Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Noardeast-Fryslân

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Noardeast-Fryslân houdende regels omtrent de heffing en de invordering van leges (Legesverordening 2020)

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieNoardeast-Fryslân
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening van de gemeenteraad van de gemeente Noardeast-Fryslân houdende regels omtrent de heffing en de invordering van leges (Legesverordening 2020)
CiteertitelLegesverordening 2020
Vastgesteld doorcollege van burgemeester en wethouders
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

De datum van ingang van heffing is 1 januari 2020.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 156 van de Gemeentewet
  2. artikel 216 van de Gemeentewet
  3. artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet
  4. artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet
  5. artikel 7 van de Paspoortwet
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-202001-01-2020bijlage 1

19-12-2019

gmb-2019-319545

01-01-2020bijlage 1

17-12-2019

gmb-2019-320851

19-12-201901-01-2020nieuwe regeling

07-11-2019

gmb-2019-306981

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Noardeast-Fryslân houdende regels omtrent de heffing en de invordering van leges (Legesverordening 2020)

De raad van de gemeente Noardeast-Fryslân;

 

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders d.d. 1 oktober 2019;

 

gelet op:

 

  • -

    de artikelen 156, 216 en 229, eerste lid, onderdelen a en b van de Gemeentewet en

  • -

    artikel 7, tweede lid, van de Paspoortwet in samenhang met artikel 2, tweede lid van die wet en

  • -

    artikel 1 van de Wet houdende regeling van een grondslag voor de heffing van rechten voor de Nederlandse identiteitskaart (Stb. 2011, 440);

Besluit:

 

Vast te stellen de volgende verordening:

 

Verordening op de heffing en de invordering van leges 2020

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

  • a.

    dag: de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als hele dag wordt aangemerkt;

  • b.

    week: een aaneengesloten periode van zeven dagen;

  • c.

    maand: het tijdvak dat loopt van de n-de dag in een kalendermaand tot en met (n-1)-de dag in de volgende kalendermaand;

  • d.

    jaar: het tijdvak dat loopt van n-de dag in een jaar tot en met (n-1)-de dag in het volgende kalenderjaar;

  • e.

    kalenderjaar: de periode van 1 januari tot en met 31 december.

Artikel 2 Belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam leges worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van de aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

  • een en ander zoals genoemd in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van aanvraag de leeftijd van achttien jaren nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor een persoon met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of handelingen zijn verricht.

Artikel 4 Vrijstellingen

De leges worden niet geheven voor:

  • a.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

  • b.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald.

Artikel 5 Maatstaven en tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de maatstaven en tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel. Voor zover in de tarieventabel uurtarieven zijn opgenomen, wordt op verzoek bij de aanvraag van de dienst een raming gegeven van het aantal met de dienstverlening gemoeide uren.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis/ en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid van de Crisis/ en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven door middel van een mondelinge dan wel schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een elektronisch bericht, stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, digitaal dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingplichtige bekend gemaakt.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald in geval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      digitaal wordt gedaan, terstond;

    • c.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 14 dagen na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen.

Artikel 8 Teruggaaf of vermindering

Gehele of gedeeltelijke teruggaaf of vermindering van leges voor een in de tarieventabel omschreven dienst wordt verleend op een aanvraag als bedoeld in artikel 242 van de Gemeentewet en overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in de bij deze verordening behorende tarieventabel opgenomen bepaling.

Artikel 9 Overdracht van bevoegdheden

Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

  • 1.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • 2.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken of onderdelen van titel 1 van de tarieventabel betreft:

    • a.

      onderdeel 1.1.7 (akten burgerlijke stand);

    • b.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • c.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • d.

      hoofdstuk 4, onderdelen 1.4.2.1 en 1.4.2.2 ( verstrekkingen uit de Basisregistratie personen);

    • e.

      hoofdstuk 6, onderdeel 1.6.1.1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • f.

      hoofdstuk 11, (kansspelen);

  • een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

Artikel 10 Kwijtschelding

Bij de invordering van leges wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en invordering van leges.

Artikel 12 Overgangsrecht

De verordening op de heffing en invordering van leges 2019 van 17 januari 2019, laatstelijk gewijzigd bij besluit van 20 juni 2019 wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 13, tweede lid genoemde datum van ingang van heffing, met dien verstande, dat zij van toepassing blijven op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

Artikel 13 Inwerkingtreding

  • 1.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 2.

    De datum van ingang van heffing is 1 januari 2020.

Artikel 14 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als: “Legesverordening 2020”.

 

Aldus vastgesteld door de raad van de gemeente Noardeast-Fryslân in zijn openbare vergadering

d.d. 7 november 2019.

De Raad voornoemd,

de griffier,

mr. S.K. Dijkstra

de voorzitter,

drs. H.H. Apotheker

Bijlage 1: Tarieventabel behorende bij de legesverordening 2020

 

Titel 1 Algemene Dienstverlening

 

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

 

1.1 Het tarief bedraagt voor:

 

1.1.1 het sluiten van een huwelijk of geregistreerd  partnerschap op:

 

1.1.1.1 maandag tot en met vrijdag

€ 177,60

1.1.1.1.1 dinsdag en donderdag om 9.00 uur en 9.15 uur, ten gemeentehuize 

Kosteloos

1.1.1.2 zaterdag

€ 456,75

1.1.2 het omzetten van een geregistreerd partnerschap naar een huwelijk

 

1.1.2.1 maandag tot en met vrijdag

€ 177,60

1.1.2.2 zaterdag

€ 456,75

1.1.3 Voor een huwelijksvoltrekking of registratie van een partnerschap op Engelsmanplaat, worden de tarieven onder 1.1.1.1 tot en met 1.1.2.2, verhoogd met:

€ 55,80

1.1.4.1 het verstrekken van een trouw- of partnerschapsboekje

€ 18,40

1.1.4.2 het verstrekken van een trouw- of partnerschapsboekje inclusief een uittreksel uit de burgerlijke stand

€ 32,20

1.1.5 het beschikbaar stellen van getuigen bij huwelijk of registratie van een partnerschap, per getuige:

€ 14,00

1.1.6 de benoeming van een onbezoldigd Buitengewoon Ambtenaar Burgerlijke Stand

€ 111,65

1.1.7 een verklaring van huwelijksbevoegdheid

€ 23,60

1.1.8 het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand; het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

1.1.9 Het tarief bedraagt voor het doen van naspeuringen in registers burgerlijke stand, per kwartier

€ 13,95

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

 

1.2 Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

1.2.1 van een nationaal paspoort:

 

1.2.1.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.1.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

1.2.2 van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1 (zakenpaspoort)

 

1.2.2.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.2.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

1.2.3 van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort)

 

1.2.3.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.3.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

1.2.4 van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen

€ 53,95

1.2.5 van een tweede paspoort:

 

1.2.5.1 voor een persoon die op het moment van aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 71,35

1.2.5.2 voor een persoon die op het moment van aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 53,95

1.2.6 van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.2.6.1 voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is

€ 56,80

1.2.6.2 voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt

€ 29,95

1.2.7 voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.6 genoemde documenten worden de daar genoemde tarieven verhoogd met

€ 48,60

 

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

 

1.3.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs of trekkerscertificaat

€ 39,75

1.3.1.1 Het tarief onder 1.3.1 wordt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het vervangen of vernieuwen van een rijbewijs bij vermissing of beschadiging verhoogd met

€ 17,30

1.3.1.2 Voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.3.1 en 1.3.1.1 genoemde documenten worden de daar genoemde tarieven verhoogd met

€ 34,10

1.3.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het bemiddelen bij het verkrijgen van een formulier voor de aanvraag van een geneeskundige verklaring

€  3,55

 

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Basisregistratie Personen (BRP)

 

1.4.1 Voor de toepassing van dit hoofdstuk wordt onder één inlichting of nasporing verstaan één of meer gegevens omtrent één persoon waarvoor de basisregistratie personen moet worden geraadpleegd.

     

1.4.1.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verstrekken van gegevens, per verstrekking

€  6,30

1.4.2 In afwijking van het bepaalde in 1.4.1.1 bedraagt het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag van:

 

1.4.2.1 het verstrekken van gegevens als bedoeld in artikel 17, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen

€  2,27

1.4.2.2 met behulp van alternatieve media bedoeld in artikel 16, tweede lid, van het Besluit basisregistratie personen

€ 22,69

1.4.3 Het tarief bedraagt voor het op verzoek doornemen van de basisadministratie personen per kwartier

€ 13,95

 

Hoofdstuk 5 Bestuursstukken 77

 

1.5.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verstrekken van afschriften van:

 

1.5.1.1 de gemeentebegroting

€ 27,90

1.5.1.2 de gemeenterekening

€ 27,90

1.5.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.5.2.1 een afschrift van het verslag van een raadsvergadering , per pagina

€  0,60

1.5.2.2 een afschrift van stukken behorende bij een raadsvergadering, per pagina

€  0,60

1.5.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.5.3.1 een afschrift van het verslag van een vergadering van een raadscommissie, per pagina

€  0,60

1.5.3.2 een afschrift van de stukken behorende bij een vergadering van een raadscommissie, per pagina

€  0,60

1.5.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het vertrekken van een afschrift van een verordening, per pagina

€  0,60

 

Hoofdstuk 6 Overige burgerzaken

 

1.6.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

 

1.6.1.1 een verklaring omtrent gedrag

 

€ 41,35

1.6.1.2 legalisatie van een handtekening of foto, per legalisatie

€ 4,40

1.6.1.3 het verkrijgen van een bewijs van Nederlanderschap

€ 6,30

1.6.1.4 overige verklaringen omtrent personen of zaken in het belang van de aanvrager opgemaakt, per exemplaar

€ 6,30

1.6.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

 

1.6.2.1 een enkelvoudig verzoek optieverklaring

€ 191,00

1.6.2.2 een gemeenschappelijk verzoek optieverklaring

€ 326,00

1.6.2.3 een mede-opterend minderjarige

€    21,00

1.6.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor :

1.6.3.1 een naturalisatieverzoek één persoon

 

€  901,00

1.6.3.2 een naturalisatieverzoek samen met partner

€ 1.150,00

1.6.3.3 het mee-naturaliseren van minderjarig kind, per kind

€  133,00

1.6.4 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

 

1.6.4.1 een verzoek door staatloze of vergunninghouder om asiel (één persoon)

€  670,00

1.6.4.2 een verzoek door staatloze of vergunninghouder om asiel samen met partner

€  920,00

 

Hoofdstuk 7 Vastgoedinformatie

 

1.7.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.7.1.1 voor het verstrekken van milieutechnische en planologische gegevens over onroerende zaken, per adres

€ 56,25

1.7.1.2 voor het verstrekken van milieutechnische óf planologische gegevens over onroerende zaken, per adres

€ 28,25

1.7.1.3 voor de afgifte van een verklaring en (indien van toepassing) uittreksel op grond van de Wet Kenbaarheid Publiekrechtelijke Beperkingen, per adres

€ 92,35

1.7.2 Voor het verstrekken van kadastrale informatie wordt een tarief in rekening gebracht als genoemd in de Regeling tarieven Kadaster.

 

 

Hoofdstuk 8 Gemeentearchief

 

1.8.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

 

1.8.1.1 het doen van naspeuringen in gemeentearchief, per kwartier

€ 13,95

1.8.1.2 het vervaardigen van uittreksels of afschriften ook in digitale vorm van archiefstukken, per kwartier

€ 13,95

1.8.1.3 het verstrekken van milieutechnische en planologische gegevens over onroerende zaken, per adres

€ 56,25

1.8.1.4 het verstrekken van milieutechnische óf planologische gegevens over onroerende zaken, per adres

€ 28,25

 

Hoofdstuk 9 Leegstandswet

 

1.9.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1. 9.1.1 voor het verlenen van een vergunning voor tijdelijke verhuur van een leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet

€ 43,65

 

Hoofdstuk 10 Standplaatsen

1.10.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het innemen van een standplaats voor:

1.10.1.1 een dag

1.10.1.2 een week

1.10.1.3 een maand

1.10.1.4 drie maanden

1.10.1.5 zes maanden

1.10.1.6 12 maanden

1.10.1.7 een periode langer dan 12 maanden

 

 

€ 10,85

€ 17,65

€ 35,30

€ 66,00

€ 97,75

€ 111,65

€ 189,80 

 

Hoofdstuk  11 Kansspelen

 

1.11.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verlenen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

1.11.1.1 voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat

     

€ 56,50

1.11.1.1.1 voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat

€ 56,50

En voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 34,00

1.11.1.1.2 voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaren of voor onbepaalde tijd

€ 226,50

1.11.1.1.3 voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat

€ 90,50

en voor iedere volgende kansspelautomaat

€ 136,00

1.11.1.2 De onderdelen 1.11.1.1 en 1.11.1.1.1 zijn van overeenkomstige toepassing, indien de vergunning voor een tijdvak korter dan twaalf maanden of langer dan twaalf maanden maar ten hoogste vier jaar, met dien verstande dat de daar genoemde bedragen naar evenredigheid van het verschil in looptijd van de vergunning verlaagd onderscheidenlijk verhoogd worden.

 

1.11.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning)

€ 30,45

 

Hoofdstuk 12 Winkeltijdenwet

 

1.12.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.12.1.1 voor een ontheffing in het kader van de Winkeltijdenwet of het Vrijstellingsbesluit Winkeltijdenwet

 

€ 92,35

1.12.1.2 tot het verlenen van toestemming om een in onderdeel 1.12.1.1 bedoelde ontheffing over te dragen aan een ander

€ 92,35

1.12.1.3 tot het wijzigen van een in onderdeel 1.12.1.1 bedoelde ontheffing

€ 92,35

 

Hoofdstuk 13 Telecommunicatie en andere nutsvoorzieningen

1.13.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent tijdstip, plaats en werkwijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, derde lid van de Telecommunicatiewet

€ 222,60

1.13.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het krijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden anders dan bedoeld in artikel 5.4, eerste lid van de Telecommunicatiewet

€ 222,60

1.13.3 Voor het in behandeling nemen van meldingen als bedoeld in 1.13.1 en 1.13.2 voor werkzaamheden binnen de bebouwde kom, worden de in die onderdelen genoemde tarieven per strekkendemeter sleuflengte verhoogd met

€ 0,22

1.13.4 Voor het in behandeling nemen van meldingen als bedoeld in 1.13.1 en 1.13.2 voor werkzaamheden buiten de bebouwde kom, worden de in die onderdelen genoemde tarieven per strekkende meter sleuflengte verhoogd met

€ 0,11

1.13.5 Indien de melder verzoekt om een inhoudelijke afstemming bij de beoordeling van aanvragen worden de onder 1.13.1 en 1.13.2 genoemde bedragen verhoogd met

€ 222,60

1.13.6 Indien met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, worden de bedragen als genoemd in 1.13.1 tot en met 1.13.5 verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder medegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die ter zake door de gemeenteambtenaar bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel b van de Gemeentewet is opgesteld.

 

1.13.6.1 Indien een begroting is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor dat tijdstip schriftelijk is ingetrokken.

 

1.13.7 De artikelen 1.13.1 tot en met 1.13.6.1 blijven buiten toepassing als de melding 2500 strekkende meters sleuflengte of meer betreft.

De hoogte van de verschuldigde leges volgt dan uit de door of namens het college van burgemeester en wethouders goedgekeurde projectbegroting.

De melding wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de projectbegroting aan de melder ter kennis is gebracht, tenzij de melding voor dat tijdstip schriftelijk is ingetrokken.

 

 

Hoofdstuk 14 Verkeer en vervoer

 

1.14.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

1.14.1.1 tot het verkrijgen van een ontheffing, van artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens, met een geldigheidsduur van een:

 

- dag

€  4,20

- week

€ 16,80

- half jaar

€ 25,50

- jaar

€ 51,00

1.14.1.2 voor het verkrijgen van een vergunning voor parkeren op door het college van burgemeester en wethouders , bij openbaar te maken besluit, aan te wijzen weggedeelten en tijdstippen die bestemd zijn het parkeren door vergunninghouder, per jaar

€ 177,80

Indien de vergunning als bedoeld in artikel 1.14.1.2 in de loop van het jaar wordt vertrekt, is leges verschuldigd, voor zoveel twaalfde gedeelten van de voor dat jaar verschuldigde leges als er in dat jaar na de vergunning verstrekking nog volle kalendermaanden overblijven.

 

1.14.1.3 tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

€ 31,85

1.14.1.4 voor het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit Administratieve Bepalingen inzake het Wegverkeer (BABW)

€ 55,00

1.14.1.4.1 voor het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in onderdeel 1.14.1.4 in geval van beschadiging, verlies of diefstal

€ 55,00

1.14.1.4.2 Het legestarief van artikel 1.14.1.4 wordt, wanneer ter zake van de aanvraag een geneeskundig onderzoek moet plaatsvinden verhoogd met het bedrag dat door de keuringsarts bij de gemeente hiervoor in rekening wordt gebracht.

 

1.14.1.5 voor het verkrijgen van, of het aanbrengen van wijzigingen aan een gereserveerde invalidenparkeerplaats (op kenteken)

1.14.1.5.1 Als een aanvraag als bedoeld onder 1.14.1.5 wordt geweigerd, bestaat aanspraak op teruggaaf van de volledige ter zake verschuldigde leges

€ 76,10

 

Hoofdstuk 15 Diversen

 

1.15.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:  

   

1.15.1.1 voor het verkrijgen van een vergunning of ontheffing voor het verbranden van snoeiafval, plaatsen van tijdelijke reclameborden

€ 43,65

1.15.1.2 voor het verkrijgen van een vergunning of ontheffing voor staand want visserij, verlotingen en huis aan huis verkoop voor een goed doel, collectes en textielinzameling 

€ 15,25

1.15.1.3 voor het vervaardigen van (fotografische) afdrukken van tekeningen per m2:

1.15.1.3.1 het tarief als bedoeld in 1.15.1.3 wordt herrekend op basis van het papierformaat, waarbij geldt dat:

  • a.

    A4 formaat = 0,0625 m2

  • b.

    A3 formaat = 0,125 m2

  • c.

    A2 formaat = 0,25 m2

  • d.

    A1 formaat = 0,5 m2

  • e.

    A0 formaat = 1 m2

€ 7,00

                   

   

1.15.1.4 voor het verstrekken van fotokopieën en afdrukken van meer dan 5 pagina’s, per pagina:

 

Zwart:

  • a.

    Formaat A4

  • b.

    Formaat A3:

 

€ 0,35

€ 0,45

Kleur:

  • a.

    Formaat A4

  • b.

    Formaat A3

 

€ 0,60

€ 0,80

1.15.1.5 voor het afgeven of verstekken van scans:

  • -

    minder dan 50, per scan

  • -

    50 of meer, voor het meerdere, per scan

 

€ 0,25

€ 0,15

1.15.1.5.1 voor het verstrekken van gegevens op een USB worden de bedragen onder 1.15.1.5 verhoogd met

€ 7,95

1.15.1.6 Wob-verzoeken

1.15.1.6.1 voor het verstrekken van kopieën van schriftelijke stukken op grond van artikel 7, eerste lid, onderdeel a van de Wet openbaarheid van bestuur:

 

  • -

    voor minder dan 5 kopieën:

  • -

    voor 5 tot 13 kopieën:

  • -

    voor 14 of meer kopieën, per kopie:

gratis

€ 4,50

 

€ 0,35

1.15.1.6.2 voor het verstrekken van een uittreksel van een document of een samenvatting van de inhoud van een document op grond van artikel 7, eerste lid, onder c van de Wet openbaarheid van bestuur per pagina van het uittreksel of de samenvatting :

€ 2,25

1.15.1.6.3 Indien het bepaalde in de artikelen 1.15.1.6.1 en 1.15.1.6.2 toepassing vindt, worden de daar bedoelde aanvragen in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begrote kosten aan de aanvrager zijn medegedeeld, tenzij de aanvraag voor dat tijdstip schriftelijk is ingetrokken.

 

1.15.1.7 voor het verstrekken van stukken of uittreksels voor zover daarvoor niet elders in deze Titel of wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per exemplaar

€ 6,20

1.15.1.8 voor het vertalen van een in het Fries opgesteld stuk naar het Nederlands, per kwartier

€ 13,95

1.15.1.9 voor het verkrijgen van elke niet in deze Titel genoemde vergunning, ontheffing of beschikking hoe ook genaamd, welke ter uitvoering van een Algemeen verbindend voorschrift wordt afgegeven, of afschrift daarvan, per in de desbetreffende beschikking begrepen vergunning, ontheffing of beschikking.

€ 87,00

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/omgevingsvergunning

 

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

2.1.1 Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

2.1.1.1 Aanlegkosten:

De aannemingssom, exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012, Staatscourant 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de aanlegkosten, die voortvloeien uit aangegane verplichtingen ten behoeve van de fysieke realisatie van de (bouw) werken, exclusief omzetbelasting.

Indien de aanleg geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in deze titel onder aanlegkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten worden betaald voor de werken of werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, exclusief omzetbelasting.

2.1.1.2 Bouwkosten:

De aannemingssom , exclusief omzetbelasting, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve Voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012, Staatscourant 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt een raming van de bouwkosten, exclusief omzetbelasting, die voortvloeien uit aangegane verplichtingen ten behoeve van de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken.

Indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt, wordt in deze titel onder bouwkosten verstaan: de prijs die aan een derde in het economisch verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, exclusief omzetbelasting.

2.1.1.3 Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

2.1.1.4 In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

2.1.1.5 In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

2.1.1.6 Wro: Wet ruimtelijke ordening

2.1.1.7 Gebruiksoppervlakte: gebruiksoppervlakte als bedoeld in NEN 2580.

 

Hoofdstuk 2 Vooroverleg / beoordeling conceptaanvraag

 

2.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

2.2.1 voor een verzoek om informatie en/of het beoordelen van een conceptaanvraag , ongeacht de uitkomst daarvan

€ 50,75

2.2.1.1 Indien voor het in behandeling nemen van een aanvraag als bedoeld in artikel 2.2.1 gebruik wordt gemaakt van het instituut “Nije Pleats” of van een daarmee vergelijkbare methodiek (ateliersessies), wordt het in dat artikelonderdeel genoemde bedrag verhoogd met

€ 5.900,00

2.2.1.1.1 De aanvraag wordt in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de aanvrager in kennis is gesteld van de gebruikmaking van “Nije Pleats” of een daarmee vergelijkbare methodiek.

 

 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk en hoofdstuk 4 van deze titel. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd.

 

2.3.1 Bouwactiviteiten

2.3.1.1 Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, is het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten, gelijk aan een percentage van de bouwkosten:

2.3.1.1.1 indien de bouwkosten minder bedragen dan € 200.000: 2.3% van de bouwkosten met een minimum van

€ 100,00

2.3.1.1.2 indien de bouwkosten minder bedragen dan € 500.000 doch niet minder dan € 200.000 vermeerderd met 1,7% van de bouwkosten die meer bedragen dan €200.000

 

2.3.1.1.3 indien de bouwkosten € 500.000 of meer bedragen vermeerderd met 1,1% van de bouwkosten die meer bedragen dan € 500.000

 

2.3.1.1.4 De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een eerder verleende omgevingsvergunning als gevolg van, een naar omstandigheden beoordeeld, geringe wijziging van het project worden geheven over de hogere bouwkosten ten opzichte van de bouwkosten bij de eerder verleend omgevingsvergunning en overeenkomstig het bepaalde in artikel 2.3.1.1, met dien verstande dat de leges niet minder bedragen dan

€ 101,50

2.3.1.2 Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 wordt het tarief verlaagd met 30% indien een aanvraag als bedoeld in 2.3.1.1 wordt ingediend met een gecertificeerde bouwbesluittoets waaruit blijkt dat de aanvraag volledig voldoet aan het Bouwbesluit 2012.

 

2.3.1.3 In afwijking van artikel 2.3.1.1 bedragen de leges voor de verlening van een omgevingsvergunning voor een opstelling van een zonnepanelenstellage op de grond, indien de aanvrager in het bezit is van het keurmerk “Mienskips Energie”

2.3.1.4 Voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor hergebruik van een ingetrokken omgevingsvergunning zijn geen leges verschuldigd

€ 205,80

 

 

2.3.2 Aanlegactiviteiten

Indien de aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, is het tarief gelijk aan het tarief bedoeld in onderdeel 2.3.1.1 met dien verstande dat voor het begrip “bouwkosten” wordt gelezen “aanlegkosten”.

 

 

 

2.3.3 Planologisch strijdig gebruik

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, bedraagt het tarief indien het (mede) een aanvraag betreft als bedoeld in:  

 

2.3.3.1 artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 1, van de Wabo (binnenplanse afwijking)

€ 122,05

2.3.3.2 artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 2, van de Wabo (buitenplanse kleine afwijking, kruimelgeval)

€ 181,45

2.3.3.3 artikel 2.12, eerste lid, onder a, sub 3, van de Wabo (buitenplanse grote afwijking, planologisch projectbesluit)

€ 4.532,20

2.3.3.4 artikel 2.12, eerste lid, onder b van de Wabo (afwijken exploitatieplan)

€ 791,70

 

 

2.3.3.5 Indien de aanvraag een project van provinciaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn gesteld krachtens artikel  4.1, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en indien het een aanvraag betreft als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo (afwijking van provinciale regelgeving) bedraagt het tarief

€ 3.518,65

2.3.3.6 Indien de aanvraag een project van nationaal belang betreft, de activiteit in strijd is met de regels die zijn vastgesteld krachtens artikel 4.3, derde lid, van de Wet ruimtelijke ordening en indien het een aanvraag betreft als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder c, van de Wabo (afwijking van nationale regelgeving)

€3.518,65

2.3.3.7 Indien het een aanvraag betreft als bedoeld in artikel 2.12, eerste lid, onder b van de Wabo (afwijken voorbereidingsbesluit) bedraagt het tarief

€ 791,70

 

 

2.3.4 In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten, voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het verlenen, wijzigen of vervangen van een gebruiksvergunning

€ 356,25

 

 

2.3.5 Activiteiten met betrekking tot monumenten of beschermde stads- of dorpsgezichten

Indien de aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder f van de Wabo, of op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2 eerste lid, onder b van de Wabo met betrekking tot een krachtens provinciale erordening aangewezen monument, waarvoor op grond van die provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

               

 

2.3.5.1 voor het slopen, verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

€ 201,80

2.3.5.2 voor het herstellen, gebruiken of laten gebruiken van een monument op een wijze waardoor het wordt ontsierd of in gevaar gebracht:

€ 201,80

2.3.5.3 Indien een aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in een beschermd stads- of dorpsgezicht, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid onder h van de Wabo, of op het slopen van een bouwwerk als bedoeld in artikel 2.2 eerste lid, onder c van de Wabo, met betrekking tot een krachtens provinciale verordening aangewezen monument, waarvoor op grond van de provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

€ 201,80

 

 

2.3.6 Sloop activiteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht:

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk in gevallen waarin dat in een bestemmingsplan , beheersverordening of voorbereidingsbesluit is bepaald, bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder g, van de Wabo, of waarvoor op grond van een provinciale verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder a van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoeld activiteiten:

€ 527,80

 

 

2.3.7 Aanleggen of veranderen weg

Indien de aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op het aanleggen van een weg of op verandering brengen in de wijze van aanleg van een weg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, aanhef en eerste lid, onder d van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 299,10

 

 

2.3.8 Uitweg/inrit

 Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken,

hebben of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of de Algemeen Plaatselijke Verordening een vergunning of ontheffing is vereist als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder e van de Wabo, bedraagt het tarief

€ 76,15

 

 

2.3.9 Handelsreclame

Indien de aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op handelsreclame met behulp van een opschrift, aankondiging of afbeelding in welke vorm dan ook, die zichtbaar is vanaf een voor het publiek toegankelijke plaats, waarvoor ingevolge de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder h en i van de Wabo, bedraagt het tarief

 

Dit recht is niet verschuldigd indien tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in onderdeel 2.3.1

€ 78,05

 

 

2.3.10 Opslag van roerende zaken

Indien de aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op de opslag van roerende zaken in een bepaald gedeelte van de provincie of de gemeente, waarvoor op grond van een bepaling in een provinciale verordening of de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

         

 

2.3.10.1 Indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo

€ 34,90

2.3.10.2 indien de activiteit bestaat uit het als eigenaar, beperkt gerechtigde of gebruiker van een onroerende zaak toestaan of gedogen dat daar roerende zaken worden opgeslagen, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder k, van de Wabo:

€ 34,90

 

 

2.3.11 Kappen

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op het vellen of doen vellen van houtopstand, bedoeld in artikel 2.2 eerste lid, aanhef, onder g, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 89,30

 

 

2.3.12 Natura 2000-activiteiten

Indien de aanvraag tot het verlenen van omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef onderdeel a, van het Besluit omgevingsrecht, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de indien onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 469,55

 

 

2.3.13 Flora- en fauna activiteiten

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

€ 469,55

 

 

2.3.14 Andere activiteiten

Indien de aanvraag omgevingsvergunning betrekking heeft op het verrichten van een andere activiteit of handeling dan in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedoeld en die activiteit of handeling:

 

2.3.14.1 behoort tot een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder i, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 232,05

2.3.14.2 behoort tot een bij provinciale verordening, gemeentelijke verordening of waterschapsverordening aangewezen categorie activiteiten die van invloed kunnen zijn op de fysieke leefomgeving, als bedoeld in artikel 2.2, tweede lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.14.2.1 als het een gemeentelijke verordening betreft: het bedrag dat op grond van deze tarieventabel voor de betreffende vergunning of ontheffing verschuldigd is als de activiteit zou worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning. Als de activiteit in geen enkel geval kan worden uitgevoerd zonder omgevingsvergunning bedraagt het tarief:

€ 232,05

2.3.14.2.2 Indien het een provinciale of waterschapsverordening betreft: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

 

2.3.15 Omgevingsvergunning in twee fasen

Indien de aanvraag omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

2.3.15.1 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

2.3.15.2 voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

 

 

2.3.16 Beoordeling rapporten

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een rapport wordt beoordeeld: (de kosten worden per beoordeling geheven)  

2.3.16.1 voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport

         

€ 90,74

2.3.16.2 voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport

€ 90.74

2.3.16.3 voor de beoordeling van een akoestisch rapport

€ 90.74

2.3.16.4 voor de beoordeling van een rapport gelijkwaardige oplossing

€ 90.74

2.3.17 Advies  

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

Indien een begroting is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

2.3.18 Verklaring van geen bedenkingen

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

€ 384,84

 

Hoofdstuk 4 Teruggaaf

 

Teruggaaf als gevolg van intrekking van aanvragen als bedoeld in de onderdelen 2.3.1 tot en met 2.3.9 en 2.3.11

Als een aanvrager zijn aanvraag voor een omgevingsvergunning intrekt, terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente, echter voordat op de aanvraag is besloten, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges als bedoeld in de onderdelen 2.3.1 tot en met 2.3.9 en 2.3.11. De teruggaaf bedraagt 50%. Een teruggaaf lager dan € 50,00 wordt niet gerestitueerd.

   

Teruggaaf als gevolg van intrekken aanvraag wegen hergebruik

Als blijkt dat de aanvraag is ingediend voor de onjuiste activiteiten en deze wordt ingetrokken om te worden hergebruikt om dit verzuim te herstellen, bedraagt de teruggaaf 100%.

 

Teruggaaf als gevolg intrekken abusievelijk ingediend aanvraag

Als binnen 15 werkdagen na ontvangst van de aanvraag blijkt dat de aanvraag voor alle onderdelen van het project abusievelijk is ingediend, bedraagt de teruggaf 100%.

 

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning voor bouw- en aanlegactiviteiten

 Als de gemeente omgevingsvergunning voor een project al dan niet op verzoek van de aanvrager binnen drie jaren na het verlenen daarvan intrekt, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges als bedoeld in 2.3.1 en 2.3.2 , tenzij van de vergunning gebruik is gemaakt. De teruggaaf bedraagt 50% met een minimum van € 100,00.

 

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning voor bouw- en aanlegactiviteiten en planologisch strijdig gebruik.

Als de gemeente een omgevingsvergunning weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges als bedoeld in de onderdelen 2.3.1 tot en met 2.3.3. De teruggaaf van de op grond van die onderdelen verschuldigde leges bedraagt 30% met een minimum van € 50,00. Onder een weigering wordt tevens verstaan een vernietiging ingevolge een rechterlijke uitspraak van de beschikking waarbij de vergunning is verleend.

 

Teruggaaf als gevolg van het buiten verdere behandeling stellen van aanvragen als bedoeld in de onderdelen 2.3.1 tot en met 2.3.9 en 2.3.11

Als een aanvraag om een omgevingsvergunning met de activiteit bouwen of aanleggen buiten verder behandeling wordt gesteld op grond van artikel 4:5 van de Algemene wet Bestuursrecht, bestaat aanspraak op teruggaaf van en deel van de leges als bedoeld in de onderdelen 2.3.1 tot en met 2.3.9. De teruggaaf van de op grond van die onderdelen verschuldigde leges bedraagt 60% met een minimum van € 50,00.

 

Teruggaaf leges omgevingsvergunning zonnepanelenstellage

Als de gemeente voor een project als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onderdeel a en b van de Wabo betreffende bouw- en/of aanlegactiviteiten van een zonnepanelenstellage op de grond een omgevingsvergunning heeft verleend, bestaat aanspraak op teruggaaf van de op basis van 2.3.1 geheven leges tot een bedrag van 202,80, mits het verzoek is ingediend binnen drie jaren na verlening van de omgevingsvergunning en een beschikking weigeren van Subsidie Duurzame Energieproductie (SDE) wordt overlegd.

 

Hoofdstuk 5 Overschrijven omgevingsvergunning

2.5.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een verzoek tot overschrijving van een verleende vergunning

€ 66,00

 

Hoofdstuk 6 Wet geluidhinder/Procedure hogere grenswaarde

2.6 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een hogere waarde dan de ten hoogst toelaatbare geluidsbelasting als bedoeld in artikel 110a Wet Geluidhinder bedraagt:

€ 131,95

 

Hoofdstuk 7 Bestemmingswijzigingen zonder activiteiten

 

2.7.1 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

2.7.1.1 vooroverleg in verband met het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project in het kader van de Wro vergunbaar en/of realiseerbaar is:  

 

€ 50,75

2.7.1.2 het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening:

€ 4.925,40

2.7.1.3 het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening:

€ 3.038,55

2.7.1.4 het vaststellen van een uitwerkingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, sub b, van de Wet ruimtelijke ordening:

2.7.2 Indien wordt besloten tot aanwijzing van de gemeentelijke coördinatieregeling zoals bedoeld in artikel 3.30, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening, zijn de afzonderlijk in deze tarieventabel opgenomen tarieven voor de betrokken gevallen van toepassing.

€ 3.038,55

 

Hoofdstuk 8 Achteraf ingediende aanvragen

Onverminderd het bepaalde in de onderdelen 2.3.1 tot en met 2.3.14 bedraagt het tarief, indien de in het betreffende onderdeel bedoeld aanvraag wordt ingediend na de aanvang of het gereed komen van de daarin omschreven activiteiten, 35% van de op grond van het onderdeel verschuldigde leges, tot een maximum van € 1.500,00 per aanvraag. 

 

Hoofdstuk 9 In deze titel niet benoemde beschikking

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde beschikking:

€ 110,00

 

Hoofdstuk 10 beoordeling rapporten en inwinnen extern advies

 

2.10.1 Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van deze Titel bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een rapport wordt beoordeeld, per beoordeling:

€ 90,75

2.10.2 Onverminderd het overigens in deze Titel bepaalde kunnen de kosten die aan de gemeente in rekening worden gebracht voor externe adviezen c.q. werkzaamheden van derden, zoals stedenbouwkundig en/of landschappelijk advies, bedrijfseconomische -, ecologisch -, archeologisch- en waterhuishoudkundige adviezen dan wel milieutechnisch adviezen zoals (inwinnen van advies voor) een bodem- of akoestisch onderzoek, als leges in rekening gebracht bij de aanvrager, waarbij dit bedrag voorafgaand aan aanvrager is meegedeeld en blijkt uit een raming (zijnde een opgave van kosten) die ter zake door of vanwege het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

Indien een begroting als bedoeld in de eerste volzin is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn

 

Hoofdstuk 1 Horeca

3.1. Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van:

3.1.1 een aanvraag voor het verlenen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet :  

 

€ 398,90

3.1.2 een aanvraag voor het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet :

€ 50,75

3.1.3 een aanvraag voor het verlenen van een ontheffing als bedoeld in artikel 4, vierde lid van de Drank en Horecawet:

€ 15,25

3.1.4 een aanvraag voor een gewijzigde vergunning als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet:

€ 55,80

3.1.5 een aanvraag voor het wijzigen van het aanhangsel als bedoeld in artikel 30a, tweede lid van de Drank en Horecawet:

€ 55,80

3.2 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor de afgifte van een exploitatievergunning:

 

3.2.1 voor een horecabedrijf uit categorie 1 als bedoeld in de “richtlijnen voor de exploitatievergunning horeca”:

€ 15,25

3.2.2 voor een horecabedrijf uit categorie 2 als bedoeld in de “richtlijnen voor de exploitatievergunning horeca:

€ 71,05

3.2.3 voor een horecabedrijf uit categorie 3 als bedoeld in de “richtlijnen voor de exploitatievergunning horeca”:

€ 126,90

 

Hoofdstuk 2 Evenementen en markten

3.2.1 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening (evenementenvergunning), indien het betreft een:

 

3.2.1.1 klasse A evenement (kleinschalig)

€  35,55

3.2.1.2 klasse B evenement

€ 126,90

3.2.1.3 klasse C evenement (grootschalig en/of met verhoogd risicoprofiel)

€ 750,00

 

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

3.3 Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor:

3.3.1 het verlenen, verlengen of wijzigen van een exploitatievergunning van een escortbedrijf of seksinrichting als bedoeld in de Algemene Plaatselijke Verordening

 

€ 969.85

 

Hoofdstuk 4 Geluidhinder

4.1 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een ontheffing geluidhinder bedraagt:

€ 15,25

 

Hoofdstuk 5 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

5.1 Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een andere, in deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking bedraagt:

€ 66,00

 

 

Behoort bij het raadsbesluit van 7 november 2019

De griffier van de gemeente Noardeast-Fryslân