Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Beekdaelen

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Beekdaelen houdende regels omtrent de heffing en invordering van leges (Legesverordening gemeente Beekdaelen 2020)

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieBeekdaelen
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening van de gemeenteraad van de gemeente Beekdaelen houdende regels omtrent de heffing en invordering van leges (Legesverordening gemeente Beekdaelen 2020)
CiteertitelLegesverordening gemeente Beekdaelen 2020
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt de Legesverordening gemeente Beekdaelen 2019.

De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 156, eerste lid, van de Gemeentewet
  2. artikel 156, tweede lid, van de Gemeentewet
  3. artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet
  4. artikel 2 van de Paspoortwet
  5. artikel 7 van de Paspoortwet
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

31-12-2019nieuwe regeling

23-12-2019

gmb-2019-319449

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Beekdaelen houdende regels omtrent de heffing en invordering van leges (Legesverordening gemeente Beekdaelen 2020)

De raad van de gemeente Beekdaelen;

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 12 november 2019,

 

gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onderdeel h, en 229, eerste lid, aanhef en onderdeel b, van de Gemeentewet, en de artikelen 2, tweede lid en 7 Paspoortwet’;

 

 

BESLUIT:

 

vast te stellen de:

 

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020.

Artikel 1 Definities

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • -

    dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

  • -

    jaar: het tijdvak dat loopt van de ne dag in een kalenderjaar tot en met de (n–1)e dag in het volgende kalenderjaar;

  • -

    kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december.

  • -

    maand: het tijdvak dat loopt van ne dag in een kalendermaand tot en met de (n–1)e dag in de volgende kalendermaand, met dien verstande dat als de ne dag in een kalendermaand 30 of 31 januari is, de

  • -

    (n-1)e dag in de volgende kalendermaand altijd de laatste dag van de maand februari is

  • -

    week: een aaneengesloten periode van zeven dagen.

Artikel 2 Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam 'leges' worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

    een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

Leges worden niet geheven voor:

  • a.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • b.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

Artikel 5 Maatstaven van heffing en tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur.

Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald, ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen één maand na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 9 Vermindering of Teruggaaf

  • 1.

    Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college van burgemeester en wethouders is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • 1.

      onderdeel 1.1.8 (akten burgerlijke stand);

    • 2.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 3.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 4.

      onderdeel 1.9.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 5.

      hoofdstuk 16 (kansspelen);

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 11 Overgangsrecht

  • 1.

    De Legesverordening gemeente Beekdaelen 2019, van 2 januari 2019, wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 12, tweede lid, genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 12, tweede lid, opgenomen datum van ingang van de heffing, blijft de in het eerste lid genoemde verordening gelden voor de in de tussenliggende periode plaatsvindende belastbare feiten voor zover de heffing van de leges hiervoor in die periode plaatsvindt.

Artikel 12 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de 1e dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2020.

Artikel 13 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als “Legesverordening gemeente Beekdaelen 2020”.

Aldus vastgesteld in de openbare raadsvergadering van 23 december 2019.

de Griffier,

Mevr. B.W.E. v.d. Wijst-Triepels

de Voorzitter,

dhr. ing. E. Geurts

Bijlage 1 TARIEVENTABEL LEGES

Tarieventabel, behorende bij de Legesverordening 2020 gemeente Beekdaelen.

 

INDELING TARIEVENTABEL

Titel 1

Algemene dienstverlening

Hoofdstuk 1

Burgerlijke stand

Hoofdstuk 2

Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

Hoofdstuk 3

Rijbewijzen

Hoofdstuk 4

Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

Hoofdstuk 5

Vervallen

Hoofdstuk 6

Vervallen

Hoofdstuk 7

Bestuursstukken

Hoofdstuk 8

Vastgoedinformatie

Hoofdstuk 9

Overige publiekszaken

Hoofdstuk 10

Gemeentearchief (n.v.t.)

Hoofdstuk 11

Huisvestingswet 2014 (n.v.t.)

Hoofdstuk 12

Leegstandwet

Hoofdstuk 13

Gemeentegarantie (n.v.t.)

Hoofdstuk 14

Vervallen

Hoofdstuk 15

Vervallen

Hoofdstuk 16

Kansspelen

Hoofdstuk 17

Telecommunicatie

Hoofdstuk 18

Verkeer en vervoer

Hoofdstuk 19

Diversen

 

Titel 2

Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

Hoofdstuk 1

Begripsomschrijvingen

Hoofdstuk 2

Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

Hoofdstuk 3

Omgevingsvergunning

Hoofdstuk 4

Vermindering

Hoofdstuk 5

Teruggaaf

Hoofdstuk 6

Intrekking omgevingsvergunning

Hoofdstuk 7

Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

Hoofdstuk 8

Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

Hoofdstuk 9

Vervallen

Hoofdstuk 10

In deze titel niet benoemde beschikking

 

Titel 3

Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

Hoofdstuk 1

Horeca

Hoofdstuk 2

Organiseren evenementen of markten (n.v.t.)

Hoofdstuk 3

Seksbedrijven (n.v.t.)

Hoofdstuk 4

Huisvestingswet 2014 (n.v.t.)

Hoofdstuk 5

Marktstandplaatsen (n.v.t.)

Hoofdstuk 6

Winkeltijdenwet

Hoofdstuk 7

In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

 

Titel 1 Algemene dienstverlening

 

 

 

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

 

1.1.1

Het tarief voor het in behandeling nemen van de voltrekking van een huwelijk, de registratie van een partnerschap of de omzetting van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk, bedraagt:

 

1.1.1.1

op maandag tot en met vrijdag van 09.00 uur tot 17.00 uur in het gemeentehuis

€ 350,00

1.1.1.2

op zaterdag van 09.00 uur tot 17.00 uur in het gemeentehuis

€ 425.00

1.1.1.3

op maandag tot en met zaterdag van 07.00 uur tot 22.00 uur op een door de gemeente aangewezen locatie

€ 350,00

1.1.2

Het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk zonder dat daarbij gebruik gemaakt wordt van een ceremonie

€ 50,00

1.1.3

De tijdstippen voor kosteloze huwelijksvoltrekking en het aangaan van een geregistreerd partnerschap voor ingezetenen van de gemeente Beekdaelen zijn: dinsdagmorgen om 9.00 uur en 9.30 uur.

 

 

1.1.4

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van:

 

1.1.4.1

Een trouwboekje of partnerschap boekje in een normale uitvoering

€ 17,75

1.1.4.2

Een trouwboekje of partnerschap boekje in een luxe uitvoering

€ 35,25

 

 

 

1.1.5

Het tarief bedraagt voor het benoemen van:

 

1.1.5.1

een buitengewoon ambtenaar van de burgerlijke stand

€ 30,85

 

 

 

1.1.6

het tarief bedraagt voor het leveren van:

 

 

getuigen door de gemeente bij een huwelijksvoltrekking of registratie van een partnerschap, per getuige:

€ 39,15

 

1.1.7

 

Indien een aanvraag tot het sluiten van een huwelijk, geregistreerd partnerschap of omzetting van geregistreerd partnerschap in een huwelijk wordt ingetrokken, bedraagt het tarief:

 

€100,00

 

 

 

1.1.8

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand 2020.

 

 

 

 

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

 

1.2

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.2.1

van een nationaal paspoort:

 

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 73,20

1.2.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 55,35

 

 

 

1.2.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1. (zakenpaspoort):

 

1.2.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 73,20

1.2.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 55,35

 

 

 

1.2.3

Van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

 

1.2.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 73,20

1.2.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 55,35

 

 

 

1.2.4

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen:

€ 55,35

 

 

 

1.2.5

van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.2.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 58,30

1.2.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 30,70

 

 

 

1.2.6

voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemde documenten, de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van:

€ 49,85

 

 

 

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

 

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs:

€ 40,65

1.3.2

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering vermeerderd met:

€ 34,10

 

 

 

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de basisregistratie personen

 

1.4.1

Voor de toepassing van dit hoofdstuk, met uitzondering van de onderdelen 1.4.3 en 1.4.4, wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

 

 

1.4.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens (uittreksel), per verstrekking:

€ 13,80

 

1.4.3

 

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een meertalig modelformulier woon- en/of verblijfplaats als bedoeld in artikel 7, eerste lid, van verordening (EU) nr. 2016/1191 van het Europees Parlement en de Raad van 6 juli 2016 betreffende de bevordering van het vrije verkeer van burgers door vereenvoudigde overlegging van bepaalde openbare documenten in de Europese Unie en tot wijziging van Verordening nr. 1024/2012 (PbEU 2016, L 200):

 

 

 

 

 

€ 13,80

 

 

 

1.4.4

Voor de toepassing van onderdeel 1.4.4. wordt onder één verstrekking verstaan één of meer gegevens betreffende één persoon die niet zijn opgenomen in de basisregistratie personen.

 

 

 

 

1.4.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van gegevens: per verstrekking:

€ 5,15

 

 

 

1.4.6

 

 

 

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisregistratie, voor ieder daaraan besteed kwartier:

 

 

 

€ 19,70

 

 

 

 

Hoofdstuk 5 Vervallen

 

 

 

 

Hoofdstuk 6 Vervallen

 

 

 

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

 

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.7.1.1

een exemplaar van de programmabegroting

€ 39,95

1.7.1.2

een exemplaar van de jaarstukken

€ 70,90

 

 

 

1.7.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.7.2.1

een exemplaar van de agenda van de openbare raadsvergaderingen, inclusief voorstellen en concept raadsbesluiten

€ 15,35

 

 

 

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

 

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift of uittreksel van:

 

1.8.1.1

een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan of structuurplan

€ 18,15

1.8.1.2

de gemeentelijke basisregistratie adressen of de gemeentelijke basisregistratie gebouwen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen,

per adres of object

€ 7,85

1.8.1.3

de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet

€ 18,15

 

 

 

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het raadplegen van de bij het gemeentebestuur berustende kadastrale leggers en plannen per kwartier manuur of gedeelte daarvan

€ 21,35

 

 

 

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

 

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.9.1

tot het verstrekken van een verklaring omtrent het gedrag

€ 41,35

1.9.2

tot het verstrekken van een bewijs van in leven zijn

€ 13,80

1.9.3

verstrekken van een bewijs van Nederlanderschap

€ 9,50

1.9.4

legaliseren van een handtekening, foto of andere documenten

€ 9,50

1.9.5

tot het verkrijgen van elke niet elders in deze tabel genoemde verklaring omtrent een bepaald persoon

€ 9,50

 

 

 

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief (n.v.t.)

 

 

 

 

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet 2014 (n.v.t.)

 

 

 

 

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

 

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1

tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

€ 62,75

1.12.2

tot het verlengen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

€ 62,75

 

 

 

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie (n.v.t.)

 

 

 

 

Hoofdstuk 14 Vervallen

 

 

 

 

Hoofdstuk 15 Vervallen

 

 

 

 

Hoofdstuk 16 Kansspelen

 

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

 

1.16.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat

€ 56,50

1.16.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat

€ 56,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 34,00

1.16.1.3

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd

€ 226,50

1.16.1.4

voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat

€ 226,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 136,00

 

 

 

1.16.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

€ 20,75

 

 

 

1.16.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning tot het exploiteren of doen exploiteren van een speelgelegenheid als bedoeld in artikel 2:39 van de Algemene plaatselijke verordening

 

€ 454,05

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie

 

1.17.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet

 

€ 366,80

1.17.1.1

indien het betreft werkzaamheden in tegel-, klinker- en sierbestratingen, alsmede gesloten verhardingen, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met

€ 2,20

1.17.1.2

indien het betreft werkzaamheden in bermen, groenstroken en dergelijke, voor zover de werkzaamheden plaatsvinden in of op openbare gemeentegrond, per strekkende meter sleuf verhoogd met

€ 2,20

1.17.1.3

indien met betrekking tot een melding overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met

€ 163,45

1.17.1.4

Indien de melder verzoekt om een inhoudelijke afstemming bij de beoordeling van aanvragen als bedoeld in artikel 5.5 van de Telecommunicatiewet, verhoogd met

€ 163,45

 

 

 

1.17.2.1

Het in 1.17.1 genoemde tarief wordt indien met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

1.17.2.2

Indien een begroting als bedoeld in 1.17.2.1 is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

 

 

1.17.3

Het tarief bedoeld in onderdeel 1.17.1 wordt verminderd met de van de melder verkregen of te verkrijgen privaatrechtelijke vergoeding voor beheerskosten in verband met de werkzaamheden, met dien verstande dat de uitkomst van de vermindering niet minder dan nihil kan bedragen.

 

 

 

 

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer

 

1.18

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.18.1

tot het verlenen van een ontheffing van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Beekdaelen als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990

€ 55,20

1.18.2

tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

€ 43,65

1.18.3

tot het verkrijgen of wijzigen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW):

€ 117,20

 

1.18.4

tot het verlengen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW):

€ 56,55

1.18.5

aanwijzen van een individuele gehandicaptenparkeerplaats op grond van artikel 29 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer

€ 156,00

 

 

1.18.6

verlenen van een vergunning als bedoeld in artikel 34 van het Besluit Administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 60,00

1.18.7

Tot het verkrijgen van een ontheffing van artikel 10 juncto artikel 148 van de Wegenverkeerswet 1994 (wedstrijden op de openbare weg)

€ 21,80

 

 

 

 

Hoofdstuk 19 Diversen

 

 

Exploitatie horecabedrijf (art. 2:28 APV)

 

1.19.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.1.2

tot het verkrijgen van een exploitatievergunning voor een horecabedrijf zoals bedoeld in art 2:28 van de Algemene Plaatselijke Verordening Beekdaelen

€ 251,85

 

 

 

 

Standplaatsvergunning (artikel 5:18 APV)

 

1.19.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een standplaatsvergunning ingevolge art. 5:18 van de APV:

 

1.19.2.1

geldig voor maximaal 2 dagen

€ 46,45

1.19.2.2

geldig voor maximaal één jaar

€ 332,70

 

 

 

 

Stoken

 

1.19.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.3.1

voor het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld artikel 5.34 van de APV (ontheffing om te stoken)

€ 56,55

1.19.3.2

Van de leges van onderdeel 1.19.3.1 zijn plaatselijke culturele verenigingen of organisaties uitgesloten indien zij een vergunning als hier bedoeld aanvragen voor het houden van het "Sint Maartensvuur".

 

 

 

 

 

In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

1.19.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

€ 51,40

 

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning

 

 

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

 

 

 

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

2.1.1.1

aanlegkosten:

de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk OF het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom), de omzetbelasting daarin niet begrepen, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voortvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het aanleggen) van de werken of de werkzaamheden, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van de werken of de werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen;

2.1.1.2

Bouwkosten:

worden berekend en bepaald met behulp van de normkosten uit het E-book “Basisbedragen gebouwen 2018” van het Nederlands Bouwkosten Instituut (1e druk 2018 isbn nr.978-94-6046-046-3 ). Het E-book is digitaal te raadplegen bij het team WABO, afdeling Ruimte gemeente Beekdaelen.

Indien het E-book “Basisbedragen gebouwen 2018” niet voorziet in het type bouwwerk waarvoor een omgevingsvergunning is aangevraagd, worden de bouwkosten vastgesteld volgens de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk of het bedrag waarvoor de aannemer zich heeft verbonden het werk tot stand te brengen (de aannemingssom), de omzetbelasting daarin niet begrepen, of voor zover deze ontbreekt een raming van de kosten die voortvloeien uit aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet begrepen;

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

 

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

 

 

   

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

 

 

2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

2.2.1

tot het houden van vooroverleg in verband met het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project in het kader van de Wabo vergunbaar is:

200,00

2.2.2

tot het beoordelen van een conceptaanvraag om een omgevingsvergunning, waarbij de uitgebreide voorbereidingsprocedure van de Wabo (artikel 2.12 lid 1 onder a3) aan de orde is of sprake is van een wijziging van het bestemmingsplan (artikel 3.6 lid 1a Wet ruimtelijke ordening) resp. het opstellen van een (postzegel)bestemmingsplan (artikel 3.1 lid 1 Wet ruimtelijke ordening):

600,00

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

2.3.1

Bouwactiviteiten

2.3.1.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

2.3.1.1.1

indien de bouwkosten minder dan € 51.400 bedragen:

 

2,4% van de bouwkosten, met een minimum van € 226,15

 

2.3.1.1.2

indien de bouwkosten € 51.400 tot € 102.800 bedragen:

€ 1.233,60

 

vermeerderd met 2,3% van het bedrag waarmee de bouwkosten € 51.400 te boven gaan.

 

2.3.1.1.3

indien de bouwkosten € 102.800 tot € 514.000 bedragen:

€ 2.364,40

 

vermeerderd met 2,2% van het bedrag waarmee de bouwkosten € 102.800 te boven gaan.

 

2.3.1.1.4

indien de bouwkosten € 514.000 tot € 1.028.000 bedragen:

€ 10.588,40

vermeerderd met 2,1% van het bedrag waarmee de bouwkosten € 514.000 te boven gaan.

 

2.3.1.1.5

indien de bouwkosten meer dan € 1.028.000 bedragen:

€ 19.840,40

 

vermeerderd met 2,0% van het bedrag waarmee de bouwkosten € 1.028.000 te boven gaan.

 

     

2.3.1.2

 

Indien een aanvraag als bedoeld in de onderdelen van 2.3.1 wordt beoordeeld aan de welstandscriteria, ambtelijk of door de welstands-, monumentencommissie of de dorpsbouwmeester, wordt het in 2.3.1 opgenomen tarief per beoordeling verhoogd met:

€ 50,00

 

2.3.1.3

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de activiteit “bouwen” en deze aanvraag vergezeld gaat van een bouwbesluittoets door een bedrijf waaraan een certificaat voor het toetsen van bouwplannen volgens BRL 5019 is uitgereikt, dan wordt op de op grond van 2.3.1 geheven leges een korting verleend van 30%, met dien verstande dat de korting niet meer bedraagt dan € 10.000,00

 

 

2.3.2

 

Aanlegactiviteiten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.2.1

indien de aanlegkosten niet meer dan € 51.400 bedragen

€ 190,20

2.3.2.2

indien de aanlegkosten meer dan € 51.400 bedragen

€ 282,70

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouw- of aanlegactiviteit

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit of een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, onderscheidenlijk b, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de onderdelen 2.3.1 en het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1˚ van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 267,30

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2˚ van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking):

€ 400,90

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3˚ van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

*tenzij kostenverhaal wordt opgezet via afdeling 6.4 Wro

€6.347,90*

2.3.3.4

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b van de Wabo wordt toegepast (afwijken exploitatieplan)

€ 680,00

2.3.3.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 680,00

2.3.3.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 680,00

2.3.3.7

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 680,00

2.3.3.8

indien artikel 2.12, onder a, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking):

€ 400,90

 

2.3.4

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

2.3.4.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1˚ van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 267,30

2.3.4.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2˚ van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking):

€ 400,90

2.3.4.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3˚ van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking): *tenzij kostenverhaal wordt opgezet via afdeling 6.4 Wro

€6.347,90*

2.3.4.4

indien artikel 2.12, eerste lid, onder b van de Wabo wordt toegepast (afwijken exploitatieplan)

€ 680,00

2.3.4.5

indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van provinciale regelgeving):

€ 680,00

2.3.4.6

indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van nationale regelgeving):

€ 680,00

2.3.4.7

indien artikel 2.12, eerste lid, onder d, van de Wabo wordt toegepast (afwijking van voorbereidingsbesluit):

€ 680,00

2.3.4.8

indien artikel 2.12, onder a, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking):

€ 400,90

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

2.3.5.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

 

2.3.5.1.1

een aanvraag tot het verstrekken van een omgevingsvergunning voor het in gebruik nemen van een bouwwerk met betrekking tot het brandveilig gebruik van een bouwwerk.

€ 600,00

 

 

 

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads-of dorpsgezichten

2.3.6.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een rijks-, provinciaal of gemeentelijk monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, of artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder b, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

2.3.6.1.1

voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

€ 400,00

2.3.6.1.2

voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 400,00

 

 

 

2.3.6.2

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder h, of artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder c, van de Wabo in samenhang met de provinciale erfgoedverordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 400,00

 

 

 

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan, beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 226,15

2.3.8

Aanleggen of veranderen weg (n.v.t.)

 

 

 

2.3.9

Uitweg/inrit (n.v.t.)

 

2.3.10

Kappen

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder g, van de Wabo in samenhang met de provinciale bomenverordening of de Bomenverordening Beekdaelen, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

€ 79,95

   

2.3.11

Opslag van roerende zaken

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie of de gemeente, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder j of k, van de Wabo in samenhang met de provinciale wegenverordening of van een gemeentelijke verordening, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

   

 

 

 € 79,95

2.3.12

Natura 2000-activiteiten

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder a, van het Besluit omgevingsrecht (Natura 2000-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 367,00

2.3.12.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats en soorten in of in de nabijheid van een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 2.7, lid 2 van de Wet natuurbescherming, waarvoor Gedeputeerde Staten van de Provincie Limburg een verklaring van geen bedenkingen dient te geven of te weigeren ingevolge artikel 2.27, lid 1 van de Wet algemene bepalingen omgevingsrecht:

het van toepassing zijnde tarief zoals opgenomen in paragraaf 2.6 van de vigerende Tarieventabel behorende bij de vigerende Legesverordening van de Provincie Limburg inzake het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het realiseren van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats of soorten in of nabij een Natura 2000-gebied als bedoeld in artikel 2.7, lid 2 van de Wet natuurbescherming. Dit tarief bedraagt:

a. Landbouw en overige € 2.648,25

b. Industrie € 13.154,80

c. Infrastructuur € 19.724,20

onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten. Voor zover bovenstaande tarieven door Provinciale Staten van de Provincie Limburg zijn gewijzigd zijn de vigerende tarieven van kracht.

2.3.12.2

Restitutiebepaling:

 

Restitutie bij weigeren omgevingsvergunning

Indien een omgevingsvergunning, die voorziet in projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats en soorten in of in de nabijheid van een Natura 2000-gebied, door de gemeente wordt geweigerd, als gevolg van het weigeren van een verklaring van geen bedenkingen met betrekking tot dit onderdeel door Gedeputeerde Staten van de Provincie Limburg, vindt restitutie door de Gemeente aan de aanvrager plaats van 75% van de geheven leges van de aanvrager.

 

Restitutie bij intrekking aanvraag

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning, die voorziet in projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats en soorten in of in de nabijheid van een Natura 2000-gebied, door de aanvrager wordt ingetrokken alvorens daarop door de Gemeente is beschikt, vindt restitutie door de Gemeente aan de aanvrager als volgt plaats:

a. indien het verzoek tot intrekking is gedaan binnen zes maanden na datum van ontvangst van de aanvraag bij de Gemeente, vindt restitutie door de Gemeente aan de aanvrager plaats van 50% van de geheven leges van de aanvrager.

b. indien het verzoek tot intrekking is gedaan zes maanden na datum van ontvangst van de aanvraag bij de Gemeente, vindt restitutie plaats door de Gemeente aan de aanvrager van 25% van de geheven leges van de aanvrager.

 

 

 

Leges worden niet geheven voor: Het in behandeling nemen van een aanvraag tot verlening van een omgevingsvergunning in het kader van projecten of andere handelingen met gevolgen voor habitats of soorten in of nabij een Natura 2000-gebied betrekking hebbende op evenementen en het beheer van een Natura-gebied.

Flora- en fauna-activiteiten (bescherming van soorten)

2.3.13

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 404,50

2.3.14

Andere activiteiten

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

2.3.14.1

behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 79,95

2.3.14.2

behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschap verordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.14.2.1

als het een gemeentelijke verordening betreft:

€ 79,95

2.3.14.2.2

als het een provinciale of waterschap verordening betreft:

€ 79,95

2.3.15

Omgevingsvergunning in twee fasen

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.15.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het basisbedrag vermeerderd met het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

2.3.15.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het basisbedrag vermeerderd met het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

2.3.16

Beoordeling bodemrapport (n.v.t.)

 

 

 

2.3.17

Advies

2.3.17.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

2.3.17.2

indien een begroting als bedoeld in subonderdeel 2.3.17.1 is uitgebracht, wordt een vraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór deze vijfde werkdag is ingetrokken.

2.3.18

Verklaring van geen bedenkingen

2.3.18.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

2.3.18.2

Indien een begroting als bedoeld in subonderdeel 2.3.18.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag vóór de vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.19

Extra legeskosten bij legalisering bouwwerk

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk worden er extra legeskosten in rekening gebracht voor het legaliseren van het opgerichte bouwwerk, aangezien er een extra beoordeling plaatsvindt. Het tarief bedraagt:

€ 187,60

 

 

 

Hoofdstuk 4 Vermindering

 

2.4.1

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning is voorafgegaan door een aanvraag om vooroverleg of beoordeling van een conceptaanvraag als bedoeld in hoofdstuk 2, waarop de eerstgenoemde aanvraag betrekking heeft, worden de ter zake van het vooroverleg of de beoordeling van de conceptaanvraag geheven leges in mindering gebracht op de leges voor het in behandeling nemen van de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning bedoeld in hoofdstuk 3.

 

2.4.2

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op meer dan vijf activiteiten, bestaat aanspraak op vermindering van leges, met uitzondering van het legesdeel in verband met adviezen of verklaringen van geen bedenkingen als bedoeld in de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18. De vermindering bedraagt:

 

2.4.2.1

bij 5 tot 10 activiteiten:

2,0%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.2

bij 10 tot 15 activiteiten:

3,0%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges;

 

2.4.2.3

bij 15 of meer activiteiten:

5,0%

 

van de voor die activiteiten verschuldigde leges.

 

 

Hoofdstuk 5 Teruggaaf

 

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

 

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten, als bedoeld in onderdeel 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

 

2.5.1.1

indien de aanvraag wordt ingetrokken binnen een termijn van 2 weken na het in behandeling nemen ervan

75%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.2

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 2 weken en binnen 6 weken na het in behandeling nemen ervan

50%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

2.5.1.3

indien de aanvraag wordt ingetrokken na 6 weken en binnen 8 weken na het in behandeling nemen ervan

60%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges;

 

 

 

 

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten

 

 

Als de gemeente een verleende omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 en 2.3.7, intrekt op aanvraag van de vergunninghouder, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges, mits deze aanvraag is ingediend binnen 6 maanden na verlening van de vergunning en van de vergunning geen gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt:

40%

 

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

 

 

 

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw-, aanleg- of sloopactiviteiten:

 

 

Als de gemeente een omgevingsvergunning voor een project dat geheel of gedeeltelijk bestaat uit bouw- aanleg- of sloop activiteiten als bedoeld in de onderdelen 2.3.1, 2.3.2, 2.3.6 of 2.3.7, weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

 

2.5.3.1

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit verschuldigde leges.

30%

2.5.3.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.3.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

 

 

 

 

2.5.4

Minimumbedrag voor teruggaaf

 

 

Een bedrag minder dan € 51,40 wordt niet teruggegeven.

 

 

 

 

2.5.5

Geen teruggaaf legesdeel advies of verklaring van geen bedenkingen

 

 

Van de leges verschuldigd op grond van de onderdelen 2.3.17 en 2.3.18 wordt geen teruggaaf verleend.

 

 

2.5.6

Gedeeltelijke heffing als gevolg van het buiten behandeling stellen van een aanvraag omgevingsvergunning

 

2.5.6.1

Indien na het indienen van een aanvraag tot het verkrijgen van een

omgevingsvergunning deze vergunning buiten behandeling wordt gesteld,

wordt een deel van de desbetreffende leges geheven. Het te heffen deel

bedraagt:

van de op grond van die onderdelen voor de betreffende activiteit

verschuldigde leges.

 

50%

2.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het geheel of gedeeltelijk intrekken van een omgevingsvergunning als bedoeld in artikel 2.33, tweede lid, onder b, van de Wabo, tenzij onderdeel 2.5.2 van toepassing is:

€ 113,10

 

 

 

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

 

2.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een omgevingsvergunning als gevolg van een, naar de omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging in het project:

€ 79,95

 

 

 

Hoofdstuk 8 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

 

2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening

*tenzij kostenverhaal wordt opgezet via afdeling 6.4 Wro

€ 6.219,15*

2.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening

*tenzij kostenverhaal wordt opgezet via afdeling 6.4 Wro

 

€ 5.973,70*

 

 

 

Hoofdstuk 9 Vervallen

 

 

 

 

Hoofdstuk 10 In deze titel niet benoemde beschikking

 

2.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 79,95

 

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

 

 

 

Hoofdstuk 1 Horeca

 

 

 

3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

 

3.1.1

een aanvraag tot het verlenen van een vergunning op grond van

artikel 3 van de Drank- en Horecawet

€ 245,15

3.1.2

een aanvraag tot het verlenen van een vergunning tot het exploiteren van een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:28 van de Algemene plaatselijke verordening

€ 245,15

3.1.3

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing van de sluitingstijd voor een openbare inrichting als bedoeld in artikel 2:29, tweede lid, van de Algemene plaatselijke verordening

€ 27,65

3.1.4

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid, van de Drank- en Horecawet

 

3.1.5

een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet

€ 122,60

3.1.6

een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing als bedoeld

in artikel 35 van de Drank- en Horecawet

€ 27,65

 

 

 

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten (n.v.t.)

 

 

 

 

Hoofdstuk 3 Seksbedrijven (n.v.t.)

 

 

 

 

Hoofdstuk 4 Huisvestingswet 2014(n.v.t.)

 

 

 

 

Hoofdstuk 5 Marktstandplaatsen (n.v.t.)

 

 

 

 

Hoofdstuk 6 Winkeltijdenwet

 

 

 

3.6

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.6.1

tot het verlenen van een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet

€ 27,55

3.6.2

tot het wijzigen van een in onderdeel 3.6.1 bedoelde ontheffing

€ 15,10

 

 

 

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

 

 

 

3.7

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een andere, in deze titel niet benoemde vergunning of ontheffing of tot het nemen van een andere beschikking

€ 36,85

 

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 17 december 2019,

 

 

De griffier, de voorzitter,

 

Mevr. B.W.E. v.d. Wijst-Triepels dhr. ing. E. Geurts