldt een vrije modellering waarbij het is toegestaan objecten te plaatsen mits op deugdelijke wijze aan het gedenkteken verbonden.

       

    • 2.

      Maximale afmetingen gedenkteken:

    200 cm diep

    150 cm hoog

    100 cm breed, breedte bij

    twee aaneengesloten graven: maximaal 250 cm

    drie aaneengesloten graven: maximaal 400 cm

    vier aaneengesloten graven: maximaal 550 cm

    3. De dikte van het gebruikte materiaal moet dusdanig zijn, dat

    breuk onder normale omstandigheden niet mogelijk is.

     

HOOFDSTUK IV BEPALINGEN BEGRAAFPLAATS MEPPELERSTRAATWEG  

 

Artikel 25
  • 1.

    Het plaatsen van een gedenkteken op een bestaand graf is niet toegestaan.

  • 2.

    Het vervangen of restaureren van een bestaand gedenkteken of uitbreiding van het opschrift of de inscriptie is wel toegestaan.

Artikel 26

Bij het vervangen van een gedenkteken op de particulier graf gelden de volgende maatvoeringen.

  • 1.

    Staand gedenkteken: hoogte maximaal 140 cm en minimaal 80 cm x 8-12 cm dik. De hoogte wordt gerekend vanaf het maaiveld. De breedte is afhankelijk van de volgende indeling:

  • -

    vakken 1H, 1J, 1K, 2C, 2L, 2S, 2V, 3K, 3M, 3R, 3T,3U, 4N, 4P, 4Q,

    4V, 4W, 4Y en 4Z: 85 cm breed;

  • -

    vakken 1A, 1B en 3A: 80 cm breed;

  • -

    vakken 2D, 3E en 4F: 75 cm breed.

  • 2.

    Liggend gedenkteken: lengte maximaal 185 cm en minimaal 60 cm x 8-12 cm dik. De breedte is gelijk aan de breedte van een staande steen met bijbehorende indeling als bedoeld in het voorgaande lid.

  • 3.

    Het plaatsen van een voetstuk bij een staand gedenkteken is toegestaan. Daarbij is de maximale hoogte van het gedenkteken inclusief het voetstuk.

HOOFDSTUK V SLOT- EN OVERGANGSBEPALINGEN

Artikel 27

Gedenktekens die al geplaatst zijn voor de inwerkingtreding van deze voorschriften of waarvoor voor de inwerkingtreding vergunning was verleend, en die afwijken van de bepalingen in deze voorschriften, mogen geplaatst blijven, respectievelijk geplaatst worden. Men kan hieraan geen rechten ontlenen voor nog aan te vragen vergunningen tot het plaatsen van een gedenkteken.

Artikel 28

De beheerder kan conform de bepalingen in artikel 27 van de Verordening op de gemeentelijke begraafplaatsen een gedenkteken direct verwijderen.

Artikel 29

  • 1.

    Deze voorschriften treden in werking op 1 januari 2011.

  • 2.

    Deze voorschriften kunnen worden aangehaald als ‘Uitvoeringsbesluit begraafplaats Kranenburg en Meppelerstraatweg’.

     

TOELICHTING UITVOERINGSBESLUIT BEGRAAFPLAATS KRANENBURG EN MEPPELERSTRAATWEG

Artikel 1

De gemeente is verantwoordelijk voor het aanbrengen van beplanting en het onderhoud van het graf, waarbij rekening wordt gehouden met het ecologisch beleid. Op deze wijze zorgt de gemeente voor een duidelijke eenheid in het beheer en komt de uitstraling van de begraafplaats ten goede komt. Het is niet toegestaan zelf beplanting op het graf aanbrengen. Als de rechthebbende of belanghebbende niet tevreden is over de aangebrachte beplanting, kunnen ze in overleg met de beheerder andere aangeboden beplanting op het graf laten aanbrengen. Voor het onderhoud van het graf betaalt de rechthebbende jaarlijks een onderhoudsbijdrage.

Artikel 2

Het is niet verplicht een gedenkteken te plaatsen. Het graf wordt dan geheel van beplanting voorzien. Het graf voorzien van losse materialen zoals grind, kiezels, boomschors, e.d. is niet toegestaan. Deze materialen gaan ten koste van de vaste beplanting en belemmeren het onderhoud van het graf. Ook geeft dit de begraafplaats een rommelige uitstraling.

Het gedenkteken moet vorst- en breukbestendig en een bepaalde gebruiksduur hebben. Daarom mogen alleen duurzame materialen worden gebruikt. Omdat de grafrusttermijn 10 jaar is, wordt de minimale gebruiksduur ook op 10 jaar gesteld.

Er is soms behoefte een oud gedenkteken te vervangen voor een soortgelijk gedenkteken. Dit is mogelijk ondanks dat het gedenkteken niet conform de geldende regelgeving is. Uiteraard geldt deze bepaling niet na heruitgifte van een graf.

Artikel 3

Losse voorwerpen op een graf zijn niet wenselijk. Ze belemmeren het onderhoud van het graf, zijn diefstalgevoelig en geven de begraafplaats een rommelige uitstraling. Daarnaast brengen glas en andere makkelijk breekbare voorwerpen een veiligheidsrisico met zich mee. Het plaatsen van lantarentjes, windmolens, e.d. op een graf heeft breed ingang gevonden. Een absoluut verbod past daarom niet meer in de huidige tijd. Het is daarom toegestaan voor een periode van maximaal 5 jaar losse voorwerpen die geen deel uitmaken van het gedenkteken op het graf te plaatsen.

Ter voorkoming dat men gereedschappen en andere onderhoudsartikelen bij het graf bewaart, mag de beheerder deze voorwerpen zonder vooraankondiging van een graf verwijderen. De beheerder bewaart deze en andere verwijderde voorwerpen (geen bloemen en beplanting) gedurende een redelijke termijn. Als geconstateerd wordt dat een los voorwerp op het graf is geplaatst dat niet voldoet aan de regeling wordt de rechthebbende aangeschreven met het verzoek het voorwerp binnen een redelijke termijn te verwijderen. Als hierop niet wordt gereageerd, verwijdert de beheerder het voorwerp en neemt het een redelijke termijn in bewaring.

Artikel 4

Door het aanbrengen van het grafnummer op gelijke hoogte in de linkerzijkant van het gedenkteken, wordt de vindbaarheid van een graf vergemakkelijkt. Werkzaamheden aan een gedenkteken kunnen de bedrijfsvoering van de begraafplaats belemmeren. Daarom mogen op de begraafplaats werkzaamheden aan een gedenkteken alleen met toestemming worden verricht. In verband met het ecologisch beleid mag men op de begraafplaats het gedenkteken alleen met water en een borstel schoonmaken.

Artikel 5

Om schade aan het gedenkteken of volgschade te voorkomen, moet het gedenkteken een deugdelijke constructie en fundering hebben. Afhankelijk van het soort gedenkteken kan de fundering een voorgestorte betonfundering of keepstuk zijn.

Artikel 6 t/m 9

Voor het plaatsen of vervangen van een gedenkteken is een vergunning van burgemeester en wethouders nodig. De rechthebbende of belanghebbende als het een algemeen graf betreft, vraagt deze vergunning aan. Voor de uitbreiding van een opschrift of inscriptie van een bestaand gedenkteken of sluitsteen is geen vergunning nodig. Uiteraard is wel voor het verwijderen en (her)plaatsen van het gedenkteken vooraf toestemming van de beheerder nodig. Om overzicht op de verleende vergunningen te houden, moet het gedenkteken binnen één jaar na de datum van verlening van de vergunning zijn geplaatst.

Artikel 10

In een algemeen graf kunnen maximaal drie overledenen worden begraven. Voor elke overledene is er de mogelijkheid tot het plaatsen van een gedenkteken. Dit gedenkteken moet daarom aan de voorgeschreven afmeting voldoen. De voorschriften zoals die gelden voor het gedeelte waar zich het algemene graf bevindt, gelden ook voor de uitvoering van het algemene gedenkteken.

Artikel 11

In een open nis is het gebruik van een sierurn vanuit esthetisch oogpunt verplicht. Ter voorkoming van diefstal moet de urn deugdelijk in de nis worden bevestigd. Vanwege de geringe afmetingen van de sluitplaat mogen er geen voorwerpen, behalve een foto, op worden aangebracht.

Artikel 12

Het Parkgedeelte van de begraafplaats Kranenburg is het oudste gedeelte. Bij de eerste uitgifte van deze graven werd een klassensysteem gehanteerd dat gevolgen had voor de afmetingen van de graven. Bij de heruitgifte van deze graven wordt hiermee nog steeds rekening gehouden omdat het praktisch gezien onmogelijk is om tot uniforme afmetingen van de graven te komen. Om het oorspronkelijke karakter van dit gedeelte te behouden, gelden strikte voorwaarden voor de gedenktekens. Er is een verplicht gebruik van natuursteen en er gelden dwingend voorgeschreven vormen van de gedenktekens. Binnen de vorm van het gedenkteken is men wel vrij in de verdere modellering van het gedenkteken. Het is daarom toegestaan bij het plaatsen van een gedenkteken of op een bestaand gedenkteken voorwerpen, zoals een bronzen plaatje, erop aan te brengen. Het voorwerp moet wel aan het gedenkteken verankerd zijn.

Artikel 13 en 14

Het Bosgedeelte heeft een uitstraling van natuurbegraafplaats. Hierin past het beleid om het gedenkteken op te laten gaan in de natuur. De eisen die gesteld worden aan het gedenkteken zijn gericht hierop gericht. Het is mogelijk op een (bestaand) gedenkteken voorwerpen, zoals een bronzen plaatje, aan te brengen. Het voorwerp moet wel aan het gedenkteken verankerd zijn. Voor een staand gedenkteken geldt een voorgeschreven dikteafmeting. Om het plaatsen van zuiltjes, zwerfkeien, e.d. ook mogelijk te maken mag van de voorgeschreven afmeting worden afgeweken.

Artikel 15 t/m 17

Het Hagenpark kenmerkt zich door minder strikte voorschriften voor de gedenktekens. Binnen de gestelde regels is er een grote vrijheid ten aanzien van het model van het gedenkteken en de bewerkingen. Het is mogelijk op een (bestaand) gedenkteken voorwerpen, zoals een bronzen plaatje, aan te brengen. Het voorwerp moet wel aan het gedenkteken verankerd zijn. Voor een standaard staand gedenkteken van natuursteen geldt een voorgeschreven dikteafmeting. Deze afmeting geldt niet als de vorm van het gedenkteken afwijkt zoals een zuiltje, of het gedenkteken (mede) van ander materiaal is vervaardigd. Het gedenkteken moet dan binnen een bepaald blok passen. Het islamitisch gedeelte op het Hagenpark is een onderdeel van dit gedeelte. Daarom zijn de regels voor het Hagenpark ook op dit gedeelte van toepassing. Echter, op het islamitische gedeelte is omranding om het graf wel toegestaan. Voor de omranding geldt een vaste maatvoering. Binnen de omranding is uitsluitend vaste beplanting die door de gemeente wordt aangebracht, toegestaan.

Artikel 18 t/m 20

Bij de uitbreiding van de begraafplaats met het Parnassusberg is ervoor gekozen binnen bepaalde afmetingen meer vrijheid te bieden voor de modellering van het gedenkteken. Naast de algemene bepalingen gelden er enkele beperkingen voor de bewerking van het gedenkteken. Het is mogelijk op een (bestaand) gedenkteken voorwerpen, zoals een bronzen plaatje, aan te brengen. Het voorwerp moet wel aan het gedenkteken verankerd zijn. Voor een standaard staand gedenkteken van natuursteen geldt een voorgeschreven dikteafmeting. Deze afmeting geldt niet als de vorm van het gedenkteken afwijkt zoals een zuiltje, of het gedenkteken (mede) van ander materiaal is vervaardigd. Het gedenkteken moet dan binnen een bepaald blok passen. Om tegemoet te komen aan de wens van nabestaanden is het vanaf 1 november 2004 mogelijk op het Parnassusberg en de latere uitbreidingen een foto op het gedenkteken aan te brengen. Hieraan zijn verder geen voorschriften meer verbonden.

Nieuw is het toestaan van omranding in bepaalde rijen. Omranding van een graf is alleen toegestaan als er geen of een staand gedenkteken op het graf is geplaatst. Voor de omranding geldt een voorgeschreven materiaalgebruik en afmeting. Men heeft daarbij de keuze uit een lange of korte omranding om het graf. Het bewerken van de omranding is toegestaan behalve het polijsten. Uitdrukkelijk is bepaald dat binnen de omranding de gemeente beplanting aanbrengt. Het opvullen van deze ruimte met losse voorwerpen of eigen beplanting is niet toegestaan. Op graven zonder omranding is dit evenmin toegestaan.

Artikel 21

Een galerijgraf wordt inclusief sluitsteen uitgegeven. De rechthebbende kan deze plaat voorzien van belettering en symbolen. In verband met de dikte van de sluitplaat is het ingraveren toegestaan tot maximaal 3 mm diep. Om de rechthebbende grote vrijheid te geven in het persoonlijk maken van de sluitsteen zijn er alleen maximale afmetingen en bevestigingseisen voor het aanbrengen van een foto en voorwerpen opgenomen. Het plaatsen van losse voorwerpen voor de galerijgraven is vanwege het risico tot het afvallen niet toegestaan.

Artikel 21A

Het kunstwerk, dat dienst doet als algemeen gedenkteken, is inclusief blanco bordjes geplaatst. Deze bordjes stelt de gemeente voor gravering beschikbaar. Een bordje is van glashelder acrylaat, formaat 200 x 60 x 6 mm met gepolijste zijkanten. De kunstenaar heeft voor de tekst een standaardlettertype en grootte bepaald. Ook heeft hij bepaald dat vanwege de reflecterende werking van het kunstwerk, de tekst en afbeelding niet mogen worden ingekleurd. Hij heeft het advies gegeven om een rustig beeld van het geheel te bewaren, de tekst en afbeelding symmetrisch vanuit het midden van het bordje te plaatsen. Het is mogelijk hiervan af te wijken als iemand dat wenst. Om de tekst en afbeelding zichtbaar te houden, moet dit binnen een bepaald kader worden aangebracht (lid 4). De afmeting van de tekst en afbeelding bedraagt daarom maximaal 60 mm x 140 mm. Het graveren van het bordje wordt via de gemeente geregeld. De aanvrager betaalt de kosten van het graveren. Ter voorkoming van een rommelig beeld, is het niet toegestaan losse voorwerpen bij het kunstwerk neer te leggen of te plaatsen. Het is alleen toegestaan losse bloemen bij het kunstwerk neer te leggen.

Artikel 22 t/m 24

Op de begraafplaats is een nieuw islamitisch gedeelte aangelegd. Op dit gedeelte gelden voor het gedenkteken dezelfde voorschriften als op het Parnassusberg. Het aanbrengen van omranding om het graf is op het gehele gedeelte toegestaan mits er geen liggend gedenkteken op het graf aanwezig is. Voor de omranding geldt een voorgeschreven materiaalgebruik en afmeting. Men heeft de keuze tussen een lange of korte omranding. Bewerking van de omranding is toegestaan behalve het polijsten. Uitdrukkelijk is bepaald dat binnen de omranding de gemeente beplanting aanbrengt. Het opvullen van deze ruimte met losse voorwerpen of eigen beplanting is niet toegestaan. Op graven zonder omranding is dit evenmin toegestaan.

Artikel 24A

Op de graven mogen relatief grote gedenktekens worden geplaatst. Ter borging van de veiligheid is het verplicht het gedenkteken met behulp van stiepen te funderen en door een erkende steenhouwerij te laten plaatsen of te verwijderen of te stellen.

 

Lid 3: De eis om het gedenkteken in delen te plaatsen of te verwijderen is van belang indien een groot en massief gedenkteken is geplaatst dat een graf of meerdere graven bedekt.

 

Lid 6: Vanwege de beperkte ruimte, wordt een grafkelder in de lengte aan de voorzijde, deels in het looppad gesitueerd. Voor de begroeiing van het looppad moet daarom de grafkelder ca. 40 cm onder het maaiveld worden geplaatst. Het plaatsen van een gedenkteken op de gehele grafkelder is daarom ook niet mogelijk.

 

Artikel 25 en 26

Op de begraafplaats Meppelerstraatweg is het plaatsen van een gedenkteken op een bestaand graf waarop geen gedenkteken (meer) staat, niet toegestaan. Op deze wijze is het mogelijk ruimte te creëren voor beplanting waardoor de begraafplaats een meer parkachtige uitstraling krijgt. Het vervangen of restaureren van het gedenkteken of het uitbreiden van het opschrift of de inscriptie is wel toegestaan.

Artikel 27

Deze overgangsbepaling is van toepassing op gedenktekens waarvoor voor inwerkingtreding al vergunning is verleend of zijn geplaatst.

Artikel 28

Een gedenkteken mag ingeval van directe gevaarzetting, beschadiging of noodzakelijk voor het beheer van de begraafplaats van een graf worden verwijderd.

Artikel 29

Deze voorschriften treden in werking op 1 januari 2011 en vervangen de ‘voorschriften grafbedekking op de begraafplaats Kranenburg en de begraafplaats Meppelerstraatweg’ inwerking getreden op 1 november 2004.