Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Wageningen

Verordening bezwarencommissies AZ en SMZ gemeente Wageningen 2010

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieWageningen
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening bezwarencommissies AZ en SMZ gemeente Wageningen 2010
CiteertitelVerordening bezwarencommissies AZ en SMZ gemeente Wageningen 2010
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Tevens vastgesteld door de gemeenteraad en de burgemeester. Bekendmaking raadsbesluit in Stad Wageningen 15-12-2010 (inwerkingtreding raadsbesluit 26012011). De oude verordeningen tbv bezwaarschriften college en burgemeester zijn ingetrokken per 28102010. Voor de gemeenteraad ingetrokken per 26012011.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Onbekend

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

28-10-2010Nieuwe regeling

12-10-2010

Stad Wageningen, 20-10-2010

Onbekend

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening bezwarencommissies AZ en SMZ gemeente Wageningen 2010

De raad, het college van burgemeester en wethouders (het college) en de burgemeester van de gemeente Wageningen;

 

ieder voor zover het hun bevoegdheden betreft;

 

gelet op artikel 7:13 en de overige van toepassing zijnde bepalingen van de Algemene wet bestuursrecht (Awb), alsmede de Gemeentewet;

 

besluiten vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening bezwarencommissies AZ en SMZ gemeente Wageningen 2010

VERORDENING BEZWARENCOMMISSIES AZ EN SMZ GEMEENTE WAGENINGEN 2010

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • -

    verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen;

  • -

    commissie: bezwarencommissie Algemene Zaken en bezwarencommissie Sociale en Maatschappelijke Zaken.

Artikel 2 Inleidende bepaling commissie

  • 1.

    Er is een bezwarencommissie Algemene Zaken en een bezwarencommissie Sociale en Maatschappelijke Zaken ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college, de burgemeester en de ambtenaar in de zin van artikel 16 van de Leerplichtwet.

  • 2.

    De bezwaarschriften ingediend tegen de besluiten van de raad, de burgemeester en de besluiten van de ambtenaar in de zin van artikel 16 van de Leerplichtwet worden ter advisering voorgelegd aan de bezwarencommissie Algemene Zaken.

  • 3.

    Het college stelt bij nader besluit de categorieën van bezwaarschriften vast die ter advisering aan de bezwarencommissies worden voorgelegd (bijlage 1 bij deze verordening).

  • 4.

    De commissies zijn niet bevoegd ten aanzien van:

    • -

      bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken;

    • -

      bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van een wettelijk voorschrift inzake personele aangelegenheden.

Artikel 3 Samenstelling van de commissie

  • 1.

    De commissie bestaat uit een voorzitter, een plaatsvervangend voorzitter en ten minste twee leden.

  • 2.

    De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de leden worden door het college benoemd, geschorst en ontslagen.

  • 3.

    De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de leden kunnen geen deel uitmaken van of werkzaam zijn onder verantwoordelijkheid van het gemeentebestuur van Wageningen.

  • 4.

    Onder “de voorzitter” wordt in de artikelen 7 tot en met 17 van deze verordening tevens verstaan “de plaatsvervangend voorzitter”.

Artikel 4 Secretaris

  • 1.

    De secretaris van de commissie is een door het college aangewezen ambtenaar.

  • 2.

    Het college wijst tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris aan.

Artikel 5 Zittingsduur

  • 1.

    De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een periode van vier jaar, welke periode eenmaal met vier jaar kan worden verlengd.

  • 2.

    De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen.

  • 3.

    De voorzitter, de plaatsvervangend voorzitter en de leden van de commissie kunnen gedurende hun zittingsperiode door het college worden geschorst en ontslagen.

  • 4.

    De aftredende voorzitter, de aftredende plaatsvervangend voorzitter en de aftredende leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Artikel 6 Ingediend bezwaarschrift

  • 1.

    Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend.

  • 2.

    Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld.

Artikel 7 Uitoefening bevoegdheden

De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de Awb worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie:

  • 1.

    artikel 2:1, tweede lid;

  • 2.

    artikel 6:6, wat betreft het de indiener stellen van een termijn;

  • 3.

    artikel 6:17, voor zover het de verzending van stukken betreft tijdens de behandeling door de commissie;

  • 4.

    artikel 7:4, tweede lid;

  • 5.

    artikel 7:6, vierde lid.

Artikel 8 Vooronderzoek

  • 1.

    De voorzitter van de commissie is bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen.

  • 2.

    De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.

Artikel 9 Hoorzitting

  • 1.

    De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld door de commissie te worden gehoord.

  • 2.

    De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de Awb.

  • 3.

    Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

Artikel 10 Uitnodiging zitting

  • 1.

    De voorzitter nodigt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste twee weken voor de zitting schriftelijk uit.

  • 2.

    Binnen drie dagen na de uitnodiging kunnen de belanghebbenden of het verwerend orgaan onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken het tijdstip van de zitting te wijzigen.

  • 3.

    De beslissing van de voorzitter op dit verzoek wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld.

  • 4.

    De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 11 Quorum

Voor het houden van een zitting is vereist dat de voorzitter en minimaal twee leden aanwezig zijn, welke namens de commissie advies uitbrengen. In uitzonderingsgevallen kan de commissie het horen opdragen aan de voorzitter, al dan niet tezamen met één lid.

Artikel 12 Niet-deelneming aan de behandeling

De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift indien daarbij hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.

Artikel 13 Openbaarheid zitting

  • 1.

    De zitting van de commissie SMZ is niet-openbaar.

  • 2.

    De zitting van de commissie AZ is openbaar. De deuren kunnen worden gesloten indien de voorzitter of één van de aanwezige leden van de commissie het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet. De commissie beslist vervolgens dat de hoorzitting niet-openbaar is als zich gewichtige redenen voordoen die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten.

Artikel 14 Schriftelijke verslaglegging

  • 1.

    Het verslag als bedoeld in artikel 7:7 van de Awb vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid.

  • 2.

    Het verslag houdt een zakelijke vermelding in van wat over en weer is gezegd en wat verder ter zitting is voorgevallen.

  • 3.

    Indien de zitting geheel of gedeeltelijk met gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding.

  • 4.

    Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht.

  • 5.

    Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie.

Artikel 15 Nader onderzoek

  • 1.

    Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de andere commissieleden dit onderzoek houden.

  • 2.

    De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden.

  • 3.

    De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'n verzoek.

  • 4.

    Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 16 Raadkamer en advies

  • 1.

    De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies.

  • 2.

    De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.

  • 3.

    Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter.

  • 4.

    Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt.

  • 5.

    Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.

  • 6.

    Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.

Artikel 17 Uitbrengen advies en verdaging

  • 1.

    Het advies wordt, onder medezending van het verslag als bedoeld in artikel 14 en eventueel door de commissie ontvangen nadere informatie en nader verslag, tijdig uitgebracht aan het bestuursorgaan dat op het bezwaarschrift dient te beslissen.

  • 2.

    Indien naar het oordeel van de voorzitter van de commissie de termijn van 12 weken, als bedoeld in artikel 7:10, eerste lid, van de Awb, ontoereikend is voor achtereenvolgens het uitbrengen van een advies en het nemen van een beslissing, verzoekt hij het verwerend orgaan tijdig de beslissing te verdagen.

  • 3.

    Van een besluit tot verdaging ontvangt de commissie bericht en ontvangen de belanghebbenden een afschrift.

Artikel 18 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op de eerste dag na het verstrijken van een termijn van zes weken na de datum van haar bekendmaking.

  • 2.

    De “Verordening bezwarencommissie Algemene Zaken 2008” wordt ingetrokken.

  • 3.

    De “Verordening bezwarencommissie Sociale en Maatschappelijke 2008” wordt ingetrokken.

Artikel 19 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Verordening bezwarencommissies AZ en SMZ gemeente Wageningen 2010”.