Regeling vervallen per 11-03-2010

Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden 2002

Geldend van 15-12-2002 t/m 10-03-2010

Intitulé

Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden 2002

DE RAAD VAN DE GEMEENTE GILZE EN RIJEN;

gezien het voorstel van het presidium van de gemeenteraad d.d. 11 november 2002;

gelet op de artikelen 4 en 95 tot en met 99 van de Gemeentewet, het Rechtspositiebesluit wethouders en het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden;

b e s l u i t :

vast te stellen de ‘Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden 2002’.

Hoofdstuk I

Begripsomschrijvingen

Artikel 1

In deze verordening wordt verstaan onder:

a.commissie:

een commissie als bedoeld in artikel 82 van de Gemeentewet;

b.Rechtspositiebesluit wethouders:

het Koninklijk Besluit van 22 maart 1994, Staatsblad 243;

c.Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden:

het Koninklijk Besluit van 22 maart 1994, Staatsblad 243;

d.Reisbesluit Binnenland:

het Koninklijk Besluit van 1 maart 1993, Staatsblad 144;

e.Reisregeling binnenland:

Het besluit van de Minister van Binnenlandse zaken van 16 maart 1993, nr. AB93/U280, Staatscourant 56;

Hoofdstuk II

Voorzieningen voor raadsleden

Artikel 2 Vergoeding voor de werkzaamheden

Aan het raadslid wordt een vergoeding voor de werkzaamheden toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in tabel I van het Rechtspositiebesluit raads- en commisieleden.

Artikel 3 Onkostenvergoeding

  • 1. Aan het raadslid wordt een onkostenvergoeding voor aan de uitoefening van het raadslidmaatschap verbonden kosten toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in tabel II van het Rechtspositiebesluit raads- en commisieleden.

  • 2. Aan een raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt in afwijking van het eerste lid een onkostenvergoeding toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in tabel III van het Rechtspositiebesluit raads- en commisieleden.

Artikel 4 Berekening en betaling vaste vergoedingen

  • 1. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 1, onder e, en 8 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden vangen de vergoedingen bedoeld in de artikelen 2 en 3 aan op de dag van het afleggen van de eed of de gelofte bedoeld in artikel 14 van de Gemeentewet.

  • 2. Onverminderd het bepaalde in de artikelen 1, onder e, en 8 van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden eindigen de vergoedingen bedoeld in de artikelen 2 en 3 op de dag bedoeld in artikel C4, tweede lid, van de Kieswet, dan wel het tijdstip bedoeld in de arikelen X1, eerste en derde lid, X6 en X8, tweede, derde en vijfde lid van de Kieswet.

  • 3. De vergoedingen, bedoeld in de artikelen 2 en 3, worden maandelijks uitbetaald.

Artikel 5 Reis- en verblijfkosten

  • 1. De ten behoeve van de gemeente gemaakte kosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente ter uitvoering van een beslissing van het gemeentebestuur worden aan het raadslid vergoed.

  • 2. De vergoeding betreft:

    • a.

      bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een (trein)taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten;

    • b.

      bij gebruik van een eigen motorvoertuig of bromfiets: een vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten overeenkomstig de bedragen in artikel 2 van de Reisregeling binnenland.

  • 3. De in redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfkosten ter zake van reizen als bedoeld in het eerste lid worden aan het raadslid vergoed, tot ten hoogste de bedragen, vastgesteld bij of krachtens het Reisbesluit binnenland.

Artikel 6 Cursus, congres, seminar of symposium

  • 1. De kosten van deelname van een raadslid aan cursussen, congressen, seminars en symposia die in het gemeentebelang door of namens de gemeente worden aangeboden of verzorgd komen voor rekening van de gemeente.

  • 2. Het raadslid dat wil deelnemen aan een cursus, congres, seminar of symposium dat niet door of namens de gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dient daartoe een gemotiveerde aanvraag in. De aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. De kosten komen voor rekening van de gemeente als deelname van belang is in verband met de vervulling van het raadslidmaatschap.

Artikel 7 Computer c.a.

  • 1. Aan het raadslid wordt voor de uitoefening van het raadslidmaatschap op aanvraag een computer of laptop met bijbehorende randapparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld.

  • 2. Het raadslid ondertekent voor de bruikleen een bruikleenovereenkomst met de gemeente.

  • 3. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

Artikel 8 Internetaansluiting via ISDN, ADSL of kabel

  • 1. De aanleg- of eenmalige aansluitingskosten van ISDN, ADSL of kabel komen niet voor rekening van de gemeente.

  • 2. De abonnementskosten van ISDN, ADSL of kabel ten behoeve van het gebruik van een computer die benodigd is voor de uitoefening van het raadslidmaatschap komen voor 20% voor rekening van de gemeente.

Artikel 9 Spaarloonregeling

Het raadslid van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, kan op aanvraag deelnemen aan de voor het gemeentepersoneel geldende spaarloonregeling.

Hoofdstuk III

Voorzieningen voor wethouders

Artikel 10 Onkostenvergoeding [overgangsbepaling artikel 24]

  • 1. Aan de wethouder wordt een onkostenvergoeding toegekend voor overige aan de uitoefening van het ambt verbonden kosten die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 25, eerste lid van het Rechtspositiebesluit wethouders.

  • 2. Aan de wethouder van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, wordt in afwijking van het eerste lid een onkostenvergoeding toegekend die gelijk is aan het bedrag, vermeld in artikel 25, tweede lid, van het Rechtspositiebesluit wethouders.

  • 3. Indien de wethouder op grond van artikel 14 van deze verordening een mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking is gesteld, bedraagt de onkostenvergoeding voor overige aan het ambt verbonden kosten, in afwijking van het eerste en tweede lid, 90% van het voor hem ingevolge het eerste of tweede lid geldende bedrag.

  • 4. De onkostenvergoeding wordt maandelijks uitbetaald.

Artikel 11 Binnenlandse dienstreis

  • 1. De ten behoeve van de gemeente gemaakte kosten in verband met reizen buiten het grondgebied van de gemeente worden aan de wethouder vergoed.

  • 2. De vergoeding betreft:

    • a.

      bij gebruik van openbare middelen van vervoer en van een (trein)taxi: een volledige vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten;

    • b.

      bij gebruik van een eigen motorvoertuig of bromfiets: een vergoeding van de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reiskosten overeenkomstig de bedragen in artikel 2 van de Reisregeling binnenland.

  • 3. De in redelijkheid noodzakelijk gemaakte verblijfkosten ter zake van reizen worden aan de wethouder vergoed, tot ten hoogste de bedragen, vastgesteld bij of krachtens het Reisbesluit binnenland.

Artikel 12 Buitenlandse dienstreis

  • 1. Indien de wethouder in het gemeentelijk belang een reis buiten Nederland maakt, worden de in redelijkheid noodzakelijk gemaakte reis- en verblijfkosten vergoed.

  • 2. Voor een reis in het gemeentelijk belang buiten Nederland is vooraf toestemming van het college vereist.

Artikel 13 Cursus, congres, seminar of symposium

  • 1. De kosten van deelname van een wethouder aan cursussen, congressen, seminars en symposia die in het gemeentebelang door of namens de gemeente worden aangeboden of verzorgd komen voor rekening van de gemeente.

  • 2. De wethouder die wil deelnemen aan een cursus, congres, seminar of symposium dat niet door of namens de gemeente wordt aangeboden of verzorgd, dient daartoe een gemotiveerde aanvraag in. De aanvraag gaat vergezeld van inhoudelijke informatie en een kostenspecificatie. De kosten komen voor rekening van de gemeente als deelname van belang is in verband met de uitoefening van het ambt van wethouder.

Artikel 14 Mobiele telefoon

  • 1. Aan de wethouder wordt voor de uitoefening van zijn ambt op aanvraag een mobiele telefoon in bruikleen ter beschikking gesteld.

  • 2. De wethouder ondertekent daartoe een bruikleenovereenkomst met de gemeente.

  • 3. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

Artikel 15 Computer c.a.

  • 1. Aan de wethouder wordt voor de uitoefening van zijn/haar ambt op aanvraag een computer of laptop met bijbehorende randapparatuur en software in bruikleen ter beschikking gesteld.

  • 2. De wethouder ondertekent voor de bruikleen een bruikleenovereenkomst met de gemeente.

  • 3. Het college stelt het model van de bruikleenovereenkomst vast.

Artikel 16 Internetaansluiting via ISDN, ADSL of kabel

  • 1. De aanleg- of eenmalige aansluitingskosten van ISDN, ADSL of kabel komen niet voor rekening van de gemeente.

  • 2. De abonnementskosten van ISDN, ADSL of kabel ten behoeve van het gebruik van een computer die benodigd is voor de uitoefening van het ambt van wethouder komen voor 20% voor rekening van de gemeente.

Artikel 17 Spaarloonregeling

De wethouder van wie de arbeidsverhouding ingevolge artikel 4, aanhef en onderdeel f, van de Wet op de loonbelasting 1964 voor de toepassing van die wet als dienstbetrekking wordt aangemerkt, kan op aanvraag deelnemen aan de voor het gemeentepersoneel geldende spaarloonregeling.

Hoofdstuk IV

Voorzieningen voor commissieleden

Artikel 18 Vergoeding voor het bijwonen van vergaderingen [overgangsbepaling artikel 24]

  • 1. Het lid van een commissie ontvangt voor het bijwonen van de vergaderingen van een commissie een vergoeding die gelijk is aan 85% van het bedrag, vermeld in tabel IV van het Rechtspositiebesluit raads- en commissieleden.

  • 2. Geen vergoeding ontvangt degene die zitting heeft in een commissie

    • a.

      als raadslid;

    • b.

      uit hoofde van dan wel als rechtstreeks uitvloeisel van een ambtelijke of bestuurlijke hoedanigheid dan wel van een functie bij een instelling die grotendeels van overheidswege wordt gesubsidieerd;

    • c.

      als vertegenwoordiger van een belanghebbende instelling, organisatie of groepering, tenzij zijn/haar lidmaatschap van de commissie tevens in belangrijke mate het gemeentelijk belang dient.

Artikel 19 Buitenlandse excursie of reis

  • 1. De gemeenteraad kan een commissie uit de gemeenteraad toestemming verlenen voor een excursie of reis naar het buitenland. De gemeenteraad kan aan de toestemming voorwaarden verbinden.

  • 2. De in het eerste lid bedoelde excursie of reis wordt door of vanwege de gemeente georganiseerd.

  • 3. De in redelijkheid gemaakte reis- en verblijfkosten komen voor rekening van de gemeente.

Hoofdstuk V

De procedure van declaratie

Artikel 20 Betaling van kosten

Betaling van kosten op grond van deze verordening vindt plaats door betaling uit eigen middelen of rechtstreekse toezending van de factuur aan de gemeente.

Artikel 21 Declaratie van vooruit betaalde kosten

  • 1.

    Voor de vergoeding van de kosten, bedoeld in de artikelen 5, 8, 11, 12 en 16 wordt gebruik gemaakt van een declaratieformulier, waarvan het model door het college is vastgesteld, indien deze kosten uit eigen middelen vooruit zijn betaald.

  • 2.

    Het declaratieformulier wordt volledig ingevuld en ondertekend en binnen 2 maanden

    • -

      indien het een wethouder betreft bij de gemeentesecretaris en

    • -

      indien het een raads- of commissielid betreft bij de griffier

ingediend, onder bijvoeging van de originele bewijsstukken.

Artikel 22 Rechtstreekse facturering bij de gemeente

  • 1.

    De vergoeding van kosten, bedoeld in de artikelen 6 en 13 kan plaatsvinden door rechtstreekse toezending van de factuur aan de gemeente.

  • 2.

    Deze factuur wordt door het raadslid of de wethouder voorzien van een akkoordverklaring en per omgaande

    • -

      indien het een wethouder betreft bij de gemeentesecretaris en

    • -

      indien het een raads- of commissielid betreft bij de griffier

ingediend.

Hoofdstuk VI

Citeertitel en inwerkingtreding

Artikel 23 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening voorzieningen wethouders, raads- en commissieleden 2002’.

Artikel 24 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking op de dag na schriftelijke openbare bekendmaking van het besluit tot vaststelling van deze verordening.

  • 2.

    De artikelen 10 en 18 werken terug tot 14 maart 2002.

Aldus vastgesteld in de openbare

vergadering van 25 november 2002.

DE RAAD VOORNOEMD,

, voorzitter

, adjunct-secretaris