Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Maastricht

SUBSIDIEREGELING CREATIEVE MAAKINDUSTRIE MAASTRICHT 2019-2022

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieMaastricht
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingSUBSIDIEREGELING CREATIEVE MAAKINDUSTRIE MAASTRICHT 2019-2022
CiteertitelSubsidieregeling Creatieve Maakindustrie Maastricht 2019-2022
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerpSubsidieregeling Creatieve Maakindustrie Maastricht 2019-2022

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

http://decentrale.regelgeving.overheid.nl/cvdr/xhtmloutput/Historie/Maastricht/CVDR343965/CVDR343965_1.html

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

ASV

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-07-201901-01-2023nieuwe regeling

11-06-2019

gmb-2019-152926

Tekst van de regeling

Intitulé

SUBSIDIEREGELING CREATIEVE MAAKINDUSTRIE MAASTRICHT 2019-2022

 

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN MAASTRICHT,

 

gelet op artikel 2, vierde lid en artikel 3, tweede lid van de Algemene subsidieverordening gemeente Maastricht 2015;

 

BESLUITEN:

 

- tot vaststelling van de volgende “Subsidieregeling Creatieve Maakindustrie Maastricht (2019-2022)”.

 

HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN

ARTIKEL 1 DEFINITIES EN BEGRIPPEN

  • a.

    Aanvraag: brief waarin wordt verzocht om toekenning van een subsidie op basis van deze regeling;

  • b.

    Aanvrager: de partij die een aanvraag indient voor een subsidie op basis van deze regeling;

  • c.

    Subsidie: hetgeen daaronder verstaan wordt in artikel 4:21 van de Algemene wet bestuursrecht. De subsidie heeft als doel de aanvrager te waarderen en te ondersteunen zonder daarbij een uitspraak te doen over de te verlenen subsidie voor specifieke activiteiten van de betreffende organisatie;

  • d.

    Subsidieplafond: het bedrag dat burgemeester en wethouders gedurende een bepaald tijdvak ten hoogste beschikbaar stelt voor de verstrekking van subsidies binnen de door de raad vastgestelde begroting.

  • e.

    Prestatieplan: een overzicht van de prestatie(s) waarvoor subsidie wordt gevraagd en de daarmee te realiseren doelstelling(en).

  • f.

    Subsidieregeling Creatieve Maakindustrie Maastricht: de regeling ter zake de nadere invulling van de subsidieverlening zoals vastgesteld door het college van burgemeester en wethouders in de vergadering van 1 (ook wel aangeduid als “deze regeling”).

 

HOOFDSTUK 2 DOELSTELLING

ARTIKEL 2 DOELSTELLING

Doelstelling van deze Subsidieregeling Creatieve Maakindustrie Maastricht, is het financieel ondersteunen van projecten die minimaal een bijdrage leveren aan minimaal een van de drie actielijnen van het plan van aanpak Creatieve Maakindustrie in de periode 2019 t/m 2022:

  • a.

    het vergroten van de zichtbaarheid van de creatieve maakindustrie;

  • b.

    het bevorderen van ondernemerschap binnen de creatieve maakindustrie

  • c.

    het versterken van het creatieve maakindustrie netwerk en het sluiten van coalities binnen en buiten de sector

 

HOOFDSTUK 3 VOORWAARDEN, TOEPASSINGSGEBIED EN VERPLICHTINGEN

ARTIKEL 3 ALGEMENE VOORWAARDEN

  • 1.

    Subsidie kan slechts worden verstrekt:

    • a.

      indien daarvoor door de raad op de gemeentebegroting voor het boekjaar middelen beschikbaar zijn gesteld, en;

    • b.

      onder de daarbij door de raad of door burgemeester en wethouders bepaalde voorwaarden, en

    • c.

      voor zover het programma van activiteiten c.q. het project subsidiabel is op grond van de doelstellingen van deze regeling

  • 2.

    Burgemeester en wethouders stellen de subsidieplafonds vast voor de jaren 2019, 2020, 2021 en 2022.

  • 3.

    Subsidie wordt door burgemeester en wethouders verstrekt.

  • 4.

    Subsidie wordt slechts verstrekt indien:

    • a.

      naar het oordeel van burgemeester en wethouders mag worden verwacht dat met de subsidiëring van de activiteit of een programma van activiteiten de te realiseren doelstelling(en) zal (zullen) worden bereikt, en

    • b.

      de aanvrager naar het oordeel van burgemeester en wethouders de behoefte aan subsidie heeft aangetoond, en

    • c.

      de aanvrager statutair en feitelijk is gevestigd in de gemeente Maastricht tenzij de activiteit of het programma van activiteiten van aanvrager naar oordeel van burgemeester en wethouders een zeer belangrijke bijdrage leveren aan de doelstellingen van deze regeling. In dit laatste geval behoeft aanvrager niet statutair en feitelijk te zijn gevestigd in de gemeente Maastricht.

 

ARTIKEL 4 TOEPASSINGSGEBIED

  • 1.

    Deze regeling is slechts van toepassing op de aanvraag door en verstrekking van subsidie aan een aanvrager die conform de doelstellingen van deze regeling een activiteit of een programma van activiteiten uitvoert.

  • 2.

    Op deze verstrekkingen is de thans geldende Algemene Subsidieverordening onverminderd van toepassing tenzij in deze regeling anders is bepaald.

  • 3.

    Deze regeling is slechts van toepassing op te subsidiëren organisaties en hun activiteiten of programma’s van activiteiten die bijdragen aan de gemeentelijke beleidsdoelstellingen van de creatieve maakindustrie.

 

ARTIKEL 5 ALGEMENE VERPLICHTINGEN

  • 1.

    Indien aanvrager subsidie wordt verstrekt voert aanvrager een zodanig ingerichte administratie dat daaruit te allen tijde de voor de vaststelling van de subsidie van belang zijnde rechten en verplichtingen alsmede de betalingen en de ontvangsten kunnen worden nagegaan. Indien de aanvrager eigen uren inzet als co-financiering dient dit in de administratie te kunnen worden nagegaan.

  • 2.

    Indien aanvrager een subsidie wordt verleend voor een activiteit of programma van activiteiten waarbij voor de uitvoering van deze activiteit of dit programma van activiteiten vergunning(en) in het kader van openbare orde en veiligheid noodzakelijk zijn, dient aanvrager over deze vergunningen de beschikking te hebben alvorens de activiteit of het programma van activiteiten kan worden uitgevoerd.

  • 3.

    De subsidieontvanger doet onverwijld schriftelijk melding aan het college van burgemeester en wethouders, zodra aannemelijk is dat de activiteiten, waarvoor subsidie is verleend, niet of geheel niet zullen worden verricht of anderszins dat niet of geheel niet aan de beschikking tot subsidieverlening verbonden verplichtingen zal worden voldaan.

 

HOOFDSTUK 4 AANVRAAG, TOETSING EN VERLENING

ARTIKEL 6 AANVRAAG ALGEMEEN

  • 1.

    Hoofdstuk 3 van de Algemene Subsidieverordening van de gemeente Maastricht is inzake de procedure van aanvraag, verlening en vaststelling alsmede inzake reserves en verplichtingen onverminderd van toepassing op de verlening van subsidies, tenzij het college van burgemeester en wethouders anders bepaalt.

  • 2.

    De financiële verantwoording van een subsidieaanvraag wordt voorzien van een korte toelichting. De toelichting is opgenomen in de brief ter zake de aanvraag.

  • 3.

    Een aanvraag wordt ondertekend door de daartoe bevoegde personen.

 

ARTIKEL 7 AANVRAAG SPECIFIEK

  • 1.

    De aanvraag voor een subsidie wordt middels een brief door de aanvrager ingediend bij burgemeester en wethouders.

  • 2.

    De aanvraag wordt ingediend uiterlijk 8 weken voor de aanvang van de activiteiten waarvoor de subsidie wordt aangevraagd.

  • 3.

    De aanvraag/brief omvat in ieder geval:

    • a.

      een omschrijving van de activiteiten en de daarmee beoogde doelstellingen;

    • b.

      het bedrag waarvoor de aanvraag wordt ingediend en het jaar van uitvoering;

    • c.

      een Prestatieplan (inclusief start- en einddatum);

    • d.

      een begroting/raming van de uitgaven en inkomsten. In de begroting wordt inzichtelijk gemaakt wat de eigen bijdrage van de aanvrager in het project is.

  • 4.

    De aanvraag geschiedt middels een brief en is verder vormvrij. In de brief wordt inzichtelijk gemaakt wat de eigen bijdrage van de aanvrager in het project is.

 

Artikel 8 IN BEHANDELING NEMEN

  • 1.

    Een aanvraag voor een subsidie op basis van deze regeling wordt enkel inhoudelijk in behandeling genomen indien:

    • -

      het project plaatsvindt in Maastricht en wordt uitgevoerd in de periode 2019 tot en met 2022

    • -

      het project bijdraagt aan minimaal een van de drie actielijnen van het plan van aanpak Creatieve Maakindustrie:

      • a.

        het vergroten van de zichtbaarheid van de creatieve maakindustrie

      • b.

        het bevorderen van ondernemerschap binnen de creatieve maakindustrie

      • c.

        het versterken van het creatieve maakindustrie netwerk en het sluiten van coalities binnen en buiten de sector

  • 2.

    De aanvraag wordt niet in behandeling genomen indien op het moment van ontvangst van de aanvraag het subsidieplafond voor het jaar waarvoor de aanvraag wordt ingediend reeds is overschreden.

 

Artikel 9 WEIGERINGSGRONDEN

  • 1.

    De subsidieverlening kan worden geweigerd indien gegronde redenen bestaan aan te nemen dat:

    • a.

      een activiteit of een programma van activiteiten van de aanvrager niet gericht zal zijn op de gemeente Maastricht of niet aanwijsbaar ten goede komt aan ingezetenen van de gemeente Maastricht;

    • b.

      de subsidieverstrekking niet past binnen het beleid van de gemeente;

    • c.

      de middelen niet of in onvoldoende mate besteed zullen worden voor het doel waarvoor het subsidie beschikbaar wordt gesteld;

    • d.

      het project een verzoek voor ondersteuning van structurele organisatiekosten inhoudt;

    • e.

      het project uitsluitend een jubileumfeest van de aanvrager zelf inhoudt;

    • f.

      de aanvrager doelstellingen beoogt of activiteiten ontplooit of zal ontplooien die in strijd zijn met de wet, het algemeen belang of de openbare orde;

    • g.

      een activiteit of een programma van activiteiten een wervend politiek en/of religieus karakter heeft;

    • h.

      de activiteiten geacht worden onderdeel uit te maken van een onderwijscurriculum.

  • 2.

    De subsidieverlening wordt voorts geweigerd voor zover door verstrekking van de subsidie het subsidieplafond, als bedoeld in artikel 3, tweede lid, zou worden overschreden.

  • 3.

    Men kan slechts één aanvraag per jaar indienen voor hetzelfde initiatief (lees: dezelfde activiteiten en/of hetzelfde project).

  • 4.

    Indien de gemeente Maastricht dezelfde activiteit al op een andere wijze reeds subsidieert en/of financiert dan wordt de voorliggende aanvraag niet in behandeling genomen en/of afgewezen.

  • 5.

    De subsidieverlening kan daarnaast in ieder geval worden geweigerd indien een gegronde reden bestaat om aan te nemen dat:

    • a.

      een activiteit of een programma van activiteiten niet of niet geheel vóór 2023 zal worden uitgevoerd;

    • b.

      de aanvrager niet zal voldoen aan de aan de subsidie verbonden verplichtingen;

    • c.

      de aanvrager niet op een behoorlijke wijze rekening en verantwoording zal afleggen omtrent de exploitatie van zijn organisatie; een te verrichten activiteit of programma van activiteiten en de daaraan verbonden uitgaven en inkomsten, voor zover deze voor de vaststelling van de subsidie van belang zijn.

  • 6.

    De subsidieverlening kan tot slot in ieder geval worden geweigerd indien de aanvrager:

    • a.

      in het kader van de aanvraag onjuiste of onvolledige gegevens heeft verstrekt en de verstrekking van deze gegevens tot een onjuiste beschikking op de aanvraag zou hebben geleid, of

    • b.

      (b) failliet is verklaard of aan hem surseance van betaling is verleend, dan wel een verzoek daartoe bij de rechtbank is ingediend.

 

ARTIKEL 10 BEOORDELING, TOEKENNING EN VASTSTELLING

  • 1.

    Nadat een aanvraag is ingediend en in behandeling is genomen, zal deze inhoudelijk worden beoordeeld.

  • 2.

    De maximaal mogelijke subsidie per aanvraag bedraagt € 20.000,00.

  • De projecten en activiteiten dienen in de periode 2019-2022 te worden uitgevoerd.

  • 3.

    Burgemeester en wethouders stellen de verleende subsidies ook direct vast.

  • 4.

    De subsidiebijdrage mag maximaal 50% van de totale kosten van het project c.q. de activiteiten bedragen. Cofinanciering is dus een vereiste.

  • 5.

    Als onderdeel van die cofinanciering mogen eigen werkuren worden meegenomen tot een maximum van 25% van de totale kosten.

  • 6.

    De subsidie-ontvanger dient medewerking te verlenen aan communicatie-uitingen van de gemeente Maastricht. Hier zijn voor de subsidieontvanger geen kosten aan verbonden.

 

Artikel 11 SUBSIDIEPLAFOND

  • 1.

    Het college van burgemeester en wethouders stelt middels het vaststellen van de regeling tevens het subsidieplafond vast voor de jaren 2019, 2020, 2021 en 2022.

  • 2.

    Het subsidieplafond voor de periode 11 juni 2019 t/m 31 december 2019 bedraagt in totaal € 125.000,00. Er gelden geen specifieke data waarvoor de aanvraag moet worden ingediend. De aanvraag kan het gehele jaar worden ingediend rekening houdende met het feit dat de activiteit in 2019 moet plaatsvinden en de aanvraag minimaal 8 weken voor aanvang bij de gemeente dient te worden ingediend.

  • 3.

    Voor wat betreft de periode 2020, 2021 en 2022 bedraagt het subsidieplafond in totaal: € 375.000,00. Dit bedrag wordt verdeeld over 6 perioden.

  • 4.

    Voor wat betreft de periode 1 januari 2020 tot 1 juli 2020 bedraagt het subsidieplafond € 60.000,00.

  • 5.

    Voor wat betreft de periode 1 juli 2020 t/m 31 december 2020 bedraagt het subsidieplafond € 65.000,00

  • 6.

    Voor wat betreft de periode 1 januari 2021 tot 1 juli 2021 bedraagt het subsidieplafond € 60.000,00.

  • 7.

    Voor wat betreft de periode 1 juli 2021 t/m 31 december 2021 bedraagt het subsidieplafond € 65.000,00

  • 8.

    Voor wat betreft de periode 1 januari 2022 tot 1 juli 2022 bedraagt het subsidieplafond € 60.000,00.

  • 9.

    Voor wat betreft de periode 1 juli 2022 t/m 31 december 2022 bedraagt het subsidieplafond € 65.000,00

  • 10.

    Aanvragen voor het eerste half jaar van 2020 moeten uiterlijk voor 1 oktober 2019 worden ingediend.

  • 11.

    Aanvragen voor het tweede half jaar van 2020 moeten uiterlijk voor 1 maart 2020 worden ingediend.

  • 12.

    Aanvragen voor het eerste half jaar van 2021 moeten uiterlijk voor 1 oktober 2020 worden ingediend.

  • 13.

    Aanvragen voor het tweede half jaar van 2021 moeten uiterlijk voor 1 maart 2021 worden ingediend.

  • 14.

    Aanvragen voor het eerste half jaar van 2022 moeten uiterlijk voor 1 oktober 2021 worden ingediend.

  • 15.

    Aanvragen voor het tweede half jaar van 2022 moeten uiterlijk voor 1 maart 2022 worden ingediend

  • 16.

    Aanvragen die worden ingediend na de bovengenoemde data kunnen buiten behandeling worden gelaten. Burgemeester en wethouders kunnen – indien het subsidieplafond nog niet is bereikt– alsnog besluiten om de aanvraag in behandeling te nemen.

  • 17.

    De aanvragen worden conform volgorde van binnenkomst in behandeling genomen waarbij er een onderscheid wordt gemaakt tussen herhaalde aanvragen en nieuwe aanvragen. Nieuwe aanvragen (voor het opstarten en uitvoeren van nieuwe projecten) hebben voorrang op herhaalde aanvragen (voor het uitvoeren van bestaande projecten). Na de behandeling van de nieuwe aanvragen volgt de behandeling van de herhaalde aanvragen.

  • 18.

    Indien op het moment van ontvangst van een aanvraag het subsidieplafond nog niet is overschreden dan wordt het gevraagde bedrag voorlopig gereserveerd.

  • 19.

    College van burgemeester en wethouders besluit vervolgens binnen een periode van 8 weken. In dat besluit zal het verleende subsidiebedrag worden vastgelegd en wordt de reservering ook definitief.

  • 20.

    Het ongebruikte deel van het subsidieplafond in iedere periode schuift door naar de volgende periode

 

HOOFDSTUK 5 OVERIGE BEPALINGEN

ARTIKEL 12 HARDHEIDSCLAUSULE

  • 1.

    In alle gevallen waarin deze regeling niet voorziet beslist het College van Burgemeester en wethouders.

  • 2.

    Indien toepassing van het bepaalde in deze regeling, naar oordeel van het College van Burgemeester en Wethouders, tot kennelijke onbillijkheden leidt, dan kan het College van Burgemeester en Wethouders van enige bepaling afwijken.

  • 3.

    Het College van B&W behoudt zich het recht voor om gemotiveerd een lager bedrag toe te kennen dan de maximaal mogelijke subsidie van € 20.000,-.

 

ARTIKEL 13 VERPLICHTINGEN

Voor de algemene verplichtingen wordt verwezen naar artikel 8 van de Algemene subsidieverordening gemeente Maastricht 2015. Hierin is opgenomen aan welke administratieve voorwaarden moet worden voldaan.

 

ARTIKEL 14 INWERKINGTREDING

Deze regeling treedt in werking na bekendmaking, met ingang van 1 juli 2019 en geldt t/m 31 december 2022.

 

ARTIKEL 15 CITEERTITEL

Deze regeling kan worden aangehaald als “Subsidieregeling Creatieve Maakindustrie Maastricht (2019-2022).”

 

Aldus besloten door het college van burgemeester en wethouders van Maastricht d.d. 11 juni 2019.

 

de secretaris,

R.E.C. Kleijnen

 

de burgemeester,

J.M. Penn-te Strake