Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Kerkrade

Beleidsregel ambtshalve vermindering

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieKerkrade
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingBeleidsregel ambtshalve vermindering
CiteertitelBeleidsregel ambtshalve vermindering
Vastgesteld doorgeattribueerde functionaris
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt de beleidsregel ambtshalve vermindering 2019

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 242 van de Gemeentewet
  2. artikel 244 van de Gemeentewet
  3. artikel 231 van de Gemeentewet
  4. artikel 65 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2020nieuwe regeling

19-11-2019

gmb-2019-312857

19n00605

Tekst van de regeling

Intitulé

Beleidsregel ambtshalve vermindering

De in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet bedoelde gemeenteambtenaar van de gemeente Kerkrade verder te noemen de heffingsambtenaar;

 

gelet op artikel 65 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en de artikelen 231, 242 en 244 van de Gemeentewet;

 

Besluit:

 

vast te stellen de volgende:

 

" Beleidsregel voor het toekennen van ambtshalve verminderingen van gemeentelijke belastingen ".

Artikel 1 Reikwijdte en definities

  • 1.

    Deze beleidsregel geldt bij de heffing van gemeentelijke belastingen in de zin van artikel 219 van de Gemeentewet, met dien verstande dat onder gemeentelijke belastingen mede worden begrepen rechten die door de gemeente kunnen worden geheven.

  • 2.

    Aangezien de gemeente Kerkrade de heffing van gemeentelijke belastingen, met uitzondering van de heffing van leges en lijkbezorgingsrechten, heeft overgedragen aan Belastingsamenwerking Gemeenten en Waterschappen (BsGW) te Roermond, heeft deze beleidsregel uitsluitend betrekking op belastingaanslagen leges en lijkbezorgingsrechten.

  • 3.

    Voor de toepassing van deze beleidsregel wordt verstaan onder:

    a. de ambtshalve vermindering: de vermindering, ontheffing, teruggaaf of vrijstelling van belastingen bedoeld in artikel 65 van de Algemene wet inzake rijksbelastingen en artikel 244 van de Gemeentewet;

    b de belanghebbende: de belastingplichtige of degene die de belasting als hoofdelijk medeaansprakelijke heeft betaald;

    c. het bedrag van de vermindering: de vermindering van het belastingbedrag, waarbij geldt dat het bedrag van de vermindering per belastingaanslag wordt berekend.

    d. de belastingaanslag: de aanslag bedoeld in artikel 2, derde lid, onder e, van de Algemene wet inzake rijksbelastingen, met dien verstande dat voor de toepassing van deze beleidsregel wordt verstaan onder:

    1. aanslag en navorderingsaanslag: het gevorderde bedrag onderscheidenlijk het nagevorderde bedrag;

  • 2. het aanslagbiljet: de kennisgeving van het in onderdeel 1. bedoelde bedrag.

  • e. de belastingwet: algemeen verbindende voorschriften en beleidsregels op het gebied van gemeentelijke belastingen.

Artikel 2 Gevallen waarin ambtshalve vermindering wordt verleend

Ingeval het bedrag van de belasting had behoren te zijn vastgesteld op een bedrag dat tenminste € 5,- per aanslag lager is dan het te hoog vastgestelde bedrag van die belasting, verleent de heffingsambtenaar ambtshalve de vermindering waarvoor de belanghebbende redelijkerwijs in aanmerking komt, indien:

a. een bezwaarschrift of een verzoekschrift niet ontvankelijk wordt verklaard wegens het te laat indienen van het bezwaarschrift of het verzoekschrift dan wel om andere redenen van formele aard, of

b. uit enig feit blijkt dat een belastingaanslag tot een te hoog bedrag is vastgesteld en deze aanslag bij afweging van de betrokken belangen in redelijkheid niet gehandhaafd kan worden.

Artikel 3 Uitzonderingen

Het bepaalde in artikel 2 vindt geen toepassing indien:

a. ten tijde van het ontvangen van het bezwaarschrift of het verzoekschrift, dan wel op het tijdstip waarop het in artikel 2, onder b, bedoelde feit ter kennis van de heffingsambtenaar komt, het kalenderjaar is verstreken waarin de betreffende aanslag opgelegd is;

b. aannemelijk is dat de belanghebbende door opzet of grove schuld de wettelijke termijn voor het indienen van een bezwaarschrift of een verzoekschrift ongebruikt heeft laten verstrijken.

Artikel 4 Jurisprudentie

  • 1.

    Een uitspraak van de Hoge Raad of van een Gerechtshof, waarin een toepassing van de belastingwet besloten ligt die voor de belanghebbende gunstiger is dan de bij de heffing van de belasting gevolgde toepassing, leidt niet tot het ambtshalve verlenen van vermindering van belasting indien de belastingaanslag of de voldoening op aangifte onherroepelijk is komen vast te staan voor de dag, waarop de uitspraak door de Hoge Raad of het Hof is gewezen, tenzij de heffingsambtenaar op dit punt een afwijkende regeling heeft getroffen.

  • 2.

    Hetgeen in het eerste lid is bepaald met betrekking tot een uitspraak van de Hoge Raad of van een Gerechtshof, is in daartoe leidende gevallen van overeenkomstige toepassing op prejudiciële beslissingen van het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen alsmede op rechterlijke uitspraken van het Hof en andere supranationale colleges.

Artikel 5 Mededeling van afwijzing

Indien geen termen aanwezig zijn om ambtshalve een vermindering te verlenen, wordt daarvan gemotiveerd mededeling gedaan in de uitspraak waarin de niet-ontvankelijkheid wordt uitgesproken van een bezwaarschrift of een verzoekschrift, bedoeld in artikel 2, onder a.

Artikel 6 Slotbepaling

  • 1.

    Deze beleidsregel treedt in werking op 1 januari van het kalenderjaar dat is gelegen na het tijdstip van de bekendmaking van deze beleidsregel.

  • 2.

    Deze beleidsregel wordt aangehaald als "Beleidsregel ambtshalve vermindering gemeentelijke belastingen gemeente Kerkrade".

Aldus vastgesteld op 19 november 2019

De heffingsambtenaar,