Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Cranendonck, Heeze-Leende en Valkenswaard

Geldend van 20-10-2011 t/m heden met terugwerkende kracht vanaf 01-09-2011

Intitulé

Verordening commissie bezwaarschriften gemeente Cranendonck, Heeze-Leende en Valkenswaard

DE RAAD VAN DE GEMEENTE CRANENDONCK

Gezien het voorstel van het college van Burgemeester en Wethouders van de gemeente Cranendonck d.d. 12 juli 2011

Gelet op artikel : 7:13 van de Algemene wet bestuursrecht (Awb)

B E S L U I T

Vast te stellen voor zover de eigen bevoegdheden strekken de navolgende verordening commissie bezwaarschriften gemeente Cranendonck, Heeze-Leende en Valkenswaard

Artikel 1 Begripsbepalingen

In deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    verwerend orgaan: bestuursorgaan dat het bestreden besluit heeft genomen;

  • b.

    commissie: vaste commissie van advies voor de bezwaarschriften;

  • c.

    wet: de Algemene wet bestuursrecht;

  • d.

    college: het college van burgemeester en wethouders.

Artikel 2 Inleidende bepaling commissie

  • 1. Er is een commissie ter voorbereiding van de beslissing op bezwaren tegen besluiten van de raad, het college en de burgemeester.

  • 2. De commissie is niet bevoegd ten aanzien van bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van:

    • a.

      een wettelijk voorschrift inzake belastingen of de Wet waardering onroerende zaken.

Artikel 3 Samenwerking

  • 1. De commissie vormt onderdeel van de samenwerking tussen de gemeenten Cranendonck, Heeze-Leende en Valkenswaard.

  • 2. De commissie neemt kennis van en adviseert over de bezwaarschriften van de gemeenten Cranendonck, Heeze-Leende en Valkenswaard.

Artikel 4 Samenstelling van de commissie

  • 1. De commissie bestaat uit een voorzitter en ten minste twee leden.

  • 2. De voorzitter en de leden worden door de colleges van de gemeenten Cranendonck, Heeze-Leende en Valkenswaard benoemd, geschorst en ontslagen.

  • 3. De voorzitter en de leden maken geen deel uit van of werken onder de verantwoordelijkheid van de gemeenten Cranendonck, Heeze-Leende en Valkenswaard.

  • 4. De colleges benoemen een aantal plaatsvervangende leden.

  • 5. De commissie regelt de vervanging van de voorzitter.

  • 6. De voorzitter is lid van de commissie.

Artikel 4a Instelling van kamers

  • 1. De commissie bestaat uit twee kamers, waarvan:

    • a.

      een kamer, belast met de bezwaarschriften over sociale aangelegenheden;

    • b.

      een kamer, belast met de overige bezwaarschriften.

  • 2. De colleges zijn bevoegd om op voorstel van de commissie het aantal kamers tijdelijk uit te breiden.

  • 3. Op de werkwijze van de kamers is het bepaalde in deze verordening zoveel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 4b Samenstelling kamers

  • 1. Een kamer bedoeld in artikel 4a bestaat uit ten minste twee leden en een voorzitter zijnde de voorzitter van de commissie.

  • 2. De kamers gezamenlijk wijzen uit hun midden voor elk lid een plaatsvervanger aan.

Artikel 5

De voorzitter en leden van de commissie ontvangen een door de colleges vast te stellen vergoeding voor het bijwonen van de vergaderingen en een reis- en onkostenvergoeding.

Artikel 6 Secretaris

  • 1. De secretaris van de commissie en haar kamers wordt minimaal door één van de colleges benoemd.

  • 2. Dit college wijst tevens een of meer plaatsvervangers van de secretaris aan.

Artikel 7 Zittingsduur

  • 1. De voorzitter en de leden van de commissie worden benoemd voor een termijn van vier jaar en zijn na hun aftreden eenmalig opnieuw benoembaar voor vier jaar.

  • 2. De voorzitter en de leden van de commissie kunnen op elk moment ontslag nemen. Zij doen daarvan schriftelijk mededeling aan de colleges.

  • 3. De aftredende of ontslag nemende voorzitter of leden van de commissie blijven hun functie vervullen totdat in de opvolging is voorzien.

Artikel 8 Ingediend bezwaarschrift

  • 1. Op het ingediende bezwaarschrift wordt de datum van ontvangst aangetekend.

  • 2. Het bezwaarschrift met de daarbij overgelegde stukken wordt zo spoedig mogelijk in handen van de commissie gesteld.

Artikel 9 Bemiddeling

De commissie onderzoekt of de zaak in de minne kan worden geschikt alvorens de zaak in behandeling wordt genomen. De secretaris verricht daartoe de nodige handelingen.

Artikel 10 Uitoefening bevoegdheden

De bevoegdheden ingevolge de hierna genoemde artikelen van de wet worden voor de toepassing van deze verordening uitgeoefend door de voorzitter van de commissie:

  • a.

    artikel 2:1, tweede lid, inzake het verlangen van een machtiging;

  • b.

    artikel 6:6, inzake het stellen van termijnen;

  • c.

    artikel 6:17, inzake de verzending van stukken;

  • d.

    artikel 7:3 inzake het afzien van horen van belanghebbenden;

  • e.

    artikel 7:4, tweede lid, inzake de ter inzake legging van stukken;

  • f.

    artikel 7:6, vierde lid, inzake het informeren van partijen.

Artikel 11 Vooronderzoek

  • 1. De voorzitter van de commissie is in verband met de beoordeling van het bezwaarschrift bevoegd rechtstreeks alle gewenste inlichtingen in te winnen of te laten inwinnen.

  • 2. De voorzitter kan uit eigen beweging of op verlangen van de commissie bij ambtenaren en deskundigen advies of inlichtingen inwinnen en hen zo nodig uitnodigen daartoe op de hoorzitting te verschijnen. Indien daaraan kosten zijn verbonden, is vooraf machtiging van het college vereist.

Artikel 12 Hoorzitting

  • 1. De voorzitter van de commissie bepaalt plaats en tijdstip van de zitting waarin de belanghebbenden en het verwerend orgaan in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te laten horen.

  • 2. De voorzitter neemt daarbij de volgende criteria in acht:

  • a. de locatie dient voor de burgers goed bereikbaar te zijn;

  • b. iedere burger dient in de gelegenheid te worden gesteld om de zitting bij te wonen;

  • c. de locatie dient representatief te zijn.

  • 3. De voorzitter beslist over de toepassing van artikel 7:3 van de wet inzake het afzien van horen van belanghebbenden.

  • 4. Indien de voorzitter op grond van het tweede lid besluit af te zien van het horen, doet hij daarvan mededeling aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan.

Artikel 13 Uitnodiging zitting

  • 1. De voorzitter deelt de belanghebbenden en het verwerend orgaan ten minste 14 dagen voor de zitting schriftelijk mee, dat zij in de gelegenheid worden gesteld zich door de commissie te doen horen.

  • 2. Binnen drie dagen na de in het vorige lid bedoelde mededeling kunnen de belanghebbenden onder opgaaf van redenen de voorzitter verzoeken de datum en het tijdstip van de zitting te wijzigen.

  • 3. De beslissing van de voorzitter op de verzoeken zoals bedoeld in lid 2 wordt uiterlijk één week voor het tijdstip van de zitting aan de belanghebbenden en het verwerend orgaan meegedeeld.

  • 4. De voorzitter is bevoegd in bijzondere omstandigheden af te wijken of afwijking toe te staan van de termijnen die genoemd zijn in het eerste tot en met het derde lid.

Artikel 14 Quorum

Voor het houden van een zitting is vereist dat ten minste twee leden, onder wie in elk geval de voorzitter, of zijn plaatsvervanger, aanwezig zijn.

Artikel 15 Niet-deelneming aan de behandeling

De voorzitter en de leden van de commissie nemen niet deel aan de behandeling van een bezwaarschrift indien zij daarbij een persoonlijk belang hebben of indien hun onpartijdigheid in het geding kan zijn.

Artikel 16 Openbaarheid zitting

  • 1. De zitting van de commissie is in beginsel openbaar.

  • 2. De deuren worden gesloten indien de voorzitter van de commissie of een van de aanwezige leden het nodig oordeelt of indien een belanghebbende daartoe een verzoek doet.

  • 3. Indien de commissie vervolgens beslist dat gewichtige redenen aanwezig zijn die zich tegen openbaarheid van de zitting verzetten, vindt de zitting plaats met gesloten deuren.

  • 4. De zitting van de commissie vindt achter gesloten deuren plaats voor wat betreft bezwaarschriften die zijn ingediend tegen besluiten op grond van de Wwb, Wmo, Wij.

Artikel 17 Schriftelijke verslaglegging

  • 1. Het verslag van de hoorzitting vermeldt de namen van de aanwezigen en hun hoedanigheid.

  • 2. Het verslag bevat een zakelijke weergave van hetgeen tijdens de zitting is gezegd en overigens is voorgevallen.

  • 3. Indien de zitting geheel of gedeeltelijk achter gesloten deuren plaatsvond, of indien belanghebbenden, respectievelijk hun gemachtigden niet in elkaars tegenwoordigheid zijn gehoord, maakt het verslag hiervan melding.

  • 4. Het verslag verwijst naar de op de zitting overgelegde bescheiden, die aan het verslag kunnen worden gehecht.

  • 5. Het verslag wordt ondertekend door de voorzitter en de secretaris van de commissie.

Artikel 18 Nader onderzoek

  • 1. Indien na afloop van de zitting maar voordat het advies wordt opgesteld, nader onderzoek wenselijk blijkt te zijn, kan de voorzitter uit eigen beweging of op verlangen van de commissieleden dit onderzoek houden.

  • 2. De uit het nader onderzoek verkregen informatie wordt in afschrift aan de leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden toegezonden.

  • 3. De leden van de commissie, het verwerend orgaan en de belanghebbenden kunnen binnen een week na verzending van de nadere informatie aan de voorzitter van de commissie een verzoek richten tot het beleggen van een nieuwe hoorzitting. De voorzitter beslist op zo'n verzoek.

  • 4. Op een nieuwe hoorzitting zijn de bepalingen in deze verordening die betrekking hebben op de hoorzitting, zo veel mogelijk van overeenkomstige toepassing.

Artikel 19 Raadkamer en advies

  • 1. De commissie beraadslaagt en beslist achter gesloten deuren over het door haar uit te brengen advies.

  • 2. De commissie beslist bij meerderheid van stemmen over het uit te brengen advies.

  • 3. Indien bij een stemming de stemmen staken, beslist de stem van de voorzitter.

  • 4. Van een minderheidsstandpunt wordt bij het advies melding gemaakt indien die minderheid dat verlangt.

  • 5. Het advies is gemotiveerd en omvat een voorstel voor de te nemen beslissing op het bezwaarschrift.

  • 6. Het advies wordt door de voorzitter en de secretaris van de commissie ondertekend.

Artikel 20 Jaarverslag

De commissie doet binnen drie maanden na afloop van het kalenderjaar schriftelijk verslag van haar werkzaamheden in het afgelopen jaar.

Artikel 21 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als “Verordening behandeling bezwaarschriften”.

Artikel 22 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van de dag volgend op de datum van bekendmaking, en werkt terug tot 1 september 2011.

Ondertekening

DE RAAD VOORNOEMD,
De griffier,
Mr. P.J.F. Bemelmans
De voorzitter,
B.P. Meinema