Beleidsregels proceskostenvergoeding bestuursrecht gemeentelijke belastingen

Geldend van 28-02-2013 t/m heden

Intitulé

Beleidsregels proceskostenvergoeding bestuursrecht gemeentelijke belastingen

BURGEMEESTER EN WETHOUDERS VAN PEEL EN MAAS;

Overwegende dat:

de uitvoering van de heffing en invordering van de gemeentelijke belastingen alsmede de uitvoering van de Wet WOZ op een zo efficiënt mogelijke en uniforme wijze dient te verlopen

en gelet op het bepaalde in artikel 1:3, vierde lid, Awb, artikel 7:15 Awb, artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel a, en artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van het Besluit proceskosten bestuursrecht juncto onderdeel C.1. van de bij dat Besluit behorende bijlage;

BESLUITEN:

 

Vast te stellen beleidsregels proceskostenvergoeding bestuursrecht gemeentelijke belastingen.

Artikel 1

  • 1.

    • Voor de toepassing van de wegingsfactoren, die zijn genoemd in onderdeel C.1. van de bijlage bij het Besluit proceskosten bestuursrecht, wordt een zaak in beginsel aangemerkt als gemiddeld, tenzij een zaak als zeer licht dient te worden aangemerkt.

  • 2.

    • Van een zeer lichte zaak is sprake indien:

      a. het om een pro forma bezwaarschrift zonder aanvulling gaat;

      b. het bezwaarschrift summier gemotiveerd is;

      c. het bezwaarschrift is voorzien van een standaardmotivering;

      d. het bezwaarschrift zich uitsluitend richt op de volledigheid van het taxatieverslag of op het ontbreken van een deugdelijke motivering zonder nadere visie en onderbouwing van de waarde;

      e. het bezwaarschrift is gericht tegen het niet tijdig nemen van een besluit.

Artikel 2

  • 1.

    • Voor de vergoeding van door een deskundige opgemaakt taxatierapport geldt dat deze vergoeding wordt gebaseerd op de in dit artikel vermelde tijdsbesteding en uurtarieven.

  • 2.

    • Bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding van een door een deskundige opgemaakt taxatierapport wordt uitgegaan van de volgende tijdsbesteding:

      a. 2 uur voor niet-inpandige woningtaxaties;

      b. 4 uur voor woningtaxaties met inpandige opname;

      c. maximaal 5 uren indien het taxatierapport betrekking heeft op een incourante niet-woning, welk aantal wordt verhoogd met 1 indien de zaak inpandig is opgenomen.

  • 3.

    • Bij het bepalen van de hoogte van de vergoeding van een door een deskundige opgemaakt taxatierapport wordt uitgegaan van de volgende uurtarieven:

      a. € 50,00 exclusief BTW indien het taxatierapport betrekking heeft op een onroerende zaak die dient tot woning, welk bedrag wordt verhoogd met BTW indien de BTW op belanghebbende drukt;

      b. € 65,00 exclusief BTW indien het taxatierapport betrekking heeft op een onroerende zaak die niet dient tot woning en deze zaak is aan te merken als een courante niet-woning, welk bedrag wordt verhoogd met BTW indien de BTW op belanghebbende drukt;

      c. € 65,00 exclusief BTW indien het taxatierapport betrekking heeft op een onroerende zaak die niet dient tot woning en deze zaak is aan te merken als een incourante niet-woning, welk bedrag wordt verhoogd met BTW indien de BTW op belanghebbende drukt.

Artikel 3

Reis- en verblijfkosten van een belanghebbende kunnen voor vergoeding in aanmerking komen. Daarbij geldt als uitgangspunt dat reiskosten worden vergoed op basis van een kaartje openbaar vervoer 2e klasse, tenzij de reis (redelijkerwijs) per openbaar vervoer niet mogelijk is. In dat geval worden de reiskosten vergoed tegen een bedrag van € 0,28 per kilometer. De hoogte van de vergoeding van verblijfkosten wordt in goede justitie bepaald.

Artikel 4

Verletkosten van een belanghebbende kunnen voor vergoeding in aanmerking komen. De vergoeding van verletkosten vindt in beginsel plaats tegen de werkelijke kosten, waarbij geldt dat het minimum bedrag per uur € 4,54 en het maximum bedrag per uur € 53,09 bedraagt.

Artikel 5

Kosten van uittreksels uit de openbare registers, telegrammen, internationale telexen, internationale telefaxen en internationale telefoongesprekken kunnen voor vergoeding in aanmerking komen. De vergoeding van deze kosten vindt in beginsel plaats tegen de werkelijke kosten.

Artikel 6

Een proceskostenvergoeding wordt eerst toegekend indien belanghebbende kan aantonen dat de betreffende kosten daadwerkelijk op hem drukken.

Artikel 7

Het bedrag aan proceskostenvergoeding wordt overgemaakt op het rekeningnummer van belanghebbende.

Artikel 8

  • 1.

    • Deze beleidsregels treden in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    • Dit besluit kan worden aangehaald als “Beleidsregels besluit proceskosten bestuursrecht”.

Ondertekening

Aldus vastgesteld door burgemeester en wethouders van de gemeente Peel en Maas op 26 februari 2013.
de gemeentesecretaris/directeur, de burgemeester,
drs. H. Mensink, W.J.G. Delissen-van Tongerlo