Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Dordrecht

Beleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Dordrecht

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieDordrecht
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBeleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Dordrecht
CiteertitelBeleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Dordrecht
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpruimtelijke ordening, verkeer en vervoer
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Onbekend

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

29-09-2015artikel 5 en Bijlage 1

07-07-2015

Gemeenteblad, 28-09-2015

SO/1436212
09-04-201404-02-201429-09-2015Nieuwe regeling

28-01-2014

GVOP, 2014-04-08

Onbekend

Tekst van de regeling

Intitulé

Beleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Dordrecht

Het COLLEGE van BURGEMEESTER en WETHOUDERS van de gemeente DORDRECHT;

 

B E S L U I T :

 

vast te stellen de volgende

 

Beleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Dordrecht

Artikel 1 Begripsbepalingen

In de beleidsregels wordt verstaan onder:

  • a.

    elektrische motorvoertuigen: alle voertuigen die op de openbare weg mogen rijden, geheel of gedeeltelijk op elektriciteit kunnen rijden en voorzien zijn van een stekker om op te laden (met uitzondering van fietsen en snor/bromfietsen);

  • b.

    oplaadinfrastructuur: het geheel van oplaadpalen, aansluitingen op het elektriciteitsnet en andere voorzieningen in de openbare ruimte op of aan de weg bestemd voor het opladen van elektrische voertuigen;

  • c.

    oplaadpaal: een oplaadobject in de vorm van een paal met tenminste één aansluiting en de mogelijkheid voor twee of meer aansluitingen voor het gelijktijdig opladen van elektrische voertuigen;

  • d.

    aanvrager: de aanbieder van oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur;

  • e.

    beheerder: de aanvrager van de vergunning voor het plaatsen van oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur;

  • f.

    gebruiker:

    • 1.

      een bedrijf en/of organisatie dat/die gevestigd is in de gemeente Dordrecht en eigenaar en/of bezitter is van één of meerdere elektrische voertuigen of een of meerdere werknemers in dienst heeft die beschikt/beschikken over een elektrisch voertuig;

    • 2.

      een particulier die eigenaar en/of bezitter is van een elektrisch voertuig en woonachtig en/of werkzaam is in de gemeente Dordrecht;

  • g.

    college: het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Dordrecht.

Artikel 2 Aanvraag vergunning en verkeersbesluit

Een aanvraag voor een vergunning voor het plaatsen van een of meerdere oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur op of aan de openbare weg en het verzoek tot het nemen van een verkeersbesluit waarbij een of meerdere parkeerplaatsen worden aangewezen voor het opladen van elektrische voertuigen kan alleen worden ingediend door de aanbieder van oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur.

De gemeente brengt leges in rekening bij de aanvrager voor de APV vergunning. Het geldende tarief staat in de Legesverordening van Dordrecht, die is te vinden op www.wetten.nl.

Artikel 3 Aanvraag locatie oplaadpaal/-infrastructuur

Een aanvraag voor een voorgestelde locatie voor het plaatsen van een oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur bevat een foto en afmetingen van de oplaadpaal en een foto en topografische tekening van de betreffende locatie, waarop de exacte plek van de gewenste oplaadpaal en/of infrastructuur en de aan te wijzen parkeerplaats(en) zijn aangegeven.

Artikel 4 Behoeftebepaling oplaadpaal/-infrastructuur

De aanvrager toont aan dat er op de aangevraagde locatie daadwerkelijk behoefte bestaat bij gebruikers aan een oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur op of aan de openbare weg. Het college verleent geen medewerking aan het realiseren van de gevraagde oplaadinfrastructuur, wanneer potentiële gebruikers mogelijkheden hebben om hun elektrische voertuig(en) op eigen terrein te (laten) parkeren en op te laden.

Artikel 5 Definitieve locatie oplaadpaal/-infrastructuur

 

  • 1.

    Het college bepaalt de definitieve locatie van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur en de aan te wijzen parkeerplaats(en). Het college toetst hierbij of de aangevraagde locatie is opgenomen in de locatiebijlage bij dit besluit ("Bijlage 1: potentieel toekomstige locaties oplaadinfrastructuur gemeente Dordrecht").

  • 2.

    Indien de aangevraagde locatie ligt buiten een straal van 200 meter van een in Bijlage 1 vastgestelde locatie oplaadinfrastructuur zoals bedoeld in dit artikel, eerste lid, dan toetst het college de aangevraagde locatie:

    • a.

      aan het woon en/of werkadres van de potentiële gebruiker(s);

    • b.

      aan de behoefte aan een oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur van andere bij het college bekende- of potentiele gebruikers binnen een straal van hemelsbreed 200 meter van de aangevraagde locatie;

    • c.

      aan bestaande oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur op of aan de weg binnen de genoemde straal van 200 meter met het oog op clustering;

    • d.

      of de desbetreffende ondergrond in eigendom is van de gemeente;

    • e.

      of de locatie van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur voldoende vindbaar en zichtbaar is vanaf het hoofdwegennet of directe ontsluitingswegen;

    • f.

      of het aannemelijk is dat de locatie door meerdere gebruikers gedeeld kan worden (dit om te voorkomen dat er "privéparkeerplaatsen" gecreëerd worden);

    • g.

      of de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur kunnen worden voorzien van twee of meer aansluitpunten en ‑ eventueel op termijn ‑ twee of meer parkeerplaatsen kunnen worden bediend;

    • h.

      of de parkeerdruk de plaatsing toe laat;

    • i.

      of het een bestaand parkeervak/bestaande parkeervakken betreft en de doorgang voor ander verkeer (auto, fiets, voetganger, rolstoel etc.) gewaarborgd blijft;

    • j.

      of er geen belemmeringen zijn ten aanzien van ander straatmeubilair en/of (openbaar) groen;

    • k.

      of de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur past in het straatbeeld;

    • l.

      of de oplaadpaal is niet hoger is dan 1,8 meter en de RAL-kleur 9007 heeft;

    • m.

      of de oplaadpaal niet gebruikt wordt voor reclamedoeleinden, tenzij is voldaan aan het reclamebeleid;

    • n.

      of er sprake is van geplande reconstructies of andere infrastructurele ontwikkelingen.

  • 3.

    Ligt een aangevraagde locatie binnen een straal van 200 meter gemeten vanaf een in bijlage 1 vastgestelde locatie maar komt de aanvraag niet overeen met de in Bijlage 1 aangewezen locatie, of voldoet de aanvraag anderszins in de ogen van het college niet aan een of meer in dit artikel gestelde criteria dan wijst het college de aanvraag af onder motivering van het genomen besluit.

  • 4.

    In beginsel wordt er bij een nieuw te realiseren oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur één parkeerplaats aangewezen voor het opladen van elektrische voertuigen. Indien het gebruik van de oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur dit toelaat, kan het college besluiten ook een tweede parkeerplaats aan te wijzen.

  • 5.

    De aanvrager van oplaadinfrastructuur dient aan de hand van het aantal uren dat de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur effectief in gebruik is geweest en/of aan de hand van nieuwe verzoeken van potentiële gebruikers bij de aanvraag aan te tonen dat er behoefte bestaat aan een (tweede) parkeerplaats.

Artikel 6 Volgorde besluitvorming

De vergunning voor het plaatsen van een oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur wordt eerst van kracht en kan dus pas worden gebruikt, nadat het verkeersbesluit tot aanwijzing van de benodigde parkeerplaats(en) onherroepelijk is geworden.

Artikel 7 Plaatsing en beheer oplaadpaal/-infrastructuur

De aanvrager van de vergunning voor het plaatsen van een oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur is tevens de beheerder hiervan. De beheerder is verantwoordelijk voor realisatie, beheer, onderhoud en exploitatie van de oplaadpaal/-infrastructuur en neemt alle kosten hiervoor voor zijn rekening. De kosten ter bescherming van de oplaadpaal/-infrastructuur (hekjes, biggenruggen e.d.) zijn ook voor rekening van de beheerder.

Artikel 8 Inrichting en beheer parkeerplaatsen

De kosten voor het nemen van een verkeersbesluit en de kosten voor het plaatsen van een verkeersbord, tegel en/of markering op de aangewezen parkeerplaats(en) zijn voor rekening van de gemeente.

Artikel 9 Bereikbaarheid

De beheerder van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur is 24 uur per dag en 7 dagen per week bereikbaar voor gebruikers, hulpdiensten en gemeenten in het geval van vragen, storingen en calamiteiten. De telefoonnummers van de storingsdienst en de helpdesk zijn vermeld op de oplaadpaal/-infrastructuur.

Artikel 10 Openbaarheid oplaadpaal/-infrastructuur

De oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur is 24 uur per dag en 7 dagen per week openbaar toegankelijk, in die zin dat deze voor iedereen te gebruiken is voor het opladen van zijn / haar elektrische voertuig. De beheerder zorgt voor zoveel mogelijk actuele informatie richting gebruikers over de aanwezigheid en beschikbaarheid van het oplaadpunt, via algemeen beschikbare kanalen zoals deze gebruikelijk zijn in de markt voor openbare laaddiensten.

Artikel 11 Interoperabiliteit

Het oplaadpunt is inter-operabel conform de landelijke en internationale afspraken, waaronder de uitwisselbaarheid van laadpassen en het gebruik van standaard stekkers.

Artikel 12 Groene stroom

Om te bewerkstelligen dat elektrisch vervoertuigen ook aan de bron geen CO2-uitstoot veroorzaken, mag de beheerder van de oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur alleen gegarandeerd groene stroom (laten) leveren.

Artikel 13 Veiligheid

De oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur voldoet aan alle daaraan gestelde (nationale en internationale) veiligheidseisen.

Artikel 14 Aansprakelijkheid

De beheerder is aansprakelijk voor alle schade die door het gebruik van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur of anderszins aan derden wordt veroorzaakt. Gemeente Dordrecht is op geen enkele manier aansprakelijk voor eventuele schade die door de oplaadpaal en/of andere infrastructuur is veroorzaakt. De beheerder vrijwaart hiervoor de gemeente.

Artikel 15 Betaald parkeren/vergunninghouders/blauwe zone

In gebieden waar betaald parkeren of vergunninghoudersparkeren is ingevoerd of waar een maximale parkeerduur (blauwe zone) of enige andere restrictie geldt, geldt deze restrictie onverminderd ook voor de oplaadvakken.

Artikel 16 Handhaving

Het college ziet toe op het juiste gebruik van de aangewezen parkeerplaats(en) en kan indien nodig handhavend optreden. Het juiste gebruik is: als een elektrisch voertuig met de kabel aangesloten is op het oplaadpunt.

Daarnaast wordt ook gehandhaafd op het fiscaal regime, parkeervergunning, blauwe zone en andere restricties die voor alle parkeerplaatsen gelden.

Artikel 17 Intrekken/wijzigen van vergunning en verkeersbesluit

Indien de beheerder van de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur zich niet houdt aan de voorschriften verbonden aan de vergunning, kan het college de vergunning intrekken. Het college kan in dat geval ook het verkeersbesluit, waarbij de parkeerplaatsen voor het opladen van elektrische voertuigen zijn aangewezen, intrekken.

Het college kan de vergunning en/of het verkeersbesluit tevens intrekken, wanneer er in de praktijk niet of nauwelijks gebruik wordt gemaakt van de oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur. Het is niet gewenst dat daardoor een of meerdere parkeerplaatsen (nagenoeg) geheel onbenut blijven.

In deze gevallen heeft de beheerder het recht en de plicht de oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur binnen een door het college aan te geven termijn te verwijderen. De hiermee samenhangende kosten zijn voor de rekening van de beheerder.

 

Het college kan de vergunning ook wijzigen of intrekken, indien er een wegreconstructie plaatsvindt als gevolg waarvan de aangewezen parkeerplaatsen zullen verdwijnen. In dat geval zal de gemeente samen met de beheerder bezien of er een alternatieve locatie voor een oplaadpaal en/of andere oplaadinfrastructuur met bijbehorende parkeerplaats(en) in de directe nabijheid mogelijk is. Kosten hiervoor zijn voor rekening van de gemeente, wanneer de wegreconstructie plaatsvindt binnen 5 jaar na afgifte van de vergunning. Kosten zijn voor rekening van de beheerder, wanneer de wegreconstructie later dan 5 jaar na afgifte van de vergunning plaatsvindt.

Artikel 18 Informatie over gebruik oplaadinfrastructuur

 

De beheerder van een oplaadpaal en/of oplaadinfrastructuur geeft op verzoek van het college inzicht in het feitelijke gebruik hiervan.

Artikel 19 Bijzondere omstandigheden

 

Het college beseft dat de ontwikkelingen op het gebied van elektrisch rijden en laadinfrastructuur nieuw en nog volop in ontwikkeling zijn. Met deze beleidsregels wil het college duidelijkheid verschaffen over de voorwaarden, criteria en condities die van toepassing zijn op het realiseren van oplaadpalen en/of andere oplaadinfrastructuur in de gemeente.

In specifieke, bijzondere of onvoorziene omstandigheden kan het college besluiten van deze beleidsregels af te wijken.

Artikel 20 Termijn

De Beleidsregels oplaadinfrastructuur elektrisch voertuigen gemeente Dordrecht treden in werking per 4 februari 2014 en worden jaarlijks geëvalueerd en indien nodig bijgesteld.

Aldus vastgesteld in de vergadering van 28 januari 2014.

Het college van Burgemeester en Wethouders

de loco-secretaris de loco-burgemeester

K.J. van Hengel J. Mos

Bijlage 1 potentieel toekomstige locaties oplaadinfrastuctuur gemeente Dordrecht

Als potentieel toekomstige locaties zijn aangewezen:

 

Straatnaam

huisnummer

wijk

 

 

Rudyard Kipling-erf

71

Stadspolders

 

Rudyard Kipling-erf

293

Stadspolders

Allego (nr 208)

Van Eesterenplein

15

Stadspolders

 

Van Ravesteijn-erf

3

Stadspolders

 

Stadspolderring

10

Stadspolders

 

Stadspolderring

227

Stadspolders

 

Boris Pasternak-erf

297

Stadspolders

 

Frida Katz-erf

259

Stadspolders

 

Pearl Buck-erf

79

Stadspolders

 

Dudokplein

210

Stadspolders

Allego

Chico Mendesring

92

Stadspolders

 

Chico Mendesring

306/310

Stadspolders

 

Chico Mendesring

450

Stadspolders

 

Chico Mendesring

459

Stadspolders

Allego

Jhr. Van de Wall Repelaerstraat

45

Dubbeldam

 

Groenekruislaan

51

Dubbeldam

 

Dubbelsteynlaan West

39

Dubbeldam

 

Magnoliastraat

19

Dubbeldam

 

Stevensweg

2

Dubbeldam

 

Stevensweg

69

Dubbeldam

 

Damplein

t.o. Dubbelsteynlaan-West 96

Dubbeldam

 

Rechte Zandweg

54

Dubbeldam

 

Dubbelsteynlaan Oost

252

Dubbeldam

 

Iepenlaan

65

Dubbeldam

 

Kapteynweg

135

Sterrenburg

 

Halleyweg

1

Sterrenburg

 

Octant

105

Sterrenburg

 

Tafelberg

42

Sterrenburg

 

Waterman

204

Sterrenburg

 

Lyra

22

Sterrenburg

 

Brittenburg

135

Sterrenburg

 

Puttenstein

1

Sterrenburg

 

Goudestein

44

Sterrenburg

 

Essenburg

121

Sterrenburg

 

Vredenburg

15

Sterrenburg

 

Walenburg

1

Sterrenburg

 

Weegschaal

237

Sterrenburg

Allego

Blauwweg

17

Sterrenburg

 

Leeuwstraat

128

Sterrenburg

 

 

Frank van der Goesstraat

50

Crabbehof

 

Talmaweg

5

Crabbehof

 

Thorbeckeweg

302

Crabbehof

Allego (Groen van Prinstererweg)

Comelis Trompweg

t.h.v. Abel Tasmanstraat 15

Wielwijk

Allego (Abel Tasmanstraat)

Brouwersdijk

119

Oud Krispijn

 

Brouwersdijk

228

Oud Krispijn

 

Prinses Julianaweg

39

Nieuw Krispijn

 

Dubbeldamseweg Zuid

179

Nieuw Krispijn

 

Berlage-erf

51

Stadspolders

 

Bekema-erf

105

Stadspolders

 

Aletta Jacobs-erf

464

Stadspolders

Allego

Ramanovhof

42

Stadspolders

 

Hovenlaan

134

Stadspolders

 

Vissersdijk Beneden

17

Stadspolders

 

Nijhofflaan

55

Dubbeldam

 

Meidoornlaan

2

Dubbeldam

 

Gravensingel

6

Dubbeldam

 

Gravensingel

139

Dubbeldam

 

Kastanjelaan

3

Dubbeldam

 

Abeelstraat

68

Dubbeldam

 

Eddingtonweg

25

Sterrenburg

 

Plutolaan

27

Sterrenburg

 

Kometenlaan

t.h.v. Marslaan 37

Sterrenburg

Allego

Blauwweg

417

Sterrenburg

 

Minnaertweg

48

Sterrenburg

 

Prattenburg

82

Sterrenburg

Allego

Kinkelenburg

47

Sterrenburg

 

Slangenburg

124

Sterrenburg

 

Heimerstein

1

Sterrenburg

 

Spiegelhelstraat

2

Oud Krispijn

 

Brederodestraat

103

Oud Krispijn

 

Hollanderstraat

45

Oud Krispijn

 

Theophile de Bockstraat

78

Oud Krispijn

 

Patersweg

53

Oud Krispijn

 

J.J.A. Goeverneurstraat

41

Oud Krispijn

 

Nassauplein

t.h.v. Amalia van Solmsstraat 7

Oud Krispijn

 

Nassauweg

112

Nieuw Krispijn

 

Godetia

18

Zuidhoven

 

Spirea

7

Crabbehof

 

Zeehavenlaan

106

Wielwijk

 

Jacob van Heemskerckstraat

53

Wielwijk

 

Witte de Withstraat

128

Wielwijk

 

Witte de Withstraat

150

Wielwijk

 

Troelstraweg

199

Crabbehof

 

Domela Nieuwenhuisweg

160

Crabbehof

 

Abraham Kuyperweg

29

Crabbehof

 

Wilgewinde

36

Wielwijk

 

Binnen Kalkhaven

5

Sector A

E-laad

Aardappelmarkt

1

Sector A

E-laad

Nieuwe Haven

t.h.v. Blauwpoortsplein 17

Sector A

 

Buddingh'plein

achter Varkensmarkt 146a

Sector A

Allego

Kuipershaven

20

Sector A

 

Mattenkade

naast Wijnstraat 8

Sector A

 

Torenstraat

103

Sector A

 

Steegoversloot

37

Sector A

 

Parkeergarage Spuihaven - Spuiboulevard

304-308

Sector B

Ecotap

Boogjes

1

Sector B

 

Sluisweg

9

Sector C

Allego

Aert de Gelderstraat

2

Sector C

 

Spuiweg

182

Sector D

 

Beverwijckstraat

t.h.v. Van Godewijckstraat 25

Sector D

 

Spuiboulevard (noordzijde)

267

Sector D

 

Vest

115

Sector D

 

Vest

161

Sector D

Allego

Nicolaes Maessingel

207

Sector E

 

Samuel van Hoogstratensingel

103-105

Sector E

 

Cornelis de Witstraat

25-73

Sector E

 

Kasperspad

5

Sector E

 

Oranjepark

achter Toulonselaan 13

Sector F

 

Transvaalstraat (t.h.v. Anthonie Camerlinghstraat 48)

Sector F

 

Koningspleinhof

t.o. Matena'spad 53

Sector G

Allego

Lijnbaan

67

Sector G

 

Krommedijk

t.h.v. Dubbel-mondestraat 1

Land van Valk

 

Standhasenstraat

47

Land van Valk

 

Dubbeldamseweg-Zuid (naast Werkenmondsestraat 32)

Land van Valk

 

Billitonstraat

29

Vogelbuurt

E-laad

Van Slingelandtlaan

1

 

 

Reeweg-Oost

t.h.v. Riouwstraat 136

Vogelbuurt

 

Ceramstraat

134

Vogelbuurt

 

Meerkoetstraat

naast Aalscholverstr 8-14

Vogelbuurt

 

Reigerstraat

naast 104

Vogelbuurt

 

Dr. L.L. Zamenhofflaan

31

Wantij

 

Parklaan

11

Wantij

 

Ijsselstraat

3

Staart-West

 

Markstraat

t.o. 5

Staart-West

 

Beinemastraat

23

Staart-West

 

Volkerakweg

naast Jekerstraat 2

Staart-Oost

 

Wielingenstraat

24

Staart-Oost

Allego

Damsterdiep

t.o. nr. 22

Staart-Oost

 

Noorderkroonstraat

158

Sterrenburg

E-laad (geen GRID-punt)

Pieter Zeemanweg

50

Dordtse Kil I

E-laad (geen GRID-punt)

Simon Vestdijkerf

21

Stadspolders

E-laad (geen GRID-punt)

Noordendijk

250

Stadswerven

Allego (geen GRID-punt)

Damstraat

 

Dubbeldam

Allego (geen GRID-punt)

Weeskinderendijk

3

Oud-Krispijn

Allego (geen GRID-punt)

Rivierenplein

to 11

Staart-Oost

Allego (geen GRID-punt)

Vlietweg

 

Oud-Krispijn

Allego (geen GRID-punt)

 

 

Toelichting

bij Beleidsregels oplaadinfrastructuur elektrische voertuigen gemeente Dordrecht

 

1. Begripsbepalingen

Elektrische voertuigen: het gaat hierbij om alle voertuigen die op de openbare weg mogen rijden, geheel of gedeeltelijk op elektriciteit kunnen rijden en voorzien zijn van een stekker om op te laden. Veelal zal het gaan om volledig elektrische auto' of plug-in hybride elektrische auto's, maar het kan bijvoorbeeld ook gaan om andere voertuigen, zoals gehandicaptenvoertuigen, motoren, trikes en quads die de parkeerplaatsen voor auto's gebruiken. Onder het begrip elektrische voertuigen vallen ook elektrische fietsen en snor-/bromfietsen. Eventueel kunnen deze laatste voertuigen worden uitgesloten van deze Beleidsregels, maar dan moet aan de definitie in artikel 1 onder a de woorden "uitgezonderd fietsen en snor-/bromfietsen" worden toegevoegd.

 

2. Aanvraag vergunning en verkeersbesluit

Het is de bedoeling dat de aanbieder van de oplaadinfrastructuur de formele aanvraag voor de APV-vergunning en het verkeersbesluit indient. Wanneer een bewoner of bedrijf bij de gemeente aanklopt voor het plaatsen van een oplaadpaal of andere oplaadinfrastructuur op of aan de openbare weg, zal de gemeente hen doorverwijzen naar de aanbieders van oplaadinfrastructuur. De aanbieder van de oplaadinfrastructuur dient de aanvraag in bij de gemeente om APV-vergunning en verkeersbesluit.

Bewoners of bedrijven kunnen niet zelf een aanvraag voor een oplaadpaal op of aan de weg en een verkeersbesluit tot het aanwijzen van de bijbehorende parkeerplaats(en) indienen. Dit ter voorkoming van de mogelijke gedachte bij de bewoners of bedrijven dat zij daarmee het exclusieve recht krijgen op het gebruik van de betreffende oplaadpaal/oplaadinfrastructuur en de bijbehorende parkeerplaats(en). Op grond van de Wegenverkeerswetgeving kunnen voor bewoners of bedrijven ook geen eigen parkeerplaatsen worden aangewezen op de openbare weg. De enige uitzondering hierop is de individuele gehandicaptenparkeerplaats, die door middel van een verkeersbesluit kan worden aangewezen (Bord E6 met als onderbord het kenteken van de betreffende auto). Bij zo'n individuele gehandicaptenparkeerplaats kan uiteraard ook een oplaadpaal worden geplaatst, wanneer de betreffende persoon over een elektrisch voertuig beschikt. In dat geval hoeft er geen verkeersbesluit te worden genomen om het gebruik van de parkeerplaats te regelen, want dat is in feite al gebeurd.

 

4. Behoeftebepaling oplaadpaal/-infrastructuur

De aanvrager van de vergunning en het verkeersbesluit zal moeten aantonen dat er voldoende behoefte bestaat aan een oplaadpunt op de betreffende locatie. Hij kan dit doen door middel van een afschrift van een of meerdere verzoeken hiertoe van potentiële gebruikers (naam en adresgegevens van de gebruiker en kenteken van elektrische voertuig(en)). Bij het bepalen van de behoefte van potentiële gebruikers zal het college meewegen of zij de beschikking hebben of kunnen hebben over een eigen parkeergelegenheid bij de woning of het bedrijf.

 

5. Locatie

De oplaadpalen/-infrastructuur worden bij voorkeur geplaatst op strategische zichtlocaties in de nabijheid van de woningen / bedrijven van potentiële gebruikers. De voorkeur gaat uit naar centrale, goed bereikbare plekken in de wijken, zoals langs wijkontsluitingswegen of doorgaande wegen. Hiermee wordt voorkomen dat er grote verkeersstromen ontstaan binnen woonwijken wanneer elektrisch vervoer zijn vlucht neemt.

Er is onder a. en b. gekozen voor een straal van hemelsbreed 200 meter. Het staat gemeenten uiteraard vrij om te kiezen voor lokaal maatwerk en een andere straallengte te kiezen. Daarbij kan ook onderscheid worden gemaakt tussen centrum/binnenstad (bijv. 300 meter) en woonwijken (bijv. 200 meter).

Bij het toetsen van de oplaadpalen-/infrastructuur in het straatbeeld kan de gemeente bijvoorbeeld kijken naar de kleur, kwaliteit, hoogte en omvang hiervan en naar beschermde stads- en dorpsgezichten.

 

6. Volgorde besluitvorming APV-vergunning en verkeersbesluit

Het proces van de besluitvorming over de APV-vergunning en het verkeersbesluit kan gelijktijdig in gang worden gezet. Tegen beide besluiten staan echter de bezwaar- en beroepsmogelijkheden uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb) open. Belanghebbenden kunnen bezwaar maken tegen het verkeersbesluit, bijvoorbeeld omdat de parkeerdruk ter plaatse erg hoog is en er geen algemene parkeerplaatsen kunnen worden gemist.

De gemeente zal de parkeerplaats(en) voor het laden van elektrische voertuigen pas aanleggen, nadat het verkeersbesluit daartoe onherroepelijk is. Het is niet gewenst dat de oplaadinfrastructuur al vóór dit tijdstip wordt aangebracht. Daarom wordt de APV‑vergunning eerst van kracht en kan de oplaadinfrastructuur dus eerst worden geplaatst, nadat het verkeersbesluit onherroepelijk is geworden. Dit wordt expliciet in de APV-vergunning als voorschrift opgenomen.

 

7. Beheer oplaadpaal/-infrastructuur

De aanvrager van de APV-vergunning voor het plaatsen van de oplaadpaal/ ‑infrastructuur is tevens de beheerder hiervan. De APV-vergunning heeft een persoonlijk karakter (zie art. 1:5 model-APV). Wanneer de aanvrager het beheer over de oplaadpaal/-infrastructuur wil overdragen aan een andere partij, dan zal de aanvrager óf vooraf bij de aanvraag moeten vermelden voor wie de vergunning wordt aangevraagd óf achteraf toestemming moeten krijgen van de gemeente om de vergunning over te dragen. De beheerder is verantwoordelijk voor het plaatsen, beheren, onderhouden en exploiteren van de oplaadvoorziening en neemt alle kosten hiervoor voor zijn rekening. De beheerder brengt de kosten voor het opladen van de elektrische voertuigen in rekening bij de gebruikers hiervan.

 

8. Beheer parkeerplaatsen

In de Wegenverkeerswet is geregeld dat de kosten voor het nemen van het verkeersbesluit en het plaatsen van verkeersborden en verkeerstekens op de openbare weg voor rekening komen van het bevoegd gezag dat het verkeersbesluit heeft genomen. Dit is doorgaans de gemeente, tenzij het gaat om parkeerplaatsen die onderdeel uitmaken van wegen die bij het rijk, een provincie of waterschap in beheer zijn. De gemeente kan deze kosten niet doorrekenen aan de aanvrager van de oplaadinfrastructuur.

 

9 tot en met 13.

Spreken voor zich.

 

14. Aansprakelijkheid

Door natrekking wordt de gemeente formeel juridisch eigenaar van de oplaadpalen en andere oplaadinfrastructuur, wanneer deze op of aan de weg in gemeentegrond worden geplaatst. De eigendom kan wel bij de aanvrager/beheerder van de oplaadinfrastructuur worden gelegd, maar dit kan alleen door verkopen van de ondergrond of het vestigen van een opstalrecht voor alle oplaadinfrastructuur. Het eerste is doorgaans niet gewenst en het tweede erg omslachtig (via notaris) en kostbaar.

Op zich is het niet onoverkomelijk dat de gemeente formeel eigenaar wordt van de oplaadinfrastructuur, zolang de aansprakelijkheid voor alle schade bij de aanvrager/beheerder wordt gelegd.

 

15. Betaald parkeren/vergunninghouders/blauwe zone

Wanneer parkeerplaatsen voor het opladen van elektrische voertuigen zijn gelegen in gebieden voor betaald parkeren, vergunninghouders, blauwe zone of een andere parkeerrestrictie, dan moeten de bestuurders van deze voertuigen zich aan de betreffende regels houden. Parkeerplaatsen in een blauwe zone kunnen eventueel "buiten de blauwe zone" worden geplaatst, zodat elektrisch voertuigen ook gedurende langere tijd kunnen worden opgeladen. Hiervoor moet het betreffende verkeersbesluit worden aangepast en de blauwe streep bij deze parkeerplaatsen worden verwijderd.

 

16. Handhaving

Onrechtmatig gebruik van een parkeerplaats voor het opladen van elektrische voertuigen "sec" kan worden bestraft met een proces-verbaal (Mulder-feit).

Wanneer de bestuurder van het betreffende voertuig tevens niet betaald heeft in een betaald parkeergebied, dan kan óók een fiscale naheffingsaanslag worden opgelegd.

Wanneer er sprake is van het parkeren zonder parkeervergunning in een vergunninghoudersgebied, dan kan een proces-verbaal (Mulder-feit) worden opgemaakt. Zie toelichting bij de Model-parkeerverordening.

 

17. Intrekken / wijzigen van APV-vergunning en verkeersbesluit

Wanneer de aanvrager / beheerder zich niet aan de voorschriften van de APV‑vergunning houdt, kan het college uiteindelijk de vergunning intrekken. Zo'n intrekkingsprocedure moet zorgvuldig worden doorlopen. Zie hiervoor de regels uit de Algemene wet bestuursrecht (Awb): zie afdeling 3:2 Zorgvuldigheid en belangenafweging en artikel 4:8 en volgende (vooraf zienswijze inbrengen/horen).

In zo'n geval zal de beheerder zijn oplaadinfrastructuur moeten verwijderen. Is deze weigerachtig dan kan de gemeente dit afdwingen via een dwangsom en/of bestuursdwang.

Vervolgens kan de gemeente bezien of er een andere aanbieder van oplaadinfrastructuur geïnteresseerd is in het plaatsen hiervan, zodat de aangewezen parkeerplaatsen in stand kunnen blijven. Is dit niet het geval, dan zal de gemeente het betreffende verkeersbesluit kunnen intrekken en de parkeerplaatsen weer voor algemeen gebruik kunnen vrij geven.

Bij wegreconstructies wordt de systematiek uit de Telecomwetgeving gevolgd. Als een wegreconstructie binnen 5 jaar na afgifte van de APV-vergunning plaatsvindt, betaalt de gemeente de kosten van verplaatsing van oplaadinfrastructuur. Vindt de reconstructie na meer dan 5 jaar plaats dan zijn de kosten voor rekening van de beheerder van de oplaadinfrastructuur (normaal ondernemersrisico). De kosten van het benodigde verkeersbesluit en de inrichting van de parkeerplaats(en) zijn voor rekening van de gemeente.

 

18. Informatie gebruik oplaadinfrastructuur

Voor de gemeente is het in het kader van het doelmatig gebruik van de vaak schaarse parkeerruimte gewenst dat zij inzicht krijgt in het feitelijk gebruik van de oplaadinfrastructuur. Veelal zal een jaarlijks overzicht van het gebruik voldoende zijn.

19. Bijzondere omstandigheden

Hier is sprake van een zogenaamde "hardheidsclausule" op grond waarvan het college in bepaalde uitzonderlijke en/of onvoorziene situaties kan afwijken van de beleidsregels.

 

20. Termijn

Bepaling spreekt voor zich.

 

Verwijzing CROW-richtlijnen

Eind oktober 2013 is de CROW-richtlijn "Oplaadpunten voor elektrische auto's in de openbare ruimte" (publicatie 336) verschenen. In deze uitgave zijn voor gemeenten, die de rol van concessieverlener of aanbesteder van oplaadpalen/-infrastructuur kiezen, voorbeelden opgenomen voor aanbestedingen en overeenkomsten tussen aanbieders hiervan en gemeenten.