Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Brummen

Regeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieBrummen
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingRegeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen
CiteertitelRegeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp
Externe bijlagenBijlage 1: stageovereenkomst Bijlage 2: werkervaringsovereenkomst

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. CAR/UWO, art. 1:2a
  2. CAR/UWO, art. 1:2b

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen.

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2016Nieuwe regeling

15-12-2015

'Brummense Berichten', 16-12-2015

BW15.0985

Tekst van de regeling

Intitulé

Regeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen

Het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Brummen;

 

gelet op het instemmende besluit van de Ondernemingsraad d.d. 7 september 2015;

gelet op de instemming van het Georganiseerd Overleg d.d. 20 oktober 2015;

gelet op artikel 1:2a en artikel 1:2b van de CAR/UWO;

 

besluit vast te stellen de Regeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen.

Hoofdstuk 1. ALGEMEEN

Artikel 1 Begripsbepaling

Voor de toepassing van deze regeling wordt verstaan onder:

  • a.

    manager: de ambtenaar die hiërarchisch leidinggevende en daarmee verantwoordelijk voor de in-, door- en uitstroom van de medewerker, alsmede de stagiair en de wep’er is;

  • b.

    medewerker: de ambtenaar als bedoeld in artikel 1:1, eerste lid onder a, juncto artikel 1:2 van de CAR;

  • c.

    praktijkbegeleider: de medewerker belast met de dagelijkse begeleiding van de stagiair of wep’er;

  • d.

    procesmanager: functioneel leidinggevende van de medewerker, alsmede de stagiair en de wep’er;

  • e.

    stage: de mogelijkheid om werkervaring op te doen overeenkomstig de doelstellingen van de erkende onderwijsinstelling waar de stagiair onderwijs volgt;

  • f.

    stagiair: een student van een onderwijsinstelling met een gerichte stageopdracht of die ervaring wil opdoen binnen de organisatie van de werkgever;

  • g.

    werkervaringsplaats: de mogelijkheid om werkervaring op te doen overeenkomstig de persoonlijke doelstellingen van de wep’er waardoor zijn arbeidsmarktpositie wordt verbeterd en waarbij het leerproces voorop staat naast het opdoen van werkervaring; 

  • h.

    werkervaringsplaats’er (wep’er): de persoon die op zijn verzoek een werkervaringsplaats is aangeboden;

  • i.

    werkgever: het college van burgemeesters en wethouders, dan wel de raad van de gemeente Brummen.

Hoofdstuk 2. STAGE

Artikel 2 Soorten stage

Er bestaan diverse vormen van stages waarvoor het (beroeps)onderwijs een beroep doet op de gemeente. Binnen de gemeente Brummen onderscheiden we de volgende stagevormen:

  • 1.

    Oriënterende stages. Deze worden onderverdeeld in:

    • a.

      Algemeen oriënterend: deze stage, ook wel snuffelstage genoemd, heeft tot doel het inzicht van de leerling te vergroten in de maatschappelijke verhoudingen en het fenomeen arbeid in allerlei beroepssectoren. De duur van deze stage is veelal drie à vier weken. Deze stages leveren geen wezenlijke bijdrage aan het product van het proces maar zijn slechts bedoeld om de scholier bekend te maken met werken bij een gemeente.

    • b.

      Beroeps oriënterend: deze stage heeft tot doel dat de leerling zich oriënteert op zoveel mogelijk beroepen en functies die zich voordoen binnen de al gekozen beroepssector. De leerling moet op deze wijze in staat gesteld worden een passende beroepskeuze of keuze voor een vervolgopleiding te maken. De duur van deze stages is gemiddeld zes weken.

      Deze stages leveren eveneens geen wezenlijke bijdrage aan het product van het proces maar zijn voor de scholier bedoeld om tot een overwogen beroepskeuze te komen.

  • 2.

    Beroepsgerichte stages. Deze worden onderverdeeld in:

    • a.

      Beroepsvoorbereidende stages: bij deze stage gaat het om een nadere kennismaking met het gekozen en in theorie deels aangeleerde beroep en het leren van een aantal vaardigheden en competenties, die nodig zijn voor de beroepsuitoefening. De duur van deze stages variëren van drie tot zes maanden. Het betreft in de regel de eerste stages in een beroepsopleiding, waarbij er sprake kan zijn van enig profijt van de inzet van de stagiair.

    • b.

      Beroepsopleidende stages: de beroepsopleidende stage heeft de functie van lerend uitoefenen van een beroep onder begeleiding. De begeleiding wordt zowel vanuit het onderwijs als vanwege de stage verlenende organisatie verzorgd. De duur van deze stage varieert van zes maanden tot een volledig schooljaar. Het gaat bij deze stages om studenten die in de regel in de eindfase van hun opleiding zitten en die een afstudeerstage uitvoeren of op een andere wijze een wezenlijke bijdrage aan het product van het proces leveren.

Artikel 3 Rechtspositie

  • 1.

    Conform artikel 1:2a van de CAR kan er aan de stagiair een stageplaats, op basis van een stageovereenkomst, worden geboden. De stageovereenkomst is te vinden in bijlage 1.

  • 2.

    De stagiair heeft geen dienstverband met de werkgever en kan geen rechten ontlenen aan de rechtspositieregeling die van toepassing is op medewerkers van de werkgever, tenzij dit nadrukkelijk wordt vermeld in de stageovereenkomst.

Artikel 4 Vergoeding

  • 1.

    Voor de stages genoemd onder artikel 1a van deze regeling "Oriënterende stages" wordt geen vergoeding toegekend.

  • 2.

    Voor de stages genoemd onder artikel 1b van deze regeling "Beroepsgerichte stages" wordt een stagevergoeding toegekend. De hoogte van de stagevergoeding is afhankelijk van de opleiding van de stagiair. De stagevergoedingen zijn gebaseerd op een fulltime stage van 36 uur per week. Voor een deeltijdstage geldt dit bedrag naar rato.

    • a.

      De stagevergoeding bedraagt € 250,--- bruto per maand bij een stage op mbo-niveau;

    • b.

      De stagevergoeding bedraagt € 275,-- bruto per maand bij een stage op hbo-niveau;

    • c.

      De stagevergoeding bedraagt € 300,-- bruto per maand bij een stage op wo-niveau.

  • 3.

    Indien de stagiair die bij de gemeente Brummen stage komt lopen volgens zowel artikel 1a als artikel 1b van deze regeling geldt dat, indien hij/zij niet kan beschikken over een geldige OV-kaart, hij/zij in aanmerking kan komen voor een vergoeding van de reiskosten conform de regeling woon-werkverkeer van de gemeente Brummen.

Artikel 5 Procedure

  • 1.

    Elke procesmanager maakt voorafgaand aan het kalenderjaar een inventarisatie over of en waar er behoefte is aan een stagiair. Leidend hierbij is de strategie en richting van de organisatie en het proces en de mogelijkheden in tijd en ruimte voor begeleiding van een eventuele stagiair. Tevens wordt besloten wie de praktijkbegeleider van de eventuele stagiair zal zijn. Deze informatie wordt doorgegeven aan de manager en de HR-adviseur. Indien er gedurende het kalenderjaar de behoefte aan een stagiair ontstaat, zal dit ook aan de HR-adviseur worden doorgegeven.

  • 2.

    Indien er binnen een proces behoefte is aan een stagiair zal de procesmanager een vacaturetekst opstellen en deze, na goedkeuring van de HR-adviseur, publiceren.

  • 3.

    Studenten kunnen op de vacature reageren door middel van een cv en motivatiebrief.

    De procesmanager zal, eventueel samen met de praktijkbegeleider, de cv’s en brieven selecteren.

  • 4.

    De studenten die positief scoren naar aanleiding van de selectie worden door de procesmanager uitgenodigd voor een kennismakingsgesprek. Bij dit gesprek is in ieder geval de praktijkbegeleider aanwezig.

  • 5.

    Op grond van het gesprek zal een definitieve beslissing worden genomen.

  • 6.

    Indien deze beslissing positief is zal de HR-adviseur de stageovereenkomst opstellen en zorgdragen voor de ondertekening hiervan. Tevens zal de HR-adviseur eventuele subsidies voor het inzetten van stagiaires aanvragen.

  • 7.

    De praktijkbegeleider zal een introductieprogramma voor de stagiair opstellen.

Artikel 6 Begeleiding

  • 1.

    Een stageperiode, zeker de stages die langer dan vier weken duren, verloopt planmatig. De basis hiervoor is een stageplan waarin stapsgewijs wordt aangegeven op welke wijze de gewenste leerdoelen bereikt kunnen worden.

  • 2.

    Het stageplan wordt opgesteld in samenwerking met de stagiair, de praktijkbegeleider vanuit de onderwijsinstelling en de praktijkbegeleider vanuit de gemeente Brummen. Het stageplan helpt voorkomen dat er kortsluiting optreedt tussen de wederzijdse verwachtingen van de stagiaire en de gemeente Brummen.

  • 3.

    Voor de praktijkbegeleider wordt, gedurende de tijd dat hij/zij een stagiair dient te begeleiden, vier uur van zijn/haar aanstellingsuren beschikbaar gesteld voor de begeleiding.

Artikel 7 Overige afspraken

  • 1.

    Indien er vanuit de onderwijsinstelling geen stageovereenkomst afgesloten dient te worden, zal de stageovereenkomst van de gemeente Brummen (zie bijlage 1) ook door de onderwijsinstelling ondertekend dienen te worden.

  • 2.

    Indien de stagiair ook vanuit de onderwijsinstelling een stageovereenkomst krijgt, zal deze overeenkomst naast de stageovereenkomst van de gemeente Brummen (zie bijlage 1), blijven bestaan.

Hoofdstuk 3. WERKERVARINGSPLAATSEN

Artikel 8 Definitie

  • 1.

    Iedereen die daartoe verzoekt kan een werkervaringsplaats aangeboden worden. Een werkervaringsplaats is bedoeld voor personen die op eigen initiatief werkervaring willen opdoen, indien van toepassing met behoud van een uitkering sociale verzekeringswetten. Het leerproces en het opdoen van ervaring staan bij een werkervaringsplaats centraal.

  • 2.

    Een werkervaringsplaats is anders dan een stage, aangezien er bij een werkervaringsplaats geen onderwijsinstelling aan te pas komt, en er dus geen sprake is van een driehoeksverhouding. De doelgroep die in aanmerking kan komen voor een werkervaringsplaats is erg veelzijdig. Denk hierbij aan net afgestudeerde jongeren die nog geen betaalde baan kunnen vinden of burgers die een uitkering op basis van sociale verzekeringswetten genieten, zoals de Wet werk en bijstand (Wwb).

Artikel 9 Rechtspositie

  • 1.

    Conform artikel 1:2b van de CAR kan er aan de wep’er een werkervaringsplaats, op basis van een werkervaringsovereenkomst, worden geboden. De werkervaringsovereenkomst is te vinden in bijlage 2.

  • 2.

    De wep’er heeft geen dienstverband met de werkgever en kan geen rechten ontlenen aan de rechtspositieregeling die van toepassing is op medewerkers van de werkgever, tenzij dit nadrukkelijk wordt vermeld in de werkervaringsovereenkomst.

Artikel 10 Vergoeding

  • 1.

    De hoogte van de vergoeding bedraagt € 300,-- bruto per maand.

  • 2.

    De wep’er kan in aanmerking komen voor een vergoeding van de reiskosten conform de regeling woon-werkverkeer van de gemeente Brummen.

Artikel 11 Procedure

  • 1.

    Indien een burger van binnen of buiten de gemeente Brummen een aanvraag indient of er mogelijkheden bestaan voor een werkervaringsplaats, zal deze aanvraag bij de HR-adviseur terecht komen.

  • 2.

    De HR-adviseur zal, op basis van het cv van de wep’er, bij de verschillende procesmanagers nagaan of er behoefte, tijd en ruimte voor een wep’er is.

  • 3.

    Indien een proces een wep’er zou kunnen begeleiden zal er een gesprek worden ingepland met een HR-adviseur en de eventuele toekomstige praktijkbegeleider.

  • 4.

    Op grond van het gesprek zal een definitieve beslissing worden genomen.

  • 5.

    Indien deze beslissing positief is zal de HR-adviseur de werkervaringsovereenkomst opstellen en zorgdragen voor de ondertekening hiervan.

  • 6.

    De praktijkbegeleider zal een introductieprogramma voor de wep’er opstellen.

Artikel 12 Begeleiding

  • 1.

    De praktijkbegeleider heeft als doel om voor de wep’er bij te dragen aan verkrijgen van een positieve werkhouding dan wel het leren functioneren in een arbeidsrelatie. Tevens dient de werkervaringsplaats bij te dragen aan de ontwikkeling van de wep’er en moet passen in het traject dat leidt tot betaalde arbeid.

  • 2.

    Voor de praktijkbegeleider wordt, gedurende de tijd dat hij/zij een wep’er dient te begeleiden, vier uur van zijn/haar aanstellingsuren beschikbaar gesteld voor de begeleiding.

Artikel 13 Overige afspraken

  • 1.

    Een werkervaringsplaats kan maximaal zes maanden duren. Een overkomst kan eenmalig worden verlengd met een periode van zes maanden.

  • 2.

    Vanuit de werkgever wordt aan de wep’er tijd beschikbaar gesteld om deel te nemen aan sollicitatie, scholings- en opleidingsactiviteiten.

Hoofdstuk 4. OVERIGE BEPALING

Artikel 14 Onvoorziene gevallen

Voor gevallen waarin deze regeling niet of niet naar billijkheid voorziet, kan de werkgever een bijzondere regeling treffen.

Hoofdstuk 5. SLOTBEPALINGEN

Artikel 15 Intrekking oude regeling

De Regeling Stagevergoeding gemeente Brummen, vastgesteld op 17 februari 1998, wordt ingetrokken.

Artikel 16 Inwerkingtreding regeling

Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2016.

Artikel 17 Citeertitel

Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen.

Aldus vastgesteld in de B&W-vergadering d.d. 15 december 2015;

de gemeentesecretaris, M. Klos

de burgemeester, A.J. van Hedel

Bijlage 1. behorende bij de Regeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen

Bijlage 1: stageovereenkomst

Bijlage 2. behorende bij de Regeling stages en werkervaringsplaatsen gemeente Brummen

Bijlage 2: werkervaringsovereenkomst