Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Verordening op de rechtstoestand voor het beroepsbrandweerpersoneel VRR 2007

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieVeiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond
OrganisatietypeRegionaal samenwerkingsorgaan
Officiële naam regelingVerordening op de rechtstoestand voor het beroepsbrandweerpersoneel VRR 2007
CiteertitelVerordening rechtstoestand van het beroepsbrandweerpersoneel VRR 2007
Vastgesteld dooralgemeen bestuur
Onderwerpbestuur en recht
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Met verwerking van de wijziging van 19 september 2012 waarbij artikel 10 is ingetrokken.

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 35 Gemeenschappelijke regeling Veiligheidsregio Rotterdam-Rijnmond

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

23-04-200701-01-2007nieuwe regeling

23-04-2007

Onbekend

14AB080423

Tekst van de regeling

Intitulé

Verordening op de rechtstoestand voor het beroepsbrandweerpersoneel VRR 2007

Het bestuur van de Veiligheidsregio Rotterdam Rijnmond,

 

Gezien het voorstel van het Dagelijks Bestuur,

 

Gelet op het ambtenarenreglement van de gemeente Rotterdam,

 

Besluit:

 

vast te stellen de volgende Verordening 

 

De verordening op de rechtstoestand voor het beroepsbrandweerpersoneel VRR 2007

 

Artikel 1  

Voor toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

Algemeen Directeur: De ambtenaar die door het Algemeen Bestuur is benoemd tot werkzaamheden ter uitvoering van de taakstelling als bedoeld in artikel 4 van de Gemeenschappelijke Regeling;

 

Ambtenaar: de ambtenaar in de zin van het ambtenarenreglement, wiens betrekking in hoofdzaak werkzaamheden omvat rechtstreeks in verband staande met de brandweer;

 

Diensturen: de uren gedurende welke de ambtenaar werkzaamheden kunnen worden opgedragen;

 

Piketdienst: de voor de ambtenaar vastgestelde uren buiten de voor hem geldende diensturen, waarop deze zich beschikbaar dient te houden;

 

Aanwezigheidsdienst: een aaneengesloten tijdruimte van 24 uren, waarin de werknemer, zonodig naast het verrichten van de bedongen arbeid, verplicht is op de arbeidsplaats aanwezig te zijn om op oproep zo spoedig mogelijk de bedongen arbeid te verrichten (artikel 1:2 onderdeel c, Arbeidstijdenbesluit (ATB));

 

Werkuren: de uren die binnen de diensttijd in het dienstrooster wordt ingevuld met werkzaamheden;

 

Wachturen: de uren waarop de betrokkene buiten de werkuren volgens het voor hem geldende rooster in de kazerne aanwezig is en waarbij hij beschikbaar is voor het onmiddellijk verrichten van tot zijn betrekking behorende werkzaamheden;

 

Artikel 2  

Hoofdstuk V van het Ambtenarenreglement en artikel 15 van het Bezoldigingsbesluit 1993 van de gemeente Rotterdam zijn op de ambtenaar, die in ploegendienst werkzaam is, niet van toepassing.

Artikel 3  

Omtrent de plaatsing van de ambtenaar in dagdienst of in ploegendienst en de tijdsduur van deze plaatsing beslist de algemeen directeur, waarbij zoveel als mogelijk rekening wordt gehouden met de belangen van de ambtenaar.

Artikel 4  

  • 1.

    De Algemeen Directeur stelt telkens voor een kalenderjaar het rooster vast, gebaseerd op een 24-uursdienst.

  • 2.

    Bij vaststelling van het jaarrooster voor de ambtenaar werkzaam in ploegendienst worden in overleg tussen de Regionaal Commandant en de ondernemingsraad nadere regels afgesproken over de werking en de roostervoorwaarden.

Artikel 5  

  • 1.

    De feitelijke arbeidstijd van de ambtenaar werkzaam in ploegendienst wordt bepaald door het vigerende arbeidstijdenbesluit, zijnde gemiddeld maximaal 48 uur per week, waarbij een referentieperiode van een periode van 26 aaneengesloten weken wordt gehanteerd.

  • 2.

    De ploegendienst vangt aan om 08.00 uur.

  • 3.

    Tijdens de aanwezigheidsdiensten kunnen aan de ambtenaar werkzaam in ploegendienst, naast het uitrukken, andere werkzaamheden verbandhoudende met de brandweer worden opgedragen.

  • 4.

    Het salaris van de ambtenaar werkzaam in ploegendienst, wordt vastgesteld op basis van de volgende uitgangspunten:

    • a.

      de tijd die wordt besteed aan incidentenbestrijding en andere werkzaamheden verbandhoudende met de brandweer, de werkuren zoals benoemd in artikel 1, wordt voor 100% van het voor de ambtenaar geldende uurloon meegerekend. Hierbij geldt als uitgangspunt, dat elke dienstdag gemiddeld 3 uren worden besteed aan incidentenbestrijding en 8 uren aan andere werkzaamheden verbandhoudende met de brandweer;

    • b.

      de tijd die wordt doorgebracht in de inrichting om op afroep de incidentenbestrijding onmiddellijk ter hand te nemen, de wachturen zoals benoemd in artikel 1, wordt voor 50% van het voor de ambtenaar geldende uurloon meegerekend;

    • c.

      de verdeling van de uren als genoemd onder a en b van dit artikel geschiedt zodanig, dat de voor de betrokken ambtenaar een salaris ontstaat dat overeenkomt met een volledige betrekking als bedoeld in bijlage B1 van het bezoldigingsbesluit;

    • d.

      het aantal bezoldigde uren van één 24-uursdienst bedraagt 17,5 uren.

Artikel 6  

  • 1.

    De ambtenaar ingedeeld in ploegendienst, die op een voor hem volgens rooster vrij etmaal een aanwezigheidsdienst moet verrichten, maakt aanspraak op een vrij etmaal. In voorkomende gevallen vindt vergoeding plaats op grond van artikel 7 van deze verordening.

  • 2.

    De ambtenaar ingedeeld in ploegendienst, die werkzaamheden moet verrichten, anders dan gesteld in het eerste lid, op een voor hem volgens rooster vrij etmaal, ontvangt een vergoeding op grond van artikel 8 van deze verordening.

  • 3.

    De ambtenaar, ingedeeld in dagdienst die door de Algemeen Directeur daartoe gekwalificeerd en geschikt wordt gevonden, kan worden aangewezen voor het verrichten van (een gedeelte van) een aanwezigheidsdienst.

  • 4.

    De Algemeen Directeur stelt ten aanzien van lid 2 en 3 nadere regels vast in een overwerkregeling.

Artikel 7  

  • 1.

    De ambtenaar, wiens werktijd – anders dan op eigen verzoek - wordt verschoven, ontvangt daarvoor een vergoeding:

    • a.

      indien, zonder dat het dienstbelang dit vereist, binnen een maand voor de aanvang van de oorspronkelijke werktijd hem deze verschuiving van werktijd wordt aangezegd;

    • b.

      indien het dienstbelang dit vereist en binnen 72 uur voor de aanvang van de oorspronkelijke werktijd wordt aangezegd.

  • 2.

    De vergoeding bedraagt voor elk uur dat verschoven wordt 25% van het uurloon.

Artikel 8  

Voor de ambtenaar werkzaam in ploegendienst, wordt in voorkomende gevallen, met inachtneming van het gesteld in artikel 7, de volgende overwerkvergoeding toegepast:

  • 1.

    Alle uren waarop een deel van een aanwezigheidsdienst wordt verricht buiten het voor die ambtenaar geldende jaarrooster worden vergoed in tijd.

  • 2.

    Naast de vergoeding in tijd wordt een vergoeding in geld verstrekt, ieder uur 156ste deel van het maandsalaris, te vermenigvuldigen met:

    • a.

      25% voor het eerste uur voorafgaand aan de om 8.00 uur beginnende dan wel aansluitend aan de om 8.00 uur eindigende diensturen.

    • b.

      50% voor de overige uren, voor zover niet vallend op zaterdag, zondag en feestdagen.

    • c.

      100% voor alle uren op zaterdag, zondag en feestdagen tussen 8.00 uur en 8.00 uur van de volgende dag.

Artikel 9  

  • 1.

    De ambtenaar met een volledige werkweek werkzaam, in ploegendienst, ontvangt – onverminderd het bepaalde in de volgende leden – een toelage voor de diensturen, vallende buiten de uren van maandag tot en met vrijdag van 08.00 uur tot 18.00 uur.

  • 2.

    De in het eerste lid bedoelde toelage bedraagt bij een volledige werkweek 17,055 % van het uurloon, met dien verstande dat genoemd percentage wordt berekend over ten hoogste het salaris per uur dat is afgeleid van het salaris behorende bij salarisklasse 6, periodieknummer 11, in bijlage B.1 van het Bezoldigingsbesluit 1993 van de gemeente Rotterdam.

  • 3.

    De in het eerste lid bedoelde toelage wordt gebaseerd op een evenwichtige verdeling tussen werk- en wachttijd.

Artikel 10  

[vervallen]

Artikel 11  

Deze verordening treedt in werking met terugwerkende kracht op 1 januari 2007, op welk tijdstip de verordening rechtstoestand brandweerpersoneel (Gemeenteblad 1973 nr. 86) van de gemeente Rotterdam is niet meer van toepassing.

Artikel 12  

Deze verordening kan worden aangehaald als:

“Verordening rechtstoestand van het beroepsbrandweerpersoneel VRR 2007”.

Aldus vastgesteld in de vergadering van het Algemeen Bestuur van 23 april 2008.

De Secretaris,

J.D. Berghuijs

De Voorzitter,

I.W. Opstelten