Besluit van de gedelegeerde functionaris van de provincie Flevoland houdende Mandaatbesluit heffingsambtenaar provincie Flevoland inzake heffing leges bij aanvraag tegemoetkoming faunaschade door BIJ12

Geldend van 01-01-2017 t/m heden

Intitulé

Besluit van de gedelegeerde functionaris van de provincie Flevoland houdende Mandaatbesluit heffingsambtenaar provincie Flevoland inzake heffing leges bij aanvraag tegemoetkoming faunaschade door BIJ12

Gedeputeerde Staten van Flevoland maken gelet op het bepaalde in artikel 3:42, tweede lid van de Algemene wet bestuursrecht bekend dat de heffingsambtenaar het volgende besluit heeft vastgesteld:

Mandaatbesluit heffingsambtenaar provincie Flevoland inzake heffing leges bij aanvraag tegemoetkoming faunaschade door BIJ12.

De heffingsambtenaar van de provincie Flevoland,

Gelet op het bepaalde in afdeling 10.1.1. van de Algemene wet bestuursrecht;

Overwegende dat: op grond van de Legesverordening Flevoland leges worden geheven van degene op wiens aanvraag een in de tarieventabel behorende bij deze verordening, omschreven dienst wordt verricht;

de bevoegdheid leges te heffen als bedoeld in artikel 227b, tweede lid van de Provinciewet is toegekend aan de provincieambtenaar belast met de heffing van provinciale belastingen, waartoe ook de leges worden gerekend; Gedeputeerde Staten bij besluit van 4 september 2012, nummer 1357408 het hoofd van de afdeling Financien hebben aangewezen als provincieambtenaar belast met de heffing van provinciale belastingen;

het uit een oogpunt van efficiency gewenst is aan de directeur BIJ12 de bevoegdheid te mandateren tot het heffen van leges in die gevallen, waarin hij door Gedeputeerde Staten mandaat heeft gekregen om namens hen te beslissen op aanvragen;

Gezien de instemming bedoeld in artikel 10:4, eerste lid, Algemene wet bestuursrecht van het bestuur van de Vereniging Interprovinciaal Overleg gegeven tijdens de vergadering van 4 oktober 2016 en de instemming van de directeur van BIJ12 bij brief van 22 september 2016;

Besluit: Vast te stellen het ‘Mandaatbesluit heffingsambtenaar provincie Flevoland inzake heffing leges bij aanvraag tegemoetkoming faunaschade door BIJ12’

Artikel 1: Begrippen

In dit besluit wordt verstaan onder:

Directeur: Directeur van BIJ12

BIJ12: uitvoeringsorganisatie van de gezamenlijke provincies, zijnde onderdeel van de Vereniging Interprovinciaal Overleg.

Heffingsambtenaar: de door Gedeputeerde Staten bij besluit van 4 september 2012, nummer 1357408 aangewezen provincieambtenaar belast met de heffing van provinciale belastingen als bedoeld in artikel 227a, tweede lid sub van de Provinciewet.

Artikel 2: Mandaatverlening

  • 1. De directeur, of diens waarnemer, is gemandateerd om namens de heffingsambtenaar de leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in artikel 6.2, vierde lid aanhef en onder b van de Wet natuurbescherming op grond artikel 4, eerste lid van de provinciale Legesverordening te heffen en een heffing in te trekken voor zover:

    • a.

      Gedeputeerde Staten aan de directeur mandaat hebben verleend tot het beslissen op de desbetreffende aanvraag;

    • b.

      voor het in behandeling nemen van de aanvraag leges verschuldigd zijn op grond van de Legesverordening Flevoland.

  • 2. Het mandaat, bedoeld in het eerste lid, ziet tevens op de ondertekening van namens de heffingsambtenaar genomen besluiten.

  • 3. Het mandaat, bedoeld in het eerste lid, ziet niet op de bevoegdheid tot het beslissen op bezwaarschriften als bedoeld in artikel 6:4 Algemene wet bestuursrecht.

Artikel 3: Ondermandaat

  • 1. De directeur kan ter uitoefening van de in artikel 2 gemandateerde bevoegdheden schriftelijk ondermandaat verlenen aan onder hem ressorterende leidinggevende functionarissen voor zover aan deze ondermandaat is verleend voor het beslissen op aanvragen waarop de legesheffing betrekking heeft.

  • 2. De directeur informeert de heffingsambtenaar over verleend ondermandaat.

Artikel 4: Instructies en informatieverplichting

  • 1. De gemandateerde oefent zijn bevoegdheid niet uit indien hij bij het te nemen besluit een persoonlijk belang heeft als bedoeld in artikel 2:4, tweede lid van de Algemene wet bestuursrecht.

  • 2. De gemandateerde stelt de heffingsambtenaar in kennis van krachtens mandaat te nemen of reeds genomen besluiten waarvan zij moet aannemen dat kennisneming door de heffingsambtenaar gewenst is. Hiervan is in ieder geval sprake als de maatschappelijke, beleidsmatige, politieke, juridische of financiële omstandigheden daartoe aanleiding geven.

  • 3. De uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden geschiedt binnen de grenzen en met inachtneming van artikel 10:3 Algemene wet bestuursrecht, alsmede de geldende beleids- en uitvoeringsregels.

  • 4. De directeur neemt bij de uitoefening van de gemandateerde bevoegdheden instructies van de heffingsambtenaar in acht. Partijen lichten elkaar over en weer in over de uitvoering van een instructie op een zodanig tijdstip dat de inachtneming of tijdige verdaging van beslistermijnen gewaarborgd wordt.

  • 5. De directeur informeert de heffingsambtenaar over de uitvoering van de gemandateerde bevoegdheden via de Planning en Control-cyclus van BIJ12.

Artikel 5: Ondertekening

  • 1. De ondertekening, bedoeld in de artikelen 2, 3, en 4 luidt:

    ‘de heffingsambtenaar van de provincie Flevoland,

    Namens deze;

    De directeur van BIJ12,',

Artikel 6: Inwerkingtreding

Dit besluit treedt in werking met ingang van de datum van inwerkingtreding van de Wet natuurbescherming.

Dit besluit wordt in het Provinciaal Blad geplaatst.

Ondertekening

Aldus besloten d.d. 5 december 2016,

De heffingsambtenaar

W. Timmers

Gedeputeerde Staten van Flevoland,

T. van de Wal,

secretaris

L. Verbeek,

voorzitter