Ziet u een fout in deze regeling? Meld het ons op regelgeving@overheid.nl!
Gemeente Apeldoorn

VERORDENING PARKEERBELASTINGEN 2019

Wetstechnische informatie

Gegevens van de regeling
OverheidsorganisatieGemeente Apeldoorn
Officiële naam regelingVERORDENING PARKEERBELASTINGEN 2019
CiteertitelVerordening Parkeerbelastingen 2019
Vastgesteld doorgemeenteraad
Onderwerpfinanciën en economie
Eigen onderwerp

Wettelijke grondslag(en) of bevoegdheid waarop de regeling is gebaseerd

artikel 225 van de Gemeentewet

Regelgeving die op deze regeling is gebaseerd (gedelegeerde regelgeving)

Geen

Overzicht van in de tekst verwerkte wijzigingen

Datum inwerking-

treding

Terugwerkende

kracht tot en met

Datum uitwerking-

treding

Betreft

Datum ondertekening

Bron bekendmaking

Kenmerk voorstel

01-01-2019Onbekend

08-11-2018

www.officielebekendmakingen.nl d.d 20 december 2018.

2018-084430

Tekst van de regeling

Intitulé

VERORDENING PARKEERBELASTINGEN 2019

De raad van de gemeente Apeldoorn;

Gelezen het voorstel van het college van 16 oktober 2018 met nummer 2018-084430.

gelet op de artikel 225 van de Gemeentewet;

BESLUIT:

vast te stellen de navolgende Verordening op de heffing en de invordering van parkeerbelastingen 2019.

Artikel 1 Begripsomschrijvingen

Voor de toepassing van deze verordening wordt verstaan onder:

  • a.

    parkeren: het gedurende een aaneengesloten periode doen of laten staan van een motorvoertuig, anders dan gedurende de tijd die nodig is voor en gebruikt wordt tot het onmiddellijk in- of uitstappen van personen dan wel het onmiddellijk laden of lossen van zaken, op binnen de gemeente gelegen voor het openbaar verkeer openstaande terreinen of weggedeelten, waarop dit doen of laten staan niet ingevolge een wettelijk voorschrift is verboden;

  • b.

    motorvoertuigen: hetgeen daaronder wordt verstaan in het RVV 1990 met inbegrip van brommobielen, zoals bedoeld in artikel 1 onder ia van het RVV 1990;

  • c.

    houder: degene op wiens naam het voor het motorrijtuig opgegeven kenteken ten tijde van het parkeren was ingeschreven in het krachtens de Wegenverkeerswet 1994 aangehouden register van opgegeven kentekens;

  • d.

    parkeerapparatuur: parkeermeters, parkeerautomaten, met inbegrip van verzamelparkeermeters, centrale computer, en hetgeen naar maatschappelijke opvatting overigens onder parkeerapparatuur wordt verstaan

  • e.

    Nationale Parkeerrechten Register: de landelijke database waarin parkeerrechten zijn opgenomen.

  • f.

    autodate: het herhaald en opeenvolgend gezamenlijk gebruik van motorvoertuigen op grond van een overeenkomst tussen natuurlijke personen en een aanbieder of tussen natuurlijke personen uit meer dan een huishouden.

  • g.

    camper: een motorvoertuig dat is ingericht om daarin te kunnen slapen en eten.

Artikel 2 Belastbaar feit

Onder de naam ‘parkeerbelastingen’ worden de volgende belastingen geheven:

  • a.

    een belasting terzake van het parkeren van een motorvoertuig op een bij, dan wel krachtens deze of een eerdere verordening in de daarin aangewezen gevallen door het college te bepalen plaats, tijdstip en wijze;

  • b.

    een belasting terzake van een van gemeentewege verleende vergunning voor het parkeren van een motorvoertuig op de in die vergunning aangegeven plaats en wijze.

Artikel 3 Belastingplicht

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven van de degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.

  • 2.

    Als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt mede aangemerkt:

    • a.

      degene die de belasting voldoet, dan wel te kennen geeft of heeft gegeven de belasting te willen voldoen;

    • b.

      zolang geen voldoening van de belasting genoemd in artikel 2, onderdeel a, heeft plaatsgevonden: de houder van het motorvoertuig, met dien verstande dat:

  • 3.

    als een voor ten hoogste drie maanden aangegane huurovereenkomst wordt overgelegd waaruit blijkt wie ten tijde van het parkeren ingevolge deze overeenkomst de huurder van het motorvoertuig was, niet de houder maar de huurder wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd;

  • 4.

    als blijkt dat een ander in het kentekenregister had moeten staan ingeschreven, die ander wordt aangemerkt als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd.

  • 5.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van degene die op de voet van het tweede lid, onderdeel b, als degene die het motorvoertuig heeft geparkeerd wordt aangemerkt, als deze aannemelijk maakt dat ten tijde van het parkeren een ander tegen zijn wil van het motorvoertuig heeft gebruik gemaakt en dat hij dit gebruik redelijkerwijs niet heeft kunnen voorkomen.

  • 6.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven van degene die de vergunning heeft aangevraagd.

Artikel 4 Vrijstelling

De belasting als bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt niet geheven van houders van een geldige gehandicaptenparkeerkaart , mits deze parkeerkaart met de daartoe bestemde zijde op een van buitenaf duidelijk leesbare plaats direct achter de voorruit van het motorvoertuig is geplaatst.

Artikel 5 Maatstaf van heffing, belastingtarief en belastingtijdvak

  • 1.

    De maatstaf van heffing, het belastingtarief en het belastingtijdvak zijn vermeld in de bij deze verordening behorende en daarvan deel uitmakende tarieventabel.

  • 2.

    De begrenzing van de verschillende tariefzones wordt aangegeven in de bij deze verordening behorende kaart.

Artikel 6 Wijze van heffing

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, wordt geheven door voldoening op aangifte. Als voldoening op aangifte wordt aangemerkt het bij de aanvang van het parkeren in werking stellen van de parkeerapparatuur op de daartoe bestemde wijze en met inachtneming van de door het college gestelde voorschriften.

  • 2.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, wordt geheven door voldoening op aangifte.

Artikel 7 Ontstaan van de belastingschuld

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, is verschuldigd bij de aanvang van het parkeren, tenzij bij de aanvang van het parkeren een parkeerrecht is geregistreerd in het Nationale Parkeerrechten Register.

  • 2.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, is verschuldigd op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.

Artikel 7 Termijnen van betaling

  • 1.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald bij de aanvang van het parkeren.

  • 2.

    In afwijking van het bepaalde in het vorige lid moet de belasting overeenkomstig de aangifte worden betaald binnen een maand na het einde van het parkeren, als bij de aanvang van het parkeren een parkeerrecht is geregistreerd in het Nationale Parkeerrechten Register.

  • 3.

    De belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel b, moet overeenkomstig de aangifte worden betaald op het tijdstip waarop de vergunning wordt verleend.

  • 4.

    Een naheffingsaanslag moet terstond worden betaald.

Artikel 8 Bevoegdheid tot aanwijzing parkeerplaatsen

De aanwijzing van de plaats waar, het tijdstip en de wijze waarop tegen betaling van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, mag worden geparkeerd geschiedt in alle gevallen door het college bij openbaar te maken besluit.

Artikel 9 Kosten

De kosten van de naheffingsaanslag terzake van de belasting bedoeld in artikel 2, onderdeel a, bedragen € 62,70=.

Artikel 10 Kwijtschelding

Bij de invordering van de parkeerbelastingen wordt geen kwijtschelding verleend.

Artikel 11 Nadere regels door het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling

Het bestuur van de Gemeenschappelijke Regeling Tribuut belastingsamenwerking kan nadere regels vaststellen met betrekking tot de heffing en de invordering van de parkeerbelastingen.

Artikel 12 Inwerkingtreding en citeertitel

  • 1.

    Deze verordening Parkeerbelastingen 2018, vastgesteld op 9 november 2017, wordt ingetrokken met ingang van de in het derde lid genoemde datum van ingang van de heffing, met dien verstande dat zij van toepassing blijft op de belastbare feiten die zich voor die datum hebben voorgedaan.

  • 2.

    De datum van ingang van de heffing is 1 januari 2019.

  • 3.

    Deze verordening wordt aangehaald als ‘Verordening Parkeerbelastingen 2019’.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 8 november 2018 met nummer 116-2018.

TARIEVENTABEL behorende bij de verordening Parkeerbelastingen 2019

1. Begripsomschrijvingen

Onverminderd de in artikel 1 van de verordening genoemde begripsomschrijvingen wordt voor de toepassing van deze tarieventabel verstaan onder:

Tariefzones C en R De gebieden die op de - bij de verordening behorende - kaart (bijlage 2) als zodanig zijn aangegeven.

Tariefzone W De gebieden die op de - bij de verordening behorende - kaart (bijlage 2) zijn aangegeven met de nummering W.1, W.2 e.v.

Parkeergarage Px De gemeentelijke parkeergarages: P1 – Marktplein, P2 – Haven Centrum, P3 – Brinklaan, P4 – Orpheus, P5 – Anklaar.

2. Tarieven

2Het tarief voor het parkeren op een parkeerplaats of een parkeerterrein met parkeerapparatuur, bedraagt:
2.1in tariefzone C  
2.1.1per uur€ 3,09
2.2in tariefzone R  
2.2.1per uur€ 2,66
2.3.in tariefzones W  
2.3.1per uur€ 0,44
2.4op parkeerterrein Rosariumstraat  
2.4.1per uur€ 2,66
2.4.2op zaterdag van 10.00 – 16.00 uur, per uur€ 3,09
2.4.3met een maximum tarief per dag van€ 14,86
2.5op parkeerterreinen Sprengenweg en P.W.A.-Laan€ 2,21
2.5.1per uur€ 2,21
2.5.2op zaterdag van 10.00 – 16.00 uur, per uur€ 2,66
2.5.3 2.6met een maximum tarief per dag van voor een camper per maximaal 24 aaneengesloten uren€ 14,10 € 9,23
Het te betalen bedrag wordt afgerond op eenheden van € 0,10
3Het tarief voor het parkeren in een parkeergarage bedraagt:
3.1in parkeergarage P1 (Marktplein)  
3.1.1basistarief van 07.00 - 21.00 uur per 13 min. of gedeelte daarvan€ 0,50
3.1.2basistarief van 21.00 - 07.00 uur per 23 min. of gedeelte daarvan€ 0,50
3.1.3piektarief op maandag en zaterdag (voor alle garages) van 07.00 - 19.00 uur per 11 min. of gedeelte daarvan€ 0,50
3.1.4piektarief op donderdag van 19.00 - 21.00 uur per 11 min. of gedeelte daarvan€ 0,50
3.1.5met een maximum tarief op zondag en dinsdag t/m vrijdag van 07.00 - 19.00 uur van€ 11,90
3.1.6met een maximum tarief op maandag en zaterdag van 07.00 - 19.00 uur van€ 14,60
3.1.7met een maximum tarief van 19.00 - 07.00 uur van€ 6,30
3.2in parkeergarages P2 (Haven Centrum) en P3 (Brinklaan)
3.2.1basistarief van 07.00 - 21.00 uur per 17 min. of gedeelte daarvan€ 0,50
3.2.2basistarief van 21.00 - 07.00 uur per 30 min. of gedeelte daarvan€ 0,50
3.2.3piektarief op zaterdag van 10.00 - 16.00 uur per 16 min. of gedeelte daarvan€ 0,50
3.2.4met een maximum tarief op zondag t/m vrijdag van 07.00 - 19.00 uur van€ 9,20
3.2.5met een maximum tarief op zaterdag van 07.00 - 19.00 uur van€ 10,80
3.2.6met een maximum tarief van 19.00 - 07.00 uur van€ 4,90
3.3in parkeergarage P4 (Orpheus)
3.3.1per 13 minuten of gedeelte daarvan€ 0,50
3.2.2met een maximum tarief per halve dag van€ 6,00
3.3.3met een maximum tarief per dag van€ 9,00
3.4in parkeergarage P5 (Anklaar) voor alle openingstijden
3.4.1Tot en met 120 minuten€ 0,00
3.4.2Vanaf de 121e minuut per 23 minuten of gedeelte daarvan€ 0,50
     
4Het tarief voor een permanente parkeervergunning als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, bedraagt per maand:
4.1voor het parkeren in een parkeergarage:  
4.1.1bewonersvergunning  
 voor 24 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 21,30
4.1.2 zakelijke vergunning ma t/m vr van 07.00-19.00 uur€ 71,61
4.1.3 zakelijke vergunning alle dagen van 07.00-22.00 uur€ 86,19
4.1.4 zakelijke vergunning Gedurende openingstijden parkeergarage€ 100,11
4.1.5 zakelijke vergunning voor 6 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 45,64
4.2voor het parkeren op een terrein of een weggedeelte in zones C en R, m.u.v. parkeren in een parkeergarage:
4.2.1 bewonersvergunning voor 24 uur per dag gedurende 7 dagen per week € 10,44
4.2.2 zakelijke vergunning ma t/m vr van 08.00-18.00 uur€ 47,84
4.2.3 zakelijke vergunning alle dagen van 08.00-21.00 uur€ 64,62
4.2.4 zakelijke vergunning alle ochtenden, middagen of avonden voor 6 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 35,42
4.3voor het parkeren op een terrein of een weggedeelte in zone W en SL (Anklaar):
4.3.1 bewonersvergunning voor 24 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 0,00
4.3.2 zakelijke vergunning voor 7 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 47,84
4.4voor het parkeren op alle terreinen en weggedeelten in zones C,R en W. Met uitzondering van parkeren in een parkeergarage:
4.4.1 algemene vergunning voor 13 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 84,50
5Het tarief voor het parkeren in een parkeergarage bedraagt :
5.1voor een maandabonnement in een parkeergarage:  
5.1.1ma t/m vr van 07.00-19.00 uur€ 80,49
5.1.2alle dagen van 07.00-22.00 uur€ 94,44
5.1.3gedurende openingstijden parkeergarage€ 109,01
Het tarief voor een tijdelijke parkeervergunning, als bedoeld in artikel 2, onderdeel b, bedraagt:
5.2voor een maandkaart op een terrein of een weggedeelte in zones C en R, met uitzondering van parkeren in een parkeergarage
5.2.1voor 13 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 72,70
5.3voor een maandkaart op alle terreinen en weggedeelten in zones C, R en W, met uitzondering van parkeren in een parkeergarage
5.3.1voor 13 uur per dag gedurende 7 dagen per week€ 92,58
5.4voor een maandkaart op terreinen en weggedeelten In zone W
5.4.1voor 12 uur per dag€ 47,63
5.5voor een weekkaart op terreinen en weggedeelten in zone W
5.5.1voor 12 uur per dag€ 14,04
5.6voor een dagkaart op terreinen en weggedeelten in zone W:
5.6.1voor 12 uur€ 2,73
5.7.voor een kraskaart op een terrein of een weggedeelte in zone W (alleen verkrijgbaar voor bewoners):
5.7.2voor 12 uur in zone W.1€ 0,83
5.7.3voor 12 uur in zones W.2 t/m W.7€ 1,12
5.7.4voor 12 uur in zone W.8€ 1,37
5.7.5voor 2 uur in zone W.8€ 0,50

6.Het tarief voor afgifte van een duplicaat van een vergunning als genoemd onder 4.1.1 tot en met 4.4.2 bedraagt éénmaal het bij de betreffende vergunning behorende maandtarief.

7.Het tarief voor het verstrekken van een bezoekerskaart voor bewoners van de binnenstad van Apeldoorn bedraagt:
7.1Eerste kaart behorend bij het woonadres€ 0,00
7.2Vervangende kaart behorend bij het woonadres€ 7,00

8. Afronden van bedragen bij kassabetaling

Bij betaling van producten voor zover beschikbaar bij de kassa’s van de publieksbalie van het stadhuis en de bezoekersloge van garage Marktplein wordt het totale aankoopbedrag per betaling afgerond op het meest naastliggende veelvoud van € 0,05.

Behorende bij het raadsbesluit van 8 november 2018.

Aldus vastgesteld in de openbare vergadering d.d. 8 november 2018 met nummer 116-2018

De raad voornoemd,

drs. J.C.G.M. Berends MPA

voorzitter

drs. A. Oudbier

raadsgriffier

bijlagebijlagebijlage