Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Bunschoten

Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieBunschoten
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011
CiteertitelVerordening precariobelasting Bunschoten 2011
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

Gemeentewet, art. 228 

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

23-12-201022-12-2011nieuwe regeling

09-12-2010

Gemeenteblad 2010, 10

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011

De raad van de gemeente Bunschoten;

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 3 december 2010, nr. 594;

gelet op artikel 228 van de Gemeentewet;

besluit:

vast te stellen de:

"Verordening op de heffing en de invordering van precariobelasting 2011"

Artikel 1 Voorwerp van belasting, belastbaar feit

Onder de naam precariobelasting wordt ter zake van het hebben van voorwerpen onder, op of boven gemeentegrond, voor de openbare dienst bestemd, een belasting geheven overeenkomstig de navolgende bepalingen.

Artikel 2 Belastingplicht

De precariobelasting wordt geheven van degene die één of meer voorwerpen onder, op of boven voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond heeft.

Artikel 3 Maatstaf van heffing en tarief

De belasting wordt geheven naar het aantal eenheden, bepaald en berekend aan de hand van de bij deze verordening behorende tarieventabel, met inachtneming van het bepaalde in de artikelen 4 en 5 en van de in de tabel gegeven aanwijzingen.

Artikel 4

  • 1.

    Bij het hebben van voorwerpen op of boven gemeentegrond , voor de openbare dienst bestemd, wordt de oppervlakte bepaald op die, welke door de voorwerpen wordt overdekt;

  • 2.

    Bij het hebben van voorwerpen onder gemeentegrond , voor de openbare dienst bestemd, wordt de oppervlakte bepaald op die uitgaande van een horizontale projectie van de voorwerpen.

  • 3.

    Indien op grond van deze verordening meer dan één tarief toegepast zou kunnen worden, wordt dat tarief toegepast dat het laagste bedrag tot uitkomst heeft.

Artikel 5 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van de tarieventabel wordt verstaan onder:

  • a.

    een jaar: kalenderjaar;

  • b.

    een kwartaal: een kalenderkwartaal;

  • c

    een maand: een kalendermaand;

  • d

    een week: een kalenderweek;

  • e.

    een dag: een etmaal;

  • f.

    een seizoen: de periode van 1 april tot 1 oktober;

  • g.

    worden gedeelten van de in de tabel genoemde tijds- en andere eenheden voor een geheel gerekend, met dien verstande, dat indien het heffingstijdvak gelijk is aan het kalenderjaar en het hebben van voorwerpen aanvangt in de loop van het tijdvak, het recht zoveel twaalfden van het over een jaar te betalen bedrag beloopt als er na het aanvangstijdstip nog volle maanden van het heffingstijdvak resteren.

Artikel 6 Heffingstijdvak

  • 1.

    Indien de belasting wordt geheven naar jaar- of seizoentarieven is het heffingstijdvak het kalenderjaar, waarin de voorwerpen aanwezig zijn.

  • 2.

    In de overige gevallen is het heffingstijdvak het kalenderkwartaal, waarin de voorwerpen aanwezig zijn, met dien verstande, dat ook heffing voor elk belastbaar feit afzonderlijk kan plaatsvinden.

Artikel 7 Vrijstellingen

De belasting wordt niet geheven:

  • a.

    voor het hebben van voorwerpen, waarvan de aanwezigheid door de gemeente op grond van een overeenkomst of anderszins rechtens moet worden gedoogd;

  • b.

    voor het gebruik of genot van grond bij de gemeente in beheer en onderhoud ten algemene nutte;

  • c.

    voor het hebben boven openbare gemeentegrond van hijsbalken, raamdorpels, goten, gevellijsten en soortgelijke werken, deel uitmakende van een gebouw;

  • d.

    voor het hebben van wegwijzers en verkeersaanwijzingen van de Koninklijke Nederlandse Toeristenbond A.N.W.B. en van andere overeenkomstige instellingen;

  • e.

    voor voorwerpen, welke ingevolge een wettelijk voorschrift moeten worden gedoogd;

  • f.

    voor de in gebruik gegeven c.q. genomen strook, voor de openbare dienst bestemde gemeentegrond, waar voorwerpen als bedoeld onder nummer 4.00 van de tarieventabel worden geplaatst, tot één meter vanaf de gevel van een perceel.

  • g.

    ter zake van voorwerpen, gebruikt voor activiteiten met een politiek, godsdienstig, geestelijk, wereld-beschouwelijk, sociaal, weldadig doel dan wel voor activiteiten met een sportief, cultureel, recreatief of mediadoel, voor zover geen sprake is van een directe of indirecte commerciële (neven)activiteit.

Artikel 8 Wijze van heffing, ontstaan belastingschuld

  • 1.

    De belasting wordt geheven bij wege van aanslag.

  • 2.

    De belasting wordt verschuldigd bij de aanvang van het heffingstijdvak of, zo dit later is, op het tijdstip waarop het hebben van voorwerpen een aanvang neemt.

Artikel 9 Ontheffing

Indien aannemelijk wordt gemaakt, dat het belastbare feit zich slechts gedurende een gedeelte van het voor de berekening van de belasting in aanmerking genomen heffingstijdvak voordoet of zal voordoen, wordt ontheffing verleend, voor zover het betreft:

  • a.

    een tariefstelling per maand, seizoen of per jaar over de resterende volle maanden van dat tijdvak;

  • b.

    een tariefstelling per dag of per week over de resterende dagen c.q. volle weken van dat tijdvak.

Artikel 10 Betaaltermijn

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet moeten de aanslagen worden betaald in twee gelijke termijnen, waarvan de eerste vervalt op de laatste dag van de maand volgend op de maand die in de dagtekening van het aanslagbiljet is vermeld en de tweede één maand later.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 11 Kwijtschelding

Van de geheven precariobelasting wordt geen kwijtschelding verleend als bedoeld in artikel 26 van de Invorderingswet 1990 (Stb. 221).

Artikel 12 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van precariobelasting.

Artikel 13 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    De "Verordening precariobelasting Bunschoten 2010" van 17 december 2009 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2011.

  • 4.

    Deze verordening kan worden aangehaald als "Verordening precariobelasting Bunschoten 2011".

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van de raad van de gemeente Bunschoten van 9 december 2010

de griffier, de voorzitter,

Drs. A.S. Dijkstra M. v.d. Groep

Tarieventabel behorende bij de Verordening precariobelasting Bunschoten 2011.

Nr.

Omschrijving

Eenheid

Tarief

1.00

Algemeen tarief

 

 

 

Voor het hebben van voorwerpen onder, op of boven openbare gemeentegrond, indien voor het hebben van die voorwerpen in de navolgende nummers niet in een bijzonder tarief is voorzien:

 

 

1.01

 

per m²

€ 0,92 per dag

1.02

 

per m²

€ 2,34 per week

1.03

 

per m²

€ 4,42 per maand

1.04

 

per m²

€ 29,25 per jaar

 

 

 

 

2.00

Terrassen

 

 

2.01

Voor het gebruik van grond als terras voor cafés, restaurants, lunchrooms en dergelijke inrichtingen gedurende het seizoen, met een oppervlakte:

 

 

 

tot 15 m²

 

€ 552,00

 

van 15 tot 30 m²

 

€ 798,00

 

groter dan 30 m²

 

€ 985,00

2.02

Terrassen als bedoeld onder 2.01 die op de dag van de wekelijkse warenmarkt niet dan wel beperkt kunnen worden geëxploiteerd, met een oppervlakte:

 

 

 

tot 15 m²

 

€ 471,00

 

van 15 tot 30 m²

 

€ 685,00

 

groter dan 30 m²

 

€ 840,00

2.03

Terrassen als bedoeld onder 2.01 geplaatst gedurende het kalenderjaar, met een oppervlakte:

 

 

 

tot 15 m²

 

€ 614,00

 

van 15 tot 30 m²

 

€ 921,00

 

groter dan 30 m²

 

€ 1.135,00

2.04

Terrassen als bedoeld onder 2.01 geplaatst gedurende het kalenderjaar, die op de dag van de wekelijkse warenmarkt niet dan wel beperkt kunnen worden geëxploiteerd, met een oppervlakte:

 

 

 

tot 15 m²

 

€ 528,00

 

van 15 tot 30 m²

 

€ 788,00

 

groter dan 30 m²

 

€ 949,00

2.05

Onder seizoen wordt verstaan de periode van 1 april tot 1 oktober

 

 

2.06

Terrassen als bedoeld onder 2.01, per dag:

 

 

 

tot 15 m²

 

€ 60,80

 

van 15 tot 30 m²

 

€ 91,65

 

groter dan 30 m²

 

€ 121,70

 

 

 

 

3.00

Standplaatsen op openbare gemeentegrond voor de verkoop van waren, c.a., anders dan op markten gedurende de aangewezen marktdagen en op de Spakenburger Dagen

 

 

3.01

Standplaatsen ingenomen door kramen, tenten, voertuigen, wagens en andere dergelijke voorwerpen tot verkoop of het tentoonstellen van waren, voorzover dit niet geschiedt op marktplaatsen, gedurende de aangewezen marktdagen en op de Spakenburger Dagen

per m²

€ 3,08 per dag

 

idem, gedurende 1/2 dag per week per m² € 4,52 per maand idem, gedurende 1 dag per week

per m²

€ 8,02 per maand

 

idem, gedurende 2 dagen per week

per m²

€ 11,06 per maand

 

idem, gedurende 3 of meer dagen per week

per m²

€ 13,45 per maand

 

idem, gedurende 1/2 dag per week

per m²

€ 46,03 per jaar

 

idem, gedurende 1 dag per week

per m²

€ 79,63 per jaar

 

idem, gedurende 2 dagen per week

per m²

€ 92,06 per jaar

 

idem, gedurende 3 of meer dagen per week

per m²

€ 110,43 per jaar

 

De onder 3.01 genoemde belasting bedraagt nooit minder dan € 18,68.

 

 

 

 

 

 

4.00

Uitstallingen

 

 

4.01

Uitstallingen op openbare gemeentegrond voor verkoopdoeleinden geplaatst, gedurende het kalenderjaar met een oppervlakte:

 

 

 

tot 10 m²

 

€ 307,00

 

groter dan 10 m²

 

€ 491,00

4.02

Uitstallingen op openbare gemeentegrond voor verkoopdoeleinden geplaatst gedurende het seizoen, met een oppervlakte:

 

 

 

tot 10 m²

 

€ 215,00

 

groter dan 10 m²

 

€ 400,00

4.03

Uitstallingen als bedoeld onder 4.01, per dag:

 

 

 

tot 10 m²

 

€ 30,55

 

groter dan 10 m²

 

€ 49,25

 

 

 

 

5.00

Circussen, lunaparken e.d.

 

 

5.01

Voor het gebruik van grond voor het houden van een circus, een lunapark en dergelijke, per dag,

 

€ 153,75

 

met dien verstande dat een minimum geldt van

 

€ 307,50

 

 

 

 

6.00

Reclameborden

 

 

6.01

Voor het hebben van een reclamebord

 

 

 

per dag, per bord

 

€ 1,28

 

per week, per bord

 

€ 6,15

 

per maand, per bord

 

€ 12,30

 

per seizoen, per bord

 

€ 61,50

 

per jaar, per bord

 

€ 92,25

Behorende bij raadsbesluit van 9 december 2010.

de griffier van Bunschoten,

Drs. A.S. Dijkstra