Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Alblasserdam

VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN LEGES 2019

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OrganisatieAlblasserdam
OrganisatietypeGemeente
Officiële naam regelingVERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN LEGES 2019
CiteertitelLegesverordening 2019
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Opmerkingen met betrekking tot de regeling

Geen

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

  1. artikel 156, eerste lid, van de Gemeentewet
  2. artikel 156, tweede lid, van de Gemeentewet
  3. artikel 229, eerste lid, van de Gemeentewet
  4. artikel 2, tweede lid, van de Paspoortwet
  5. artikel 7 van de Paspoortwet
Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerkingtreding

Terugwerkende kracht tot en met

Datum uitwerkingtreding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2019nieuwe regeling

18-12-2018

gmb-2018-277007

Tekst van de regeling

Intitulé

VERORDENING OP DE HEFFING EN INVORDERING VAN LEGES 2019

De raad van de gemeente Alblasserdam;

 

gezien het voorstel van het college van burgemeester en wethouders van 16 oktober 2018

gelet op de artikelen 156, eerste en tweede lid, aanhef en onder h en 229, eerste lid, aanhef en onder b, van de Gemeentewet en de artikelen 2, tweede lid, en 7 van de Paspoortwet;

 

B E S L U I T :

 

vast te stellen de:

 

Verordening op de heffing en invordering van leges 2019

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Deze verordening verstaat onder:

a.

Dag

de periode van 00.00 uur tot 24.00 uur, waarbij een gedeelte van een dag als een hele dag wordt aangemerkt;

b.

week

een aaneengesloten periode van zeven dagen;

c.

maand

het tijdvak dat loopt van de n e dag in een kalendermaand tot en met de (n-1)e dag in de volgende kalendermaand;

d.

jaar

het tijdvak dat loopt van de n e dag in een kalenderjaar tot en met de (n-1)e dag in het volgende kalenderjaar;

e.

kalenderjaar

de periode van 1 januari tot en met 31 december.

 

Artikel 2 Aard van de heffing en belastbaar feit

  • 1.

    Onder de naam "leges" worden rechten geheven voor:

    • a.

      het genot van door of vanwege het gemeentebestuur verstrekte diensten;

    • b.

      het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag van een Nederlandse identiteitskaart of een reisdocument;

een en ander genoemd in deze verordening en in de daarbij behorende tarieventabel.

  • 2.

    Hetgeen in deze verordening en de daarbij behorende tarieventabel is bepaald over een Nederlandse identiteitskaart voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van achttien jaar nog niet heeft bereikt, is van overeenkomstige toepassing op een vervangende Nederlandse identiteitskaart voor personen met een uitreisverbod, ongeacht de leeftijd van de betrokken persoon.

 

Artikel 3 Belastingplicht

Belastingplichtig is de aanvrager van de dienst, de Nederlandse identiteitskaart of het reisdocument, dan wel degene ten behoeve van wie de dienst is verleend of de handelingen zijn verricht.

 

Artikel 4 Vrijstelling

Leges worden niet geheven voor:

  • 1.

    diensten waarvan de kosten krachtens afdeling 6.4 van de Wet ruimtelijke ordening (grondexploitatie) zijn of worden verhaald;

  • 2.

    diensten die ingevolge wettelijk voorschrift zijn vrijgesteld van rechtenheffing of kosteloos moeten worden verleend;

  • 3.

    het in behandeling nemen van aanvragen en meldingen als bedoeld in titel 2 van de tarieftabel, wanneer het gaat om bouw-, sloop- c.q. aanlegwerkzaamheden waarvoor op grond van de betreffende wet- en regelgeving geen vergunningplicht geldt;

  • 4.

    het in behandeling nemen van aanvragen als bedoeld in titel 2 van de tarieftabel, wanneer het gaat om bouwwerkzaamheden waarvoor op grond van de betreffende wet- en regelgeving een vergunningplicht geldt uitsluitend vanwege de aldaar geldende status van monument of beschermd stadsgezicht.

 

Artikel 5 Tarieven

  • 1.

    De leges worden geheven naar de tarieven, opgenomen in de bij deze verordening behorende tarieventabel.

  • 2.

    Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het nemen van een projectuitvoeringsbesluit als bedoeld in artikel 2.10 van de Crisis- en herstelwet bedraagt het tarief de som van de bedragen die op grond van deze verordening verschuldigd zouden zijn voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning, ontheffing, vrijstelling of enig ander besluit in het kader van de ontwikkeling en verwezenlijking van het project, voor zover het projectuitvoeringsbesluit strekt ter vervanging van deze besluiten, zoals bedoeld in artikel 2.10, derde lid, van de Crisis- en herstelwet.

  • 3.

    Voor de berekening van de leges wordt een gedeelte van een in de tarieventabel genoemde eenheid als een volle eenheid aangemerkt.

 

Artikel 6 Wijze van heffing

De leges worden geheven bij wege van een mondelinge dan wel een gedagtekende schriftelijke kennisgeving, waaronder mede wordt begrepen een stempelafdruk, zegel, nota of andere schriftuur. Het gevorderde bedrag wordt mondeling, dan wel door toezending of uitreiking van de schriftelijke kennisgeving aan de belastingschuldige bekendgemaakt.

 

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    In afwijking van artikel 9, eerste lid, van de Invorderingswet 1990 moeten de leges worden betaald ingeval de kennisgeving als bedoeld in artikel 6:

    • a.

      mondeling wordt gedaan, op het moment van het doen van de kennisgeving;

    • b.

      schriftelijk wordt gedaan, op het moment van uitreiken van de kennisgeving, dan wel in geval van toezending daarvan, binnen 1 maand na de dagtekening van de kennisgeving.

  • 2.

    De Algemene termijnenwet is niet van toepassing op de in het eerste lid gestelde termijnen

 

Artikel 8 Vermindering of teruggaaf

Gehele of gedeeltelijke vermindering of teruggaaf van leges voor een in de bij deze verordening behorende tarieventabel omschreven dienst wordt verleend overeenkomstig een met betrekking tot die dienst in die tarieventabel opgenomen bepaling.

 

Artikel 9 Kwijtschelding

Bij de invordering van de leges wordt geen kwijtschelding verleend.

 

Artikel 10 Overdracht van bevoegdheden

Het college is bevoegd tot het wijzigen van deze verordening, indien de wijzigingen:

  • a.

    van zuiver redactionele aard zijn;

  • b.

    een gevolg zijn van nieuwe of gewijzigde rijksregelgeving die in werking treedt binnen drie maanden na de officiële bekendmaking van de inwerkingtreding ervan in het Staatsblad of de Staatscourant en het de volgende hoofdstukken

    • 1.

      onderdeel 1.1.8 (akten burgerlijke stand);

    • 2.

      hoofdstuk 2 (reisdocumenten);

    • 3.

      hoofdstuk 3 (rijbewijzen);

    • 4.

      hoofdstuk 6 (verstrekkingen op grond van de Wet bescherming persoonsgegevens);

    • 5.

      onderdeel 1.9 1 (verklaring omtrent het gedrag);

    • 6.

      hoofdstuk 16 (kansspelen),

een en ander voor zover met deze wijzigingen niet reeds bij het vaststellen of latere wijziging van deze verordening bij raadsbesluit rekening is gehouden.

 

Artikel 11 Nadere regels door het college van burgemeester en wethouders

Het college van burgemeester en wethouders kan nadere regels geven met betrekking tot de heffing en de invordering van de leges.

 

Artikel 12 Inwerkingtreding, overgangsbepaling en citeertitel

  • 1.

    De “Legesverordening 2018” vastgesteld bij raadsbesluit van 20 december 2016 wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    Deze verordening treedt in werking met ingang van de eerste dag na die van de bekendmaking.

  • 3.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

  • 4.

    Deze verordening wordt aangehaald als "Legesverordening 2019”.

 

 

Alblasserdam, 18 december 2018

De raad voornoemd,

griffier voorzitter

Tarieventabel leges

Tarieventabel, behorende bij de Legesverordening 2019

 

Titel 1Algemene dienstverlening

 

Hoofdstuk 1 Burgerlijke stand

1.1.

Het tarief bedraagt voor de voltrekking van een huwelijk, registratie van een partnerschap of het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk:

 

1.1.1

Zonder toespraak in de trouwzaal of een andere door de gemeente toegewezen ruimte:

 

1.1.1.1

dinsdag om 09:00 uur en 09:30 uur:

Gratis

1.1.1.2

maandag en woensdag tot en met vrijdag tussen 09:00 – 17:00 uur:

€ 215,00

1.1.1.3

dinsdag tussen 09:30 – 17:00 uur:

€ 215,00

1.1.2

Met toespraak in de trouwzaal of een andere door de gemeente toegewezen ruimte:

 

1.1.2.1

maandag tot en met vrijdag tussen 09:00 en 17:00 uur:

€ 338,25

1.1.2.2

N.v.t.

N.v.t.

1.1.2.3

zaterdag tussen 10:00 en 16:00 uur:

€ 774,25

1.1.2.4

N.v.t.

N.v.t.

1.1.2.5

N.v.t.

N.v.t.

1.1.3

Met toespraak op een locatie van uw eigen keuze:

 

1.1.3.1

maandag tot en met vrijdag tussen 09:00 en 17:00 uur:

€ 438,25

1.1.3.2

N.v.t.

N.v.t.

1.1.3.3

zaterdag tussen 10:00 en 16:00 uur:

€ 874,25

1.1.3.4

N.v.t.

N.v.t.

1.1.3.5

N.v.t.

N.v.t.

1.1.4

Het tarief voor de voltrekking van een huwelijk, registratie van een partnerschap of het omzetten van een geregistreerd partnerschap in een huwelijk in een bijzonder huis op grond van artikel 64, Boek 1, van het Burgerlijk Wetboek bedraagt:

€ 195,50

1.1.5

Het tarief bedraagt voor het verstrekken van een trouwboekje of registratieboekje in:

 

1.1.5.1

een trouwboekje, partnerschapsboekje of duplicaat:

€ 24,50

1.1.5.2

een trouwboekje of duplicaat in luxe uitvoering:

€ 41,65

1.1.6

Het tarief bedraagt:

 

1.1.6.1

voor het fungeren van een gemeenteambtenaar als getuige bij een huwelijksvoltrekking of een partnerschapsregistratie, per ambtenaar per huwelijksvoltrekking of partnerschapsregistratie:

€ 16,10

1.1.6.2

voor het reserveren van extra tijd bij de voltrekking, per 30 minuten:

€ 50,00

1.1.7

Wijziging of afzegging

 

1.1.7.1

Geeft u binnen 4 weken voor de geplande datum een wijziging door, dan wordt het tarief voor de voltrekking verhoogd met:

€ 79,50

1.1.7.2

Zegt u binnen 4 weken voor de geplande datum de voltrekking af, dan betaalt u:

€ 79,50

1.1.8

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een stuk als bedoeld in artikel 2 van de Wet rechten burgerlijke stand geldt het tarief zoals dat is opgenomen in het Legesbesluit akten burgerlijke stand.

 

 

Hoofdstuk 2 Reisdocumenten en Nederlandse identiteitskaart

1.2.

Het tarief bedraagt voor het verrichten van handelingen ten behoeve van een aanvraag:

 

1.2.1

van een nationaal paspoort:

 

1.2.1.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:

€ 71,35

1.2.1.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:

€ 53,95

1.2.2

van een nationaal paspoort, een groter aantal bladzijden bevattende dan een nationaal paspoort als bedoeld in onderdeel 1.2.1 (zakenpaspoort):

 

1.2.2.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:

€ 71,35

1.2.2.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:

€ 53,95

1.2.3

van een reisdocument ten behoeve van een persoon die op grond van de Wet betreffende de positie van Molukkers als Nederlander wordt behandeld (faciliteitenpaspoort):

 

1.2.3.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:

€ 71,35

1.2.3.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:

€ 53,95

1.2.4

van een reisdocument voor vluchtelingen of een reisdocument voor vreemdelingen:

€ 53,95

1.2.5

van een Nederlandse identiteitskaart:

 

1.2.5.1

voor een persoon die op het moment van de aanvraag 18 jaar of ouder is:

€ 56,80

1.2.5.2

voor een persoon die op het moment van de aanvraag de leeftijd van 18 jaar nog niet heeft bereikt:

€ 29,95

1.2.6

Voor een spoedlevering van de in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5 genoemde documenten, de in die onderdelen genoemde leges vermeerderd met een bedrag van:

€ 48,60

1.2.7

De tarieven genoemd in de onderdelen 1.2.1 tot en met 1.2.5.2, worden voor het op verzoek van de aanvrager thuisbezorgen van het document, per bezorgd document, verhoogd met:

€ 4,95

 

Hoofdstuk 3 Rijbewijzen

1.3.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven, vernieuwen of omwisselen van een rijbewijs:

€ 39,75

1.3.2

Het tarief voor de afgifte van een rijbewijs zoals bedoeld in het eerste lid, wordt, bij een aanvraag in verband met beschadiging of vermissing van een eerder afgegeven rijbewijs vermeerderd met:

€ 29,50

1.3.3

Het tarief genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt bij een spoedlevering verhoogd met:

€ 34,10

1.3.4

De tarieven genoemd in onderdeel 1.3.1 wordt voor het op verzoek van de aanvrager thuisbezorgen van het document, per bezorgd document, verhoogd met:

€ 4,95

 

Hoofdstuk 4 Verstrekkingen uit de Basisregistratie personen

1.4.1

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van inlichtingen of het afgeven van een afschrift, uit de Basisregistratie personen, voor zover niet elders in titel 1 vermeld:

€ 11,30

1.4.2

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van inlichtingen uit de Basisregistratie personen bedraagt per verstrekking:

 

1.4.2.1

betreffende door de aanvrager niet met namen en/of adressen aangeduide personen, of groepen van personen ten behoeve waarvan één of meer kaartverzamelingen en/of registers geheel of gedeeltelijk visueel moeten worden doorlopen per 30 minuten of gedeelte daarvan:

€ 52,20

1.4.2.2

betreffende door de aanvrager niet met namen en/of adressen aangeduide personen, ten behoeve waarvan de bestanden van de Basisregistratie personen geheel of gedeeltelijk langs elektronische weg moeten worden gelezen:

 

1.4.2.2.1

voor de eerste honderd inlichtingen:

€ 88,65

1.4.2.2.2

vermeerderd per inlichting

voor de 101e tot en met de 1.000e met:

voor de 1.001e tot en met de 2.000e met:

voor de 2.001e tot en met de 4.000e met:

voor de 4.001e tot en met de 7.000e met:

voor de 7.001e tot en met de 10.000e met:

voor de 10.001e en volgende met:

 

€ 0,75

€ 0,50

€ 0,30

€ 0,20

€ 0,10

€ 0,05

1.4.3

voor het vooraf informeren van de geselecteerde personen en het bieden van gelegenheid geen toestemming te verlenen tot de gegevensverstrekking per geselecteerde persoon:

€ 3,15

1.4.4

De in dit hoofdstuk bedoelde leges worden, indien de dienst daadwerkelijk is verricht, ook geheven als de gevraagde inlichting niet leidt tot het door de aanvrager beoogde doel of als geen inlichting zoals gewenst kan worden verstrekt.

 

1.4.5

De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het afgeven van een afschrift van de persoonslijst uit de Basisregistratie personen bedragen:

€ 11,30

 

Hoofdstuk 5 Verstrekkingen uit het Kiezersregister

1.5

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een inlichting betreffende de registratie van de aanvrager als kiezer bedoeld in artikel D4 van de Kieswet

€ 11,30

 

Hoofdstuk 6 Verstrekkingen op grond van Wet bescherming persoonsgegevens

1.6.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor een bericht als bedoeld in artikel 35 van de Wet bescherming persoonsgegevens:

 

1.6.1.1

bij verstrekking op papier, indien het afschrift bestaat uit:

 

1.6.1.1.1

ten hoogste 100 pagina’s, per pagina

€ 0,25

 

met een maximum per bericht van

€ 5,00

1.6.1.1.2

meer dan 100 pagina’s

€ 22,50

1.6.1.2

bij verstrekking anders dan op papier

€ 5,00

1.6.2

Indien voor hetzelfde bericht op grond van de onderdelen 1.6.1.1, 1.6.1.2 en 1.6.1.3 meerdere vergoedingen kunnen worden gevraagd, wordt slechts de hoogste gevraagd.

 

1.6.1.3

dat bestaat uit een afschrift van een, vanwege de aard van de verwerking, moeilijk toegankelijke gegevensverwerking

€ 22,50

1.6.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een verzet als bedoeld in artikel 40 van de Wet bescherming persoonsgegevens

€ 4,50

 

Hoofdstuk 7 Bestuursstukken

1.7.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.7.1.1

een afschrift van de gemeentebegroting

€ 75,05

1.7.1.2

een afschrift van de gemeenterekening

€ 66,75

1.7.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

 

1.7.2.1

tot het afsluiten van een abonnement voor een kalenderjaar:

 

1.7.2.1.1

op de verslagen van de raadsvergaderingen

€ 44,45

1.7.2.1.2

op de stukken behorende bij de commissie- en raadsvergaderingen

€ 222,45

1.7.2.1.3

op de verslagen van de vergaderingen van een raadscommissie

€ 33,35

1.7.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.7.3.1

een afschrift van een gemeentelijke belastingverordening

€ 12,65

1.7.3.2

een afschrift van de Algemene plaatselijke verordening

€ 73,30

1.7.3.3

een afschrift van de bouwverordening

€ 110,05

1.7.3.4

een exemplaar van een ander dan onder 1.7.3.1/3.2/3.3 genoemde verordening

€ 23,25

 

Hoofdstuk 8 Vastgoedinformatie

1.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.8.1.1

tot het verstrekken van een fotokopie van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurplan of stadsvernieuwingsplan:

 

1.8.1.1.1

in formaat A4 of kleiner, per bladzijde:

€ 0,80

1.8.1.1.2

in formaat A3:

€ 1,30

1.8.1.2

tot het verstrekken van een lichtdruk of fotokopie van een plan, zoals bestemmingsplan, voorbereidingsbesluit, streekplan, wegenkaart behorende bij de legger bedoeld in onderdeel 1.8.2.2, structuurplan of stadsvernieuwingsplan groter dan A3, per dm2 lichtdruk:

 

 

€ 5,00

1.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van een afschrift van of uittreksel uit:

 

1.8.2.1

de gemeentelijke basisregistratie adressen of de gemeentelijke basisregistratie gebouwen, bedoeld in artikel 2 van de Wet basisregistraties adressen en gebouwen:

€ 13,20

1.8.2.2

de legger bedoeld in artikel 27 van de Wegenwet:

€ 13,20

1.8.2.3

de inschrijving in het register bedoeld in artikel 6, eerste lid, van de Monumentenwet 1988:

€ 103,00

1.8.2.4

het openbare register van beschermde monumenten bedoeld in artikel 20 van de Monumentenwet 1988:

€ 103,00

1.8.2.5

het gemeentelijke beperkingenregister of de gemeentelijke beperkingenregistratie, bedoeld in artikel 5, eerste lid, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen, dan wel tot het verstrekken van een aan die registratie ontleende verklaring, als bedoeld in artikel 9, eerste lid, onder c, van de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen:

€ 13,20

1.8.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van kopieën van:

 

1.8.3.1

het gemeentelijke adressenbestand of delen daarvan, per adres:

€ 13,20

1.8.3.2

het gemeentelijke relatiebestand adres-kadastraal perceel of delen daarvan, per gelegde relatie:

€ 13,20

1.8.3.3

het gemeentelijke adrescoördinatenbestand of delen daarvan, per adrescoördinaat:

€ 13,20

1.8.4

Huisnummering

 

1.8.5.1

De leges voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van aparte huisnummers voor zonder vergunning te verzelfstandigen onderdelen van een bestaand bouwwerk bedragen:

€ 185,00

 

vermeerderd met per vastgesteld huisnummer:

€ 30,85

 

met een maximum van:

€ 1.237,00

 

Hoofdstuk 9 Overige publiekszaken

1.9

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot afgifte van:

 

1.9.1

een verklaring omtrent het gedrag:

€ 41,35

1.9.2

een legalisatie van een handtekening:

€ 11,30

1.9.3

een bewijs van in leven zijn (in de Nederlandse taal):

€ 11,30

1.9.4

tot het verkrijgen van een gewaarmerkte kopie:

€ 3,35

 

Hoofdstuk 10 Gemeentearchief

1.10.1

Het tarief bedraagt voor het op verzoek doen van naspeuringen in de in het gemeentearchief berustende stukken, voor ieder daaraan besteed kwartier:

€ 25,00

1.10.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een afschrift of fotokopie van een in het gemeentearchief berustend stuk:

 

1.10.2.1

voor de eerste pagina:

€ 0,30

1.10.2.2

voor de volgende pagina’s, per pagina:

€ 0,60

1.10.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een uittreksel uit een in het gemeentearchief berustend stuk:

€ 13,20

 

Hoofdstuk 11 Huisvestingswet

1.11

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.11.1

tot het verkrijgen van een voorrangsverklaring als bedoeld in artikel 2.1.1 van de huisvestingsverordening gemeente Alblasserdam

€ 64,80

 

Hoofdstuk 12 Leegstandwet

1.12

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.12.1

tot het verkrijgen van een vergunning tot tijdelijke verhuur van leegstaande woonruimte als bedoeld in artikel 15, eerste lid, van de Leegstandwet:

€ 95,70

1.12.2

tot verlenging van een vergunning tot tijdelijke verhuur van woonruimte als bedoeld in artikel 15, vierde lid, van de Leegstandwet:

€ 47,85

 

Hoofdstuk 13 Gemeentegarantie

1.13

Niet van toepassing

 

 

Hoofdstuk 14 Marktstandplaatsen

1.14

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:

 

1.14.1

inschrijving op de wachtlijst:

€ 35,00

1.14.2

verlenging van de inschrijving:

€ 20,00

 

Hoofdstuk 15 Winkeltijdenwet

1.15

Niet van toepassing

 

 

Hoofdstuk 16 Kansspelen

1.16.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een aanwezigheidsvergunning als bedoeld in artikel 30b van de Wet op de kansspelen:

 

1.16.1.1

voor een periode van twaalf maanden voor één kansspelautomaat:

€ 56,50

1.16.1.2

voor een periode van twaalf maanden voor twee of meer kansspelautomaten, voor de eerste kansspelautomaat:

€ 56,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat:

€ 22,50

1.16.1.3

voor één kansspelautomaat, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd:

€ 226,50

1.16.1.4

voor twee of meer kansspelautomaten, welke vergunning geldt voor een periode van meer dan vier jaar of voor onbepaalde tijd, voor de eerste kansspelautomaat:

€ 226,50

 

en voor iedere volgende kansspelautomaat:

€ 90,50

1.16.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning als bedoeld in artikel 3 van de Wet op de kansspelen (loterijvergunning):

€ 30,15

 

Hoofdstuk 17 Telecommunicatie

1.17.1

Het basistarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding in verband met het verkrijgen van instemming omtrent plaats, tijdstip en wijze van uitvoering van werkzaamheden als bedoeld in artikel 5.4, eerste lid, van de Telecommunicatiewet:

€ 363,75

1.17.2

Het basistarief in onderdeel 1.17.1 wordt voor een sleuflengte:

 

1.17.2.1

Van 10 – 199 meter, per strekkende meter verhoogd met:

€ 3,65

1.17.2.2

Van 200 – 9.999 meter, per strekkende meter verhoogd met:

€ 2,10

1.17.2.3

10.000 meter en langer, per strekkende meter verhoogd met:

€ 1,75

1.17.3

Het in 1.17.1 genoemde bedrag wordt:

 

1.17.3.1

Indien met betrekking tot een melding overleg moet plaatsvinden tussen gemeente, andere beheerders van openbare grond en de aanbieder van het netwerk, verhoogd met:

€ 181,90

1.17.3.2

Indien met betrekking tot een melding onderzoek naar de status van de kabel plaatsvindt, verhoogd met het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de melding aan de melder meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die ter zake door het college van burgermeester en wethouders is opgesteld;

 

1.17.4

Indien een begroting als bedoeld in als bedoeld in 1.17.3.2 is uitgebracht, wordt een melding in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

Hoofdstuk 18 Verkeer en vervoer

1.18

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.18.1

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 voor zover noodzakelijk voor en direct samenhangend met de uitvoering van bijzondere transporten

€ 62,80

1.18.2

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 87 van het Reglement verkeersregels en verkeerstekens 1990 anders dan bedoeld in onderdeel 1.18.1

€ 25,30

1.18.3

tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 9.1 van de Regeling voertuigen

€ 45,95

1.18.4

tot het verkrijgen van een gehandicaptenparkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 50,80

1.18.5

tot het wijzigen of verstrekken van een duplicaat van een gehandicapten-parkeerkaart als bedoeld in artikel 49 van het Besluit administratieve bepalingen inzake het wegverkeer (BABW)

€ 10,75

1.18.6

het tarief als bedoeld onder 1.18.4 wordt vermeerderd met de kosten voor de vereiste medische keuring, als volgt:

 

1.18.6.1

in geval van een standaard medische keuring

€ 81,05

1.18.6.2

in geval van een uitgebreide medische keuring

€ 159,05

1.18.6.3

indien de aanvrager zonder voorafgaand bericht van verhindering niet verschijnt voor de medische keuring als bedoeld onder 1.18.6.1 en 1.18.6.2 worden de administratiekosten in rekening gebracht van

€ 81,05

1.18.6.4

indien de keuringsarts door verzuim van de aanvrager genoodzaakt is het medisch dossier op te vragen bij een arts of specialist wordt het tarief als bedoeld onder 1.18.6.1 en 1.18.6.2 vermeerderd met

€ 85,05

1.18.6.5

indien de keuringsarts een huisbezoek bij de aanvrager moet afleggen wordt het onder 1.18.6.1 en 1.18.6.2 genoemde tarief vermeerderd met

€ 71,80

1.18.7.1

voor de aanleg van een gehandicaptenparkeerplaats wanneer er een parkeervak beschikbaar is

€ 140,00

1.18.7.2

wanneer er geen parkeervak beschikbaar is worden de kosten voor de aanleg van een gehandicaptenparkeerplaats zoals genoemd in het vorige lid verhoogd met

€ 250,00

1.18.7.3

voor de plaatsing van een aanduiding bord bij een gehandicaptenparkeerplaats

€ 315,00

1.18.7.4

voor het wijzigen of verplaatsen van een kentekenbord bij een gehandicaptenparkeerplaats

€ 50,00

 

Hoofdstuk 19 Luchtfoto's

1.19

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

1.19.1

tot het verkrijgen van een afdruk van een luchtfoto tot een afmeting van maximaal A3 formaat, geprint op een kleurenprinter, op gewoon papier, bedraagt:

 

1.19.1.1

Op formaat A4:

€ 15,25

1.19.1.2

Op formaat A3:

€ 20,50

1.19.2

tot het verkrijgen van een afdruk van een luchtfoto tot een afmeting van maximaal A0 formaat, geprint op een kleurenprinter, op gewoon papier, bedraagt:

 

1.19.2.1

Op formaat A2:

€ 15,25

1.19.2.2

Op formaat A1:

€ 20,50

1.19.2.3

Op formaat A0:

€ 50,25

1.19.3

tot het verkrijgen van een digitale luchtfoto (1.000 * 500 meter) in ECW formaat, bedraagt per stuk:

€ 102,00

 

Hoofdstuk 20 Nvt

 

Hoofdstuk 21 Diversen

1.21.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verstrekken van:

 

1.21.1.1

gewaarmerkte afschriften van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina:

€ 3,35

1.21.1.2

afschriften, doorslagen of fotokopieën van stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

 

1.21.1.2.1

per pagina op papier van A4-formaat:

€ 0,60

1.21.1.2.2

per pagina op papier van een ander formaat:

€ 0,80

1.21.1.3

kaarten, tekeningen en lichtdrukken, al dan niet behorend bij de in de onderdelen 1.19.1.1 en 1.19.1.2 genoemde stukken, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per kaart, tekening of lichtdruk:

€ 15,30

 

vermeerderd met:

€ 15,30

 

voor elke m2 waarmee de oppervlakte van de kaart, tekening of lichtdruk de 1 m2 te boven gaat;

 

1.21.1.4

een beschikking op aanvraag, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen:

€ 18,30

1.21.1.5

stukken of uittreksels, welke op aanvraag van de aanvrager moeten worden opgemaakt, voor zover daarvoor niet elders in deze tabel of in een andere wettelijke regeling een tarief is opgenomen, per pagina:

€ 9,00

1.21.2

het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag voor het digitaal verstrekken van:

 

1.21.2.1

Bouwtekeningen of bouwdossiers per kwartier arbeid:

€ 25,00

 

Titel 2 Dienstverlening vallend onder fysieke leefomgeving/ omgevingsvergunning

 

Hoofdstuk 1 Begripsomschrijvingen

2.1.1

Voor de toepassing van deze titel wordt verstaan onder:

 

2.1.1.1

aanlegkosten:

 

 

de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voortvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het aanleggen) van de werken of de werkzaamheden, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien de werken of werkzaamheden geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschieden de prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van de werken of de werkzaamheden waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet inbegrepen;

 

2.1.1.2

bouwkosten:

 

 

de aannemingssom, bedoeld in paragraaf 1, eerste lid, van de Uniforme Administratieve voorwaarden voor de uitvoering van werken en van technische installatiewerken 2012 (UAV 2012; Stcrt. 2012, 1567), voor het uit te voeren werk, of voor zover deze ontbreekt, een raming van de kosten die voortvloeien uit de aangegane verplichtingen voor de fysieke realisatie (het bouwen) van de bouwwerken, de omzetbelasting daarin niet begrepen, en indien het bouwen geheel of gedeeltelijk door zelfwerkzaamheid geschiedt de prijs die aan een derde in het economische verkeer zou moeten worden betaald voor het tot stand brengen van het bouwwerk waarop de aanvraag betrekking heeft, de omzetbelasting daarin niet inbegrepen;

 

2.1.1.3

Wabo: Wet algemene bepalingen omgevingsrecht.

 

2.1.1.4

In afwijking van artikel 2.1.1.2 geldt als grondslag voor de vaststelling van de bouwkosten voor een tijdelijk bouwwerk:

 

2.1.1.4.1

indien het een bouwwerk betreft dat qua constructie niet bedoeld is om verplaatsbaar te zijn, de aannemingssom dan wel een raming van de bouwkosten vastgesteld als omschreven in artikel 2.1.1.2;

 

2.1.1.4.2

indien het een gehuurd bouwwerk betreft dat qua constructie bedoeld is om verplaatsbaar te zijn, de plaatsingskosten vermeerderd met de huurkosten van het bouwwerk berekend over de beoogde instandhoudingtermijn. Deze kosten zijn exclusief de omzetbelasting;

 

2.1.1.4.3

indien het niet een gehuurd bouwwerk betreft dat qua constructie bedoeld is om verplaatsbaar te zijn, de som van de plaatsingskosten en de aanschaf-, leverings- en (ver)bouwkosten van het bouwwerk. Deze kosten zijn exclusief de omzetbelasting.

 

2.1.2

In deze titel voorkomende begrippen die in de Wabo zijn omschreven, hebben dezelfde betekenis als bij of krachtens de Wabo bedoeld.

 

2.1.3

In deze titel voorkomende begrippen die niet nader in de Wabo zijn omschreven en die betrekking hebben op activiteiten waarvoor het toetsingskader in een ander wettelijk voorschrift is uitgewerkt, hebben dezelfde betekenis als in dat wettelijk voorschrift bedoeld.

 

 

Hoofdstuk 2 Vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag

2.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag

om vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag in verband met het verkrijgen van een indicatie of een voorgenomen project in het kader van de Wabo vergunbaar is:

 

2.2.1

indien de projectkosten minder dan € 10.000 bedragen:

€ 94,50

2.2.2

indien de projectkosten € 10.000 tot € 50.000 bedragen:

€ 189,00

2.2.3

indien de projectkosten € 50.000 tot € 100.000 bedragen:

€ 283,50

2.2.4

indien de projectkosten € 100.000 tot € 500.000 bedragen:

€ 378,00

2.2.5

indien de projectkosten € 500.000 of meer bedragen:

€ 472,50

 

Dit bedrag wordt verhoogd met € 105 voor de toetsing aan de welstandcriteria.

 

2.2.6

Indien een aanvraag voor een omgevingsvergunning voor hetzelfde project als waarvoor een vooroverleg/beoordeling conceptaanvraag is ingediend, in behandeling wordt genomen, worden de daarvoor te heffen leges met deze leges verrekend, op de € 100 na. Indien binnen 26 weken na de beoordeling van de conceptaanvraag geen aanvraag wordt ingediend voor dit project, wordt geen teruggaaf van de geheven leges verleend.

 

 

Hoofdstuk 3 Omgevingsvergunning

2.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project: de som van de verschuldigde leges voor de verschillende activiteiten of handelingen waaruit het project geheel of gedeeltelijk bestaat en waarop de aanvraag betrekking heeft en de verschuldigde leges voor de extra toetsen die in verband met de aanvraag moeten worden uitgevoerd, berekend naar de tarieven en overeenkomstig het bepaalde in dit hoofdstuk. In afwijking van de vorige volzin kan ook per activiteit, handeling of andere grondslag een legesbedrag worden gevorderd. Aan de bouwkosten wordt een maximum verbonden van € 15.000.000,00.

 

 

 

 

2.3.1

Bouwactiviteiten

 

2.3.1.1

indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

26,66 ‰

 

van de bouwkosten, met een minimum van:

€ 66,20

 

 

 

 

Welstandstoets

 

2.3.1.2

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien daarvoor een advies van de welstandscommissie noodzakelijk is;

 

2.3.1.2.1

Indien de bouwkosten minder dan € 4.000 bedragen

€ 58,00

2.3.1.2.2

Indien de bouwkosten € 4.000 tot € 25.000 bedragen

€ 54,00

 

vermeerderd met 2,1 ‰ van de bouwkosten

 

2.3.1.2.3

Indien de bouwkosten € 25.000 tot € 120.000 bedragen

€ 81,00

 

vermeerderd met 1,16 ‰ van de bouwkosten

 

2.3.1.2.4

Indien de bouwkosten € 120.000 tot € 230.000 bedragen

€ 129,00

 

vermeerderd met 1,16 ‰ van de bouwkosten

 

2.3.1.2.5

Indien de bouwkosten € 230.000 tot € 455.000 bedragen

€ 275,00

 

vermeerderd met 0,63 ‰ van de bouwkosten

 

2.3.1.2.6

Indien de bouwkosten € 455.000 of meer

€ 519,00

 

vermeerderd met 0,26 ‰ van de bouwkosten

 

2.3.1.2.7

De legeskosten worden naar boven afgerond op

€ 5,00

 

 

 

 

Verplicht advies agrarische commissie

 

2.3.1.3

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 wordt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een advies van de agrarische commissie nodig is en wordt beoordeeld. In zijn geheel doorberekend aan de aanvrager

 

 

 

 

 

Achteraf ingediende aanvraag

 

2.3.1.4

Onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1.1 bedraagt het tarief, indien de in dat onderdeel bedoelde aanvraag wordt ingediend na aanvang of gereedkomen van de bouwactiviteit:

150%

 

van de op grond van dat onderdeel verschuldigde leges.

 

 

 

 

2.3.2

Aanlegactiviteiten

 

2.3.2.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een aanlegactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder b, van de Wabo, bedraagt het tarief:

€ 617,55

2.3.2.2

Aan het verlenen van een aanlegvergunning, waarvoor bij een externe deskundige advies moet worden ingewonnen, wordt, wegens de daaraan verbonden kosten, het onder 2.3.2.1 bedoelde tarief verhoogd met de kosten van deze externe advieskosten tot een maximum van € 13.715,00. Deze kosten worden voorafgaand het inwinnen van externe advies door de gemeente schriftelijk medegedeeld aan de aanvrager. Indien de aanvrager niet akkoord gaat met de kosten van externe advisering moet hij dit binnen 10 werkdagen na dagtekening van de hiervoor genoemde schriftelijke mededeling aan de gemeente meedelen. Het externe advies wordt dan niet door de gemeente ingewonnen. Het ontbreken van een extern advies heeft tot gevolg dat verdere beoordeling van de aanvraag niet plaatsvindt.

 

 

 

 

2.3.3

Planologisch strijdig gebruik waarbij tevens sprake is van een bouwactiviteit

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in onderdeel 2.3.1 verhoogd met:

 

2.3.3.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 400,00

2.3.3.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking):

€ 480,30

 

vermeerderd met 8,78 ‰ van de bouwkosten

 

2.3.3.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

€ 960,70

 

vermeerderd met 8,78 ‰ van de bouwkosten

 

2.3.3.4

indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking):

€ 480,30

 

vermeerderd met 8,78 ‰ van de bouwkosten

 

 

 

 

2.3.4

Planologisch strijdig gebruik waarbij geen sprake is van een bouwactiviteit

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder c, van de Wabo, en niet tevens sprake is van een bouwactiviteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder a, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.4.1

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 1º, van de Wabo wordt toegepast (binnenplanse afwijking):

€ 400,00

2.3.4.2

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 2º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse kleine afwijking):

€ 960,70

2.3.4.3

indien artikel 2.12, eerste lid, onder a, onder 3º, van de Wabo wordt toegepast (buitenplanse afwijking):

€ 1.921,40

2.3.4.4

indien artikel 2.12, tweede lid, van de Wabo wordt toegepast (tijdelijke afwijking):

€ 960,70

 

 

 

2.3.5

In gebruik nemen of gebruiken bouwwerken in relatie tot brandveiligheid

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder d, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.5.1

Voor een bouwwerk met een gebruiksoppervlakte:

 

 

Cat.

Aantal m2

Toeslag

 

 

1

0 t/m 100

€ 188,95

 

 

2

101 t/m 500

€ 115,15 + € 1,31 per m2

 

 

3

501 t/m 2.000

€ 633,70 + € 0,47 per m2

 

 

4

2.001 t/m 5.000

€ 1.575,75 + € 0,11 per m2

 

 

5

5.001 t/m 50.000

€ 2.165,45 + € 0,03 per m2

 

 

6

meer dan 50.000

€ 3.448,15 + € 0,01 per m2

 

2.3.5.2

Indien de aanvraag om een vergunning als bedoeld in 5.3.5.1.1 betrekking

 

 

heeft op een wijziging, dan wel uitbreiding van een vergunning bedraagt het legestarief, indien het betreft:

 

a.

uitbreiding van de inrichting, met dien verstande dat de uitbreiding tenminste 10% van de oorspronkelijke gebruiksoppervlakte beslaat: het legestarief vermeld in onderdeel 2.3.5.1, met dien verstande dat de toeslag uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van de uitbreiding;

 

b.

herindeling interne verbouwing of gewijzigd gebruik van de gehele inrichting, danwel een deel van de inrichting, met dien verstande dat deze herindeling tenminste 10% van de gebruiksoppervlakte beslaat: 50% van het legestarief vermeld onder 2.3.5.1, met dien verstande dat de toeslag uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van de uitbreiding.

 

 

 

 

2.3.6

Activiteiten met betrekking tot monumenten

 

2.3.6.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit met betrekking tot een beschermd monument als bedoeld in artikel 2.1, eerste lid, onder f, van de Wabo en/of artikel 2.2, eerste lid, onder b, bedraagt het tarief, voor het verstoren, verplaatsen of in enig opzicht wijzigen van een monument:

7,84 ‰

 

van de bouwkosten.

 

 

 

 

2.3.7

Sloopactiviteiten anders dan bij monumenten of in beschermd stads- of dorpsgezicht

 

2.3.7.1

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het slopen van een bouwwerk bedraagt het tarief:

 

2.3.7.1.1

10 m3 tot 100 m3

€ 144,65

2.3.7.1.2

100 m3 tot 250 m3

€ 217,35

2.3.7.1.3

> 250 m3

€ 507,50

 

 

 

2.3.8

Uitweg/inrit

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het maken, hebben, veranderen of veranderen van het gebruik van een uitweg waarvoor op grond van art.2:12 van de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning of ontheffing is vereist, als bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, aanhef en onder e, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.8.1

indien de aanleg wordt uitgevoerd door of namens de gemeente:

€ 33,80

2.3.8.2

indien de aanleg wordt uitgevoerd door derden op voorwaarden en onder toezicht van de gemeente:

€ 87,90

 

 

 

2.3.9

Opslag van roerende zaken

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning betrekking heeft op het gebruik van gemeentegrond voor het plaatsen en/of opslaan van materiaal opslag waarvoor op grond van artikel 2:10 A van de Algemene Plaatselijke Verordening een vergunning of ontheffing is vereist, bedraagt het tarief:

 

2.3.9.1

indien de activiteit bestaat uit het daar opslaan van roerende zaken, bedoeld in artikel 2.2, eerste lid, onder j, van de Wabo:

€ 236,25

 

 

 

2.3.10

Natura 2000-activiteiten

€ 452,00

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder a, van het Besluit omgevingsrecht (Natura 2000-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

 

 

 

2.3.11

Flora- en fauna-activiteiten (bescherming van soorten)

€ 452,00

 

Indien de aanvraag tot het verlenen van een omgevingsvergunning betrekking heeft op een activiteit als bedoeld in artikel 2.2aa, aanhef en onder b, van het Besluit omgevingsrecht (flora- en fauna-activiteit) bedraagt het tarief, onverminderd het bepaalde in de andere onderdelen van dit hoofdstuk indien tevens sprake is van de in die onderdelen bedoelde activiteiten:

 

 

 

 

2.3.12

Omgevingsvergunning in twee fasen

 

 

Indien de aanvraag om een omgevingsvergunning op verzoek in twee fasen plaatsvindt, als bedoeld in artikel 2.5, eerste lid, van de Wabo, bedraagt het tarief:

 

2.3.12.1

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de eerste fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de eerste fase betrekking heeft;

 

2.3.12.2

voor het in behandeling nemen van de aanvraag voor een beschikking met betrekking tot de tweede fase: het bedrag dat voortvloeit uit toepassing van de tarieven in dit hoofdstuk voor de activiteiten waarop de aanvraag voor de tweede fase betrekking heeft.

 

 

 

 

2.3.13

Beoordeling bodemrapport

 

 

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien krachtens wettelijk voorschrift voor de in dat onderdeel bedoelde aanvraag een bodemrapport wordt beoordeeld:

 

2.3.13.1

voor de beoordeling van een milieukundig bodemrapport

€ 413,00

2.3.13.2

voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport:

 

het door de extern deskundige aan de gemeente doorberekende bedrag voor de beoordeling van een archeologisch bodemrapport

 

 

 

 

2.3.14

Advies

 

2.3.14.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wettelijk voorschrift aangewezen bestuursorgaan of andere instantie advies moet uitbrengen over de aanvraag of het ontwerp van de beschikking op de aanvraag om een omgevingsvergunning: het bedrag van de voorafgaand aan het in behandeling nemen van de aanvraag om een omgevingsvergunning aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die door het college van burgemeester en wethouders is opgesteld.

 

2.3.14.2

Indien een begroting als bedoeld in 2.3.14.1 is uitgebracht, wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

 

 

2.3.15

Verklaring van geen bedenkingen

 

2.3.15.1

Onverminderd het bepaalde in de voorgaande onderdelen van dit hoofdstuk bedraagt het tarief, indien een daartoe bij wet of algemene maatregel van bestuur aangewezen bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven voordat de omgevingsvergunning kan worden verleend, als bedoeld in artikel 2.27, eerste lid, van de Wabo:

 

2.3.15.1.1

indien een ander bestuursorgaan een verklaring van geen bedenkingen moet afgeven wordt het tarief in zijn geheel doorberekend aan de aanvrager.

 

2.3.15.1.2

De onder 2.3.3 en 2.3.4 bedoelde tarieven worden verhoogd met publicatiekosten indien sprake is van een uitgebreide procedure:

€ 94,40

 

Hoofdstuk 4 Vermindering

2.4.1

Niet van toepassing

 

 

Hoofdstuk 15 Teruggaaf

2.5.1

Teruggaaf als gevolg van intrekking aanvraag omgevingsvergunning.

 

2.5.1.1

Als een aanvrager zijn aanvraag om een omgevingsvergunning voor een project intrekt terwijl deze reeds in behandeling is genomen door de gemeente maar nog niet op de aanvraag is beslist, bestaat aanspraak op teruggaaf van

50%

 

van de leges als bedoeld in de onderdelen 2.3.1 tot en met 2.3.9.

 

2.5.1.2

Indien de aanvraag nog niet getoetst is aan welstand en brandveiligheid, bestaat tevens aanspraak op teruggaaf van

100%

 

van de leges als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.2 en 2.3.1.3.

 

2.5.2

Teruggaaf als gevolg van het weigeren van een omgevingsvergunning.

 

2.5.2.1

Als de gemeente een omgevingsvergunning weigert, bestaat aanspraak op teruggaaf van een deel van de leges. De teruggaaf bedraagt:

50%

 

van de op grond van de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2.1, 2.3.5, 2.3.6, 2.3.8 en 2.3.9 verschuldigde leges.

 

2.5.2.2

Onder een weigering bedoeld in onderdeel 2.5.2.1 wordt mede verstaan een vernietiging van de beschikking waarbij de vergunning is verleend bij rechterlijke uitspraak.

 

2.5.3

Teruggaaf als gevolg van intrekking verleende omgevingsvergunning.

 

2.5.3.1

Indien de gemeente de verleende omgevingsvergunning op aanvraag van de vergunninghouder heeft ingetrokken, bestaat aanspraak op teruggaaf van

50%

 

van de leges als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2.1, 2.3.5, 2.3.6, 2.3.8 en 2.3.9. Als voorwaarde voor de teruggaaf als bedoeld onder 2.5.3.1 geldt één van onderstaande situaties.

 

2.5.3.1.1

De aanvraag om intrekking is ingediend binnen 26 weken na de datum waarop de omgevingsvergunning werd verleend, de vergunning is geheel ingetrokken en van de vergunning is geen gebruik gemaakt.

 

2.5.3.1.2

De aanvraag om intrekking is ingediend binnen 10 jaar na de datum waarop de omgevingsvergunning werd verleend, de vergunning is geheel of gedeeltelijk ingetrokken, van het ingetrokken gedeelte van de vergunning is geen gebruik gemaakt en er is voor desbetreffende locatie een omgevingsvergunning aangevraagd voor een project dat (gedeeltelijk) in de plaats komt van de (gedeeltelijk) ingetrokken vergunning. Hierbij zijn de (voormalig) vergunninghouder en de aanvrager van de nieuwe omgevingsvergunning gelijk.

 

 

Bij gedeeltelijke intrekking draagt de aanvrager zorg voor voldoende gedetailleerde informatie, zodat de teruggaaf van leges juist kan worden berekend.

 

2.5.4

Teruggaaf als gevolg van niet in behandeling nemen aanvraag omgevingsvergunning.

 

2.5.4.1

Indien een aanvraag om omgevingsvergunning, ook na verzoek tot aanvulling, wegens onvolledigheid niet verder kan worden behandeld, bestaat aanspraak op teruggaaf van

50%

 

de leges als bedoeld in de onderdelen 2.3.1.1, 2.3.2.1, 2.3.5, 2.3.6, 2.3.8 en 2.3.9

 

2.5.4.2

De overeenkomstig 2.5.4.1 geheven leges worden eenmalig verrekend met de leges voor het in behandeling nemen van een nieuwe aanvraag voor hetzelfde project op dezelfde locatie, onder aftrek van:

€ 300,00

 

indien deze aanvraag wordt ingediend binnen 12 weken na de mededeling (van het besluit) om de aanvraag niet verder te behandelen.

 

 

Hoofdstuk 6 Intrekking omgevingsvergunning

2.6

Niet van toepassing

 

 

Hoofdstuk 7 Wijziging omgevingsvergunning als gevolg van wijziging project

2.7

 

Het tarief voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot wijziging van een omgevingsvergunning als gevolg van een (naar de omstandigheden beoordeelde) geringe wijziging in het project, bedraagt:

€ 1.000,00

 

Het bepaalde in 2.7 vindt geen toepassing indien de wijziging zodanig is dat van een nieuw (bouw)plan sprake is.

 

 

Hoofdstuk 8 Bestemmingsplanwijzigingen zonder activiteiten

2.8.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het vaststellen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.1, eerste lid, van de Wet ruimtelijke ordening:

€ 4.440,00

2.8.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het wijzigen van een bestemmingsplan als bedoeld in artikel 3.6, eerste lid, onder a, van de Wet ruimtelijke ordening:

€ 334,00

2.8.3

In geval toepassing van onder 2.8.1 en 2.8.2 genoemde artikelen eerst mogelijk is nadat extern onderzoek, advies of plan is uitgevoerd of opgesteld, worden voor een dergelijke procedure extra leges geheven tot het bedrag van de aan de aanvrager meegedeelde kosten, blijkend uit een begroting die ter zake door of vanwege het college is opgesteld. Indien de begroting is uitgebracht wordt een aanvraag in behandeling genomen op de vijfde werkdag na de dag waarop de begroting aan de aanvrager ter kennis is gebracht, tenzij de aanvraag voor deze vijfde werkdag schriftelijk is ingetrokken.

 

 

Hoofdstuk 9 Sloopmelding

2.9.1

Niet van toepassing

 

 

Hoofdstuk 10 Bouwvergunning eerste of tweede fase op grond van oude wetgeving

2.10.1

Niet van toepassing

 

 

Hoofdstuk 11 In deze titel niet benoemde beschikking

2.11.1

Niet van toepassing

 

 

 

Titel 3 Dienstverlening vallend onder Europese dienstenrichtlijn en niet vallend onder titel 2

 

Hoofdstuk .1 Horeca

3.1.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning op grond van artikel 3 van de Drank- en Horecawet:

€ 88,65

3.1.2

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een melding als bedoeld in artikel 30 van de Drank- en Horecawet:

€ 62,65

3.1.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een ontheffing als bedoeld in artikel 35 van de Drank- en Horecawet:

€ 23,95

 

Hoofdstuk 2 Organiseren evenementen of markten

3.2.1

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om een vergunning voor het organiseren van een evenement als bedoeld in artikel 2.25, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening indien het betreft:

 

3.2.1.1

Het verlenen van een vergunning voor een evenement (inclusief braderie c.q. rommelmarkt) met maximaal 1000 bezoekers:

€ 84,05

3.2.1.2

Het verlenen van een vergunning voor een grootschalig evenement (inclusief braderie en rommelmarkt) met meer dan 1000 bezoekers:

€ 252,15

3.2.1.3

De onder 3.2.1.1 en 3.2.1.2 genoemde leges zijn voor een kwart verschuldigd indien:

 

 

a. de vergunning wordt aangevraagd door een bij de Stichting Centraal Bureau Fondsenwerving aangesloten organisatie;

 

 

b. de vergunning wordt aangevraagd door een vereniging, waarop in principe de “Algemene Subsidieverordening” van de gemeente Alblasserdam van toepassing is voor zover het een aanvraag voor het houden van een rommelmarkt c.q. bazaar o.i.d. betreft;

 

 

c. de vergunning wordt aangevraagd door een in Alblasserdam gevestigd kerkgenootschap voor zover het een aanvraag voor het houden van een rommelmarkt c.q. bazaar o.i.d. betreft;

 

 

d. de vergunning wordt aangevraagd door een buurtvereniging of particulier voor het organiseren van een kleinschalige buurtactiviteit zoals een buurtbarbecue of een straatfeest.

 

3.2.1.4

Het afgeven van een vergunning tot het maken van muziek door middel van een draaiorgel of ander(e) muziekinstrument(en) of tot het al dan niet door middel van een geluidswagen langs mechanische weg versterken van gesproken woord en/of muziek op of aan de openbare weg (APV artikel 2:25)

 

3.2.1.4.1

voor een vergunning geldig voor een dag:

€ 28,85

3.2.1.4.2

voor een vergunning geldig voor een week:

€ 46,20

3.2.1.5

Het afgeven van een vergunning voor een muzikaal optreden op of aan de openbare weg (APV artikel 2:25) voor een dag:

€ 108,75

3.2.1.6

Het verlenen van een vergunning tot het na de algemene sluitingstijd geopend houden van inrichtingen – per etmaal:

€ 61,90

3.2.1.7

Het verlenen van een vergunning voor het inzamelen van geld of goed (APV artikel 5:13):

€ 28,90

3.2.1.8

Het verlenen van een vergunning voor één of meerdere spandoeken c.q. vlaggen boven gemeentegrond:

€ 28,90

3.2.1.9

voor het verlenen van een vergunning voor een tocht of wedstrijd (APV artikel 2:25):

€ 18,70

3.2.1.10

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een evenementenvergunning voor geven van één of meerdere circusvoorstellingen (APV artikel 2:25) per speeldag:

€ 325,00

3.2.1.11

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het exploiteren of wijzigen van een horecabedrijf (APV artikel 2:28):

€ 106,25

3.2.1.12

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het exploiteren of wijzigen van een terras:

€ 84,05

3.2.1.13

Voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning voor het uitstallen van goederen buiten een winkel of verkoopplaats:

€ 42,05

3.2.1.14

het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag tot het verlenen van een standplaatsvergunning:

 

3.2.1.14.1

Voor 1 dag:

€ 28,85

3.2.1.14.2

Voor 1 week:

€ 49,90

3.2.1.14.3

Voor 1 maand (1 dag in de week):

€ 64,00

3.2.1.14.4

Voor 1 kwartaal (i.v.m. o.a. ijsverkoop in de zomer):

€ 106,65

3.2.1.14.5

Voor 1 jaar (of voor onbepaalde tijd tot wederopzegging:

€ 206,25

 

Hoofdstuk 3 Prostitutiebedrijven

3.3

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag om:

 

3.3.1

een exploitatievergunning of wijziging van een exploitatievergunning als bedoeld in artikel 3.4, eerste lid, van de Algemene plaatselijke verordening, anders dan een wijziging bedoeld in onderdeel 3.3.2:

 

3.3.1.1

voor een seksinrichting

€ 1.762,50

 

Hoofdstuk 4 Huisvestingswet 2014

3.4

Het tarief bedraagt voor het in behandeling nemen van een aanvraag:

 

3.4.1

tot het verlenen van een vergunning voor het onttrekken van woonruimte aan de bestemming tot bewoning als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder a van de Huisvestingswet 2014

€ 216,00

3.4.2

tot het verlenen van een vergunning voor het samenvoegen van woonruimte met andere woonruimte als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder b van de Huisvestingswet 2014

€ 216,00

3.4.3

tot het verlenen van een vergunning voor het omzetten van zelfstandige woonruimte in onzelfstandige woonruimte als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder c van de Huisvestingswet 2014

€ 216,00

3.4.4

tot het verlenen van een vergunning voor het verbouwen van woonruimte tot twee of meer woonruimten als bedoeld in artikel 21, aanhef en onder d van de Huisvestingswet 2014

€ 216,00

 

Hoofdstuk 5 Leefmilieuverordening

3.5

Niet van toepassing

 

 

Hoofdstuk 6 Brandbeveiligingsverordening

3.6

Een aanvraag tot het verkrijgen van een vergunning met betrekking tot het brandveilig in gebruik hebben of houden van inrichtingen (bouwwerken geen gebouw zijnde) als bedoeld in artikel 2.1.1, lid 1, van de brandbeveiligingsverordening.

 

3.6.1

Voor een inrichting met een gebruiksoppervlakte:

 

 

Categorie

Aantal m2

Toeslag

 

 

1

0 t/m 100

€ 179,95

 

 

2

101 t/m 500

€ 109,65 + € 1,25 per m2

 

 

3

501 t/m 2.000

€ 603,55 + € 0,45 per m2

 

 

4

2.001 t/m 5.000

€ 1.500,70 + € 0,10 per m2

 

 

5

5.001 t/m 50.000

€ 2.062,35 + € 0,03 per m2

 

 

6

meer dan 50.000

€ 3.283,95 + € 0,01 per m2

 

3.6.2

Indien de aanvraag om een vergunning als bedoeld in 3.6.1 betrekking heeft op een wijziging, danwel uitbreiding van een vergunning bedraagt het legestarief, indien het betreft:

 

 

a. uitbreiding van de inrichting, met dien verstande dat de uitbreiding tenminste 10% van de oorspronkelijke gebruiksoppervlakte beslaat: het legestarief vermeld in onderdeel 3.6.1, met dien verstande dat de toeslag uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van de uitbreiding. Indien de uitbreiding minder dan 10% van de oorspronkelijke gebruiksoppervlakte beslaat worden geen leges geheven;

 

 

b. herindeling, interne verbouwing of gewijzigd gebruik van de gehele inrichting dan wel een deel van de inrichting, met dien verstande dat deze herindeling tenminste 10% van de gebruiksoppervlakte beslaat: 50% van het legestarief vermeld onder 3.6.1, met dien verstande dat de toeslag uitsluitend wordt berekend over de oppervlakte van de uitbreiding. Indien de herindeling minder dan 10% van de gebruiksoppervlakte beslaat worden geen leges geheven.

 

 

Hoofdstuk 7 In deze titel niet benoemde vergunning, ontheffing of andere beschikking

3.7

Niet van toepassing

 

 

Behorende bij raadsbesluit van 18 december 2018

de griffier, de voorzitter