Controleverordening gemeente Den Haag 2014

Geldend van 23-12-2023 t/m heden

Intitulé

Controleverordening gemeente Den Haag 2014

Artikel 1 Definities

a.

Accountant:

de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag.

b.

Accountantscontrole (algemeen):

het onderzoek door een accountant inzake de getrouwheid en/of de rechtmatigheid van een verantwoording.

c.

Accountantscontrole (jaarstukken):

de controle door de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag van de in artikel 197 van de Gemeentewet bedoelde jaarrekening, met inachtneming van de bepalingen van artikel 213 van de Gemeentewet en de overige relevante beroepsreglementering voor accountants.

d.

vervallen

e.

Jaarrekening:

de in artikel 197 Gemeentewet bedoelde jaarrekening van de Gemeente Den Haag.

f.

Tussentijdse proces- en projectverantwoordingen:

de op verzoek van de Rekeningencommissie gedurende het jaar door het college opgestelde verantwoordingsrapportages over processen en projecten.

g.

Rekeningencommissie:

de commissie als bedoeld in de Verordening Rekeningencommissie 2014.

h.

derden:

opdrachtgevers niet zijnde een orgaan van de gemeente Den Haag.

Artikel 2 Onafhankelijkheid en Opdrachtverlening accountantscontrole en andere onderzoeken

  • 1. De accountantscontrole als bedoeld in artikel 213, tweede lid van de Gemeentewet van de jaarrekening is door de raad opgedragen aan de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag.

  • 2. Binnen de kaders van de Controleverordening gemeente Den Haag kan de raad, via de Rekeningencommissie, in overleg met de accountant aanvullende onderwerpen vaststellen voor de accountantscontrole.

  • 3. Aan het hoofd van de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag staat een directeur als deskundige bedoeld in artikel 393, eerste lid van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, die belast is met de leiding van de organisatie en met de regeling van alle door de organisatie uit te voeren werkzaamheden.

  • 4. Conform het bepaalde in artikel 213, zevende lid van de Gemeentewet wordt de accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek door de Gemeenteraad benoemd, geschorst en ontslagen. Hij regelt zijn vervanging bij afwezigheid.

  • 5. Krachtens de beroepsregels voor accountants zijn de directeur en de medewerkers van de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag in de uitoefening van hun werkzaamheden onafhankelijk van hun opdrachtgevers en van degenen omtrent wiens aangelegenheden verklaringen en onderzoeksrapporten worden afgegeven.

  • 6. De directeur en de medewerkers van de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag zijn bij de uitvoering van opdrachten gebonden aan de voorschriften inzake geheimhouding conform de voor accountants geldende beroepsregels. De Wet open overheid blijft onverwijld van toepassing.

Artikel 3 Inhoud accountantscontrole

Bij de accountantscontrole zijn met inachtneming van het Besluit accountantscontrole decentrale overheden de volgende uitgangspunten van toepassing:

  • a.

    voor de toe te passen goedkeuringstolerantie bij de controle van de gehele jaarrekening volgt de accountant het Besluit accountantscontrole decentrale overheden. De raad kan besluiten om een lagere goedkeuringstolerantie voor de gehele jaarrekening vast te stellen;

  • b.

    de toe te passen rapporteringstolerantie bij de rapportering van de bevindingen van de controle van de jaarrekening bedraagt 100.000 Euro;

  • c.

    de controle van bestuurlijke uitgaven vindt met een hoge mate van nauwkeurigheid plaats;

  • d.

    het verslag van de bevindingen van de accountant besteedt in ieder geval aandacht aan de volgende onderwerpen:

    1° de controleverklaring;

    2° analyse van het resultaat en de financiële positie;

    3° programma-uitkomsten en daarmee samenhangende balansposten, projecten en processen;

    4° financieel beheer;

    5° rechtmatigheid;

    6° bestuurlijk relevante indicatoren of kengetallen;

    7° integriteit en fraude;

    8° informatietechnologie en gegevensbescherming (AVG);

    9° single information single audit (SISA);

    10° duurzaamheid;

    11° Wet normering topinkomens (WNT).

Artikel 4 Reikwijdte van de rechtmatigheidscontrole

Vervallen

Artikel 5 Informatieverstrekking

  • 1. Het college is verantwoordelijk voor het opstellen van de jaarrekening conform de geldende wet- en regelgeving en overlegt deze jaarrekening aan de accountant voor controle.

  • 2. Alle aan de jaarrekening ten grondslag liggende verordeningen, notulen van raad- en commissievergaderingen, nota's, notulen van collegevergaderingen, collegebesluiten, dienstformats en -rapportages, administraties, plannen, overeenkomsten, berekeningen e.d. liggen voor de accountant ter inzage en zijn voor hem onbelemmerd toegankelijk.

  • 3. Bij de jaarrekening draagt het college er zorg voor dat alle bij het college bekende informatie en alle besluiten, die van belang zijn voor een oordeel door de accountant over het getrouwe beeld van de jaarrekening, aan de accountant worden verstrekt.

  • 4. Alle informatie, die na het opstellen van de jaarrekening en voor behandeling van de jaarrekening in de raad beschikbaar komt en die van invloed is op het beeld dat de jaarrekening geeft, wordt terstond door het college aan de raad en de accountant gemeld. Indien dit voor het weergave van het getrouwe beeld noodzakelijk is stelt het college een aangepaste jaarrekening op, die aan de accountant ter controle wordt aangeboden.

  • 5. De voorgaande leden van dit artikel zijn van overeenkomstige toepassing op de onderdelen van de jaarrekening die betrekking hebben op de Raadsorganisatie, met dien verstande dat hetgeen in de voorgaande leden is geregeld onder de verantwoordelijkheid van het presidium van de raad valt.

Artikel 6 Inrichting accountantscontrole en andere onderzoeken

  • 1. De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening en de voor accountants geldende beroepsregels de wijze, waarop de accountantscontrole en andere onderzoeken worden ingericht alsmede de aard en de omvang van de daarbij behorende werkzaamheden.

  • 2. De accountant bepaalt binnen het kader van de opdrachtverlening de frequentie van de uit te voeren controles. De accountant kan de controlewerkzaamheden zonder voorafgaande kennisgeving uitvoeren.

  • 3. Ter bevordering van een doelmatige en doeltreffende uitvoering van de accountantscontrole vindt zo nodig periodiek (afstemmings-)overleg plaats tussen de directeur van de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag, de voorzitter van de Rekeningencommissie, de portefeuillehouder Financiën en de gemeentesecretaris of de concerncontroller.

Artikel 7 Toegang tot informatie

  • 1. De accountant is zonder meer en zonder nadere aankondiging bevoegd tot het opnemen van alle kassen, waardepapieren en voorraden en het inzien van alle boeken, notulen, brieven, computerbestanden en overige informatiedragers, waarvan hij inzage voor de accountantscontrole nodig oordeelt. Het college draagt er zorg voor dat de accountant voor de uitvoering van zijn werkzaamheden een onbelemmerde en onverwijlde toegang heeft tot alle kantoren, magazijnen, archieven, werkplaatsen, terreinen en informatiedragers van de gemeente.

  • 2. Alle ambtenaren en collegeleden zijn verplicht de verlangde informatie te verstrekken, die de accountant voor de uitvoering van zijn opdrachten nodig acht. Het college draagt er zorg voor, dat collegeleden en de desbetreffende ambtenaren hieraan hun medewerking verlenen.

  • 3. De voorgaande leden van dit artikel zijn eveneens van toepassing voor de informatie over de onderdelen van de jaarrekening, die betrekking hebben op de Raadsorganisatie, met dien verstande dat de toegang tot de informatie hierbij onder de verantwoordelijkheid van het presidium van de raad valt.

Artikel 8 Overige controles en onderzoeken in opdracht van de raad

  • 1. De controle van de overige verantwoordingen, waaronder die van de specifieke uitkeringen, zijn aan de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag opgedragen.

  • 2. De uitvoering van overige assurance-opdrachten zijn aan de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag opgedragen.

  • 3. De raad kan de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag opdragen om overige onderzoeken uit te voeren en daarover te rapporteren.

  • 4. De Rekeningencommissie is opdrachtgever voor de overige onderzoeken van de raad, waarbij de onderzoeken niet in strijd mogen zijn met de vigerende regelgeving van accountants en niet strijdig mogen zijn met de controlerende taak zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid.

  • 5. De overige onderzoeken hebben betrekking op:

    • a.

      het onderzoek naar de tussentijdse proces- en projectverantwoordingen zoals bedoeld in artikel 3.3, zesde lid van de Algemene verordening financieel beleid en beheer gemeente Den Haag 2019;

    • b.

      het onderzoek naar bepaalde posten, aandachtsvelden of andere specifieke andere vragen.

Artikel 9 Overige controles en onderzoeken in opdracht van het college

  • 1. Het college kan de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag opdracht geven tot het uitvoeren van onderzoeken, waaronder de onderzoeken naar verbonden partijen, indien de onafhankelijkheid van de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag conform de vigerende beroepsvoorschriften voor registeraccountants daarmee niet wordt aangetast.

  • 2. Het college kan de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag opdragen om, aanvullend op de controle van de jaarrekening en andere (interne) rapportages, bepaalde posten of aandachtsvelden met meer nauwkeurigheid te onderzoeken dan de in artikel 3 genoemde toleranties.

Artikel 9a Controles en overige onderzoeken in opdracht van derden

  • 1. Derden kunnen de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag opdracht geven voor uitvoeren van (wettelijke) controles van jaarrekeningen en andere onderzoeken voor zover deze niet strijdig zijn met de vigerende regelgeving van accountants en niet strijdig zijn met de jaarrekeningcontrole van de gemeente Den Haag zoals bedoeld in artikel 2, eerste lid.

  • 2. Een overeenkomst voor controles en onderzoeken zoals bedoeld in het vorige lid kan alleen worden afgesloten indien deze tegen marktconforme tarieven wordt aangeboden en pas nadat goedkeuring van de Rekeningencommissie is verkregen.

Artikel 10 Rapportering

  • 1. De accountant verstrekt de controleverklaring met het verslag van bevindingen met betrekking tot de door het college opgemaakte jaarrekening aan de raad, met een afschrift aan het college.

  • 2. De controleverklaring en het verslag van bevindingen omtrent het onderzoek van de jaarrekening worden voor verzending aan de raad door de accountant aan het college voorgelegd met de mogelijkheid om op deze documenten te reageren.

  • 3. De controlebevindingen omtrent het onderzoek naar de onderdelen van de jaarrekening die betrekking hebben op de Raadsorganisatie worden - voordat deze in de controleverklaring en het verslag van bevindingen bij de jaarrekening worden betrokken - zowel aan het presidium van de raad als de griffier voorgelegd met de mogelijkheid op deze bevindingen te reageren.

  • 4. De accountant rapporteert tussentijds omtrent uitkomsten van het onderzoek naar de jaarrekening indien naar de mening van de accountant bijzondere omstandigheden dit noodzakelijk maken. Deze rapportering kan onderdeel uitmaken van het overleg als bedoeld in artikel 6, derde lid.

  • 5. De accountant rapporteert omtrent uitkomsten van de onderzoeken naar de tussentijdse proces- en projectverantwoordingen conform de in de leden 1, 2 en 3 aangegeven wijze.

  • 6. De accountant bespreekt voorafgaand aan de raadsbehandeling van de jaarrekening het verslag van de bevindingen en de strekking van de controleverklaring met de leden van de Rekeningencommissie.

  • 7. In aanvulling op het in artikel 213 van de Gemeentewet voorgeschreven verslag van bevindingen brengt de accountant over de door hem (tussentijds) uitgevoerde controles en onderzoeken middels een tussentijds verslag uit van zijn bevindingen van bestuurlijk belang aan het college en de raad, en van bevindingen van niet bestuurlijk belang aan de daarvoor in aanmerking komende functionaris(sen) van de gemeente. Hierbij past de accountant het beginsel toe van hoor en wederhoor.

  • 8. De wijze van rapportering van de overige controles en onderzoeken, zoals bedoeld in artikel 9, wordt geregeld bij de opdrachtverlening door het college of door derden aan de Gemeentelijke Accountantsorganisatie Den Haag.

Artikel 11 Inwerkingtreding

  • 1. De Controleverordening 2003, zoals laatstelijk gewijzigd in de raadsvergadering van 23 april 2009, wordt ingetrokken.

  • 2. Deze verordening treedt in werking op de dag nadat zij is vastgesteld is van toepassing op de accountantscontrole van de jaarrekening vanaf het verslagjaar 2014 en op andere onderzoeken vanaf 2015.

Artikel 12 Citeerartikel

Deze verordening kan worden aangehaald als “Controleverordening gemeente Den Haag 2014”.

Ondertekening

Aldus besloten in de openbare raadsvergadering van 18 december 2014.
De griffier, mr. H.L.G. Seuren en de voorzitter, J.J. van Aartsen