Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Zwolle

Besluit Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieZwolle
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBesluit Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015
CiteertitelBesluit Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn
Eigen onderwerpmaatschappelijke zorg en welzijn

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Wat zijn de regel t.a.v. Jeugdhulp 2015 ?

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Verordening Jeugdhulp gemeente Zwolle 2015

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

05-02-201501-01-2015nieuwe regeling

16-12-2014

Gemeenteblad 04-02-2015

cb 2014-12.16

Tekst van de regeling

Intitulé

Besluit Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015

 

 

BESLUIT JEUGDHULP 2015

Inhoudsopgave

Hoofdstuk 1 Algemeen

Artikel 1 Begripsbepalingen

Hoofdstuk 2 Algemene bepalingen met betrekking tot een individuele voorziening in natura en persoonsgebonden budget (pgb)

Artikel 2Gecontracteerde aanbieders

Artikel 3 Financiële uitvoering

Artikel 4 Beëindiging pgb en individuele voorziening in natura

Artikel 5 Bestedingsmogelijkheden pgb

Artikel 6 Gewijzigde omstandigheden tijdens de gebruiksduur

Artikel 7 Gebruikelijke hulp

Artikel 8 Spoedeisende gevallen

Hoofdstuk 3 Hoogte en Tarieven jeugdhulp

Artikel 9 Hoogte en Tarieven jeugdhulp

Hoofdstuk 4 Bekwaamheid aanvrager en verantwoording pgb

Artikel 10 Bekwaamheid aanvrager

Artikel 11 Verantwoording pgb

Hoofdstuk 5 Wijzigingen doorgeven

Artikel 12 Wijzigingen doorgeven

Hoofdstuk 6 Slotbepalingen

Artikel 13 Inwerkingtreding

Artikel 14 Citeertitel

HOOFDSTUK 1 ALGEMEEN

Artikel 1 Begripsbepalingen

  • 1.

    In dit Besluit wordt verstaan onder:

    • a.

      Professionele hulp: de zorg verleend door mensen die daar een diploma voor hebben en die daarvoor betaald worden;

    • b.

      Niet-professionele hulp: die zorg die geleverd wordt door mantelzorgers én vrijwilligers. Het kan hierbij ook gaan om activiteiten in aanvulling op zorg die door professionele krachten geleverd wordt.

    • c.

      College: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Zwolle of door het college gemandateerde ondergeschikten dan wel niet-ondergeschikten op grond van de algemene regels van de Awb.

  • 2.

    Alle begrippen die in dit Besluit worden gebruikt en niet nader worden omschreven hebben dezelfde betekenis als in de Jeugdwet, het Uitvoeringsbesluit Jeugdhulp behorende bij de Jeugdwet, het Beleidsplan Jeugdhulp 2015 – 2016 gemeente Zwolle, de Verordening Jeugdhulp gemeente Zwolle 2015 en de Algemene wet bestuursrecht (Awb).

HOOFDSTUK 2 ALGEMENE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT EEN INDIVIDUELE VOORZIENING IN NATURA EN PERSOONSGEBONDEN BUDGET (PGB)

Artikel 2 Gecontracteerde aanbieders

  • 1.

    Indien het college meerdere aanbieders heeft gecontracteerd voor het leveren van een bepaalde individuele voorziening in natura wordt de jeugdige of zijn ouders de mogelijkheid geboden om uit deze aanbieders een keuze te maken. Alleen het gemeentelijk aanbod van jeugdvoorzieningen als bedoeld in artikel 2, lid 2 van de Verordening wordt door de gemeente vergoed.

  • 2.

    De jeugdige of zijn ouders mogen met een pgb naar een andere aanbieder gaan als bedoeld in het eerste lid, mits aan de voorwaarden voor toekenning van een pgb wordt voldaan.

Artikel 3 Financiële uitvoering

1.Indien er door de inwoner wordt gekozen voor een pgb, aan de hand van de regels die zijn vastgelegd in de “Verordening Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015” en dit besluit Jeugdhulp verder op in hoofdstuk 3, zal de Sociale Verzekeringsbank (SVB) de financiële uitvoering van het pgb op zich nemen.

Artikel 4 Beëindiging pgb en individuele voorziening in natura

  • 1.

    Een individuele voorziening al dan niet in de vorm van een pgb wordt beëindigd met ingang van de dag dat de jeugdige of zijn ouders schriftelijk heeft aangegeven geen prijs meer te stellen op de verstrekte individuele voorziening.

  • 2.

    Een pgb wordt beëindigd op de eerste dag van de maand volgend op de maand dat de cliënt is overleden dan wel niet langer staat ingeschreven in het Basisregistratie Personen (BRP) van de gemeente Zwolle.

Artikel 5 Bestedingsmogelijkheden pgb

  • 1.

    De volgende onderdelen mogen niet uit het pgb worden betaald:

    • a.

      administratiekosten die de budgethouder bij derden heeft belegd.

    • b.

      bemiddelingskosten door een derde.

    • c.

      Eenmalige uitkering.

  • 2.

    Het pgb mag niet worden besteed voor ondersteuning in het buitenland.

  • 3.

    De volgende onderdelen mogen uit het pgb worden betaald:

    • a.

      een vergoeding voor reiskosten van de woning van de hulpverlener op basis van het maximaal belastingvrije bedrag € 0,19 per kilometer.;

    • b.

      het lidmaatschap van een belangenvereniging van mensen met een pgb.

    • c.

      een mantelzorgvergoeding.

    • d.

      kosten die zijn opgenomen op de vergoedingenlijst PGB Jeugdhulp Maatschappelijke ondersteuning van de gemeente Zwolle.

Artikel 6 Gewijzigde omstandigheden tijdens de gebruiksduur

1.Indien de gebruiksduur van de individuele voorziening waarvoor een persoonsgebonden budget is verstrekt, nog niet is verstreken, kan een - aanvullend - persoonsgebonden budget worden verstrekt in de volgende situaties:

  • a.

    er is sprake van een gewijzigde omstandigheid die aanpassing dan wel vervanging van de individuele voorziening noodzakelijk maakt;

  • b.

    er is sprake van een calamiteit die de jeugdige of zijn ouders niet is te verwijten.

Artikel 7 Gebruikelijke Hulp

  • 1.

    Voor gebruikelijke hulp wordt geen individuele voorziening toegekend.

  • 2.

    De generalist bepaald wat “gebruikelijke hulp” zoals bedoeld in bijvoorbeeld artikel 12.2 van de verordening Jeugdhulp is en past hierbij maatwerk toe. Het laatst vastgestelde “Protocol gebruikelijke zorg” binnen de AWBZ wordt door de generalist als richtlijn gehanteerd.

Artikel 8 Spoedeisende gevallen

1.Er is tenminste sprake van een spoedeisende casus in geval van risico’s voor de veiligheid als gevolg van huiselijk geweld. Als de generalist constateert dat er sprake is van een spoedeisende casus wordt er een tijdelijke individuele voorziening in natura beschikt voor de duur van het onderzoek en in afwachting van de eventuele beschikking op de eventuele reguliere aanvraag.

HOOFDSTUK 3 HOOGTE EN TARIEVEN JEUGDHULP

Artikel 9 Hoogte en Tarieven jeugdhulp

  • 1.

    De (uur) tarieven voor jeugdhulp in natura worden bepaald op basis van door de gemeente afgesloten inkoopcontracten.

  • 2.

    De vaststelling van een pgb ten aanzien van jeugdhulp vindt plaats in de vorm van een bedrag per eenheid en is een afgeleide van het vastgestelde tarief van zorg in natura.

  • 3.

    Voor alle vormen van ondersteuning waarbij een uurtarief geldt, zijn de volgende tarieven van toepassing:

    • a.

      Het pgb tarief voor de inzet van professionele hulp bedraagt ten hoogste de kostprijs van de goedkoopst adequate voorziening in natura.

    • b.

      Ondersteuning door een aanbieder die de op de sector van toepassing zijnde cao en daarbij behorende kwaliteitsstandaarden hanteert (maximaal 100% goedkoopst adequate ZIN tarief).

    • c.

      Ondersteuning door andere organisaties of hulpverleners zoals ZZP’ers (maximaal 80% van goedkoopst adequate ZIN tarief).

    • d.

      Ondersteuning uit het sociaal netwerk (een maximum tarief van € 20,- per uur).

  • 4.

    Wanneer een potentiële budgethouder met het pgb een individuele voorziening wil bekostigen die meer kost dan het pgb dat wordt toegekend, dan komen de meerkosten voor rekening van de budgethouder.

HOOFDSTUK 4 BEKWAAMHEID AANVRAGER EN VERANTWOORDING PGB

Artikel 10 Bekwaamheid van de aanvrager

De inzet van een pgb vereist in ieder geval inzicht en verantwoordelijkheid op meerdere gebieden. Overwegende bezwaren zijn er als er een vermoeden is dat de belanghebbende als budgethouder problemen zal hebben met het omgaan met een pgb. De situaties waarbij het risico groot is dat het pgb niet besteed wordt aan het daarvoor bestemde doel zijn:

  • a.

    de belanghebbende handelingsonbekwaam is;

  • b.

    de belanghebbende heeft als gevolg van dementie, een verstandelijke handicap of ernstige psychische problemen onvoldoende inzicht in de eigen situatie;

  • c.

    er sprake van verslavingsproblematiek is;

  • d.

    er sprake van schuldenproblematiek is;

  • e.

    er eerder misbruik gemaakt is van het pgb;

  • f.

    eerder sprake is geweest van fraude;

  • g.

    de belanghebbende een zodanig progressief ziektebeeld heeft, waardoor te verwachten is dat de voorziening niet langdurig adequaat is, dan wordt de voorziening in natura verstrekt.

Bovenstaande opsomming is niet limitatief. Er kunnen andere situaties denkbaar zijn waarin het verstrekken van een pgb niet gewenst is. In deze situaties kan een pgb worden geweigerd. Om een pgb af te wijzen op overwegende bezwaren, moet er enige feitelijke onderbouwing zijn op grond waarvan afgewezen kan worden. Dit kan een medische onderbouwing zijn, maar ook het aantonen van schulden of eerder misbruik. De onderbouwing wordt in de beschikking vermeld. Tot slot kan het college een pgb weigeren:

  • a.

    indien aan het gezin in de afgelopen drie jaren, voorafgaand aan de datum van het gesprek, een pgb is verleend en waarbij door het gezin niet is voldaan aan de voorwaarden van het pgb;

  • b.

    voor zover dit is bedoeld voor begeleidings- of administratiekosten in verband met het pgb.

Artikel 11 Verantwoording pgb

  • 1.

    De persoon die een persoonsgebonden budget ontvangt, bewaart gedurende een periode van vijf jaar, de originele betaalbewijzen van alle tot het bestedingsdoel van het pgb behorende diensten.

  • 2.

    Deze gegevens worden op verzoek van de gemeente door de persoon aan wie het pgb is toegekend, danwel diens wettelijke vertegenwoordiger binnen een termijn van 20 werkdagen aangeleverd, nadat de gemeente hierom vraagt.

HOOFDSTUK 5 WIJZIGINGEN DOORGEVEN

Artikel 12 Wijzigingen doorgeven

Onverminderd artikel 13 van de Verordening doen een jongere of zijn ouders op verzoek of onverwijld uit eigen beweging binnen één (1) week aan het college mededeling van alle feiten en omstandigheden, waarvan hun redelijkerwijs duidelijk moet zijn dat deze aanleiding kunnen zijn tot heroverweging van een beslissing aangaande een individuele voorziening. In specifieke situaties, waarin redelijkerwijs duidelijk is dat de informatie of medewerking niet binnen één week is te leveren, kan een afwijkende termijn gesteld worden.

HOOFDSTUK 6 SLOTBEPALINGEN

Artikel 13 Inwerkingtreding

Dit besluit treedt gelijktijdig in werking met de “Verordening Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015”.

Artikel 14 Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: “Besluit Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015”.

ARTIKELSGEWIJZE TOELICHTING BESLUIT JEUGDHULP GEMEENTE ZWOLLE 2015

Inleiding

Naast een Verordening Jeugdhulp gemeente Zwolle 2015 is er ook een Zwols Besluit Jeugdhulp 2015.

In dit besluit zijn alle bedragen bij elkaar gebracht die op basis van de verordening moeten worden vastgesteld. Daarnaast zijn regels gegeven waarvoor de verordening een delegatiebepaling voor het college bevat over vorm of inhoud van de voorziening.

In dit besluit worden nadere regels gesteld over bepalingen met betrekking tot een individuele voorziening in natura en pgb, het vaststellen van de hoogte van een pgb, de bekwaamheid van de aanvrager en verantwoording pgb. Daarnaast is een artikel over wijzigingen doorgeven opgenomen. Aan het einde van het besluit komen de inwerkingtreding en citeertitel aan bod.

HOOFDSTUK 1 ALGEMEEN

Artikel 1. Begrippen

In dit artikel worden drie begrippen omschreven en de context van alle andere begrippen geduid.

HOOFDSTUK 2 ALGEMENE BEPALINGEN MET BETREKKING TOT EEN INDIVIDUELE VOORZIENING IN NATURA EN PERSOONSGEBONDEN BUDGET (PGB)

Artikel 2. Gecontracteerde aanbieders

In dit artikel wordt gesteld dat cliënten keuzevrijheid hebben wanneer het college meerdere aanbieders heeft gecontracteerd voor het leveren van een individuele voorziening in natura. Wanneer aan de voorwaarden voor toekenning van een pgb is voldaan kan de cliënt met een pgb naar een andere aanbieder.

Artikel 3. Financiële uitvoering

Dit artikel regelt dat het de SVB een aantal wettelijke vereisten vanuit de Jeugdwet uitvoert.

Artikel 4. Beëindiging pgb en individuele voorziening in natura

Dit artikel bepaald in welke situaties een pgb of voorziening in natura tijdens de toekenningsperiode beëindigd wordt.

Artikel 5. Bestedingsmogelijkheden pgb

Dit artikel geeft aan welke mogelijkheden er zijn voor de besteding van een pgb naast de kosten van directe hulpverlening. De gemeente Zwolle heeft een Vergoedingenlijst Persoonsgebonden budget opgesteld die per 1 januari 2015 wordt gehanteerd. Deze lijst bestaat uit een overzicht met onderwerpen waarbij staat of, en zo ja onder welke voorwaarden, die vanuit het pgb vergoed kunnen worden. Deze lijst is geen limitatieve opsomming; komt een onderwerp niet op de lijst voor, dan betekent dit niet dat het wel of niet uit het pgb gefinancierd mag worden. Er is over het onderwerp alleen nog geen uitspraak gedaan. Wanneer een onderwerp niet op de lijst staat en een budgethouder dit wel wil inkopen met het pgb dan kan de budgethouder vooraf contact opnemen met de gemeente Zwolle.

Artikel 6. Gewijzigde omstandigheden tijdens de gebruiksduur

In dit artikel wordt geregeld dat aanvullend pgb kan worden verstrekt als er sprake is van gewijzigde omstandigheden.

Artikel 7. Gebruikelijke Hulp

De gemeente Zwolle laat de bepaling wat “gebruikelijke hulp” is over aan de generalist en hanteert niet een van tevoren vastgelegd aantal uren. Door de bepaling over te laten aan de generalist wordt optimaal maatwerk geleverd. Om generalisten een handvat te geven wordt het “Protocol gebruikelijke zorg” dat nu geldt binnen de AWBZ door de generalist als richtlijn gehanteerd. Dit protocol wordt als een soort ‘kontzaknotitie’ meegegeven maar geldt zeker niet als strak keurslijf.

In het persoonlijk plan van het gezin kan de wens uitgesproken worden om het sociale netwerk of mantelzorgers in te willen zetten. De gemeente Zwolle is van mening dat de beloning van het sociale netwerk in elk geval beperkt moet blijven tot die gevallen waarin het de gebruikelijke hulp overstijgt en dit aantoonbaar tot betere en effectievere ondersteuning leidt en aantoonbaar doelmatiger is dan zorg in natura.

De afweging om al dan niet over te gaan tot betaling van de informele hulp vindt plaats tijdens de onderzoeksfase en het gesprek met de potentiële budgethouder. Per situatie is maatwerk geboden. Om duidelijkheid te creëren voor aanvragers en generalisten houdt de gemeente Zwolle rekening met de volgende omstandigheden:

  • a.

    De motivatie om over te gaan tot het uitbetalen van de informele hulp;

  • b.

    De informele hulp mag daarbij geen druk op de budgethouder hebben uitgeoefend bij zijn besluitvorming om over te gaan tot uitbetaling;

  • c.

    Is de informele hulp in staat om de gevraagde hulp te bieden (magniet te zwaar zijn);

  • d.

    Is er sprake van verlies aan inkomsten? Dit is het geval wanneer de informele hulp behoort tot de beroepsbevolking en door de geboden hulp minder kan deelnemen aan het arbeidsproces. Er is geen sprake van inkomstenverlies wanneer de informele hulp een uitkering ontvangt. De gemeente Zwolle is van mening dat doorgaans het verlenen van een aantal uren onbetaalde mantelzorg per week niet ten koste gaat van een betaalde baan (zie Gebruikelijke hulp);

  • e.

    Van inwonende eerste- en tweedegraads familieleden kan meer (onbetaalde) mantelzorg worden verwacht dan van uitwonende familieleden;

  • f.

    De wens om vrienden, kennissen, collega’s en buren uit te willen betalen is afhankelijk van de sociale relatie die de budgethouder met deze mensen heeft;

  • g.

    De omvang van de betaalde en onbetaalde mantelzorg die iemand verleent. De totale belasting van de mantelzorger: gebruikelijke hulp, mantelzorg en werk;

  • h.

    Het type hulp, de frequentie van de geboden hulp, de duur van de hulp (tijdelijk of lange periode) en de mate van verplichting (kan degene die de hulp levert een keer overslaan als hij/zij ziek is of op vakantie of is dit niet mogelijk?) spelen een rol bij het al dan niet overgaan tot betaling;

  • i.

    De mogelijkheid om zorg uit handen te geven. Is er passende zorg beschikbaar?;

  • j.

    De kosten die iemand moet maken om mantelzorg te verlenen.

Artikel 8. Spoedeisende gevallen

Dit artikel regelt dat wanneer er sprake is van een spoedeisende casus een tijdelijke individuele voorziening in natura beschikt wordt en geen pgb wordt toegekend.

HOOFDSTUK 3 HOOGTE EN TARIEVEN JEUGDHULP

Artikel 9. Hoogte en Tarieven jeugdhulp

De gemeente Zwolle brengt differentiatie aan in de hoogte van het pgb, alsmede voor verschillende typen hulpverleners in de domeinen van hulpverlening. De gemeente Zwolle maakt in dit verband onderscheid tussen hulpverleners die werken volgens de kwaliteitsstandaarden en op de sector van toepassing zijnde CAO en hulpverleners die dat niet doen (zoals werkstudenten en zzp’ers zonder diploma’s) en ondersteuners vanuit het sociale netwerk.

Voor bestaande budgethouders verandert er in 2015 niets. Tot het moment waarop de bestaande indicatie afloopt (uiterlijk 31 december 2015) houden zij het pgb wat zij hebben.

Voor nieuwe budgethouders en budgethouders waarvan de indicatietermijn eindigt is de volgende tariefdifferentiatie van toepassing:

  • a.

    ondersteuning door een aanbieder die de op de sector van toepassing zijnde cao en daarbij behorende kwaliteitsstandaarden hanteert (maximaal 100% goedkoopst adequate ZIN tarief);

  • b.

    ondersteuning door andere organisaties of hulpverleners zoals ZZP’ers (maximaal 80% op goedkoopst adequate ZIN tarief);

  • c.

    ondersteuning uit het sociaal netwerk (een maximum tarief van € 20,- per uur).

De motivatie hiervoor is dat aan gecontracteerde aanbieders zware eisen worden gesteld onder andere met betrekking tot zorgcontinuïteit, regeling klachtrecht en medezeggenschap en inzet competent personeel die kostprijsverhogend werken. Daarnaast zijn de overheadkosten van kleine aanbieders en zzp’ers in het algemeen lager dan die van de aanbieders, die aan alle eisen om voor een contract in aanmerking te komen, voldoen.

HOOFDSTUK 4 BEKWAAMHEID AANVRAGER EN VERANTWOORDING PGB

Artikel 10. Bekwaamheid van de aanvrager

In dit artikel worden eisen aan de bekwaamheid van een aanvrager gesteld.

Artikel 11. Verantwoording pgb

De belanghebbende dient verantwoording af te leggen indien een pgb wordt verstrekt. De belanghebbende is verplicht om alle administratie betreffende de voorziening gedurende een periode van vijf jaar te bewaren. In de beschikking wordt vermeld aan welke vereisten belanghebbende moet voldoen. Hierbij gaat het niet alleen om de verantwoording van het budget, maar ook of de voorziening voldoet aan de gestelde kwaliteitseisen.

HOOFDSTUK 5 WIJZIGINGEN DOORGEVEN

Artikel 12. Wijzigingen doorgeven

Dit artikel duidt dat wijzigingen binnen 1 week aan het college moeten worden doorgegeven. In specifieke situaties, waarin redelijkerwijs duidelijk is dat de informatie of medewerking niet binnen één week is te leveren, kan een afwijkende termijn gesteld worden.

HOOFDSTUK 6 SLOTBEPALINGEN

Artikel 13. Inwerkingtreding

Dit artikel regelt dat het besluit Jeugdhulp gelijktijdig in werking treedt met de “Verordening Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015” op 1 januari 2015.

Artikel 14. Citeertitel

Dit besluit wordt aangehaald als: “Besluit Jeugdhulp Gemeente Zwolle 2015”.