Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Oldenzaal

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Oldenzaal houdende regels omtrent kwijtschelding gemeentelijke belastingen (Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2020)

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieOldenzaal
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVerordening van de gemeenteraad van de gemeente Oldenzaal houdende regels omtrent kwijtschelding gemeentelijke belastingen (Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2020)
CiteertitelVerordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2020
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Deze regeling vervangt de Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2019.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 255 van de Gemeentewet
  2. artikel 26 van de Invorderingswet 1990
  3. Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2020nieuwe regeling

16-12-2019

gmb-2019-309253

967

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening van de gemeenteraad van de gemeente Oldenzaal houdende regels omtrent kwijtschelding gemeentelijke belastingen (Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2020)

De raad van de gemeente Oldenzaal;

 

gelezen het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 19 november 2019, nr. 42/7, reg.nr. INTB-18-04317;

 

gelet op artikel 255 van de Gemeentewet, artikel 26 van de Invorderingswet 1990, de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 en de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapslasten;

 

overwegende, dat in afwijking van de regels gesteld in de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 gewenst is regels te stellen voor het in het geheel geen dan wel gedeeltelijk verlenen van kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en rechten;

 

 

b e s l u i t :

 

 

vast te stellen de Verordening Kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2020

Artikel 1 Uitgesloten van kwijtschelding

Bij de invordering van de volgende belastingen en rechten wordt geen kwijtschelding verleend:

  • a.

    begraafplaatsrechten;

  • b.

    hondenbelasting;

  • c.

    marktgelden;

  • d.

    leges;

  • e.

    parkeerbelastingen;

  • f.

    onroerende-zaakbelastingen;

  • g.

    precariobelasting;

  • h.

    reclamebelasting;

  • i.

    rioolheffing, genoemd in artikel 3, lid 1, sub a in combinatie met artikel 5, lid 1, van de verordening;

  • j.

    afvalstoffenheffing, genoemd in Hoofdstuk 1, onder 3.1 en Hoofdstuk 2 van de Tarieventabel behorende bij de Verordening Reinigingsheffingen;

  • k.

    toeristenbelasting.

Artikel 2 Beperkte kwijtschelding

  • 1.

    Bij de invordering van de afvalstoffenheffing genoemd in Hoofdstuk 1, onder 1.1 en 1.2 van de Tarieventabel behorende bij de Verordening Reinigingsheffingen 2020 wordt kwijtschelding verleend voor:

    • a.

      het vaste bedrag en

    • b.

      het variabele deel voor maximaal tot het bedrag van € 64,60

  • 2.

    Bij de invordering van de rioolheffing wordt alleen kwijtschelding verleend van het bepaalde in artikel 3, lid 1, sub 2 in combinatie met artikel 6, lid 2, van die verordening.

Artikel 3 Verruimde kwijtschelding

  • 1.

    Bij de invordering van de afvalstoffenheffing, genoemd in Hoofdstuk 1 van de Tarieventabel behorende bij de Verordening Reinigingsheffingen en de rioolheffing, voor het bepaalde in artikel 3, lid 1, sub 2, in combinatie met artikel 5, lid 2, van die verordening vindt ten aanzien van kwijtschelding het bepaalde in Hoofdstuk 2, artikel 16, eerste en tweede lid, van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990 toepassing met dien verstande, dat de kosten van bestaan als bedoeld in artikel 16 van de genoemde uitvoeringsregeling, worden vastgesteld op 100 percent van de genormeerde bijstandsuitkering.

  • 2.

    Bij de kwijtschelding van de in het eerste lid genoemde belastingen wordt voor echtgenoten, voor een alleenstaande of een alleenstaande ouder, die 65 jaar of ouder zijn, het percentage voor de berekening van de kosten van bestaan gesteld op 100 percent van de toepasselijke netto AOW-bedragen, berekend overeenkomstig het bepaalde in artikel 1a van de Nadere regels kwijtschelding gemeentelijke en waterschapsbelastingen.

  • 3.

    Bij de kwijtschelding van de in het eerste lid genoemde belastingen worden overeenkomstig het bepaalde in artikel 28, lid 3, van de Uitvoeringsregeling als uitgaven mede in aanmerking genomen de netto kosten van kinderopvang.

  • 4.

    Ter beoordeling van de aanvraag om kwijtschelding vindt een toets plaats aan de hand van hetgeen bepaald is in artikel 12 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990.

  • 5.

    Met inachtneming van het overigens in dit besluit bepaalde, wordt een verzoek om kwijtschelding van gemeentelijke belastingen en heffingen die geen verband houden met de uitoefening van het bedrijf of beroep, van een natuurlijk persoon die een bedrijf of zelfstandig beroep uitoefent, behandeld volgens de bepalingen van hoofdstuk II, afdelingen 1, 2 en 5 van de Uitvoeringsregeling Invorderingswet 1990.

Artikel 4 Wijze van aanvraag kwijtschelding

Voor de aan vraag om kwijtschelding dient gebruik te worden gemaakt van het door de gemeenteambtenaar belast met invordering van gemeentelijke belasting, als bedoeld in artikel 231, lid 2 onder c van de Gemeentewet (invorderingsambtenaar), vastgestelde aanvraagformulier met de daarbij behorende toelichting.

Artikel 5 Termijnen

  • 1.

    Een verzoek om kwijtschelding wordt binnen twee maanden na de dagtekening van de aanslag, waarvoor kwijtschelding wordt gevraagd, bij de gemeente ingediend.

  • 2.

    Verzoeken om kwijtschelding die na afloop van deze termijn worden ingediend, worden ambtshalve in behandeling genomen, met als voorwaarde dat er geen kwijtschelding kan worden aangevraagd indien het bedrag van de aanslag op het moment van aanvragen van kwijtschelding al minimaal 3 maanden geleden is betaald.

Artikel 6 Overgangsrecht

  • 1.

    De “Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2019” wordt ingetrokken met ingang van de in artikel 7 genoemde datum van ingang van de verordening, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op ingediende verzoeken die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Indien de datum van inwerkingtreding van deze verordening ligt na de in artikel 7 genoemde datum van ingang van de verordening, blijft de in het eerste lid genoemde regeling gelden voor de in de tussenliggende periode ingediende verzoeken.

Artikel 7 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 januari 2020.

Artikel 8 Citeertitel

Deze verordening kan worden aangehaald als “Verordening kwijtschelding gemeentelijke belastingen 2020”.

Vastgesteld in de openbare vergadering van 16 december 2019,

de griffier,

J.H. Brokers

de voorzitter,

P.G. Welman