Handhavingsverordening WWB en WIJ Stadskanaal 2010

Geldend van 01-01-2015 t/m heden

Intitulé

Handhavingsverordening WWB en WIJ Stadskanaal 2010

De raad van de gemeente Stadskanaal;

gelezen het voorstel van burgemeester en wethouders van 26 november 2010, nr. R 6809;

gelet op artikel 8a van de Wet werk en bijstand en artikel 12, eerste lid onderdeel c van de Wet investeren in jongeren, [De grondslag van deze verordening is gewijzigd in artikel 8b van de Participatiewet . [De Wet werk en bijstand en de Wet investeren in jongeren zijn vervallen.]

besluit:

vast te stellen de navolgende verordening "Handhavingsverordening WWB en WIJ Stadskanaal 2010". [De formele titel van deze verordening is op grond van artikel 78t en 78z van de Wet werk en bijstand gewijzigd.]

HOOFDSTUK 1 ALGEMENE BEPALINGEN

Artikel 1 Begripsomschrijving

HOOFDSTUK 2 PREVENTIE EN CONTROLE

Artikel 2 Voorlichting en communicatie

Het college stelt een beleidsplan vast waarin onder andere aandacht wordt besteed aan voorlichting en communicatie. Onderdeel daarvan is de wijze waarop het college belanghebbenden informeert over de regelgeving en de daaraan vervatte rechten en plichten die aan het aanvragen en ontvangen van bijstand, een werk-/leeraanbod en/of een inkomensvoorziening in het kader van de Participatiewet verbonden zijn. Tevens worden de consequenties van misbruik en oneigenlijk gebruik van de Participatiewet hierin omschreven.

Artikel 3 Controle bij de aanvraag, tijdens en na de beëindiging van de voorziening

  • 1.

    Het college beschrijft in het beleidsplan de wijze van controle bij de aanvraag.

  • 2.

    Het college voert onderzoeken uit om de rechtmatigheid van de uitkering, het werkleeraanbod en/of de inkomensvoorziening te controleren.

  • 3.

    Het college voert onderzoeken uit naar de reden van de beëindiging van de uitkering, het werkleeraanbod en/of inkomensvoorziening.

  • 4.

    Op basis van deze onderzoeken neemt het college een besluit met betrekking tot de rechtmatigheid van de verstrekte uitkering, het werkleeraanbod en/of de inkomensvoorziening en de wederzijds tussen het college en de belanghebbende resterende verplichtingen en de afhandeling daarvan.

HOOFDSTUK 3 BESTRIJDING VAN MISBRUIK

Artikel 4 Verlaging van de uitkering

Indien belanghebbende onjuiste, onvolledige dan wel geen inlichtingen heeft verstrekt die van belang zijn of kunnen zijn voor de hoogte, de duur of de voortzetting van de bijstand, werkleeraanbod of inkomensvoorziening, verlaagt het college de bijstand conform hetgeen hierover is bepaald in de Afstemmingsverordening Participatiewet, IOAW en IOAZ gemeente Stadskanaal 2015, onverminderd de mogelijkheid tot terugvordering van de eventueel ten onrechte ontvangen bijstand en/of de inkomensvoorziening.

Artikel 5 Aangifte

Indien een gedraging van belanghebbende als bedoeld in artikel 4 leidt tot een benadeling van de gemeente, doet het college, onverminderd de mogelijkheid de bijstand te verlagen en de ten onrechte ontvangen bijstand en/of inkomensvoorziening terug te vorderen, aangifte bij het Openbaar Ministerie/politie.

HOOFDSTUK 4 TERUGVORDERING EN VERHAAL

Artikel 6 Terugvordering

  • 1.

    Het college vordert de kosten van bijstand terug in de gevallen die in paragraaf 6.4 van de Participatiewet  zijn aangegeven, voor zover zich daartegen geen andere regeling verzet.

  • 2.

    De kosten van bijstand of de inkomensvoorziening worden onder een nader door het college vast te stellen bedrag niet teruggevorderd, voor zover het teveel dan wel ten onrechte verstrekte bijstand of inkomensvoorziening betreft die niet het gevolg is van schending van de inlichtingenplicht.

  • 3.

    Van terugvordering kan worden afgezien, indien daarvoor een dringende reden aanwezig is.

  • 4.

    Het college stelt nadere regels vast omtrent de terugvordering van kosten van bijstand of de inkomensvoorziening, kosten van invordering en wettelijke rente.

Artikel 7 Verhaal

  • 1.

    Het college verhaalt de kosten van bijstand, conform paragraaf 6.5 van de Participatiewet , voor zover zich daartegen geen andere wettelijke regeling verzet.

  • 2.

    Van verhaal kan worden afgezien, indien daarvoor een dringende reden aanwezig is.

HOOFDSTUK 5 SLOTBEPALINGEN

Artikel 8 Uitvoering

De uitvoering van deze verordening berust bij het college.

Artikel 9 Onvoorziene omstandigheden en hardheidsclausule

  • 1.

    In gevallen waarin deze verordening niet voorziet, beslist het college.

  • 2.

    Het college kan in bijzondere gevallen afwijken van de bepalingen in deze verordening, als toepassing tot onbillijkheden van overwegende aard leidt.

Artikel 10 Citeertitel

Deze verordening wordt aangehaald als "Handhavingsverordening Participatiewet Stadskanaal 2015".

Artikel 11 Inwerkingtreding

Deze verordening treedt acht dagen na bekendmaking in werking.

Ondertekening

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering van 13 december 2010.
De raad
de raadsgriffier, de voorzitter,