Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Zwolle

Verordening openbare rechtspersoon openbaar onderwijs Zwolle en regio

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieZwolle
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening openbare rechtspersoon openbaar onderwijs Zwolle en regio
CiteertitelVerordening openbare rechtspersoon openbaar onderwijs Zwolle en regio
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerponderwijs
Eigen onderwerponderwijs

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Welke taken draagt de Gemeente over aan de rechtspersoon openbaar onderwijs? Hoe wordt er een bestuur gevormd?

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Artikel 1 Wet gemeenschappelijke regelingen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2005Wijziging

29-11-2004

De Peperbus 15/12/2004

gb1-2204.177

Tekst van de regeling

Intitulé

VERORDENING OPENBARE RECHTSPERSOON OPENBAAR ONDERWIJS ZWOLLE EN REGIO

 

 

HOOFDSTUK 1 BEGRIPSBEPALINGEN

Artikel 1

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    de raad: de raden van de gemeenten Dalfsen, Hattem, Ommen en Zwolle

  • b.

    het bestuur: het bestuur van de openbare rechtspersoon

  • c.

    openbare school: de scholen in de gemeenten Dalfsen, Hattem, Ommen en Zwolle, als bedoeld in artikel 1 WPO, artikel 1 WEC en artikel 1 WVO

  • d.

    de openbare rechts-persoon: de openbare rechtspersoon ten behoeve van de instandhouding an de openbare scholen in Zwolle en Regio

HOOFDSTUK II GRONDSLAG, DOEL, TAAK EN BEVOEGDHEDEN

Artikel 2 Grondslag

Het onderwijs op de openbare scholen wordt verzorgd op openbare grondslag conform de ter zake geldende wettelijke bepalingen.

Artikel 3 Doel, taak en bevoegdheden

  • 1.

    Bij deze verordening wordt de openbare rechtspersoon Openbaar Onderwijs Zwolle en Regio ingesteld.

    • a.

      De openbare rechtspersoon heeft ten doel het oprichten en instandhouden en het behartigen van de belangen van de openbare scholen in de gemeente Zwolle en Regio en het geven van onderwijs aan de scholen die onder haar gezag vallen.

    • b.

      De openbare rechtspersoon oefent alle taken en bevoegdheden uit van het bevoegd gezag met uitzondering van de besluitvorming over de opheffing van een openbare school.

  • 3.

    Het bestuur heeft tot taak:

  • 3.

    het besturen van de onder zijn verantwoordelijkheid vallende openbare scholen;

  • 4.

    het doen vervullen van alle taken die samenhangen met de verzorging van het onderwijs aan de scholen die onder haar gezag vallen;

  • 5.

    het samenwerken met andere organisaties en instanties, die een soortgelijk doel nastreven;

  • 6.

    het samenwerken met andere organisaties en instanties ten dienste van en in het belang van het openbaar onderwijs.

  • 7.

    Het bestuur is bevoegd tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding of bezwaring van registergoederen met inachtneming van hetgeen is bepaald in artikel 106 WPO, artikel 76q WVO en artikel 104 WEC.

HOOFDSTUK III BESTUUR

Artikel 4 Samenstelling bestuur

  • 1.

    Het bestuur bestaat uit maximaal zeven leden en minimaal vijf leden. Het bestuur bepaalt - met inachtneming van de eerste volzin van dit lid - uit hoeveel leden het bestuur bestaat.

  • 2.

    Het bestuur stelt een profielschets op waaraan aspirant bestuursleden dienen te voldoen.

  • 3.

    De leden van het bestuur worden benoemd door de gemeenteraden, waarbij tenminste eenderde gedeelte, doch geen meerderheid van die leden wordt benoemd op bindende voordracht van de oudergeleding van de gemeenschappelijke medezeggenschapsraad.

  • 4.

    Op de leden van het bestuur is artikel 15 van de Gemeentewet omtrent verboden handelingen van overeenkomstige toepassing.

  • 5.

    Indien in het bestuur, om welke reden dan ook, één of meer bestuursleden ontbreken, vormen de overblijvende bestuursleden niettemin een wettig bestuur.

Artikel 5 Zittingsperiode, (her)benoeming, wie niet voor de benoeming in aanmerking komen en einde bestuurslidmaatschap

  • 1.

    De leden van het bestuur worden door de raden (her)benoemd voor een zittingsperiode van drie jaren.

  • 2.

    De aftredende leden kunnen voor één keer worden herbenoemd.

  • 3.

    Iedere voordracht tot (her)benoeming van één of meer bestuursleden aan de raden wordt vergezeld van een rooster van aftreden.

  • 4.

    Voor een benoeming in het bestuur komen niet in aanmerking: minderjarigen; personen in dienst van de openbare rechtspersoon; raadsleden van de gemeenten Dalfsen, Hattem, Ommen en Zwolle; leden van het College van de gemeenten Dalfsen, Hattem, Ommen en Zwolle.

  • 5.

    Het bestuurslidmaatschap eindigt door:

    • a.

      overlijden;

    • b.

      op verzoek van betrokkene;

    • c.

      het verstrijken van de zittingsperiode waarvoor de betrokkene is benoemd, behoudens indien betrokkene voor een aansluitende zittingsperiode is herbenoemd;

    • d.

      ontslag door de raden op een daartoe strekkend verzoek van het bestuur;

    • e.

      ontslag door de raden op een andere grond;

    • f.

      onder curatele stelling;

    • g.

      indiensttreding bij de openbare rechtspersoon;

    • h.

      het verrichten van een verboden handeling zoals omschreven in artikel 15 van de Gemeentewet.

  • 6.

    Het bestuur kan een bestuurslid dat naar zijn oordeel in ernstige mate door handelen of nalaten afbreuk doet aan het functioneren van het bestuur, voor maximaal vier maanden schorsen mits daartoe wordt besloten met een tweederde meerderheid van stemmen.

  • 7.

    Alvorens aan de raden een voorstel te doen over te gaan tot ontslag op grond van het vijfde lid, onder e, winnen de colleges van burgemeester en wethouders de zienswijze in van het bestuur alsmede het orgaan of de geleding op wiens, onderscheidenlijk wier, voordracht het bestuurslid is benoemd.

Artikel 6 Functieverdeling

  • 1.

    Het bestuur kiest uit zijn midden een voorzitter, een plaatsvervangende voorzitter, een secretaris en een penningmeester.

  • 2.

    Het bestuur kan besluiten uit zijn midden tevens een plaatsvervangend secretaris en een plaatsvervangend penningmeester te kiezen, beide functies kunnen in één persoon verenigd zijn.

Artikel 7 Vertegenwoordiging

  • 1.

    Het bestuur vertegenwoordigt de openbare rechtspersoon in en buiten rechte. Deze vertegenwoordigingsbevoegdheid komt bovendien toe aan de voorzitter, tezamen met de secretaris van wel met de penningmeester of bij ontstentenis van een hunner met hun plaatsvervangers.

  • 2.

    Het bestuur kan anderen die werkzaam zijn bij de openbare rechtspersoon de bevoegdheid geven namens hen de openbare rechtspersoon in en buiten rechte te vertegenwoordigen.

HOOFDSTUK IV WERKWIJZE BESTUUR

Artikel 8 Frequentie vergaderingen

  • 1.

    Het bestuur vergadert zo dikwijls als de voorzitter dit nodig acht, doch tenminste viermaal per jaar volgens een jaarlijks door het bestuur vast te stellen rooster, zomede in het geval, waarin tenminste twee leden dit schriftelijk, onder opgaaf van redenen, verzoeken. In het laatste geval wordt een vergadering gehouden binnen twee weken nadat het daartoe strekkende verzoek bij de voorzitter is ingediend.

  • 2.

    De voorzitter draagt er zorg voor dat de oproepen, spoedeisende gevallen uitgezonderd, tenminste vijf dagen voor de vergadering aan de leden worden toegezonden.

  • 3.

    Elk bestuurslid is bevoegd om in een naar zijn oordeel spoedeisende geval ter vergadering voor te stellen een onderwerp aan de agenda toe te voegen, Het bestuur beslist, of en zo ja, in hoeverre aan een dergelijk voorstel gevolg wordt gegeven.

  • 4.

    Het bestuur kan zich in zijn vergaderingen door deskundigen met een adviserende stem laten bijstaan.

  • 5.

    Het bestuur kan aan de leden van het bestuur voor het bijwonen van een vergadering een vergoeding toekennen alsmede een vergoeding voor reis- en verblijfkosten.

Artikel 9 Openbaarheid van vergaderingen

  • 1.

    Het bestuur vergadert in het openbaar.

  • 2.

    De voorzitter beslist over het spreekrecht van de toehoorders.

  • 3.

    Wanneer de voorzitter of tenminste twee bestuursleden dit verzoeken kan het bestuur besluiten met gesloten deuren te vergaderen. Wordt een dergelijk verzoek gedaan, dan worden de deuren gesloten, waarna vervolgens het bestuur een besluit neemt omtrent het al dan niet besloten vergaderen. Voor een dergelijk besluit is tenminste tweederde van het aantal geldig uitgebrachte stemmen vereist. Het bestuur besluit welke andere personen dan bestuursleden in de besloten vergadering aanwezig kunnen zijn. Over de punten in een besloten vergadering behandelt, kan ook in die vergadering een besluit worden genomen.

  • 4.

    Indien er gesproken wordt over personen kan de voorzitter of tenminste twee leden, verzoeken met gesloten deuren te vergaderen. Het vergaderen achter gesloten deuren kan uitsluitend geschieden indien het belang van de openbaarheid niet opweegt tegen:

    • a.

      het belang van de eerbiediging van de persoonlijke levenssfeer;

    • b.

      de economische of financiële belangen van de openbare rechtspersoon;

    • c.

      het belang van voorkoming van onevenredige bevoordeling of benadeling van de bij de aangelegenheden betrokken natuurlijke personen dan wel derden.

Artikel 10 Geheimhouding van stukken

  • 1.

    Het bestuur kan omtrent het in een besloten vergadering behandelende en omtrent de inhoud van de stukken die aan de leden worden voorgelegd, geheimhouding opleggen.

  • 2.

    De geheimhouding, bedoeld in het eerste lid, wordt door hen die bij de behandeling aanwezig waren en allen die van het bepaalde of de stukken kennis dragen geheimhouding in acht genomen totdat het bestuur deze opheft.

Artikel 11 Quorum

  • 1.

    In de vergadering waarin niet de meerderheid der zitting hebbende bestuursleden tegenwoordig is, kunnen geen besluiten worden genomen, tenzij het onderwerpen betreft waarover reeds in een vorige vergadering om deze reden niet kon worden beslist.

  • 2.

    Ingeval een vergadering op grond van het bepaalde in het eerste lid geen doorgang kan vinden, belegt de voorzitter binnen veertien dagen een nieuwe vergadering.

Artikel 12 Stemmen

  • 1.

    De leden stemmen zonder last.

  • 2.

    Voor zover in de verordening niet anders bepaald, worden de besluiten van het bestuur genomen bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen.

  • 3.

    Over het doen van keuzen, voordrachten of aanbevelingen van personen wordt schriftelijk gestemd en over overige zaken mondeling. Leden die blanco briefjes hebben ingeleverd, worden voor de toepassing van dit artikel geacht niet aan de stemming te hebben deelgenomen.

  • 4.

    Indien bij een herstemming over personen de stemmen wederom staken, beslist terstond het lot.

  • 5.

    In alle overige gevallen wordt bij staking der stemmen, indien de vergadering voltallig is, het voorstel geacht niet te zijn aangenomen. Voor het geval de vergadering niet voltallig is, wordt het nemen van een besluit tot een volgende vergadering uitgesteld en wordt bij staking der stemmen het voorstel geacht niet te zijn aangenomen. Onder ‘voltallig’ zijn van een vergadering wordt verstaan het aanwezig zijn van alle zitting hebbende bestuursleden.

Artikel 13 Verbod op deelname aan een stemming

Met betrekking tot het niet mogen deelnemen door bestuursleden aan een stemming is het bepaalde in artikel 28 van de Gemeentewet van overeenkomstige toepassing.

Artikel 14 Huishoudelijk reglement

Het bestuur stelt een huishoudelijk reglement vast.

Artikel 15 Platform gemeentelijk toezicht

  • 1.

    De openbare rechtspersoon kent een Platform gemeentelijk toezicht. Het platform bestaat uit de portefeuillehouders onderwijs van de in artikel 2 genoemde gemeenten.

  • 2.

    Het platform heeft tot taak een advies voor te bereiden ten behoeve van de afzonderlijke gemeenten ten aanzien van de onderstaande zaken. Het platform coördineert bijgevolg de volgende wettelijke taken en bevoegdheden, die aan de gemeenteraden blijven voorbehouden:

    • a.

      toezicht houden op het bestuur;

    • b.

      benoemen, schorsen en ontslaan van bestuursleden;

    • c.

      wijzigen van de verordening en ontbinding van de openbare rechtspersoon,

    • d.

      goedkeuren van de begroting en de rekening van de openbare rechtspersoon.

  • 3.

    Het platform bepaalt zijn eigen werkwijze.

HOOFDSTUK V BEGROTING EN JAARREKENING

Artikel 16 Begroting

  • 1.

    Het bestuur stelt jaarlijks de begroting voor het volgende kalenderjaar voorlopig vast en zendt deze ter goedkeuring aan de raden. Na verkregen goedkeuring wordt de begroting door het bestuur vastgesteld.

  • 2.

    Het bestuur besluit niet tot vaststelling van een wijziging van de begroting dan na verkregen goedkeuring door de raden.

  • 3.

    Indien voor 1 februari van het jaar waarvoor de begroting geldt, de begroting niet is goedgekeurd, nemen de raden de maatregelen die zij nodig achten om de continuïteit van het onderwijsproces te waarborgen.

Artikel 17 Jaarrekening

  • 1.

    Het bestuur stelt jaarlijks het jaarverslag, de jaarrekening en de hierbij behorende toelichtende bescheiden over het voorgaande kalenderjaar voorlopig vast.

  • 2.

    Vóór 1 juli, volgend op het jaar waarop de jaarrekening betrekking heeft, zendt het bestuur de in lid 1 genoemde bescheiden ter goedkeuring aan de raden. Het bestuur voegt daarbij het verslag van een onderzoek naar de deugdelijkheid van de jaarverslaglegging door een accountant.

  • 3.

    Na verkregen goedkeuring wordt de jaarrekening door het bestuur vastgesteld.

HOOFDSTUK VI TOEZICHT

Artikel 18 Toezicht door de raad

De raden zijn ingeval van ernstige taakverwaarlozing door het bestuur of functioneren in strijd met de wet bevoegd zelf te voorzien in het bestuur van de scholen en zo nodig de openbare rechtspersoon te ontbinden.

Artikel 19 Wijzigingen van de verordening

  • 1.

    Deze verordening geldt voor onbepaalde tijd, maar in ieder geval voor vijf jaar.

  • 2.

    Het bestuur kan een verzoek tot wijziging of intrekking van deze verordening indienen bij de raden.

  • 3.

    In de overige gevallen wordt deze verordening niet eerder gewijzigd dan na overleg met het bestuur.

  • 4.

    Een besluit tot intrekking van deze verordening door de raden kan niet eerder genomen worden dan na overleg met het bestuur.

Artikel 20 Archief

Het bestuur draagt met inachtneming van de Archiefwet 1995 zorg voor de archiefbescheiden.

Artikel 21 Onvoorziene gevallen

In alle zaken de openbare rechtspersoon betreffende, waarin deze verordening niet voorziet, neemt het bestuur een beslissing.

Artikel 22 Evaluatie

Twee jaar na inwerkingtreding van deze verordening stelt het bestuur een onderzoek naar zijn functioneren in en brengt hiervan binnen het derde jaar na inwerkingtreding van deze verordening de raden verslag uit. Dit verslag kan worden vergezeld van voorstellen tot wijziging van de verordening

Artikel 23 Overgangs- en slotbepalingen

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op 1 januari 2005, ervan uitgaande dat deze dan door alle raden van de participerende gemeenten is vastgesteld.

  • 2.

    Deze verordening kan worden aangehaalde als “Verordening Openbare Rechtspersoon Openbaar Onderwijs Zwolle en Regio”.