Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Zwolle

Verordening brandveiligheid en hulpverlening 2005

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieZwolle
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening brandveiligheid en hulpverlening 2005
CiteertitelVerordening brandveiligheid en hulpverlening 2005
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpopenbare orde en veiligheid
Eigen onderwerpOpenbare gezondheid, zedelijkheid en veiligheid

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Wat zijn de taken van de brandweer?

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 3 Brandweerwet

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-07-2005nieuwe regeling

13-06-2005

de Peperbus, 29-06-2005

gb 1-2005.087

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening brandveiligheid en hulpverlening 2005

 

 

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    repressieve taken:

    • 1.

      het beperken en bestrijden van brand, het beperken van brandgevaar, het beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt;

    • 2.

      het beperken en bestrijden van gevaar voor mensen en dieren bij ongevallen anders dan bij brand;

    • 3.

      de uitvoering van werkzaamheden ter zake van het beperken en bestrijden van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de Wet Rampen en zware ongevallen;

  • b.

    preventieve taken:

    • 1.

      het voorkomen en beperken van brand, het beperken van brandgevaar, het voorkomen en beperken van ongevallen bij brand en al hetgeen daarmee verband houdt;

    • 2.

      de uitvoering van werkzaamheden ter zake van het beperken van rampen, als bedoeld in artikel 1 van de Wet Rampen en zware ongevallen;

    • 3.

      de uitvoering van de voorschriften met betrekking tot het brandveilig gebruik van woningen, woonketen, woonwagens, andere gebouwen, bouwwerken geen gebouwen zijnde, en standplaatsen;

    • 4.

      de uitvoering van de brandbeveiligingsverordening.

Artikel 2 Gemeentelijke brandweer

Burgemeester en wethouders beschikken over een gemeentelijke brandweer.

Artikel 3 Taken brandweer

De taken van de gemeentelijke brandweer bestaan, behoudens de in artikel 5 aan de regionale brandweer opgedragen taken uit:

 

  • 1.

    de feitelijke uitvoering van de preventieve en repressieve taken;

  • 2.

    andere dan de onder 1 genoemde werkzaamheden, voor zover deze niet te maken hebben met het wegnemen van onmiddellijk gevaar voor mens en dier, te weten:

    • a.

      het beperken en bestrijden van milieu-incidenten;

    • b.

      het reinigen van wegen en terreinen bij ongevallen;

Artikel 4 Beleidsplan brandveiligheid en hulpverlening

Burgemeester en wethouders leggen de gemeenteraad eenmaal per 5 jaar een plan voor op welke wijze aan de inhoud van in artikel 3 omschreven taken uitvoering zal worden gegeven (beleidsplan brandveiligheid en hulpverlening). Dit plan omvat in elk geval een omschrijving van de financiële en personele middelen die beschikbaar zijn voor de uitvoering van de preventieve en repressieve taken.

Artikel 5 Regionale taken

Naast de in de artikel 4, eerste en tweede lid van de Brandweerwet 1985 opgedragen taken, zijn de volgende taken van de gemeentelijke brandweer aan de regionale brandweer overgedragen.

taken en bevoegdheden van het bestuur van de regionale brandweerorganisatie volgens de Brandweerwet en de Wet Rampen en Zware Ongevallen:

  • a.

    het instellen en in stand houden van een regionale brandweeralarmcentrale;

  • b.

    het aanschaffen en beheren van gemeenschappelijk materieel;

  • c.

    het benoemen, schorsen en ontslaan van de commandant en het overige personeel van de regionale brandweer en het vaststellen van een instructie voor het personeel;

  • d.

    het beschikbaar stellen van personeel en materieel in de gevallen, bedoeld in de artikelen 8 en 9 van de Brandweerwet 1985;

  • e.

    het voorbereiden van de coördinatie bij de bestrijding van rampen en zware ongevallen;

  • f.

    het voorbereiden van de organisatie voor het optreden van de brandweer in buitengewone omstandigheden en het regelen van de operationele leiding bij de bestrijding van rampen en zware ongevallen;

  • g.

    het verzamelen en evalueren van gegevens ten behoeve van de waarschuwing en alarmering van de bevolking in geval van een ramp of een zwaar ongeval of van ernstige vrees voor het ontstaan daarvan;

  • h.

    het waarschuwen van de bevolking door middel van het sirenenet, het verkennen van gevaarlijke stoffen en het verrichten van ontsmetting;

  • i.

    het vaststellen van:

    • 1.

      een beheersplan als bedoeld in artikel 5 van de Wet rampen en zware ongevallen;

    • 2.

      een organisatieplan als bedoeld in artikel 4a van de Brandweerwet 1985.

  • j.

    het adviseren van de gemeentebesturen:

    • 1.

      op het gebied van de brandpreventie,

    • 2.

      ter zake van voorbereidende maatregelen op het gebied van de brandbestrijding en -beperking in bepaalde objecten,

    • 3.

      over het aanschaffen van materieel, een en ander overeenkomstig de in de regeling neergelegde regels.

  • k.

    het verzorgen van:

    • 1.

      oefeningen met het oog op het optreden in groter verband;

    • 2.

      opleidingen.

  • l.

    het regelen van onderlinge bijstand bij het beperken en bestrijden van brand en bij de hulpverlening bij ongevallen en rampen, alsmede omtrent de feitelijke leiding over de brandweer bij het optreden in groter verband.

  • m.

    het jaarlijks samenstellen van een bestuurlijke rapportage, na overleg met het regionale college en het bestuur van de (geneeskundige hulpverlening bij ongevallen en rampen=) GHOR-regio over de stand van zaken met betrekking tot de uitvoering van de beleidsmaatregelen, opgenomen in het beheersplan.

Artikel 6 Personeel

Het personeel van de gemeentelijke brandweer met preventieve en/of repressieve taken bestaat uit: een commandant en ten minste:

4 officieren;

19 onderofficieren;

120 brandwachten;

8 preventiefunctionarissen.

Artikel 7 Opleiding en oefening

Burgemeester en wethouders dragen zorg voor de opleiding en oefening van het brandweerpersoneel, die voor de taakuitoefening noodzakelijk zijn.

Artikel 8 Instructie commandant

De commandant heeft de algemene leiding en het bevel over de brandweer, overeenkomstig de voor hem door burgemeester en wethouders vastgestelde instructies.

Artikel 9 Materieel

1.Het materieel van de gemeentelijke brandweer bestaat ten minste uit:

5x tankautospuit;

2x hoogwerker

1x hulpverleningsvoertuig

1x waterongevallenwagen

1x met boot + toebehoren

1x haakarmvoertuig

1x container met kraan

1x vrachtcontainer

1x slangencontainer

2x dienstbus

4x personeel materiaalwagen

4x dienstauto

1x dienstauto officier van dienst

1x motorspuitaanhanger

1x poederaanhangwagen 250 kg

1x aanhanger + gasoliecontainer

2.Burgemeester en wethouders bepalen de plaats waar en de wijze waarop het materieel en de overige goederen van de brandweer worden ondergebracht.

Artikel 10 Bluswatervoorziening

Burgemeester en wethouders dragen zorg voor zodanige bluswatervoorzieningen en de bereikbaarheid daarvan, dat de brandbestrijding te allen tijde zoveel mogelijk gewaarborgd is.

Artikel 11 Citeertitel en in werking treden

  • 1.

    Deze verordening kan worden aangehaald als: 'Verordening brandveiligheid en hulpverlening 2005'.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking op 1 juli 2005.